CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies van de Wmo-raad en de adviesraden van de Westelijke Mijnstreek (Wmo-raad Sittard-Geleen, Beek)

Raad 11 september 2025, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Beleidskader Wmo-Toezicht kwaliteit en rechtmatigheid 2025 (Tillie)4.122 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Born, 18 april 2025

Aan: Het College van Burgemeester en Wethouders van Sittard-Geleen Postbus 18 6130 AA Sittard Geachte College van Burgemeester en Wethouders,

Hierbij biedt het bestuur van de Wmo-raad Sittard-Geleen u het advies aan met betrekking tot het “Beleidskader Wmo-Toezicht Kwaliteit en Rechtmatigheid”. Het betreft hier een advies dat in samenwerking tussen de Wmo-raad Sittard-Geleen, de Adviesraad Sociaal Domein Beek en de Adviesraad Sociaal Domein Stein is opgesteld. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Namens de Wmo-raad Sittard-Geleen, A.J.J.L. de Rouw Voorzitter a.i.

Pagina 1 van 15

Het adviesverzoek In maart 2025 ontvingen de Adviesraden van Sittard-Geleen, Beek en Stein, hierna te noemen ‘Adviesraden’ het verzoek van de respectievelijke gemeenten, om voor bovengenoemde concept-Beleidskader uiterlijk 21 april 2025 een gezamenlijk advies uit te brengen. De Adviesraden komen aan dat verzoek tegemoet. Inleiding advies Gelet op de IGJ-rapporten9 van de afgelopen jaren zijn er zorgen over de wijze waarop het lokale toezicht op de Wmo is vormgegeven. Het is niet overal stevig genoeg ingevuld en het tempo waarin gemeenten het Wmo-toezicht ontwikkelen is onvoldoende, met als gevolg dat de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning in het geding komt of frauduleus handelen in de hand wordt gewerkt, aldus het VWSVNG Beleidskader1 en de voortgangsbrief3. De gemeente Sittard-Geleen was naar eigen zeggen al op weg met calamiteiten- en rechtmatigheidstoezicht en pakt nu ook de handschoen op voor het kwaliteitstoezicht, samen met de gemeente Beek en Stein. Wat valt ons op?  De gemeenten Beek en Stein sluiten bij de gemeente Sittard-Geleen beleidsmatig aan.  De gemeenten stellen ieder afzonderlijk dit beleidskader vast, maar geven hier gezamenlijk uitvoering aan.  De colleges van B&W van Beek en Stein mandateren Sittard-Geleen voor de bevoegdheid om onafhankelijk Wmo-toezicht uit te voeren.

 De drie gemeenten gaan het Wmo-toezicht (kwaliteit en rechtmatigheid) intern organiseren.  De wetgever laat de invulling van het Wmo-toezicht vrij.  Het beleidskader voldoet aan het gestelde van de Wmo 2015.  Met het beleidskader wordt voorgesorteerd op eventuele wetswijzigingen om het Wmo-toezicht steviger te verankeren.  De gemeenten hebben de ambitie om het Wmo-toezicht de komende jaren verder te ontwikkelen en professionaliseren.  Er volgt nog een inrichtings- c.q. uitvoeringsplan en een handhavingskader.  De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd IGJ onderzoekt jaarlijks hoe gemeenten het Wmo-toezicht uitvoeren en rapporteert de uitkomsten aan de minister.  De soorten toezichthouders en soorten toezicht zijn niet overzichtelijk en zijn niet voorzien van kwantiteit.

Pagina 2 van 15

1. Pagina 3, Alinea 1 en 3 Het Wmo-toezicht bestaat in de huidige uitvoeringspraktijk uit drie onderdelen: - Calamiteitentoezicht; - Kwaliteitstoezicht; - Rechtmatigheidstoezicht. Dit beleidskader is uitsluitend bedoeld voor kwaliteitstoezicht en rechtmatigheidstoezicht. Het calamiteitentoezicht is belegd bij GGD-Limburg en wordt in dit beleidskader niet besproken. De gemeenten zien toezicht op kwaliteit en rechtmatigheid in samenhang met elkaar. Een voorbeeld daarvan is dat in de praktijk in de gevallen waar onrechtmatigheid wordt geconstateerd vaak ook sprake is van een gebrek aan kwaliteit. ► Vraag: Het is niet duidelijk waarom de toezichtlast voor zorgaanbieders zou verminderen en waarom dat een issue is voor het Wmo-toezicht. Deze zin komt ook weer voor bij 3.2 van het beleidskader.

