01.2 Regels Bp Munnikstraat Holtum”
Tekst van het document
Munnikstraat Holtum
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1
Inleidende regels
4
Artikel 1 Artikel 2
Begrippen Wijze van meten
4 11
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
13
Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7
Groen Verkeer Wonen Waarde - Archeologie 2 Waarde - Archeologie 3
13 14 15 18 20
Hoofdstuk 3
Algemene regels
22
Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15
Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Algemene procedureregels Overige regels
22 23 24 25 26 27 28 29
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
30
Artikel 16 Artikel 17
Overgangsrecht Slotregel
30 31
Bijlagen bij regels
33
Bijlage 1
34
2
Staat van bedrijfsactiviteiten
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Regels
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze planregels wordt verstaan onder: 1.1
Plan
het bestemmingsplan 'Munnikstraat Holtum' met identificatienummer NL.IMRO.1883.BPMunnikstraat-VA01 van de gemeente Sittard-Geleen. 1.2
Bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
Aan huis gebonden bedrijf
een bedrijf, gericht op het beroepsmatig verlenen van diensten en zorg of het uitoefenen van (ambachtelijke) bedrijvigheid door middel van handwerk, dat door de bewoner(s) van een woning in of vanuit die woning of een bijbehorend bijgebouw, dan wel, in geval van een meergezinswoning of bovenwoning, vanuit de beganegrondverdieping van een gebouw wordt uitgeoefend, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie behoudt. 1.4
Aan huis gebonden beroep
een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, zakelijk, maatschappelijk, juridisch (para)medisch, therapeutisch, lichaamsverzorgend, ontwerptechnisch of kunstzinnig of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door de bewoner(s) van een woning in of vanuit die woning of een bijbehorend bijgebouw dan wel, in geval van een meergezinswoning of bovenwoning, vanuit de begane grond verdieping van een gebouw wordt uitgeoefend, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie behoudt, een kapsalon hieronder begrepen. 1.5
Aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.6
Aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.7
Afhankelijke woonruimte
een bijgebouw dat qua ligging een ruimtelijke eenheid vormt met de woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit een oogpunt van mantelzorg is gehuisvest. 1.8
Ander werk
Een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheid.
4
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
1.9
Archeologische waarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit oude tijden. 1.10
Bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.11
Bebouwingspercentage
de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen op een bouwperceel, dan wel binnen een bestemmingsvlak of bouwvlak, zoals nader bepaald in deze regels, in procenten van de oppervlakte van dat bouwperceel, bestemmingsvlak of bouwvlak. 1.12
Bedrijf
een onderneming waarbij het accent ligt op het vervaardigen, bewerken, installeren, inzamelen en en/of verhandelen van goederen, waarbij eventueel detailhandel uitsluitend plaatsvindt als ondergeschikt onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop c.q. levering van ter plaatse vervaardigde, bewerkte of herstelde goederen dan wel goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen. 1.13
Bestaand
a. onder bestaande bebouwing wordt verstaan bebouwing welke op het tijdstip van de ter inzagelegging van het ontwerp van dit wijzigingsplan aanwezig mag zijn of in uitvoering is, dan wel gebouwd mag worden krachtens een omgevingsvergunning; b. onder bestaand gebruik wordt verstaan het gebruik van grond en bouwwerken dat bestaat op het tijdstip van de ter inzagelegging van het ontwerp van dit wijzigingsplan. 1.14
Bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak. 1.15
Bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met een eenzelfde bestemming. 1.16
Bijgebouw (inclusief aan- en uitbouw)
een al dan niet vrijstaand gebouw, dat door zijn constructie en/of afmetingen ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel staand hoofdgebouw. 1.17
Bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.18
Bouwgrens
de grens van een bouwvlak.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
5
1.19
Bouwlaag
Een boven het peil gelegen en doorlopend gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder. 1.20
Bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegestaan. 1.21
Bouwperceelgrens
de grens van een bouwperceel. 1.22
Bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.23
Bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal welke hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.24
Bovenwoning
Een woning, die zich geheel of nagenoeg geheel bevindt boven de begane grondverdieping van een gebouw. 1.25
Bedrijfsvloeroppervlak
de inpandige en overdekte ruimte die wordt benut in verband met de uitoefening van een bedrijf. 1.26
Calamiteit
een onvermijdelijk, eenmalig, buiten de schuld van de eigenaar en/of gebruiker van het bouwwerk veroorzaakt onheil. Van een calamiteit is in ieder geval geen sprake bij tenietgaan (mede) door slecht onderhoud. 1.27
Detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, verkopen en/of (af)leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen voor gebruik en/of verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van beroeps- of bedrijfsactiviteiten. 1.28
Doeleinden van openbaar nut
nutsvoorzieningen, zoals transformatorhuisjes en schakelkastjes, kabels en leidingen, straatvoorzieningen, telefooncellen, e.d..
