Beantwoording technische vragen Programmabegroting 2024, Tweede rapportage 2023 en Belastingmaatregelen 2024
Tekst van het document
De acties om de hoeveelheid restafval terug te brengen zijn opgenomen in het Regionaal Uitvoeringsplan Van Afval Naar Grondstof 2022-2025, welke in de raadsvergadering van 12 juli 2022 is vastgesteld.
78
Pag. 72
In hoeverre is er in de programma begroting rekening gehouden met mogelijk lagere opbrengsten in de grondexploitatie (minder uitgifte bouwrijpe kavels) door de hogere rente? Bijvoorbeeld met scenario- analyses?
In de grex is vooralsnog slechts een kavel voor bedrijvigheid (Businesspark Geleen) beschikbaar. Dit kavel was reeds verkocht maar door faillissement afnemer is de notariële akte niet gepasseerd. Voor het overige zijn er geen bedrijvenkavels in de verkoop.
79
Pag. 81
Wat is het verschil van Corio Glana 16/17 (landschapsinrichting Geleenbeekdal ten Oosten van Geleen, Biesenweg tot Beekstraat) met het bedrag van 1,7 miljoen die voor Corio Glana fase 2 is bedoeld?
Corio Glana Highlight 16/17 en Corio Glana Highlight 20 fase 2 zijn verschillende onderdelen van de 21 Highlights die het Waterschap Limburg samen met onder andere de omliggende gemeentes heeft en gaat uitvoeren in het Geleenbeekdal. Highlight 16/17 is begroot op € 7,4 mln. waarvan € 2,7 mln. gemeentelijke bijdrage in de begroting is gevraagd. € 2 mln. opgenomen in het convenant regiodeal en de rest wordt bijgedragen door
24
Nr.
Bron
Vraag
Antwoord Waterschap Limburg. Corio Glana Highlight 20 is begroot op € 12.8 mln., waarvan € 1,7 mln aanvullende gemeentelijke bijdrage beschikbaar is gesteld in de 4de rapportage 2022. Het Waterschap Limburg heeft een bijdrage van € 5,7 mln. Overige gemeentelijke middelen komen vanuit IBOR en BSW.
80
Pag. 82
Voor het landschapspark Oost Middengebied C Niew Absbroek is € 4 ton begroot in 2024. Waar is dit bedrag concreet voor bedoeld ? Hoe verhoudt zich dit bedrag tot de bedragen die volgens de Kadernota in een investeringsclaim van € 1,36 miljoen zijn begroot voor Landschapspark De Haese (respectievelijk € 1,2 miljoen en € 0,3 miljoen ). Wat is de verwachte stand per 1 januari 2024 voor het budget Landschapspark De Haese (€ 0,8 miljoen beschikbaar door de uitruil VDL Nedcar ter groencompensatie beschikbaar voor De Haese)?
Zoals in de 2de rapportage 2023 is aangegeven, wordt het bedrag van € 0,4 mln. ingezet voor de projectvoorbereiding en de treffen maatregelen die nodig zijn voor de uitvoering van het dassenplan. In de kadernota 2023 is aangegeven dat het bedrag van € 1,36 mln. is bestemd voor de inrichting van het landschapspark De Haese, waarbij we de ontwikkeling van natuur, natuur-inclusieve landbouw (coöperatieve tuinderij Harteveldt) en recreatie samenbrengen. Dit doen we bij voorkeur gelijktijdig met de ontwikkeling van de aangrenzende woonwijk, zodat de rode en de groene ontwikkeling in balans blijven. Het genoemde budget van € 0,8 miljoen is door VDL ondergebracht in een stichting die tot doel heeft de omgeving van VDL Nedcar te vergroenen. Dit heeft geen enkel raakvlak met Landschapspark de Haese.
81
Pag. 83
Wat is de stand van zaken met betrekking tot de plannen voor de ontkluizing van de Keutelbeek (samenwerking Waterschap) ?
Het plan ontkluizen Keutelbeek Geleen-Zuid is samen met het Waterschap Limburg en ZOwonen vanuit een haalbaarheidsstudie uitgewerkt tot een schetsontwerp. Ook is een intentieovereenkomst opgesteld die eind 2023 door Waterschap Limburg, ZOwonen en gemeente Sittard-Geleen wordt ondertekend. Vanuit deze intentieovereenkomst worden de plannen verder uitgewerkt en vervolgen we de burgerparticipatie in verschillende deelgebieden.
