CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

9. Raadsvoorstel 25-39 Belastingverordeningen 2026

Raadsvergadering 11 december 2025, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel 25-39 Belastingverordeningen 20264.628 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADVIES AAN GEMEENTERAAD Zaak Vertrouwelijkheid Afdeling Datum besluit college B&W Portefeuillehouder Financiële consequenties

0965219126/219127 Openbaar Bedrijfsvoering 28 oktober 2025 S.C.J. Scheepers N.v.t.

ONDERWERP

Belastingverordeningen 2026

BESLISPUNT In te stemmen met: 1. de tarieven onroerende zaakbelasting 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening onroerende zaakbelasting 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 2. het tarief rioolheffing 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening rioolheffing 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 3. de tarieven afvalstoffenheffing 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening afvalstoffenheffing 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 4. de tarieven hondenbelasting 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening hondenbelasting 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 5. het tarief toeristenbelasting 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening toeristenbelasting 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 6.

het tarief marktgelden 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening marktgelden 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 7. de tarieven lijkbezorgingsrechten 2026 en de verordening met bijbehorende tarieventabel 2026 conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening lijkbezorgingsrechten 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 8. de tarieven leges en andere rechten 2026 en de verordening met bijbehorende tarieventabel 2026 conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening leges en andere rechten 2025 met bijbehorende tarieventabel 2025 met dien verstande dat de verordening leges en andere rechten 2025 van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 9. de bedragen voor kwijtschelding 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening kwijtschelding 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 10.

ter dekking van het te verwachten tekort aan opbrengsten rioolheffing wordt de onttrekking ad € 200.000 uit de algemene reserve gehandhaafd zoals bepaald in het raadsvoorstel ‘Ombuigingsvoorstellen voor periode 2026 e.v.’ en zal in het 1e kwartaal 2026 een onderzoek worden uitgevoerd naar de ontwikkeling van de structurele kosten riolering.

OVERLEG GEVOERD MET (ADVIES INGEWONNEN BIJ) BsGW, VNG, afdeling Dienstverlening, afdeling Leefomgeving

D0965219126/219127

Pagina 1 van 12

SAMENVATTING Dit voorstel hangt samen met de begroting 2026 en ziet op aanpassing van de belastingverordeningen. Het tarief onroerende zaakbelasting is gebaseerd op de meest actuele woz-waarden zoals die door de BsGW beschikbaar zijn gesteld. Voorgesteld wordt om het tarief voor niet-woningen te verlagen van 0,1606% naar 0,1526% en voor woningen van 0,1572% naar 0,1415%. Voorgesteld wordt om het tarief voor de rioolheffing vast te stellen op € 409,80. Inhoudelijk worden geen aanpassingen in de verordening voorgesteld. Voorgesteld wordt om het vaste tarief voor de afvalstoffenheffing vast te stellen op € 256,20 en de tarieven voor de ledigingen ongewijzigd te laten. Inhoudelijk worden geen aanpassingen in de verordening voorgesteld. Het bedrag voor de reductie in verband met medisch afval blijft (net als voorgaande jaren) gehandhaafd op € 60,00. Ten aanzien van de hondenbelasting wordt voorgesteld de eerder ingezette verlaging, en daarmee afschaffing, verder uit te stellen. Derhalve wordt voorgesteld de tarieven van 2025 ook voor 2026 te handhaven. Het tarief toeristenbelasting blijft voor 2026 gelijk aan het tarief van 2025, namelijk € 2,00 per persoon per nacht. Conform de ombuigingsvoorstellen zal het tarief ingaande 2027 met € 0,20 worden verhoogd. De vrijstelling voor kinderen is met één jaar verhoogd. Dit is in lijn met de meeste omliggende gemeenten.

