CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Transitievisie warmte (TVW) Sittard-Geleen November 2021

Raad 15 december 2021, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Transitie Visie Warmte (Meekels) (alleen SPA wil bespreken) (107)15.013 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Rendabele potentie

Reële potentie t/m 2030

Warmte-strategie Aantal panden

Aantal panden

Aantal panden t/m 2030

Gemeente totaal All-electric warmtepomp Hybride warmtepomp (+ duurzame gassen)

37.861 5.903

16 %

4.811

13%

2.400

6%

3.417

9%

3.417

9%

1.600

4%

25.710 Geleen/Sittard primair en secundair

68 %

8.888 Geleen primair en secundair

24 %

1.775

5%

Al geïnstalleerd: Biomassaketel, pelletkachel, warmtepomp, zonneboiler

1.067

3%

Totaal warmtetransitie

15.730

42 %

HT/MT Warmtenet Chemelot (HGN-zuid) HT/MT Warmtenet BES (HGN-noord) LT warmtenet

695

2%

24

De realistische/reële potentie t/m 2030 van de nu beschikbare duurzame warmteoplossingen is als volgt verdeeld (aantal panden = woningen en utiliteiten, met % van totaal aantal woningen in Sittard-Geleen): • Individuele elektrische warmtepomp (prognose): 2.400 panden (6 %) • Hybride warmtepomp (+ duurzame gassen) (prognose): 1.600 panden (4 %) • HT/MT-Warmtenet BES (gerealiseerd): 1.775 panden (5 %) • HT/MT Warmtenet Chemelot (prognose): 8.888 panden (23 %), er van uitgaande dat t/m 2030 alleen nog Geleen is aangesloten. • LT-warmtenetten: 0 panden, vanwege onzekerheid over LT-warmtenetten. • Biomassaketel/pellet-kachel/warmtepomp/zonneboiler (al geïnstalleerd): 1.067 panden (3 %) Dat zijn in totaal 42% van het totaal aantal woningen in Sittard-Geleen. Zonder het MT/HT warmtenet van Chemelot (momenteel nog niet zeker) is dit 18 % (6.842 woningen). Dit is bijna de 20% die als doelstelling voor 2030 gehanteerd wordt.

6. Effect isoleren van panden in Sittard-Geleen op warmtevraag t/m 2030 Ongeacht de warmteoplossing, isoleren is voor alle woningen (voor zover nog nodig) verstandig. Enerzijds voor de inwoners om de energiekosten te verminderen en anderzijds om daarmee bij te dragen aan de CO2 reductie. Voor warmtenetten op lage temperatuur en all electric oplossingen is noodzakelijk om de panden, die daarvan gebruik maken, zeer goed geïsoleerd te hebben. Een hogere isolatiegraad maakt dat panden in de winter meer warmte vasthouden en in de zomer meer warmte buitenhouden. Hoewel de jaarlijkse warmtevraag in Nederland veel groter is dan de koudevraag is koeling niet te verwaarlozen tijdens de steeds warmer en talrijker wordende zomerdagen. Koeling kan passief of actief. Isolatiewerkzaamheden kunnen gekoppeld worden met het plaatsen van zonwering aan de zonzijde van panden en het optimaliseren of installeren van ventilatiemogelijkheden. Dit wordt passieve koeling genoemd. Een eenvoudig voorbeeld is spuiventilatie: Het (automatisch) openzetten van ramen, deuren en eventuele ventilatie-schachten op koudere momenten zoals ’s nachts. Actieve koeling kan bijvoorbeeld met een warmtepomp die ook kan koelen, of een airco unit. Dit betekent wel dat de elektriciteitsvraag van het pand nog verder zal toenemen.

Met zonnepanelen op het eigen pand kan worden bijgedragen aan duurzame elektriciteit die nodig is voor warmtepompen en airco’s. Met name omdat zonnepanelen juist op warme dagen als er gekoeld moet worden, veel energie van de zon opvangt. Om inzicht te krijgen in de potentie van het isoleren van woningen, zijn in de figuur hieronder het aantal woningen per energielabel weergegeven. Dit zijn deels officieel aangevraagde energielabels maar ook energielabels die op basis van type en leeftijd woning zijn ingeschat.

25

Woningvoorraad Gemeente Sittard-Geleen PrioA = woningcorporatie hoogbouw, onderwijs, zorg en overheidsvastgoed PrioB = woningcorporatie laagbouw PrioC = Particulier bezit Voor de verschillende typen eigenaren zal isolatie op verschillende manieren moeten worden uitgerold. Woningcorporaties kunnen op grote schaal isolatie zelf uitvoeren voor de panden in hun bezit, terwijl individuele woningeigenaren vooral verleid en waar nodig ontzorgd moeten worden. 17.855 van de 37.861 woningen in Sittard-Geleen hebben nog label D t/m G (47%). Indien deze woningen van label D t/m G naar label C gaan, wordt gemiddeld 313 TJ per jaar bespaard. Dit zou 11% reductie van de warmtevraag opleveren. Of dat percentage daadwerkelijk gehaald wordt, is met name afhankelijk van hoe financieel rendabel geïsoleerd kan worden tot 2030 onder de huidige en geprojecteerde gasprijzen. Dus hoe hoger de gasprijzen hoe rendabeler het isoleren wordt. Op basis van de rekenmethodiek van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), dat rekening houdt met de kapitaalslasten en afschrijftermijnen, blijkt dat 6.805 van de 17.855 woningen financieel rendabel te isoleren is naar label D (en waar mogelijk naar B of C). Dit op basis van de gasprijzen van begin 2021 (€ 22,76 per GJ). Dat is 18% van het aantal woningen in Sittard-Geleen. Dit zou 2% reductie van de warmtevraag opleveren.

