CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

1b Overzicht wijzigingsvoorstellen

Raad 5 oktober 2023, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Wijziging GR KBL (Buhler)9.617 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Huidig info Hoofdstuk 1: begripsbepalingen begripsbepalingen

artikel lid

sub

1.

a. b.

c. d. e. f. g. h. i. 2.

Hoofdstuk 2: Het rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam 2.

Hoofdstuk 3: Het doel en de taken 3.

1. a

b

c 2 a

b c 3

Hoofdstuk 4 het bestuur

§ 1 Het algemeen bestuur 4

1

2

3

4

5

1

2 3

4

5

6

7

6

1

2

7 8

§ 2 Het dagelijks bestuur

9

1.

2.

3.

4.

5.

6.

10.

1. 2. 3.

§ 3 De voorzitter

11

1.

2.

3.

§ 4 De commissies

12.

1.

2.

3.

a. b. c. d. e.

13.

§ 5 Vergoedingen

14.

§ 6 De secretaris, overige 15 directieleden en het overig personeel

1.

2. 3. 4. 5. 6.

16

17.

1.

2.

Hoofdstuk 5 De bevoegdheden en taken van het bestuur

18

§ 1 Het algemeen bestuur 19

1. 2.

§ 2 Het dagelijks bestuur

20 a. a. b. c. d. e.

f.

§ 3 De voorzitter

21

1. 2.

3.

§ 4 De commissie Financien

22.

Hoofdstuk 6 Inlichtingen en verantwoording 23.

24

1. 2.

3.

4.

5.

25.

1.

2.

26.

1.

2.

3.

Hoofdstuk 7 De administratie 27.

1.

28.

1. 2.

3.

4.

5.

6.

29.

1.

2.

30

1. 2.

3.

4.

5. a.

b.

6. 7.

31.

1.

2. 3. 4.

32.

33.

1.

2.

3.

4.

5.

Hooofdstuk 8: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing 34.

1.

2. 3.

35.

1.

2.

3.

36.

1.

2.

37.

1.

2.

3.

4.

Hoofdstuk 9: Slotbepalingen 38

39.

1.

2.

40.

1. 2.

Huidige tekst

In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:

de wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen; de regeling: deze gemeenschappelijke regeling;

Kredietbank Limburg: het rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam Kredietbank Limburg; de gemeente(n): de aan de regeling deelnemende gemeente(n); gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van Limburg; het bestuur: ieder bevoegd orgaan van Kredietbank Limburg; het algemeen bestuur: het algemeen bestuur van Kredietbank Limburg; het dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van Kredietbank Limburg; de voorzitter: de voorzitter van Kredietbank Limburg. Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of enige andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, worden in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders, de burgemeester en de secretaris onderscheidenlijk gelezen: Kredietbank Limburg, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de voorzitter en de secretaris van Kredietbank Limburg.

Er is een openbaar lichaam, genaamd ‘Kredietbank Limburg’. Het is gevestigd te Geleen, gemeente Sittard-Geleen.

De regeling heeft tot doel: hulp te verlenen aan burgers die door hun schuldenlast in maatschappelijke problemen zijn of kunnen komen, door middel van schuldhulpverlening; hulp te verlenen aan burgers die zelf niet in staat zijn hun financiële zaken te behartigen, hetzij door middel van budgetbeheer, hetzij door middel van beschermingsbewind; het op een verantwoorde wijze voorzien in de behoefte aan krediet, door middel van socialekredietverlening. Kredietbank Limburg tracht de in het eerste lid genoemde doelen te bereiken door: het verrichten van hulpverlenende, bemiddelende, sanerende en voorlichtende werkzaamheden;

Nieuw

het op een maatschappelijk verantwoorde wijze verstrekken van geldleningen; het verrichten van alle handelingen die met de doelstellingen verband houden of daarvoorbevorderlijk kunnen zijn. Kredietbank Limburg verricht de werkzaamheden ten behoeve van de deelnemende gemeentenen andere Limburgse gemeenten. Alvorens diensten te verrichten maakt Kredietbank Limburgmet de betreffende gemeente afspraken over de kwantiteit en kwaliteit van de te leveren dienstenen de vergoeding die hiertegenover staat.

De leden van het algemeen bestuur worden aangewezen door de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten. Elke gemeente wijst één lid aan per elke 45.000 inwoners of eengedeelte daarvan. Tevens kunnen gemeenten plaatsvervangende leden van het algemeen bestuuraanwijzen.

Als lid van het algemeen bestuur kunnen slechts worden aangewezen leden van het college van burgemeester en wethouders van de gemeenten. Ook het plaatsvervangende lid kan slechtsworden aangewezen uit het college. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaar door of vanwege Kredietbank Limburg of één der gemeenten aangesteld of daaraan ondergeschikt. Voor de vaststelling van het aantal inwoners wordt uitgegaan van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers per 1 januari van het jaar voorafgaand aan dat waarin de zittingsperiode van het algemeen bestuur aanvangt.

De leden van het algemeen bestuur worden benoemd voor een periode van vier jaar.

Zij treden af op het tijdstip, waarop de zittingsperiode van de colleges van burgemeester en wethouders afloopt. De colleges van burgemeester en wethouders wijzen binnen vier weken na de aanvang van de zittingsperiode van de nieuwe colleges van burgemeester en wethouders opnieuw de leden aan van het algemeen bestuur. Aftredende leden kunnen met inachtneming van het bepaalde in artikel 4 lid 2 van de regeling opnieuw als lid worden aangewezen.

De leden van het algemeen bestuur, aftredende ingevolge het bepaalde in het tweede lid, blijven als zodanig fungeren totdat door de colleges van burgemeester en wethouders opnieuw de leden van het algemeen bestuur zijn aangewezen. In de vergaderingen van het algemeen bestuur kunnen gedurende het in de vorige volzin bedoelde tijdvak geen besluiten worden genomen over het vaststellen van de begroting, het vaststellen van de rekening, alsmede over het wijzigen of opheffen van de regeling. Het verlies van de kwaliteit van burgemeester of wethouder binnen de betreffende deelnemende gemeente doet het lidmaatschap van het algemeen bestuur van rechtswege ophouden. Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijst het college van burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente binnen vier weken een nieuw lid aan. Van elke aanwijzing tot lid van het algemeen bestuur geven burgemeester en wethouders van de gemeente die het aangaat, onverwijld kennis aan de voorzitter. Het algemeen bestuur vergadert jaarlijks tenminste twee maal en voorts zo dikwijls als de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig acht en voorts indien ten minste een vijfde van het aantal leden waaruit het algemeen bestuur bestaat schriftelijk, met opgave van redenen, daarom verzoekt. Elk lid van het algemeen bestuur heeft in de vergadering één stem.