De tarieven voor de marktgelden worden volgens een bestendige gedragslijn met 1,5% geïndexeerd. De tarieven lijkbezorgingsrechten worden, in navolging van de ombuigingsvoorstellen, verhoogd met 20%. In de verordening leges en andere rechten is artikel 2.6.1 gewijzigd. In plaats van vaste bedragen wordt voorgesteld een staffel in te voeren zoals in artikel 2.5. Dit maakt de heffing van leges afhankelijk van de bouwsom. Daarmee worden kleine projecten minder en grotere projecten zwaarder belast hetgeen ook meer recht doet aan de daarmee gemoeide werkzaamheden. Ten slotte wordt voorgesteld de verordening kwijtschelding niet te wijzigen. Kwijtschelding blijft mogelijk voor de rioolheffing en het vaste deel van de afvalstoffenheffing. Daarnaast is nog kwijtschelding mogelijk tot een bedrag van € 55,- voor aangeboden afval-inzamelmiddelen.

D0965219126/219127

Pagina 2 van 12

INLEIDING Jaarlijks dient de raad de belastingverordeningen voor het volgend begrotingsjaar vast te stellen. In dit voorstel wordt elke verordening apart behandeld en de wijzigingen nader toegelicht. De gemeente Simpelveld kent de volgende belastingverordeningen: onroerende zaakbelasting, rioolheffing, afvalstoffenheffing, hondenbelasting, toeristenbelasting, marktgelden, lijkbezorgingsrechten, leges en andere rechten en kwijtschelding.

WET- EN REGELGEVING Gemeentewet en Financiële verordeningen

STRATEGISCHE VISIE / BELEIDSPROGRAMMA In de strategische visie zijn kwaliteit en samenwerken als kernwaarden geformuleerd. De heffing en inning van de meeste belastingen is ondergebracht bij de BsGW. Door samenwerking met de BsGW wordt niet alleen een efficiënte belastingheffing en –inning beoogd maar ook de vervaardiging van kwalitatief goede verordeningen die uitvoerbaar zijn in de praktijk en die de juridische toets kunnen doorstaan.

RELATIE MET BESTAAND BELEID / EERDERE VOORSTELLEN Raadsvoorstel inzake programmabegroting 2026 (221808) en raadsvoorstel inzake de ombuigingsvoorstellen voor periode 2026 e.v. (215557).

OVERWEGINGEN Algemeen In de verordeningen zijn (kleine) tekstuele aanpassingen doorgevoerd. In de naam van elke verordening is voor de duidelijkheid 'Simpelveld' toegevoegd. Daar waar inhoudelijke aanpassingen hebben plaatsgevonden wordt dat per verordening nader toegelicht. In het laatste artikel van elke verordening is in onderdeel 1 de zinsnede 'of zoals laatstelijk gewijzigd' toegevoegd. Daarmee wordt bereikt dat wanneer een verordening tussentijds wordt gewijzigd, ook deze wijziging op correcte wijze wordt ingetrokken bij het vaststellen van de nieuwe verordening. Conform afspraak met de auditcommissie zijn de meeste tarieven geïndexeerd met 1,5% en daarna afgerond om zo te komen tot een 'werkbaar' bedrag. Voorgesteld wordt in een aantal, meer specifieke situaties, af te wijken van de afgesproken 1,5%. Zo zijn de tarieven voor lijkbezorgingsrechten verhoogd met 20%. De tarieven rioolheffing, afvalstoffenheffing en hondenbelasting zijn zodanig afgerond dat ze deelbaar zijn door twaalf. Dit maakt de uitvoerbaarheid voor de BsGW makkelijker en efficiënter. In de verordening afvalstoffenheffing, rioolheffing, onroerende zaakbelasting, hondenbelasting en toeristenbelasting is in overleg met de BsGW een bepaling opgenomen om te regelen dat aanslagen onder de € 5,- niet worden opgelegd.

Omdat de BsGW zo veel mogelijk belastingen en heffingen samenbrengt op één aanslag zal het aantal niet-opgelegde aanslagen zeer beperkt blijven. Voor de BsGW scheelt dat wel in efficiency.