2.

Pagina 3, Alinea 4 Proactief en reactief toezicht In deze alinea is sprake van diverse vormen van toezicht: Soort toezicht Inhoud Reactief toezicht Proactief toezicht Risico-gebaseerd en thematisch toezicht Structureel toezicht Preventief toezicht ‘aan de voorkant’

Naar aanleiding van calamiteiten of signalen. Zonder directe aanleiding. Vroegtijdig voorkomen en signaleren van misstanden en knelpunten. Volgt uit risicoanalyses, op basis van risicoprofielen, cliëntervaringsonderzoeken en bedrijfsvoering informatie. o.a. periodieke steekproeven ZIN en pgb’s. o.a. screening toetredende zorgaanbieders hoofd- en onderaannemers)

Uitvoering door GGD Wmo-toezicht

Wmo-toezicht

Wmo-toezicht Wmo-toezicht

►Advies: Voeg aan het beleidskader een begrippenlijst toe met alle relevante soorten toezicht en Wmo-toezichthouders.

Pagina 3 van 15

3.

Pagina 5, 1.2 Toezichtcyclus, alinea 1 De gemeenten stellen ieder afzonderlijk dit beleidskader vast, maar geven hier gezamenlijk uitvoering aan. In de inrichtings- en uitvoeringsfase worden de plannen uit de beleidsfase uitgevoerd. ► Advies en vragen:  Maak in het implementatie- c.q. uitvoeringsplan en handhavingskader duidelijk HOE de drie gemeenten met elkaar gaan samenwerken.  Hoe groot (o.a. FTE) wordt de Wmo-toezichtorganisatie? Zijn daar normen voor?  Is de Wmo-toezichtorganisatie al in de begrotingen 2025 opgenomen? Zie ook passage 20.  Zijn er afspraken gemaakt over financiële verdeling van de kosten per gemeente?

4.

Pagina 6, 1.3 Uitwerking beleidskader, alinea 2 Op basis van dit beleidskader stellen de gemeenten een uitvoeringsplan vast met daarin een nadere uitwerking en concretisering van de in het beleidskader vastgestelde uitgangspunten. ► Vraag: Op welke termijn wordt het uitvoeringsplan vastgesteld? De toezichthouders bieden ieder jaar een jaarverslag aan bij het colleges van B&W en de gemeenteraden. ► Advies: De VNG-handreiking6 adviseert om het jaarverslag ook aan de Adviesraden aan te bieden en daarna officieel te publiceren.

5. Pagina 8, 2.1.1 Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, alinea 2 Vooruitlopend op eventuele wetswijzigingen om het Wmo-toezicht steviger te verankeren, hebben de gemeenten nadrukkelijk aandacht voor thema’s als onafhankelijkheid, proactief toezicht en transparantie. ► Het is positief dat de gemeenten alvast voorsorteren op de o.a. in de Hoofdlijnenbrief 4 aangekondigde wetswijziging. 6. Pagina 9, 2.1.4 De gemeentelijke toezichthouders. De Adviesraden lezen in deze alinea dat met uitzondering van het calamiteitentoezicht (GGD) alle ander toezicht Wmo betreffende wordt uitgevoerd door (interne) toezichthoudende ambtenaren die door gemeenten via aanwijzingsbesluiten zijn aangesteld op rechtmatigheid en kwaliteit. ► Advies: Zie passage 11 van dit advies ‘Duidelijkheid over begrip toezichthouder’.

