02 Memo voor gemeenteraad nav Ronde van 29 juni 2020
Tekst van het document
Aan:
Leden van de Gemeenteraad
Van:
Wethouder Kim Schmitz
Datum:
03-08-2020
Betreft:
Memo voor gemeenteraad Sittard-Geleen nav bespreking op 29 juni 2020 van het rondevoorstel waarin de Ronde gevraagd is om de CONCEPT afwegingskader grootschalige opwek zon- en windenergie voor de gemeente Sittard-Geleen voor de periode 2020-2030 te bespreken en haar mening daaromtrent kenbaar te maken
In deze memo is het volgende aangegeven:
Uitleg over de concept RES-ZL omdat er in de Ronde onduidelijkheid was over het proces, planning en de status van de Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg (RES-ZL). In de Ronde aangegeven meningen van de gemeenteraad over het CONCEPT afwegingskader grootschalige opwek zon- en windenergie voor de gemeente Sittard-Geleen, zoals gevraagd in het rondevoorstel. Reactie wethouder Kim Schmitz op meningen en vragen gesteld tijdens de bespreking van het rondevoorstel. Antwoorden op openstaande vragen van raadsfracties gesteld tijdens en na de bespreking van het rondevoorstel.
Uitleg over concept RES-ZL Los van de antwoorden op de vragen van fracties hieronder een uitleg over de CONCEPT Regionale Energie Strategie (RES) die voor Zuid-Limburg opgesteld is en waar het College op 7 juli mee heeft ingestemd. Deze CONCEPT RES-Zuid-Limburg (RES-ZL) gaat in opdracht van het Nationaal Programma RES (NP-RES), op basis van het nationale klimaatakkoord, in op twee opgaven: 1. Opgave Elektriciteit: Een strategie voor onderbouwd en afgewogen aanbod van de regio wat betreft mogelijk op te stellen duurzaam opwekvermogen op land minimaal onderverdeeld in zon en wind. De opgave elektriciteit is bedoeld als bijdrage aan de landelijke behoefte van duurzame energie. Deze duurzame energie dient te worden opgewekt met zonneparken en windmolens op land, totaal voor alle gemeenten samen 35 Terrawattuur (TWh). Zonnepanelen op daken > 285 m2 en op parkeerterreinen tellen ook mee. Zonnepanelen op daken < 285 m2 zijn ook van belang maar mogen niet meegeteld worden voor de 35 TWh. Daarnaast dragen de (geplande) windmolens op zee ook voor een groot deel bij aan landelijke behoefte aan groene elektriciteit. 2. Opgave Gebouwde omgeving: Een strategie voor de warmtetransitie van woningen/gebouwen met als doel dat in 2050 alle woningen/gebouwen goed geïsoleerd zijn en voorzien zijn van duurzame warmte en elektriciteit.
Hiervoor wordt een Regionale Structuur Warmte (RSW) opgesteld met daarin opgenomen hoe de warmtevraag, toekomstige duurzame warmteaanbod, en infrastructuur op regionaal niveau, met elkaar kunnen worden verbonden en wat hierin de ambitie is. Deze strategie is tevens belangrijke input voor de Transitievisie Warmte (TVW) die elke gemeente in de vorm van warmteplannen voor het einde van 2021 moet vaststellen. Deze TVW schetst per wijk het tijdspad naar aardgasvrijwijken. Voor de wijken waarvan de transitie
1
vóór 2030 gepland is, zijn ook de potentiële alternatieve energiebronnen en -infrastructuren bekend. Voor de opgave elektriciteit heeft iedere gemeente in Zuid-Limburg een CONCEPT afwegingskader wind- en zonne-energie opgesteld dat door de Colleges van deze gemeenten is vastgesteld. Deze afwegingskaders bevatten VOORLOPIGE zoekgebieden voor grootschalige wind- en zonne-energie. Op basis daarvan is een VOORLOPIGE schatting gemaakt van de hoeveelheid energie die dit kan opleveren. Voor gemeente Sittard-Geleen is deze hoeveelheid ingeschat op tussen de 0,4 en op 0,53 TWh. Voor geheel Zuid-Limburg is de eerste VOORLOPIGE inschatting tussen de 1,1 en 1,9 TWh. Voor de opgave Gebouwde omgeving is ten behoeve van de concept RES-ZL op regioniveau een inventarisatie gemaakt van warmtevraag en warmteaanbod van de Westelijke Mijnstreek, Parkstad en Maastricht-Heuvelland. Het gaat dan met name om bovengemeentelijke duurzame warmtebronnen zoals de restwarmte van Chemelot. In de Ronde van 29 juli zijn de CONCEPT afwegingskaders zon-wind van de gemeente Sittard-Geleen besproken. De concept RES-ZL (waar deze CONCEPT afwegingskaders ook in staan) wordt 28 september van 19.00-21.00 in een gezamenlijke digitale bijeenkomst aan alle gemeenteraden van Zuid-Limburg gepresenteerd.
