CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

9. Bijlage 1 Jaarstukken 2020.pdf

Commissie MID 29 juni 2021, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 202035.892 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

-79-

Jaarstukken 2020

− − − −

In kader van prestatieafspraken met Woningstichting gerichte aandacht geven aan planontwikkeling om aan de groeiende vraag naar sociale huurwoningen te voldoen. In samenwerking met particuliere investeerders bevorderen dat meer woningen in het middensegment beschikbaar komen. Kernen blijvend verfraaien met beter en meer groen hetgeen concrete invulling krijgt met de aanplant van minimaal 40 nieuwe bomen binnen de kernen in de komende 4 jaar. Onderhoudsinitiatieven op gebied van beheer en onderhoud stimuleren.

Wat wilden we bereiken? HOOFDAMBITIE De verdere vertaling van de genoemde speerpunten naar dit programma wordt tot uitdrukking gebracht in de volgende hoofdambities: 1. 2.

3.

Een woningmarkt die is afgestemd op de demografische en maatschappelijke ontwikkelingen zoals krimp en vergrijzing en beperkte opvangfunctie voor nieuwkomers; Voldoende en kwalitatief goede, toekomstbestendige woningen voor de inwoners van de gemeente, waarbij met name aandacht wordt geschonken aan jonge(re) gezinnen en senioren, mede om de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen; Behoud en versterking van de kwaliteit van de kernen, zoals een prettig woonklimaat en groene uitstraling, de kwalitatieve waarden van het buitengebied en van de openbare ruimten. Fysieke clustering van wonen, zorg, voorzieningen en werkgelegenheid binnen de logische bebouwingscontouren.

BELEIDSINDICATOREN Aan de hand van de volgende verplichte beleidsindicatoren worden de maatschappelijke effecten toegelicht die met dit programma worden beoogd: Indicator

Eenheid

Bron

Realisatie Realisatie Realisatie Realisatie 2016 2017 2018 2019

Gemiddeld e WOZwaarde Nieuw gebouwde woningen Demografische druk Gemeentelijke woonlasten éénpersoons huishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoo nshuishouden

Duizend euro

CBS

160

166

171

177

193

270

Aantal per 1.000 woningen %

ABF

0,2

1,2

14

n.b.

n.b.

n.b.

CBS

75,0

75,6

77,5

78,5

79,6

70,0

In euro’s

COELO

719

738

779

805

848

700

In euro’s

COELO

783

800

825

845

884

773

-80-

Realisatie 2020 SPV NL

Jaarstukken 2020

Om de realisatie van de hoofdambities van dit programma te kunnen meten, zijn deze vertaald naar de volgende indicator: Indicator

Bron

Tevredenheid over gemeente als woon- en leefgemeente Tevredenheid buurtvoorzieningen

Burgeronderzoek Parkstad Limburg Burgeronderzoek Parkstad Limburg Burgeronderzoek Parkstad Limburg Burgeronderzoek Parkstad Limburg

Tevredenheid over voorzieningen voor jongeren Woningwaardering

Streefwaarde 7,9

Realisatie 2015 7,4

Realisatie 2017 7,6

Realisatie 2019 7,4

Hoogste Parkstad 7,9

71%

64%

66%

67%

71%

37%

20%

29%

23%

37%

8,1

7,9

7,9

7,8

8,1

* Burgeronderzoek Parkstad Limburg wordt tweejaarlijks uitgevoerd, derhalve wordt bovenstaand niet de realisatie van elk jaar weergegeven.

KADERSTELLENDE BELEIDSNOTA’S Het beleid in Simpelveld met betrekking tot dit programma is in de basis vastgelegd in de volgende documenten: 1. Strategische visie 2013-2023 gemeente Simpelveld (2013); 2. College-agenda 2018-2022 (2018); 3. Geactualiseerde envelop, herstructureringsvisie Parkstad Limburg 2012-2020 (2012); 4. Gemeentelijk woningbouwprogramma 2013 e.v. (2013); 5. Kwalitatief afwegingskader voor woningbouwplannen vanuit een markttechnisch perspectief (2013); 6. Intrekkingsbeleid omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van één of meer woningen/appartementen (2013); 7. Provinciaal Omgevingsplan Limburg 2014 (2014); 8. Omgevingsverordening Limburg (2014); 9. Provinciaal Verkeers- en vervoersprogramma (2014); 10. Vigerende bestemmingsplannen (diverse jaren); 11. Bestuursovereenkomst “Regionale afspraken Zuid-Limburg” (2016); 12. Diverse andere regionale documenten met betrekking tot herstructurering, wonen en krimp; 13. Structuurvisie wonen Zuid-Limburg (2016); 14. Gemeentelijke Woonvisie Simpelveld Regionale Woonvisie Parkstad Limburg 2017-2021 (2017); 15. Regionale Woningmarktprogrammering Parkstad Limburg 2019-2022 (2019); 16. Verordening Startersleningen gemeente Simpelveld (2019); 17. Beleidsregel tijdelijke versoepeling van de compensatiesystematiek van de Structuurvisie Wonen ZuidLimburg (2019).

Wat zouden we doen? Prioriteiten Beleidsveld wonen

Doelstellingen Waarborgen van de leefbaarheid van de gemeente en de kwaliteit van de leefomgeving en een gezonde woningmarkt.

Bestemmingsplannen

Actualiseren bestemmingsplannen.

-81-

Activiteiten - Uitvoeren van het uitvoeringsprogramma gemeentelijke Woonvisie Simpelveld / Regionale Woon-visie Parkstad Limburg 2017-2021. - Behoudens de procedurele afronding van het vastgestelde bestemmingsplan “Buitengebied 2016” (reparatie uitspraak RvS

Jaarstukken 2020

Prioriteiten

Doelstellingen

Projecten (fysieke) leefomgeving

Versterken / investeren in (fysieke) leefomgeving

Omgevingswet

Voorbereid zijn op nieuwe Omgevingswetgeving Kernen blijvend verfraaien met meer groen

Groene(re) kernen

Activiteiten m.b.t. 2 stuks beroepen), beschikt Simpelveld nu over actuele bestemmingsplannen die het volledige grondgebied van de gemeente dekken. - Voortgang geven aan ingezette projecten op basis van projectmatige aanpak en bijbehorende planning. - Voorbereidingen invoering Omgevingswet voortzetten. - Aanplant van minimaal 40 nieuwe bomen in de periode 2018-2022.

Wat hebben we gedaan? Beleidsveld wonen Op de Zuid-Limburgse schaal is de Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg vastgesteld en deze wordt momenteel uitgewerkt door de 17 Zuid-Limburgse gemeenten. Op regionale en lokale schaal is de Gemeentelijke Woonvisie Simpelveld / Regionale Woonvisie Parkstad 2017-2021 vastgesteld en wordt het daaruit volgend uitvoeringsprogramma uitgevoerd zodat de verschillende acties, maatregelen en afspraken uit de Woonvisie gerealiseerd worden. De onderwerpen uit de collegeagenda welke betrekking hebben op het beleidsveld wonen maken onderdeel uit van het vastgestelde beleid. Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg In januari 2015 is het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL 2014) in werking getreden. Voor een aantal thema’s waarvoor in het POL 2014 op hoofdlijnen de ambities, opgaven, rolopvatting en aanpak zijn vastgesteld, zijn nadere regionale afspraken nodig. Inmiddels zijn door de 18 gemeenten in onderlinge samenwerking en afstemming met stakeholders en de provincie bestuursafspraken gemaakt. De bestuursafspraken zijn in 2016 ondertekend en in het eerste kwartaal van 2018 geactualiseerd. Het thema wonen is in deze het meest ver in ontwikkeling. Op Zuid-Limburgse schaal is in samenspraak met de 18 Zuid-Limburgse gemeenten een ‘Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg’ opgesteld.