82
Pag. 95
Zijn dit alle middelen voor jongerenparticipatie? Op welke wijze worden initiatieven die door Jongk worden aangedragen gefinancierd?
Deze middelen zijn voor Jongk, daarnaast zijn er andere middelen voor jongeren en andere middelen voor participatie. Jongk heeft een eigen budget van €7.500. Wanneer het gaat om een idee van Jongk dat door de gemeente moet worden opgepakt vindt hierbij afstemming plaats met het desbetreffende beleidsterrein. Zij bepalen dan samen wat er nodig is op de inhoud en zullen dit dan ook zelf financieren.
83
Pag. 100
Bij de nieuwe inkoop van jeugdzorg lijkt het accent te liggen op sturing en kostenbeheersing, waardoor grotere zorgaanbieders in een bevoorrechte positie komen ten opzichte van de kleinere (kwalitatief vaak sterk
De gemeenten in Zuid-Limburg werken nauw samen op het gebied van inkoop van jeugdhulp. Deze inkoop komt tot stand vanuit de regionale beleidskaders die we gezamenlijk opstellen en is geland in de centrumregeling. Gezamenlijk hebben we twee jaar geleden afgesproken met het transformatieplan om nieuwe beleidskaders op te stellen en de inkoop daarop per segment vorm te
25
Nr.
Bron
Vraag onderscheidend) zorgaanbieders. Komt hierdoor niet het belang van de zorgvrager onder druk te staan? Graag een uitgebreide toelichting.
Antwoord geven. De inkoop Jeugd voor de 16 gemeenten in Zuid-Limburg door Centrumgemeente Maastricht anticipeert tevens reeds op de landelijke ontwikkelingen in de Hervormingsagenda Jeugd. De Hervormingsagenda Jeugd bevat een groot pakket afspraken om de jeugdzorg te verbeteren en financieel houdbaar te krijgen. Daarbij wordt van alle partijen inzet verwacht. Gemeenten en het rijk gaan structureel investeren in de landelijke kwaliteit en effectiviteit van jeugdhulp. Ook komt er een aanpassing van de Jeugdwet, waardoor duidelijker wordt waarvoor kinderen en ouders hulp kunnen krijgen. Hoofddoelen zijn snelle passende zorg en beheersbare kosten. Naast sturing en kostenbeheersing gaat het juist vooral ook om het verbeteren van de samenwerking, verhoging van kwaliteit en verlaging van administratieve lasten. Voor 2024 zijn er 3 consortia gecontracteerd. Deze consortia bestaan ieder uit tientallen grote en kleine aanbieders. Door het werken met consortia hopen we de samenwerking tussen zorgaanbieders en andere ketenpartners te verbeteren om bijvoorbeeld wachtlijsten te voorkomen. Hierdoor beogen we juist beter aan te kunnen sluiten bij de hulpvraag van ouders en jeugdigen.
84
Pag. 116
Wat zijn de concrete plannen met een fysiek ‘Duurzaamheidshuis’ in Sittard-Geleen?
Het Duurzaamheidshuis (werktitel) wordt een sfeervolle, uitnodigende ontmoetingsplek voor de samenleving. Hier kunnen inwoners en ondernemers, vve’s en maatschappelijke organisaties laagdrempelig terecht voor inspiratie en onafhankelijke, betrouwbare informatie met betrekking tot duurzaamheid, gerelateerd aan de thema’s wonen, werken, leren, reizen, consumeren, recreëren, innoveren. Een plek als aanjager om te verduurzamen in brede zin dus. Hier wordt de wereld van morgen tastbaar, kun je interactief ontdekken en beleven welke mogelijkheden er zijn en hoe je zelf in actie kunt komen ten behoeve van verduurzaming. De plek is een concrete vertaling van, en geeft een impuls aan, zowel ecologische, economische, sociale als institutionele veerkracht in relatie tot duurzaamheid. Daarbij gaat er een mobiele duurzaamheidsbus rondreizen, de samenleving in, zowel in Stein, Beek als Sittard-Geleen.
85
Pag. 131-132
Hoe zal het laagdrempelig meldpunt worden ingericht in het kader van de Wet Goed Verhuurderschap (verplicht per 1 januari 2024)?