De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar. Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. Het reglement van orde wordt aan gedeputeerde staten en aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten medegedeeld. Het dagelijks bestuur bestaat uit: de voorzitter en ten hoogste 5 leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen, met dien verstande dat geen van de gemeenten op deze wijze met meer dan één lid is vertegenwoordigd, en de leden van het dagelijks bestuur nimmer de meerderheid van het algemeen bestuur mogen uitmaken. Het verlies van het lidmaatschap van het algemeen bestuur doet het lidmaatschap van het dagelijks bestuur van rechtswege ophouden. De leden van het dagelijks bestuur zijn lid van het college van burgemeester en wethouders in de gemeentedie zij vertegenwoordigen. Indien naar het oordeel van het algemeen bestuur vanwege de bijzondere deskundigheid zulks wenselijk is, kan in afwijking van het gestelde in lid 1 dat de leden van het dagelijks bestuur uit het algemeen bestuur worden aangewezen, het algemeen bestuur ten hoogste twee leden vanhet dagelijks bestuur benoemen buiten de kring van het algemeen bestuur. Dit lidmaatschap vanhet dagelijks bestuur is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaar door of vanwege Kredietbank Limburg of één der gemeenten aangesteld of daaraan ondergeschikt.

Het algemeen bestuur benoemt zo spoedig mogelijk na de aanvang van elke nieuwe zittingsperi-ode de voorzitter en de leden van het dagelijks bestuur. Het verlies van de kwaliteit van burgemeester of wethouder binnen de betreffende deelnemende gemeente doet het lidmaatschap van het dagelijks bestuur van rechtswege ophouden. De door het algemeen bestuur benoemde leden van het dagelijks bestuur treden als lid van het bestuur af op de dag waarop de zittingsperiode van de leden van het algemeen bestuur afloopt. Zij zijn dadelijk weer herkiesbaar. De leden van het dagelijks bestuur, aftredend in gevolge het bepaalde in het vorige lid, blijven als lid van het dagelijks bestuur fungeren totdat nieuw benoemde leden hun benoeming hebben aanvaard, tenzij het algemeen bestuur anders beslist. Indien tussentijds de plaats van een lid van het dagelijks bestuur vacant komt, benoemt het algemeen bestuur in de eerstvolgende vergadering een nieuw lid. Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter of twee leden dit nodig oordelen. De artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem. Het algemeen bestuur benoemt een voorzitter, die tevens lid is van het college van burgemeesteren wethouders van een der gemeenten.

De voorzitter van het algemeen bestuur is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur.

Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter wordt hij vervangen door een lid, door en uithet algemeen bestuur aan te wijzen.

Het algemeen bestuur stelt een commissie in, die het algemeen en dagelijks bestuur en de voorzitter, gevraagd en ongevraagd adviseert over al wat de financiën van Kredietbank Limburg betreft.De commissie is bevoegd haar adviezen ter kennis van de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten te brengen Het algemeen bestuur benoemt, uit het dagelijks bestuur, de voorzitter van de commissie financiën. Het secretariaat van de commissie is opgedragen aan de directie. De directie is in de vergaderingen van de commissie aanwezig en heeft daarin een raadgevende stem. Het dagelijks bestuur benoemt de gewone leden van de commissie financiën. Bij samenstellingvan de commissie wordt als uitgangspunt genomen, dat er in de commissie ruime deskundigheidaanwezig moet zijn op de navolgende gebieden: financieel-bancair gebied; juridisch gebied; overheidsfinanciën; de inrichting en het beheer van de financiële administratie; treasury.

Het lidmaatschap van de commissie financiën is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaardoor of vanwege Kredietbank Limburg aangesteld of daaraan ondergeschikt.

Het algemeen bestuur kan besluiten andere commissies met adviserende bevoegdheden in te stellen. Het stelt alsdan een reglement van orde vast, regelende de samenstelling en werkwijze van deze commissies. De leden van het algemeen bestuur, van het dagelijks bestuur, de commissies en de voorzitter kunneneen tegemoetkoming in de kosten en – voor zover zij niet de functie van burgemeester, wethouder ofgemeentesecretaris vervullen – een vergoeding voor hun werkzaamheden ontvangen. Het algemeen bestuur stelt de bedragen van de vergoeding en de tegemoetkoming op jaarbasis vast en brengt dezeter kennis van de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten. Met de dagelijkse leiding van Kredietbank Limburg is belast een secretaris, die benoemd, geschorsten ontslagen wordt door het dagelijks bestuur. Voor zover dat in het zakelijk verkeer dienstig is,voert de secretaris de titel van algemeen directeur. Voor hem stelt het dagelijks bestuur een instructie vast, waarin tevens zijn vervanging is geregeld. Hij heeft de leiding van en verantwoordelijkheid voor het functioneren van het ambtelijk apparaaten de daarin werkzame personen. De secretaris staat het algemeen en dagelijks bestuur, de voorzitter en de commissie als bedoeldin artikel 12 bij de uitvoering van hun taak ter zijde.

Hij is in de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur aanwezig en heeft daarin een raadgevende stem. Hij is secretaris van het algemeen en dagelijks bestuur. Door hem worden alle stukken, die vanhet algemeen en dagelijks bestuur uitgaan, mede ondertekend. De directie kan naast de secretaris/algemeen directeur ook nog bestaan uit door het dagelijks bestuurte benoemen overige directieleden. Het dagelijks bestuur regelt de bezoldiging van de secretaris, de eventuele overige directieleden en van de overige ambtenaren van Kredietbank Limburg, alsmede van het personeel, werkzaam op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht. Het dagelijks bestuur regelt de rechtspositie van de secretaris, de eventuele overige directieledenen van het overige personeel van Kredietbank Limburg, met dien verstande dat op hen van toepassing zijn de rechtspositie en de overige arbeidsvoorwaarden, geldend voor het personeel vande gemeente Maastricht, tenzij door het dagelijks bestuur anders wordt bepaald.

Aan het bestuur worden ten behoeve van de behartiging van de in artikel 3 lid 2 van de regeling vermelde taken dezelfde bevoegdheden overgedragen, welke de gemeentebesturen ter zake hebben.

Aan het algemeen bestuur behoort alle bevoegdheid, die niet bij of krachtens de regeling is opgedragen aan het dagelijks bestuur of aan de voorzitter. Het algemeen bestuur kan besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raden van degemeenten een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen enbedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen.

Het dagelijks bestuur is bevoegd: het dagelijks bestuur van Kredietbank Limburg te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet het algemeen bestuur hiermee is belast; beslissingen van het algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren; regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van Kredietbank Limburg; ambtenaren te benoemen, te schorsen en te ontslaan; tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van Kredietbank Limburg te besluiten, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 19, tweede lid; te besluiten namens Kredietbank Limburg, het dagelijks bestuur of het algemeen bestuur rechts-gedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen tervoorbereiding daarop te verrichten, tenzij het algemeen bestuur, voor zover het algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist; tot het nemen van alle conservatoire maatregelen en het doen wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit.

De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur. Hij is belast met de uitvoering van de besluiten van het dagelijks bestuur.

De voorzitter vertegenwoordigt Kredietbank Limburg in en buiten rechte. Hij kan de vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde opdragen.

Vervallen.

Vervallen.