6
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
1.29
Eengezinswoning
een complex van ruimten dat blijkens zijn indeling en inrichting bestemd is voor de huisvesting van een huishouden. 1.30
Erf
een al of niet omheind stuk grond, in ruimtelijke opzicht direct behorende bij, in functioneel opzicht ten dienste van en in feitelijk opzicht direct aansluitend aan een woning of een ander gebouw, waarop ingevolge de regels van het plan geen hoofdbebouwing is toegestaan en dat in beginsel behoort tot de kavel(s) waarop de woning of het andere gebouw is geplaatst, zoals dat blijkt uit kadastrale gegevens. 1.31
Erker
een uitbreiding van het hoofdgebouw op de begane grond, geen afzonderlijke ruimte zijnde, waarvan de bestemming overeenkomt met de bestemming van het hoofdgebouw. 1.32
Gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.33
Gebruiken
In deze regels wordt mede verstaan onder gebruiken: het doen gebruiken, laten gebruiken en in gebruik geven. 1.34
Gevellijn
de gevel van een gebouw, die is gekeerd naar de weg of het openbaar gebied waarop het bouwperceel overwegend georiënteerd is (bij een hoekperceel met een grondgebonden woning is er slechts sprake van één voorgevel). 1.35
Hoofdgebouw
een gebouw dat op een bouwperceel, door zijn constructie, bouwmassa, ruimtelijke uitstraling en/of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als het belangrijkste bouwwerk is aan te merken. 1.36
Horeca
Het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en-of etenswaren voor gebruik ter plaatse, waarbij het doen beluisteren van overwegend mechanische muziek en het gelegenheid geven tot dansen een wezenlijk onderdeel kunnen vormen, alsmede het bedrijfsmatig verstrekken van logies. 1.37
Horeca ondergeschikt aan hoofdbestemming
het bedrijfsmatig, als ondergeschikte nevenactiviteit mede verstrekken van uitsluitend dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
7
1.38
Huishouden
de bewoning van een woning door: a. een persoon; b. meerdere personen in de vorm van een samenlevingsverband, niet zijnde kamerverhuur. 1.39
Kamerverhuur
de bedrijfsmatige verhuur van onzelfstandige woonruimten binnen een bestaand (woon)gebouw niet bestemd voor recreatieve bewoning. 1.40
Kunstuiting
voortbrengsel van de beeldende kunsten; kunstwerk. 1.41
Kwetsbaar object
een (beperkt) kwetsbaar object, zoals bedoeld in artikel 1 van het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen. 1.42
Mantelzorg
het bieden van zorg aan een ieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband. 1.43
Milieuhygiënische uitvoerbaarheid
overkoepelend begrip voor relevante milieuaspecten zoals bodem, geluid, geurhinder, luchtkwaliteit, externe veiligheid, etc. aan welke bijbehorende wettelijke kaders getoetst dient te worden, zodat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse is geborgd en omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd. 1.44
Nota Parkeernormen Sittard-Geleen - Parkeernormensystematiek
de 'Nota Parkeernormen Sittard-Geleen – Parkeernormensystematiek', zoals vastgesteld op 15 maart 2012, of de opvolger hiervan. 1.45
Onderbouw
een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer waarvan de bovenkant minder dan 1,20 m boven het peil is gelegen. 1.46
Ondergeschikte bouwdelen/bouwdelen van ondergeschikt belang
bouwdelen van beperkte afmetingen, die buiten de hoofdmassa van het hoofdgebouw uitsteken, zoals schoorstenen, antennemasten, windvanen, vlaggenmasten, wolfseinden en andere ondergeschikte dakopbouwen. 1.47
Ondergronds
beneden het peil.
8
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
1.48
Prostitutiebedrijf
een inrichting of instelling gericht op het tegen betaling doen plaatsvinden van seksuele omgang met prostituees op een naar buiten toe kenbare wijze, zoals een bordeel of escortservice. 1.49
Seks- en of pornobedrijf
een inrichting of instelling gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van erotische en/of pornografische aard dan wel voor detailhandel in seks- en/of pornoartikelen, zoals een seksbioscoop, seksclub, seksautomaat of sekswinkel. 1.50
Staat van bedrijfsactiviteiten
bedrijfsactiviteitenlijst ontleend aan de VNG uitgave ‘Bedrijven en Milieuzonering’ zoals opgenomen in Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten van deze planregels. 1.51
Stedenbouwkundig beeld
het beeld dat wordt bepaald door de bouwmassa’s, de gevelindeling, en de dakvormen van de bebouwing, alsmede de situering en de verschijningsvorm in zijn omgeving. 1.52
Uitvoeren
In deze regels wordt mede verstaan onder uitvoeren: het doen uitvoeren, laten uitvoeren en in uitvoering geven. 1.53
Verharden van wegen
het aanbrengen van een dichte deklaag in de vorm van bijvoorbeeld klinkers, asfalt of beton. 1.54
Verharding
Verharding als gevolg waarvan neerslag niet of zeer beperkt in de bodem kan infiltreren. 1.55
Voorgevel
de gevel van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie of uitstraling als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt. 1.56
Voorgevellijn
denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrenzen. Ter plaatse van de aanduiding 'gevellijn' geldt deze gevel als voorgevel. 1.57
Vrijstaande woning
een woning waarvan het hoofdgebouw niet aan een op een aangrenzend perceel gelegen gebouw is aangebouwd.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
9
1.58
Wonen
bewonen van een woning uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één huishouden. 1.59
Woning
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één huishouden.
10
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt volgt gemeten:
2.1
Afstand van een bouwwerk tot de zijdelingse perceelsgrens
tussen de zijdelingse grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is. 2.2
Goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeiboord of een daaraan gelijk te stellen constructiedeel. 2.3
Bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.4
Inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.5
Oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.6
Horizontale diepte van een bouwwerk
tussen het voorste en het achterste punt van het bouwwerk, gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidsmuren dan wel scheidslijnen en op het peil. 2.7
Peil
de gemiddelde hoogte van het aansluitende, afgewerkte terrein ter plaatse van het bouwperceel. 2.8
Verticale diepte van een ondergronds bouwwerk
van het peil tot aan de bovenzijde van de afgewerkte vloer van het ondergrondse (deel van het) bouwwerk.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
11
2.9
Ondergeschikte onderdelen
bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwonderdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, liftschachten, gevelen kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt.