Deze percentages stijgen uiteraard als de gasprijzen stijgen. Bijvoorbeeld bij een gasprijs van € 35.31 per GJ zou het aantal rendabel te isoleren woningen 9.669 zijn. Dat is 26% van het aantal woningen in Sittard-Geleen. Dit kan tot 2030 3% reductie van de warmtevraag opleveren. Het benutten van natuurlijke momenten, de stijging van de waarde van het pand en het verbeterde comfort door isolatie zijn uiteraard andere belangrijke drijfveren om te isoleren. Per 1 januari 2023 moet elk kantoorgebouw minimaal energielabel C hebben. Dit betekent een fossiel energiegebruik van maximaal 225 kWh per m2 per jaar. Voldoet het gebouw dan niet aan de eisen, dan mag het gebouw per 1 januari 2023 niet meer als kantoor gebruikt worden. Deze verplichting staat in het Bouwbesluit 2012.

26

7. Lopende en geplande projecten/acties in Sittard-Geleen De volgende projecten/acties in Sittard-Geleen m.b.t. de warmte-transitie en reductie van de warmtevraag (met name isoleren) zijn al lopende of gepland: • Digitaal energieloketten: www.nieuweenergieinlimburg.nl en www.regionaalenergieloket.nl (2018-2022). • Fysiek energieloketten: Door Corona is het verstrekken van informatie op markten in 2020 niet doorgegaan. Nu is dat (indien mogelijk) gepland in 2022. Daarnaast kunnen inwoners ook gebruik maken van de Woonwijzerwinkel in Kerkrade (2022). • Energiescans via Stichting Dubbel Duurzaam (2018-2021). • Pilotproject verduurzaming maatschappelijk vastgoed (2019-2021). • Proeftuin aardgasvrije wijk Limbrichterveld-Noord (2019-2022). • Voucherproject voor 5.000 woningen (€ 65 per woning) voor (een bijdrage aan) een kleine energiemaatregel, betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik - RRE (2020-2021). • Warmtescans voor 4700 woningen in Geleen-zuid/Kluis/Krawinkel. Vanaf de straat wordt een warmtescan uitgevoerd en vervolgens verwerkt tot een op maat gemaakt isolatieadviesrapport voor de woning. Dit wordt betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik - RRE (2021-2022). • Energiescans, energieboxen en gesprekken met energiecoaches. Dit wordt betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik woningen RRE-W (2021-2022).

• Collectieve inkoopacties isolatie (2022).Dit wordt betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik woningen RRE-W (2021-2022). • Verduurzaming 251 rijtjeswoningen in de wijken Geleen-zuid/Kluis op basis van bijdrage Volkshuisvestingsfonds - VHF (2022-2025). Ook zijn er vele (commerciële) bedrijven die inwoners van Sittard-Geleen via social media en/of per post aanschrijven met aanbiedingen om de woning te isoleren. Tevens zijn er landelijke sites waar inwoners informatie vinden over verduurzamen:

Isolatie-zelfscan: ontdek hoe goed je huis geïsoleerd is | Milieu Centraal Warmtepomp: tips en stappenplan | Milieu Centraal Doe de verbetercheck | Verbeterjehuis Verduurzamen aan de slag (eigenhuis.nl) Collectieve Inkoop Warmtepomp (eigenhuis.nl) Op deze sites en op het Digitaal energieloketten www.nieuweenergieinlimburg.nl worden inwoners geïnformeerd over de volgende subsidie- en leningsmogelijkheden: • Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH) • Subsidie energieadvies en procesbegeleiding VvE's (SEEH-VvE) • Investeringssubsidie Duurzame Energie • Stimuleringslening Duurzaam Thuis Provincie • Nationaal Warmtefonds • Energiebespaarlening • Energiebespaarbudget Nationale Hypotheek Garantie (bouwdepot) • Duurzame Monumenten Lening (eigenaar-bewoner-VvE) Voor huiseigenaren die willen verduurzamen is het van belang om te weten of en hoe deze subsidie- en leningsmogelijkheden de komende jaren blijven. In bijlage 3 (Maatregelen duurzaamheid door Rijksoverheid in 2022) is dat aangegeven.

27

8. Resultaten bevraging warmte-transitie bij inwoners Sittard-Geleen Inwoners van Sittard-Geleen hebben eind augustus - begin september 2021 hun mening kunnen geven over de warmte-transitie in de gemeente Sittard-Geleen aan de hand van een vragenlijst. De vragenlijst bestond uit 25 vragen. De uitkomsten van de ingevulde vragenlijsten zijn in bijlage 5 aangegeven met per vraag een analyse. In totaal hebben 760 inwoners digitaal de vragenlijst ingevuld. Op de het totaal van 44.816 huishoudens levert 760 respondenten een betrouwbaarheid op van 96%. De foutmarge van de resultaten is daarmee ongeveer 3,54%. Het onderzoek voldoet hiermee aan de gestelde kwaliteitseisen. De belangrijkste analyseresultaten en aanbevelingen zijn hieronder aangegeven. Algemene vragen over de warmte-transitie • Iets meer dan 50% van de inwoners die gereageerd hebben is geïnteresseerd / betrokken bij het onderwerp warmte-transitie, maar doet er nog niets mee. 38% is er wel al mee bezig. 11% heeft niets met dit onderwerp. Bij inwoners die een huurwoning hebben ligt dit percentage hoger (22% tegen 11%). Op zich verklaarbaar, huurders kunnen niet zelf kiezen voor een andere warmtebron, dat bepaalt de verhuurder. • 30% wil niet van het aardgas af. Daaruit kan voorzichtig geconcludeerd worden het grootste deel van de respondenten wel wil over te stappen op duurzame warmte.