De besturen van de gemeenten verstrekken op verzoek van het algemeen of dagelijks bestuur de benodigde inlichtingen en geven de medewerking, die voor de vervulling van de taken van KredietbankLimburg nodig is. Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. Het dagelijks bestuur geeft het algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Deze informatie wordt verstrekt tijdens de vergaderingen van het algemeen bestuur en van door dit orgaan ingestelde commissies. Het dagelijks bestuur geeft voorts het algemeen bestuur, wanneer dit bestuur of een of meer leden daarvan hierom verzoeken, alle gevraagde inlichtingen. Deze inlichtingen worden, behoudens strijdigheid met het algemeen belang, zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen twee maanden in een vergadering van het algemeen bestuur of schriftelijk verstrekt. Het algemeen bestuur kan besluiten een lid van het dagelijks bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit. Op het ontslagbesluit is artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.

De rechter treedt niet in de beoordeling van de gronden waarop het algemeen bestuur tot ontslag van een lid van het dagelijks bestuur heeft besloten. De leden 1 tot en met 4 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur.

Het algemeen en dagelijks bestuur alsmede de voorzitter verstrekken aan de raden van de gemeenten de door een of meer leden van die raden gevraagde inlichtingen schriftelijk en zo spoedig mogelijk, voor zover dat niet strijdig is met het algemeen belang.

Een lid van het algemeen bestuur verschaft het college van burgemeester en wethouders, alsmede de raad van zijn gemeente alle inlichtingen, die door deze raad en/of dit college, of een of meerleden daarvan, worden verlangd. Deze inlichtingen worden, behoudens strijdigheid met het algemeen belang, zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen twee maanden verstrekt. Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording verschuldigd voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid aan het college van burgemeester en wethouders die hem als lid heeft aangewezen, alsmede aan de raad van zijn gemeente waaruit hij afkomstig is voor zover zulks niet is strijd is met het algemeen belang. Het college, dat een vertegenwoordiger in het algemeen bestuur heeft aangewezen, heeft de bevoegdheid dit door hem aangewezen lid te ontslaan, indien dit lid het vertrouwen van het college niet meer bezit.

Het algemeen bestuur stelt voorschriften vast met betrekking tot de inrichting van de financiële administratie, het geldelijk beheer en de boekhouding van Kredietbank Limburg. Het dagelijks bestuur maakt jaarlijks een ontwerpbegroting van inkomsten en uitgaven op, welkevoorzien is van een toelichting. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting uiterlijk op 15 april van het jaar voorafgaande aan het jaar, waarop de begroting betrekking heeft, toe aan de raden van de gemeenten, die vervolgens binnen acht weken na ontvangst ter zake het dagelijks bestuur van hun zienswijzen kunnen doen blijken; een en ander overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 van de wet. Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval vóór 1 augustus van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, met alle bijbehorende stukken aan de gemeenten en gedeputeerde staten. Het dagelijks bestuur informeert het algemeen bestuur ten minste twee maal per begrotingsjaar door middel van tussentijdse rapportages over de realisatie van de begroting van het openbaar lichaam.

Indien noodzakelijk naar aanleiding van de in het vierde lid bedoelde rapportages, doet het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur een voorstel tot begrotingswijziging. Het bepaalde in het tweede en derde lid is niet van toepassing op besluiten tot wijziging van debegroting, welke niet leiden tot verhoging van de gemeentelijke bijdragen als bedoeld in artikel 30, vierde lid.

Er is een afzonderlijke rekening ‘risicofonds’. Van de opbrengst lenersvergoedingen zal door het algemeen bestuur jaarlijks een percentage worden vastgesteld voor de reservering ten gunste van het ‘risicofonds’. Ten laste van deze rekening worden gebracht de door de bank geleden verliezen wegens door het algemeen bestuur vast te stellen afschrijving op de geldleningen. De directie verstrekt binnen een maand na afloop van ieder kalenderkwartaal aan het dagelijks bestuur een totaaloverzicht van de stand van de uitstaande leningen. Daarbij wordt aangegeven, met vermelding der redenen, welke posten als oninbaar moeten worden beschouwd en in aanmerking komen voor afschrijving ten laste van de rekening ‘risicofonds’. Het batig saldo van de verlies- en winstrekening van de bank wordt op de in artikel 29 bedoelderekening ‘risicofonds’ geboekt. Bedraagt het saldo van de rekening ‘risicofonds’ vóór de in lid 1 bedoelde bijboeking meer dan een door het algemeen bestuur vast te stellen percentage van het uitstaand kapitaal, dan wordt het batig saldo in lid 1 bedoeld geboekt op een afzonderlijke reserverekening. Indien en voor zover de in het vorig lid bedoelde reserverekening een door het algemeen bestuur te bepalen bedrag overschrijdt, wordt het batig saldo in lid 1 bedoeld uitgekeerd aan de gemeenten op de basis, vermeld in lid 5.

Een eventueel tekort volgens de verlies- en winstrekening van de bank wordt, voor zover het niet van de in lid 2 bedoelde reserverekening kan worden afgeschreven, door de gemeenten vergoed. Door de gemeenten wordt in de vergoeding, in het vorige lid bedoeld, bijgedragen als volgt: in de helft van het totaal te vergoeden bedrag naar verhouding van het bevolkingscijfer vanelke gemeente tot het totale bevolkingscijfer van alle deelnemende gemeenten. Artikel 4 lid 4 is overeenkomstig van toepassing. in de overige helft naar verhouding van het totaalbedrag van de aan de inwoners van elkegemeente in het jaar, waarop de vergoeding betrekking heeft, uitstaande kredieten, tot het totaalbedrag van de aan de inwoners van alle gemeenten gedurende hetzelfde jaar uitstaande kredieten, beiden per 1 januari van dat jaar. De gemeenten betalen de in lid 5 bedoelde bijdrage binnen 3 maanden na vaststelling van de rekening, als bedoeld in artikel 31 lid 2. Bij niet-tijdige betaling van de in lid 6 bedoelde bijdrage zal rente verschuldigd zijn gelijk aan de debetrente in rekening-courant, die de N.V. Bank voor Nederlandse Gemeenten alsdan aan zijnrelaties in rekening brengt.

Het dagelijks bestuur legt aan het algemeen bestuur over elk begrotingsjaar verantwoording afover het door hem gevoerde bestuur, onder overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag. Het dagelijks bestuur voegt daarbij de accountantsverklaring. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgend op het begrotingsjaar. De jaarrekening betreft alle baten en lasten van Kredietbank Limburg. De vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge behoudens later inrechte gebleken onregelmatigheden. Het dagelijks bestuur zendt vóór 15 april van het jaar volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, de voorlopige jaarrekening aan de raden van de gemeenten. Het dagelijks bestuurzendt de jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, doch in elk geval vóór 15 juli van hetjaar volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, met alle bijbehorende stukkenaan de gemeenten en gedeputeerde staten. De gemeenten waarborgen de betaling van rente, aflossing en kosten voor de door Kredietbank Limburgaangegane geldleningen en op te nemen gelden in rekening-courant, onder het doen van afstand vande voorrechten, die het Burgerlijk Wetboek borgen toekent, zulks in verhouding tot het inwonertal vanelk van de gemeenten. Artikel 4 lid 4 is overeenkomstig van toepassing.