Pagina 4 van 15

7. Pagina 10 en 11, 2.2 Vormen van toezicht Volgens de VNG Handreiking6 wordt onder toezicht verstaan “het verzamelen van informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen, het zich daarna vormen van een oordeel daarover en het eventueel naar aanleiding daarvan interveniëren” De wet onderscheidt twee soorten toezicht: -

Kwaliteit Toezicht op kwaliteit gaat over de naleving van kwaliteitseisen uit wet- en regelgeving. Dit betreft wettelijke kwaliteitseisen, maar ook gemeentelijke beleidsregels en contractuele afspraken met zorgaanbieders. Sittard-Geleen, Beek en Stein verstaan onder toezicht op kwaliteit: toezien dat de zorg die is afgesproken ook wordt geleverd en dat deze zorg passend is (bij de zorgbehoefte van de inwoner en gericht op het versterken van zelfredzaamheid). ► De gemeenten geven een eigen invulling aan kwaliteit en rechtmatigheid. ► Advies: verander de term ‘zorgbehoefte’ in zorgvraag.

-

Rechtmatigheid Rechtmatigheidstoezicht houdt in dat de gemeenten controleren of ontvangen middelen voor ZiN of pgb’s volgens de geldende wetten, regels en procedures worden ingezet (rechtmatig en doelmatig) door zorgaanbieders of inwoners. Het doel is om misbruik, fraude en/of inefficiënt gebruik van publieke middelen te voorkomen of te stoppen. Daarbij richt Wmo-toezicht zich zowel op ZiN als op pgb. In beide gevallen gaat het om zorg en ondersteuning voor inwoners en vinden de gemeenten het belangrijk dat deze zorg passend, kwalitatief, doelmatig en rechtmatig is. Bij ZiN heeft de gemeente een directe contractuele relatie met betrokken zorgaanbieders. In het geval van pgb heeft de gemeente geen directe contractuele relatie met de aanbieder. Waar relevant wordt in dit beleidskader het onderscheid tussen ZiN en pgb genoemd. ► Uit het VWS-VNG Beleidskader1: ”De Wmo-toezichthouder: Toch is het niet vanzelfsprekend om ook de kwaliteit van pgb-ondersteuning te laten toetsen door de Wmo toezichthouder. De kwaliteitseisen uit de Wmo 2015 zijn immers niet rechtstreeks van toepassing, omdat de gemeente geen directe contractrelatie met pgbaanbieders heeft. De gedachte achter het pgb is dat de cliënt zelf de regie voert en zelf verantwoordelijk is voor kwaliteitsafspraken met de pgbaanbieder.

Toch is het mogelijk om toezicht op de kwaliteit van pgbondersteuning uit te oefenen, indien de gemeente expliciet voorwaarden voor pgb-ondersteuning in de verordening heeft opgenomen.”

Pagina 5 van 15

► Advies: De Adviesraden zijn in beginsel geen voorstander van toezicht op kwaliteit bij pgb. Men mag niet tornen aan de keuzevrijheid van de zorgvrager. De Adviesraden zijn wel voorstander van toezicht op doelmatigheid. 8. Pagina 12, alinea 1 De gemeenten onderschrijven de zes principes van goed toezicht uit de rijksbrede visie op toezicht. 1 De zes principes zijn verwerkt in vijf uitgangspunten:

Rijksbrede visie op toezicht - selectief - hoogwaardig - samenwerken - onafhankelijk - transparant - professioneel

Sittard-Geleen, Beek en Stein - werken vanuit de bedoeling - partnerschap - vertrouwen, maar met controle - lerende organisatie - transparantie

► Ook hier geven de gemeenten een eigen invulling aan kwaliteit en rechtmatigheid. ► Advies: de Adviesraden hebben een duidelijke voorkeur voor de zes principes van goed toezicht van de rijksbrede kaderstellende visie op toezicht geoperationaliseerd voor Wmo 2015. Het is niet duidelijk waarom afwijkend gekozen wordt voor vijf nieuwe uitgangspunten. De principes ‘professioneel’ en ‘hoogwaardig’ komen in de nieuwe uitgangspunten niet goed uit de verf. 9. Pagina 12, 3.1.1 Werken vanuit de bedoeling, alinea 2 Het Wmo-toezicht is bovendien zichtbaar en vindbaar: inwoners, zorgaanbieder, gemeentelijke functionarissen en anderen weten waar zij terecht kunnen met signalen. ► Advies: Geef meer duidelijkheid in welke richting de plannen van de gemeente gaan. (Zie ook 5.1 van het beleidskader) Er zijn duidelijke kaders nodig om te bepalen wat verwacht wordt van de Wmo-toezichthouder als deze moet ‘werken vanuit de bedoeling’. 10. Pagina 14, 3.1.5 Transparantie, alinea 1 De gemeenten zijn transparant over de werkwijze rond Wmo-toezicht. Dat wil zeggen dat de gemeenten deze werkwijze op hoofdlijnen zorgvuldig beschrijven en beschikbaar stellen voor inwoners en zorgaanbieders. ►Vraag: Hoe gaan de gemeenten de inwoners informeren over het Wmo-

