9. Bijlage 1 Advies bezwaarschriftencommissie d.d. 7 maart 2025
Tekst van het document
| ffi B*nrrfr Stnprlrnftl d.{t 3 úsn¡brr ru{. Ðûsä?q000ûEm0fit t Fr8, ! llbrutñ ffii, EOLI:1tL:Fr/g:2Etãü$ 8¡E
RUTTEN x
W=LL]NG .¡lf;iþ[]ilÄTËÊ{
Õrnd.ee het dæii n6Ë{ is ürnËÉEÊhrÊsen, kan de beslissirr,g rok n¡et de derd* t{rÉts [evenrediçt]sid/c'vÉrrklrigþ{;gÞerdJ do*rrtaw sr" mËêt de Þ*slissing llernietigd worden,
l"{ei is nlot een c{iÈnten +m allerñãti{Fh,êt åán lÊ dregen, Cl.lÉnren clrãgen [€r fl¡rnvulHing gsh€€lorverplle ht t*cF he{, v*lgende alternaTref lsn. Daa rbig venffi¡ren ciliðnten near:
a. hçt cntwçrpplan van Suyåerland vçqr da iocetie lvlar*t 11 {varzoek a.d. 1r7 rr.lgurtus ãtã3 çn de hc¡chikkång d,ri, I februarl ?023!, ÊR erår, b. de pfanr'ænltekeni¡':FÊn hñafi Suyeerland Em nieuwbouw êppartementen ån niç$¡bo¡,¡w{smmÊrËrËle ru¡rntç te snt\ü'ik¡(aüen op de pere*ien die eigend*m
le* miin all*ntan lijn. Ee tekeningen ståramsn vän 35 mçi äû?r., {teker:aar: Archi;tec*onzaåk.'M*rki 5imçelveld Fss,e ll. v*rkenning"l,
Uit *t¿e *tultkan þfrjl$ daf dc gorfiêêntë vo$cJoerde in *tåt¿¡t iE orn vi¿ de $mgevinEsuæt de reg*ls b'ilst rfl s{fiålËn uóôr tÊ reafuseren niËr*,.vbsuw,. Þan is een llo*r keursf ec ht niçt ncodra ksl ijk, Client+n rien 6ern rnk¿le reden waar*rrt de gernacntt hât nodig ¡ou ne*þ.en Õff1 eigenaar van de Ë*rcÊleñ te r rerden, Iij kan inrrners zelf elç verrgurnningversÍrekxebepalen v*eåke planonderdglçn, gndcr'*,tef ke aondåtiÊs. op weik t;ldgt{p ån dËor we'h;e marlc p*rtrjeÌ mr€tËn wçrd*n tr it gav'ce.d.
lle b**lisaing d,:ønq .d.ãarûm te wcrder. vrrnietigd cl¡êçeÍ.s rt'ajd m€{ hct evenredÇheidrbrginssl en hÉt ,,'ço¡keur¡racht di*nt te.**ecden dacrgeh*ald, ?, Schadø
tliântsn lijd*n r:u el schade. in ieder gevaf dss:i'dat .crj Eehrnderd 'irs¡een i¡r hun
rigendonnårÊtht,ld'oo¡ dç ¡cn¿dç die elié*têr'ì ¡ijd6¡"r al=geruc19 van hetvoÉrkÉrlrs"ÊËnÈ, die* ik nômens cficinten ar¡dsrmeelde Eemeenle aansprakefijk tÊ åt€tlgn.
l".let is ren d* gerïËÈrìtÊ ,om de schadç te b*p*rken Ër'! trñ rnee Ts werhen ðBrr ËÊñ: sch¡deioc,s.stelåi nE.
Gra¡g onhl'arg 'k þinnen tlvec w¿.¡(gn na heden de ber¡ert¡giing elat rJe gemeenie aan*prakelijkh*id erkßnt. CldËnten beh.ouden sich nu nog h*t ¡crli'¡t vârr nm içvsns rente ç¡r incnasn*É*t€n lË dtrdÊtÉnTdt $Jgt ugrdorcn el:iånrten verge*dirttg vcsr l¡un prcce*kc*ten.
8. CnncruåG
A.lies bü elkaar nemendç kondon na,ch het cellege noch de grmsÊr¡lÊ,rread rçt $e
heslisaing ketïefi ûrì GûR r¡ÕÊílteursrecht te v€stigen. å-{st gâ{egcfË $ðtr¡{eursrqcht dient'vernletigd te
w*r gn en dor¡rqehaa d leil'{rqsrgc¡l uit
de regis¿s¡5.
7t8
RUTTEN x
W=LLING ".t*t¡t'$C*riTEr{
Vççr rsrur de gcrrroentc hruid nr sm ¡rn de belangnn vrn Ëliênlsn tegûrilo€t te komrn, f,tt¿rÌ cliËnten opan \¡oûr o.Ërleg, .-¡''
þ'le{.
