7 24-39 Bijlage 1 Jaarrekening 2023 WOZL_181985
Tekst van het document
Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid Limburg
Jaarstukken 2023
Vastgesteld door het Algemeen Bestuur d.d. 21 maart 2024
De algemeen directeur/secretaris
De voorzitter
F. Dijk
M.E.E. de Beer
Jaarrekening 2023
Inhoud 1.
Jaarverslag .....................................................................................................................3 1.1 Bestuurlijke organisatie GR WOZL .....................................................................................3 1.2 Structuur en governance .................................................................................................4 1.3 Structurele verbinding met GR WSP Parkstad........................................................................4 1.4 Organogram GR en Verbonden Partijen: ..............................................................................5 1.5 Programmaverantwoording ..............................................................................................5 1.5.1 Gerealiseerd resultaat .....................................................................................5 1.5.2 Uitvoering Sw ...............................................................................................6 1.5.3 Verbonden partijen.........................................................................................7 1.6 Financiële paragrafen.....................................................................................................8 1.6.1 Reserves, het risicomanagement en het weerstandsvermogen ....................................8 1.6.2 Bedrijfsvoering
............................................................................................11 1.6.3 Financiering ...............................................................................................13 1.6.4 Verbonden partijen .......................................................................................16 1.6.5 Begrotingsrechtmatigheid ...............................................................................18
2.
Jaarrekening 2023 ..........................................................................................................19 2.1 Balans per 31 december 2023.........................................................................................20 2.2 Overzicht baten en lasten 2023 .......................................................................................22 2.3 Toelichting ................................................................................................................24 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ................................................24 2.3.2 Toelichting op de balans per 31-12-2023 .............................................................27 2.3.3 Toelichting op het overzicht baten en lasten over 2023 ............................................33 2.4 Overzicht taakvelden ....................................................................................................47 2.5 Rechtmatigheidsverantwoording ......................................................................................48
3. Controleverklaring van de onafhankelijke accountant...................................................................49 Bijlagen ................................................................................................................................50 Bijlage I Realisatie subsidieverantwoording ..............................................................................50 Bijlage II Afrekening AJ......................................................................................................51 Bijlage III Te verrekenen met gemeenten ................................................................................52
2
Jaarrekening 2023
1.
Jaarverslag
Voor u ligt de jaarrekening 2023 van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening Oostelijk Zuid Limburg (WOZL). In deze jaarrekening is onderstaand een beknopt jaarverslag opgenomen met daarin opgenomen de in de BBV verplichte voorgeschreven onderwerpen. Voor een uitgebreid jaarverslag wordt verwezen naar het separaat opgestelde jaarverslag 2023.
1.1 Bestuurlijke organisatie GR WOZL Het Algemeen Bestuur bestaat in 2023 uit de volgende afgevaardigden van de deelnemende gemeenten: Voorzitter: Vicevoorzitter:
Dhr. M.E.E. de Beer, wethouder gemeente Heerlen Dhr. C. Wilbach, wethouder gemeente Landgraaf
Leden:
Dhr. L. de Koster, wethouden gemeente Beekdaelen Mevr. M. van Leusden, wethouder gemeente Brunssum Dhr. F. Derksen, wethouder Gulpen-Wittem Dhr. J. Roland, wethouder gemeente Kerkrade Dhr. M.J.J.M. Gulpen, wethouder gemeente Simpelveld Dhr. J.P.M.H. Kompier, wethouder gemeente Vaals Dhr. J.I.M. Kleijnen, wethouder gemeente Valkenburg Dhr. H.A.J. Coenen, wethouder gemeente Voerendaal
Het Dagelijks Bestuur bestaat in 2023 uit: Voorzitter: Vicevoorzitter: Lid:
Dhr. M.E.E. de Beer, wethouder gemeente Heerlen Dhr. C. Wilbach, wethouder gemeente Landgraaf Dhr. J. Roland, wethouder gemeente Kerkrade
Algemeen directeur/secretaris: Dhr. F.H. Dijk
3
Jaarrekening 2023
1.2 Structuur en governance Sinds 2018 is de organisatie van WSP Parkstad verdeeld over twee gemeenschappelijke regelingen namelijk de GR WOZL en de GR WSP Parkstad. Na een juridische herstructurering in 2020 ziet de vereenvoudigde structuur er als volgt uit:
1.3 Structurele verbinding met GR WSP Parkstad In december 2017 is de GR WSP Parkstad opgericht, waardoor de werkgeversdienstverlening structureel is verankerd in de regio Parkstad. Mede op basis van de beleidskaders 2016-2021 is besloten om de organisatie GR WOZL en GR WSP Parkstad als één organisatie te managen. Het organogram van de organisatie:
Onder de stafafdelingen wordt verstaan: Personeel & Organisatie, Juridische zaken Finance, Facilitair & Huisvesting, Inkoop, ICT en Communicatie.
4
Jaarrekening 2023
1.4 Organogram GR en Verbonden Partijen:
De verbonden partijen onder GR WOZL bestaat enkel uit WOZL Beschut 2.0 B.V. De bestuurder van deze BV is de GR WOZL waarbij de algemeen directeur/ secretaris volledig gevolmachtigd is om namens het bestuur te handelen.
1.5 Programmaverantwoording
1.5.1 Gerealiseerd resultaat In 2023 bedraagt het gerealiseerd resultaat €907K. Conform de bepalingen in de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid Limburg (GR WOZL) wordt voorgesteld om het gerealiseerd resultaat uit te keren aan de deelnemende gemeenten. In bijlage III is een tabel opgenomen met de verdeling van het resultaat per gemeente. De specificatie op hoofdlijnen van het gerealiseerd resultaat luidt als volgt: Gerealiseerd resultaat
Rubriek
(bedragen x € 1.000,-)
Resultaat voor fin. en alg. dekkingsmid delen
Financiering
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
Mutaties in reserve
Gerealiseerd resultaat
Bedrijfsvoering
-234
333
99
0
99
Uitvoering Wsw
1.884
-1.439
445
0
445
Uitvoering WIW/ID
0
0
0
0
0
-2.449
2.656
207
0
207
Personeelskosten Wsw
95
20
115
41
156
Heuvelland gemeente WSP
0
0
0
0
0
Incidentele baten/lasten
0
0
0
0
0
-705
1.570
866
41
907
Beschut 2.0
Totaal
2de begrotingswijziging 2023 De 2de begrotingswijziging 2023 is door het Algemeen Bestuur vastgesteld in de bestuursvergadering van 25 januari 2024.
5
Jaarrekening 2023
1.5.2 Uitvoering Sw In de 2de begrotingswijziging 2023 is de taakstelling voor uitvoering van de Sw vastgesteld op 2.319,12 AJ met een subsidiebedrag van €33.113 per AJ. De totale realisatie bedraagt 2.317, 82 AJ met een bijbehorende subsidie van €33.596 per AJ. Onderstaande tabel met kerngegevens arbeidsjaren van de GR WOZL geeft weer waar de Sw-medewerkers (gemiddelde AJ’s gedurende 2023) woonachtig waren.