De wijze van inrichten van het meldpunt wordt momenteel uitgewerkt. Na afronding zullen wij u hier nader over informeren.
26
Nr.
Bron
Vraag
Antwoord
Er volgt nog een actualisatie van de prognose WOZwaarden per 15 november, wat nog een technisch aanpassing van de tarieven kan opleveren. Welk effect kan dit hebben voor de begroting 2024?
Geen effect op de begroting en de gemiddelde woonlast. De OZB-opbrengsten uit 2023 zijn geïndexeerd met 4,22%. De OZB-opbrengst wordt berekend op basis van het tarief en de WOZwaarden. De prognose wordt medio november door de BsGW aangeleverd. Dit kan tot een technische aanpassing leiden in december. Indien de WOZ-waarden stijgen, daalt het tarief maar de OZB-opbrengst blijft gelijk. Indien de WOZ-waarden dalen, stijgt het tarief maar ook nu blijft de OZBopbrengst gelijk.
Belastingmaatregelen 2024 86
Pag 13
Deze systematiek wordt uitgelegd op pagina 11 en 12 van het rapport belastingmaatregelen 2024. 87
Pag 13
In welke mate is er geanticipeerd op hogere oninbaarheid, aangezien het aannemelijk dat een toenemend aantal huishoudens financieel in de klem komt te zitten?
BsGW biedt inwoners die een aanslag niet kunnen betalen, op verschillende manieren ondersteuning om samen te kijken naar een passende oplossing. Dit kan zijn door inwoners actief te wijzen op de mogelijkheden van kwijtschelding of het bieden van maatwerk als een betalingsregeling niet kan worden nagekomen. Als het de inwoner niet lukt om de achterstand te betalen of als er sprake is van meerdere achterstanden of schulden, worden inwoners gewezen op de mogelijkheden van gratis advies en hulp van Kredietbank Limburg. Daarnaast houdt gemeente Sittard-Geleen rekening met hogere oninbaarheid in haar eigen begroting. Afgelopen jaar is de jaarlijkse storing voor oninbaarheid verhoogd voor 2023 en 2024. Daarmee wordt geanticipeerd op mogelijk hogere oninbaarheid. De storting voor oninbaarheid is in deze jaren verhoogt van € 0,2 miljoen naar € 0,55 miljoen.
27
Fractie PIT Nr.
Bron
Vraag
Antwoord
Er wordt voorgesteld om krediet beschikbaar te stellen voor diverse onderdelen. Daarbij wordt in enkele gevallen aangegeven “de kapitaallasten te dekken binnen de bestaande begroting”.
De veronderstelling is correct. Dekking vindt in deze gevallen, passend binnen onze begrotingskaders, plaats binnen het betreffende programma.
2de Rapportage 2023 88
Raadsbesluit; beslispunt 4
Is onze veronderstelling correct dat daar waar staat “dekking binnen de bestaande begroting”, deze gevonden dient te worden binnen de betreffende programma’s zoals opgenomen in de tabel “investeringskredieten” op pagina 5 van het raadsvoorstel? Zo nee, waar dan wel? 89
Raadsbesluit; beslispunt 5
Voorgesteld wordt om het restant van de stelpost voor indexering in investeringen in de begroting ad € 5,2 miljoen te oormerken voor markt- en prijsontwikkelingen in de projecten die onderdeel zijn van de Regeling grote projecten. Is hiervan een nadere specificatie te maken, te weten: welk bedrag wordt voor welk project gereserveerd? Of is dit een algemeen bedrag voor alle projecten die onder de regeling vallen?
Het restantkrediet voor het opvangen van prijsstijgingen ad € 5,2 mln. wordt geoormerkt voor projecten die onderdeel zijn van de Regeling grote projecten, zonder nadere onderverdeling en/of specificatie. Het betreft de volgende projecten: Huisvestingsdossiers (bestuurlijk-ambtelijk, Huis aan de Markt, Wijkbeheer en Vidar) Glanerbrook Unilocatie Grevenbicht - Obbicht
Kunt u een opsomming geven van de projecten die onderdeel uit maken van de Regeling grote projecten, met daarbij per project welk budget hieraan gekoppeld is? 90
2de Pro.rap.; blz.6
Op pagina 6 van de 2de programmarapportage staat tabel 2:
In onderstaande tabel hebben wij het gevraagde onderscheid in incidenteel respectievelijk structureel inzichtelijk gemaakt. De structurele posten zijn verwerkt in de bijstelling van het begrotingsbeeld in de
28
Nr.