Adtrücasf
#Ë
K
Ruilan û ÐetÏ!€€n1E
lfgmrq, AdrrÐcster,
fJl¡öG lin{t¡slrtst t
Sirnpelveld
64t_r ËH HeeRLeH ïel, S4F"å¡{t¡[tü Frr:945¡57415nt
RAADSBE,SLU ÍT Ec{çflnunnrr; !¡l-Ët -" lrì ir Þç Fmd ylt d¡ gr*¡a.rfr SimprlyCÇ, ín vugededr.{ bljocn op tU Ucccmnçr fg2f"
'
Ëelrmr hel yurçd vrn Ltrkmg*dng d,d, lf, m-r¡mbcråO¡+ $tetrt Vrc¡grn roçr{uw*mcl toaet¡¡ ìrlartt.
BËTLUIT: t
çm¿ råfi nrükC Ð..l , ËËlü lld, a¡nhC m ontü c v¡n dç Orngcvlngoruæt arn " ûp prfÊCcn uoorlûa"¡ËnÊcñrt gtucrti¡d ÐS dê
zodr ìåËfrnüfd op dç ûll *re* beaclr,ßjtrnp
beilprand* ün ils ftdsilg çue*merhn ks&irÐt ùelraning mtt terxnårk ffi-3t{åffiðö4l.¡t oq os dr pcrætlËlljüt mü !ærnnrrk FL-ã{!{ü15S,ûU.A.
f. ürcsuludæd d¡t dr grnoümd¡c üsr€drn dr elþrelqp*r twar¡eer ñ¡ët þrtrrkkßn din
$flrËåil bË aen fordtü r¡oorkeür¡reç|"{brtcfutrÍdng r¡¡n dt rlåd op deællHe ûE'üdtFË grandrteg.
3, Gwndud¡erd dgl dlt voör åur¡rgçht urn rcchtrnuge rlçntlt dric jeg nû hgi in$uam ürrrrn, tuutj uüordaltiidøtlp tto lusdieq rtuårì,ltûf h¡l uoulreu¡rrccftt iE Fçr,c*i'Sd, zijn io*pdechù *t ttri omgevin¡*tr*a sf ssß proflFemmt o{ njn mcfindr*kt in }çt omgr,wnprdrn,
4. Uá*hÉät€{d dãt qF hat on{'xurpr¡*d*bc*luit ven ds Fsrd dÉnâ*lixsn &n ingedien{ *n ar
nþffi ¡Én$ddirqg belart n*r¡ hC ontnçrFr*arl*r¿omief rrTjof tËt ontnçrf#daÞeslul fiilçl lË FsSlËtl,
"S. Br¡ÍÞsrn{gd* neta heantrruo*llrg aan*rí¡een vr$ErÉÞld-
Aldua vaaEerhkl úoord* ftrnd oargammfllB 5lmFdwld, ¡r.r tijn menbüs v€rgadËtng É-d. f2dacembrr2{l!4.
Yoqr¡htçç a* . ¡ îid¡'
Þt hr¿r
r¡
il*rmuw $. C.J. $ch+*peir
Frf,t¡r ! ¡¡n, I
,{, ri ¡¡¡ r, u-r"n
-¡t
t
K
gemeente
Simpelveld
Bêzoekedres Morkt l Poslbus 2ì 000 ó3ó9 ZG SimPelveld 83 F 045-544 52 25 Ë lnfo@slmpelvêld nl www s¡mpelveld.nl T 045-544 83
Robobonk: IBAN NL42RABOOI 47502446 BIC RAEONI2U BNe: IBAN NL43BNGH0285007ó9ó BIC BNGHNt2G BfWr 00'l7.37'ló8,8.0t K.v.K. 5148ó075
Aan de commissie voor bezwaarschriften - gemeente simpelveld Lefel' de heer l' Onderwerp: Verweerschrift op bezwaar VerhuurTotaal+ BV, de heer H'B'M'P' Lefel M'L. mevrouw en Lefel Lefel, mevrouw K.H. Datum: 3 februari 2025 Geachte commissie,
(zie bijlage 1 en biilaqe 2) U ontvangt hierbij het verweerschrift in reactie op de bezwaarschriften Lefel, de heer I' Lefel' H'B'M'P' heer BV, de VerhuurTotaal+ (rechts)personen: van de volgen¿e mevrouw K.H. Lefel en mevrouw M.L. Lefel'
1. Inleiding heeft op I oktober Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente simpelveld het voorkeursrecht te omgevingswet van de lid tweede 9.1, 2024 besloten om op basis van artikel de gemeente van raad de heeft Vervolgens Markt' locatie op de zaken vestigen op onroerende lid, aanhef en onder eerste Simpãtvetd op 12 december2024 besloten om op basisvan artikel 9'1, De te Vestigen' zaken c van de Omgevingswet het voorkeursrecht op dezelfde onroerende in de openbare 2024ingeschreven voorkeursrechtbeschikking van de raad is op 17 december van het college is van registers en ingegaan op tret tijdstip van inschrijving. Het voorkeursrecht (zie artikel 9'4, derde raad de door het voorkeursrecht van hetlngaan ,"ãf,tr*"gu ueiuãllen dóor de perceelslijst (bijlaqe 4), het raadsvoorstel (bijlaqe 3), raadsbesluit Het lid Omgevingswet). (bijlage 7) ziin als (Oiitagã 5), ãe grondtekening (biilage 6) en de nota beantwoording zienswijzen bijtagen toegevoegd.