Deze structuurvisie is op 22 september 2016 door de gemeenteraad van Simpelveld vastgesteld. In 2019 is de Beleidsregel tijdelijke versoepeling van de compensatiesystematiek van de Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg vastgesteld, waardoor de mogelijkheden voor het uitvoeren van kwalitatief goede woningbouwplannen zijn uitgebreid. In 2020 heeft de evaluatie plaatsgevonden van de Structuurvisie Wonen Zuid Limburg (SVWZL). Deze rapportage zoomt o.a. in haar bevindingen in op een groot aantal ontwikkelingen en constateringen die variëren van een minder sterke bevolkingsdaling dan voorzien (a.g.v. migratie) tot een omvangrijke planvoorraad (Zuid Limburgse schaal) van woningen die nog direct gerealiseerd kunnen worden, tot de gevolgen van de Coronacrisis, economische ontwikkelingen en nieuwe regelgeving van de Rijksoverheid. In diezelfde rapportage worden een aantal suggesties en aanbevelingen gedaan. Eén van die aanbevelingen is om door te gaan met de in 2020 vastgestelde beleidsregel ter versoepeling van de compensatieregeling. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een nieuwe beleidsregel die een nog sterkere versoepeling mogelijk maakt genaamd ‘Ruim baan voor goede woningbouwplannen 2021’.

De verwachting is dat met deze nieuwe beleidsregel in 2021 de drempel voor het bouwen van de juiste woningen, voor de juiste doelgroep op de juiste locatie, dusdanig is verlaagd dat inderdaad de woningmarkt de noodzakelijke impuls krijgt. Vooruitlopend op de vaststelling van deze nieuwe beleidsregel heeft in december een Raadsinformatie-avond plaatsgevonden waarbij mogelijke en potentiële woningbouwlocaties zijn gepresenteerd.

-82-

Jaarstukken 2020

Gemeentelijke Woonvisie Simpelveld / Regionale Woonvisie Parkstad Limburg 2017-2021 Door de invoering van de nieuwe Woningwet 2015 veranderde de rol van de gemeente ten opzichte van de corporaties en huurdersbelangen-organisaties. In de Gemeenschappelijke Regeling Parkstad Limburg is afgesproken dat het regionaal woonbeleid op Parkstadniveau wordt opgesteld. Bij het opstellen van een nieuwe regionale woonvisie werd voor elke afzonderlijke gemeente een lokale uitwerking gemaakt. De Gemeentelijke Woonvisie Simpelveld / Regionale Woonvisie Parkstad Limburg 2017-2021 is op 20 april 2017 door de gemeenteraad van Simpelveld vastgesteld. Deze nieuwe Woonvisie vormt het kader om de komende jaren te investeren in onze lokale en regionale woningmarktopgaven. De kwantitatieve opgave (het terugdringen van onze woningvoorraad en plancapaciteit), waarover in de afgelopen jaren afspraken gemaakt zijn, worden in deze visie ook kwalitatief uitgewerkt. Zo wordt er gewerkt aan het beter laten aansluiten van het woningaanbod op de veranderde vraag. Concreet voorbeeld is de Starterslening, die mei 2019 door de raad is vastgesteld, het vlottrekken van de woningbouwplannen aan het Groeneboord, maar ook het ondersteunen en faciliteren van de plannen van Meander met het Zorgcentrum in Bocholtz.

Sinds de invoering zijn een aantal startersleningen verstrekt (één in 2020) waardoor de doelgroep starters de mogelijkheid heeft gekregen om binnen onze gemeente een voor hun geschikte woning te kunnen kopen. Het woningbouwplan aan de Groeneboord heeft in 2020 een voortvarende doorstart gemaakt en zal naar verwachting in 2021 worden opgeleverd. Bovendien vormt de Woonvisie het integrale beleidsdocument waarin wordt aangegeven hoe gemeenten samen met partners in het wonen (o.a. woningcorporaties, bewoners, ontwikkelaars, zorg- en welzijnspartijen) de opgaven op de woningmarkt willen gaan aanpakken, zowel als het gaat om de particuliere- als sociale woningvoorraad. Samen met de corporaties is in 2019 het woningbehoefte-onderzoek uitgevoerd dat in 2020 als vertrekpunt is ingezet bij mogelijke woningbouw-ontwikkelingen. Verder is in 2020 binnen de Stadsregio Parkstad het project ‘de Voorzieningenwijzer’ opgestart als zijnde een onderdeel van de Regio Deal. Concreet is de Voorzieningenwijzer bedoeld om een verbetering te brengen in de financiële situatie van (kwetsbare) huishoudens door inwoners meer en beter toe te leiden naar (de voor hen best passende) bestaande voorzieningen (minimaregelingen, toeslagen, zorgverzekering, energiecontract, belastingaangifte). Dit helpt om armoede en problematische schulden te bestrijden en te voorkomen.

Hiermee wordt op concrete wijze invulling gegeven aan de Prestatieafspraken 2020. De Prestatieafspraken zijn met de woningcorporaties in 2020 regionaal doorontwikkeld naar een meerjarig kader met daaruit afgeleid de jaarschijven. Diverse thema’s, waaronder Betaalbaarheid, Duurzaamheid & Kwaliteit, Leefbaarheid en Wonen met zorg en huisvesting maatschappelijke doelgroepen zijn nu duidelijk en helder beschreven en als afspraak vastgelegd. Bestemmingsplannen Er zijn vooralsnog geen nieuwe ontwikkelingen met betrekking tot reparatie buitengebied te melden behoudens het feit dat hier momenteel aan gewerkt wordt. Het Veegplan is inmiddels in het college behandeld en vaststelling door de raad zal in de tweede helft van 2021 kunnen plaatsvinden. Het bovenstaande neemt echter niet weg dat wij voor een aantal beoogde nieuwe ontwikkelingen wederom nieuwe zgn. ‘postzegelbestemmingsplannen / wijzigingsplannen’ in procedure zullen brengen. In dat opzicht is het onderwerp ‘bestemmingsplannen’ nooit af en derhalve een dynamisch gegeven. Het project ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’ is hier een goed voorbeeld van. Ten behoeve van de realisatie van het plan zal dan ook binnen afzienbare tijd, na consultatie van de Provinciale Kwaliteitscommissie, het (voorontwerp) bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’ in procedure worden gebracht.