Hierover heeft de raad/raadsleden in het dagbericht van 5 juli een save-the date ontvangen met een link om de gehele concept RES-ZL te downloaden. De concept RESZL is ook naar het NP-RES gestuurd om een eerste inschatting te kunnen maken of landelijk de 35 TWh gehaald wordt. De concept RES-ZL en dan met name het concept afwegingskader grootschalige opwek zon- en windenergie en zoekgebieden in de gemeente Sittard-Geleen, wordt in het najaar van 2020 besproken met inwoners, bedrijven (waaronder agrariërs) en maatschappelijke organisaties van de gemeente Sittard-Geleen. Dit zal leiden tot definitieve afwegingskaders, zoekgebieden, kwantitatief bod, en een definitieve RES-ZL om medio 2021 voor te leggen aan het College en gemeenteraad voor instemming. De definitieve RES-ZL moet uiterlijk 1 juli 2021 ingeleverd zijn bij het NP-RES. Los van bovenstaande heeft wethouder Kim Schmitz in de raadvergadering van 10 juli 2020 aangegeven een aparte raadswerkgroep Duurzaamheid in te richten die elke twee tot drie maanden bij elkaar komt. In het eerste overleg zal de Regionale Energie Strategie en de Transitievisie Warmte worden besproken, maar later kunnen ook andere processen aan bod komen in het te ontwikkelen programma Duurzaamheid. In het programma Duurzaamheid wordt ook een Kenniscentrum Duurzaamheid ondergebracht.
In de Ronde aangegeven meningen over het CONCEPT afwegingskader grootschalige opwek zonen windenergie voor de gemeente Sittard-Geleen, zoals gevraagd in het rondevoorstel GOB: I. Tillie Zie hiervoor de vragen die GOB gesteld heeft (verderop in deze memo aangegeven). CDA: M. Mastenbroek Het CDA is geen voorstander van het voorliggende voorstel en kan er dan ook niet mee instemmen. Wellicht kan wel vastgesteld worden dat er in de gemeente geen plek meer is voor nieuwe windmolens. Stadspartij: N. Kaufman 2
Het voorliggende afwegingskader is te beperkt doordat er slechts aandacht is voor wind- en zonneenergie. Er wordt niet gekeken naar alternatieven zoals de burgerwindmolens, energieopwekking op, via en langs snelwegen, waterkrachtcentrales in het heuvelachtige Zuid-Limburg en de aanleg van meren, zowel ondergronds als bovengronds, ten behoeve van de opslag van energie. Sittard-Geleen kent een aantal plekken met natuurlijke hoogteverschillen. Dat maakt waarschijnlijk energiecentrales mogelijk. Andere mogelijkheden van energieopwekking zijn de sluis in Born en het gebruik van olie uit biomassa (pyrolyse) in plaats van verbranding ervan dat veel CO2-uitstoot oplevert. In Twente worden daar al fabrieken voor ontwikkeld. Die worden verkocht aan Finland. Het Rijk staat open voor dergelijke initiatieven. Daarom stelt de Stadspartij voor om te zoeken naar investeerders, eventueel samen met Chemelot en de provincie. Zij vraagt het college ook om allerlei alternatieven mee te nemen en niet te stoppen als de vastgestelde norm is bereikt. Met dergelijke initiatieven wordt de gemeente ook aantrekkelijk voor bedrijven die actief zijn op dit gebied. GroenLinks: J. Janssen Naast wind- en zonne-energie zijn er nog verschillende andere mogelijkheden om duurzame energie op te wekken.
Spreker deelt desgevraagd mee dat bijvoorbeeld bij de verbranding van biomassa alleen biomassa uit de regio (op een effectieve manier) moet worden verbrand. Dat is het geval in de biomassacentrale in Sittard. GroenLinks sluit zich aan bij de vraag van de Stadspartij over nieuwe vormen van duurzame energieopwekking, maar pleit ook voor een verbetering van de isolatie van gebouwen en aandacht voor nieuwe technologieën voor opslag van energie. PvdA: C. Lucker Voor de PvdA moeten nieuwe plannen haalbaar en betaalbaar zijn en moet er voldoende draagvlak voor zijn. De PvdA is het eens met de andere fracties die spreken over een te eng gedefinieerd kader en pleit dan ook voor – naast aandacht voor wind- en zonne-energie – aandacht voor nieuwe technologieën als burgerwindmolens waarvoor wellicht meer draagvlak is. De fractie stelt voor om dat expliciet in het voorliggende afwegingskader op te nemen. D66: B. Kamphuis De fractie is van mening dat voor windmolens in een open landschap gemakkelijker draagvlak is te krijgen dan voor windmolens op bedrijventerreinen dicht bij bewoonde gebieden. D66 vraagt ook om het zoekgebied voor windenergie te verruimen en om een totaalbeleid voor het realiseren van een klimaatneutrale gemeente in 2040. VVD: G. Peeters De heer Peeters (VVD) geeft er de voorkeur aan om zonnepanelen zoveel mogelijk op daken plaatsen.