Pagina 6 van 15

toezicht? Daarbij gaat het niet alleen over resultaten maar ook over HOE het Wmotoezicht in algemene zin wordt uitgeoefend. 11. Over bevoegdheden en positionering van de toezichthouders pag. 15 t/m 17 Duidelijkheid over het begrip ‘Toezichthouder’ Uit de Scope van dit beleidskader (pag. 11, 2.3) blijkt dat het beleidskader een kader biedt voor het inrichten en uitvoeren van de verschillende vormen van het Wmo-toezicht en daaruit volgende handhavingsmaatregelen voor de gemeenten Sittard-Geleen, Beek en Stein. In de Wmo 2015 is sprake van ‘Wmo-toezicht’, ‘personen belast met toezicht’ en ‘toezichthoudende ambtenaren’. In dit beleidskader worden de volgende termen door elkaar en willekeurig gebruikt zonder dat duidelijk is om welke toezichthouder het gaat, GGD of Wmo-toezicht of beide: -

toezicht; Wmo-toezicht; de toezichthouder(s); de toezichthoudende ambtenaar; calamiteitentoezicht; GGD. Advies:

Check, om verwarring te voorkomen, alle toezichttermen en hernoem elk toezicht dat geen calamiteitentoezicht is (belegd bij de GGD) als ‘Wmotoezicht’. Hernoem ‘toezichthouder’ of ‘toezichthoudend ambtenaar’ als Wmotoezichthouder Uit het VWS-VNG in februari Beleidskader:1 ” De Wmo-toezichthouder wordt onafhankelijk en dus ook niethiërarchisch ondergeschikt gepositioneerd van de dienst of het organisatieonderdeel dat verantwoordelijk is voor het opstellen, vaststellen en uitvoeren van het lokale beleid. Dit betekent dat de Wmo-toezichthouder wordt aangesteld door het college van Burgemeester en Wethouders (hierna: college), maar daarna onafhankelijk onderzoek doet en de eigen bevindingen rapporteert. Het toezicht is hierdoor niet ondergeschikt aan de wensen van colleges en/of beleid voor wat betreft de manier waarop toezicht wordt gehouden. De kern is dat de toezichthouder niet ongeoorloofd kan worden beïnvloed binnen de (wettelijk) bepaalde toezichtstaken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden.”

►

 

Pagina 7 van 15

De toezichthouder kan hierbij zowel binnen de gemeente (intern) als extern zijn gepositioneerd. Geef de Wmo-toezichthouders een eigenstandige plek zodat ze als Wmotoezicht onafhankelijk kunnen functioneren. Creëer daarnaast een onafhankelijke onbezoldigde Adviescommissie van oudgedienden met veel praktische kennis van toezicht die kan meekijken en met suggesties kan komen. (Voorbeeld VNG-handreiking)6.

12. Pagina 16, 4.3 Onafhankelijke positionering van de toezichthouders, alinea 2 Om samenwerking en kennisuitwisseling met andere afdelingen te bevorderen zijn de toezichthouders dicht bij de uitvoering gepositioneerd, in het team Zorg van de gemeente Sittard-Geleen. Daarmee vallen zij onder de dagelijkse leiding van de teammanager van team Zorg. ►Advies:  Hernoem ook hier ‘de toezichthouders’ naar ‘Wmo-toezichthouder’.  Zie ook passage 11, ‘Duidelijkheid over het begrip Toezichthouder’ De toezichthouders informeren de teammanager Zorg over mogelijke bestuurlijke gevoeligheden in onderzoeken. (alinea 3) ►Vraag: Waarom is dit nodig?    