Voor 53% is duurzaamheid en klimaat één van de redenen. 34% wil dat (ook) om een financiële reden (zuinig met gas is voordelig en verstandig) en 22% vindt het (ook) beter voor de gezondheid (minder roet en fijnstof). 20% geeft echter wel aan dat het moet van de rijksoverheid. • Meer dan 80% verwacht een actieve rol van de gemeente op het gebied van de warmtetransitie, waarbij het ondersteunen van initiatieven en/of subsidiëren van duurzaamheidsmaatregelen het meeste genoemd wordt. Maar ook adviseren, informeren en zelf als gemeente het goede voorbeeld geven. • Een groot deel (60%) wil nu al betrokken worden bij de plannen voor de warmte-transitie in de wijk en eigen woning. 30% wil dat pas als er een concreet plan ligt. 10% hoeft alleen geïnformeerd te worden en/of wil er niet bij betrokken worden. • De helft van de inwoners (51%) wil digitaal (nieuwsbrieven en website) op de hoogte gehouden worden van de plannen voor de warmte-transitie in de wijk en eigen woning. Een minderheid (30%) wil (ook) fysieke bijeenkomsten. 16% wil actiever betrokken worden door mee te praten in een werkgroep en/of samen een wijkplan te maken. Vragen over subsidies en leenmogelijkheden voor de warmte-transitie • 65% weet dat er subsidies en leenmogelijkheden zijn voor het isoleren van uw woning of aankoop van een warmtepomp.

Een groot deel ervan weet echter niet welke subsidieen leenmogelijkheden er zijn of kent er maar één. • 25% weet helemaal niet dat er subsidies en leenmogelijkheden zijn. Het is wel zo dat gemiddeld “maar” 20% een leenmogelijkheid nodig heeft, maar dat is groot genoeg om hierover regelmatig te communiceren. Zeker in de leeftijdscategorieën 25 t/m 34 jaar en 35 t/m 44 jaar waar de behoefte om te lenen veel groter is (30-35%). Dat is uiteraard niet vreemd omdat die inwoners minder vermogen/inkomen hebben. Vragen over de energielabel van de woning • Voor 37,2 % van de woningen is een officieel energielabel aangevraagd bij de RVO, meestal gebeurd dat bij verkoop, omdat dan een label verplicht is en als eigenaren verduurzaamd hebben om te weten wat dat opgeleverd heeft. Hiervan heeft bijna 65% energielabel A-B. 31% label C-D. En maar 14% label E-G.

28

•

•

De tabel op pagina 22 met de woningen in Sittard-Geleen per energielabel laat een andere verdeling zien met veel meer woningen met energielabel E t/m G. Dit betekent dat veel woningen zonder officieel energielabel veel minder goed geïsoleerd zijn. Het is daarom belangrijk om van alle woningen te weten wat de energielabel is, zodat beter bepaald kan worden welke woningen nog verduurzaamd moeten worden. En de gemeente hiervoor gericht subsidies voor beschikbaar kan stellen. 26% vindt het helaas niet belangrijk om hun woning te verduurzamen tot energielabel A of B. En dit is bij inwoners met een woning met energielabel C-H nog hoger. Terwijl juist die inwoners baat hebben met een goed geïsoleerde woning met lage energiekosten. Gerichte communicatie naar die inwoners over de financiële voordelen van isoleren is daarbij van belang.

Vragen over besparen en isoleren • Ondanks dat 11% van de respondenten niet geïnteresseerd is in de warmte-transitie (zie eerdere vraag hierover), is het percentage die thuis geen energiebesparende maatregelen nemen, veel lager (3,7%). Dus bijna iedereen doet dus wel iets op het gebied van energiebesparing. Maar helaas worden de meeste energiebesparende maatregelen maar door maximaal 65% toegepast. Daar is dus nog veel te winnen. Hoopvol is wel dat het toepassen van Led-lampen bijna door 90% al gedaan wordt. • 60-70% van de woningen zijn (deels) geïsoleerd. Dat is spouwmuur-/gevelisolatie, vloer/bodemisolatie, dakisolatie en/of raamisolatie. Minstens 30-40% van de woningen zijn dus nog niet (volledig) geïsoleerd. En moeten dus nog veel woningen verduurzaamd worden. • 60% isoleert of heeft geïsoleerd met een financiële reden en/of om een hoger wooncomfort te hebben. 30% doet het (ook) vanwege het klimaat (verminderen van CO2 uitstoot en opwarming van de aarde). Dit percentage is echter een stuk lager dan de 53% die aangegeven heeft duurzaamheid en klimaat de redenen zijn om over te stappen op duurzame warmte. Hiervoor is geen verklaring aan te geven. • 60% van de inwoners die (nog meer) willen isoleren (of misschien) geeft aan hiervoor subsidie nodig te hebben. Tevens wil meer dan 30% ervan hulp bij het vinden van de juiste bedrijven.