De fractie is geen voorstander van de grootschalige zonneweiden, anders dan langs autowegen. Ook moet het mogelijk zijn dat particulieren kleine zonneveldjes aanbrengen. Over de maximale grootte kan nog worden gediscussieerd. Windmolens moeten op gepaste afstand van woningen en bedrijven worden gerealiseerd met draagvlak onder de directe omwonenden. De door de insprekers voorgestelde burgerwindmolens kunnen daaraan bijdragen. In het voorstel is slechts aandacht voor de traditionele wind- en zonne-energie. Limburg loopt met haar vorderingen ver achter op de andere provincies. Daarom pleit de VVD voor aandacht voor kernenergie als onderdeel van de energiemix. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving is dat het goedkoopst en het schoonst. Er wordt al gewerkt aan een minikernreactor (SMR), vergelijkbaar met tot 150 moderne windmolens. De SMR produceert ook warmte die gebruikt kan worden voor warmtenetten. De
3
ruimtelijke impact is ook kleiner. De reactor kan al in 2030 operationeel zijn. De VVD vraagt de wethouder dit voorstel mee te nemen in de besprekingen. PVV: T. Roest De heer Roest (PVV) vindt dat in een afwegingskader alles, alle mogelijke vormen van energie, moet worden meegenomen. SPA: J. Renet SPA wil geen zonneweiden binnen de bebouwde kom. Uit de stukken wordt duidelijk dat er tussen de verschillende windmolens 4 km ruimte moet zijn. Dat biedt ruimte voor alternatieven voor plaatsing in Holtum-Noord. Met de eis van 50% aan burgerwindmolens zijn windmolens in Holtum-Noord niet mogelijk. SPA is het eens met de Stadspartij dat de ontwikkelingen niet mogen stoppen als de norm is bereikt. De norm moet zijn dat in de gemeente zoveel energie wordt opgewekt als door de inwoners en het mkb (en niet door de grote industrieën in de gemeente) wordt gebruikt. SPA is alleen als daar draagvlak voor is, voorstander van de plaatsing van windmolens op bedrijventerreinen. Spreker is blij met het door de corporaties aangekondigde onderzoek op dat gebied. SPA is ook voorstander van de plaatsing van zonnepanelen langs de snelweg. Het bedrijventerrein van VDL Nedcar is niet beschikbaar vanwege bouwplannen. Die zijn echter niet concreet. Ook het terrein van Chemelot is niet beschikbaar.
Landschappelijk gezien zou het echter beter zijn om een windmolen naast bijvoorbeeld een koeltoren te plaatsen. 50PLUS: H. Govers De heer Govers (50PLUS) vindt draagvlak onder de bevolking belangrijk. Ook het college vindt dat. Geen draagvlak is dus een reden om dit project niet op te starten. Het voorstel houdt rigide vast aan het gebruik van wind voor elektriciteitsopwekking. De gemeente heeft echter met Het Groene Net goud in handen. Daar kunnen meer successen mee worden geboekt. De fractie DNA, Fredrix en Klein waren niet in de Ronde aanwezig.
Reactie wethouder Kim Schmitz op meningen en vragen gesteld tijdens bespreking Rondevoorstel Wethouder Schmitz had dit onderwerp liever besproken in een minder formele setting. Zij is blij met de aanbevelingen en suggesties, ook van de insprekers. Zij benadrukt dat in het Klimaatakkoord is opgenomen dat er – slechts – gestreefd moet worden naar de eerder genoemde 50% burgerparticipatie. De wethouder stelt voor om in oktober 2020 in een meer informele setting verder aan de slag te gaan met de afwegingen. Vanavond is de eerste stap op weg naar besluitvorming in 2021. De voorgestelde afwegingen worden gekoppeld aan de Toekomstvisie 2030 (Toevoeging wethouder op 2 augustus 2020: De voorgestelde afwegingen worden gekoppeld aan de geactualiseerde Omgevingsvisie). In de concept-RES is gesproken over dit conceptafwegingskader. In RES 1.0 wordt aandacht besteed aan het maatschappelijk draagvlak. Dan wordt met alle partijen gesproken. In september 2020 komt de raad te spreken over de RES. Wethouder Schmitz legt uit dat in de concept-RES wordt gesproken over een range-bod van kaders. De inbreng van de gemeenteraden en stakeholders zullen leiden tot het daadwerkelijk bod in RES 1.0. Zij benadrukt dat zij ook gesprekken heeft gevoerd met de energiecorporaties. Daarin heeft zij duidelijk gemaakt dat alles afhangt van het definitieve afwegingskader dat de raad in 2021 vaststelt.
