CConstaterende datsint-michielsgestel
Koppel je AI →
Document · PDF

Overzicht technische vragen n.a.v. beeldvormende informatieavond 12-09-2024

Gemeenteraad 19 september 2024, gemeente sint-michielsgestelBij agendapunt: Technische vragen gesteld rondom beeldvormende informatieavond van 12 september 20241.561 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Antwoorden op technische vragen Gesteld tijdens de beeldvormende informatieavond Datum beeldvormende informatieavond:

donderdag 12 september 2024

Agendapunt: Portefeuillehouder: Raadsvoorstel Volkshuisvestingsfonds Sint- Goosens Michielsgestel 2024

Vraag: 1. Met betrekking tot landgoederen wordt getoetst aan de Natuurschoonwet en aan de provinciale verordening. Is dat en/en? Kan dat juridisch wel?

Indiener: Mevr. Klomp (SMG)

Antwoord: Er moet worden voldaan aan beide regelingen. De voorwaarden in de omgevingsverordening zijn op sommige onderdelen net iets strenger en daarmee dus kaderstellend voor toetsing op dit moment. Mocht de Natuurschoonwet in de toekomst worden aangepast en de voorwaarden strenger zijn dan de omgevingsverordening, dan wordt de Natuurschoonwet kaderstellend. Het volkshuisvestingsfonds is volgend aan dit beleid.

2. Kan aangegeven worden waar in de omgevingsverordening staat dat verbetering van de omgevingskwaliteit een van de doelstellingen is?

Dhr. Ran (D66)

Dit staat opgenomen in zowel paragraaf 5.1.3 en artikel 5.11 van de omgevingsverordening Noord-Brabant. Dit is uitgewerkt in de regeling Kwaliteitsverbetering landschap (2014).

Raadsvoorstel vaststellen MJOP sportaccommodaties

Van Druenen

1. Hoeveel % hebben we nog niet in beeld bij dit MJOP?

Mevr. Andres (SMG)

ASC heeft alle buitensportaccommodaties (let op geen gebouwen, hier is een MJOP-gebouwen voor) binnen de gemeente Sint-Michielsgestel onderzocht en in kaart gebracht. Hierbij is de onderhoudsbehoefte in beeld gebracht en voor alle velden is er een planning gemaakt, dit maakt dat dit 100% in beeld is.

Raadsvoorstel vaststelling reparatieplan Hoogstraat en Milrooijseweg te Berlicum

Van der Aa

1. Kan de vaststellingsovereenkomst aan de stukken worden toegevoegd?

Meerdere fracties

De overeenkomst is aan de stukken toegevoegd in Notubiz. Gelet op het geheime karakter is het achter een slotje geplaatst.

Vraag: 1. In par.3.1. worden de opgaven benoemd, die samenkomen in deze omgevingsvisie. De fractie PPA mist het oplossen van de woningnood als één van de belangrijkste opgaven, terwijl de woningnood momenteel als de grootste "ongelijkmaker" geldt in Nederland. Waarom is deze opgave niet in deze paragraaf opgenomen?

Indiener: Fractie PPA

Antwoord: Wellicht wordt hier gedoeld op argument 1.3 van het raadsvoorstel. Daar staat: Ook in de gemeente Sint-Michielsgestel zijn veel opgaven die samenkomen in de leefomgeving. Er zijn ook maatschappelijke opgaven, zoals de energietransitie, gezonde leefomgeving en klimaatveranderingen, die in Sint-Michielsgestel leiden tot ontwikkelingen. Antwoord: Argument 1.3 van het raadsvoorstel refereert aan maatschappelijke opgaven en geeft een aantal voorbeelden. Het is geen limitatieve opsomming. Uw constatering, dat wonen hier niet expliciet is genoemd is juist. Verder in de paragraaf worden de vier hoofdthema’s genoemd waaronder aangenaam leven, dat ook wonen omvat.