Aantal Wsw-medewerkers in arbeidsjaren
Verbonden partijen / regulier
2022
2023
2023
cf. jaar rekening
cf. 2de begrotingswijziging
realisatie
verschil
2.313,89
2.112,23
2.099,54
-12,69
Begeleid werken
78,55
75,25
75,38
0,13
Beschut werken
84,03
76,63
79,06
2,43
RVU
21,77
54,49
62,77
8,28
Buitenregionale uitvoeringsorganisaties
1,88
0,52
1,06
0,54
2.500,11
2.319,12
2.317,82
- 1,30
2022
2023
2023
cf. jaar rekening
cf. 2de begrotingswijziging
realisatie
Totaal
Aantal Wsw-medewerkers in arbeidsjaren
verschil
Beekdalen
137,03
127,27
126,59
-0,67
Brunssum
303,76
289,72
289,73
0,01
Gulpen-Wittem
63,60
59,55
58,94
-0,61
Heerlen
868,13
802,29
802,73
0,45
Kerkrade
594,11
548,44
548,19
-0,25
Landgraaf
321,65
301,38
301,45
0,08
Simpelveld
73,83
68,94
69,14
0,19
Vaals
50,05
45,28
45,39
0,11
Valkenburg
47,29
42,81
42,31
-0,49
Voerendaal
39,83
33,44
33,17
-0,27
Niet deelnemende gemeenten
0,83
0,00
0,17
0,17
Totaal
2.500,11
2.319,12
2.317,82
- 1,30
Financiële gegevens Rijkssubsidie per arbeidsjaar
€ 30.233
€ 33.113
€ 33.596
€ 483
6
Jaarrekening 2023
1.5.3 Verbonden partijen GR WOZL kent enkel WOZL Beschut 2.0 B.V. als verbonden partij. WOZL Beschut 2.0 B.V. De werknemers uit de doelgroep geplaatst bij de WOZL Beschut 2.0 B.V. zijn voornamelijk werkzaam op handmatig of machinaal verpakken van (vaak) grote hoeveelheden food- en non-foodproducten. Het accent ligt op procesmatige activiteiten met een hoge arbeidsintensiteit, grote routine en grote volumes. Tevens verzorgt WOZL Beschut 2.0 B.V. voor diverse klanten de hierbij behorende logistieke dienstverlening. De werkzaamheden vinden zowel plaats onder ‘eigen regie’ en op eigen locaties als in groepsgewijze detacheringen. Het netto resultaat over het boekjaar 2023 is uitgekomen op €2.449K negatief. In de 2de begrotingswijziging 2023 is uitgegaan van €2.656K negatief. Het netto resultaat is €207K beter dan begroot in de 2de begrotingswijziging 2023. Het nettoresultaat bestaat uit het operationeel resultaat en uit het subsidieresultaat. Het nettoresultaat 2023 ziet er als volgt uit:
Beschut 2.0
(bedragen x € 1.000,-) 2023
2de begr. wijz.
Bruto marge Overige personeelskosten Sw Personeelskosten n-Sw Afschrijvingen Bedrijfskosten Financiele baten en lasten
realisatie
verschil
560
545
-15
-506
-545
-39
-823
-827
-4
-45
-54
-9
-1.483
-1.384
99
0
0
0
Operationaal resultaat
-2.297
-2.265
32
Wsw-lonen
-7.926
-7.936
-10
60
93
33
Wsw Rijkssubsidies
7.507
7.659
152
Subsidieresultaat
-359
-184
175
Netto resultaat
-2.656
-2.449
207
LIV
7
Jaarrekening 2023
1.6 Financiële paragrafen De financiële verordening ex artikel 212 van de gemeentewet schrijft voor dat de begroting en de jaarrekening voor de GR WOZL de volgende paragrafen moet bevatten: - De reserves, het risicomanagement en het weerstandsvermogen; - de bedrijfsvoering; - de financiering; - verbonden partijen. Dit komt overeen met wat in artikel 9, lid 2 van het Besluit Begroting en Verantwoording voor Provincies en Gemeenten (BBV) over paragrafen wordt genoemd.
1.6.1 Reserves, het risicomanagement en het weerstandsvermogen Reserves Op de balans is het gerealiseerd resultaat van €907K opgenomen onder het eigen vermogen. De bestemming van het gerealiseerd resultaat is de bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Onder het eigen vermogen worden de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerd resultaat over 2023 verantwoord. Het resultaat vorig boekjaar is na onttrekking nihil. Voor de resultaatsbestemming over 2023 wordt verwezen naar het voorstel in hoofdstuk 3.3.3. De ontwikkeling van de reserves in 2023 zijn hieronder weergegeven:
Reserves
(bedragen x € 1.000,-) 31-12-2022 saldo
Algemene Reserve Resultaat vorig boekjr
0
Bestemmingsreserve Verlofrechten ASB
76
Totaal
76
bestemming 2022 toeontvoeging trekking
570
570
0
1-1-2023
mutaties 2023 toeontvoeging trekking
31-12-2023
570
570
0
76
41
35
611
35
saldo
646
0
saldo
Gerealiseerd resultaat 2023
907
Stand eigen vermogen ultimo 2023
942
Algemene reserve Het positief resultaat 2022 van de GR WOZL is als ‘Resultaat vorig boekjaar’ toegevoegd aan de algemene reserve en vervolgens in het begrotingsjaar 2023 onttrokken nadat dit resultaat is teruggestort aan de deelnemende gemeenten. Dit is conform besluit Algemeen Bestuur van 23 maart 2023.
8
Jaarrekening 2023
Bestemmingsreserves De bestemmingsreserve heeft een omvang van €35K per 31 december 2023. Het instellen van reserves en het toevoegen aan en het onttrekken van middelen aan reserves is een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Bij het instellen van (en het toevoegen van middelen aan) een bestemmingsreserve besluit het Algemeen Bestuur een deel van het eigen vermogen af te zonderen voor de dekking van toekomstige uitgaven voor een bepaald doel. Deze voorgenomen besluiten worden voorgelegd hetzij via de begroting, de kwartaalrapportage en de resultaatbestemming van de jaarrekening of via afzonderlijke besluiten. Verlofrechten ASB Deze reserve heeft betrekking op de bovenmatige verlofsaldi van de ASB medewerkers, zoals die in een verleden zijn opgebouwd en destijds met het faillissement van Maecon mee zijn overgekomen in de GR. Het beleid is erop gericht om middels diverse maatregelen de betreffende bovenmatige rechten op verlof van deze Sw-medewerkers terug te dringen. In 2023 bedragen de kosten voor het verlof €41K dat geheel wordt gefinancierd uit de reserve. Het saldo van de reserve bedraagt per 31-12-2023 €35K. Functies reserves De bestemmingsreserves vervullen, naast de bestemming waarvoor ze aangewend zijn of worden, nog een aantal andere functies: - Bestemmingsreserves worden gerekend tot het weerstandsvermogen van een organisatie.
In het uiterste geval kunnen deze reserves in komende jaren (gedeeltelijk) worden ingezet voor het afdekken van tegenvallers; - de reserves dragen bij aan een betere liquiditeitspositie van de GR WOZL.
Risicomanagement De risico’s worden periodiek gerapporteerd aan het Algemeen Bestuur middels de kwartaalrapportage, de begroting en de Begrotingswijzigingen. Specifieke risico’s zijn de loon- prijsontwikkeling, de hoogte van het subsidiebedrag per AJ, de terugstroom van detachering naar Beschut 2.0 en de beschikbaarheid van voldoende Sw-personeel op kritische functies van afdelingshoofd en voorman.
9
Jaarrekening 2023
Het weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de algemene reserve, de vrij aanwendbare bestemmingsreserves en de post onvoorzien in de begroting.
Kengetallen
Netto schuld quote
0,62%
Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
0,62%
Solvabiliteitsratio
10,76%
Grondexploitatie
0,00%
Structuele exploitatieruimte
0,55%
Belastingcapaciteit
n.v.t.
De GR WOZL hanteert het uitgangspunt dat het niet over een eigen weerstandsvermogen hoeft te beschikken om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen om zijn taken te kunnen voortzetten. Dit risico wordt, op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, gedragen door de deelnemende gemeenten.