Projecten (fysieke) leefomgeving In het fysieke domein geven we voortzetting aan een aantal in voorgaande jaren ingezette, nauw met elkaar samenhangende projecten (zie programma 3). Met de vorming van een reserve ter grootte van € 4 miljoen om bij te dragen in investeringen in de projecten fysieke leefomgeving en het aan het gemeentebestuur verleende mandaat om in de voorbereidingsfase uitgaven tot maximaal € 50.000 per project (tot maximaal € 200.000) aan te kunnen wenden, heeft de raad in

-83-

Jaarstukken 2020

zijn vergadering van 15 december 2016 een hoge ambitie uitgesproken. Hiermee zijn financiële middelen beschikbaar voor investeringen in het kader van o.a. IBA Parkstad, I-DOP Bocholtz en economie / toerisme projecten om hiermee als gemeente een stimulerende rol te kunnen vervullen. Omtrent ontwikkelingen en voortgang van deze en andere projecten in het fysieke domein zullen wij de raad blijven informeren via de aan de raadscommissievergaderingen gekoppelde periodieke updates. Voor meer informatie verwijzen wij u naar de toelichting bij programma 3. Omgevingswet Het stelsel van de Omgevingswet (hierna: Ow) bundelt de regels over ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Daarnaast komen er vier algemene maatregelen van bestuur en een ministeriële regeling. Naar verwachting zal de Ow op 1 januari 2022 in werking treden. Reeds geruime tijd werkt de gemeente Simpelveld aan de implementatie van de Ow. Daarvoor is onder externe begeleiding een Plan van aanpak opgesteld, dat in februari 2020 ter kennisname is aangeboden aan de gemeenteraad. Het Plan van aanpak schetst het ‘grote plaatje’, waarin uitvoerig op de Ow wordt ingegaan en de beleidsdoelen in een breder kader worden geplaatst. In het Plan van aanpak is tot uitgangspunt genomen om de focus te leggen op de acties die nodig zijn om op 1 januari 2022 klaar te zijn voor het werken onder de Ow.

Deze acties richten zich op het continueren van de vergunningverlening en de toezichthoudende en handhavende taak, zodat de huidige dienstverlening op niveau blijft. Vanaf 1 januari 2022 en volgende jaren ontstaat ruimte voor een vertaling van de verbeterdoelen van de Ow, met invulling van de lokale koers, ambities en beleidskeuzen en het opstellen van een omgevingsvisie en een omgevingsplan. Afgelopen periode is focus gelegd op het in beeld brengen van onze gemeentelijke regels/ verordeningen die de fysieke leefomgeving alsmede de openbare orde en veiligheid betreffen met als doel deze te bundelen in een gemeentelijke omgevingsverordening. Inventariseren, actualiseren, leesbaarder maken en bundelen van gemeentelijke regelgeving maakt dat deze toegankelijker en inzichtelijker worden, waarmee we met de op te stellen omgevingsverordening een goede bouwsteen krijgen voor het toekomstig omgevingsplan. De verordening fysieke leefomgeving, die minimaal 12 andere verordeningen vervangt, zal naar verwachting medio 2021 ter vaststelling aan de raad worden aangeboden. In februari 2020 heeft de gemeenteraad krediet beschikbaar gesteld voor implementatie van de Ow, onder meer bedoeld voor aanschaf van de benodigde ICT-programmatuur. In april 2020 is besloten tot toetreding tot het convenant van de Provincie Limburg, "Samenwerking Gemeenschappelijke Informatievoorziening VTH" (SGIV).

De samenwerking heeft via een gezamenlijke aanbesteding geleid tot aanschaf van het programma Squit20/20. Met dit programma kan de gemeente Simpelveld aansluiten op het landelijke digitale stelsel. De ‘livegang’ van het nieuwe programma is voorzien per medio 2021. Na herijking van de vorm van de functionele integratie medio vorig jaar, wordt de implementatie van de Ow wederom binnen de eigen gelederen opgepakt. Het Plan van aanpak is nog steeds leidraad. In een raadsinformatiebrief van 17 maart 2021 is de gemeenteraad over de stand van zaken geïnformeerd. Groenere kernen In de periode 2018-2020 zijn in totaal 34 nieuwe bomen aangeplant. Tot en met het 1e kwartaal 2021 komt het aantal geplande bomen uit op 55. De inspectie-resultaten van de boomveiligheidscontrole (Visual Tree Assessment) zijn in 2020 aangeleverd. In totaal zijn er in de gemeente Simpelveld 6.174 bomen geïnspecteerd. 323 (5,2%) van de 6.174 bomen worden aangemerkt als risicobomen en 227 (3,7%) van de 6.174 bomen als attentie bomen. Onze eigen dienst heeft in Q4 2020 een begin gemaakt aan het wegwerken van het achterstallig onderhoud. Dit betreft voornamelijk onderhoudswerkzaamheden zoals het verwijderen van laagen overhangende takken. Begin 2021 is opdracht verstrekt voor het opstellen van twee bestekken inzake het regulier boomonderhoud en wegwerken van het achterstallig onderhoud.

Tevens wordt er een kostenraming opgesteld om de financiële kosten inzake de onderhoudsmaatregelen inzichtelijk te maken. De financiële vertaling volgt in de 2e helft 2021. Renovatie woonwagenkamp In oktober 2020 heeft de Raad besloten € 256.520 (incl. BTW) beschikbaar te stellen voor de renovatie van de woonwagenstandplaatsen. Met de Woningstichting is de aanpak besproken en daarna zijn de gesprekken met

-84-

Jaarstukken 2020

Nijbod Consultancy opgestart voor het opstellen van een plan van aanpak voor de renovatie, in lijn met het door de Raad genomen besluit. In 2020 is van het beschikbaar gestelde budget nog geen geld uitgegeven. KENGETALLEN Bron Aantal belastingobjecten - type ‘woningen’ - type ‘niet-woningen’ Leegstandspercentage Waarde woning - gemiddelde waarde woning Oppervlakte openbaar groen - binnen bebouwde kom - buiten bebouwde kom - sportvelden Herstructureringsopgave Simpelveld (aantal woningen) (excl.

BsGW BsGW BsGW

2016

2017

2018

2019

2020

5.143 407 3,9%

5.158 387 4,6%

5.142 384 4,8%

5.141 386 4,5%

5.142 384 4,5%

BsGW

160.000 161.685 172.883 173.819 199.306

Gemeente Gemeente Gemeente Vigerende regionale envelop

19,8 ha. 37 ha. 8 ha. 120

19,8 ha. 19,8 ha. 37 ha. 37 ha. 8 ha. 8 ha. 120 150

19,8 ha. 37 ha. 8 ha. 150

20,7 ha. 37 ha. 8 ha. 150

nieuwbouw)

Wat mag het kosten? BATEN EN LASTEN

La s ten excl. kvs t. & ka pita a l ls t. Ba ten Saldo excl. kvst. & kap. lst. La s ten kos tenverdeel s ta a t Kapi ta a ll as ten Saldo van baten en lasten Toevoegi ngen Onttrekki ngen Gerealiseerd / geraamd resultaat

Rekening 2019 221.447 285.138 63.691 455.451 164 -391.924 109.000 59.577 -441.347

Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2020 2021 2022 2023 215.293 429.305 29.670 65.670 65.670 180.009 182.000 114.000 114.000 114.000 -35.285 -247.305 84.330 48.330 48.330 493.044 487.216 498.643 498.643 498.643 156 133 70 65 60 -528.485 -734.654 -414.383 -450.378 -450.373 9.000 9.000 9.000 9.000 9.000 206.434 485.975 0 0 0 -331.051 -257.679 -423.383 -459.378 -459.373

In onderstaande tabel is het saldo van baten en lasten op productniveau weergegeven:

Saldo van baten en lasten: 8.1 ruimteli jke ordeni ng ruimtelijke ordeni ng 8.2 grondexploita tie ei gendommen 8.3 wonen en bouwen woningbouw bouw- & woningtoezicht overige volks huis ves ting omgevings vergunni ngen Gerealiseerd / geraamd resultaat

Rekening 2019

Rekening 2020

Begroting 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

-180.783

-212.581

-246.203

-64.086

-100.081

-100.076

-2.605

4.179

155

-1.473

-1.473

-1.473

-89.842 -215.488 -116.317 213.112 -391.924

-38.865 -278.113 -106.319 103.214 -528.485

-35.591 -252.546 -305.469 105.000 -734.654

-36.554 -255.704 -126.566 70.000 -414.383

-36.554 -255.704 -126.566 70.000 -450.378

-36.554 -255.704 -126.566 70.000 -450.373

MUTATIES IN RESERVES In programma 0 zijn de volgende mutaties in reserves met betrekking tot dit programma geraamd.