tot de in het college- en Belanghebbenden (lees: de eigenaren van en de beperkt gerechtigden gesteld om bezwaar te maken gelegenheid in de zijn zaken) raadsbesluit betrokken onroerende raad. de als het college van zowel tegen de voorkeursrechtbeschikking
2. Bezwaar BV, de
Bij brief van 13 november 2O24 heeftadvocaat mr. l.F.G Godart namens VerhuurTotaal+ Lefel bezwaar hãer H.B.M,P. Lefel, de heerJ. Lefel, mevrouw K'H. Lefel en mevrouw M'L' mr' l'F'G' Godart heeft Daarna college' het van ingediend tegen de voorkeursrechtbeschikking tegen de ingediend januari 2O25bezwaar 16 van brief bij (rechts)personen namens dezelfde geadresseerd aan is voorkeursrechtbeSchikking van de gemeenteraad, hoewel het bezwaarschrift ingediend over de
het college. De betreffendã (rechts)personen hebben eerder een zienswijze ontwerp voorkeursrechtbeschikking van de raad' van het college als gevolg Door het van rechtswege vervallen van de voorkeursrechtbeschikking tegen de van het ingaan van heivoorkeursrecht gevestigd door de raad, wordt het bezwaarschrift voorkeursiechtbeschikking van het college geacht te zijn gericht tegen de voorkeursrechtbeschikking uun de raad (zie artikel L6.32c, eerste lid Omgevingswet)' door/namens Wij zijn van mening dat de ingebrachte bezwaarschriften voor zover ingediend mevrouw K'H' Lefel, H.B'M,P. heer De zijn. ontvankelijk VerhuurTotaal+ BV en de heei J. Lefel, Verder zijn niet-ontvankelijk' derhalve en geen belanghebbenden zijn Lefel Lefel en mevrouw M.L. de de bezwaarschriften volgens ons ongegrond en zijn er geen redenen om Hieronder geven wij voorkeursrechtbeschikking van de rãaã geneet of gedeeltelijk te herroepen. hoe wij tot onze u uiteen voor wij zetten en onze inhoudel¡jke reactie ãp beide bezwaarschriften conclusie komen. en de indieners Voor de leesbaarheid worden de bewaarschriften tezamen aangeduid als'bezwaar' .indieners'. verweerschrift is in dit Het inhoudelijke bezwaar van de indieners van het bezwaar als steeds zakelijk samengevat weergegeven' 1
{+l; parf¡slacl
3. Verweer 3.1 Ontvankelijkheid Volgens vaste rechtspraak zijn in de context van het voorkeursrecht uitsluitend als belanghebbenden aan te merken de eigenaren van en de eventuele beperkt gerechtigden (van een
recht van opstal, erfpacht, beklemming of vruchtgebruik) tot de bij het vest¡gingsbesluit betrokken onroerende zaken. De reden hiervan is dat een vestigingsbesluit ingevolge de Omgevingswet de vrije overdraagbaarheid van de desbetreffende onroerende zaak in de zin van artikel 3:83 BW beperkt. Volgens vaste rechtspraak worden alleen de eigenaren en de beperkt gerechtigden (van een recht van opstal, erfpacht, beklemming of vruchtgebruik) door die beperking van de overdraagbaarheid direct en rechtstreeks in hun belangen geraakt.l
VerhuurTotaal+ BV en de heer J, Lefel zijn volgens de eigendomsinformatie van het Kadaster (appartements)eigenaar van onroerende zaken waarop het voorkeursrecht is gevestigd.
VerhuurTotaal+ BV en de heer l. Lefel zijn daarom rechtstreeks belanghebbenden. Het namens hen ingediende bezwaar is voor het overige ook ontvankelijk, nu het tijdig door de gemeente is ontvangen (zie artikel 6:7 en 6:9 Awb). De heer H.B.M.P. Lefel, mevrouw K.H. Lefel en mevrouw M.L. Lefel zijn volgens de eigendomsinformatie van het Kadaster echter geen eigenaar van of beperkt gerechtigde tot de onroerende zaken waarop het voorkeursrecht is gevestigd. Deze natuurlijke personen worden om die reden niet beperkt in de overdraagbaarheid van de onroerende zaken en zijn gelet hierop geen belanghebbenden. Het argument van de indieners dat deze natuurl¡jke personen wel rechtstreeks belanghebbenden zouden zijn omdat zij'uiteindelijk belanghebbenden'(UBO) zouden zijn van VerhuurTotaal+ BV en als de facto eigenaar c.g. uitbaters van Cafetaria de Markt worden geraakt door het voorkeursrecht, kan niet slagen. Dit maakt hen - volgens de genoemde vaste rechtspraak - geen rechtsreeks belanghebbenden bij de voorkeursrechtbeschikking van de raad en derhalve
niet-ontvankelijk. Hieronder wordt inhoudelijk een verweer gegeven op het bezwaar van VerhuurTotaal+ BV en de heerl. Lefel. Hoewel de heer H.B.M.P. Lefel, mevrouw K.H. Lefel en mevrouw M.L. Lefel volgens ons niet-ontvankelijk zouden moeten worden verklaard, geldt de inhoudelijke reactie ook ten aanzien van het namens hen ingediende bezwaar. Wij verzoeken de bezwaarschriftencommissie om het bezwaarvan de heer H.B,M.P. Lefel, mevrouw K.H. Lefel en mevrouw M.L. Lefel ook inhoudelijk te behandelen, ook in het geval uw commissie eveneens zou concluderen dat zij geen belanghebbenden zijn. Hiermee wordt voorkomen dat in een (hoger) beroepsprocedure wordt geconcludeerd dat de genoemde personen toch belanghebbenden z¡jn, waarna de gemeenteraad zou moeten worden verzocht om alsnog inhoudelijk op de door hen aangedragen gronden van bezwaar te beslissen.