Het beleid van de gemeente en de beschikbare energieloketten zal dan ook daar op gericht moeten zijn. • 18% van de inwoners die niet (nog meer) willen isoleren geeft aan dat onvoldoende middelen reden is om (nog meer) te isoleren. En dat iets minder (15%) geeft aan dat ze wel willen doen als ze wel voldoende middelen hebben. Opvallend is ook dat 22% mogelijk wel gaat isoleren als ze “duidelijk de voor en nadelen onder elkaar heb staan”. Ook hier kan de gemeente bij behulpzaam zijn. Vragen over het gebruik van duurzame warmte in de eigen woning • 30% heeft nog geen weet van duurzame warmte-mogelijkheden. Communicatie hierover voor die groep is van belang. • Bijna 40% vindt duurzame warmtesystemen (warmtepomp, infrarood, zonnecollectoren en/of collectief warmtenet) een goede oplossing. 60 % dus niet. Meer dan 25% geeft aan dat ze het huidige warmtesysteem (op gas dus) nu de beste oplossing vinden. Minder dan 10% wil wachten tot dat biogas of waterstof beschikbaar komt. En bijna 25% weet het nog niet. • Bijna de helft van de inwoners heeft twijfels over warmtepompen, ook als de woning geschikt zou zijn voor een warmtepomp. Nog meer dan bij isoleren is meer informatie over warmtepompen cruciaal (bijna 60% vindt dat) en de hulp bij het vinden van de juiste bedrijven (30%). Het beleid van de gemeente en de beschikbare energieloketten zal dan ook daar op gericht moeten zijn.

• Maar 11% vindt een collectief warmtenet de meest geschikte warmteoplossing. Toch wil wel meer dan 50% (misschien) aangesloten worden op een collectief warmtenet als dat mogelijk zou zijn en de woning daarvoor geschikt is. Wel wil bijna 80% ervan eerst meer

29

•

duidelijkheid over is de tarieven en de daadwerkelijke kosten van een warmtenet. Blijkbaar is daar nog veel twijfels over. Meer dan 33% van de inwoners wil echter niet aangesloten worden op een collectief warmtenet (als dat mogelijk zou zijn). Een kwart hiervan wil dat mogelijk wel als de vooren nadelen van een warmtenet duidelijk zijn. De helft van deze 33% blijven onder alle voorwaarden tegen een collectief warmtenet ook als de overheid het betaalt. De belangrijkste redenen van deze weerstand in volgorde van belangrijkheid, zijn: • Dat je dan mogelijk gebonden bent aan één energieleverancier (59%) • Hogere energiekosten dan nu (56%) • Twijfel aan de duurzaamheid van een warmtenet (51%) • Instap kosten te hoog (33%) • Het is nog veel te vroeg, ik wacht liever op andere mogelijkheden (29%)

9. Conclusies, aanbevelingen en vervolg Conclusies Warmtetransitie t/m 2030 Uit de uitgevoerde analyse blijkt dat t/m 2030 met de huidige beschikbare duurzame warmte-oplossingen: • 24 % van de woningen in Sittard-Geleen rendabel te verwarmen zijn met een nog aan te leggen warmtenet op basis van restwarmte Chemelot (HGN-zuid). Dat zijn woningen in Geleen; • 6 % rendabel met een individuele elektrische warmtepomp (all-electric); • 4 % rendabel een hybride warmtepomp in combinatie met een aardgas gestookte CV (dit is een rendabele transitie oplossing, voor 2050 zal er een gasloze of duurzaam gas oplossing komen). 8 % van de panden in Sittard-Geleen is al duurzaam verwarmd is (Hoog Temperatuur HT/Midden Temperatuur MT-Warmtenet BES en geïnstalleerde Biomassaketels, pelletkachels, warmtepompen en zonneboilers). Bij elkaar is dat 42% (15.730 panden) van de 37.861 panden in Sittard-Geleen. Voor de rest van de woningen zal na 2030 bekeken worden wat de beste oplossing is. Dat kan een collectief warmtenet zijn, maar ook oplossingen met waterstof i.p.v. aardgas. De daadwerkelijke cijfers t/m 2030 kunnen nog veranderen als duidelijk wordt hoe HGN-zuid daadwerkelijk gerealiseerd wordt en als bepaald is welke woningen en gebouwen kunnen worden aangesloten.

Zonder een warmtenet met restwarmte van Chemelot wordt de doelstelling voor 2030 in het klimaatakkoord (20% van de woningen aardgasvrij) niet gehaald en is maar 18% haalbaar. Daar komt nog bij dat een deel van de woningen die gebruik maken van een hybride warmtepomp (4%) “maar” voor 40-80% aardgasvrij zijn. Dit wordt pas 100% aardgasvrij als deze woningen ook gebruik kunnen maken van duurzaam gas (i.p.v. aardgas) of overgaan op all-electric oplossingen. De 20% doelstelling wordt wel ruimschoots gehaald als wel een warmtenet met restwarmte van Chemelot wordt aangelegd. Met dit warmtenet kan een groot deel van de 2050 doelstellingen behaald worden (alle woningen aardgasvrij). Met alle restwarmte van Chemelot kan in potentie tussen de 70.000 en 130.000 woningen verwarmd worden. De meeste woningen in en rondom de centra in Geleen en Sittard (dicht bebouwde wijken) zijn geschikt om rendabel aan te sluiten op een warmtenet die gebruik maakt van de restwarmte