D0965219126/219127

Pagina 3 van 12

Onroerende zaakbelasting In deze verordening zijn enkele kleine tekstuele aanpassingen gedaan. Uitgangspunt voor de bepaling van het ozb-tarief is de in de begroting 2026 opgenomen te behalen opbrengst. Deze opbrengsten, de laatst bekende, door de BsGW opgegeven woz-waarden (verwacht wordt een stijging van 13,57%) en de areaaluitbreiding in de gemeente, vormen samen de basis voor de berekening van het percentage ozb-belasting. In de opgaaf van de waarde-ontwikkeling van de BsGW is zo goed mogelijk rekening gehouden met te verwachten mutaties in het areaal (nieuwbouw en sloop). Dit bedraagt per saldo ongeveer 20 miljoen euro aan uitbreiding. Dit deel leidt tot een te verwachten meeropbrengst van zo’n € 28.000. De hieraan te relateren opbrengst is niet verwerkt in de begroting 2026 en de berap najaar 2025. Na ontvangst van de cijfers over het eerste halfjaar 2026 zal bekeken worden of dit daadwerkelijk leidt tot een hogere opbrengst. In onderstaande tabel wordt een en ander nader toegelicht. In de kolom 'woz-waarde 2026' zijn de door BsGW aangereikte woz-waarden opgenomen. In de kolom 'tarief 2026' is het voor 2026 voorgestelde tarief opgenomen. In de kolom 'te behalen opbrengst 2026 (woz x tarief)' is de te behalen opbrengst berekend als uitkomst van de door de BsGW aangereikte woz-waarden maal het (voorgestelde) tarief 2026.

In de kolom 'te behalen opbrengst 2026 begroting' zijn de 'doelopbrengsten' vermeld zoals deze zijn opgenomen in de begroting 2026. Zoals reeds aangegeven dienen deze bedragen als uitgangspunt voor de berekening van het heffingspercentage. Ter vergelijking is daarnaast een zelfde overzicht opgenomen met de cijfers van 2025. De onderverdeling van de opbrengsten naar categorie is abusievelijk niet aangepast in de begroting. WOZ-waarde 2026 Omschrijving (opgave BsGW) x 1.000

Tarief 2026

Te behalen Te behalen WOZ-waarde opbrengst opbrengst 2025 2026 2026 (opgave BsGW) (woz x tarief) begroting x 1.000

Tarief 2025

Te behalen Te behalen opbrengst opbrengst 2025 2025 (woz x tarief) begroting

OZB woningen, eigenaar €

1.554.787

OZB niet-woningen, eigenaar €

106.072

0,1526% €

161.834 €

236.850 €

102.738

0,1606% €

164.997 €

234.300

OZB niet-woningen, gebruiker €

78.830

0,1526% €

120.271 €

183.590 €

74.207

0,1606% €

119.176 €

181.620

Totaal geraamde opbrengst

0,1415% € 2.199.713 € 2.061.500 €

€ 2.481.818 € 2.481.940

1.376.351

0,1572% € 2.163.624 € 2.032.360

€ 2.447.797 € 2.448.280

Om de doelopbrengst conform begroting (€ 2.481.940) te kunnen behalen kunnen de tarieven, gelet op de verwachte stijging in woz-waarden, omlaag worden bijgesteld. Gekozen is om het tarief woningen, dat elke bewoner raakt, verhoudingsgewijs iets meer te laten dalen dan het tarief nietwoningen. Het tarief voor niet-woningen wordt eveneens verlaagd om hiermee ook ondernemers in de gemeente tegemoet te komen. Concreet wordt voorgesteld om het tarief voor 2026 voor niet-woningen te verlagen van 0,1606% naar 0,1526% en het tarief voor woningen te verlagen van 0,1572% naar 0,1415%. De totaal te verwachten opbrengst aan onroerende zaakbelasting bedraagt dan € 2.510.000. Gelet op de recente ontwikkelingen rond de algemene uitkering is het niet langer noodzakelijk de opbrengsten aan onroerende zaakbelasting extra te verhogen. Derhalve is afgezien van ombuigingsformat 2 waarin een verhoging van de ozb-opbrengsten met € 157.000,- was opgenomen. Dit in overeenstemming met het advies van de klankbordcommissie en het besluit van de raad in zijn vergadering van 6 november jl.