3.2 Inhoudelijk verweer Informeren qemeenteraad De indieners stellen dat de gemeenteraad onvolledig geTnformeerd zou zijn bij de voorbereiding
van het besluit tot vestiging van het voorkeursrecht, omdat de raad geen kennis heeft genomen van het bezwaar van indieners tegen de voorkeursrechtbeschikking van het college (van 13 november 2O24) en het standpunt van het college daarover. Dit zou in strijd zijn met het zorgvuldigheidsbeginsel (aÉikel 3:2 Awb). Reactie gemeente
In tegensteling tot hetgeen de indieners stellen, is de raad bij de voorbereiding pere-mail van 21 1 Zie onder andere: AbRvS 25 oktober 2006, ECLI:NL:RVS:2006:A20856; AbRvS I april 2015, ECLI:NLTRVS:2O15:1083; Rechtbank Midden-Nederland 20 maart 2023, ECLI:NL:RBMNE:2023;L676
2
oarkstad
*.@limburg
tegen het november 2O24 wel degelijk geinformeerd over het bezwaar van de indieners geweest bij de voorbereiding collegebesluit. De gemãenle ¡s daarmee zelfs meer dan zorgvuldig bij die collegebesluit het tegen uun ñ"t raadsbesluit, omdat het delen van het bezwaar van 13 brief bij hebben indieners volgt' De zit als Dat voorbereiding niet voorgeschreven is. Artikel college. het van voorkeursrechtbeschikking gemaakt de tegen november 2024 bezwaa-r tegen dat bezwaar Hierin staat L6.32c, eerste lid omgevingswet bevat een procedurele bepaling. het door beschikking van die een voorkeursrechtbeichikfing van het college, wegens het vervallen gericht de tegen geacht zijn te wordt ingaan van de voorkeursrechtbeschikking door de raad, in een samenloop van vo'orkeursrechtbeschikking van de raad. Dit is een regeling die voorziet besluit nemen over het nog een dus bezwaar op beslissing procedures, De raad gaat - in een 'b"r*"", hoewel dat wel wordt college, het voor geen verplichting geldt Er tegen het collegebesluit. en het standpunt van õ"rrgg".u"rd door de ¡ridieners, om ñet bezwaar tegen het collegebesluit van de het college daarover al te betrekken bij de voorbereiding van de voorkeursrechtbeschikking raad.
Motiverlng voorkeursrecht (nagenoeg El.,", r"ls"* de indieners niet concreet zijn gemotiveerd waarom het voorkeursrecht gemeente voornemen het alleen) op de onroerende zaken van de indieners is gevestigd, terwijl de te herontwikkelen. simpelveld van gehele dorpskern de om zou hebben Reactie gemeente gemeente het Allereerst wordt benadrukt dat in het raadsvoorstel ¡s aangegeven dat de (doen) ontwikkelen en dus te centrum van het delen simpelveld voornemen heeft om in de kern vooruitlopend op is een'vervroegd'voorkeursrecht, raad de door vestiging gehele De kern, niet de planvorming van pril stadium planologische besluitvorm¡ng, en geeft de mogelijkheid om in een is ook hier Dat brengen. te ä"n g"bi"O onder de reikwijãte van het gemeentelijk voorkeursrecht op de en Markt locatie gevestigd de op gebeurd. De gemeenteraad heeft een voorkeursrecht alleen' (dus niet'nagenoeg mede waartoe Markt, locatie ziet op de locatie Markstraat.
