7 24-28 Bijlage 4 De regiovisie op de governance 2024-2028_180553_
Tekst van het document
Regiovisie op de governance 2024-2028
Inhoudsopgave
1
Inleiding
4
2
Lokaal
8
2.1 Preventief jeugdbeleid
10
2.2 Toegang tot jeugdhulp
12
2.3 Verbinding sociaal domein breed
15
Regionaal
16
3.1 Gemeentelijke Governance
18
3.2 Verwervingen
20
3.4 Complexe problematiek
25
Bovenregionaal
26
4.1 NMZ Overleg
29
4.2 Accounthouderschap zorgaanbieders
29
4.3 Accounthouderschap BJZ Limburg
29
4.4 Bovenregionaal Expertisecentrum
30
3
4
Bijlage 1 Definitielijst
32
Bijlage 2 Resultaten
36
3
Inleiding
1
De 16 Zuid-Limburgse gemeenten werken samen op het gebied van jeugdzorg.
Inleiding In het regionaal beleidskader jeugdhulp 2024-2028 hebben we aangegeven wat we voor de jeugd in Zuid-Limburg willen bereiken op het gebied van jeugdzorg. In de afbeelding op de volgende pagina staan de doelen en de leidende principes van het regionaal beleidskader samengevat. Deze regiovisie op de governance geeft aan hoe we dat willen bereiken, mede op basis van eerder vastgesteld kaderdocumenten (zie www.jeugdhulpzuiddlimburg.nl). Dat doen we sinds 2015 gezamenlijk met alle 16 gemeenten in Zuid-Limburg. De rijksoverheid wil dat wettelijk verplichten. Vooruitlopend daarop is in VNG verband afgesproken om de beschikbaarheid van zorg en zorgcontinuïteit te borgen door de Norm voor Opdrachtgeverschap te hanteren. De Norm en verwachte wetgeving gaat zowel over de inhoud als de uitvoering daarvan. Deze verwachte wetgeving en Norm voor Opdrachtgeverschap vormen de leidraad van deze regiovisie op de governance.
1 De regiovisie op de governance kent een geografische hoofdstukindeling. We starten met wat er lokaal aan jeugdbeleid uitgevoerd wordt om de gestelde doelen te verwezenlijken. Vervolgens beschrijven we de regionale samenwerking tussen gemeenten en met de zorgaanbieders. Tot slot gaan we in op hoe we bovenregionaal afstemming realiseren in het kader van jeugdzorg.
Normaliseren
Ik zit aan het stuur
Zo thuis mogelijk
Er wordt naar mij geluisterd
Vindplaats is werkplaats
Wij kijken eerst naar wat gebruikelijke zorg is
Effectieve kind- en gezinsbeschrming
Integraal
1
6
De 16 gemeenten zijn Beek, Beekdaelen, Stein, Sittard-
2
Eerder juiste hulp op maat op de juiste plek
Sturen op resultaat
Integrale ontwikkeling centraal
Samen maken we de jeugdhulp beter
Zorg is systeemgericht
Doen wat werkt
Zorg rondom de jeugdige
Samen beslissen
In deze regiovisie wordt gesproken over jeugdzorg
Geleen, Simpelveld, Voerendaal, Brunssum, Kerkrade,
in de brede zin. Dit betreft jeugdhulp én de
Heerlen, Landgraaf, Gulpen-Wittem, Vaals, Valkenburg a/d
kinderbeschermingsmaatregelen, voor een groot deel
Geul, Eijsden-Margraten, Meerssen en Maastricht.
heeft het namelijk betrekking op beide onderdelen.
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
7
Lokaal
2
Het hoofdstuk lokaal beschrijft wat onder de lokale verantwoordelijkheid wordt uitgevoerd door de gemeenten in de regio Zuid-Limburg. Het regionaal beleidskader is hierbij richtinggevend.
Lokaal
2
2.1 Preventief jeugdbeleid
Preventief jeugdbeleid
In verschillende wetten is vastgelegd dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor het preventief jeugdbeleid (zie kader). Het is een beleidsterrein waar de gemeenten lokaal voor aan de lat staan. Bij de lokale invulling van het preventief jeugdbeleid houden gemeenten rekening met de leidende principes uit het regionaal beleidskader jeugd.