Als uit participatie duidelijk wordt dat het door het college voorgestelde conceptafwegingskader bijgesteld moet worden, is dat reden voor heroverweging. 4
Wethouder Schmitz herhaalt dat deze discussie nadrukkelijk onderdeel is van de Regionale Energiestrategie (RES). Er is gevraagd om de impact van grootschalige opwekking van zonne- en windenergie in kaart te brengen. Andere suggesties voor duurzame energie moeten en zullen zeker worden onderzocht. Ze kunnen ook uiteindelijk in de RES worden meegenomen, maar ze dragen niet bij aan het bod. De wethouder is het eens met het verzoek voor een integrale afweging, maar nu moet de aandacht gefocust zijn op de opwekking van zonne- en windenergie. Als energiecorporaties aantonen, onder andere met de zuidenwindmethode, dat alternatieven op meer draagvlak kunnen rekenen, zal de gemeente daar onderzoek naar doen. Wethouder Schmitz zegt toe de opdracht van de RES duidelijke papier te zetten. Het gaat om de opwekking van duurzame energie uit wind en zon. Straks moet het uiteindelijke programma gekoppeld worden aan de RES met ook andere vormen van duurzame energieopwekking. Zij benadrukt dat kernenergie geen deel uitmaakt van de energiemix. Zij beaamt dat er iedere keer weer nieuwe technologieën worden ontwikkeld en dat de gemeente open moet blijven staan voor innovaties, maar benadrukt dat er een opdracht ligt voor 2030.
Met het voorliggende conceptafwegingskader kan Sittard-Geleen een grote bijdrage leveren van 0,4 TWh, ondanks de bebouwing van 50% en de aanwezigheid van veel grote industrieën.
Antwoorden op openstaande vragen gesteld tijdens en na de Ronde van 29 juni 2020 Vragen van fractie GOB: 1. Worden met dit kader eventueel in de toekomst gewenste alternatieven onmogelijk? 2. Er is eerder gesproken over een windpark bij VDL Nedcar en waterkrachtopwekking in de sluis in Born. Worden ook die zaken meegenomen? 3. Waarom voldoen de terreinen van VDL Nedcar en Chemelot niet aan de eisen en een windpark? 4. Betekent dat met een 0% benutbaarheid van de infrastructuur langs (en met een dak op de snelweg ook op) de A2 geen zonnepanelen mogelijk zijn? Waarom maakt Rijkswaterstaat alle ontwikkelingen op en langs de A2 onmogelijk ? 5. Zijn er binnen de gemeente andere concrete locaties voor de plaatsing van windmolens? Antwoord: Ad 1) in het bod voor Nationale Programma RES mag alleen wind- en zonne-energie meegenomen worden. Andere vormen om te komen tot duurzame elektriciteit dragen vooralsnog niet substantieel bij aan de gewenst hoeveelheid duurzame elektriciteit. Dat wil niet zeggen dat ze onmogelijk zijn. Ad 2) Windmolens bij VDL zijn pas aan de orde als daar op het terrein van VDL ruimte is en niet nodig is voor uitbreidingsplannen van VDL. De nationale overheid heeft specifiek gevraagd om binnen de RES naar wind- en zonenergie te kijken.
Andere duurzaam opgewekt elektriciteit naast zon- en windenergie mag meegenomen worden in de RES, maar het telt niet mee in het bod. In het nationale klimaatakkoord is het volgende aangegeven over de RES: “De productie van hernieuwbare elektriciteit uit biomassa en biogas wordt niet meegeteld voor de nationale doelstelling van 35 TWh. Ook waterkrachtinstallaties worden niet genoemd in het Klimaatakkoord en worden niet meegeteld. Als er binnen de regio plannen zijn rondom waterkrachtinstallaties mogen die wel genoemd worden in de RES.”
5
Waterschap heeft aangegeven dat de financiële haalbaarheid van waterkrachtprojecten klein is omdat de rivieren en beken in Limburg doorgaans een (te) laag debiet, verval en stroomsnelheid hebben. Ad 3) Bepaalde delen van de terreinen van VDL en Chemelot zijn momenteel wel potentieel beschikbaar (geen beperkingen mbt afstand tot gebouwen en veiligheid) maar niet meer als er op die delen gebouwd wordt/is. En dat is conform de plannen van Chemelot en VDL in de nabije toekomst wel gepland. Ad 4) RWS is vooralsnog zeer terughoudend met het willen benutten van de wegen in hun beheer, voor zonne-energie. Dat heeft o.a. te maken met het beheer van deze gronden en met mogelijke hinder voor het verkeer i.v.m. weerkaatsing van het licht. Daarom is het benuttingspercentage vooralsnog op 0 gezet. Ad 5) Er zijn in onze gemeente ook potentiele locaties voor windenergie die niet op bedrijventerreinen gelegen zijn. Die zijn op de kaart die met het Rondevoorstel meegestuurd is, aangegeven (donkergroen, niet gearceerd). Dit betreft delen van Graetheide, het middengebied tussen A2 en dorpen, en het gebied rondom het Limbrichterbos.