Het bezwaar Nu het behoren' Lefel l, heer de BV en VerhuurTotaal+ percelen van de zoals de indieners stellen) stap in de vervroegd voorkeursrecni door de raad is gevestigd, zal de gemeente als eerstvolgende in een gevestigd, toedenken planvorñring de functies waarvoor het voorkeursrecht is Tijdens de planvorming zal omgevingsvisie of programma dan wel toedelen in het omgevingsplan' voorkeursrecht is gevestigd het waarop zaken bekend worden hoe en in welke mate de onroerende gemotiveerd dat de (onder andere) is raadsvoorstel het In in deze planvorming worden betrokken. vrije de behoudt, haar regierol voorkeursrecht het van g"¡1""nlu met de vestiging ontwikkeling zou ãverdraagbaarheid uan de betreffende onroerende zaken waardoor de beoogde u¡tgangspos¡tie gemeente betere een kunnen worden gefrustreerd, beperkt, het voorkeursrecht de een planontwikkelingsproces gedurende het op de grondmarùt geeft, het voorkeursrecht van vestiging de met gediend wordt dat belang beschermingsinstrument vormt en het algemeen gemeente Dat de de eigenaar' van belang individuele het dan het voorkeursrecht zwaarder weegt op geen concrete argumenten zou hebben aangevoerd voor de vestiging van het voorkeursrecht niet dus is heer l. Lefel) de locatie Markt (en daarmee de percelen van verhuurTotaal+ BV en de juist. Bovendien is de motivering in overeenstemming met de bedoeling van de wetgever' Zie
onder meer:
juli 2018' 'Zoals de Afdeting eerder heeft overwogen (onder meer uitspraak van 11 van de Wvg ECLI:NL:RVS:zo1a:zssz¡, bl¡ikt uit de geschiedenis van de totstandkoming gemeenten bii positie van dat de wetgever met de invoering van deze wet heeft beoogd de beleid te ruimteliike van het de grondverwerving ten behoeve van de verwezenlijking worden kan geven speculatie waarmee versterken door di raad een middet te tegengegaan en de regie bii de verwezenliiking van de voorgestane ruimtelijke ontw¡kkel¡ngen kan worden behouden'2 ,In de memorie van toeticht¡ng bij de Amgevingswet is al aangekondigd dat de regels voor
plaats zullen vestiging van een voorkeursrecht via de Aanvultingswet grondeigendom een wordt Gestreefd geeft invulling. hieraan krijgen in de Omgevingswet.lsa Dit wetsvoorstet van de aanleiding naar ook regeling, huidige van de verbetering naar vereenvoud-igingàn -wel De komt. orde de aan gemeenten hierna die voort<eursrecht evaluatie van de 2 AbRvS 29 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1156,
r'o' 5'1 3
{Ð--} rEff(sltrl
ÈlknlJUrg
voorgestelde regeling heeft inhoudelijk dezelfde doelstellingen als de Wet voorkeursrecht gemeenten. Deze doelstellingen zijn :
. versterking van de regisserende rol van de overheid, . verbetering van de onderhandelingspos¡t¡e van de overheid op de grondmarkt, . beheersing van de grondprijzen.4
_Grondspeculatie eX oriisqpdrlfvins De indieners voeren verder aan dat er geen enkele reële kans zou zijn op grondspeculatie of prijsopdrijving en er daarom geen reden is om een voorkeursrecht te vestigen. Reactie gemeente Dat de indieners stellen dat er geen enkele reële kans op grondspeculatie of prijsopdrijving zou zijn - de argumenten die zij daarvoor aanvoeren zijn dat zij op dit moment geen intentie zouden hebben om te verkopen, zelf zouden willen ontwikkelen, dan wel omdat een ontwikkelaar een vergoeding aan hen zou aanbieden die (volgens indieners) onder de marktprijs zou liggen betekent niet dat er in zijn algemeenheid geen risico is op grondspeculatie of prijsopdrijving. Los daarvan, doelen indieners met dit argument op de volgende tekst in het raadsvoorstel :
'1.3 Het gemeentelijk voorkeursrecht vormt gedurende het planontwikkelingsproces (van ontwerp tot uitvoering) een beschermingsinstrument Door het vestigen van een voorkeursrecht kunnen ongewenste transacties (al dan n¡et met een speculatief karakter) worden voarkamen.' Dit is de enige passage in het raadsvoorstel waarin de term grondspeculatie voorkomt. Uit de gehanteerde formulering volgt dat grondspeculatie één van de voorbeelden zou kunnen zijn van ongewenste transacties, evenals bijvoorbeeld (de niet genoemde) versnippering van gronden of eigendomsverkrijging door partijen met intenties die niet overeenkomen met de plannen van de gemeente. Bovendien heeft de raad het voorkeursrecht ook mede om andere redenen gevestigd Hierop is al ingegaan onder de kop'motivering voorkeursrecht'in dit verweerschrift, waarnaar wordt verwezen. Intentie tot aankooo Verder stellen de indieners dat het voorkeursrecht niet kan worden gevestigd als er geen enkele intentie van de gemeente is om de betreffende onroerende zaken aan te kopen, De gemeente heeft niet gesteld of onderbouwd dat er sprake zou zijn van en¡ge intentie tot aankoop. Daarom heeft de gemeente geen belang om het voorkeursrecht in te zetten. Reactie gemeente
Los van de vraag óf de gemeente Simpelveld de intentie heeft om de gronden aan te kopen, is bíj
het vestigen van het voorkeursrecht niet van belang of de gemeente die intentie heeft. Dit blijkt (mede) uit een uitspraak waarnaar de indieners zelf verwijzen.4 De genoemde uitspraak is gedaan onder vigeur van de Wet voorkeursrecht gemeenten. De systematiek onder de Omgevingswet is ongewijzigd: ook daar is bij het vestigen van het voorkeursrecht niet van belang of de gemeente de ¡ntentie heeft om de percelen aan te kopen. Daarvoor verwijzen wij mede naar de volgende passages uit de memorie van toelichting b¡j de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet:
'De voorgestelde regelíng heeft inhoudelijk dezelfde doelstellingen als de Wet voo rkeu rsrecht g e m ee nte n,' s 'De vestiging van een voorkeursrecht is namelijk niet primair bedoeld voor de verwerving van onroerende zaken, maar bedoeld om de positie van overheden te versterken bij de grondverwerving voor het beleid voor de fysieke leefomgeving.6
3 Kamerstukken
II 2018/19, 35 133, nr. 3, p. 63.