-85-

Begroting 2023

Jaarstukken 2020

Rekening 2019 Toevoegingen (lasten) res erve impl ementa ti e Omgevings wet res erve bes temmings pla nnen Subtotaal toevoegingen Onttrekkingen (baten) a lgemene res erve - renova tie woonwa gencentra res erve impl ementa ti e Omgevings wet res erve fys i eke leefomgeving Subtotaal onttrekkingen Totaal

100.000 9.000 109.000

Rekening 2020

Begroting 2020

0 9.000 9.000

Begroting 2021

0 9.000 9.000

Begroting 2022

Begroting 2023

0 9.000 9.000

0 9.000 9.000

0 9.000 9.000

0 0 0 9.000

0 0 0 9.000

0 0 0 9.000

182.975 18.095 41.482 59.577 49.423

68.625 137.809 206.434 -197.434

100.000 203.000 485.975 -476.975

INVESTERINGEN In de programmabegroting waren voor 2020 de volgende investeringen voorzien. 2020 - Aankoop kavel Rolduckerweg

52.500 k.k.

In het boekjaar is conform het raadsbesluit van februari 2020 een weiland aan de Rolduckerweg verworven voor een bedrag € 55.449. De meerkosten betreffen de k.k. De verdere inrichting heeft dit voorjaar plaatsgevonden. VERSCHILLENANALYSE De voornaamste verschillen tussen de rekening en de begroting 2020 (na wijziging) zijn de volgende (verklaring verschil tussen het ‘Saldo excl. kvst./kap.’): Omschrijving  product overige volkshuisvesting: in de raadsvergadering van oktober 2020 is door uw raad budget beschikbaar gesteld voor de renovatie van de woonwagenlocaties Ving- en Biesweg. De renovatie wordt deels gedekt uit de voorziening groot onderhoud gebouwen en deels uit de algemene reserve. Aangezien de renovatie nog niet is gestart ontstaat er bij dit programma een voordeel. Echter doordat ook de algemene reserve bij programma 0 niet vrijvalt, is e.e.a. in totaliteit budgettair neutraal. Totaal

Voordeel

Nadeel

185.475 185.475

Wat zijn de risico’s? De volgende financiële risico’s kunnen worden benoemd: − Nieuwe omgevingswet − Planschades Voor een nadere toelichting van de risico’s zie de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.

-86-

0

Jaarstukken 2020

HOOFDSTUK 3

PARAGRAFEN

-87-

Jaarstukken 2020

-88-

Jaarstukken 2020

Paragraaf Bedrijfsvoering INLEIDING De gemeente Simpelveld wil zich doorontwikkelen tot een goede, professionele dienstverlener. De klant(vraag) staat in ons handelen centraal. De doelstelling van de organisatie en de visie met betrekking tot vraaggerichte dienstverlening zijn van grote invloed op de bedrijfsvoering en dus de inrichting van de organisatie. Dit alles willen we op een zo effectief en efficiënt mogelijke manier realiseren. De organisatieontwikkeling heeft de laatste jaren het accent gelegd op het verbeteren van die dienstverlening aan de Simpelveldse burger. In deze paragraaf wordt een onderscheid gemaakt in de volgende beleidsvelden: Personeel & Organisatie Financiën & Control Informatiemanagement Communicatie Dienstverlening PERSONEEL & ORGANISATIE In 2020 is de functionele integratie tussen de gemeenten Simpelveld en Voerendaal geëvalueerd en herijkt. Dat wil zeggen dat met ingang van 28 april 2020 de functionele integratie niet meer in vorm 3 plaatsvindt. De functioneel geïntegreerde afdelingen Bedrijfsvoering en Openbare Ruimte zijn met ingang van deze datum ontvlecht. Voor 2020 was het harmoniseren van werkprocessen en (HR)regelingen gepland. Dit harmoniseren is vanwege de ontvlechting gestopt. Indien nodig hebben we werkprocessen en (HR)regelingen opnieuw ontwikkeld en vastgesteld voor onze eigen organisatie.

Voorbeelden hiervan zijn de regeling onwerkbaar weer (inmiddels vastgesteld) en de werktijdenregeling voor de buitendienst die opnieuw zal worden vastgesteld voor onze gemeente. WNRA Er is veel energie gestoken in de invoering van de Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (WNRA). Concrete acties hierbij waren de implementatie van de nieuwe, op de WNRA gebaseerde CAO Gemeenten en het opstellen en ondertekenen van arbeidsovereenkomsten voor alle bestaande (en nieuwe) medewerkers. Verder is een geschillencommissie ingesteld en hebben wij met de vakbonden over de invoering van het lokaal overleg gesproken. De gemeente Simpelveld is voor het lokaal overleg in afwachting van de vakbonden. Daar ligt het initiatief om een afvaardiging aan te dragen vanuit de vakbonden. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim is een going concern onderwerp. Dit betekent dat hier altijd aandacht voor is. Er is sprake van een dalende trend. Jaar Ziekteverzuimpercentage* Verzuimfrequentie*

2015 7,20% 1,39

2016 6,25% 1,44

2017 6,28% 1,41

2018 5,13% 1,26

2019 5,81% 1,45

2020 4,33% 0,96

* excl. zwangerschapsverlof

Salariskosten In de rekening 2020 is in totaal voor een bedrag van € 5.184.426 (exclusief overige loonkostenbudgetten) aan loonkosten besteed.

-89-

Jaarstukken 2020

Omschrijving

Fte

subtotaal bestuur

1,00 2,20 3,20

Loonkosten rekening 130.922 184.421 315.342

secretaris griffie secretariepersoneel openbare werken burgerlijke stand subtotaal personeel TOTAAL

1,00 1,11 58,88 8,65 0,00 69,64 72,84

112.372 75.377 4.211.174 469.198 963 4.869.084 5.184.426

burgemeester wethouders

Fte 1,00 2,20 3,20

Loonkosten begroting 130.149 182.899 313.048

1,00 1,11 61,91 8,65 0,00 72,67 75,87

109.810 96.261 4.334.623 429.725 3.000 4.973.418 5.286.466

Rekening houdend met de diverse overige budgetten voor de loonkosten in de jaarstukken en de inzet van de onderuitputting voor bijvoorbeeld inhuur personeel is in totaliteit geen sprake van een resterende onderuitputting van de loonkosten. Kostenverdeelstaat In de Notitie Overhead van de Commissie BBV is opgenomen dat kosten zoveel mogelijk direct worden toegerekend aan de betreffende taakvelden. De resterende overheadkosten worden centraal verantwoord via taakveld 0.4 ‘overhead’. Ten aanzien van de kosten van het ambtelijk apparaat (secretariepersoneel en openbare werken) is bepaald of deze al dan niet directe kosten zijn ten aanzien van een bepaald taakveld; toerekening heeft dan plaatsgevonden via de kostenverdeelstaat op basis van de urenraming in de afdelingsplannen. Indien het indirecte kosten betreft, dan is er sprake van overhead (verantwoord op taakveld 0.4). Voor een overzicht van de totale overhead wordt verwezen naar de toelichting op het overzicht van baten en lasten (paragraaf 4.5). FINANCIËN & CONTROL Ons handelen blijft erop gericht om onze financiële huishouding gezond te houden. Juist in tijden waarin het financieel economisch onzeker is, is het belangrijk de basis op orde te hebben. De volgende speerpunten zijn en blijven van belang: doorontwikkeling P&C-documenten en actualiseren financiële- en bedrijfsvoeringnota’s.

