Beantwoording technische vragen (PIT) inzake GR KBL
Tekst van het document
Oplegmemo beantwoording technische vragen Aan: Van: Datum: Betreft:
De gemeenteraad van Sittard-Geleen Wethouder Bühler 10-06-2024 Beantwoording technische vragen m.b.t. jaarrekening 2023 en begroting 20252027 Gemeenschappelijke Regeling Kredietbank Limburg
Vragen fractie PIT 1. Bij de voorschotten 2024 staat een verwachte hogere afname in de dienstverlening van € 0,16 miljoen. Kunt u aangeven waar dit bedrag op is gebaseerd? Antwoord: De voorschotten 2024 zijn gebaseerd op de verwachte ontwikkelingen van de dienstverlening ten opzichte van de gerealiseerde dienstverlening 2023. In 2023 was de gerealiseerde dienstverlening voor Gemeente Sittard-Geleen €200.000 meer dan begroot. In de gemeentelijke begroting 2024 is reeds rekening gehouden met een stijging van €70.000 t.o.v. 2023. Gezien de licht toenemende vraag in het 4e kwartaal 2023 is daar nog €160.000 aan toegevoegd. Ten opzichte van 2023 prognosticeren we dus in totaal €230.000 meer dienstverlening. 2. Het voor 2024 genoemde bedrag ligt in de buurt van het bedrag voor de hogere afname in de dienstverlening in 2023. Kunt u aangeven waarom, gelet op de min of meer gelijk blijvende hogere afname, dit niet meteen wordt gecorrigeerd bij het bepalen van de voorschotten van dienstverlening voor een volgend jaar? Nu lijkt steeds sprake van een correctie achteraf van een situatie welke min of meer te voorzien is. Antwoord: In de afgelopen jaren komt de gerealiseerde dienstverlening voor Gemeente SittardGeleen nagenoeg overeen met de begrote dienstverlening (lees voorschotten).
Een overschrijding, in het geval van Sittard-Geleen relatief klein, wordt inderdaad achteraf gecorrigeerd met een eindfactuur. Binnen de GR Kredietbank Limburg geldt de afspraak dat voorschotten bij onderbenutting niet worden afgerekend op basis van realisatie. Dat betekent dat wanneer de gerealiseerde dienstverlening in enig jaar lager uitvalt dan begroot, dit verschil niet terugbetaald wordt aan de gemeente. Om dit te voorkomen zijn we ieder jaar voorzichtig met het afgeven en begroten van een hogere prognose. Wanneer we in enig jaar een trend zien met een overschrijding van meer dan 10%, dan zal daar uiteraard in de prognose voor het daarop volgende jaar op gereageerd worden met een hogere prognose. Bovendien kan dat in het lopende jaar leiden tot een begrotingsbijstelling. Een dergelijke trendbreuk waarbij gedurende 12 maanden zo een significante stijging te zien is, hebben we nog niet mee gemaakt.
3. Waarom wordt, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het voorstel over de BsGW, in de zienswijzebrief niet opgenomen dat de jaarrekening 2023 en de voorschotten ter kennisgeving zijn aangenomen? Antwoord: Het bestuur van Kredietbank Limburg vraagt de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten, conform de Wet gemeenschappelijke regelingen, een zienswijze te geven op de meerjarenbegroting. In dit geval betreft dat de pro formabegroting 2025-2027. De kennisgevingsbrief met de zienswijze formuleert een reactie op deze vraag. In deze brief wordt verwezen naar het bijgevoegde raadsbesluit. Daarin ziet het bestuur naast de zienswijze over de meerjarenbegroting tevens de kennisname van de jaarstukken 2023 en de voorschotten 2024.
Steller Telefoon E-mail Team
: : : :
Vidar Uitkeringen