Wat wordt bedoeld met informeren? Is dat letterlijk alleen informeren of ook overleg? Wat wordt bedoeld met bestuurlijke gevoeligheden? De Wmo-toezichthouders kunnen onafhankelijk en onpartijdig functioneren en zijn alleen verantwoording verschuldigd aan de colleges van B&W van de drie gemeenten. ► Advies: De communicatie tussen de Wmo-toezichthouders en de Teammanager Zorg dient te allen tijde schriftelijk vastgelegd te worden. ► Advies: De Adviesraden adviseren ter voorkoming van belangenverstrengeling een gedragscode voor het Wmo-toezicht dat o.a. toezicht op familieleden of anderszins bekenden van de Wmo-toezichthouders verbiedt. Toezichthouders zijn ook structureel aanwezig op de locaties van de gemeenten Beek en Stein. (alinea 2) ► Vraag: Zijn dit Wmo-toezichthouders uit Sittard-Geleen of worden ook Wmotoezichthouders aangewezen in Beek en Stein?

Pagina 8 van 15

13. Pagina 17, 4.4 Bepalen van- en rapporteren over onderzoeksactiviteiten. ► 2e alinea, 4e regel een typo ‘prioritieten’ Het college van B&W van Sittard-Geleen wijst toezichthouders aan (conform artikel 6.1 lid 1 Wmo 2015) en geeft hun de bevoegdheid om onafhankelijk toezicht uit te voeren. De colleges van B&W van Beek en Stein mandateren Sittard-Geleen daartoe. Jaarlijks evalueren de drie gemeenten samen het toezicht en kijken zij vooruit. (alinea 1) ► Advies: De Adviesraden vinden het belangrijk dat bij de evaluatiemomenten van dit voorliggende beleidskader nadrukkelijk beoordeeld wordt welke resultaten zijn behaald. ► De Adviesraden attenderen op de voor- en nadelen van samenwerking met andere gemeenten zoals die opgenomen zijn in de VNG-handreiking6. Voordelen:  

Het toezicht blijft relatief dicht bij de gemeenten. Door de schaalgrootte kan het toezicht robuust en professioneel worden ingericht.  Voor aanbieders die in meerdere gemeenten werken is het prettiger omdat zij met minder toezichthouders te maken hebben.  Er kan een goede aansluiting tot stand worden gebracht tussen de verschillende vormen van toezicht (kwaliteit en rechtmatigheid). Nadelen:    

Er ontstaat toch een nieuwe ‘organisatie’ die wellicht wat verder weg komt te staan van de gemeente. Dit hoeft niet maar dan moet het goed worden ingeregeld. Onderlinge aansluiting verschillende vormen van toezicht vraagt om goed ingeregeld te worden. De gemeente kan betrokken zijn bij de hulpverlening en staat mogelijk zelf onder toezicht. Dit vereist een duidelijke onafhankelijke positionering van de Wmo-toezichthouder.

In combinatie met uitbesteding calamiteitentoezicht aan de GGD: Voordelen:  

De gemeente verzorgt het risico-gebaseerd toezicht waardoor het leereffect op dat gebied binnen de gemeente blijft. De GGD is onafhankelijker ten opzichte van de gemeentelijke processen.

Pagina 9 van 15

Toezichthouders van verschillende GGD ’en kunnen elkaar vervangen als de onafhankelijkheid in het geding is.  De GGD heeft al ervaring met toezicht houden zoals toezicht op de kinderopvang en peuterzalen.  Het toezicht wordt regio breed belegd zonder dat je daarvoor een aparte structuur hoeft in te richten. GGD ‘en werken al in 25 regio’s. Nadelen: 