30

van Chemelot. Om in 2050 alle woningen aardgasvrij te hebben, is het dus (met de nu beschikbare warmte-oplossingen) cruciaal dat de restwarmte van Chemelot gebruikt kan worden. Conclusies Vermindering van de warmtevraag Los van het mogelijk gebruik van duurzame warmte-oplossingen, geldt voor de hele gemeente: energie besparen, isoleren, ventileren en groene energie opwekken. Hoe de opwek van groene energie (met name wind- en zonne-energie) zal plaatsvinden is begin dit jaar aangegeven in de Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg (RES) met daarin het afwegingskader opwek wind- en zonne-energie waarover de gemeenteraad begin 2021 besloten heeft. In de geactualiseerde Omgevingsvisie (gepland voor 2022) zal dat kader een formele status krijgen. Door te isoleren is er minder energie nodig om gebouwen te verwarmen. Energie die niet verspild wordt, hoeft ook niet te worden opgewekt. Isolatie is voor alle woningen een ‘no regret’ maatregel, aangezien een investering in de juiste isolatie binnen afzienbare termijn terugverdiend kan worden door kostenbesparingen op energieverbruik. Dit geldt dus ook voor de woningen die duurzaam verwarmd kunnen worden. Isoleren van deze woningen zorgt ervoor dat minder duurzame elektriciteit nodig is bij gebruik van een warmtepomp, maar ook dat er meer woningen aangesloten kunnen worden op een warmtenet.

17.855 (47%) van de 37.861 woningen in Sittard-Geleen zijn nog niet goed geïsoleerd en hebben energielabel D t/m G. Indien deze woningen van label D t/m G naar label C gaan, wordt gemiddeld 313 TJ per jaar bespaard. Dit zou voor deze 17.855 woningen tot 2030 11% reductie van de warmtevraag opleveren. Of dat percentage daadwerkelijk gehaald wordt, is met name afhankelijk van hoe financieel rendabel geïsoleerd kan worden tot 2030 onder de huidige en geprojecteerde gasprijzen. Dus hoe hoger de gasprijzen hoe rendabeler het isoleren wordt. Op basis van de rekenmethodiek van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), dat rekening houdt met de kapitaalslasten en afschrijftermijnen, blijkt dat 6.805 van de 17.855 woningen tot 2030 financieel rendabel te isoleren is naar label D (en waar mogelijk naar B of C). Dit op basis van de gasprijzen van begin 2021 (€ 22,76 per GJ). Dat is 18% van het aantal woningen in Sittard-Geleen. Dit zou 2% reductie van de warmtevraag opleveren. Deze percentages stijgen uiteraard als de gasprijzen stijgen. Deze percentages stijgen uiteraard als de gasprijzen stijgen. Bijvoorbeeld bij een gasprijs van € 35.31 per GJ zou het aantal rendabel te isoleren woningen 9.669 zijn. Dat is 26% van het aantal woningen in Sittard-Geleen. Dit kan tot 2030 3% reductie van de warmtevraag opleveren. Bij isoleren is ook kierdichting en ventilatie heel belangrijk.

Ventileren is nodig om gezonde en comfortabele woningen en gebouwen te houden. Naast isoleren is bewustwording en kleine maatregelen. Denk aan het plaatsen van tochtstrips en radiatorfolie, max. 5 minuten douchen, de CV-ketel instellen op 60 ⁰C etc. Alle kleine stappen samen helpen om energie te besparen.

31

Conclusies bevraging inwoners Het is van belang dat inwoners meepraten over de energie-warmtetransitie. Inwoners van Sittard-Geleen hebben eind augustus - begin september 2021 hun mening kunnen geven over de warmte-transitie in de gemeente Sittard-Geleen aan de hand van een vragenlijst. Dat heeft een goed beeld opgeleverd van wat inwoners willen en kunnen. Voor de gemeente zijn de volgende bevindingen belangrijk: • Meer dan 80% van de inwoners verwacht een actieve rol van de gemeente op het gebied van de warmte-transitie, waarbij het ondersteunen van initiatieven en/of subsidiëren van duurzaamheidsmaatregelen het meeste genoemd wordt. Maar ook adviseren, informeren en zelf als gemeente het goede voorbeeld geven. • Een groot deel (60%) van de inwoners wil nu al betrokken worden bij de plannen voor de warmte-transitie in de wijk en eigen woning. 30% wil dat pas als er een concreet plan ligt. 10% hoeft alleen geïnformeerd te worden en/of wil er niet bij betrokken worden. • De helft van de inwoners wil digitaal (nieuwsbrieven en website) op de hoogte gehouden worden van de plannen voor de warmte-transitie in de wijk en eigen woning. Een minderheid wil (ook) fysieke bijeenkomsten. Een klein deel wil actiever betrokken worden door mee te praten in een werkgroep en/of samen een wijkplan te maken.