Er is door het College gekozen om vooralsnog het huidige beleid niet te verbreden, deze locaties niet te gebruiken, het groene hart van Sittard-Geleen open en groen te laten, het huidige landschap te behouden en deze ruimte beschikbaar te houden voor landbouw, natuur en recreatie. De Energie Coöperatie Sittard-Geleen (ECSG) heeft vooruitlopend op de discussie met de Raad en omgeving al gevraagd om de kaders en zoekgebieden voor windmolens uit te breiden naar locaties buiten bedrijventerreinen om daar burgerwindmolens te realiseren. Als blijkt dat er breed draagvlak is voor windmolens op aanvullende locaties, en rekening is gehouden met de andere afwegingskaders, kan het huidige concept afwegingskader heroverwogen worden. Het is dan aan de Raad om daarover te beslissen.
Vragen van fractie SPA: De heer Renet (SPA) merkt in dat kader op dat het de vraag is of de gemeente zonneparken alleen buiten of ook binnen de bebouwde kom toestaat. Antwoord: Zonneparken binnen de bebouwde kom en is op basis van het huidige beleid (omgevingsvisie 2016) mogelijk. Zonneparken buiten het stedelijke gebied is nu niet mogelijk. In het voorliggende concept afwegingskader wordt voorgesteld om zonneparken onder voorwaarden toe te staan in de stadlandzones.
Vragen van fractie PVV: Er zijn echter ook legio mogelijkheden voor het opwekken van zonne-energie, op daken van bedrijven en woningen. Is daar onderzoek naar gedaan? Antwoord: In het concept afwegingskader is nadrukkelijk aangegeven dat met name ingezet wordt op zonnepanelen op daken van bedrijven (met name grote loodsen) en parkeerterreinen. Dit zal dan 6
ook het grootse deel zijn van het bod voor de grootschalige opwek van zonne-energie. Opwek van zonne-energie op woningen is ook van groot belang. En wordt gestimuleerd met o.a. het project Dubbel Duurzaam. De opwek ervan mag echter niet meegeteld worden voor de landelijke opgave van 35 TWh.
Vragen van fractie D‘66: 1. Draagt de gemeente hiermee voldoende bij aan de Regionale Energiestrategie Zuid-Limburg (RES-ZL) en daarmee aan de klimaatdoelstellingen op het gebied van windenergie? 2. D66 wil weten of in het Klimaatakkoord is opgenomen dat 50% van de windenergie moet worden opgewekt door burgerwindmolens, waarmee ook de omgeving deelt in de opbrengst. Antwoord: Ad 1) Het uitgangspunt in de RES is dat iedere regio en gemeente vanuit de technische, ruimtelijke en sociale potentie haar steentje bijdraagt. Zuid-Limburg wil naar vermogen bijdragen aan de energietransitie én de regie hierop in eigen hand houden. Met de ambitie om het maximale te halen uit bestaande en toekomstige technologieën, binnen de grenzen van wat ruimtelijk en maatschappelijk aanvaardbaar is. Er wordt bewust niet naar een bepaald getal toegewerkt, en dus bijvoorbeeld ook niet naar één-dertigste van de landelijke opgave van 35 TWh. Met de huidige concept kaders en op basis van de aangegeven benuttingspercentages zou onze gemeente 0,3 en 0,4 TWh kunnen leveren. In de concept RES-ZL is nu vooralsnog een bod tussen de 1,1 en 1,9 TWH. Hieraan draagt Sittard-Geleen, als één van de 16 gemeenten, dus vooralsnog 20-30% bij.
Ad 2) In het klimaatakkoord staat dat gestreefd wordt naar 50% eigendom van de productie van de lokale omgeving (bewoners en bedrijven), en dat er lokale ruimte is om hier van af te wijken.
Vragen van fractie Groen Links: 1. De helft van de energieopwekking moet komen van lokale partijen als energiecorporaties. Is de wethouder, ook als voorzitter van de RES-ZL, bereid om daarvoor strategieën te ontwikkelen en daar de raad bij te betrekken? 2. Hoe wordt de raad meegenomen in de RES-plannen voor warmtetransitie? 3. Zijn er, als de uitbreidingsplannen van VDL Nedcar niet doorgaan (wat zeer waarschijnlijk is), mogelijkheden om op dat terrein windmolens te plaatsen? Antwoord: Ad 1) In het klimaatakkoord staat dat gestreefd wordt naar 50% eigendom van de productie van de lokale omgeving (bewoners en bedrijven). Dat kan via energiecorporaties. Maar via andere ontwikkelaars. Bij de drie windmolens in Holtum-Noord is een profijtplan in de maak waarbij de ontwikkelaar (Engie) bereid om tot 50% van het aandelenkapitaal ter beschikking te stellen voor de omgeving. Dit is ook in de Raad aan de orde geweest. Ook de strategie van de Energiecorporatie Sittard-Geleen is een mogelijkheid. Als de Energie Coöperatie Sittard-Geleen (ECSG) kan aantonen dat er breed draagvlak is voor windmolens op aanvullende locaties, kan het huidige concept afwegingskader heroverwogen worden en is mogelijk de strategie van de ECSG aan de orde. Het is dan aan de Raad om daarover te beslissen.