10
Jaarrekening 2023
1.6.2 Bedrijfsvoering Deze paragraaf geeft inzicht in de stand van zaken ten aanzien van de bedrijfsvoering. Er wordt ingegaan op de rechtmatigheidsverantwoording, planning en control en het personeel. Namens de deelnemende gemeenten wordt de Wet sociale werkvoorziening uitgevoerd. Daartoe wordt circa €78 miljoen subsidiegeld omgezet in werkgelegenheid voor Sw-medewerkers via opdrachtverlening aan de uitvoeringsorganisaties.
Toelichting rechtmatigheidsverantwoording Om de rechtmatigheidsverantwoording te kunnen afgeven dienen er interne controlewerkzaamheden te worden uitgevoerd die de basis zijn voor de verantwoording. GR WOZL heeft d.d. 21 maart 2024 aan het bestuur gerapporteerd over de bevindingen naar aanleiding van de interne controle werkzaamheden in het kader van de rechtmatigheid. Hieronder worden de werkzaamheden en bevindingen in dit kader beschreven. Dit doet geen afbreuk aan het rechtmatigheidsoordeel zoals opgenomen in paragraaf 2.5. Begrotingscriterium Uit het overzicht van baten en lasten van GR WOZL blijkt dat bij een tweetal onderdelen (Uitvoering Wsw en Personeelskosten Wsw) de lasten de 2de begrotingswijziging 2023 overschrijden. Dit als gevolg van de aanpassing van de Rijkssubsidie in de septembercirculaire en de nieuwe CAO Sw. Beide effecten zijn ontstaan tussen het moment van goedkeuren en vaststellen van de 2de begrotingswijziging 2023. In een bestuursbesluit is hierover vastgelegd dat dit niet (tijdig) in een 3de begrotingswijziging kan worden verwerkt en deze gevolgen derhalve in de jaarrekening zullen worden verwerkt. Bij een drietal onderdelen zijn de lasten lager dan de 2de begrotingswijziging 2023.
Per saldo bedraagt het resultaat voor financiering en dekkingsmiddelen -/- €705K tegen een financiering van €1.570K en is daarmee €907K beter dan in de 2de begrotingswijziging 2023. Voorwaardencriterium Tijdens de interim controle en over het hele boekjaar is een inkoopanalyse uitgevoerd, hieruit zijn geen overschrijdingen van de geldende aanbestedingsnormen geconstateerd. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Op basis van de interne beheersingsmaatregelen met inbegrip van de fraude risico analyse zijn er geen signalen naar voren gekomen welke zouden kunnen duiden op mogelijke fraude risico’s. Op de wijzigingen in de Iban-nummers van crediteuren gedurende het boekjaar 2023 heeft een analyse plaatsgevonden en zijn tevens detailcontroles op de wijzigingen uitgevoerd. Hierbij zijn geen wijzigingen vastgesteld welke mogelijk zouden kunnen duiden op ongeautoriseerde betalingen. Tevens is vastgesteld dat de wijzigingen door bevoegde medewerkers zijn uitgevoerd. Tijdens de interim controle hebben proceduretesten op inkooptransacties plaatsgevonden, waarbij geen ongeautoriseerde transacties zijn geconstateerd en de prestatiemeting is vastgesteld. De externe accountant heeft als onderdeel van de audit opdracht een integrale analyse uitgevoerd op de uitgaande betalingen gedurende 2023. De externe accountant zal hierop rapporteren in het accountantsverslag.
11
Jaarrekening 2023
Planning en control Het Algemeen Bestuur is gedurende het jaar 2023 via een begrotingswijziging op de hoogte gehouden van de financiële ontwikkelingen binnen de GR WOZL en de verbonden partijen. De 1ste begrotingswijziging 2023 is door het Algemeen Bestuur vastgesteld op 25 mei 2023 en de 2de begrotingswijziging 2023 is vastgesteld op 25 januari 2024. De begrotingswijzigingen zijn vooraf besproken in het Bestuur waarna deze ter zienswijze is aangeboden aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. In 2023 is het Algemeen Bestuur middels een kwartaalrapportage geïnformeerd over de financiële ontwikkelingen. Tevens worden Colleges en raden van de deelnemende gemeenten tussentijds geïnformeerd over de financiële ontwikkeling met de Q1- en Q3- rapportage.
Personeel Het personeel van de GR WOZL bestaat ultimo 2023 uit de volgende formatie:
GR WOZL
Algemeen directeur/secretaris Secretariaat Concerncontroller Financiën Cliëntbeheer Totaal
2de begr. wijz. 2023 aantal fte 1 0,50 1 0,50 1 0,25 3 0,90 1 1,00 7
3,15
ultimo 2023 aantal
Dienstverband
1 1 1 3 1
fte 0,50 GR WOZL 0,50 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,25 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,90 GR WOZL en WSP Parkstad Detacheringen B.V. 1,00 WSP Parkstad Detacheringen B.V.
7
3,15
Van de zeven personen zijn er twee in dienst van de GR WOZL en vijf aangenomen op detacheringsbasis. In totaal betreft dit 5,30 fte waarvan er 2,15 fte wordt doorbelast aan de GR WSP en de uitvoering van de Participatiewet.
12
Jaarrekening 2023
1.6.3 Financiering Voor de inrichting en uitvoering van de treasury functie van decentrale overheden zijn kaders gesteld in de wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Onder de treasury functie vallen onder andere het geldstromenbeheer, het saldobeheer, liquiditeitsbeheer, financiering, uitzetting van gelden en renterisicobeheer. De GR WOZL heeft twee instrumenten op het gebied van treasury, te weten een treasury statuut en een financieringsparagraaf in de begroting. In het Algemeen Bestuur van 21 februari 2019 zijn de financiële verordening en het treasury statuut vastgesteld. De kredietfaciliteit bij de Bank Nederlandsche Gemeenten bedraagt circa €11,3 miljoen. Het Algemeen Bestuur heeft in 2014 besloten dat de GR WOZL gebruik mag maken van €5 miljoen kredietfaciliteit. Bij overschrijding hiervan dient dit voorafgaand voorgelegd te worden aan het Algemeen Bestuur. Dit besluit is tevens door het Algemeen Bestuur bevestigd en vastgesteld. In 2023 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van de kredietfaciliteit van €5 miljoen. Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximum bedrag waarmee de gemeenschappelijke regeling haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren.
Deze norm bedraagt 8,2% van het begrotingstotaal aan lasten vóór bestemming, dus met uitzondering van stortingen in reserves. Bij de bepaling van de omvang van het totaal aan lasten in de begroting is uitgegaan van de totale lasten exclusief de lasten bij de rubriek personeelskosten Sw. Dit ligt in lijn met eerdere jaren en is ter voorkoming van dubbeltellingen. De GR WOZL voert een beleid om binnen de kasgeldlimiet te opereren. De kasgeldlimiet over 2023 bedraagt: 8,2% van €80,1 miljoen (originele begroting 2023), ofwel €6,5 miljoen. In 2023 is van de kasgeldlimiet geen gebruik gemaakt. (x € 1.000) Kasgeldlimiet
2023
omvang begroting in €
80.116
toegestane kasgeldlimiet in %
8,20%
toegestane kasgeldlimiet in €
6.569
13
Jaarrekening 2023
Schatkistbankieren Op 13 december 2013 is het wetsvoorstel verplicht schatkistbankieren in het Staatsblad gepubliceerd. De wet is op 15 december 2013 van kracht geworden. Tegelijkertijd met de wet is een ministeriële regeling van kracht geworden. Onderdeel van die regeling is de rekening-courantovereenkomst die iedere decentrale overheid krijgt met de Staat der Nederlanden. De regeling bevat verder onder meer de verplichting een tussenrekening te openen bij een of meerdere banken, zodat aan de verplichting tot deelname aan schatkistbankieren kan worden voldaan. De GR WOZL heeft deze tussenrekening geopend bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan. Bij de bepaling van de hoogte van de ‘overtollige’ middelen is het decentrale overheden toegestaan een drempelbedrag aan te houden buiten de schatkist. In 2023 is het drempelbedrag gelijk aan 2,0% van het begrotingstotaal, waarbij het drempelbedrag minimaal €1 miljoen bedraagt.
