03 Memo Verzoek wijzigen bp Handelsterrein BergerwegNN
Tekst van het document
Aan: Van: Datum: Betreft:
De gemeenteraad Wethouder Meekels 05-07-2022 verzoek wijzigen bestemmingsplan Handelsterrein Bergerweg
Op 5 juli jl. heeft uw raad een brief ontvangen van de heer van Retailplan namens de heer De strekking van de brief komt erop neer dat de raad geen besluit kan nemen op het verzoek om het bestemmingsplan Handelsterrein Bergerweg te wijzigen omdat het besluit onvoldoende zou zijn gemotiveerd. De motivering die nu in het raadsbesluit staat, was beschikbaar ten tijde van het opstellen van dit raadsbesluit/raadsvoorstel. Dat was eind mei. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft immers op 25 mei 2022 de raad opgedragen binnen 12 weken een besluit te nemen over het verzoek van de heer Met het oog op de raadskalender betekent dat dat op 12 juli 2022 de laatste mogelijkheid is om een besluit op het verzoek te nemen (zodat nog binnen die 12 weken na 25 mei 2022 dit raadsbesluit genomen wordt). Anders dan door de heer wordt gesteld stelt het college zich op het standpunt dat het raadsbesluit voldoende gemotiveerd is om het verzoek te weigeren. Het verzoek is immers gericht op het zodanig wijzigen van het bestemmingsplan dat alle regels die gaan over branchering van detailhandel verwijderd worden (zodat alle vormen van detailhandel op het bedrijventerrein worden toegestaan). Dat zou betekenen dat zich hier ook supermarkten maar ook winkels die boeken of kleding verkopen, mogen vestigen.
En dat zijn dus winkels die evident in de centra thuishoren en waarvan duidelijk is dat het toestaan van winkels op de bedrijventerreinen zonder enige twijfel zou leiden tot verdere leegstand en dus aantasting van het woon- en leefklimaat. Tijdens de raadsronde van 30 juni jl. is gemeld dat kort geleden het concept voor het nieuwe retailbeleid van het adviesbureau is ontvangen. Dit concept was ten tijde van het opstellen van het raadsvoorstel (eind mei) nog niet ter beschikking. Het hoofduitgangspunt, zoals hierboven verwoord, wordt bevestigd door het concept van het retailbeleid. Bescherming van centra en wijkwinkelcentra (en dus voorkoming van leegstand en aantasting van woon- en leefklimaat) blijft ongewijzigd van kracht. In de concept-versie van het nieuwe retailbeleid heeft toetsing plaatsgevonden van dat uitgangspunt aan de Dienstenwet en die toetsing kan worden toegepast op de huidige casus. Het hanteren van de brancheringsregels is zowel noodzakelijk als evenredig, zo blijkt uit de bijlage 1 “toetsing aan de Dienstenrichtlijn” behorende bij de concept-versie van het nieuwe retailbeleid (bijgevoegd). Dit concept-retailbeleid moet overigens ambtelijk nog worden getoetst en met de subregio worden afgestemd. Vervolgens zal dit beleid later dit jaar aan u worden voorgelegd.
Samengevat: in zowel in het oude retailbeleid als in het concept-nieuwe retailbeleid is het standpunt t.a.v. de winkels op perifere locaties hetzelfde. Om het besluit nader te onderbouwen wordt – nu dit recent beschikbaar gekomen is – gebruik gemaakt van de toets aan de Dienstenwet uit het concept van het subregionale retailbeleid, dat als bijlage bij deze memo gevoegd is. De heer stelt overigens in zijn brief dat hij niet was geïnformeerd over de behandeling van het raadsvoorstel in de raadsronde op 30 juni jl. De heer is op 16 juni jl. geïnformeerd over het feit dat de raad in de raadscyclus van 12 juli a.s. een besluit zou nemen.
Pagina 1 van 2
Pagina 2 van 2