• Het is belangrijk om van alle woningen te weten wat de energielabel is, zodat beter bepaald kan worden welke woningen nog verduurzaamd moeten worden. En de gemeente hiervoor gericht subsidies voor beschikbaar kan stellen. • Een deel van de inwoners vindt het niet belangrijk om hun woning te verduurzamen, met name die een woning hebben met een energielabel E-H. Terwijl juist die inwoners baat hebben bij een goed geïsoleerde woning met lage energiekosten. Gerichte communicatie hierover naar die inwoners is van belang. • Minstens 30-40% van de woningen zijn dus nog niet (volledig) geïsoleerd. • 60% van de inwoners die (nog meer) willen isoleren (of misschien) geeft aan hiervoor subsidie nodig te hebben. Tevens wil meer dan 30% ervan hulp bij het vinden van de juiste bedrijven. Van de inwoners die niet willen isoleren geeft aan 22% mogelijk wel gaat isoleren als ze “duidelijk de voor en nadelen onder elkaar heb staan”. • 30% heeft nog geen weet van duurzame warmte-mogelijkheden. • Bijna de helft van de inwoners heeft twijfels over warmtepompen, ook als de woning geschikt zou zijn voor een warmtepomp. Nog meer dan bij isoleren is meer informatie over warmtepompen cruciaal (bijna 60% vindt dat) en de hulp bij het vinden van de juiste bedrijven (30%). • Meer dan 33% van de inwoners wil niet aangesloten worden op een collectief warmtenet (als dat mogelijk zou zijn).

Een kwart hiervan wil dat mogelijk wel als de voor- en nadelen van een warmtenet duidelijk zijn. De helft van deze 33% blijven onder alle voorwaarden tegen een collectief warmtenet ook als de overheid het betaalt. De belangrijkste redenen van deze weerstand in volgorde van belangrijkheid, zijn: • Dat je dan mogelijk gebonden bent aan één energieleverancier (59%) • Hogere energiekosten dan nu (56%) • Twijfel aan de duurzaamheid van een warmtenet (51%) • Instap kosten te hoog (33%) • Het is nog veel te vroeg, ik wacht liever op andere mogelijkheden (29%) • Toch wil meer dan 50% (misschien) wel aangesloten worden op een collectief warmtenet als dat mogelijk zou zijn en de woning daarvoor geschikt is. Hiervan wil wel 80% eerst meer duidelijkheid over is de tarieven en de daadwerkelijke kosten van een warmtenet. Blijkbaar is daar nog veel twijfels over. Het beleid van de gemeente en de beschikbare energieloketten zal dan ook gericht moeten zijn op meer en duidelijker informeren, met name over warmtepompen en warmtenetten.

32

Lopende en geplande projecten/acties in Sittard-Geleen De volgende projecten/acties in Sittard-Geleen m.b.t. de warmte-transitie en reductie van de warmtevraag (met name isoleren) zijn al lopende of gepland. Deze sluiten aan bij de gevraagde actieve rol van de gemeente in de bevraging van de warmte-transitie (zie hierboven): • Digitaal energieloketten: www.nieuweenergieinlimburg.nl en www.regionaalenergieloket.nl (2018-2022). • Fysiek energieloketten: Door Corona is het verstrekken van informatie op markten in 2020 niet doorgegaan. Nu is dat (indien mogelijk) gepland in 2022. Daarnaast kunnen inwoners ook gebruik maken van de Woonwijzerwinkel in Kerkrade (2022). • Energiescans via Stichting Dubbel Duurzaam (2018-2021). • Pilotproject verduurzaming maatschappelijk vastgoed (2019-2021). • Proeftuin aardgasvrije wijk Limbrichterveld-Noord (2019-2022). • Voucherproject voor 5.000 woningen (€ 65 per woning) voor (een bijdrage aan) een kleine energiemaatregel, betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik - RRE (2020-2021). • Warmtescans voor 4700 woningen in Geleen-zuid/Kluis/Krawinkel. Vanaf de straat wordt een warmtescan uitgevoerd en vervolgens verwerkt tot een op maat gemaakt isolatieadviesrapport voor de woning. Dit wordt betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik - RRE (2021-2022). • Energiescans, energieboxen en gesprekken met energiecoaches.

Dit wordt betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik Woningen RREW (2021-2022). • Collectieve inkoopacties isolatie (2022). Dit wordt betaald uit uitkering Regeling Reductie Energieverbruik Woningen RREW (2021-2022). • Verduurzaming 251 rijtjeswoningen in de wijken Geleen-zuid/Kluis op basis van bijdrage Volkshuisvestingsfonds - VHF (2022-2025). Ook zijn er vele (commerciële) bedrijven die inwoners van Sittard-Geleen via social media en/of per post aanschrijven met aanbiedingen om de woning te isoleren.

Aanbevelingen 1) Midden Temperatuur (MT) en/of Hoog Temperatuur (HT) warmtenet heeft grote potentie in Sittard Geleen Er ligt reeds een warmtenet (Het Groene Net noord) dat wordt gevoed door de Biomassa Energiecentrale Sittard (BES). Om de doelstellingen van het Klimaatakkoord te kunnen halen, is het nodig om ook een warmtenet (HGN-zuid) aan te leggen gevoed door restwarmte van Chemelot. De potentie voor zo’n warmtenet is het grootst in en rond de kernen in Sittard en Geleen. Het ligt voor de hand te starten met een warmtenet in Geleen vanwege de locatie bij de bron. De haalbaarheid vanuit risicoen investeringsperspectief van de gemeenten zal binnenkort duidelijk worden. 2) Voornamelijk in de buitengebieden hebben hybride en individueel elektrische warmtepompen de meeste potentie. Het resterende aardgasverbruik kan (op termijn) op duurzame wijze worden ingevuld met hernieuwbare gassen (biogas en/of waterstof). 3) Isolatie creëert de mogelijkheid om (op termijn) over te gaan op individuele warmteoplossingen (warmtepompen). Daarnaast is isolatie voor alle woningen een no regret maatregel aangezien een investering in de juiste isolatie binnen afzienbare termijn terugverdiend kan worden door kostenbesparingen op het energieverbruik. Omdat isoleren geld kost én aardgas elk jaar duurder wordt, is het nodig om inwoners met een laag inkomen hierin te ondersteunen.