Voor de GR WOZL is het drempelbedrag per 31-12-2023 als volgt bepaald: (x € 1.000) Toegstaan saldo schatkistbankieren
2023
omvang begroting in €
80.116
toegestane saldo in %
2,00%
toegestane saldo in €
1.602
14
Jaarrekening 2023
In onderstaande tabel is de naleving van het schatkistbankieren over 2023 weergegeven. In 2023 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van het drempelbedrag. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1602 Kwartaal 1
Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
165
266
190
126
1.437
1.336
1.413
1.476
-
-
-
-
Verslagjaar (4a) (4b)
(4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
80.116 80.116
-
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met Drempelbedrag 1602 een minimum van €1.000.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
14.852
24.248
17.449
11.623
90
91
92
92
165
266
190
126
Renterisiconorm Bij de renterisiconorm gaat het om het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente en de daarmee samenhangende rentelasten. De GR WOZL en de verbonden partijen beschikken in 2023 niet over langlopende leningen waardoor het renterisico minimaal is.
15
Jaarrekening 2023
1.6.4 Verbonden partijen Deze paragraaf gaat in op de doelstellingen, activiteiten en de financiële mate van betrokkenheid van de samenwerkingsverbanden waarin de GR WOZL in financieel opzicht participeert en (tevens) een bepaalde bestuurlijke invloed kan uitoefenen. In het Besluit Begroting en Verantwoording wordt hiervoor het begrip “Verbonden partijen” gehanteerd: Een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft (artikel 1 lid b BBV). De wetgever schrijft voor: De paragraaf verbonden partijen bevat tenminste de visie die de Gemeenschappelijke Regeling heeft op de verbonden partijen en dat in relatie tot de uitvoering van de gemeentelijke doelstellingen en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen (artikel 15 BBV). De GR WOZL is met Beschut 2.0 verbonden: Het eigen vermogen van Beschut 2.0 bedraagt per 31 december 2023 €1. Het resultaat bedraagt over 2023 €0 na de bijdragen van de GR WOZL.
De verbonden partij wordt als volgt nader toegelicht:
Verbonden partij: WOZL Beschut 2.0 BV Verstigingsplaats: Heerlen Financieel belang: 1 aandeel ad €1,Risico's: Beperkt, tot deelname aandelen kapitaal Visie/Doelstelling: Het voorzien in passende werkgelegenheid en in arbeidsrevalidatie van personen die door het openbaar lichaam Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid Limburg bij hun gedetacheerd worden of anderszins aan hun worden toevertrouwd. Bestuur De bestuurders van de verbonden partijen zijn benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders (AvA). Gedurende het boekjaar 2023 werd het bestuur gevormd door de heer F. Dijk algemeen directeur/secretaris. Opdracht WOZL Beschut 2.0 B.V. staat, als uitvoeringsorganisatie van de GR WOZL, voor de opdracht om uitvoering te geven aan de Sw. De opdracht wordt verder vormgegeven in een uitvoeringsovereenkomst tussen de GR WOZL en de WOZL Beschut 2.0 B.V.
16
Jaarrekening 2023
Hieruit voortvloeiend zijn voor Beschut 2.0 de volgende doelstelling beschreven: - Zorgdragen voor voldoende passend werk voor de doelgroep; - garanderen van de juiste begeleiding van medewerkers op de werkvloer; - faciliteren van een geschikte omgeving waarbinnen de werkzaamheden kunnen worden verricht met als uitgangspunt dat er sprake is van één locatie voor Beschut 2.0; - lean & mean inrichten van de organisatie; - reductie en beheersing van verzuim; - zorgdragen dat flexibel (lees: vooral financieel) meebewogen kan worden met personele ontwikkelingen in positieve en negatieve zin (terugstroom en natuurlijk verloop); - zorgdragen dat klanten via commercie WSP Parkstad B.V. de juiste prijzen betalen voor het door Beschut 2.0 verrichte werk (streven naar hogere opbrengsten per uur); - slim meeprofiteren van synergie-effecten die via WOZL/WSP Parkstad door schaalgrootte gerealiseerd kunnen worden (bijv. inkoop, ICT systemen enz.); - momenteel is Beschut 2.0 nog niet georganiseerd voor de doelgroep Participatie-wet. Middels het plug & play principe kan echter snel worden gereageerd op verzoeken van gemeenten om beschutte trajecten vanuit de doelgroep Participatie-wet in te vullen.
Visie en strategie Daar Beschut 2.0 een onderdeel vormt van GR WOZL wordt vastgehouden aan de daarvoor geldende beleidskaders en geldt onverkort de missie van WOZL: “WOZL is een uitvoeringsorganisatie die, in opdracht van en in samenwerking met de deelnemende gemeenten, op doelmatige en efficiënte wijze trajecten uitvoert voor mensen, in eerste instantie behorende tot de huidige doelgroep Sw, waarbij deze groep wordt ondersteund om zo regulier mogelijk passende arbeid te verrichten waarvoor betaald wordt door opdrachtgevers.” Uitgaande van bovenstaande missie is de visie voor Beschut 2.0 de volgende: Binnen de context van de geformuleerde missie is het adagium voor Beschut 2.0 “werken is participeren”. Door te werken (en hierbij waar nodig ondersteuning te ontvangen) participeert de betreffende medewerker, op zijn eigen manier en op zijn eigen niveau. Risicomanagement De risico’s worden periodiek gerapporteerd aan het Algemeen Bestuur middels de kwartaalrapportage, de begroting en de Begrotingswijzigingen. Specifieke risico’s zijn de loon- prijsontwikkeling, de hoogte van het subsidiebedrag per AJ, de terugstroom van detachering naar Beschut 2.0 en de beschikbaarheid van voldoende Sw personeel op kritische functies van afdelingshoofd en voorman.
17
Jaarrekening 2023
1.6.5 Begrotingsrechtmatigheid Begrotingsrechtmatigheid In de Kadernota 2018 van de Commissie BBV is het begrotingscriterium verder uitgewerkt en verfijnd. De begrotingsrechtmatigheid komt er op neer dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld zodat zij hier tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit over hebben kunnen nemen. Daarbij wordt rekening gehouden met de controletoleranties uit het controleprotocol dat 16 november 2023 door het Algemeen Bestuur van GR WOZL is vastgesteld. De begrotingsrechtmatigheid dient per programma te worden vastgesteld. Binnen de GR WOZL is er sprake van slechts één programma. Binnen GR WOZL is sprake van een begrotingsoverschrijding van €1.871K. In totaal bedragen de begrote lasten na de 2de wijziging €161.376K, terwijl de realisatie €163.247K bedraagt. Zoals blijkt uit onderstaand overzicht wordt dit verschil met name veroorzaakt door hogere (salaris)lasten betreffende de uitvoering Wsw en personeelskosten WSW. Dit wordt in de baten echter gecompenseerd door een hogere subsidie als gevolg van dekking van de stijgende loonkosten, toegekend in de septembercirculaire. Beide effecten (zowel hogere baten als hogere lasten) zijn ontstaan tussen het moment van goedkeuren en vaststellen van de 2de begrotingswijziging 2023.
In een bestuursbesluit is hierover vastgelegd dat dit niet (tijdig) in een 3de begrotingswijziging kan worden verwerkt en deze gevolgen derhalve in de jaarrekening zullen worden verwerkt.
18
Jaarrekening 2023
2.