12
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een park, plantsoenen, groenstroken en overige aanplanten; alsmede voor: b. voet- en fietspaden; c. speelvoorzieningen; d. kunstuitingen; e. nutsvoorzieningen; f. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; met bijbehorende: g. bouwwerken, geen gebouw zijnde. De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 6 en 7 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten. 3.2
Bouwregels
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 3.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen: a. gebouwen zijn niet toegestaan; b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste bedragen: 1. van verlichting 6 m; 2. van speelvoorzieningen 6 m; 3. van voorzieningen voor de verkeersgeleiding 10 m; 4. van kunstuitingen 12 m; 5. van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde 2 m.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
13
Artikel 4 4.1
Verkeer
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen en voet- en fietspaden ten behoeve van doorgaand en overig verkeer; alsmede voor: b. parkeervoorzieningen en andere openbare ruimten; c. groenvoorzieningen; d. kunstuitingen; e. water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding; f. nutsvoorzieningen; g. overige bijbehorende voorzieningen; met bijbehorende: h. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 6 en 7 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten. 4.2
Bouwregels
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 4.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen dat: a. gebouwen zijn niet toegestaan; b. nutsvoorzieningen mogen worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. de oppervlakte niet meer bedraagt dan 15 m²; 2. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3 m. c. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, mag ten hoogste bedragen: 1. van verlichting 6 m; 2. van voorzieningen voor de verkeersgeleiding 10 m; 3. van kunstuitingen 12 m; 4. van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde 2 m.
14
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 5 5.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; alsmede voor: b. c. d. e. f.
erven en tuinen; (ontsluiting van) parkeervoorzieningen; doeleinden van openbaar nut; water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding; overige bijbehorende voorzieningen;
met bijbehorende: g. hoofdgebouwen h. bijgebouwen; i. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 5.2
Bouwregels
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 5.1 omschreven doeleinden en met inachtname van de volgende bepalingen: a. Hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd, waarbij per bouwvlak het aantal woningen niet meer mag bedragen dan het aantal dat is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden’. b. De voorgevel dient te worden opgericht ter plaatse van de aanduiding 'gevellijn' of maximaal 3 meter achter die gevellijn; c. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag de bouwhoogte niet hoger zijn dan het aantal meters volgens de aanduiding; d. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' mag de gooten bouwhoogte niet hoger zijn dan het aantal meters volgens de aanduiding; e. Het gezamenlijk te bebouwen oppervlak aan bijgebouwen mag per bouwperceel ten hoogste 50% bedragen van de gronden gelegen buiten het bouwvlak, tot een oppervlakte van maximaal 35 m², met dien verstande dat het oppervlak aan vrijstaande bijgebouwen maximaal 50 m² mag bedragen. f. bijgebouwen mogen uitsluitend op een afstand van ten minste 1 m achter de gevellijn, of de lijn in het verlengde daarvan, worden gebouwd; g.
de goot- en/of bouwhoogte van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste bedragen: Goothoogte Bouwhoogte van aangebouwde bijgebouwen hoogte eerste bouwlaag goothoogte + afstand tot perceelgrens, hoofdgebouw +0,25 m; tot maximum van 5 m; van vrijstaande bijgebouwen 3 m; goothoogte + afstand tot perceelgrens, tot maximum van 5 m; van erfafscheiding in of achter de 2 m; gevellijn van overige bouwwerken, geen 3m. gebouwen zijnde h. Maximaal 50% van het onbebouwde gedeelte van het bouwperceel mag worden voorzien van een verhard oppervlak.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
15
5.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing: a. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en werkklimaat van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. ter waarborging van de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving; c. ter waarborging van de verkeersveiligheid; d. ter waarborging van de sociale veiligheid; e. ter waarborging van de brandveiligheid en rampenbestrijding. 5.4
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. artikel 5.2 onder b ten behoeve de realisatie van erkers, afdaken, balkons, entreeportalen en veranda’s buiten het bouwvlak, met dien verstande dat: 1. de overschrijding van de voorste bouwgrens maximaal 1 m mag bedragen; 2. de bouwhoogte van erkers, afdaken, entreeportalen en veranda’s maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw mag bedragen; 3. de breedte van erkers, afdaken, balkons, entreeportalen en veranda’s maximaal 3/5 deel van de breedte van de betreffende gevel van het hoofdgebouw mag bedragen; b. Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 5.2 voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m. c. Het bevoegd gezag kan middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5.2 onder h indien een voorziening is getroffen die het hemelwater op het bouwperceel opvangt en in de bodem infiltreert. 5.5
Specifieke gebruiksregels
Onder verboden gebruik wordt ten minste verstaan het gebruik van de opstallen voor: a. b. c. d. e. f.
het gebruik van (vrijstaande) bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte; de uitoefening van een aan huis verbonden beroep of bedrijf; ambachtelijke en/of industriële doeleinden; groothandel; detailhandel; dienstverlening.