Extra schakel tussen toezichthouders, vereist goede onderlinge samenwerking.  De GGD kan betrokken zijn bij de hulpverlening van bijvoorbeeld een gezin, de GGD is dan niet meer onafhankelijk.  De gemeente is (mede)opdrachtgever van de GGD en dient daarom het toezicht goed te positioneren.  Het ligt niet voor de hand dat de GGD-rechtmatigheidstoezicht doet, dit vergt een extra schakel om samenwerking tot stand te brengen. Daarvoor stellen ze een jaarverslag op etc. …… (alinea 3). ►Advies: Zie ook ons advies bij passage 4 om het jaarverslag ook aan de Adviesraden aan te bieden en daarna officieel te publiceren. 14. Over 5 Organisatie van toezicht pag. 18 t/m 24 Het uitvoeringsplan vertaalt het proces van communiceren, signaleren, analyseren, leren controleren en handhaven naar concrete acties. Pagina 19, 5.1 Communiceren, alinea 1 Gemeenten zorgen voor goed vindbare informatie en afspraken. ►Vraag: Hoe is de vindbaarheid van informatie en afspraken voor inwoners geregeld? Zie ook passage 9 van dit advies. ►Advies: De informatie moet toegankelijk zijn voor iedereen, goed leesbaar en in begrijpelijke taal. 15. Pagina 19 5.2. Signaleren, alinea 1 De gemeenten beschikken over een gezamenlijk meldpunt waar inwoners, zorgaanbieders en anderen melding kunnen maken van (vermoedens van) misstanden of van zaken die juist goed gaan. Dit meldpunt wordt doorontwikkeld.

Daarnaast is er een landelijk meldpunt (IKZ). Het is belangrijk om signalen uit verschillende bronnen te verzamelen, samen te brengen en gezamenlijk te analyseren. ►Vraag: Het gezamenlijk meldpunt wordt doorontwikkeld. Wat wordt daarmee bedoeld? ►Advies: De Adviesraden zijn van mening dat een onafhankelijke (regionale)

Pagina 10 van 15

Ombudsfunctionaris voor de burgers van toegevoegde waarde zou zijn bij het signaleren van misstanden. 16. Pagina 20, 5.3.1 Proactief toezicht, alinea 1 De gemeenten onderzoeken de mogelijkheid om een dashboard met sturingsinformatie te ontwikkelen, waarin bijvoorbeeld declaratiegedrag en cliëntenaantallen per aanbieder zichtbaar zijn, maar waarin ook signalen en trends gebundeld kunnen worden, om risico’s en verdachte afwijkingen vroegtijdig te signaleren. ►Advies: Met de Toeslagenaffaire vers in ons geheugen attenderen de Adviesraden op de mogelijke risico’s bij het gebruik van sturingsinformatie en algoritmes die kunnen leiden tot schendingen van privacy, discriminatie etc. Het beleidskader voorziet niet in maatregelen die bovenmatige controles als gevolg van profilering verbieden. Men moet voorkomen dat risicogebaseerd toezicht gaat leiden tot ongewenste profilering van doelgroepen. Als daar regels voor zijn dan horen deze in dit beleidskader te worden genoemd. Het is een taak van het Wmotoezicht ook hierop toe te zien. 17. Pagina 21, 5.4.2 Handhaven: verbeteren en sanctioneren. De colleges kunnen beargumenteerd afwijken van het handhavingsadvies van toezichthouders. Uit het VWS-VNG Beleidskader1: De gemeente dient zorg te dragen voor een kenbaar handhavingsbeleid, om te borgen dat Wmo-toezicht ook navolging kan krijgen en alle betrokkenen weten wat ze kunnen verwachten.

►Advies: Leg in het beleidsplan vast dat als een college het nodig acht af te wijken van het handhavingsadvies van de Wmo-toezichthouder, om welke reden dan ook, deze beslissing (zonder opgave van redenen) als zodanig wordt vermeld in het jaarverslag van de Wmo-toezichthouder. Aanvullende adviezen en aanbevelingen 18. Eisen aan professionaliteit van de Wmo-toezichthouder Uit het VWS-VNG Beleidskader1: Voor de Wmo-toezichthouder wordt een opleiding- en trainingsprogramma ingericht. Het doel hiervan is om de kennis, kunde en vaardigheid van de toezichthouder te borgen. Voor professionaliteit is het immers noodzakelijk dat kennis en vaardigheid op peil zijn en worden gehouden. Dit heeft betrekking op opleiding, maar ook op het verkrijgen en delen van kennis en ervaring. Het betekent ook dat de toezichthoudende organisatie de blik niet alleen richt op de eigen organisatie en de opdrachtgever, maar op alle stakeholders die in het kader van toezicht relevant