D0965219126/219127

Pagina 4 van 12

Verordening rioolheffing Het voor 2026 voorgestelde tarief rioolheffing bedraagt € 409,80 (2025: € 345,60). Het tarief rioolheffing mag maximaal de kosten omtrent riolering dekken. In 2022 is het tarief verhoogd met € 1,20 en in 2023 met € 43,80. In 2024 is het tarief verhoogd met € 44,40 en voor 2025 is een verhoging van € 22,80 doorgevoerd. Voor 2026 is een verhoging met € 102,60 noodzakelijk om een kostendekkende rioolexploitatie te kunnen realiseren. Op verzoek van de raad is de grondslag voor de berekening van het tarief verlaagd met € 200.000,-. Dit betekent dat het begrotingssaldo met € 200.000 afneemt. Dit bedrag wordt gedekt door handhaving van de inzet van de algemene reserve zoals door de raad was beslist in het voorstel met betrekking tot de ombuigingsvoorstellen. Daardoor stijgt de rioolheffing minder hard en komt het tarief uit op € 409,80 (in plaats van op € 448,20). Dit betekent een stijging ten opzichte van 2025 met € 64,20. De stijging van de kosten rond het thema riool c.a. wordt met name veroorzaakt door noodzakelijke investeringen (wateroverlast), de daaruit voortvloeiende kapitaallasten en hogere kosten voor onderhoud. Tevens zijn bij wijze van inhaalslag extra inspecties uitgevoerd die leiden tot extra onderhoud.

Begin 2026 zal een onderzoek worden uitgevoerd naar mogelijkheden tot verlaging van de kosten voor riolering (denk hierbij aan een mogelijke verlenging van afschrijvingstermijnen e.d.) als alternatief voor de inzet van de algemene reserve. Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van het tarief over de afgelopen jaren weer: Rioolheffing Vast tarief

2026 € 409,80

2025 € 345,60

2024 € 322,80

2023 € 278,40

2022 € 234,60

In de navolgende tabel (ontleend aan de programmabegroting 2026) is een overzicht opgenomen van de kosten van de exploitatie van het rioleringsstelsel c.a. Bij de berekening van het tarief voor 2026 is uitgegaan van 5.180 aansluitingen (cijfer BsGW):

D0965219126/219127

Pagina 5 van 12

Verordening afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is opgebouwd uit twee pijlers, te weten een vast en een variabel tarief. Het vaste tarief is gestegen van € 204,- in 2022 naar € 210,- in 2023 en in 2024 naar € 233,28. In 2025 bedraagt het vaste tarief € 245,40. Voor het jaar 2026 wordt voorgesteld het tarief te verhogen naar € 256,20, een stijging met € 10,80. De variabele tarieven blijven voor 2026 ongewijzigd ten opzichte van 2025. Met betrekking tot de milieu-/grondstoffenparktarieven worden geen wijzigingen voorgesteld, behalve enkele tekstuele aanpassingen. De tarieven voor 2026 kunnen als volgt worden weergegeven: Afvalstoffenheffing Vast tarief Restafval 140 liter Restafval 240 liter GFT 140 liter GFT 240 liter Zak 60 liter