a AbRvS 8 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1089,
r.o. 4.2.
II 2018/19, 35 133, nr. 3, p. 63. 6 Kamerstukken II 2018/19, 35 133, nr. 3, p, 81. 5 Kamerstukken
4
,Ð *Ð
c€rkdad
Darkstad
iH.d.limburg
passief' Het
'Bij het voorkeursrecht ¡s de overheid, nadat het recht is gevestÌgd, in beginsel bii'4 in¡t¡atief ligt bij de eigenaar. Een koopplicht voor de overheid past daar niet
Toeoedachte functies en oß¡ndslag getoond dat de gemeente De indieners voeren aan dat de gemeente geen bewijs zou hebben of te intens¡veren ten opzichte laten afwijken te functies toekomstige om de zijn voornemens zou de eis dat de toekomstige van de huidige functies van de percelen. Niet zou zijn voldaan aan voorzien in de bestemmingsplan functies afwijken van het huidige gebruik. Ook zou het vigerende het voorkeursrecht, van vestigen grondslag het voor geen beoogde herontwikkeling. Daarom is er aldus indieners. React¡e gemeente
om een'vervroegd' pril stadium van in voorkeursieðht, waarbij uooruitlop"nd op planologische besluitvorming, een gebracht' In de wordt voorkeursrecht planvorming een gebieã onder de reikwijdte van het Het vestigen toegedacht. worden gewenste functies dan de voorkeursráchtbeschikking zelf moeten de komt bij raad De de raad. van bevoegdheid discretionaire van een voorkeursrecht iJeen toe'8 beleidsruimte vestigen te voorkeursrecht beslissing om een Zoals aangegevenf gaat het bij de aangevallen voorkeursrechtbeschikking
In onderhavige voorkeursrechtbeschikking is gemotiveerd dat aan de locatie Markt commercieel' centrumfuncties worden toegedacht, bestaande u¡t de tuncties wonen en mogelijk gronden zijn aangewezen Op de werken. te met bijbehorende voorzieningen, alle nader uit Mogelijk beoogd. appatementen toekornstbestendige van vorm hoofdzakelijk woningen in de (onder meer) worden daãraan, al dan niet op beperkte schaal, commerciële functies zoals gemotiveerd dat detailhandel en/of horeca, toegevoegd. In de voorkeursrechtbeschikking is tevens toegedachte gebruik, de omdat de toegedachte functies afwijken van het huidige, feitelijke huidige, feitelijke functies afwijken van, dan wel een intensivering c.q. verbetering zijn van het gebruik, wordt ook als gebruik het bestaande dan gebruik.
Een vergelijkbaar, maar intensiever vervroegd een aan geschiedenis.e Inherent parlementaire gezien de volgens afwijkend gebruik globaal beeld een slechts nog functies toegedachte de van dat is bovendien uooikerrsrecht functies precies bestaat, In dit stadium kan niet op perceelsniveau worden aangegeven welke en in toegedeeld worden gronden zullen uiteindelijk in het omgevingsplan aan de aangewezen zal planvorming nadere proces van het gerealiseerd.lo Tijdens welke vorm die zullen-wordln het van afwijken (zullen) functies de de locatie p".cilen binnen duidelijk worden op welke percelen er van een bestaande gebruik (omdat er een wezenlijk andere functie komt) en op welke op dat tijdens gemeente merkt intensiever of verbeterd gebruik zal kunnen worden gesproken.
De apPaftementen meer Markt locatie dat proces van nadere plãnvorming wordt onderzocht om op de te realiseren dan het aantal woningen dat nu binnen de locatie is gelegen' vastgesteld verder betogen de indieners dat het bestemmingsplan'Kernen gemeente simpelveld" het en dat 9,3 artikel middels herontwikkeling beoogde in de op 26 maart 2OL5, zou voorzien genoemde gebruik' Het bestaande van het zou afwijken niet gebruik daarom bäoogde wij zien ook niet in hoe Oestemmingsplan voorziet echter niet in de beoogde herontwikkeling en komen dat het conclusie de tot indieners op bas¡s van artikel 9.3 van het bestemmingsplan gebruik' feitelijke beoogde gebruik niet zou afwijken van het huidige, Rechtsonzekerheid
de indieners geen tijdspad hebben benoemd' De planologische "olgens Hierdoor besluitvorming zou uõlg"nr de indieners nog jarenlang op zich kunnen laten wachten' kunnen in stand niet zou ontstaat er rechtsonzeierheid voor de indieners. Deze rechtsonzekerheid indieners' aldus vernietigd, worden blijven en om die reden moet het voorkeursrecht
D" S"."""t" .""