5.6
Afwijken van de gebruiksregels
5.6.1
Mantelzorg
Burgemeester en wethouders kunnen middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5.5 onder a, mits: a. een dergelijke bewoning noodzakelijk is uit het oogpunt van mantelzorg; b. het gebruik beperkt blijft tot de in artikel 5.2 onder e en f genoemde bouwmogelijkheden voor bijgebouwen; c. de belangen van de rechthebbenden op de aan het bouwperceel grenzende gronden niet onevenredig worden geschaad; d. de afwijking van de omgevingsvergunning wordt geacht door burgemeester en wethouders te zijn ingetrokken op het moment dat de noodzaak tot mantelzorg (als gevolg van verhuizen of overlijden) is komen te vervallen.
16
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
5.6.2
Uitoefening aan huis gebonden bedrijf
Burgemeester en wethouders kunnen middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5.5 sub b voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits; a. de uitoefening van het aan huis gebonden bedrijf plaatsvindt: 1. in een eengezinswoning of een tot deze woning behorend bijgebouw; 2. op de begane grondverdieping van een meergezinswoning; 3. op de begane grondverdieping behorende tot een bovenwoning. b. het ten behoeve van het aan huis gebonden bedrijf in gebruik te nemen bedrijfsvloeroppervlak niet meer bedraagt dan 30 m², met dien verstande dat de woonfunctie primair en in ruimtelijke zin gehandhaafd blijft; c. het aan huis gebonden bedrijf voorkomt in milieucategorie 1 of 2 in de Bijlage bij regels staat van bedrijfsactiviteiten of, voor wat betreft de aard en omvang van de milieuhinder die het veroorzaakt, gelijk gesteld kan worden aan een bedrijf behorende tot één van die milieucategorieën; d. het gebruik geen onevenredige afbreuk veroorzaakt op de verkeersafwikkeling en de parkeerbalans; e. geen horeca en geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop ondergeschikt aan de uitoefening van het aan huis gebonden bedrijf; f. de aard en de activiteiten van het bedrijf niet leiden tot een onevenredige hinder voor het woonmilieu en een onevenredige afbreuk van het woon- en leefklimaat in de omgeving. 5.6.3
Uitoefening aan huis gebonden bedrijf
Burgemeester en wethouders kunnen middels afwijken van het bepaalde in lid 5.5 sub b, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits: a. de uitoefening van het aan huis gebonden beroep plaatsvindt: 1. in een eengezinswoning of een tot deze woning behorend bijgebouw; 2. op de begane grondverdieping van een meergezinswoning; 3. op de begane grondverdieping behorende tot een bovenwoning; b. het ten behoeve van het aan huis gebonden beroep in gebruik te nemen vloeroppervlak niet meer bedraagt dan 30 m2, met dien verstande dat de woonfunctie primair en in ruimtelijke zin gehandhaafd blijft; c. het gebruik geen onevenredige afbreuk veroorzaakt op de verkeersafwikkeling en de parkeerbalans; d. geen horeca en geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop ondergeschikt aan de uitoefening van het aan huis gebonden beroep; e. de aard en de activiteiten van het bedrijf niet leiden tot een onevenredige hinder voor het woonmilieu en een onevenredige afbreuk van het woon- en leefklimaat in de omgeving.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
17
Artikel 6 6.1
Waarde - Archeologie 2
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. doeleinden ter bescherming van de archeologische waarden. Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen. 6.2
Bouwregels
a. Binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd die voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn. b. Op de in lid 6.1 genoemde gronden mogen geen bouwwerken ten behoeve van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen worden gebouwd, met uitzondering van: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder peil niet wordt uitgebreid; 2. een bouwwerk zonder graafwerkzaamheden dieper dan 30 cm en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst; 3. een bouwwerk met een oppervlakte tot ten hoogste 100 m². 6.3
Afwijken van de bouwregels
a. Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 6.2 sub b, met in acht neming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. b. Een omgevingsvergunning als bedoeld in onder a wordt verleend, indien: 1. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad; 2. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat archeologische waarden op de betrokken locatie niet aanwezig zijn; c. Een omgevingsvergunning als bedoeld in onder a wordt voorts verleend, indien mede op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden gericht op: 1. het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen of; 3. het laten begeleiden van de bodemverstorende activiteit door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties. 6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.4.1
Verbod
Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken,geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden dieper dan 30 cm, waartoe worden gerekend het ophogen, afgraven, woelen,mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; b. het verlagen van het waterpeil;
18
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
c. het rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; d. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 6.4.2
Uitzonderingen
Het verbod als bedoeld in lid 6.4.1 is niet van toepassing indien: a. mede op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad; b. mede op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat archeologische waarden op de betrokken locatie niet aanwezig zijn; c. de werken een oppervlakte hebben tot ten hoogte 100 m² of smaller zijn dan 1,5 m; d. er reeds een verleende omgevingsvergunning of ontgrondingvergunning is verleend; e. de werken reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van in werking treden van het plan; f. de werken behoren tot het normale onderhoud en beheer van de gronden; g. de werken ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. 6.4.3
Voorwaarden
Voor zover mede op basis van archeologisch onderzoek bepaald is dat de in lid 6.4.1 genoemde werken en werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen van deze werken en werkzaamheden kunnen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal, kan de omgevingsvergunning worden verleend, indien aan de omgevingsvergunning de volgende voorwaarden worden verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen of; c. de verplichting de uitvoering van de bodemverstorende activiteit te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificatie. 6.5