2026 € 256,20 € 7,00 € 10,00 € 0,00 € 0,00 € 2,00

2025 € 245,40 € 7,00 € 10,00 € 0,00 € 0,00 € 2,00

2024 € 233,28 € 7,00 € 10,00 € 0,00 € 0,00 € 2,00

2023 € 210,00 € 6,45 € 8,75 € 0,00 € 0,00 € 1,60

2022 € 204,00 € 6,45 € 8,75 € 0,00 € 0,00 € 1,60

In de navolgende tabel (ontleend aan de programmabegroting 2026) is een overzicht opgenomen van de kosten van de exploitatie van de afvalinzameling. Daaruit valt af te lezen dat de kosten voornamelijk bepaald worden door de kosten van Rd4 en de BsGW. De inspanningen van beide gemeenschappelijke regelingen om hun kosten (en daarmee de bijdrage voor de gemeente) te beperken is reeds toegelicht in het raadsvoorstel omtrent de begroting 2026 van deze regelingen. Bij de bepaling van het vaste tarief wordt voorgesteld om circa 50% van de beschikbare voorziening afval in te zetten om de tariefstijging enigszins op te vangen. De overige 50% wordt dan in 2027 en 2028 ingezet. Dat komt neer op een bedrag van € 72.000,- voor 2026. Bij de berekening van het tarief voor 2026 is uitgegaan van 4.830 aansluitingen (cijfer BsGW):

Verordening hondenbelasting In het coalitieakkoord wordt voorgesteld de hondenbelasting in vier jaar af te schaffen. De eerste verlaging van 25% heeft in 2023 plaats gevonden, de tweede in het jaar 2024 en de derde in 2025. Op grond van een door de raad aangenomen amendement werd de verlaging in 2025 met € 5,- per hond naar boven bijgesteld.

D0965219126/219127

Pagina 6 van 12

Conform de door de raad aangenomen ombuigingsvoorstellen wordt voorgesteld de tarieven voor 2026 niet te wijzigen. De hondenbelasting leidde in 2024 tot een opbrengst van € 37.000,-. Voor 2025 lijkt de opbrengst aan hondenbelasting uit te komen op een bedrag van ruim € 20.000,-. De voorgestelde tarieven komen dan als volgt te luiden: Hondenbelasting 1e hond 2e en volgende hond kennel

Tarief 2026 € 21,96 € 25,68 € 73,20

Tarief 2025 € 21,96 € 25,68 € 73,20

Tarief 2024 € 33,96 € 41,40 € 136,44

Tarief 2023 € 51,00 € 62,64 € 204,72

Tarief 2022 € 67,80 € 82,80 € 273,00

Verordening toeristenbelasting Naar aanleiding van besluitvorming door de raad bij de vaststelling van de begroting 2025 en de besluitvorming rond de ombuigingsvoorstellen wordt voorgesteld het tarief toeristenbelasting voor 2026 ongewijzigd te handhaven op € 2,00 per persoon per nacht. Afgesproken is vooralsnog de komende jaren de toeristenbelasting om het jaar met € 0,20 per persoon per nacht te verhogen. Dit voor het eerst in 2027. Dit vooralsnog tot een maximum van € 3,00 per persoon per nacht in 2035. Verordening marktgelden Het voorgestelde tarief marktgelden stijgt van € 1,72 naar € 1,75 per vierkante meter standplaats per maand. In deze verordening zijn inhoudelijk geen wijzigingen aangebracht. De totale opbrengst aan marktgelden over 2024 bedroeg € 3.487,- (2023: € 3.155,-). Verordening lijkbezorgingsrechten In de verordening lijkbezorgingsrechten is op advies van de BsGW artikel 12 komen te vervallen. Dit artikel gaf het college van B en W de mogelijkheid extra regels te geven met betrekking tot de heffing en de inning van de rechten maar is in feite overbodig. Conform de ombuigingsvoorstellen zijn de tarieven met 20% verhoogd. Daarmee blijft de ontwikkeling van de tarieven nog steeds achter bij de stijging van kosten als graf delven, onderhoud enz. De verwachting is dan ook dat de exploitatie van de begraafplaats daarmee nog niet kostendekkend zal zijn.