Pagina 11 van 15

kunnen zijn. Dat zijn onder meer de aanbieders, verzekeraars en andere gemeenten of GGD-en. Om het werk professioneel uit te kunnen oefenen moet er een werkbare verhouding zijn tussen een helder kader, voldoende financiële middelen en voldoende personeel. Uit de voortgangsbrief 3: De persoon die de functie van Wmo-toezichthouder bekleedt kan naast deze functie geen andere functies namens of in dienst van de gemeenten bekleden die niet verenigbaar zijn met het toezichthouderschap. ►Advies: De Adviesraden adviseren deze onderwerpen, opleiding en de dubbelefunctiescheiding aan het beleidskader toe te voegen. De hier bedoelde dubbelefunctiescheiding is niet hetzelfde als de functionele scheiding als beschreven in 4.3 pagina 17 van het Beleidskader. 19.

Wmo-toezicht ‘in eigen huis’ en de samenwerking met drie gemeenten

Dit beleidskader gaat ervan uit dat het Wmo-toezicht door (gemeente)ambtenaren wordt uitgevoerd. Niet duidelijk is van welke gemeente. Uit Bijlage 1 verbetermaatregelen Wmo-toezicht2: De uitvoering van het toezicht moet zoveel mogelijk buiten de directie invloedssfeer van het college (lees de drie colleges) van B&W worden georganiseerd, zowel wanneer het toezicht via een gemeenschappelijke regeling wordt ingericht als wanneer het toezicht lokaal bij een gemeente wordt gepositioneerd (lees SittardGeleen). Met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties worden concrete waarborgen verkend en uitgewerkt, indien passend worden deze waarborgen opgenomen in de Wmo 2015. De keuzes en de onderbouwing van de organisatie en inrichting van het Wmotoezicht en de daarbij passende (bovengemeentelijke) samenwerking wordt opgenomen als wettelijke verplicht onderdeel van het beleidsplan dat gemeenten in het kader van Wmo 2015 moeten opstellen. ►Advies: Wij vragen ons af waarom de gemeenten zich de vrijheid nemen te kiezen voor Wmo- toezichthouders uit de eigen organisatie. De schijn van belangenverstrengeling is reëel aanwezig. Voor de burgers is dit niet goed te verklaren. Door het Wmo-toezicht extern te leggen c.q. bovengemeentelijk te organiseren kan de vrijblijvendheid die uit het kader spreekt grotendeels weggenomen worden.

Pagina 12 van 15

Specifiek per gemeente 20. SITTARD-GELEEN: Wmo-toezicht in de begroting 2025 In de begroting Sittard-Geleen 202511 is niets opgenomen over Wmo-toezicht, althans niet traceerbaar voor de Wmo-raad. Het woord ‘Toezicht’ komt vaak voor in de begroting maar wordt slechts éénmaal genoemd in verband met Wmo namelijk bij GGD-toezicht op kwaliteit Wmo. Verder zijn er geen vermeldingen in het kader van Wmo-toezicht. ►Vraag: De Wmo-raad plaatst vraagtekens bij de organisatie van het huidige Wmo-toezicht en vraagt zich af hoe de gemeente Sittard-Geleen in 2025 een adequate en gedegen nieuwe/uitgebreidere Wmo-toezichtorganisatie kan neerzetten zonder een financiële begroting? 21. SITTARD-GELEEN: Klachten, medezeggenschap van cliënten bij aanbieders en betrekken van ingezetenen bij het beleid. In artikel 29 t/m 31 van de Wmo-verordening 202510 is opgenomen dat het college een aantal instrumenten ter beschikking heeft die het kan inzetten om te zorgen dat de verplichting tot medezeggenschap van cliënten bij aanbieders wordt uitgevoerd (toezicht op naleving). Bovendien ziet het college toe op naleving van de klachteneisen en dat inwoners betrokken worden bij het beleid. ►Advies: De Wmo-raad adviseert deze drie onderwerpen mee te nemen in het Wmo-toezicht en het beleidskader. 22.