De bepalingen van de Archiefwet 1995 en de daaruit voortvloeiende uitvoeringsvoorschriften, voor zover deze betrekking hebben op de archiefbescheiden van de gemeenten, zijn van overeenkomstige toepassing op Kredietbank Limburg. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden.

Het dagelijks bestuur wijst de functionaris aan, die belast is met het beheer van de archiefbescheiden overeenkomstig de regels, die hiervoor bij de gemeente Heerlen gelden. De gemeentearchivaris van Heerlen oefent overeenkomstig de voor hem vastgestelde regelentoezicht uit op het beheer van de archiefbescheiden. Bij opheffing van Kredietbank Limburg worden alle archiefbescheiden overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de gemeente Heerlen.

Voor toetreding tot deze regeling kan worden volstaan met een besluit van het college van burgemeester en wethouders dat wenst toe te treden, na verkregen toestemming van de gemeenteraad, mits het algemeen bestuur in die toetreding bewilligt. Een daartoe strekkend besluit kan slechtsworden genomen met een meerderheid van twee/derde van het aantal leden van het algemeen bestuur. De toetreding gaat in op de eerste dag van de maand, volgend op die, waarin het besluit daartoe, is bekendgemaakt, tenzij het besluit een andere datum aangeeft. In het besluit van het algemeen bestuur als bedoeld in lid 1 kan de toetreding tot de regeling afhankelijk worden gesteld van het voldoen aan bepaalde voorwaarden door het betrokken college. Een college van burgemeester en wethouders kan, na verkregen toestemming van de gemeenteraad, uittreden door toezending aan het algemeen bestuur van het daartoe strekkende besluit. Het algemeen bestuur regelt, na overleg met het betrokken college, de financiële en andere gevolgen van de uittreding.

De uittreding kan, behoudens door het algemeen bestuur toegestane afwijking, niet eerderplaatsvinden dan op 1 januari van het tweede jaar volgend op dat, waarin het in lid 1 bedoeldebesluit, is bekendgemaakt.

De regeling kan worden gewijzigd, indien tenminste drie/vierde van de deelnemende colleges van burgemeester en wethouders, na verkregen toestemming van de gemeenteraden, daartoebesluiten. De wijziging treedt in werking met ingang van de dag volgend op die, waarop de besluiten daartoe, zijn bekendgemaakt. De regeling wordt opgeheven, indien tenminste drie/vierde van de deelnemende colleges van burgemeester en wethouders, na verkregen toestemming van de gemeenteraden, daartoe besluiten.

De opheffing gaat in op de dag, volgend op die, waarop de besluiten daartoe zijn bekend gemaakt.

Ingeval van opheffing van de regeling stelt het algemeen bestuur, de gemeenten gehoord, eenliquidatieplan vast, waarin in elk geval ook een regeling ten aanzien van het personeel van Kredietbank Limburg wordt opgenomen. In het liquidatieplan kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken. Zo nodig blijven de bestuursorganen van Kredietbank Limburg ook na de ingangsdatum van de opheffingsbesluiten in functie, totdat de liquidatie is beëindigd.

In alle gevallen, waarin deze regeling niet voorziet, beslist het algemeen bestuur, zoveel mogelijk analoogaan of in de geest van de bepalingen van de wet.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen zendt de regeling aan gedeputeerde staten en maakt deze tijdig in alle gemeenten bekend door kennisgeving vande inhoud daarvan in de Staatscourant. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging of opheffing van deregeling, alsmede op besluiten tot toetreding en uittreding Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. Deze regeling kan worden aangehaald als ‘Gemeenschappelijke Regeling voor Sociale Kredietverlening en Schuldhulpverlening in Limburg’.

info Hoofdstuk 1: begripsbepalingen

artikel lid

begripsbepalingen

1.

sub

a. b. c. d. e. f. g. h. i. j.

2.

Hoofdstuk 2: Het rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam 2.

Hoofdstuk 3: Het doel en de taken 3.

1. a

b

c 2 a

b c 3

4

Hoofdstuk 4 het bestuur

§ 1 Het algemeen bestuur 4

1

2

3

5

1

2 3

4

6

1

2

3

7 8

§ 2 Het dagelijks bestuur

9

1.

2.

10.

1. 2. 3.

§ 3 De voorzitter

11

1.

2.

3.

§ 4 Vergoedingen

12

§ 5 De secretaris, overige 13 directieleden en het overig personeel

1.

2. 3. 4. 5. 6.

14

15

Hoofdstuk 5 De bevoegdheden en taken van het bestuur

16

1.

a.

b.

c.

d. e. f. g.

h.

i. j. k. l.

m. 2.

3.

4.

5.

6.

§ 1 Het algemeen bestuur 17

1. 2.

3.

§ 2 Het dagelijks bestuur

18

1 a. b. c. d. e. f.

2

§ 3 De voorzitter

19

1.

2.

Hoofdstuk 6 Inlichtingen en verantwoording 20

21

1. 2.

3.

4.

5.

22

1.

2.

3.

4.

23

1.

2.

3.

Hoofdstuk 7 Zienswijze en 24 inspraak

25

Hoofdstuk 8 De administratie 26

1.

27

1. 2.

3.

4

5

6

28

1. 2.

3.

4. a.

b.

5. 6.

7.

29

1.

2. 3. 4.

30

31

1.

2.

3.

4.

5.

6.

7.

Hooofdstuk 9: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing 32

1.

2. 3.

33

1.

2.

3.

4.

5.

34

1.

2.

3.

4.

5.

35

1.

2.

36

1.

2.

3.

4.

Hoofdstuk 9: Slotbepalingen 37

38

1.

39.

1.

2.

40.

1. 2.

Nieuwe tekst

In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: Bgs: besluit gemeentelijke schuldhulpverlening Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen; regeling: deze gemeenschappelijke regeling; Kredietbank Limburg: het rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam Kredietbank Limburg; de gemeente(n): de aan de regeling deelnemende gemeente(n); colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten; raden: de gemeenteraden van de gemeenten; gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van Limburg; het bestuur: ieder bevoegd orgaan van Kredietbank Limburg, en Wgs: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.

Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of enige andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, worden in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders, de burgemeester en de secretaris onderscheidenlijk gelezen: Kredietbank Limburg, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de voorzitter en de secretaris van Kredietbank Limburg.

Er is een openbaar lichaam, genaamd Kredietbank Limburg. Het is gevestigd te Geleen, gemeente Sittard-Geleen.

De regeling heeft tot doel: hulp te verlenen aan natuurlijke personen die door hun schuldenlast in maatschappelijke problemen zijn of kunnen komen, door middel van schuldhulpverlening; hulp te verlenen aan natuurlijke personen die zelf niet in staat zijn hun financiële zaken te behartigen, hetzij door middel van budgetbeheer, hetzij door middel van beschermingsbewind; het op een verantwoorde wijze voorzien in de behoefte aan krediet, door middel van socialekredietverlening. Kredietbank Limburg tracht de in het eerste lid genoemde doelen te bereiken door: het verrichten van hulpverlenende, bemiddelende, sanerende en voorlichtende werkzaamheden;

het op een maatschappelijk verantwoorde wijze verstrekken van geldleningen; het verrichten van alle handelingen die met de doelstellingen verband houden of daarvoorbevorderlijk kunnen zijn. Kredietbank Limburg verricht de werkzaamheden ten behoeve van de deelnemende gemeenten en andere gemeenten en organisaties in Nederland binnen de kaders van artikel 2.24b, eerste lid aanhef en onder b, van de Aanbestedingswet 2012.