Overigens blijven de tarieven in vergelijking met omliggende gemeenten aan de lage kant. In de bij de verordening behorende tabel zijn, zoals gebruikelijk, de ‘oude’ en de ‘nieuwe’ tarieven naast elkaar gezet. Verordening leges en andere rechten De verordening is inhoudelijk niet gewijzigd, wel hebben een paar tekstuele aanpassingen plaatsgevonden. De tarieven zijn met de gebruikelijke 1,5% geïndexeerd. Gelet op de hogere stijging van de loon- en materiaalkosten ontstaat er wel weer een verschil tussen de tarieven en de onderliggende kosten. Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart De tarieven voor reisdocumenten in paragraaf 1.2 zijn gebaseerd op het ‘Ontwerpbesluit houdende wijziging Besluit paspoortgelden voor 2026’. Deze tarieven zijn door het Rijk nog niet definitief vastgesteld. Mochten de in het ontwerpbesluit genoemde tarieven uiteindelijk nog wijzigen dan zullen deze tarieven door het college nog worden aangepast. Daartoe is het college bevoegd op basis van artikel 10 ‘Overdracht van bevoegdheden’.

D0965219126/219127

Pagina 7 van 12

Paragraaf 1.3 Rijbewijzen Het tarief voor een rijbewijs is bij het schrijven van dit voorstel nog niet bekend. Dit tarief zal door het college worden aangepast op basis van artikel 10 van de Legesverordening.

Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet Vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2024 is de bouwtoets gesplitst in een bouwtechnische en een ruimtelijke toets. De bouwtechnische toets is in de meeste gevallen niet meer vergunningplichtig, waardoor hiervoor geen leges kunnen worden geheven. Er dienen echter wel nog steeds werkzaamheden te worden verricht voor het beoordelen van bouwplannen. Niet meer als ‘bouwaanvraag’ maar als een aanvraag voor de ‘omgevingsplanactiviteit bouwen’. Omdat voor een planactiviteit vaste bedragen waren opgenomen in de tarieventabel (dit was namelijk een voortzetting van de vroegere bestemmingsplantoets) stond dit in de praktijk vaak niet in verhouding tot de geleverde dienst of te verrichten werkzaamheden. Zo zijn de vaste bedragen voor de kleinere bouwwerken vaak relatief hoog (tarief 2025: € 443,- respectievelijk € 661,-), terwijl deze bedragen voor omvangrijke bouwprojecten weer veel te laag zijn in verhouding tot de te verrichten werkzaamheden. Om deze scheve verhouding weg te nemen wordt derhalve voorgesteld om de voor het opleggen van leges de vaste bedragen te laten vervallen. Hiervoor in de plaats wordt een staffel opgenomen voor de omgevingsplanactiviteit in artikel 2.6.1, vergelijkbaar met de staffel van artikel 2.5 van de bouwactiviteit bouwen.

Daarmee wordt beoogd de kosten voor leges toe te laten nemen naargelang het bouwproject ook groter wordt. Deze staffel geldt alleen voor de planactiviteit ‘bouwen’; voor de ruimtelijke planactiviteit blijft een vast bedrag gelden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen bouwplannen die op grond van de omgevingsplanregels vergund kunnen worden (binnenplans) en bouwplannen die daar buiten vallen (buitenplans). Dit leidt tot de volgende verdeling in artikel 2.6 van de tarieventabel: • Artikel 2.6.1 omgevingsplanactiviteit bouwen: o binnenplans: leges gerelateerd aan de bouwsom o buitenplans: ▪ Kleine afwijking (kleine bopa): leges gerelateerd aan de bouwsom + vast bedrag (€ 450,-) ▪ Grote afwijking (grote bopa): leges gerelateerd aan de bouwsom + vast bedrag: • zonder advies van de gemeenteraad: € 671,-; • met adviesplicht gemeenteraad: € 1.342,-.