SITTARD-GELEEN: Huidig toezicht In dit beleidskader wordt aangehaald dat het calamiteitentoezicht wordt belegd door GGD en dat er reeds toezicht plaatsvindt op rechtmatigheid. ►Vraag: Het is de Wmo-raad niet bekend hoe het Wmo-toezicht op rechtmatigheid thans geschiedt. Wie doet dat Wmo-toezicht? Welke personen zijn daarvoor aangewezen? Zijn jaarverslagen beschikbaar, enz. Wij weten niet hoe het toezicht nu georganiseerd is. Wat we wel weten is dat op 1 november 2023 een ‘algemene’ verordening is ingegaan (niet specifiek voor Wmo ) nl. de ‘Verordening onderzoeken doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid beleid en bestuur Sittard-Geleen’. ►Advies: De Wmo-raad adviseert in dit Beleidskader c.q. begeleidende notitie duidelijk aan te geven in hoeverre voornoemde verordening uit 2023 invloed heeft op het Wmo-toezicht. Verder zou het de duidelijkheid ten goede komen als dit beleidskader zou beginnen met een kort historisch perspectief van het toezichtbeleid sinds 2015 om daarna pas voort te borduren op de uitbreiding van het toezicht naar kwaliteit.

Pagina 13 van 15

23. BEEK: Samenhang leveranciersmanagement en contractmanagement Naast het WMO-toezicht is er binnen de Westelijke Mijnstreek ook nog sprake van leveranciersmanagement en contractmanagement. Deze twee functies staan natuurlijk in nauw verband met het toezicht. ►Advies: Wij vinden het raadzaam om in het beleidskader in te gaan op het verband en de samenhang tussen deze onderdelen. 24. STEIN: Financiële middelen Onduidelijk is waarom er tot op heden geen gedegen toezicht is geregeld. Nu er vanuit Den Haag gewijzigde wetgeving is aangekondigd komt er ‘opeens’ schot in. Positief is dat het belang niet meer onderschat wordt en er werk van gemaakt wordt. ►Advies: Stel daarvoor ook de benodigde financiële middelen beschikbaar. 25. STEIN: Jaarplannen Volgens het beleidskader zijn toezichthouders onafhankelijk in wat en wie ze onderzoeken. De prioriteiten en onderzoeksactiviteiten leggen ze vast in een jaarplan. ►Vraag: Hoe worden prioriteiten bepaald bij een tekort aan capaciteit? Na afronding van de jaarplannen worden deze ter kennisname gedeeld met de betrokken teammanagers en portefeuillehouders van Sittard-Geleen, Beek en Stein. ►Vraag: Worden de jaarplannen ook openbaar gemaakt? Dat is niet helemaal duidelijk.

Tot slot Het is in het belang van de burgers dat de gezamenlijke adviesraden op de evaluatiemomenten alsmede bij het uitbrengen van de jaarplannen en jaarverslagen door de gemeenten tijdig en inhoudelijk worden geïnformeerd. Sittard, Beek en Stein, 15 april 2025 Wmo-raad Sittard-Geleen Adviesraad Sociaal Domein Beek Adviesraad Sociaal Domein Stein Geraadpleegde bronnen: 1. Bestuurlijk overleg VWS-VNG 15 februari 2023 inzake Beleidskader Wmo-toezichtkwaliteitstoezicht. 2. Bestuurlijk overleg VWS-VNG 15 februari 2023 inzake Beleidskader Wmo-toezichtkwaliteitstoezicht Bijlage 1 verbetermaatregelen Wmo-toezicht 3. Voortgangsbrief 8 mei 2023 Wmo 2025 Staatssecretaris VWS, passage 1. Wmotoezicht 4 Hoofdlijnenbrief Maeijers 20 december 2024, passage 1.2 Wmo-toezicht

Pagina 14 van 15

5 Presentatie(sheets) van Significant 6. VNG Handreiking voor gemeenten/Inrichting van het Wmo-toezicht 7. VNG Wettelijke kaders toezicht Wmo 2015 en Jeugdwet 8. Beleidsreactie 17 januari 2024 VWS rapport IGJ over de kwaliteit van het Wmotoezicht in 2022 9. Rapport IGJ Wmo-toezicht 2022, januari 2024 10. Wmo-verordening Sittard-Geleen 2025 11. Begroting Sittard-Geleen 2025 12. Verordening onderzoeken doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid beleid en bestuur Sittard-Geleen 2023

Pagina 15 van 15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=eaa09ada-9786-4dfe-a1b3-658515dbe13f