7
Ad 2) Het warmte deel (opgave bebouwde omgeving) van de RES komt aan de orde in een gezamenlijke digitale bijeenkomst aan alle gemeenteraden van Zuid-Limburg op 28 september van 19.00-21.00 gepresenteerd. Hierover heeft de raad/raadsleden in het dagbericht van 5 juli een savethe date ontvangen. Vervolgens zal dit nader besproken worden in een nog te formeren raadswerkgroep Duurzaamheid die elke twee tot drie maanden bij elkaar komt. De raadswerkroep zal ook meegenomen worden in de Transitievisie Warmte die op basis van de RES voor eind 2021 opgesteld moet zijn. Ad 3) in het concept afwegingskader is aangegeven het VDL-terrein een mogelijke zoeklocatie is. Als delen van dit terrein niet bebouwd worden, zijn er dus rekening houdend met beperkingen zoals geluidszones, mogelijkheden.
Vragen van fractie CDA: Het CDA vraagt om onderzoek naar mogelijkheden op bedrijventerreinen. Daarmee blijven mogelijke plekken beperkt tot Holtum-Noord. Spreker stelt voor om onderzoek te doen naar de mogelijke plaatsing van windmolens in de Kolleberg en wil weten waarom dit gebied buitenspel is gebleven. Het voorstel houdt rigide vast aan het gebruik van wind voor elektriciteitsopwekking. De gemeente heeft echter met Het Groene Net goud in handen. Daar kunnen meer successen mee worden geboekt. Antwoord: De mogelijkheden op bedrijventerreinen zijn aangegeven in het concept afwegingskader. De Kollenberg is onderdeel van het beschermd deel van het Nationaal Landschap Zuid-Limburg. Het huidige beleid van de provincie is om daar geen windmolens te plaatsen. Daarnaast zijn grote delen van de Kollenberg natuurgebied. De nationale overheid heeft specifiek gevraagd om binnen de RES naar wind- en zonenergie te kijken. Andere duurzaam opgewekt elektriciteit naast zon- en windenergie mag meegenomen worden in de RES, maar het telt niet mee in het bod. In het nationale klimaatakkoord is het volgende aangegeven over de RES: “De productie van hernieuwbare elektriciteit uit biomassa en biogas wordt niet meegeteld voor de nationale doelstelling van 35 TWh. Ook waterkrachtinstallaties worden niet genoemd in het Klimaatakkoord en worden niet meegeteld.
Als er binnen de regio plannen zijn rondom waterkrachtinstallaties mogen die wel genoemd worden in de RES.” Waterschap heeft echter aangegeven dat de financiële haalbaarheid van waterkrachtprojecten klein is vanwege omdat de rivieren en beken in Limburg doorgaans een (te) laag debiet, verval en stroomsnelheid hebben. Het Groene Net is een bijdrage aan de warmte-transitie, en staat los van de landelijke opgave voor duurzame elektriciteit. Wel is het zo dat gebruik van restwarmte (via bijvoorbeeld het Groene Net) er voor zorgt dat er geen warmtepompen nodig zijn die veel extra duurzame elektriciteit vragen.
Vragen fractie 50PLUS gesteld tijdens de Ronde en/of gemaild op 30 juni 2020: Vraag 1 Circulaire Economie 50PLUS breed zijn we nadrukkelijk voorstander voor een traject met het transitietraject in de energievoorziening. Niet voor niets onze waardering afgelopen donderdag bij de Ronde Jaarrekening voor het antwoord op de circulaire economie en ons nadrukkelijke voorstel om richting de Chemelot bedrijven concrete projectafspraken te maken met investeringen als inzet voor hun CO2 reductie. Helaas van wethouder/college hier geen reactie op. Graag hierop alsnog reactie college. 8
Antwoord: Afspraken met Chemelot mbt CO2 reductie worden op rijksniveau gemaakt. De gemeente zal wel in gesprekken met Chemelot deze verduurzaming bespreken en stimuleren. Vraag 2 Draagvlak Bij dit RES traject is het nadrukkelijk noodzakelijk dar er DRAAGVLAK is. en in het college voorstel is terecht meerdere malen de tekst : Citaat” HET VERKRIJGEN VAN MAATSCHAPPELIJK DRAAAGVLAK IS ESSENTIEEL” Einde citaat. We kunnen het ook omdraaien: GEEN DRAAGVLAK IS EEN REDEN OM EEN PROJECT NIET TE LATEN DOORGAAN! Graag bevestiging van het college dat dit dan ook zo wordt ingevuld. Ook voor het Holtum Noord windmolenproject. Antwoord: Het verkrijgen van zoveel mogelijk draagvlak is essentieel. Daarnaast heeft het College de taak om alle belangen in de energietransitie mee te nemen en te wegen waar nodig. Het project Holtum-Noord liep al voor dat het RES-traject begon. En is opgestart op basis van bestaand gemeentelijke en provinciaal beleid. Voor nieuw beleid of aanpassingen op bestaand beleid is het verkrijgen van maatschappelijk draagvlak essentieel. Vraag 3 Draagvlak Holtum Noord Het antwoord op onze vraag tav Holtum NOORD op pagina 49 50PLUS vraag nr. 10 bij de set vragen en antwoorden over de Jaarrekening zegt het college: citaat” Nee het college het niet eens met deze stelling, enz., enz., ” tav noodzakelijk draagvlak.