Enkel na instemming van het dagelijks bestuur, gehoord het algemeen bestuur, kan Kredietbank Limburg diensten voor andere gemeenten in Nederland uitvoeren. Alvorens diensten door de Kredietbank Limburg worden verricht, maakt Kredietbank Limburg met de betreffende gemeente afspraken over de kwantiteit en kwaliteit van de te leveren diensten en de vergoeding die hiertegenover staat.

De leden van het algemeen bestuur worden aangewezen door de colleges. De colleges van de gemeenten Maastricht en Sittard-Geleen wijzen elk twee leden aan en de colleges van de gemeenten Brunssum, Kerkrade en Landgraaf wijzen elk één lid aan. Tevens kunnen de colleges plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur aanwijzen.

Als lid van het algemeen bestuur kunnen slechts worden aangewezen leden van de colleges. Ook het plaatsvervangende lid kan slechts worden aangewezen uit het college.

Een lid van het algemeen bestuur is niet tevens ambtenaar in dienst van Kredietbank Limburg of de gemeenten of uit andere hoofde dan lid van het bestuur, wethouder of burgemeester ondergeschikt of werkzaam ten behoeve van Kredietbank Limburg of de gemeenten.

Het verlies van de functie van burgemeester of wethouder binnen de betreffende deelnemende gemeente doet het lidmaatschap van het algemeen bestuur van rechtswege ophouden. Een college wijst in zijn eerste vergadering na het moment, bedoeld in artikel 42, eerste lid, Gemeentewet, zijn lid of leden van het algemeen bestuur aan. Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijst het college van de betrokken gemeente binnen vier weken een nieuw lid aan.

Van elke aanwijzing tot lid van het algemeen bestuur geeft het college van de gemeente die het aangaat onverwijld kennis aan de voorzitter.

Het algemeen bestuur vergadert jaarlijks tenminste twee maal en voorts zo dikwijls als de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig acht en voorts indien ten minste een vijfde van het aantal leden waaruit het algemeen bestuur bestaat schriftelijk, met opgave van redenen, daarom verzoekt. De leden van de gemeenten Maastricht en Sittard-Geleen hebben in de vergadering ieder drie stemmen, het lid van de gemeente Kerkrade heeft in de vergadering vier stemmen en de leden van de gemeenten Brunssum en Landgraaf hebben in de vergadering ieder twee stemmen. Voor het tot stand komen van een beslissing bij stemming wordt de volstrekte meerderheid vereist van de uitgebrachte stemmen én dienen de leden van ten minste drie gemeenten te hebben ingestemd met het voorstel. De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar. Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. Het reglement van orde wordt aan de colleges medegedeeld.

Het dagelijks bestuur bestaat uit: de voorzitter en twee leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen.

Het verlies van het lidmaatschap van het algemeen bestuur doet het lidmaatschap van het dagelijks bestuur van rechtswege ophouden.

Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter of één lid dit nodig oordeelt. De artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem. Het algemeen bestuur benoemt uit zijn midden een voorzitter.

De voorzitter van Kredietbank Limburg is tevens voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur.

Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter wijst het algemeen bestuur een vervanger uit het dagelijks bestuur aan.

De leden van commissies kunnen een tegemoetkoming in de kosten en – voor zover zij niet de functie van burgemeester, wethouder of gemeentesecretaris vervullen – een vergoeding voor hun werkzaamheden ontvangen. Het algemeen bestuur stelt de bedragen van de vergoeding en de tegemoetkoming op jaarbasis vast en brengt deze ter kennis van de colleges.

Met de dagelijkse leiding van Kredietbank Limburg is belast een secretaris. Voor zover dat in het zakelijk verkeer dienstig is,voert de secretaris de titel van algemeen directeur. Voor hem stelt het dagelijks bestuur een instructie vast, waarin tevens zijn vervanging is geregeld. Hij heeft de leiding van en verantwoordelijkheid voor het functioneren van het ambtelijk apparaaten de daarin werkzame personen. De secretaris staat het algemeen en dagelijks bestuur, de voorzitter en de commissies bij de uitvoering van hun taak ter zijde. Hij is in de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur aanwezig en kan aan de beraadslagingen deelnemen. Hij is secretaris van het algemeen en dagelijks bestuur. Door hem worden alle stukken, die vanhet algemeen en dagelijks bestuur uitgaan, mede ondertekend. De directie kan naast de secretaris/algemeen directeur ook nog bestaan uit door het dagelijks bestuur aan te wijzen overige directieleden. Het dagelijks bestuur regelt de bezoldiging van de secretaris, de eventuele overige directieleden en van de overige ambtenaren van Kredietbank Limburg.

Aan het bestuur worden ten behoeve van de behartiging van de in artikel 3, tweede lid, vermelde taken onderstaande bevoegdheden door de colleges overgedragen

Het doen van een aanbod voor een eerste gesprek naar aanleiding van een signaal van een betalingsachterstand op grond van artikel 3, eerste lid, onder b, Wgs. Hieronder valt ook het in dit kader verrichten van huisbezoeken; Het nemen van een besluit over de toegang tot de schuldhulpverlening op grond van artikel 3 Wgs. Hieronder valt tevens het opstellen van een plan van aanpak ingeval van een positief besluit, indien uit het gesprek in het kader van vroegsignalering een hulpvraag schuldhulpverlening volgt of in geval een inwoner zichzelf meldt voor schuldhulpverlening; Het verzamelen en uitwisselen van persoonsgegevens ten behoeve van het besluit over de toegang tot en het plan van aanpak schuldhulpverlening op grond van artikel 8 tot en met 8d Wgs; Het verrichten van noodzakelijke registraties, waaronder bij Stichitng BKR op grond van artikel 4:32 Wet op het financieel toezicht; Het doen van een aanbod van één of meer diensten schuldhulpverlening op een verzoek om schuldhulpverlening van de betreffende naturlijke persoon; Het opleggen van verplichtingen die samenhangen met de goede uitvoering van de aangeboden schuldhulpverlening op grond van artikel 7 Wgs; Het beëindigen van de schuldhulpverlening indien de inwoner niet voldoet aan de opgelegde voorwaarden of de verplichtingen die voortvloeien uit de wet of gemeentelijke regelingen op grond van de Wgs; Het bij de daartoe