Bron
Vraag “Begrotingsaanpassingen”. Daarbij is sprake van incidentele en structurele posten. Kunt u de tabel opsplitsen in een kolom incidenteel en een kolom structureel zodat in één oogopslag te zien is welk deel van het saldo van € 4,7 mln. incidenteel is en welk deel structureel?
Antwoord begroting 2024. bedragen x € 1.000 Financiële bijstellingen
incidenteel structureel Resultaat 2de rapportage 2023
Meicirculaire 2023
194 -557
-557
Kapitaallasten (rente en afschijving)
1.426
1.426
WMO
3.558
3.558
Jeugdzorg
-630
-630
166
166
(Extra) dividend Enexis en BNG
870
870
Vervroegde verkiezingen
-149
-149
Bestrijding Japanse Duizendknoop
-79
-79
Eeuwigdurend graf 1e Molukkers
-61
Inrichtingskosten huisvesting statushouders Jaarrekening resultaat werkbedrijf Vidar Totaal saldo financiële bijstellingen
Er wordt voorgesteld een bestemmingsreserve Glanerbrook in te stellen om hierin de niet bestede middelen uit hogere rentevergoedingen (schatkistbankieren) te storten. Naar aanleiding hiervan de volgende vragen: Is bekend om wat voor bedragen het hierbij gaat of is hier een inschatting van te maken? Waar gaan de middelen uit deze reserve concreet voor ingezet worden? -
-61 -188
192
Kleine posten (, € 50.000)
Raadsvoorstel; pagina 6
194
Gemeenschappelijke regelingen
Budgetten bestuur
91
totaal
773
-188 192
-80
-80
3.889
4.662
In de voortgangsrapportage van Sportpark Glanerbrook, op pagina 91, onder het kopje Financiën wordt het instellen van een bestemmingsreserve toegelicht. De financiële voordelen van de financiering moeten worden toegeschreven aan het Glanerbrook project volgens de voorschriften van het BBV. Op basis van de huidige rentestand is berekend dat de verwachte renteopbrengst voor de jaren 2023 t/m 2025 naar schatting € 2,35 mln zal bedragen. Het rentevoordeel zal worden ingezet voor frictie-, participatie-, representatie- en communicatiekosten te dekken die nodig zijn om de locatie exploitabel te houden, in plaats van ze als investering te beschouwen. Frictiekosten omvatten onder andere het behoud van de toegang tot de accommodatie, de kosten voor het verplaatsen van entrees en extra tijdelijke voorzieningen.
29
Nr.
Bron
Vraag
Antwoord
Bij dit beslispunt staat: “Het aanhouden van de tekorten in de jaarschijven 2026 en 2027 van respectievelijk € 1,9 mln. en € 2,8 mln. in afwachting van ontwikkeling van structurele financiële ruimte in de meerjarenraming.”
Op dit moment hebben we geen zicht op structurele financiële ruimte in de meerjarenraming. Hiervoor zijn we afhankelijk van Rijksbeleid/ Rijkscompensatie. We hopen hier in de komende circulaires meer duidelijkheid over te krijgen.
Begroting 2024 92
Raadsbesluit; beslispunt 3
In hoeverre is er concreet zicht cq. zekerheid op het ontstaan van deze structurele financiële ruimte? 93
Raadsbesluit; beslispunt 9c
Bij dit beslispunt staat “De resterende saldi van € 1,9 mln. in 2023 en € 1,0 mln. worden aangehouden als achtervang voor autonome ontwikkelingen en het risicoprofiel in de begroting”.
De resterende saldi van € 1,9 mln in 2023 respectievelijk € 1,0 mln. in 2025 betreft de begrotingsruimte die resteert na verwerking van de autonome ontwikkelingen en speerpunten. ‘in 2025’ is weggevallen in de besluitvorming. Zie bijlage 2 voor een aangepast raadsbesluit.