Dit gebeurt nu al met vouchers, gratis warmte- en

33

energiescans, en met het in 2022-2025 verduurzamen van minimaal 251 rijtjeswoningen in de wijken Geleen-zuid/Kluis op basis van bijdrage Volkshuisvestingsfonds (VHF). 4) Communicatie is belangrijk voor het creëren van draagvlak. Dit is een continu traject. Belangrijk is daarom dat de warmtetransitie gaat leven in de gemeente. Dat inwoners weten wat rendabele isolatie is, hoe belangrijk isolatie is óók als je nog wel aardgas gebruikt en welke manieren er zijn om aardgasvrij te gaan wonen. De gemeente kan hier een actieve rol in spelen door ondersteuning te bieden en een betrouwbare bron van informatie te zijn en/of aan te bieden (digitale en fysieke energieloketten). Het heeft de voorkeur dat pandeigenaren niet gedwongen worden om van het aardgas af te gaan, maar de voordelen inzien om van het aardgas af te gaan (zoals kostenbesparing). Een belangrijke rol van de gemeente zal zijn/blijven: communicatie richting inwoners, voorbeeldrol eigen gebouwen en samen optrekken met woningcorporaties.

Vervolg De volgende stap is het opstellen van Wijkuitvoeringsplannen waarin deze Transitie Visie Warmte uitgewerkt worden. Op basis van de uitgevoerde analyse zal in 2022 begonnen worden met de volgende wijken: • Geleen-zuid/Kluis (uitwerking gericht op isolatie en warmtenet - HGN-zuid) • Geleen-centrum/Krawinkel (uitwerking gericht op isolatie en warmtenet - HGN-zuid) • Sittard-west (uitwerking gericht op isolatie en warmtenet - HGN-noord) • Sittard-oost (uitwerking gericht op isolatie en warmtepompen – all-electric en hybride) • Born (uitwerking gericht op isolatie en warmtepompen – all-electric en hybride) Bij het opstellen van de Wijkuitvoeringsplannen zal gebruik gemaakt wordt van informatie die bij het opstellen van deze TVW nog niet bekend was: • Uitwerking Ontwikkelpaden Toekomstvisie • Resultaten en ervaringen met proeftuin aardgasvrije wijk Limbrichterveld-Noord • Besluitvorming Het Groene Net (HGN), met name HGN-Zuid • Uitwerking RES-ZL 1.0 voor wat betreft de verdeling van de bovengemeentelijke warmtebronnen in Zuid-Limburg • Resultaten warmtescans voor woningen in Geleen-zuid/Kluis/Krawinkel • Gemeentelijke Woontransformatie Visie (WTV) • Plannen van de woningbouwcoöperaties wat betreft verduurzaming van hun woningen/appartementen • Besluitvorming Maatschappelijk Vastgoed • Bevragingen van inwoners per wijk specifiek gericht op de mogelijke warmteoplossingen in de

wijk. In de wijkuitvoeringsplannen zal worden aangegeven hoe en wanneer inwoners en bedrijven in een wijk/buurt het beste hun pand duurzaam kunnen verwarmen. En hoe de gemeente daarbij aan kan bijdragen, wat betreft subsidies en menskracht. Voor het uitwerken van de wijkuitvoeringsplannen is een rijkssubsidie beschikbaar van € 202.000,-.

34

Bijlage 1: Gebruikte Bronnen • • • • • • • • • • • • • •

Extern advies Warmte-transitie - EAW (DBV) Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg (RES-ZL) Algemene informatie over TVW (PAW) Handreiking voor lokale analyse (PAW) Startanalyse duurzame warmte-strategieën per wijk (PAW) Startanalyse aardgasvrije buurten achtergrondrapport (ECW) Factsheets warmtestrategieën (ECW) Bevraging/enquête over warmte-transitie onder inwoners Sittard-Geleen (Gemeente) Kerncijfers Sittard-Geleen mbt woningen en duurzaamheid (Gemeente) Kerncijfers wijken en buurten (CBS) Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) Warmteatlas (RVO) Polviewer (Provincie Limburg) Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (Stowa)

Bijlage 2: Relatie TVW met de Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg (RES-ZL) In de RES-ZL 1.0 waar het College eind maart mee heeft ingestemd, is ook al ingegaan op de warmtevraag en warmteaanbod in Zuid-Limburg. In het Collegevoorstel RES-ZL staat hierover het volgende: Opgave Gebouwde omgeving: Een strategie voor de warmtetransitie van woningen/gebouwen met als doel dat in 2050 alle woningen/gebouwen goed geïsoleerd zijn en voorzien zijn van duurzame warmte en elektriciteit. In het kader van de RES is gevraagd om een ‘Regionale Structuur Warmte’ (RSW) op te stellen met daarin de warmtevraag, toekomstige duurzame warmteaanbod, en mogelijke infrastructuren (bijvoorbeeld warmtenetten) hiervoor. Deze inventarisatie is belangrijke input voor de TVW die elke gemeente in de vorm van warmteplannen voor het einde van 2021 moet vaststellen. Deze TVW schetst per wijk het tijdspad naar aardgasvrijwijken. In de RESZL 1.0 is het bovengemeentelijke duurzame warmteaanbod t/m 2030 beschreven. Samengevat is dat het volgende: • Restwarmte: Chemelot is hierin een belangrijke potentiële bovengemeentelijke warmtebron. De hoeveelheid beschikbare restwarmte (>70°C) wordt vooralsnog door Chemelot ingeschat op 200 MWth. Dat komt op basis van de huidige gebruiksmogelijkheden, overeen met ongeveer 3.240 TJ per jaar.