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met toepassing van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan te wijzigen door: a. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat: 1. op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn; 2. wel aanwezige archeologische waarden in voldoende mate zijn veilig gesteld. b. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' toe te kennen aan gronden, grenzend aan deze dubbelbestemming, indien uit archeologisch onderzoek blijkt dat de begrenzing van bedoelde dubbelbestemming, gelet op ter plaatse aanwezige archeologische waarden, aanpassing behoeft.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
19
Artikel 7 7.1
Waarde - Archeologie 3
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Waarde - Archeologie 3’ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. doeleinden ter bescherming van de archeologische waarden. Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen. 7.2
Bouwregels
a. Binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd die voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn. b. Op de in lid 7.1 genoemde gronden mogen geen bouwwerken ten behoeve van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen worden gebouwd, met uitzondering van: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder peil niet wordt uitgebreid; 2. een bouwwerk zonder graafwerkzaamheden dieper dan 30 cm en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst; 3. een bouwwerk met een oppervlakte tot ten hoogste 500 m². 7.3
Afwijken van de bouwregels
a. Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 7.2 sub b, met in acht neming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. b. Een omgevingsvergunning als bedoeld in onder a wordt verleend, indien: 1. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad; 2. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat archeologische waarden op de betrokken locatie niet aanwezig zijn; c. Een omgevingsvergunning als bedoeld in onder a wordt voorts verleend, indien mede op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden gericht op: 1. het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen of; 3. het laten begeleiden van de bodemverstorende activiteit door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties. 7.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.4.1
Verbod
Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken,geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden dieper dan 30 cm, waartoe worden gerekend het ophogen, afgraven, woelen,mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; b. het verlagen van het waterpeil;
20
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
c. het rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; d. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 7.4.2
Uitzonderingen
Het verbod als bedoeld in lid 7.4.1 is niet van toepassing indien: a. mede op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad; b. mede op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat archeologische waarden op de betrokken locatie niet aanwezig zijn; c. de werken een oppervlakte hebben tot ten hoogte 500 m² of smaller zijn dan 1,5 m; d. er reeds een verleende omgevingsvergunning of ontgrondingvergunning is verleend; e. de werken reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van in werking treden van het plan; f. de werken behoren tot het normale onderhoud en beheer van de gronden; g. de werken ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. 7.4.3
Voorwaarden
Voor zover mede op basis van archeologisch onderzoek bepaald is dat de in lid 7.4.1 genoemde werken en werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen van deze werken en werkzaamheden kunnen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal, kan de omgevingsvergunning worden verleend, indien aan de omgevingsvergunning de volgende voorwaarden worden verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen of; c. de verplichting de uitvoering van de bodemverstorende activiteit te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificatie. 7.5
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met toepassing van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan te wijzigen door: a. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat: 1. op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn; 2. wel aanwezige archeologische waarden in voldoende mate zijn veilig gesteld. b. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' toe te kennen aan gronden, grenzend aan deze dubbelbestemming, indien uit archeologisch onderzoek blijkt dat de begrenzing van bedoelde dubbelbestemming, gelet op ter plaatse aanwezige archeologische waarden, aanpassing behoeft.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
21
Hoofdstuk 3 Artikel 8
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
22
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 9
Algemene bouwregels
9.1
Bestaande afmetingen en afstanden en percentages
9.1.1
Afmetingen en afstanden
In die gevallen dat de goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud, horizontale dan wel verticale diepte en/of de afstand tot enige op de verbeelding aangegeven lijn van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand zijn gekomen, op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van het plan minder dan wel meer bedraagt dan in de bouwvregels in Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels is voorgeschreven respectievelijk toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud en/of afstand in afwijking daarvan als minimaal respectievelijk maximaal toegestaan. 9.1.2
Percentages
In die gevallen dat een bebouwingspercentage, dat in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand is gekomen, op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedraagt dan in de bouwregels in Hoofdstuk 2 van deze regels zijn voorgeschreven, geldt dat bebouwingspercentage in afwijking daarvan als maximaal toegestaan. 9.2
Ondergronds bouwen
Het bepaalde in deze regels en omtrent de situering, de horizontale diepte en de oppervlakte van bouwwerken, alsmede het bebouwingspercentage, is op overeenkomstige wijze van toepassing op ondergronds bouwen, met dien verstande dat de verticale diepte van ondergrondse bouwwerken niet meer dan 3 m mag bedragen.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
23
Artikel 10
Algemene gebruiksregels
Onder verboden gebruik wordt in elk geval verstaan: a. een gebruik van gronden als stort- en/of opslagplaats van grond en/of afval, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud; b. een gebruik van gronden als stallings- en/of opslagplaats van één of meer aan het gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud; c. een gebruik van gronden en bouwwerken voor een seksinrichting dan wel ten behoeve van prostitutie.