Kortom Hoe kan het dat u zo dubbel bent voor het project Holtum Noord? En dat er indringend pogingen worden gedaan om dit DRAAGVLAK te verkrijgen , ook duidelijk, maar zoals het bericht in de krant van donderdag 18 juni aangegeven “HET IS ER GEWOON IN HET GEHEEL NOG NIET” Zie ook de eerdere 500 handtekeningen! Een 10 voor vlijt, een 0 voor vorderingen” Bent u met ons van mening dat het vereiste draagvlak in Holtum Noord er zeker nog niet is? Antwoord: Nee, zie hiervoor het antwoord van het College op uw vraag 10 over de jaarrekening: “In de discussie rondom het realiseren van windpark Holtum-Noord gaat het om een afweging van meerdere aspecten: o.a. de noodzaak om te verduurzamen, het algemeen belang , het betrekken van de omgeving en het oog hebben voor de effecten van het project op de omgeving. De gemeenteraad van Sittard-Geleen heeft een deel van de benodigde keuzes gemaakt in de omgevingsvisie van 2016. Hierin heeft zij zoekgebieden aangewezen waarbinnen windenergie gerealiseerd mag worden. Eén van die gebieden is Holtum-Noord. Bij de invulling van deze visie in concrete projecten is het belangrijk om de directe omgeving te betrekken bij het project. En dat is de afgelopen anderhalf jaar gebeurd. De gemeente heeft zich ingespannen om in de directe omgeving steun te realiseren voor het project.
Dat deze steun niet bij alle mensen in de directe omgeving is gerealiseerd is een feit.” Vraag 4 STADSKRANT Hoe verklaart u de houding van college en ONTKENNING van de noodzaak voor DRAAGVLAK in de STADSKRANT van vrijdag 26 juni Citaat” betrekken van omwonenden” . MAAR NIETS OVER DE NOODZAAK VAN DRAAGVLAK? Antwoord: Zie het antwoord op vraag 3. Vraag 5 ENZIE vragen Helaas constateren we het uitblijven van antwoorden op onze vragen nav van de recente ENZIE sessies. Waar blijven deze? Antwoord: De beantwoording van deze vragen heeft u op 9 juli 2020 ontvangen. 9
Vraag 6 Resterende locaties Mede nav de CDA vraag. Wat nog aanvullende gebieden voor windmolens op bedrijfsterreinen? Dit is toch conform collegevoorstel met uitsluitingen uitgesloten. Is dus de conclusie “ Geen verdere locaties meer aan de orde” juist want de wethouder suggereert telkens dat dit WEL zo is? Als er geen alternatieve locaties zijn wordt NIET voldaan aan de wettelijke eis dat 50% van de windmolenparken door en voor de burgers dienen te zijn met burger participatie. Hoe gaat het college om met de constatering dat Sittard Geleen NIET aan deze eis voldoet? Antwoord: De wethouder heeft in de Ronde aangegeven dat in het klimaatakkoord staat dat “Gestreefd wordt naar 50% eigendom van de productie van de lokale omgeving (bewoners en bedrijven).” En “Er is lokale ruimte om hier van af te wijken.” Bij de 3 windmolens in Holtum-Noord wordt een deel van de gewenste participatie ingevuld door aandelen die bewoners kunnen kopen (maximaal 50% van het aandelenkapitaal). Aanvullende locaties (andere dan Holtum-Noord) zijn delen van Chemelot en VDL-Nedcarterrein. Indien de geplande bebouwingen niet doorgaan komen deze locaties beschikbaar als zoekgebieden voor windenergie. Vraag 7 Alternatieve locaties Luisterend naar de inspreker van ECSG blijkt dat er wel degelijk meer ALTERNATIEVE locaties zijn.