Doorontwikkeling P&C-documenten Ten aanzien van de huidige P&C-documenten (begroting, berap’s en jaarstukken) is door zowel college als raad meermaals aangegeven dat deze van voldoende kwaliteit zijn. Dit laat onverlet dat er steeds oog moet zijn voor mogelijke verbeteringen. In de voorliggende jaarstukken zijn de aanbevelingen uit het financieel verdiepingsonderzoek 2020 van de Provincie verwerkt. Tevens is de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing aangepast in overeenstemming met hetgeen hierover in de Auditcommissie is besproken. Intern wordt gestreefd naar het continue verbeteren van de verslaggeving en prestatie-verantwoording middels de PDCA-cyclus. Actualiseren financiële- en bedrijfsvoeringnota’s Het is van belang om nota's en verordeningen actueel te houden. Normaliter dient actualisatie één keer in de vier jaar plaats te vinden. Onderstaand is aangegeven wanneer de financiële- en bedrijfsvoeringnota’s van de gemeente Simpelveld uiterlijk geactualiseerd dienen te worden: Document

Vastgesteld door College / Raad 2021 2018 2017 2020 2019 2018 2018

212, 213 en 213a-verordening Nota misbruik en oneigenlijk gebruik Nota activeren en afschrijven Nota inkoop en aanbesteding Nota reserves en voorzieningen Nota risicomanagement en weerstandsvermogen Treasurystatuut

-90-

Actualisatie uiterlijk in 2025 2022 2021 2024 2023 2022 2022

Jaarstukken 2020

Document

Vastgesteld door College / Raad 2007

Nota auditcommissie

Actualisatie uiterlijk in 2022

Kosten bedrijfsvoering Onderstaand wordt een meerjarig inzicht weergegeven in diverse kosten die samenhangen met de bedrijfsvoering.

Automatisering Kantoorkosten HRM (excl. salariskosten) Communicatie Totaal

Rekening 2019 489.769 587.035 748.167 75.586 1.900.556

Rekening 2020 532.214 563.935 770.275 87.550 1.953.974

Begroting 2020 1.000.523 562.548 455.235 71.686 2.089.992

Begroting 2021 658.315 538.090 267.570 75.736 1.539.711

Begroting 2022 680.845 531.185 256.760 75.736 1.544.526

Begroting 2023 675.741 527.987 265.840 75.736 1.545.304

Begroting 2024 708.663 519.275 265.840 75.736 1.569.514

Ter toelichting op de bedragen in de tabel het volgende: -bij Automatisering zijn in de begroting de eenmalige kosten van de overstap naar PIT van € 335.500 (dekking vanuit de Algemene reserve) geraamd. De overstap heeft in 2020 echter nog niet plaatsgevonden. Waardoor de realisatie aanzienlijk lager is; -bij HRM worden o.a. de uitgaven van inhuur personeel verantwoord. Dekking hiervan vindt deels plaats uit de onderuitputting van salariskosten. Deze onderuitputting salariskosten is niet weergegeven in voorgaande tabel, waardoor het lijkt of er sprake is van een overschrijding. INFORMATIEMANAGEMENT Door de afschaling van de functionele integratie met de gemeente Voerendaal is de functie van Coördinator vacant geworden. Daarnaast was de functie van Adviseur Privacy en Informatiebeveiliging vacant. Per 1 juli 2020 is er een nieuwe Coördinator Informatiemanagement benoemd die tevens de rol van Adviseur Privacy en Informatiebeveiliging op zich neemt. Visie op inrichting informatiemanagement/kpi-rapportage Eind 2020 is uw raad geïnformeerd over de rapportage horizontale verantwoording Archiefwet 1995 van de gemeente-archivaris. Ter verbetering van de informatiehuishouding is een meerjarig verbeterplan beschikbaar gesteld. Zaaksysteem In juni 2020 heeft het college ingestemd met het upgraden van het zaaksysteem Verseon naar Djuma.

Daarna is gestart met de implementatie- en inrichting van het zaaksysteem. De implementatie van Djuma wordt eveneens gebruikt voor het revitaliseren van het zaakgericht werken in de organisatie. De planning is er op gericht om in juli 2021 Djuma door de organisatie in gebruik te laten nemen. Daarna gaat een conversie plaatsvinden van de gegevens van Verseon naar Djuma. ICT-infrastructuur Na het afschalen van de functionele integratie met Voerendaal is qua ICT-infrastructuur gekozen voor een ICTomgeving alleen voor Simpelveld. Bij het opbouwen van deze infrastructuur wordt rekening gehouden met elementen uit de coronacrisis zoals thuiswerken en vergaderen op afstand. Najaar 2020 is het implementatietraject voor deze ICT-infrastructuur gestart. De livegang is afgestemd met de upgrading van zaaksysteem Verseon naar Djuma (mede i.v.m. migratie huidige gegevens Verseon naar Djuma) en is voorzien in oktober 2021. Informatiebeveiliging en Privacy In 2021 worden de maatregelen uit de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) verder geïmplementeerd. Dit gebeurt op basis van een informatiebeveiligingsplan, waarmee eind 2020 met behulp van externe ondersteuning is gestart.

Op basis van het informatiebeveiligingsplan zal een besluit genomen worden over de aanschaf van een Information Security Management System (ISMS) COMMUNICATIE In het communicatiebeleidsplan 2017-2020 is de ambitie verwoord om gemeente Simpelveld door te ontwikkelen naar een communicatieve organisatie waarbij communicatie breed is verankerd. De nadruk ligt

-91-

Jaarstukken 2020

daarbij op dialoog en samenwerking. Gemeente Simpelveld wil samen met inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers optrekken en hen (waar mogelijk) in een vroeg stadium bij beleid- en planvorming betrekken. Communicatie over participatie en het scheppen van reële verwachtingen is daarbij een belangrijk aandachtspunt. In 2020 is de focus met name gericht geweest op de communicatie rondom de Covid-19 pandemie. DIENSTVERLENING De afgelopen jaren hebben we in het kader van de Visie op dienstverlening diverse acties uitgevoerd om onze dienstverlening verder te ontwikkelen en te verbeteren. In het najaar van 2020 hebben we een nader onderzoek uitgevoerd naar “bestpractices” voor de verhoging van de klanttevredenheid. Hierbij hebben we met name gekeken naar gemeenten waar sprake is van een stijgende lijn in de klanttevredenheid en wat die gemeente mogelijk anders doet dan wij. Ondanks Covid-19, dat beperkingen opwerpt, gaan wij in 2021 zo goed mogelijk werk maken van het verder verbeteren van de dienstverlening. Er staan onder meer de volgende verbeterpunten en –acties in 2021 op de planning: - Een stringentere bewaking van termijnen is reeds geïmplementeerd bij vergunningverlening en de uitvoering van de Wmo, waardoor nagenoeg alle verzoeken binnen de standaardtermijn worden afgehandeld.