Gesteld na de beeldvormende informatieavond Agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen Omgevingsvisie Sint-Michielsgestel met bijbehorende omgevingseffectrapportage

Raadsvoorstel vaststellen Omgevingsvisie Sint-Michielsgestel met bijbehorende omgevingseffect-rapportage

Portefeuillehouder: Van der Aa

Van der Aa

2. Bij de kern Berlicum Middelrode is in de visie een randweg ingetekend. De N279 vormt momenteel een randwegfunctie. Hangt de noodzaak van tot onderzoek van deze randweg samen met toekomstige uitbreidingen van woningbouw? Zijn er nog andere overwegingen zijn die bijdragen aan de noodzaak?

Antwoord deelvraag 1: Ja, het hangt met ontwikkeling van woningen samen. Overigens is er geen sprake van een randweg, maar van een randwegfunctie, die een met name een ontsluitingsfunctie heeft voor de woonontwikkeling. Specifiek doel van de aanduiding “randweg” is om de parallel gelegen As Hoogstraat-Milrooijseweg niet extra te belasten met autoverkeer uit nieuwe woonontwikkelingen. De tekst van de Omgevingsvisie is leidend boven de kaart (zie pagina 27). Onder Verbindend netwerk, derde bullit is opgenomen: ‘Mobiliteit, waaronder de ontsluitingsfunctie, is een integraal onderdeel bij de ontwikkeling van uitbreidingslocaties’. Onder het deelgebied ‘Vitale dorpen’ is het volgende opgenomen: ‘De leefbaarheid in met name de dorpen Berlicum en Middelrode wordt nog steeds beïnvloed door het verkeer dat dwars door de dorpen rijdt. Wanneer aan de noorden oostzijde van Berlicum en Middelrode woonontwikkelingen gerealiseerd worden kan dit alleen als er onderzoek gedaan is naar nieuwe maatregelen op het gebied van mobiliteit om de extra verkeersbewegingen op te vangen. Een voorbeeld van een mogelijke uitwerking is de randwegfunctie, aangegeven met een stippellijn. Nader onderzoek van een passende ontsluiting zal uitwijzen hoe de mobiliteitsvraag het beste vorm gegeven kan worden’. Antwoord deelvraag 2: In de omgevingsvisie is dit uitsluitend gekoppeld aan woonontwikkelingen.

Zie verder het antwoord op deelvraag 1.

3. Op bladzijde 28 van de omgevingsvisie wordt onder betaalbare huur- en koopwoningen gesproken over het splitsen van grote woningen en percelen. De PPA fractie vraagt zich af of dit ook kan worden geëist bij Ruimte voor Ruimte kavels en woningen. En als de PPA zou overwegen in dit kader een amendement in te dienen, kan dit amendement dan aangehaakt worden aan deze omgevingsvisie of beter bij de behandeling van een ander document?

De omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen. Of het splitsen van grote woningen en percelen ook kan worden geëist bij Ruimte voor Ruimte valt buiten het kader van deze omgevingsvisie.

4. De omgevingsvisie moet worden uitgewerkt in tal van omgevingsprogramma's. Dat vraagt om een aanpak van programma-gestuurd werken. In hoeverre moet de organisatie hierop nog worden ingericht en wat vraagt dit aan inspanning en tijd tot de gestelde ambities? Is de integraliteit tussen de programma's geborgd binnen de huidige organisatie?

Parallel aan het besluitvormingstraject voor de omgevingsvisie, werken we aan de voorbereidingen voor de uitvoering ervan. De omgevingsvisie zal verder uitgewerkt gaan worden in omgevingsprogramma’s. Het werken met omgevingsprogramma’s is nieuw voor onze gemeente en ambtelijke organisatie. Om de omgevingsprogramma’s op te kunnen stellen en er goed mee te kunnen werken, is het nodig dat we hier het juiste proces voor inrichten en goede werkafspraken voor maken. Vanuit de projectgroep omgevingsvisie is een plan van aanpak opgesteld voor de uitwerking van de omgevingsvisie in omgevingsprogramma’s en het invoeren van programmatisch werken. Dit plan van aanpak wordt in kwartaal 3 van 2024 ter instemming voorgelegd aan de directie. Op basis van het plan van aanpak zal een project worden opgestart om het werkproces voor de omgevingsprogramma’s en het programmatisch werken uit te werken en in te voeren. Afstemming en integraliteit tussen de verschillende programma’s is een belangrijk onderdeel daarin.