Jaarrekening 2023
De jaarrekening bestaat uit de balans per 31 december 2023, het overzicht baten en lasten over 2023 alsmede de toelichtingen daarop. Tevens wordt een totaal overzicht verstrekt van de resultaten per rubriek. De jaarrekening is in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording voor Provincies en Gemeenten (BBV).
19
Jaarrekening 2023
2.1 Balans per 31 december 2023
Balans per 31 december 2023 (bedragen x € 1.000,-)
Activa
Toelichting 3.3.2
2023
2022
Vaste Activa Financiële Vaste Activa
1
Leningen aan woningcorporaties
103
153
Totaal financiële vaste activa
103
153
Totaal Vaste Activa
103
153
Vlottende Activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar
2
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
2.434
3.810
970
1.365
Rekening courant verhoudingen met niet-financiële insteliingen
1.129
225
Overige vorderingen
1.679
4.310
Totaal uitzettingen looptijd < 1 jaar
Liquide middelen
6.212
3
Banksaldi
0
Totaal liquide middelen
Overlopende activa
9.710
0 0
0
4
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
2.166
1.237
Overig nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
275
481
Totaal overlopende activa
2.441
1.718
Totaal Vlottende Activa
8.653
11.428
Totaal Activa
8.755
11.581
20
Jaarrekening 2023
Balans per 31 december 2023 (bedragen x € 1.000,-)
Passiva
Toelichting
2023
2022
3.3.2
Vaste Passiva Eigen Vermogen
5
Algemene reserve
0
Bestemmingsreserve
35
76
Gerealiseerd resultaat
907
570
Totaal eigen vermogen
Voorzieningen
942
646
6
Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden
81
Totaal voorzieningen
Totaal Vaste Passiva
94 81
94
1.023
740
Vlottende Passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
7
Banksaldi Overige schulden Rekening courant verhoudingen met niet-financiële insteliingen
1.310
3.343
979
643
1.813
2.642
Totaal netto vlottende schuld
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen
4.102
6.628
8
3.630
4.213
Totaal overlopende passiva
3.630
4.213
Totaal Vlottende Passiva
7.732
10.841
Totaal Passiva
8.755
11.581
21
Jaarrekening 2023
2.2 Overzicht baten en lasten 2023
Overzicht baten en lasten Rubriek
(bedragen x € 1.000,-)
2023
Toelichting
3.3.3
2022
begroting origineel
1ste begrotingswijziging
2de begrotingswijziging
realisatie
104 -380
107 -563
144 -476
199 -434
135 -296
-276
-456
-332
-234
-161
68.286 -67.188
71.286 -70.134
76.793 -75.354
77.869 -75.985
75.586 -74.194
1.098
1.152
1.439
1.884
1.392
realisatie
Bedrijfsvoering (overhead) baten lasten
9 10
Uitvoering Wsw baten lasten
11 12
Uitvoering WIW baten
13
61
35
-
-
34
lasten
13
-61
-35
-
-
-34
-
-
-
-
-
Beschut 2.0 baten lasten
14
-
-
-
-
-2.813
-3.046
-2.656
-2.449
-2.411
-2.813
-3.046
-2.656
-2.449
-2.411
76.832 -76.862
81.302 -81.332
82.851 -82.911
84.555 -84.460
87.055 -87.080
-30
-30
-60
95
-26
314 -314
223 -223
-21 21
-81 81
165 -165
-
-
-
-
-
-
-
-
-
425 -377
-
-
-
-
48
-2.021
-2.380
-1.610
-705
-1.158
Personeelskosten Wsw baten lasten
15 15
Uitvoering Wsw heuvellandgemeenten in GR WSP Parkstad baten lasten
16 16
Incidentele baten en lasten baten lasten
Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen
17 17
22
Jaarrekening 2023
Overzicht baten en lasten (vervolg) (bedragen x € 1.000,-)
Rubriek
Toelichting
3.3.3
Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen
2023
2022
begroting origineel
1ste begrotingswijziging
2de begrotingswijziging
realisatie
-2.021
-2.380
-1.610
-705
realisatie
-1.158
Financiering en alg. dekkingsmiddelen Bedrijfsvoering (overhead)
276
456
333
333
210
Uitvoering Wsw
-1.098
-1.152
-1.439
-1.439
-1.197
Beschut 2.0 Personeelskosten Wsw
2.813
3.046
2.656 20
2.656 20
2.450 108
-
-
-
-
150
18
1.991
2.350
1.570
1.570
1.721
Vennootschapsbelasting
19
-
-
-
-
-
Onvoorzien
20
-
-
-
-
-
-30
-30
-40
866
564
onttrekking reserve ASB
30
30
40
41
6
Gerealiseerd resultaat
-
-
-
907
570
Incidentele baten en lasten
Gerealiseerd saldo van basten en lasten Mutaties in reserves
21
23
Jaarrekening 2023
2.3 Toelichting 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De jaarrekening biedt inzicht in de financiële positie per 31 december 2023 en in de resultaten over het boekjaar 2023. Per jaareinde 2023 is het eigen vermogen van de GR WOZL €942K. Een duurzame voortzetting van de bedrijfsactiviteiten is gewaarborgd, aangezien de deelnemende gemeenten hebben toegezegd de GR WOZL financieel te steunen. Dientengevolge zijn de in de jaarrekening toegepaste grondslagen voor waardering en resultaatbepaling gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De bijdragen van de gemeenten is vastgesteld in de begroting en o.b.v. het resultaat in de jaarrekening zal worden afgerekend met de gemeenten. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als bate opgenomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld. Subsidie in het kader van projectfinanciering worden als bate opgenomen op het moment waarop de subsidie is ontvangen en er voldoende zekerheid is dat de subsidie wordt vastgesteld conform het ontvangen bedrag. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar.
Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. De programmaverantwoording bestaat ten minste uit (BBV artikel 25 lid 1): - De verantwoording over de realisatie van de programma's; - het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen; - het overzicht van de kosten van overhead; - het bedrag voor de heffing voor de vennootschapsbelasting; - een toelichting op het gebruik van het geraamde bedrag voor onvoorzien. De activiteiten zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting.
24
Jaarrekening 2023
Balans Activa Financiële vaste activa Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de GR WOZL Parkstad participeert in het aandelenkapitaal van een NV of BV. De onder financiële vaste activa opgenomen verstrekte leningen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde. Vervolgens worden deze leningen gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Vlottende activa Voorraden De nog niet in exploitatie genomen bouwgronden zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs dan wel lagere marktwaarde. Vorderingen en overlopende activa De openstaande vorderingen, waaronder de vorderingen op openbare lichamen, worden onder aftrek van eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid, gewaardeerd tegen nominale waarde. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn de algemene reserve en de bestemmingsreserves opgenomen alsmede het nog te bestemmen saldo van het overzicht baten en lasten.
Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd wegens: - Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; - op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; - kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de voorschotbedragen. De voorzieningen zijn gewaardeerd op nominale waarde.
25
Jaarrekening 2023
Vaste schulden De GR WOZL heeft geen langlopende schulden (> 1 jaar). Vlottende passiva De posten opgenomen onder vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Resultaatsbepaling In de jaarrekening worden de baten en lasten op dezelfde wijze gerangschikt als in de begroting. Zowel de baten als de lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben (stelsel van baten en lasten). Daarbij worden baten en lasten van het begrotingsjaar in de rekening opgenomen, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar leiden, of hebben geleid. Als baten en lasten worden niet aangemerkt de neutrale uitgaven en inkomsten. Het verschil tussen de verantwoorde lasten en baten is het resultaat. Het Algemeen Bestuur dient in het kader van de vaststelling van de jaarrekening een besluit te nemen over de bestemming van het resultaat. Een voorstel daartoe is opgenomen in hoofdstuk 3.3.3.