In 2021 wordt dit mede bij de implementatie van het nieuwe zaaksysteem verbreed naar andere producten; - Producten kunnen zo veel mogelijk digitaal worden aangevraagd. Op de gemeentelijke website is hiervoor een digitaal loket ingericht. Per 31 december 2020 betreft dit de 21 meest gevraagde producten (uiteraard voor zover wettelijk toegestaan). Het aantal webformulieren wordt gedurende 2021 geleidelijk uitgebreid. - De telefonische bereikbaarheid van medewerkers is ook een aandachtspunt. In 2020 heeft de overgang plaatsgevonden van vaste telefonie naar mobiele telefoons, waardoor de verwachting is dat de bereikbaarheid van onze medewerkers tijdens kantoortijden zal toenemen. - Terugbelverzoeken zullen vanaf het nieuwe zaaksysteem beter geregistreerd en gemonitord kunnen worden. Met als doel terugbelverzoeken consequent af te handelen binnen de termijnen van het kwaliteitshandvest. - Het streven is dat onze dienstverlening door de burgers ook echt als gastvrije dienstverlening ervaren wordt. Hiertoe gaan we gerichte hospitaility trainingen organiseren. DOELMATIGHEIDS- EN DOELTREFFENDHEIDSONDERZOEKEN Op grond van de Verordening artikel 213a onderzoekt het college minimaal een keer per vier jaar de doelmatigheid en doeltreffendheid van een door haar gevoerde beleidsonderdeel en deelt de resultaten hiervan met de raad.

De uitkomsten van een onderzoek worden vastgelegd in een rapportage. Elke rapportage bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en, indien nodig, aanbevelingen voor verbeteringen c.q. een verbeterplan. De rapportage en het verbeterplan worden naar de raad gestuurd. Op basis van het verbeterplan zal het college maatregelen nemen.

-92-

Jaarstukken 2020

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing VASTGESTELD BELEID Het weerstandsvermogen is een maatstaf voor de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (hoeveel middelen zijn nodig om alle risico’s op te kunnen vangen). Beide komen in het vervolg van deze paragraaf aan de orde en op basis daarvan wordt het weerstandsvermogen bepaald. In de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2019, zoals door de raad vastgesteld in de vergadering van 13 december 2018, is het beleid vastgesteld. Dit beleid ten aanzien van het weerstandsvermogen dient enerzijds om inzicht te verschaffen in de omvang en de opbouw van de weerstandscapaciteit, en anderzijds om aan te geven wat de relevante risico’s en de eventuele financiële gevolgen van deze risico’s zijn. Om daadwerkelijk beleid te voeren dient eerst bepaald te worden hoe het risicoprofiel van de gemeente is opgesteld, wat tot de weerstandscapaciteit gerekend wordt en hoe het weerstandsvermogen berekend wordt. Vervolgens zal op basis van deze kennis een keuze gemaakt moeten worden welk niveau van het weerstandsvermogen wordt nagestreefd.

Bij de behandeling van de begroting 2021 zijn door de raad vraagtekens geplaatst bij de kwantificering van risico’s. Naar aanleiding hiervan is e.e.a. aan de orde geweest in de Auditcommissie. Dit heeft geresulteerd in een aanpassing van de kwantificering van risico’s en de toelichting hierop. WEERSTANDSVERMOGEN Om het weerstandsvermogen te kunnen bepalen, zal allereerst de beschikbare weerstandscapaciteit bepaald worden. Vervolgens zullen de belangrijkste risico’s inzichtelijk gemaakt worden en, daar waar mogelijk, gewaardeerd worden. 1. Risico’s

2. Weerstandscapaciteit • Algemene reserve • Begrotingsoverschotten • Onbenutte belastingcapaciteit • Onvoorzien

Financieel gekwantificeerd

WEERSTANDSVERMOGEN BESCHIKBARE WEERSTANDSCAPACITEIT De beschikbare weerstandscapaciteit geeft aan hoeveel middelen beschikbaar zijn om eventuele risico’s op te kunnen vangen. De weerstandscapaciteit kan worden verdeeld in incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Als componenten van de incidentele- respectievelijk structurele weerstandscapaciteit worden onderstaande onderdelen genoemd: Incidentele weerstandscapaciteit Algemene reserve Post onvoorzien

Structurele weerstandscapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit Begrotingsoverschotten

ad. a algemene reserve Van de reserves vormt de algemene reserve normaal gesproken het direct vrij besteedbare deel dat kan worden aangewend ter financiering van opgetreden risico’s. De algemene reserve bedraagt per 31-12-2020 € 5.494.824.

-93-

Jaarstukken 2020

ad. b post onvoorzien De post onvoorzien bedraagt € 1.000. Voor een overzicht van de post onvoorzien wordt verwezen naar de toelichting op het overzicht van baten en lasten (paragraaf 4.5). ad. c onbenutte belastingcapaciteit De omvang van de resterende belastingcapaciteit is de ruimte tussen de feitelijke opbrengst uit het totaal van de onroerende-zaakbelastingen, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing enerzijds en anderzijds de opbrengst die de gemeente moet realiseren indien een beroep is gedaan op een aanvullende bijdrage op grond van artikel 12 van de Financiële Verhoudingswet (Fvw). Er is derhalve sprake van te benutten belastingcapaciteit indien het tarief voor de OZB lager is dan het tarief volgens de artikel 12-norm. De gemeente Simpelveld overschrijdt dit tarief. Voor wat betreft rioolheffing en afvalstoffenheffing hanteert de gemeente Simpelveld het standpunt dat er sprake moet zijn van een 100% kostendekkend tarief. Er is dus geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit. ad. d begrotingsoverschotten Indien in de begroting te ruime budgetten of onbenutte budgetten staan, dan kunnen deze structureel worden ingezet ter dekking van risico’s. Voorwaarde is wel dat deze positieve begrotingsruimte zich in het begrotingsjaar als meerjarig voordoet.

Indien sprake is van begrotingsoverschotten dan zal dit in de toelichting bij de jaarstukken en tevens in de Berap’s worden gemeld. Een begrotingsoverschot kan ook inhouden dat de gemeente ruimte heeft voor nieuw beleid. Deze ruimte zou dan tevens kunnen worden ingezet ter verhoging van de weerstandscapaciteit. Resumerend overzicht Omschrijving Incidentele weerstandscapaciteit a. algemene reserves b. onvoorzien Structurele weerstandscapaciteit c. onbenutte belastingcapaciteit d. begrotingsoverschotten Totale weerstandscapaciteit

31-12-2020

31-12-2019

5.494.824 1.000

5.029.865 1.000

0 PM 5.495.824

0 PM 5.030.865

RISICO’S Het BBV geeft aan dat alleen risico’s van materiële betekenis in relatie tot de financiële positie hoeven te worden meegenomen. Feitelijk wordt hier bedoeld dat de kleinere risico’s natuurlijk wel in ogenschouw moeten worden genomen, maar dat ze qua risicofinanciering uit de lopende exploitatie worden gefinancierd. Onderstaand worden de relevante risico’s voor de financiële positie benoemd en gekwantificeerd. De kwantificering is conform afspraak met de auditcommissie als volgt aangepast: Eerst wordt bepaald hoe groot de kans is dat een risico zich voordoet: Kans Klein Middel Groot

25% 50% 75%

Vervolgens wordt het effect als het zich risico zich voordoet ingeschat. Daarbij zijn vier klassen mogelijk, tenzij er een betere waardering van het effect mogelijk is. Effect Klasse 1 Klasse 2 Klasse 3 Klasse 4