Kunt u aangeven waar het bedrag van € 1,0 mln. het resterende saldo van is? 94
Raadsvoorstel, blz. 4
Er staat “Daarnaast hebben wij een structurele post van jaarlijks € 2 mln. opgenomen om de flexibiliteit in onze begroting te vergroten.” Naar aanleiding hiervan de volgende vragen: Waar gaat deze post concreet voor gebruikt worden? In hoeverre zet deze post, gezien het begrotingstotaal van circa € 420 miljoen, zoden aan de dijk als het gaat om het in die alinea genoemde “robuuster maken van de begroting”? -
Op pagina 16 van de programmabegroting is aanleiding en context voor het opnemen van deze post alsmede een aantal uitgangspunten voor de inzet ten laste van deze post geschetst. De inzet van deze post is gekoppeld aan (externe) ontwikkelingen die op ons af komen. In termen van weerbaarheid gaat het dan om autonome ontwikkelingen (onverwacht, onvermijdbaar, onuitstelbaar). Bij wendbaarheid gaat het met name om externe (landelijke) ontwikkelingen al dan niet samen met andere partijen (cofinanciering) op te kunnen pakken. De inzet van deze post wordt afgezet tegen de beschreven uitgangspunten ten aanzien van weerbaarheid, wendbaarheid en bestendigheid. Wij hebben voorgesteld de inzet van deze post als aanvulling op onze begrotingskaders op te nemen. Zie hiervoor tevens vraag 72. Wat de omvang betreft, sluit dit aan op richtlijnen die in het verleden werden gehanteerd voor de omvang van de post onvoorzien, zijnde 0,5% van het begrotingstotaal.
95
Begroting op hoofdlijnen, blz.
Onder het kopje “Ontwikkelingen” wordt gesproken over de onzekerheden over de Rijksbijdrage vanaf 2026.
Vanuit diverse gremia worden acties richting het Rijk ondernomen om aan te dringen op duidelijkheid over structurele Rijksmiddelen richting gemeenten en te benadrukken dat extra financiële middelen
30
Nr.
Bron 13 - 14
Vraag
Antwoord
Kunt u aangeven op welke wijze er gezocht wordt naar duidelijkheid als het gaat om de Rijksbijdrage vanaf 2026? Wordt hierbij bijvoorbeeld vanuit de VNG actie ondernomen richting het kabinet of zijn er stappen vanuit de Limburgse gemeenten of de G40?
nodig zijn om taken uit te kunnen voeren. Voorbeelden in dit verband zijn: Het begrotingsadvies van de VNG’, waarbij gemeenten structureel (vanaf 2026) geen sluitende begroting presenteren. De Raad voor het Openbaar bestuur (ROB) vraagt in de 10 aandachtspunten voor de verkiezingsprogramma’s aandacht voor de financiële slagkracht van gemeenten, waarbij er sprake is van een balans tussen taken, organisatie, bevoegdheden en bekostiging. Via onze deelname in netwerken zoals VNG en G40 zetten we onder andere in op het verwerven van extra financiële middelen. Zie tevens antwoord op vraag 92.
96
Begroting op hoofdlijnen, blz. 24
Onder het kopje “Financiële kengetallen” staat “de streefwaarden zijn in samenwerking met de commissie B&V tot stand gekomen”. Wat wordt concreet bedoeld met die samenwerking? Wanneer heeft die afstemming / samenwerking plaatsgevonden? Zijn de waarden ter beoordeling voorgelegd aan de commissie? Zijn de waarden na bespreking in de commissie bijgesteld? Zo ja, op welke wijze?
97
Begroting op hoofdlijnen, blz. 25
Bij het kopje “Financiële kengetallen” staat “De structurele exploitatieruimte blijft positief en dit geeft aan dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken. De financiële positie van de gemeente Sittard-Geleen kan dan ook als “voldoende” worden beoordeeld. Bovendien blijkt uit het surplus in de algemene reserve dat de gemeente “voldoende” in staat is om financiële tegenvallers op te vangen.” Gezien de onzekerheden waar we mee te maken hebben, gecombineerd met de beperkte structurele
In de besluitvorming over de begroting 2024 is de raad akkoord gegaan met de huidige streefwaarden (driedeling). Dit voorstel was gebaseerd op advies van de commissie B&V. Het advies was om aan te sluiten op de landelijke monitor (3 kleurindicaties) en de richtlijnen uit het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtskader van de provincie.