bevoegde rechtbank indienen van een verzoekschrift tot toepassing van een afkoelingsperiode en het college te vertegenwoordigen bij de zitting waarop de rechtbank zal beslissen op het verzoek op grond van artikel 5, eerste lid, Wgs en artikel 8 Bgs; Het afgeven van een verklaring op grond van artikel 285, eerste lid, lid 1 onder f, Faillissementswet; Het treffen van een buitengerechtelijke schuldregeling op grond van artikel 287b, zesde lid, Faillissementswet De afhandeling van ingebrekestellingen op grond van artikel 4:16 tot en met 4:20 van de Algemene wet bestuursrecht; Het uitvoeren van alle op de Wgs, het Bgs en de Failissementswet gebaseerde nadere regelgeving, verordeningen en beleidsregels, voor zover enig wettelijk voorschrift hier zich niet tegen verzet; Indienen van verzoeken tot uitspraak Breed Moratorium door de Rechtbank Limburg op grond van artikel 5 Wgs; De gemeenten Landgraaf en Brunssum dragen de bevoegdheden uit het eerste lid onder a, b, c, d, e, f, g, k en l niet over aan de Kredietbank Limburg. Een college kan bij afzonderlijk delegatiebesluit andere bevoegdheden overdragen aan het bestuur van Kredietbank Limburg, tenzij de wet of de aard van de bevoegdheid zich tegen die overdracht verzet.

Het college neemt het delegatiebesluit, bedoeld in het derde lid, niet dan nadat het de raad van de betreffende gemeente in de gelegenheid heeft gesteld zijn wensen en bedenkingen aan het college bekend te maken.

Het delegatiebesluit, bedoeld in het derde lid, wordt overeenkomstig artikel 3:42 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 6 Bekendmakingswet bekendgemaakt en onverwijld toegezonden aan de voorzitter van Kredietbank Limburg. Het bepaalde in het derde tot en met het vijfde lid is van overeenkomstige toepassing op de intrekking of wijziging van het delegatiebesluit, bedoeld in het derde lid, onverminderd het bepaalde in artikel 10:18 van de Algemene wet bestuursrecht.

Aan het algemeen bestuur behoort alle bevoegdheid, die niet bij of krachtens de regeling is opgedragen aan het dagelijks bestuur of aan de voorzitter. Het algemeen bestuur kan besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raden van degemeenten een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen enbedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. Het algemeen bestuur kan bevoegdheden overdragen aan het dagelijks bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 33a van de Wet.

Het dagelijks bestuur is bevoegd: het dagelijks bestuur van Kredietbank Limburg te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet het algemeen bestuur hiermee is belast; beslissingen van het algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren; regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van Kredietbank Limburg; tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van Kredietbank Limburg te besluiten, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid; te besluiten namens Kredietbank Limburg, het dagelijks bestuur of het algemeen bestuur rechts-gedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen tervoorbereiding daaropmaatregelen te verrichten,entenzij het algemeen voor zover tot het nemen van alle conservatoire het doen wat nodigbestuur, is ter voorkoming het bestuur gevallen anders beslist; van algemeen verjaring of verliesaangaat, van rechtinofvoorkomende bezit.

De in artikel 16 overgedragen bevoegdheden komen toe aan het dagelijks bestuur.

De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur.

De voorzitter vertegenwoordigt Kredietbank Limburg in en buiten rechte. Hij kan de vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde opdragen.

De besturen van de gemeenten verstrekken op verzoek van het algemeen of dagelijks bestuur de benodigde inlichtingen en geven de medewerking, die voor de vervulling van de taken van Kredietbank Limburg nodig is. Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. Het dagelijks bestuur geeft het algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Deze informatie wordt schriftelijk verstrekt én mondeling toegelicht tijdens de vergaderingen van het algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur geeft voorts het algemeen bestuur, wanneer een of meer leden daarvan hierom verzoeken, alle gevraagde inlichtingen. Deze inlichtingen worden zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen twee maanden schriftelijk verstrekt en mondeling toegelicht in de eerstvolgende vergadering in een vergadering van het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur kan besluiten een lid van het dagelijks bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit.

Het eerste tot en met het vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur.

Het algemeen en dagelijks bestuur alsmede de voorzitter verstrekken aan de raden van de gemeenten de door een of meer leden van die raden gevraagde inlichtingen schriftelijk. Het algemeen bestuur verstrekt de inlichtingen binnen twee maanden, het dagelijks bestuur en de voorzitter binnen één maand. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven de raden van de gemeenten schriftelijk alle inlichtingen die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken.

Het algemeen bestuurt stelt een informatieprotocol vast, waarin nader wordt uitgewerkt wanneer en op welke wijze de deelnemers worden geïnformeerd ten aanzien van ontwikkelingen van Kredietbank Limburg.

Een lid van het algemeen bestuur verschaft het college, alsmede de raad van zijn gemeente alle inlichtingen, die door deze raad of dit college, of een of meer leden daarvan, worden verlangd. Deze inlichtingen worden zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen twee maanden verstrekt. Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording verschuldigd voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid aan het college die hem als lid heeft aangewezen, alsmede aan de raad van zijn gemeente waaruit hij afkomstig is. Het college, dat een vertegenwoordiger in het algemeen bestuur heeft aangewezen, heeft de bevoegdheid dit door hem aangewezen lid te ontslaan, indien dit lid het vertrouwen van het college niet meer bezit. Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur besluiten niet tot het vaststellen van meerjarige strategische plannen dan nadat de raden van de gemeenten gedurende twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om schriftelijk hun zienswijzen op het concept bij het dagelijks bestuur naar voren te brengen.

Ingezetenen en belanghebbenden kunnen via de reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.

Het algemeen bestuur stelt voorschriften vast met betrekking tot de inrichting van de financiële administratie, het geldelijk beheer en de boekhouding van Kredietbank Limburg. Het dagelijks bestuur maakt jaarlijks een ontwerpbegroting van inkomsten en uitgaven op, welkevoorzien is van een toelichting. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting uiterlijk op 30 april van het jaar voorafgaande aan het jaar, waarop de begroting betrekking heeft, toe aan de raden van de gemeenten, die vervolgens binnen twaalf weken na ontvangst ter zake het dagelijks bestuur van hun zienswijzen kunnen doen blijken; een en ander overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 van de Wet. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de gemeenten voorafgaande aan het vaststellen van de begroting door het algemeen bestuur schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het tweede lid, alsmede over de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. Hierbij wordt rekening gehouden met de door de raden van de gemeenten ingediende zienswijzen.

Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 september van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, met alle bijbehorende stukken aan de gemeenten en gedeputeerde staten. Indien noodzakelijk doet het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur een voorstel tot begrotingswijziging. Het bepaalde in het tweede tot en met vijfde lid is niet van toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, welke niet leiden tot verhoging van de gemeentelijke bijdragen.

Het batig saldo van de verlies- en winstrekening van de Kredietbank Limburg wordt op de op de rekening 'Eigen vermogen' geboekt. Bedraagt het saldo van de rekening ‘Eigen vermogen’ vóór de in het eerste lid bedoelde bijboeking meer dan een door het algemeen bestuur vast te stellen percentage van het uitstaand kapitaal, dan wordt het batig saldo in het eerste lid bedoeld teruggestort naar de gemeenten.