< € 50.000 € 50.000 - € 200.000 € 200.000 - € 500.000 > € 500.000

€ 25.000 € 125.000 € 350.000 € 750.000

-94-

Jaarstukken 2020

Aansprakelijkheid/juridische risico’s 1. Aanbestedingen De regels voor (Europese) aanbestedingen zijn zeer strikt. Hoe groter het bedrag voor de aanbesteding en hoe complexer het onderwerp, hoe groter het mogelijke risico. Bij complexe aanbestedingen wordt indien noodzakelijk een beroep gedaan op externe expertise. Van belang is om telkens goed de selectie- en gunningscriteria te definiëren en uit te voeren. De partij die de aanbesteding niet gegund krijgt, dient helder en duidelijk te vernemen waarom de opdracht aan een andere partij is gegund. Worden regels, ondanks alle zorgvuldigheid, niet goed toegepast dan loopt de gemeente een risico. Hoe hoog dit risico is, is afhankelijk van het aan te besteden bedrag en bijvoorbeeld ook de investeringen die de gemeente op de rol heeft staan. Dit risico kan zich breed voordoen en is derhalve niet aan bepaalde programma’s toe te rekenen. Het risico heeft zich 2020 niet voorgedaan. kwantificering Rekening houdend met het feit dat voor aanbestedingen intern strikte procedures worden gevolgd en dat voor complexe aanbestedingen indien nodig een beroep gedaan wordt op externe expertise c.q. een juridische toets wordt uitgevoerd, waarderen we het risico als volgt: Kans – middel 50% Effect – klasse 2 € 125.000 Financieel risico – 50% van € 125.000 is € 62.500 Financiële risico’s 2.

Sociaal domein Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de nieuwe taken in het kader van de drie grote decentralisaties, te weten Wmo-nieuwe taken, jeugdzorg en participatie. Gedurende het jaar wordt het sociaal domein intensief gemonitord. In de praktijk blijkt het niet makkelijk om een compleet en sluitend beeld te krijgen. M.b.t. de jeugdzorg worden in 2021 extra rijksmiddelen ontvangen en tevens wordt m.i.v. van 2022 het woonplaatsbeginsel voor de jeugdzorg ingevoerd. De gemeente beschikt over de reserve sociaal domein (stand 31 december 2020 € 649.837), die ten behoeve van het sociaal domein kan worden ingezet. In 2020 is de reserve o.a. ingezet voor inhuur van personeel in het sociaal domein. Hoewel in het boekjaar met name sprake is van hogere kosten in de jeugdzorg, is het in het boekjaar niet nodig geweest de reserve hiervoor in te zetten. Dekking heeft binnen de totaliteit van de begroting kunnen plaatsvinden. kwantificering Rekening houdend met het feit dat voor deze risico’s in het sociaal domein de reserve sociaal domein beschikbaar is, waarderen we het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 3 € 350.000 Financieel risico – 25% van € 350.000 is € 87.500. 3. Verbonden partijen Verbonden partijen voeren in de regel gemeentelijke taken uit. De belangrijkste groep verbonden partijen zijn de Gemeenschappelijke Regelingen.

Te denken valt hierbij aan de Veiligheidsregio, de GGD Zuid-Limburg, de RUD Zuid-Limburg, de BsGW, Stadsregio Parkstad Limburg en Rd4. Samenwerking levert in de regel financiële voordelen op, maar kan ook leiden tot financiële risico’s. In de paragraaf verbonden partijen wordt in de toelichting op de individuele verbonden partijen nader ingegaan op de eventueel aanwezige risico’s. GGD De GGD is bezig met een aantal majeure projecten. Vanaf 1 januari 2020 zijn drie jeugdzorginstellingen opgegaan in de GGD waarmee één organisatie ontstaat die zorg draagt voor de zorg van 0 tot 18-jarigen. Hetzelfde geldt voor het ingezette traject onder de naam ‘Trendbreuk’. Hiermee wordt beoogd de gezondheidsachterstand die geconstateerd wordt in Zuid-Limburg in relatie tot de rest van het land (op langere termijn) in te lopen. Het is op voorhand onmogelijk te duiden wat het in de beleidsperiode 2021-2024 aan investeringen gaat vergen om de trend te breken.

-95-

Jaarstukken 2020

kwantificering Er rekening mee houdend dat wij de ontwikkelingen nadrukkelijk volgen, zodat we tijdig kunnen anticiperen op mogelijk nadelige financiële consequenties, taxeren we het risico laag. We waarderen het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 1 € 25.000 Financieel risico – 25% van € 25.000 is € 6.250 Kompas De uitvoering van de Wet Werk en Bijstand geschiedt door Kompas. Ook de nieuwe gevallen in het kader van de participatiewet behoren tot het takenpakket van Kompas. Overschrijdingen komen ten laste van Kompas, lees: deelnemende gemeenten. Eind 2019 heeft de gemeente Beekdaelen besloten toe te treden tot Kompas. In 2021, respectievelijk 2022 word het werkgebied van Kompas uitgebreid met het grondgebied van de voormalige gemeente Schinnen en de voormalige gemeente Onderbanken. De verwachte effecten hiervan is reeds rekening gehouden in de meerjarenraming van Kompas. Op dit moment is nog niet te voorzien welke impact de coronacrisis heeft op bijvoorbeeld de aantallen cliënten van Kompas. Ten behoeve van de Kompas taken kan de reserve sociaal domein (stand 31 december 2020 circa € 649.837) worden ingezet.

kwantificering Rekening houdend met het feit dat voor deze risico’s in het sociaal domein de reserve sociaal domein beschikbaar is, waarderen we het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 2 € 125.000 Financieel risico – 25% van € 125.000 is € 31.250 Wet sociale werkvoorziening Door het rijk wordt gekort op de integratie-uitkering sociaal domein – participatie. De korting is gebaseerd op aannames over de afname van de wsw-populatie. In de praktijk kan de afname van de populatie minder snel gaan dan door het rijk wordt voorzien. Hierdoor bestaat het risico dat er extra tekorten ontstaan bij de wswbedrijven en extra bijdragen van gemeenten noodzakelijk zijn. Welk effect de coronacrisis heeft op bijvoorbeeld de omzet van WOZL/WSP Parkstad is op dit moment nog niet te voorzien. Ten behoeve van WOZL/WSP Parkstad kan de reserve sociaal domein (stand 31 december 2020 € 649.837) worden ingezet. kwantificering Rekening houdend met het feit dat voor deze risico’s in het sociaal domein de reserve sociaal domein beschikbaar is, waarderen we het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 2 € 125.000 Financieel risico – 25% van € 125.000 is € 31.250 BsGW De overheid wilde aanvankelijk per 1 januari 2019 de zogenaamde fiscale vereenvoudigingswet doorvoeren.