26
Jaarrekening 2023
2.3.2 Toelichting op de balans per 31-12-2023 Activa Vaste Activa: €103K (31-12-2022: €153K) 1. Financiële Vaste Activa leningen aan woningcorporaties: €103K (31-12-2022: €153K) GR WOZL heeft in 2019 met Bertram Onroerend Goed (woningcorporatie) een annuïteiten lening afgesloten ten bedrage van € 350K. Deze lening is gebruikt ter algehele verbetering van het pand aan de Sourethweg 2 en zal in 84 maanden worden afgelost. In 2023 is er €1K bijgeschreven aan rente (1%) en €52K afgelost waardoor de lening per 31-12-2023 €103K bedraagt.
Specificatie
(bedragen x € 1.000,-)
Boek waarde 31-122022
Investeringen
Des investeringen
Afschrijving/ Alfossing
Boek waarde 31-122023
- woningbouwcorporaties
153
0
0
-52
1
0
103
Totaal financiële vaste activa
153
0
0
-52
1
0
103
Afwaardering
Rente
Leningen aan:
Vlottende Activa: €8.653 (31-12-2022: €11.428K) 2. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar: €6.212K (31-12-2022: €9.710K) Specificatie
(bedragen x € 1.000,-)
31-12-2023 Vorderingen op openbare lichamen
31-12-2022
2.434
3.810
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar
970
1.365
Rekening courant met niet financiële instellingen
1.129
225
Overige vorderingen Voorziening dubieuze debiteuren
Totaal uitzettingen met een rentetyp. looptijd < 1 jaar
1.679 0
4.310 0 1.679
4.310
6.212
9.710
Vorderingen op openbare lichamen €2.434K (31-12-2022: €3.810K) Dit betreft vorderingen op openbare lichamen zoals gemeenten, provincies en de rijksoverheid. Het openstaande bedrag ten bedrage van €2.434K bevat grotendeels de bijdragen van de gemeenten. Eind 2023 zijn de bijdragen van de gemeenten vastgesteld in de 2de begrotingswijziging 2023. Ten opzichte 27
Jaarrekening 2023
van de reeds gedane financiering o.b.v. de 1ste begrotingswijziging 2023 leidt dit per 31-12-2023 tot een nabetaling door de aangesloten gemeenten. De vorderingen zijn begin 2024 volledig voldaan. Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar €970K (31-12-2022: €1.365) Dit betreft een vordering die de GR WOZL heeft uitstaan bij het Rijk ten bedrage van €970K. Rekening courant verhoudingen met niet financiële instellingen €1.129K (31-12-2022: €225K) Dit betreft vorderingen die bestaan uit ter beschikking gestelde liquide middelen vanuit de GR WOZL aan niet financiële instellingen. Overige vorderingen: €1.679K (31-12-2022: €4.310K) Dit betreft vorderingen die betrekking hebben op partijen die geen openbaar lichaam zijn onder aftrek van de voorziening dubieuze debiteuren. Het saldo van de overige vorderingen bestaat voornamelijk uit vorderingen op de verbonden partijen. Deze vorderingen hebben voornamelijk betrekking op doorbelastingen van lonen uit de GR WOZL en overige doorbelaste kosten die vanuit de GR WOZL ten behoeve van de verbonden partijen zijn betaald.
3. Liquide Middelen: €0K (31-12-2023: €0K) Het saldi van de liquide middelen bedraagt per 31-12-2023 negatief en is derhalve opgenomen aan de passiva kant.
4. Overlopende activa €2.441K (31-12-2022: €1.718K) Het saldo van de overlopende activa bedraagt per 31-12-2023 €2.441K en bestaat uit: -
Te ontvangen van gemeenten (€1.071K); te ontvangen van GR WSP (€60K); te ontvangen van het Uwv m.b.t transitievergoedingen (€239K); te ontvangen van de Belastingdienst m.b.t. LIV en BTW (€1.034K); te ontvangen rente Q4 (€21K); vooruitbetaalde bedragen (€9K); overig (€7K).
Specificatie
(bedragen x € 1.000,-)
31-12-2023 Van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overig nog te onvangen- en vooruitbetaalde bedragen ten laste van volgende begrotingsjaren Voorziening oninbaarheid
Totaal overlopende activa
31-12-2022
2.166
275 0
1.237
481 0 275
481
2.441
1.718
28
Jaarrekening 2023
Passiva Vaste Passiva: €1.023K (31-12-2022: €740K) 5. Eigen vermogen: €942K (31-12-2022: €646K) Op de balans is het gerealiseerd resultaat over 2023 opgenomen onder het eigen vermogen. Het gerealiseerd resultaat over 2023 bedraagt €907K. De bestemming van het gerealiseerd resultaat is de bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. In de toelichting op de rekening van baten en lasten wordt nader ingegaan op het gerealiseerd resultaat en is een voorstel geformuleerd over de resultaatbestemming.
Reserves
(bedragen x € 1.000,-) 31-12-2022 saldo
Algemene Reserve Resultaat vorig boekjr
0
Bestemmingsreserve Verlofrechten ASB
76
Totaal
76
bestemming 2022 toeontvoeging trekking
570
570
0
1-1-2023
mutaties 2023 toeontvoeging trekking
31-12-2023
570
570
0
76
41
35
611
35
saldo
646
0
saldo
Gerealiseerd resultaat 2023
907
Stand eigen vermogen ultimo 2023
942
Onder het eigen vermogen worden de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerd resultaat over 2023 verantwoord. Algemene reserve Het positief resultaat 2022 van de GR WOZL is als ‘Resultaat vorig boekjaar’ toegevoegd aan de algemene reserve en vervolgens in het begrotingsjaar 2023 onttrokken nadat dit resultaat is teruggestort aan de deelnemende gemeenten. Verlofrechten ASB Deze reserve heeft betrekking op de bovenmatige verlofsaldi van de ASB medewerkers, zoals die in een verleden ooit zijn opgebouwd en destijds met het faillissement van Maecon mee zijn overgekomen in de GR. Het beleid is erop gericht om middels diverse maatregelen de betreffende bovenmatige rechten op verlof van deze Sw-medewerkers terug te dringen. In 2023 bedragen de kosten voor het verlof €41K dat geheel wordt gefinancierd uit de reserve. Het saldo van de reserve bedraagt per 31-12-2023 €35K.
29
Jaarrekening 2023
6. Voorzieningen: €81K (31-12-2022: €94K) Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden €81K (31-12-2022: €94K) (bedragen x € 1.000,-)
Specificatie
Voorziening:
31-12-2022
2023
31-12-2023
saldo
toeontvoeging trokken
saldo
Afkoop DSM toeslagen tbv. oud ASB-ers
94
Totaal
94
0
13
81
13
81
Voorzienig afkoop DSM toeslagen t.b.v. oud ASB-ers In 2016 heeft DSM de toeslagen die aan de oude ASB-ers worden betaald afgekocht. Dit bedrag (oorspronkelijk €277K) is opgenomen als een voorziening. In de loop van de volgende jaren zal dit bedrag worden aangewend om de salariskosten van de oud- ASB-ers gedeeltelijk te dekken. In 2023 is er €13K onttrokken aan de voorziening.