Het aantal woningen dat met restwarmte van Chemelot verwarmd kan worden hangt af van systeemkeuzes en uitgangspunten. Denk hierbij aan het isolatieniveau van woningen, inzet van bronnen en buffers en de hoeveelheid bijstook van gas voor piekvoorziening. Er is in deze fase nog geen onderbouwde uitspraak mogelijk over een exact aantal woningen. De bandbreedte ligt tussen de 70.000 en 130.000 woningen. • Geothermie: Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen ondiepe geothermie (vanaf 300 meter) en diepe geothermie (500-4.000 meter). De exacte potentie van geothermie is op dit moment nog onduidelijk. In 2021 wordt door TNO/ECN middels het onderzoeksprogramma SCAN de potentie van geothermie in Provincie Limburg in kaart gebracht. • WKO: Een warmte-koude opslag (WKO) maakt gebruik van een waterlaag in de (ondiepe) ondergrond waarin de warmte (of koude) seizoensgewijs opgeslagen kan worden: warmte in de zomer voor gebruik in de winter en bij koude net andersom. In Zuid-Limburg zijn er diverse projecten die gebruik maken van WKO, waaronder Mijnwater B.V. in Parkstad. De potentie van WKO-oplossingen voor de warmtetransitie is

35

enerzijds veelbelovend en anderzijds nog onderwerp van studie. Met name voor bestaande bouw zijn de kosten om gebouwen te isoleren naar het vereiste schilniveau een belemmering voor de uitrol van deze warmte-oplossing. • Aquathermie: Hiervoor is de potentie in Zuid-Limburg zeer beperkt. • Groen/biogas: Biogas, na opwerking tot groengas, kan een rol spelen in de warmtetransitie, met name in landelijke gemeenten. In Zuid-Limburg is de potentie ervan zeer beperkt. • Waterstof: Voor de gebouwde omgeving is de toepassing van waterstof voorlopig geen optie. Het aanbod van duurzame waterstof is te beperkt en wat wel voorhanden is wordt gebruikt voor met name de energie-intensieve procesindustrie en transport. In de RES wordt daarom tot 2030 geen rekening gehouden met waterstof. Daarnaast kunnen individuele elektrische oplossingen (warmtepompen) worden toegepast. Deze zullen een impact hebben op het elektriciteitsnet. In deze fase zijn nog geen afspraken gemaakt over bovengemeentelijke warmtebronnen en bijbehorende warmte-infrastructuur. Hiervoor zal eerst van iedere gemeente de TVW bekend moeten zijn (gepland eind 2021). Daarna kan in het kader van de RES (die elke 2 jaar geupdate wordt) in nauwe samenwerking tussen publieke en private partijen, regionaal afspraken gemaakt worden over bovengemeentelijke warmtebronnen en warmteinfrastructuur.

Bijlage 3: Maatregelen energietransitie door Rijksoverheid in 2022 Subsidie regeling ISDE wordt voortgezet De Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE) wordt komend jaar met 130 miljoen weer voortgezet. Via de ISDE kunnen huiseigenaren subsidie aanvragen nadat zij isolatiemaatregelen hebben uitgevoerd of een warmtepomp en zonneboiler hebben aangeschaft. 514 miljoen voor nationaal isolatieprogramma Het kabinet heeft 514 miljoen euro beschikbaar gesteld voor een nationaal isolatieprogramma. Met dit bedrag wil het Rijk ervoor zorgen dat 20% meer koop- en huurwoningen beter geïsoleerd kunnen worden. De focus ligt daarbij vooral op woningen die nu nog een slechte energieprestatie hebben. Door middel van bijvoorbeeld vouchers kunnen bewoners ondersteund worden met nemen van isolatiemaatregelen. Extra subsidie voor aanschaf hybride warmtepomp Het kabinet heeft 288 miljoen beschikbaar gesteld voor hybride warmtepompen. Nederlanders kunnen bijvoorbeeld een tegemoetkoming van €1000 tot €2100 krijgen voor de aanschaf van een hybride warmtepomp. De aanschaf van een hybride warmtepomp kan voor veel huiseigenaren een mooie stap zijn om het gasverbruik te verlagen en zo bij te dragen aan de klimaatdoelstellingen. Uiteraard afhankelijk van de energetische staat van de woning.

In sommige gevallen betekent dit een tussenstap richting de wijkaanpak, in andere gevallen de eindoplossing als er op termijn gekozen wordt voor bijvoorbeeld biogas. Nog onduidelijk is onder welke voorwaarden deze gelden beschikbaar komen voor huiseigenaren. Belasting op elektriciteit daalt, belasting op gas stijgt Voor 2022 gelden nieuwe belastingtarieven die ook gevolgen hebben voor je energierekening: de belasting op gas stijgt en belasting op elektriciteit daalt.

36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=b57eedcf-5c6b-4e66-b05f-042e0ed57695