24
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 11 11.1
Algemene aanduidingsregels
geluidzone - industrie
a. Ter plaatse van de aanduiding ‘geluidzone - industrie’ zijn de gronden mede bestemd voor de bescherming c.q. instandhouding van de geluidsruimte in verband met de nabijheid van een industrieterrein als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder. b. In afwijking van het bepaalde in hoofdstuk 2 van deze regels, mogen ter plaatse van de aanduiding ‘geluidzone – industrie’ geen nieuwe woningen en andere in de zin van de Wet geluidhinder gevoelige gebouwen worden gebouwd, tenzij middels akoestisch onderzoek is aangetoond dat er ter plaatse wordt voldaan aan de Wet geluidhinder, er sprake is van een goed woon- en leefklimaat en de benodigde omgevingsvergunningen zijn verleend.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
25
Artikel 12 12.1
Algemene afwijkingsregels
Afwijkingsbevoegdheid
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. in het plan genoemde goothoogten, bouwhoogten, oppervlakte- en inhoudsmaten, percentages en afstandseisen, waarbij een overschrijding is toegestaan tot maximaal 10% van de goothoogten, bouwhoogten, oppervlakte- en inhoudsmaten, percentages en afstandseisen; b. bestemmingsgrenzen, bouwgrenzen en overige aanduidingen in het horizontale vlak, indien en voor zover afwijking noodzakelijk is in verband met de uitmeting van het terrein of uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de gronden en/of de bebouwing en er geen dringende redenen zijn die zich tegen de afwijking verzetten, mits de afwijking ten opzichte van hetgeen is aangegeven niet meer dan 5 m bedraagt. 12.2
Afwegingskader
Afwijking bij een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 12.1 kan slechts worden verleend, mits: a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.
26
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 13
Algemene wijzigingsregels
Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in de vorm van het aanbrengen van geringe veranderingen in de plaats, ligging en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. bestemmingsgrenzen mogen met niet meer dan 5 m worden verschoven; b. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden mogen niet onevenredig worden geschaad; c. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen mogen niet onevenredig worden geschaad.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
27
Artikel 14 14.1
Algemene procedureregels
Omgevingsvergunning
Bij het verlenen van een omgevingsvergunning, die onderdeel uitmaakt van dit plan, is de procedure als vervat in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing. 14.2
Wijzigingsbevoegdheid
Bij toepassing van een wijzigingsbevoegdheid, die onderdeel uitmaakt van dit plan, is op de voorbereiding van het besluit de procedure als bedoeld in de afdeling 3.9a van de Algemene wet bestuursrecht, van toepassing. 14.3
Nadere eisen
Bij toepassing van de nadere eisen regeling, die onderdeel uitmaakt van dit plan, worden de navolgende procedureregels in acht genomen: a. het ontwerpbesluit tot het stellen van nadere eisen ligt met bijbehorende stukken gedurende 2 weken ter inzage; b. burgemeester en wethouders maken de onder a. bedoelde terinzagelegging tevoren in één of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huisbladen, die in de gemeente worden verspreid, alsmede op de gebruikelijke wijze bekend; c. de bekendmaking houdt mededeling in van de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen; d. gedurende de onder a. genoemde termijn kunnen belanghebbenden bij burgemeester en wethouders schriftelijke zienswijzen indienen tegen het ontwerpbesluit.
28
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 15 15.1
Overige regels
Algemene regels met betrekking tot parkeergelegenheid
Bij de uitoefening van de bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning dient een zodanige parkeergelegenheid te worden gerealiseerd dat wordt voldaan aan de normen zoals deze zijn neergelegd in de 'Beleidsregels nota parkeernormen 2012', in werking getreden 27 juni 2012. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode wijzigen, moet rekening worden gehouden met deze wijzigingen. 15.2
Algemene regels met betrekking tot waterberging
Het gebruiken van gronden en gebouwen ten behoeve van de bestemming 'Wonen' als vastgelegd in artikel 5.1, is alleen toegestaan indien voldoende waterberging vooraf wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden in overeenstemming met de uitgangspunten voor hydrologisch neutraal ontwikkelen van de gemeente Sittard-Geleen.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
29
Hoofdstuk 4 Artikel 16 16.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk, dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het wijzigingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van het bouwwerk als bedoeld in het bepaalde onder a met maximaal 10%. c. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken, die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 16.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het wijzigingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het wijzigingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in sub a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. 16.3
Hardheidsclausule
Voor zover toepassing van het overgangsrecht gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard voor een of meer natuurlijke personen, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het wijzigingsplan grond en opstallen gebruiken in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan kunnen burgemeester en wethouders ten behoeve van die persoon of personen van dat overgangsrecht afwijken.
30
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Artikel 17
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Munnikstraat Holtum'.
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
31
32
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Bijlagen bij regels
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
33
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
34
Bestemmingsplan "Munnikstraat Holtum" (vastgesteld)
Staat van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 3.1
SVB01-SITZ0033-01A
SBI-1993 SBI-2008 VOLGNR OMSCHRIJVING
RISICO
CATEGORIE
01
01
-
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW
014
016
3
- plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m²
3.1
014
016
4
- plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m²
2
15
10, 11
-
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN
151
101, 102
0
Slachterijen en overige vleesverwerking:
151
101
5
- vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m²
151
101
6
- vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m²
3.1
151
101, 102
7
3.1
151
108
8
- loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaarmaaltijden met p.o. < 2.000 m²
152
102
0
Visverwerkingsbedrijven:
152
102
6
- verwerken anderszins: p.o. <= 300 m²
1531
1031
0
Aardappelprodukten fabrieken:
1531
1031
2
- vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m²
1552
1052
0
Consumptie-ijsfabrieken:
3.1
3.1 3.1 R
3.1
1552
1052
2
- consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m²
1581
1071
0
Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen:
1581
1071
1
- v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens
1584
10821
0
1584
10821
3
Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m²
2
1584
10821
6
- suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m²
2
Deegwarenfabrieken
3.1
0
Vervaardiging van ethylalcohol door gisting:
1585 1073 110102 1592 1593 t/m 1102 t/m 1595 1104 17 172
13 132
173
133
2 2
Vervaardiging van wijn, cider e.d. -
VERVAARDIGING VAN TEXTIEL
0
Weven van textiel:
2
Textielveredelingsbedrijven
3.1
174, 175 139
Vervaardiging van textielwaren
3.1
176, 177 139, 143
Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT
3.1
18
14
181
141
Vervaardiging kleding van leer
3.1
182
141
Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer)
2
183
142, 151
Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont
3.1
-
19
15
-
VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING)
192
151
Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel)
3.1
193
152
3.1
20
16
-
Schoenenfabrieken HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D.