Vlottende Passiva: €7.732K (31-12-2022: €10.841K) 7. Netto vlottende schuld met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar: €4.102K (31-12-2022: €6.628)
(bedragen x € 1.000,-)
Specificatie 31-12-2023 Banksaldi
31-12-2022
1.310
3.343
979
643
Rekening courant met niet financiële instellingen
1.813
2.642
Totaal uitzettingen met een rentetyp. looptijd < 1 jaar
4.102
6.628
Overige schulden
Banksaldi Het saldi van de liquide middelen bedraagt per 31-12-2023 €1.310K negatief en is derhalve opgenomen aan de passiva kant. Dit negatieve saldo heeft met name te maken met de financiering van de gemeenten die gedurende het jaar is gefactureerd o.b.v. de 1ste begrotingswijziging 2023. In december zijn de bijdragen in rekening gebracht o.b.v. de 2de begrotingswijziging 2023. Overige schulden Het saldo van de overige schulden bestaat o.a. uit verplichtingen die de GR WOZL heeft in het kader van de uitvoering Sw en de bedrijfsvoering. De post crediteuren vertoont een normaal verloop. Rekening courant met niet financiële instellingen Het saldo van de rekening courant verhoudingen met niet – financiële instellingen bedraagt €1.813K. Dit betreft het bedrag dat de GR WOZL moet betalen aan de GR WSP.
30
Jaarrekening 2023
8. Overlopende passiva: €3.630K (31-12-2022: €4.213K) Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die een volgend begrotingsjaar tot betaling komen:
Specificatie
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgends begrotingsjaar tot betaling komen Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van
Totaal overlopende passiva
(bedragen x € 1.000,-) 31-12-2023
31-12-2022
3.630
4.213
0
0
3.630
4.213
Deze post heeft betrekking op: - Tussenrekening salarissen Sw-medewerkers en ambtenaren m.b.t. de inhoudingen en afdrachten loonheffing, pensioen, nettolonen en UWV gelden (€2.453K); - te betalen aan de heuvellandgemeenten i.v.m. verrekening resultaat GR WSP (€60K); - de eindafrekening subsidies en begeleidingskosten met betrekking tot de arbeidsjaren van de verschillende uitvoeringsorganisaties (€182K); - facturen die betrekking hebben op 2023 en in 2024 worden betaald (37K); - te betalen in het kader van het opgerichte Sociaal Fonds (€101K); - te betalen LIV gelden aan verbonden partijen (€797K).
31
Jaarrekening 2023
Niet in balans opgenomen verplichtingen en vorderingen Kredietfaciliteit BNG De kredietfaciliteit bij de Bank Nederlandsche Gemeenten bedraagt circa €11,3 miljoen. Het Algemeen Bestuur heeft in 2014 besloten dat de GR WOZL gebruik mag maken van €5 miljoen kredietfaciliteit. Bij overschrijding hiervan dient dit voorafgaand voorgelegd te worden aan het Algemeen Bestuur. Dit besluit is tevens door het Algemeen Bestuur bevestigd en vastgesteld. In 2023 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van de kredietfaciliteit van €5 miljoen. Huurverplichtingen GR WOZL en de in de consolidatie opgenomen groepsmaatschappijen hebben als lessee operationele leasecontracten en huurcontracten. In totaal voor:
WOZL GR Huur Sourethweg
tot 1 jaar
1 tot 5 jaar
> 5 jaar
Totaal
€
305.676
€
305.676
€
-
€
611.352
Huur Wenckebachstraat €
157.920
€
1.516.020
€
221.085
€
1.895.025
Kloosterweg
256.404
€
470.074
€
-
€
726.478
€
€ 720.000
€ 2.291.770
€ 221.085
€ 3.232.855
Vakantiegeld Wsw De GR WOZL kent geen reserve vakantiegeld. De Wsw- medewerkers hebben over de periode juni 2023 tot en met december 2023 in totaal per saldo €3,2 mln. aan recht op vakantiegeld opgebouwd (dit is inclusief opslag sociale lasten). Deze bedragen zullen in mei 2024 of eerder bij beëindiging van het recht worden uitbetaald. Fiscale eenheid De GR WOZL is onderdeel van een fiscale eenheid voor de omzetbelasting. Op grond van de standaardvoorwaarden is de GR WOZL hoofdelijk aansprakelijk voor ter zake door de combinatie verschuldigde belasting. Beschut 2.0 maakt samen met de GR WOZL deel uit van deze fiscale eenheid. Gebeurtenissen na balansdatum Binnen de GR WOZL hebben zich verder geen te benoemen gebeurtenissen voorgedaan na balansdatum.
32
Jaarrekening 2023
2.3.3 Toelichting op het overzicht baten en lasten over 2023 In 2023 is er sprake van een voordelig gerealiseerd resultaat van €907K. De specificatie op hoofdlijnen van het resultaat luidt als volgt:
Gerealiseerd resultaat
Rubriek
(bedragen x € 1.000,-)
Resultaat voor fin. en alg. dekkingsmid delen
Financiering
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
Mutaties in reserve
Gerealiseerd resultaat
Bedrijfsvoering
-234
333
99
0
99
Uitvoering Wsw
1.884
-1.439
445
0
445
0
0
0
0
0
Uitvoering WIW/ID Beschut 2.0
-2.449
2.656
207
0
207
Personeelskosten Wsw
95
20
115
41
156
Heuvelland gemeente WSP
0
0
0
0
0
Incidentele baten/lasten
0
0
0
0
0
-705
1.570
866
41
907
Totaal
Gerealiseerd resultaat en resultaatsbestemming Analyse van het gerealiseerd resultaat Bedrijfsvoering Het resultaat van de bedrijfsvoering is €99K lager dan begroot. Dit komt doordat er lagere kosten in het personeel en in de organisatie zijn gerealiseerd. Uitvoering Sw: Subsidieverantwoording In 2023 komt het resultaat van de subsidieverantwoording uit op €1.884K positief. Hiervan is reeds in lijn met de 2de begrotingswijziging 2023 in totaal €1.439K gefinancierd aan de deelnemende gemeenten. Het positief resultaat na financiering bedraagt daardoor €445K. Voor een toelichting en gedetailleerd overzicht per uitvoeringsorganisatie wordt verwezen naar de baten en lasten van de rubriek uitvoering Sw en naar de bijlagen I en II. Beschut 2.0 Het netto resultaat bedraagt -/- €2.449K en is €207K beter dan begroot in de 2de begrotingswijziging 2023. Het operationeel resultaat bedraagt -/- €2.265K. Het subsidieresultaat (rijkssubsidie minus de loonkosten) bedraagt €184K negatief en is €175K beter dan is opgenomen in de 2de begrotingswijziging 2023.
33
Jaarrekening 2023
Personeelskosten Sw Op basis van de uitvoeringsovereenkomst worden personeelskosten Sw één op één doorbelast aan de verbonden partijen. Het resultaat van de personeelskosten Sw komt op een positief resultaat van €90K. Dit komt door een vrijval in de reserve transitie en een restitutie van het pensioenfonds dat betrekking heeft op ten onrechte betaalde werkgeverspremie t/m 2018.
Voorstel resultaatsbestemming In 2023 bedraagt het gerealiseerd resultaat €907K. Voorgesteld wordt om het gerealiseerd resultaat uit te keren aan de deelnemende gemeenten. In bijlage III is een tabel opgenomen met de verdeling van het resultaat per gemeente.
34
Jaarrekening 2023
Baten en lasten per rubriek Resultaat bedrijfsvoering (overhead) -/- €234K (2022: -/- €161K) De bedrijfsvoering (overhead) betreft alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Het negatieve resultaat van de bedrijfsvoering is €99K lager dan begroot. Dit komt enerzijds doordat er lagere kosten zijn gerealiseerd en anderzijds zijn de baten hoger dan verwacht. 9. Baten bedrijfsvoering €199K (2022: €135K) De baten van de bedrijfsvoering zijn €55K hoger dan is opgenomen in de 2de begrotingswijziging 2023. De onderverdeling van deze baten luidt als volgt:
Specificatie baten
(bedragen x € 1.000,-) 2023
2de begr. wijz. Rentebaten Dekking uitvoeringskosten WOZL Overige baten Totaal
realisatie
verschil
0
92
92
144
107
-37
0
0
0
144
199
55
Dekking uitvoeringskosten GR WOZL De kosten van de bedrijfsvoering worden gedeeltelijk gedekt door een bedrag aan uitvoeringskosten toe te rekenen aan de rubriek uitvoering Sw. Het bedrag is conform begroting per fte vastgesteld op €0,2K bij beschut werken en €1,25K bij begeleid werken. Voor 2023 komt dit neer op €107K. Rentebaten In 2023 is er in de 2de begrotingswijziging 2023 geen rekening gehouden met rentebaten. Per jaareinde bedragen de ontvangsten in totaal €92K. Tegenover de rentebaten staan de rentekosten van €66K. Per saldo een positief verschil van €26K.