Zoals in de begroting 2024 op hoofdlijnen uitgewerkt, beoordelen wij de toereikendheid van onze financiële positie/ financiële veerkracht aan de hand van de volgende elementen: -
Een structureel en reëel sluitende begroting Onze weerstandscapaciteit De ontwikkeling van de financiële kengetallen De wendbaarheid van onze begroting
Op basis van de uitwerking van deze elementen en de samenhang ertussen, zijn wij van mening dat onze huidige financiële positie veerkrachtig en voldoende wendbaar en weerbaar is om bij te sturen als dat nodig is. Daarnaast draagt het opnemen van een structurele post ‘robuuste begroting’ van jaarlijks € 2 mln. bij aan het verder versterken van onze financiële veerkracht. Hiermee creëren we ruimte om te
31
Nr.
98
Bron
Begroting op hoofdlijnen, blz. 25
Vraag
Antwoord
exploitatieruimte, het lage solvabiliteitsratio en de netto schuldquote is het echter de vraag of de financiële positie ook in de nabije toekomst als voldoende kan worden bestempeld. In hoeverre hebben we met de aangegane schulden de mogelijkheid om bij te sturen als dat nodig is?
kunnen anticiperen op tegenvallers en onzekerheden.
Bij het kopje “Financiële kengetallen” staat “Doordat de gemeente ervoor kiest om een groot gedeelte van haar uitgaven/ projectenportefeuille met vreemd vermogen te financieren, is de solvabiliteitsratio lager dan het landelijke gemiddelde. De rente- en aflossingsverplichtingen die aan deze financiering zijn gekoppeld, hebben wij in onze begroting afgedekt.”
Zie onderstaand overzicht De totale aflossingsverplichtingen bedragen in 2024 € 17,1 mln. respectievelijk de renteverplichtingen € 7,4 mln. De renteverplichtingen zijn opgenomen in de begroting. De aflossingsverplichtingen worden niet geraamd in de begroting. Deze verplichtingen worden direct verwerkt in de balans. De aflossingsverplichtingen matchen wel met de afschrijvingen welke wel in de begroting zijn opgenomen.
Kunt u aangeven wat de hoogte van de aangegane rente- en aflossingsverplichtingen is voor 2024? Wat zijn de totaalbedragen hiervan in de begroting?
Leningenportefeuille vaste geldleningen 2024
algemeen
projectfinanciering
bedragen in € mln.
Stand 1 januari
304,7
Nieuwe leningen
58 15
Aflossingen
15,9
1,2
Stand 31 december
288,8
71,8
7,0
0,4
Rente Belastingmaatregelen 2024 99
Raadsbesluit
Wij constateren dat het OZB tarief voor woningen stijgt met 4,2245%, namelijk van 0,1657% naar 0,1727%. Kunt u aangeven hoeveel inkomsten wij als gemeente mislopen als de stijging wordt afgerond op 4,2200%?
100
Raadsbesluit
Wij constateren dat het OZB tarief voor niet woningen – gebruiker stijgt met 4,2298%, namelijk van 0,5674%
Om afrondingstechnische redenen is het exact op 4,2200% indexeren niet mogelijk. Het is gebruikelijk onze tarieven op 4 cijfers achter de komma af te ronden. Daarom is de vraag over het effect op onze begroting niet van toepassing.
Om afrondingstechnische redenen is het exact op 4,2200% indexeren niet mogelijk. Het is gebruikelijk onze tarieven op 4 cijfers achter de komma af te ronden. Daarom is de vraag over het effect op onze
32
Nr.
Bron
Vraag naar 0,5914%.
Antwoord begroting niet van toepassing.
Kunt u aangeven hoeveel inkomsten wij als gemeente mislopen als de stijging wordt afgerond op 4,2200%? 101
Raadsbesluit
Wij constateren dat het OZB tarief voor niet woningen – eigenaar stijgt met 4,2307%, namelijk van 0,7351% naar 0,7662%.
Om afrondingstechnische redenen is het exact op 4,2200% indexeren niet mogelijk. Het is gebruikelijk onze tarieven op 4 cijfers achter de komma af te ronden. Daarom is de vraag over het effect op onze begroting niet van toepassing.
Kunt u aangeven hoeveel inkomsten wij als gemeente mislopen als de stijging wordt afgerond op 4,2200%?
BIJLAGEN -
Vraag 61 – specificatie coronamiddelen Vraag 93 – aangepast raadsbesluit
33