2010.2
16102
0
Houtconserveringsbedrijven:
2010.2
16102
2
- met zoutoplossingen
3.1
1
Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m²
3.1
Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
2
203, 204, 205 162 205
162902
21
17
-
KARTONWAREN
2112
1712
0
Papier- en kartonfabrieken:
2112
1712
1 -
- p.c. < 3 t/u UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA
R
3.1
22
58
221
581
Uitgeverijen (kantoren)
1
2222.6
18129
Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen
2
Pagina 1 van 5
Staat van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 3.1
SVB01-SITZ0033-01A
SBI-1993 SBI-2008 VOLGNR OMSCHRIJVING
RISICO
CATEGORIE
2223
1814
A
Grafische afwerking
1
2223
1814
B
Binderijen
2
2224
1813
Grafische reproduktie en zetten
2
2225
1814
Overige grafische aktiviteiten
2
223
182
Reproduktiebedrijven opgenomen media
1
24
20
-
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN
2442
2120
0
Farmaceutische produktenfabrieken:
2442
2120
1
- formulering en afvullen geneesmiddelen
2442
2120
2
- verbandmiddelenfabrieken
2466
205903
A
R
3.1
R
3.1
2
25
22
-
Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF
2512
221102
0
Loopvlakvernieuwingsbedrijven:
2512
221102
1
- vloeropp. < 100 m²
3.1
252
222
0
252
222
3
3.1
26
23
-
Kunststofverwerkende bedrijven: - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN
261
231
0
Glasfabrieken:
2615
231
262, 263 232, 234
0
Aardewerkfabrieken:
262, 263 232, 234
1
- vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW
267
237
0
Natuursteenbewerkingsbedrijven:
267
237
2
- zonder breken, zeven en drogen: p.o. <= 2.000 m²
3.1
2681
2391
3.1
Glasbewerkingsbedrijven
3.1 2
28
25, 31
-
Slijp- en polijstmiddelen fabrieken VERVAARD. EN REPARATIE VAN PRODUKTEN VAN METAAL (EXCL. MACH./TRANSPORTMIDD.)
281
251, 331
0
Constructiewerkplaatsen
281
251, 331
1a
- gesloten gebouw, p.o. < 200 m²
3.1 3.1
284
255, 331
B1
Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o. < 200 m²
2851
2561, 3311
0
Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven:
2852
2562, 3311
2
Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200m²
3.1
287
259, 331
B
Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. <200 m²
3.1
30
26, 28, 33
-
VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS
30
26, 28, 33
A
2
31
26, 27, 33
-
Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDH.
316
293
2
32
26, 33
Elektrotechnische industrie n.e.g. VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOM-APPARATEN EN -BENODIGDH. Vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur e.d. incl. reparatie
-
321 t/m 323261, 263, 264, 331
35
30
-
Fabrieken voor gedrukte bedrading VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. reparatie VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCL. AUTO'S, AANHANGWAGENS)
351
301, 3315
0
Scheepsbouw- en reparatiebedrijven:
351
301, 3315
1
- houten schepen
3210
2612
33
26, 32, 33
-
33
26, 32, 33
A
3.1 3.1
2
3.1
36
31
-
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G.
361
9524
2
Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m²
1 2 2
362
321
Fabricage van munten, sieraden e.d.