Een eventueel tekort volgens de verlies- en winstrekening van de Kredietbank Limburg wordt, voor zover het niet van de in het tweede lid bedoelde reigen vermogen kan worden afgeschreven, door de gemeenten vergoed. Door de gemeenten wordt in de vergoeding, in het vorige lid bedoeld, bijgedragen als volgt: in de helft van het totaal te vergoeden bedrag naar verhouding van het bevolkingscijfer vanelke gemeente tot het totale bevolkingscijfer van alle deelnemende gemeenten. in de overige helft naar verhouding van het totaalbedrag van de aan de inwoners van elkegemeente in het jaar, waarop de vergoeding betrekking heeft, uitstaande kredieten, tot het totaalbedrag van de aan de inwoners van alle gemeenten gedurende hetzelfde jaar uitstaande kredieten, beiden per 1 januari van dat jaar. De gemeenten betalen de in het vierde lid bedoelde bijdrage binnen drie maanden na vaststelling van de rekening, als bedoeld in artikel 29, tweede lid. Bij niet-tijdige betaling van de in het vierde lid bedoelde bijdrage zal rente verschuldigd zijn gelijk aan de debetrente in rekening-courant, die de N.V. Bank voor Nederlandse Gemeenten alsdan aan zijnrelaties in rekening brengt. Het algemeen bestuur neemt het besluit omtrent het percentage, bedoeld in het tweede lid, bij unanimiteit.

Het dagelijks bestuur legt aan het algemeen bestuur over elk begrotingsjaar verantwoording afover het door hem gevoerde bestuur, onder overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag. Het dagelijks bestuur voegt daarbij de accountantsverklaring. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgend op het begrotingsjaar. De jaarrekening betreft alle baten en lasten van Kredietbank Limburg. De vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge behoudens later inrechte gebleken onregelmatigheden. Het dagelijks bestuur zendt vóór 30 april van het jaar volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, de voorlopige jaarrekening aan de raden van de gemeenten. Het dagelijks bestuurzendt de jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, doch in elk geval vóór 15 juli van hetjaar volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, met alle bijbehorende stukkenaan de gemeenten en gedeputeerde staten. De gemeenten waarborgen de betaling van rente, aflossing en kosten voor de door Kredietbank Limburgaangegane geldleningen en op te nemen gelden in rekening-courant, onder het doen van afstand vande voorrechten, die het Burgerlijk Wetboek borgen toekent, zulks in verhouding tot het inwonertal van elk van de gemeenten.

Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg. De secretaris is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. Het dagelijks bestuur stelt voorschriften vast voor het beheer van de archiefbescheiden van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg, die niet naar de archiefbewaarplaats zijn overgebracht. Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van het Regionaal Historisch Centrum Limburg. Met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats, is belast de archivaris van het Regionaal Historisch Centrum Limburg.

De archivaris van het Regionaal Historisch Centrum Limburg brengt tweejaarlijks aan het dagelijks bestuur verslag uit over het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg, die nog niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. Het dagelijks bestuur brengt tweejaarlijks verslag uit aan het algemeen bestuur over de uitoefening van de aan hen opgedragen zorg voor de archiefbescheiden en de uitvoering van het archiefbeheer van de bestuursorganen van Kredietbank Limburg.

Voor toetreding tot deze regeling kan worden volstaan met een besluit van het college van burgemeester en wethouders dat wenst toe te treden, overeenkomstig artikel 1 van de Wet.

De toetreding gaat in op de eerste dag van de maand, volgend op die, waarin het besluit daartoe, is bekendgemaakt, tenzij het besluit een andere datum aangeeft. Het algemeen bestuur kan voorwaarden stellen rond de toetreding.

Een college kan besluiten tot uittreding uit de regeling, onverminderd het bepaalde in artikel 1 van de Wet. Het college zendt het besluit tot uittreding aangetekend aan het algemeen bestuur. Daarbij wordt een opzegtermijn van twee jaar, ingaande op 1 januari van het eerstvolgende kalenderjaar, in acht genomen, tenzij de colleges unaniem een andere opzegtermijn overeenkomen. Het dagelijks bestuur inventariseert de gevolgen van de uittreding, de wijze waarop met deze gevolgen kan of moet worden omgegaan en de voorwaarden voor uittreding, welke nadien worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vast te stellen uittredingsplan. Uiterlijk zes maanden na het moment van uittreding stelt het algemeen bestuur het uittredingsplan vast. De daarin voor de uittredende gemeente omschreven financiële verplichtingen zijn bindend. Nadat het uittredingsplan is vastgesteld, is de uittredende gemeente gehouden om binnen zes maanden de daarin voor de uittredende gemeente omschreven financiële verplichtingen aan de regeling te voldoen.

Het in artikel 33, vierde lid, bedoelde uittredingsplan bevat de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties die gedurende een periode van vijf jaar het directe gevolg zijn van de uittreding. Tevens bevat het uittredingsplan de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende gemeente. Voor het opstellen van het uittredingsplan wijst het algemeen bestuur een onafhankelijke adviseur aan die in opdracht van het algemeen bestuur het concept-uittredingsplan voorbereidt. De kosten voor het uittredingsplan komen voor rekening van de uittredende gemeente. Het algemeen bestuur wijst de onafhankelijke adviseur aan op basis van een gezamenlijke voordracht van de uittredende gemeente en de voorzitter. Indien geen overeenstemming kan worden bereikt over een gezamenlijke voordracht, wijst het algemeen bestuur de onafhankelijke adviseur aan op basis van een bindende voordracht van een selectiecommissie bestaande uit drie leden van het algemeen bestuur, waaronder in ieder geval een vertegenwoordiger in het algemeen bestuur van de uittredende gemeente.

De onafhankelijke adviseur neemt bij het bepalen van de uittreedsom het bepaalde in dit artikel en in artikel 33 in acht en baseert zich daarbij op de jaarrekening van het begrotingsjaar direct voorafgaand aan het moment van uittreding. Tevens past de onafhankelijke adviseur bij de berekening van de uittreedsom een risico-opslag van 5% op de uittreedsom toe om eventueel onvoorziene toekomstige kosten gerelateerd aan de uittreding te ondervangen. Deze opslag vrijwaart de uittredende gemeente van alle toekomstige onvoorzienbare kosten. Het algemeen bestuur is gehouden redelijkerwijs al het mogelijke te doen om de uittreedsom zo laag mogelijk te houden. Het algemeen bestuur onderzoekt in dat kader met de uittredende gemeente de mogelijkheid tot overname van personeel, activa en contracten. Het voorgaande behoeft echter niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het algemeen bestuur van het besluit tot uittreding van de uittredende gemeente.