• Artikel 2.6.2 omgevingsplanactiviteit: afwijken van toegewezen functie (strijdig gebruik): o als sprake is van een functiewijzigingen met bouwactiviteiten, geldt uitsluitend de legesplicht van artikel 2.6.1 voor de planactiviteit o als sprake is van uitsluitend een functiewijziging geldt een vast bedrag: ▪ binnenplans: € 450,▪ buitenplans: • zonder advies van de gemeenteraad: € 671,-; • met adviesplicht gemeenteraad: € 1.342,Het kan echter voorkomen dat een bouwplan zowel een bouwtechnische activiteit als omgevingsplanactiviteit behelst. Om te voorkomen dat in dergelijk geval de leges bij een bouwactiviteit tweemaal betaald moeten worden op grond van de bouwsomstaffel, hebben wij in artikel 2.5 van de tarieventabel een koppeling gemaakt met artikel 2.6. De bouwsomstaffel is

D0965219126/219127

Pagina 8 van 12

daardoor slechts één keer van toepassing op een bouwplan. Om deze reden is artikel 2.5 van de tarieventabel eveneens aangepast. Voor een kleine afwijking (kleine bopa) is aansluiting gezocht bij de bouwwerken die voorheen als een zogenoemd ‘kruimelgeval’ werden aangemerkt. Hiertoe zijn de definities in artikel 2.1 aangepast. Het in artikel 2.6.1, lid 5 en 6 apart opgenomen regime voor energetische verbeteringen en warmte-, koude- of elektriciteitsopwekking, blijft ongewijzigd in stand. Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2 Hier zijn geen wijzigingen doorgevoerd behalve de indexering van de tarieven met 1,5%. Verordening kwijtschelding Deze verordening is inhoudelijk niet gewijzigd. Wel hebben in artikel 2 enkele tekstuele wijzigingen plaats gevonden. Kwijtschelding wordt verleend voor: 1. Het vaste deel van de afvalstoffenheffing (2026: € 256,20); 2. Het vaste deel van de rioolheffing (2026: € 409,80); 3. Het variabele deel van de afvalstoffenheffing met een maximum van € 55,-. Voorgesteld wordt het bedrag van € 55,- voor de zogenaamde diftar te handhaven voor 2026. Recapitulatie Voor het inzicht in de ontwikkeling van de drie belangrijkste tarieven volgen hieronder een drietal overzichten van de belastingdruk voor de inwoner van de onroerende zaakbelasting, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing.

Daarbij is gebruik gemaakt van het Belastingoverzicht 2025 van de Provincie Limburg. De tabellen bevatten een overzicht van de lasten bij de verschillende woz-waarden voor de jaren 2025 en 2026. Daarbij is een extra tabel opgenomen om de lasten in kaart te brengen bij een (voorlopig) verwachte stijging van de woz-waarden met 13,57%. Voor wat de afvalstoffenheffing betreft is gerekend met 7 ledigingen à € 10,- per lediging van een restafvalcontainer van 240 liter. De flinke stijging in de rioolheffing wordt gedempt door een lagere onroerende zaakbelasting. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het totaal aan gemeentelijke lasten bij een bepaalde woz-waarde.

D0965219126/219127

Pagina 9 van 12

WOZ-waarde rioolrecht

Tarieven 2026 afvalstoffenheffing

€ € € € € € € € €

vastrecht ledigingen € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 € € 256,20 € 70,00 €

200.000 250.000 300.000 350.000 400.000 450.000 500.000 550.000 600.000

€ 409,80 € 409,80 € 409,80 € 409,80 € 409,80 € 409,80 € 409,80 € 409,80 € 409,80

OZB eigenaar 283,00 353,75 424,50 495,25 566,00 636,75 707,50 778,25 849,00

totaal

€ € € € € € € € €

1.019,00 1.089,75 1.160,50 1.231,25 1.302,00 1.372,75 1.443,50 1.514,25 1.585,00

In de tabel hieronder is rekening gehouden met een indexering aan woz-waarden met (voorlopig) 13,57%.