35
Jaarrekening 2023
10. Lasten bedrijfsvoering -/- €434K (2022: -/- €296K) De lasten van de bedrijfsvoering zijn €43K lager dan is gesteld in de 2de begrotingswijziging 2023. De onderverdeling van deze lasten luidt als volgt: (bedragen x € 1.000,-)
Specificatie lasten
2023
2de begr. wijz.
realisatie
verschil
Personeelskosten
-255
-242
12
Organisatiekosten
-156
-103
52
Accountants- en advieskosten
-29
-22
7
Rente en financieringskosten
-37
-66
-29
Totaal
-476
-434
43
Personeelskosten Het personeel van de GR WOZL bestaat ultimo 2023 uit de volgende formatie:
GR WOZL
Algemeen directeur/secretaris Secretariaat Concerncontroller Financiën Cliëntbeheer Totaal
2de begr. wijz. 2023 aantal fte 1 0,50 1 0,50 1 0,25 3 0,90 1 1,00 7
3,15
ultimo 2023 aantal
Dienstverband
1 1 1 3 1
fte 0,50 GR WOZL 0,50 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,25 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,90 GR WOZL en WSP Parkstad Detacheringen B.V. 1,00 WSP Parkstad Detacheringen B.V.
7
3,15
Van de zeven personen zijn er twee in dienst van de GR WOZL en vijf aangenomen op detacheringsbasis. In totaal betreft dit 5,31 fte waarvan er 2,15 fte wordt doorbelast aan de GR WSP en de uitvoering van de Participatiewet. De personeelskosten bestaan o.a. uit de werkgeverslasten van het personeel, de ingehuurde medewerkers en de overige personeelskosten. Organisatiekosten Deze post bestaat o.a. uit kantoor-, huisvestings- en automatiseringskosten. Tevens zijn hieronder de kosten opgenomen van het archief- en informatiebeheer. In totaal komen de kosten €52K lager uit dan is opgenomen in de 2de begrotingswijziging 2023. Dit heeft grotendeels te maken doordat de werkzaamheden m.b.t. het archief- en informatiebeheer later van start zijn gegaan. Rente en financieringskosten In de 2de begrotingswijziging 2023 is rekening gehouden met een bedrag van €37K aan rente en financieringskosten. Per jaareinde is dit €66K. Tegenover de rentekosten staan de rentebaten van €92K. Per saldo een positief verschil van €26K.
36
Jaarrekening 2023
Resultaat uitvoering Sw: €1.884 (2022: €1.392K) Het resultaat uitvoering Sw is €445 beter dan begroot. 11. Baten uitvoering Sw €77.869K (2022: €75.586K) De baten betreffen de ontvangen rijkssubsidie van de deelnemende gemeenten. In totaal zijn de baten €1.076K hoger dan 2de begrotingswijziging 2023. In de 2de begrotingswijziging 2023 is uitgegaan van een totaal aan arbeidsjaren van 2.319,12. Het aantal gerealiseerde arbeidsjaren komt uit op 2.317,82 AJ. De rijkssubsidie in de 2de begrotingswijziging bedraagt €33.113. In september heeft het Rijk in de circulaire dit bedrag verhoogt met €483 per AJ. Dit resulteert in een subsidiebedrag van €33.596. Subsidieontwikkeling per arbeidsjaar
Subsidiebedrag cf. 2de bgr. wijz. 2023 i.v.m. verhoging WML september circulaire
€
€
33.113
€ €
483 33.596
483
Subsidiebedrag cf. jaareinde
De totaal te ontvangen rijkssubsidie bedraagt:
(bedragen x € 1.000,-)
Specificatie baten
Subsidie per AJ
realisatie
2.317,82 € 33.596
77.869
Aantal AJ
Rijkssubsidie
37
Jaarrekening 2023
12. Lasten uitvoering Sw -/- €75.985K (2022: -/- €74.194K) De lasten uitvoering Sw zijn €631K lager dan begroot. De onderverdeling van deze lasten luidt als volgt: (bedragen x € 1.000,-)
Specificatie lasten
2023
2de begr. wijz.
realisatie
Regulier
69.425
70.040
615
Begeleid werken
1.355
1.253
-101
Beschut werken: Relim
2.235
2.122
-113
500
601
101
Beschut werken: Werkmeester RVU
verschil
1.717
1.834
117
Buitenregionale uitvoeringsorganisaties
17
29
11
Uitvoeringskosten
106
107
1
75.354
75.985
631
Totaal
Regulier Deze post heeft betrekking op de doorbetaalde Rijkssubsidie voor de Sw-medewerkers die werkzaam zijn bij de verbonden partijen en de uitvoeringsorganisatie Werkmeester. De lasten zijn €615K hoger dan is opgenomen in de 2de begrotingswijziging 2023. Dit is voornamelijk te verklaren door de hogere bijdrage van €483 per AJ. Begeleid werken Deze post heeft betrekking op begeleidingskosten en verstrekte loonkostensubsidie voor de Swmedewerkers die vallen onder de categorie begeleid werken. De gemiddelde subsidie per AJ bedraagt €16,6K, terwijl dit in de 2de begrotingswijziging €18K is. Dit leidt tot een verschil van €101K. Beschut werken Relim De loonkosten van de groep Sw-medewerkers die bij Relim te werk zijn gesteld komen volledig ten laste van de GR WOZL. Voor 2023 bedragen deze loonkosten €1.698K. De overige kosten, die onder andere bestaan uit een vergoeding die aan Relim wordt verstrekt, komen voor 2023 neer op €424K. In totaal komen de totale kosten €113K lager uit dan is begroot. Beschut werken: Werkmeester Bij deze groep gaat het om Sw-medewerkers die voor een passende tewerkstelling zijn overgedragen aan de Werkmeester. De verstrekte subsidie bij deze categorie ligt per fte op €41K. De totalen kosten liggen €101 hoger dan begroot dat grotendeels is toe te schrijven is aan een prijsverschil.
Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) De loonkosten van de medewerkers die hebben gekozen voor de Vervroegde Uittreding zijn in 2023 niet doorberekend aan de uitvoeringsorganisaties, maar worden samen met de subsidie verantwoord binnen de GR WOZL. De kosten bedragen €1.834K en zijn daarmee €117K hoger dan begroot. Dit is grotendeels toe te schrijven doordat er in 2023 meer medewerkers gebruik hebben gemaakt van deze regeling dan is begroot. 38
Jaarrekening 2023
Buitenregionale uitvoeringsorganisaties In 2023 heeft er een overname van 1,06 AJ plaatsgevonden door Vidar en Westrom. In een besluit is vastgelegd dat WOZL de daarbij behorende subsidie doorbetaald aan deze organisaties. Het gaat om €29K voor 2023. Uitvoeringskosten Deze post heeft betrekking op de uitvoeringskosten voor de bedrijfsvoering. Het bedrag is conform begroting per fte vastgesteld op €0,2K bij beschut werken en €1,25K bij begeleid werken. Voor 2023 bedraagt dit €107K.
Resultaat uitvoering WIW €0K (2022: €0K) 13. Baten en lasten uitvoering WIW: €0K (2022: €0K) In 2022 is deze regeling gestopt.