Daarmee wil de overheid het voor de burger eenvoudiger maken om bezwaar en beroep aan te tekenen door op alle (belasting)wetten dezelfde regels van toepassing te verklaren rond bezwaar en beroep. Indien deze wet ook van toepassing wordt op de BsGW zouden de proceskostenvergoedingen nog hoger uit kunnen vallen, aangezien er dan meer momenten voor de belastingplichtige ontstaan om vergoeding te eisen. Meest actuele stand van zaken is dat de fiscale vereenvoudigingswet waarschijnlijk wordt uitgesteld tot 2022 of later. Vanaf 2022 dienen de woz-waarden voor woningen niet langer bepaald te worden op basis van inhoud maar op basis van gebruiksoppervlakte. Onder regie van de BsGW is hiervoor een heel traject doorlopen en konden de aanslagen 2021 al worden opgelegd op basis van deze nieuwe methode. Er dient rekening te worden gehouden met mogelijk extra bezwaarschriften van met name no cure no paybureau’s naar aanleiding van deze omschakeling. Vanuit de BsGW wordt bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid en bij de Vereniging Nederlandse Gemeenten aandacht gevraagd voor de scheve verhouding tussen proceskostenvergoedingen die betaald moeten worden t.o.v. het (financiële) belang van een belastingplichtige. kwantificering Rekening houdend met het feit dat bij de BsGW veel aandacht is voor de kwaliteit van de aanslagoplegging etc, taxeren we het risico vooralsnog laag.

We waarderen het risico als volgt:

-96-

Jaarstukken 2020

Kans – klein 25% Effect – klasse 1 € 25.000 Financieel risico – 25% van € 25.000 is € 6.250 4. Planschades De risico’s van schadeclaims op het gebied van planschade worden zoveel mogelijk afgewenteld op de ontwikkelende partij. Indien de gemeente samen ontwikkelt met een ontwikkelaar zal in een overeenkomst het planschaderisico bij de ontwikkelaar worden gelegd. De gemeente blijft echter risico’s lopen bij het vervaardigen van nieuwe bestemmingsplannen. Bij wijziging van een bestemming kan een partij planschade claimen. Een risico inventarisatie bij het opstellen van een bestemmingsplan(wijziging) kan hier vroegtijdig inzicht in verschaffen. In 2020 heeft risico zich niet voorgedaan. kwantificering Gezien de hiervoor genoemde maatregelen en de ervaringen uit het verleden, waarderen we het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 3 € 350.000 Financieel risico – 25% van € 350.000 is € 87.500. 5. Beheerplannen Het is zaak om ten behoeve van het onderhoud van de kapitaalgoederen actuele beheerplannen te hebben. Op deze wijze ontstaat inzicht in de benodigde financiële middelen om de kapitaalgoederen te onderhouden op basis van de gewenste kwaliteitsniveaus. Op dit moment zijn alle beheerplannen actueel c.q. is de actualisatie vergevorderd. Vooruitlopend op de actualisatie zijn de budgetten voor wegbeheer en onderhoud gebouwen in de begroting verruimd.

Daarbij is ook gekeken naar eventuele achterstanden. De diverse beheerplannen hebben met name betrekking op de programma’s 2. Verkeer, vervoer en waterstaat, 4. Onderwijs, 5. Sport, cultuur en recreatie en 7. Volksgezondheid en milieu. Daarnaast speelt het beheerplan onderhoud gebouwen bij meerdere programma’s. kwantificering Rekening houdend met het feit dat de beheerplannen actueel zijn en de budgetten in de begrotingen voor onderhoud wegen en gebouwen zijn verruimd, taxeren we het risico laag. We waarderen het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 1 € 25.000 Financieel risico – 25% van € 25.000 is € 6.250 6. Corona-crisis Een gedegen inzicht c.q. een totaal overzicht van de financiële consequenties van de coronacrisis is van wezenlijk belang. Daartoe wordt de financiële impact van de Corona-crisis intensief gemonitord. Er zijn oplopende kosten aan de orde op onderdelen als het sociaal domein (wmo, jeugdzorg, participatie), bij gemeenschappelijke regelingen (o.a. Kompas, GGD, BsGW, veiligheidsregio, RD4, WSP/Wozl) en bij verenigingssubsidies. Ook binnen de eigen gemeentelijke organisatie is sprake zijn van extra organisatiekosten respectievelijk kosten voortkomende uit langere doorlooptijden van projecten. Daarnaast is sprake van verminderde inkomsten, te denken valt aan verminderde belastingopbrengsten en verminderde huuropbrengsten.

Tegenover deze nadelen staat o.a. de compensatie vanuit het Rijk. In 2020 was per saldo sprake van een voordeel. Dit voordeel is middels de reserve Covid-19 overgeheveld naar 2021. kwantificering Er rekening mee houdend dat wij vooralsnog voorzien dat de compensatie door het Rijk toereikend is, taxeren we het risico laag. We waarderen het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 1 € 25.000 Financieel risico – 25% van € 25.000 is € 6.250 7. Nieuwe wetten en deregulering van regelgeving door het Rijk/Rijksbezuinigingen Nieuwe regelgeving zorgt vaak voor een extra belasting (en kosten) voor de gemeente, zeker in de voorbereidingsfase. Denk bijvoorbeeld aan de nieuwe Omgevingswet. Maar ook de aangekondigde herverdeling

-97-

Jaarstukken 2020

van het gemeentefonds. Verder gaat nieuwe regelgeving en deregulering vaak gepaard met minder middelen voor de gemeenten, dat wil zeggen er komt een lager budget voor de gemeente beschikbaar dan vóór de deregulering. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de in 2015 gedecentraliseerde taken WMO en jeugdhulp. Gemeenten worden steeds meer verantwoordelijk voor de uitvoering van taken en ‘moeten het doen’ met bijbehorende verlaagde budgetten. Dit risico kan zich breed voordoen en is derhalve niet aan bepaalde programma’s toe te rekenen. kwantificering Er rekening mee houdend dat wij nieuwe regelgeving nadrukkelijk volgen, zodat we tijdig kunnen anticiperen op mogelijk nadelige financiële effecten, taxeren we het risico laag. We waarderen het risico als volgt: Kans – klein 25% Effect – klasse 1 € 25.000 Financieel risico – 25% van € 25.000 is € 6.250 Resumerend overzicht risico’s Prog.

Risico

Kans

Effect

Financieel risico

alle Aanbestedingen Financiële risico’s

Middel (50%)

Klasse 2 € 125.000

€ 62.500

6

Klein (25%)

Klasse 3 € 350.000

€ 87.500

7

Sociaal domein Verbonden partijen: - GGD

Klein (25%)

Klasse 1 € 25.000

€ 6.250

6

- Kompas

Klein (25%)

Klasse 2 € 125.000

€ 31.250

6

- Wet sociale werkvoorziening

Klein (25%)

Klasse 2 € 125.000

€ 31.250

0

- BsGW

Klein (25%)

Klasse 1 € 25.000

€ 6.250

8

Planschades

Klein (25%)

Klasse 3 € 350.000

€ 87.500

2/4/ 5/7 alle

Beheerplannen

Klein (25%)

Klasse 1 € 25.000

€ 6.250

Corona-crisis

Klein (25%)

Klasse 1 € 25.000

€ 6.250

Nieuwe wetten / deregulering Rijk cq. Rijksbezuinigingen Totaal

Klein (25%)

Klasse 1 € 25.000

€ 6.250

Aansprakelijkheid/juridische risico’s

alle

€ 331.250

De totale opsomming van de gekwantificeerde risico’s beloopt een bedrag van € 331.250; dit is dus de benodigde weerstandscapaciteit. BEOORDELING WEERSTANDSVERMOGEN Het is van belang te weten of er sprake is van een toereikend weerstandsvermogen. Als het risicoprofiel bekend is, kan een relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit het risicoprofiel voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen, dient te worden vastgesteld welke ratio de gemeente Simpelveld nastreeft. Hiertoe wordt gebruik gemaakt van onderstaande waarderingstabel:

-98-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=a217ebfc-5bfd-484e-9068-629d50c5486e