WOZwaarde € € € € € € € € €

227.140 283.925 340.710 397.495 454.280 511.065 567.850 624.635 681.420

Tarieven 2026 (indexering woz-waarden) rioolrecht afvalstoffenheffing OZB eigenaar vastrecht ledigingen € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 321,40 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 401,75 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 482,10 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 562,46 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 642,81 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 723,16 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 803,51 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 883,86 € 409,80 € 256,20 € 70,00 € 964,21

totaal

€ € € € € € € € €

1.057,40 1.137,75 1.218,10 1.298,46 1.378,81 1.459,16 1.539,51 1.619,86 1.700,21

Onderstaande tabel bevat de tarieven van het jaar 2025 en dient ter vergelijk met de cijfers 2026.

D0965219126/219127

Pagina 10 van 12

OPTIES N.v.t.

PERSONELE ASPECTEN N.v.t.

FINANCIËLE ASPECTEN Zie 'overwegingen'.

AANBESTEDING N.v.t.

COMMUNICATIE Communicatie en publicatie vindt plaats door plaatsing in de gemeenteberichten in 'd'r Troebadoer' en het gemeenteblad op Overheid.nl.

EVALUATIE N.v.t.

VERVOLG / PLANNING N.v.t.

BIJLAGEN 1. Verordening onroerende zaakbelasting Simpelveld 2026 (ID: 223607); 2. Verordening rioolheffing Simpelveld 2026 (ID: 223608); 3. Verordening afvalstoffenheffing Simpelveld 2026 (ID: 223609); 4. Verordening hondenbelasting Simpelveld 2026 (ID: 223610); 5. Verordening toeristenbelasting Simpelveld 2026 (ID: 223611); 6. Verordening marktgelden Simpelveld 2026 (ID: 223612); 7. Verordening lijkbezorgingsrechten Simpelveld 2026 (ID: 223613); 8. Tarieventabel behorende bij de verordening lijkbezorgingsrechten Simpelveld 2026 (ID: 223615); 9. Verordening leges en andere rechten Simpelveld 2026 (ID: 223618); 10. Tarieventabel behorende bij de verordening leges en andere rechten Simpelveld 2026 (ID: 223619); 11. Verordening kwijtschelding Simpelveld 2026 (ID: 223620).

D0965219126/219127

Pagina 11 van 12

BESLISPUNT In te stemmen met: 1. de tarieven onroerende zaakbelasting 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening onroerende zaakbelasting 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 2. de tarieven rioolheffing 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening rioolheffing 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 3. de tarieven afvalstoffenheffing 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening afvalstoffenheffing 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 4. de tarieven hondenbelasting 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening hondenbelasting 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 5. het tarief toeristenbelasting 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening toeristenbelasting 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 6.

het tarief marktgelden 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening marktgelden 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 7. de tarieven lijkbezorgingsrechten 2026 en de verordening met bijbehorende tarieventabel 2026 conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening lijkbezorgingsrechten 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 8. de tarieven leges en andere rechten 2026 en de verordening met bijbehorende tarieventabel 2026 conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening leges en andere rechten 2025 met bijbehorende tarieventabel 2025 met dien verstande dat de verordening leges en andere rechten 2025 van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 9. de bedragen voor kwijtschelding 2026 en de verordening conform vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de verordening kwijtschelding 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 10.

ter dekking van het te verwachten tekort aan opbrengsten rioolheffing wordt de onttrekking ad € 200.000 uit de algemene reserve gehandhaafd zoals bepaald in het raadsvoorstel ‘Ombuigingsvoorstellen voor periode 2026 e.v.’ en zal in het 1e kwartaal 2026 een onderzoek worden uitgevoerd naar de ontwikkeling van de structurele kosten riolering.

In haar vergadering d.d. 28 oktober 2025, Het college van burgemeester en wethouders in Simpelveld, De secretaris,

De burgemeester,

De heer G.H.J. Hollands

Mevrouw S.C.J. Scheepers

D0965219126/219127

Pagina 12 van 12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=55a4b007-dfd9-4966-8cee-62aa493b3bb9