1.De regeling kan worden gewijzigd, indien tenminste drie vierde van de colleges daartoe besluiten overeenkomstig artikel 1 van de Wet. De wijziging treedt in werking met ingang van de dag volgend op die, waarop de besluiten daartoe, zijn bekendgemaakt. De regeling kan worden opgeheven met instemming van alle colleges minus één. Het besluit tot opheffing wordt niet genomen voordat de raden van de gemeenten gedurende twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om schriftelijk op de voorgestelde opheffing hun zienswijze ter kennis van het college te brengen. De opheffing gaat in op de dag, volgend op die, waarop de besluiten daartoe zijn bekendgemaakt, tenzij in de opheffingsbesluiten van de colleges gelijkluidend anders is bepaald. De opheffing gaat in op de dag, volgend op die, waarop de besluiten daartoe zijn bekend gemaakt, tenzij in de opheffingsbesluiten van de deelnemende colleges anders is bepaald.

Ingeval van opheffing van de regeling stelt het algemeen bestuur, de gemeenten gehoord, eenliquidatieplan vast, waarin in elk geval ook een regeling ten aanzien van het personeel van Kredietbank Limburg wordt opgenomen. Zo nodig blijven de bestuursorganen van Kredietbank Limburg ook na de ingangsdatum van de opheffingsbesluiten in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

In alle gevallen, waarin deze regeling niet voorziet, beslist het algemeen bestuur, zoveel mogelijk analoogaan of in de geest van de bepalingen van de wet.

De werking van de regeling zal geëvalueerd worden indien het algemeen bestuur daartoe besluit. Het dagelijks bestuur zal dan een onderzoeksvoorstel aan de colleges voorleggen. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen maakt deze regeling tijdig in alle gemeenten bekend overeenkomstig artikel 26 van de Wet. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging of opheffing van deregeling, alsmede op besluiten tot toetreding en uittreding Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. Deze regeling kan worden aangehaald als ‘Gemeenschappelijke Regeling voor Sociale Kredietverlening en Schuldhulpverlening in Limburg’.

Toelichting

Nummering wijzigt door invoegen begripsbepalingen wetgeving. Sommige begrippen zijn komen te vervallen omdat die voor zich spreken of niet meer voorkomen.

De aanhalingstekens zijn verwijderd

Redactionele wijziging natuurlijke personen i.p.v. burgers

Redactionele wijziging natuurlijke personen i.p.v. burgers

Ter volledigheid is opgenomen dat voldaan moet worden aan de kaders van de Aanbestedingswet 2012. Daarbij moet vooral gedacht worden aan de inbestedingsvoorwaarden van art. 2.24b Aw2012. Daarnaast is gewijzigd dat KBL enkel diensten aan andere Limburgse gemeenten kan verrichten. Er worden nu ook diensten verleend aan gemeenten buiten Limburg. Benadrukt is hier dat het dagelijks bestuur expliciet moet besluiten diensten aan derden te verlenen. Die bevoegdheid kan niet langer aan de directeur worden gemandateerd. Het dagelijks bestuur moet het algemeen bestuur horen (dat kan tijdens een vergadering maar ook schriftelijk) alvorens het beslist.

Hierin is de nieuwe bestuurssamenstelling verwerkt (zie oplegnotitie)

Deze bepaling is versimpeld

Deze bepaling is aangepast aan de per 1 januari 2023 gewjzigde Gemeentewet (zie o.a. art. 13 Gemeentewet). Daarbij is de strekking gebleven dat een bestuurder geen ambtenaar kan zijn, noch bij KBL noch bij een van de deelnemers Lid is komen te vervallen

Omdat het hier een collegeregeling betreft is deze bepaling vereenvoudigt. Een college heeft formeel namelijk geen zittingsduur (zie art. 42 Gemeentewet). Een wethouder blijft ab-lid tot hij/zij geen wethouder meer is of totdat het colege besluit hem/haar te vervangen door een ander

Deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat de twee grootste gemeenten de kleinere gemeenten altijd kunnen overrulen.

Het regelement hoeft niet aan GS te worden verzonden + redactionele wijziging enkel colleges benoemd ipv colleges van burgemeester en wethouders.

Artikel is vereenvoudigd. Het dagelijks bestuur bestaat voortaan uit 3 leden. Daarnaast is het van rechtswege ophouden van het lidmaatschap naar het nieuwe lid 2 verplaatst voor de leesbaarheid.

Aangepast i.v.m. klein dagelijks bestuur.

Laatste zinsleden is komen te vervallen. Uit de wet volgt dat alle leden van het AB lid zijn van een college van de gemeenten. Redactionele wijziging. De voorzitter is een apart bestuursorgaan.

De vervanger van de voorzitter moet ook iemand uit het DB zijn. Dit voorkomt een extra lid van het DB.

Dit artikel is komen te vervallen. Het auditcomité blijft gewoon bestaan omdat dit reeds is ingesteld bij reglement van orde. Dat is overeenkomstig artikel 24 Wgr. De gemeenschappelijke regeling hoeft daarvoor geen grondslag te bieden. Mocht het algemeen bestuur besluiten geen auditcomité meer te willen, dan is dat met deze schrapping ook mogelijk.

Dit artikel is vervallen omdat adviescommissies altijd ingesteld mogen worden, zie artikel 24 Wgr.

De bepaling is wat vereenvoudigd, nu leden van het algemeen bestuur en dagelijks bestuur nooit een andere functie kunnen hebben dan wethouder of burgemeester.

Per 1 januari 2020 is de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren van kracht. Hierdoor worden ambtenaren niet meer aangesteld. De bepaling is hierop aangepast.

Redactionele wijziging door vervallen art. 12 Redactionele wijziging

Redactionele wijziging

Laatste zinslede is komen te vervallen. Per 1 januari 2020 is de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren van kracht. Hierdoor is al het personeel werkzaam op basis van het burgerlijk recht.

Vervallen

Het bestuur van KBL heeft besloten om de bevoegdheden die KBL uitvoert te willen delegeren.

Dit heeft te maken met een ander voorportaal waar Landgraaf en Brunssum gebruik van maken.

Hiermee kunnen zonder wijziging van de gemeenschappelijke regeling alsnog bevoegdheden worden overgedragen. Artikel 10 lid 2 Wgr biedt die optie. Hiermee wordt recht gedaan aan de democratische positie van de raden (vgl. art. 165 Gemeentewet). Delegatie is een eenzijdige rechtshandeling en is dus niet onderworpen aan instemming van de gedelegeerde, tenzij de wet dat eist (art. 10:16 Awb)

Sinds de Wet elektronische publicaties geldt artikel 6 Bekendmakingswet (art. 3:42 Awb). Dat betekent dus bekendmaking van het collegebesluit in het Gemeenteblad.

Ter volledigheid opgenomen

Omdat er een tweede lid is toegevoegd, is dit lid 1 geworden Oude sub c is vervallen door inwerkingtreding Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. Overige subs zijn omgenummerd

Er is een nieuw lid toegevoegd. Op grond van artikel 33 Wgr komen alle overgedragen bevoegdheden toe aan het algemeen bestuur, tenzij de regeling anders bepaalt. Omdat de bevoegdheden uit artikel 16 GR-nieuw zo uitvoerend van aard zijn worden deze toegekend aan het DB. Het db kan de directeur machtigen/mandateren deze uit te oefenen.

Lid is komen te vervallen. De voorzitter is niet belast met uitvoering van de besluiten, maar de directie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=960c88e2-afc2-408d-a9a6-3cd90c698007