Reactie gemeente
In artikel 9,4, eerste lid, aanhef en onder a Omgevingswet is de geldingsduur van onderhavig geldt voor een periode van voorkeursrecht geregeld. Het onderhavige vervroegde voorkeursrecht planologische opvolgende drie jaar na het ingaan ervan. Binnen die periode moet er TKamerstukken II 20t8119, 35 133, nr. 3, p' 81' t2¡"' neéntUank Gelderiand 26 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2469, r'o.6'l e Kamerstukken II 2018/19, 35 133, nr. 3, p' 71. ro Zie: AbRvS 28 maaft 2012, ECLI:NL:RVS:2012:8W0295, r'o' 2'3'1'
5
ig) txvl{|sted æl¡f ¡ì¡:urg
besluitvorming plaatsvinden in de vorm van vaststelling en inwerkingtreding van een omgevingsvisie, programma of omgevingsplan om het voorkeursrecht van rechtswege te verlengen. Doet de gemeente dit niet tijdig, dan vervalt het voorkeursrecht van rechtswege. Is een voorkeursrecht van rechtswege verlengd, dan voorziet artikel 9.4 Omgevingswet ook in de geldingsduur van die verlengde voorkeursrechten. Hiermee is de geldingsduur van een voorkeursrecht in de wet verankerd, hetgeen juist leidt tot rechtszekerheid - en n¡et tot rechtsonzekerheid - voor belanghebbenden. Evenredioheldsbeqinsel De indieners stellen dat het voorkeursrecht in strijd zou zijn met het evenredigheidsbeginsel. De noodzaak en het doel van het voorkeursrecht zou niet zijn gemotiveerd. Volgens indieners kan de gemeente via planologische besluitvorming en vergunningverlening voldoende regie voeren op de beoogde herontwikkefing, Êen voorkeursrecht zou daarom niet nodig zijn. De indieners stellen ook dat niet de gemeente maar een ontwikkelaar de regie voert over de herontwikkeling van de locatie en om die reden de noodzaak van het voorkeursrecht ontbreekt. Reactie gemeente
Het vestigen van een voorkeursrecht is een discretionaire bevoegdheid van de raad. De raad komt bij de beslissing om een voorkeursrecht te vest¡gen beleidsruimte toe, De noodzaak en het doel van het voorkeursrecht zijn wel degelijk gemotiveerd. Hierop is al ingegaan onder de kop
'motivering voorkeursrecht'in dit verweerschrift, waarnaar wordt verwezen. Nogmaals: dit is een rechtsgeldige motivering, in overeenstemming met de bedoeling van de wetgever, om het voorkeursrecht te vestigen. Het voorkeursrecht is een beperkte inbreuk op het eigendomsrecht, die door de raad afgezet is tegen het algemene belang dat gediend is met het voorkeursrecht. De vestiging van het voorkeursrecht leidt n¡et tot onevenredige gevolgen voor belanghebbenden.ll Het argument van de indieners kan daarom geen stand houden. Détournement de pouvoir Een ander argument van de indieners is dat de gemeente in strijd zou handelen met het verbod van détournement de pouvoir. Het voorkeursrecht zou enkel zijn gevestigd om een naastgelegen ontwikkeling mogelijk te maken, omdat de parkeerplaatsen van de naastgelegen ontwikkeling op de percelen van de indieners zouden komen. Het voorkeursrecht zou daarmee de facto een onteigeningsactie zijn en in het belang van een derde die de naastgelegen ontwikkeling realiseeft. Reactie gemeente De gemeente heeft het vervroegde voorkeursrecht gevestigd op de locatie Markt ten behoeve van
de herontwikkeling van die locatie. Het voorkeursrecht is toegepast op de locatie Markt geheel volgens de doelstellingen van de wetgever. Op de motivering is al ingegaan onder de kop 'motivering voorkeursrecht'in dit verweerschrift, waarnaar (wederom) wordt verwezen. Van détournement de pouvoir is hoegenaamd geen sprake, nu de raad zíjn voorkeursrechtbevoegdheid niet heeft aangewend voor een ander doel dan het doel waartoe die bevoegdheid aan de raad is toegekend. Het is wel juist dat de naastgelegen locatie waar indieners op doelen ook wordt ontwikkeld. Uit de nadere planontwikkeling en planologische besluitvorming voor de locatie Markt zal vanuit het oogpunt van een evenwichtige toedeling van functies moeten blijken of en in hoeverre de locatie Markt en de naastgelegen locatie van invloed op elkaar zijn. Maar dat het voorkeursrecht op de
locatie Markt enkel zouzijn gevestigd om een naastgelegen ontwikkeling mogelijkte maken is niet juist en ook niet nader onderbouwd. Integendeel, het voorkeursrecht is alleen gevestigd voor de beoogde ontwikkeling van de locatie Markt. Bovendien verplicht het voorkeursrecht niet om tot verkoop aan de gemeente overte gaan. Van een'verkapte onteigening'in het belang van een derde, zoals indieners bepleiten, is dan ook geen sprake. Belangen indieners
Daarnaast geven de indieners aan dat hun belangen hadden moeten worden meegewogen bij het vestigen van het voorkeursrecht. Zij zouden door het voorkeursrecht worden geraakt in hun mogelijkheden om huurinkomsten te genereren en de cafetaria en horecakeuken te exploiteren.