363
322
Muziekinstrumentenfabrieken
Pagina 2 van 5
Staat van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 3.1
SVB01-SITZ0033-01A
SBI-1993 SBI-2008 VOLGNR OMSCHRIJVING
RISICO
CATEGORIE
364
323
Sportartikelenfabrieken
3.1
365
324
Speelgoedartikelenfabrieken
3.1
3663.1
32991 32999
3663.2
Sociale werkvoorziening
2
Vervaardiging van overige goederen n.e.g. PRODUKTIE EN DISTRIB. VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER
3.1
40
35
-
40
35
C0
Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen:
40
35
C1
- < 10 MVA
2
40
35
C2
- 10 - 100 MVA
3.1
40
35
D0
Gasdistributiebedrijven:
40
35
D3
- gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinst. Cat. A
1
40
35
D4
- gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. B en C
2
40
35
D5
- gasontvang- en -verdeelstations, cat. D
40
35
E0
Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt:
40
35
E2
- blokverwarming
41
36
-
WINNING EN DISTRIBUTIE VAN WATER
41
36
A0
Waterwinning-/ bereiding- bedrijven:
41
36
A2
- bereiding met chloorbleekloog e.d. en/of straling
41
36
B0
Waterdistributiebedrijven met pompvermogen:
41
36
B1
- < 1 MW
45
41, 42, 43
-
BOUWNIJVERHEID
R
3.1 2
3.1 2
45
41, 42, 43
1
- bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m²
3.1
45
41, 42, 43
2
Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m²
3.1 2
Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven
2
45
41, 42, 43
3
50
45, 47
-
- aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m² HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS
501, 502, 504 451, 452, 454 5020.4
45204
B
Autobeklederijen
5020.4
45204
C
Autospuitinrichtingen
5020.5
45205
503, 504 453
1 R
3.1
Autowasserijen
2
Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires
2
51
46
-
GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING
5121
4621
0
Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders
5122
4622
Grth in bloemen en planten
2
5124
4624
Grth in huiden, vellen en leder
3.1
R
3.1
5125, 513146217, 4631
Grth in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptie-aardappelen
R
3.1
5132, 51334632, 4633
Grth in vlees, vleeswaren, zuivelprodukten, eieren, spijsoliën
R
3.1
5134
4634
Grth in dranken
2
5135
4635
Grth in tabaksprodukten
2
5136
4636
Grth in suiker, chocolade en suikerwerk
2
5137
4637
Grth in koffie, thee, cacao en specerijen
2 2 2
5138, 51394638, 4639
Grth in overige voedings- en genotmiddelen
514
464, 46733
Grth in overige consumentenartikelen
5148.7
46499
0
Grth in vuurwerk en munitie:
5148.7
46499
1
- consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton
V
2
5148.7
46499
2
- consumentenvuurwerk, verpakt, opslag 10 tot 50 ton
V
3.1
5148.7
46499
5
- munitie
5151.1
46711
0
Grth in vaste brandstoffen:
5151.1
46711
1
- klein, lokaal verzorgingsgebied
5153
4673
0
Grth in hout en bouwmaterialen:
2 3.1
5153
4673
1
- algemeen: b.o. > 2000 m²
3.1
5153
4673
2
- algemeen: b.o. <= 2000 m²
2
5153.4
46735
4
zand en grind:
5153.4
46735
6
- algemeen: b.o. <= 200 m²
Pagina 3 van 5
2
Staat van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 3.1
SVB01-SITZ0033-01A
SBI-1993 SBI-2008 VOLGNR OMSCHRIJVING
RISICO
CATEGORIE
Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur:
5154
4674
0
5154
4674
1
- algemeen: b.o. > 2.000 m²
5154
4674
2
- algemeen: b.o. < = 2.000 m²
5155.2
46752
5156
4676
518
466
0
Grth in machines en apparaten:
518
466
2
- overige
3.1
519
466, 469
Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.
2
52
47
Grth in kunstmeststoffen
3.1 2 R
Grth in overige intermediaire goederen
-
2 2
DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN
5261
4791
Postorderbedrijven
3.1
527
952
Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen)
1
55
55
5552
562
60
49
6022
493
6024
494
603
495
63
52
-
LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING
-
VERVOER OVER LAND
1
Taxibedrijven - Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks) b.o. <= 1000 m²
3.1
Pomp- en compressorstations van pijpleidingen
2
Cateringbedrijven
-
2 2
DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER
6312
52102, 52109 A
Distributiecentra, pak- en koelhuizen
6312
52109
B
Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte)
64
53
-
POST EN TELECOMMUNICATIE
641
531, 532
Post- en koeriersdiensten
2
61
A
1
71
77
-
Telecommunicatiebedrijven VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN
711
Personenautoverhuurbedrijven
2
712
7711 7712, 7739
Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's)
3.1
713
773
Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen
3.1
714
772
Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g.
2
72
62
-
COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE
72
62
A
Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d.
1
72
58, 63
B
Datacentra
2
73
72
-
SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK
731
721
Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk
732
Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
74
722 63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82
-
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING
747
812
Reinigingsbedrijven voor gebouwen
3.1
7481.3
74203
2
75
84
-
Foto- en filmontwikkelcentrales OPENBAAR BESTUUR, OVERHEIDSDIENSTEN, SOCIALE VERZEKERINGEN
7525
8425
Brandweerkazernes
3.1
90
37, 38, 39
-
MILIEUDIENSTVERLENING
9001
3700
B
rioolgemalen
2
9002.1
381
A
Vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven e.d.
3.1
9002.1
381
B
Gemeentewerven (afval-inzameldepots)
9002.2
382
A0
Afvalverwerkingsbedrijven:
642
9002.2
382
A4
- pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen)
9002.2
382
A7
- verwerking fotochemisch en galvano-afval
93
96
-
OVERIGE DIENSTVERLENING
Pagina 4 van 5
R
3.1 2
R
2 1
R
3.1 3.1
R
2
Staat van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 3.1
SVB01-SITZ0033-01A
SBI-1993 SBI-2008 VOLGNR OMSCHRIJVING
RISICO
CATEGORIE
9301.1
96011
A
Wasserijen en strijkinrichtingen
3.1
9301.1
96011
B
Tapijtreinigingsbedrijven
3.1
9301.2
96012
9301.3
96013
A
Wasverzendinrichtingen
2
9301.3
96013
B
Wasserettes, wassalons
1
Chemische wasserijen en ververijen
Gebruikte afkortingen R
risico (Besluit externe veiligheid inrichtingen mogelijk van toepassing)
V
vuurwerkbesluit van toepassing
o.c.
opslagcapaciteit
p.c.
productiecapaciteit
p.o.
productieoppervlak
b.o.
bedrijfsoppervlak
v.c.
verwerkingscapaciteit
Pagina 5 van 5
R
2