Graag reactie op de opmerkingen van ESCG per opmerking? Antwoord: Er zijn in onze gemeente ook potentiele locaties voor windenergie die niet op bedrijventerreinen gelegen zijn. Die zijn op de kaart die met het Rondevoorstel meegestuurd is, aangegeven (donkergroen, niet gearceerd). Dit betreft delen van Graetheide, het middengebied tussen A2 en dorpen, en het gebied rondom het Limbrichterbos. Er is door het College gekozen om vooralsnog het huidige beleid niet te verbreden, deze locaties niet te gebruiken, het groene hart van Sittard-Geleen open en groen te laten, het huidige landschap te behouden en deze ruimte beschikbaar te houden voor landbouw, natuur en recreatie. De Energie Coöperatie Sittard-Geleen (ECSG) heeft vooruitlopend op de discussie met de Raad en omgeving al gevraagd om de kaders en zoekgebieden voor windmolens uit te breiden naar locaties buiten bedrijventerreinen om daar burgerwindmolens te realiseren. Als blijkt dat er breed draagvlak is voor windmolens op aanvullende locaties, kan het huidige concept afwegingskader heroverwogen worden. Het is dan aan de Raad om daarover te beslissen. Vraag 8 Suggestie Als je de Kollenberg oploopt en deze verlaat richting Duitsland dan kom je in een uitgebreid landbouwgebied. Een uitstekende plek voor windmolens. Grote afstanden tot de bewoonde wereld. Geen bedrijven welke daar last van hebben .
Verfoeilijke landschapsontsiering langs wegen door windmolens is hier niet aan de orde, Graag een complete uitgebreide reactie waarom dit gebied tot dusver buitenspel is gebleven. Antwoord: De Kollenberg is onderdeel van het beschermd deel van het Nationaal Landschap ZuidLimburg. Het huidige beleid van de provincie is om daar geen windmolens te plaatsen. Daarnaast zijn grote delen van de Kollenberg natuurgebied. Vraag 9 Brede inzet CO2 reductie
10
In het stuk wordt rigide vastgehouden aan wind voor elektriciteit opwek. Een echt probleem voor onze stedelijke gemeente. Maar vanuit een breder perspectief tav CO2 bestrijden hebben we met HGN , gekoppeld aan Chemelot, goud in handen om aardgas terug te dringen en forse CO2 reductie te bereiken, vele factoren groter dan louter het wind verhaal. Is dit nu niet een veel betere kans om met voortvarendheid hierop in te zetten? Inzet door hiervoor nadrukkelijk te gaan . Is deze uitruil ooit met Provincie en/of Rijk besproken? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat was het resultaat? Antwoord: Het gebruik van de restwarmte van Chemelot komt aan de orde in de opgave Bebouwde omgeving, en kan worden ingezet als alternatief voor aardgas. Dit is echter een andere opgave en staat los van de opgave van NP-RES om met bij te dragen aan de landelijke behoefte aan duurzame elektriciteit opgewekt met zonneparken en windmolens op land (zie algemene uitleg hierboven). Het is wel zo dat bij gebruik van restwarmte van Chemelot voor delen van Sittard-Geleen, geen warmteoplossingen nodig zijn die veel extra elektriciteit vragen, zoals warmtepompen. Op die manier is er wel een link tussen de twee opgaven. En ja, beide opgaven zijn o.a. bedoeld voor de gewenste CO2 reductie. Het is echter niet de bedoeling om de één wel te doen en de ander niet.
Vraag 10 Biomassacentrale Recent is opnieuw nadrukkelijk in de media duidelijk geworden dat een biomassacentrale meer vervuilend werkt tav CO2 dan reducerend met bovendien hout uit natuur gebieden als brandstof en dat subsidiebedragen afgebouwd worden. Waar blijft de reeds lang toegezegde evaluatie van onze biomassacentrale en wat is het financiële effect van de voorgenomen subsidiereductie? En wat is de impact op het bedrijf HGN Noord en wat is de consequenties voor de aangesloten burgers? Antwoord: Er is geen evaluatie van de biomassacentrale toegezegd. Voor zover bekend is van subsidiereductie nog geen sprake, en daarmee is de vraag over mogelijke impact nog niet aan de orde. Aanvullende vraag De wethouder heeft maandag jl. steeds ingebracht dat de Raad nog volledig aan zet komt. Rond 1 oktober komen de raden bij elkaar om het overleg aan te gaan.
Vraag: Wat is dan de concrete positie van de Raad van Sittard Geleen? Als de Raad van Sittard tot een gewijzigde opstelling komt niet in overeenstemming met dat wat nu zonder enig overleg al reeds voor Sittard Geleen is ingebracht is dan het door de Raad ingenomen standpunt bepalend voor datgene wat Sittard Geleen in het RES gaat inzetten? Of blijft de meerderheid van de Raden bepalend voor wat in Sittard Geleen staat te gebeuren? Antwoord: De definitieve afwegingskaders (met daaraan gekoppeld zoekgebieden en kwantitatief bod) voor de gemeente Sittard-Geleen (als onderdeel van de RES-ZL) wordt bepaald door de gemeenteraad van Sittard-Geleen en wordt ingebracht als onderdeel van de RES-ZL. Dat doen de andere gemeenten ook. Iedere gemeente gaat over haar eigen afwegingskader. Het definitieve afwegingskader kan afwijken van het CONCEPT afwegingskader dat in de Ronde besproken is.
11