11
Zie onder andere: Rechtbank Gelderland 26 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024i2469, r.o. 6.2.
6
(rÐi oÐkld
ë
Darkstad k.4limburg
De gemeente had met hen in overleg moeten gaan en heeft in redelijkheid het besluit om een voorkeursrecht te vestigen, aldus indieners'
niet kunnen komen tot
Reactie gemeente Slechts als een eigenaar Het voorkeursrecht vormt een beperkte inbreuk op het eigendomsrecht. zaak aan (ot beperkt gerechtigde) de onroerende zaak wil vervreemden, moet die de onroerende desbetreffende gebruik de van à" g"å""ntã aanOieden, Het voorkeursrecht raakt niet het om de onráerende zaak, zoals in dit geval de mogelijkheden tot verhuur of de mogelijkheden maar dit indieners, met de overleg gemeente voert De cafetaria of horecakeuken te ãxploiteren. overige het voor vestigen' te voorkeursrecht om een weerhouden hoefde de raad er niet van te zijner te kunnen zijn de argumenten grotendeels planologisch van aard, Dergelijke standpunten maar besluitvorming, tijd naar rloren worden gebracht in het kader van de omgevingsrechtelijke hebben voor het voorkeursrecht geen relevantie'
Didam-arrest bij gronduitgifte de Indieners stellen dat de gemeente door het Didam-arrest gedwongen wordt om de hand werkt, in speculatie ongewenste de en dit putt¡j"n te bieden aan fercelen aan meerde." geven aan de percelen te uit dan wel dat de gemeente al voornemens zou zijn om de betreffende van het verbod rnet strijd ontwikkelaar die de naastgelegen locatie ontwikkelt en daarmee zijn' onterecht voorkeursrecht het zou détournement de pouvoir bewezen zou zijn. Hierdoor Reactie gemeente is Het Didám-arrest, dat ziet op de verkoop van onroerende zaken door een overheidslichaam' de niet tot ook voor het vestigen van een voorkeursrecht volstrekt niet relevant en kan dan conclusie leiden dat het voorkeursrecht onterecht zou zijn gevestigd. Wij merken juist voorwaarden zal stellen die volledigheidshalve op dat de gemeente bij een eventuele verkoop détournement de pouvoir is van verbod het grondspeculatie en grondspeculatie tegengaun. Op ingegaan' bovendien al eerder in dit verweerschrift Schade
Door de vestiging van het voorkeursrecht zouden de indieners schade lijden. daarvoor aansprakelijk gesteld door de indieners'
De gemeente wordt
Reactie gemeente gemeenten het met het De wetgãver heeft bij de totstandkoming van de Wet voorkeursrecht het individuele vestigen van het voorkeursrecht te dienen algemeen belang reeds afgewogen tegen hoeft afweging in de afzonderlijk nelang van grondeigenaren, zodat dit financiële belang niet meer geen gekozen om heeft ervoor wetgever te woiden bãtrokken. Dit is vaste rechtspraak,lz De gevolg van het voorkeursrecht' regeling te maken die voorziet in een vergoeding van schade als Wet voorkeursrecht gemeenten en de voorheen als Oe-Oméevingswet heeft dezelfde doelstellingen is als gevolg van het kent een dergelijke schaderegeling ook niet- Los van de vraag óf er schade gevolg van het voorkeursre.ht, i, de gemeeñte niet gehouden om eventuele schade als
voorkeursrecht te vergoeden. ZienswUzen en inlassen in het De inclieners geven aan dat zij de eerder ingediende zienswijzen handhaven
bezwaar. Reactie gemeente
wi¡ hanãhaven de reactie op de zienswijzen zoals de gemeenteraad heeft vastgesteld beantwoording zienswijzen (zie bijlage 7)'
in zijn nota
4. Tot slot zijn dat het Met dit verweerschrift hebben wij ons standpunt uiteengezet dat wij van mening verzoeken u, wij blijven' bestreden raadsbesluit rechtmatig is en ongewijzigd in stand dient te te adviseren. voordat de raad op het bezwaar beslist, de raad hierover
12 Zie onder
andere: AbRvs 28 rnaaft.20!2, ECLI:NL:RVS:2012:8W0295
, r'o. 2'4'l 7
{,7} fte'{¡tari
;ffi1Ìrnburg
Graag maken w¡j van de gelegenheid gebruik om dit verweerschrlft toe te llchten tijdens de hoorzitting. Wij hebben Overwater Grondbeleid Adviesbureau BV gemachtigd om ons te vertegenwoordigen (zie bijlaqe 8),
'",)
Ge m
aal <.
I
(g)
@
oarkstad k.*limburg