Nadere informatie: Er is splitsingsbeleid in voorbereiding als uitwerking van het Programma Volkshuisvesting wonen-zorg-welzijn, dat de raad eerder vaststelde. Als de splitsing van Ruimte voor Ruimte kavels en woningen daar niet of in onvoldoende mate in terug komt, kan op dat moment een amendement worden ingediend.

1. Valt de teelt van lelies onder ‘teelten die veel water en/of veel chemische gewasbeschermingsmiddelen nodig hebben’?

Cees Koopmans, fractie D66

De teelt van lelies kan inderdaad vallen onder de categorie 'teelten die veel water en/of veel chemische gewasbeschermingsmiddelen nodig hebben,' zeker in de traditionele teeltvorm. Lelieteelt staat erom bekend dat er vaak veel gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, voornamelijk om schimmelziekten, insecten en onkruid te bestrijden. Daarnaast kan, afhankelijk van de locatie en omstandigheden, ook de waterbehoefte aanzienlijk zijn. Zie hiervoor het antwoord op vraag 6. Tegelijkertijd zien we dat de agrarische sector veel maatregelen treft om zowel het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen (o.a. door deze te vervangen door biologische gewasbeschermingsmiddelen) als water (o.a. door het toepassen van druppelirrigatie) te beperken.

2. Welke teelten vallen onder de categorie ‘teelten die veel water en/of veel chemische gewasbeschermingsmiddelen nodig hebben’?

De ambitie richt zich op het terugdringen van het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen en water. Het richt zich niet op specifieke teelten. Het is moeilijk om een eenduidige lijst te geven van gewassen die altijd veel water en/of chemische gewasbeschermingsmiddelen nodig hebben. Dit hangt sterk af van factoren zoals: - Bodemsoort: zandgrond houdt bijvoorbeeld minder water vast dan kleigrond, wat kan leiden tot een grotere behoefte aan irrigatie. Daarbij is vanuit de agrarische sector steeds meer aandacht voor een gezonde bodem. In een gezonde bodem worden de voedingsstoffen beter door de planten opgenomen en het organisch stofgehalte verhoogd. Hierdoor houdt de bodem beter water vasthoudt en worden meer ziekten en plagen op een natuurlijke manier in toom gehouden. - Klimaatomstandigheden: droge periodes of juist overmatige regenval beïnvloeden de behoefte aan water en chemische gewasbeschermingsmiddelen. - Teeltmethode: traditionele, intensieve teeltmethoden vergen vaak meer grondstoffen, zoals water en chemische gewasbeschermingsmiddelen, dan biologische of extensieve teeltmethoden. De uitwerking hiervan vindt plaats in het programma.

3. Heeft het college in beeld wat voor verschillende soort akkerbouw en teelten plaatsvinden in de gemeente en wat die betekenen voor de bodem, de waterkwaliteit en de biodiversiteit? 4. Wat is de planning voor het vaststellen van de omgevingsprogramma's en het omgevingsplan?

De gemeente heeft op dit moment geen gedetailleerd overzicht van de specifieke gewassen die geteeld worden in de gemeente, noch van hun effecten op bodem, waterkwaliteit en biodiversiteit. Dit kan een van de te onderzoeken opgaves zijn in het programma vitaal buitengebied. Er is nog geen specifieke planning voor het vaststellen van de omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan. In de Omgevingswet is vastgelegd dat gemeenten tot 1 januari 2032 de tijd hebben om één omgevingsplan te maken voor het gehele grondgebied van de gemeente. In 2025 starten we het project op voor het opstellen van het omgevingsplan voor SintMichielsgestel. Voor uitwerking en vaststelling van de omgevingsprogramma’s is eerst een goed uitgewerkt en geborgd werkproces nodig voor hoe we omgevingsprogramma’s gaan opstellen én ermee gaan werken. Daarbij hoort ook dat er gekeken wordt naar de prioritering van de op te stellen omgevingsprogramma’s. We kunnen ze namelijk niet allemaal tegelijk oppakken. Naar verwachting zal hier begin 2025 mee gestart worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14544431/1