In vijf wetten speelt preventie een rol. Dit zijn de Wet publieke gezondheidszorg (Wpg), de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), de Jeugdwet, de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz). Verschillende van deze wetten zijn ook van toepassing op jeugd.
Preventief jeugdbeleid gaat over de basis- en voorliggende voorzieningen waar alle jeugdigen gebruik van kunnen maken zoals scholen, speeltuinen, sportvoorzieningen, welzijnswerk etc. Een belangrijk uitgangspunt dat alle gemeenten in het lokale preventief jeugdbeleid hanteren is de pedagogische civil society en positieve gezondheid. In meerdere wetten en domeinen speelt preventie en vroegsignalering een belangrijke rol. Gemeenten hebben een verantwoordelijkheid om hier op lokaal niveau invulling aan te geven. Het NJi schrijft hierover het volgende
Gemeenten zijn vanuit de Wet publieke gezondheidszorg (Wpg) verantwoordelijk voor onder andere de jeugdgezondheidszorg. Hier valt bijvoorbeeld vroegtijdige opsporing en preventie van specifieke stoornissen onder. Ook vallen onder deze wet algemene taken publieke gezondheidszorg, zoals het voorkomen van alcoholmisbruik bij jongeren en het geven van prenatale voorlichting aan ouders. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de lokale invulling en uitvoering. Vanuit de Wmo 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor het bevorderen van maatschappelijke participatie. Dit kan bijdragen aan gezondheidswinst en welbevinden. Ook wordt er een actieve inzet verwacht op het gebied van preventie en vroegsignalering. Dit om te voorkomen dat mensen gebruik moeten maken van zwaardere vormen van langdurige, maatschappelijke ondersteuning.
Vanuit de Jeugdwet zijn gemeenten verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdzorg. Meer preventie maakt deel uit van één van de transformatiedoelen in de Jeugdwet. Het eerste transformatiedoel is namelijk: meer preventie, meer eigen verantwoordelijkheid, meer benutten van ‘eigen kracht’ en het sociale netwerk van gezinnen. Preventieve activiteiten die onder de Jeugdwet vallen, zijn onder andere: vroege interventie bij opgroeiproblemen en het faciliteren van informatie en advies in de vorm van folders of een adviesgesprek. Belangrijk is dat preventieve activiteiten voor jeugd en ouders in het kader van jeugdgezondheid onder de Wet publieke gezondheidszorg vallen en niet onder de Jeugdwet. Preventieve activiteiten door welzijnswerk of welzijnsorganisaties, zoals het jongerenwerk, vallen wel onder de Jeugdwet. In de zorgverzekeringswet staat vastgelegd dat geïndiceerde en zorggerelateerde preventie deel uitmaken van het basispakket van een verzekerde. De zorgverzekeraar is dan verplicht om een vergoeding van kosten van de zorg te bieden. Om aanspraak te maken op vergoeding, moet er bij een individuele verzekerde sprake zijn van een vastgesteld verhoogd risico op gezondheidsschade om geïndiceerde of zorggerelateerde preventie in te kunnen zetten.
(Bron: NJI)
10
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
11
2.2 Toegang tot jeugdhulp
2.2.1 Lokale toegang
Stevige lokale toegangsteams
Landelijk vraagt ongeveer 1 op de 8 jeugdigen meer ondersteuning dan vanuit de basis- en voorliggende voorzieningen beschikbaar is. Deze jeugdigen hebben een vorm van jeugdzorg nodig. In Nederland zijn er verschillende toegangswegen naar jeugdzorg: de lokale (wijk) teams van gemeenten, maar ook huisartsen, medisch specialisten, jeugdartsen, gecertificeerde instellingen en de rechterlijke macht.
Lokale toegangsteams hebben een cruciale rol binnen de jeugdzorgketen. Samen met jeugdigen en ouders 3 kijken zij naar het perspectief dat de jeugdige wilt bereiken en zetten daar zo nodig hulp bij in.
Jeugdigen en hun ouders moeten voor jeugdhulp laagdrempelig en dicht bij huis terecht kunnen. We willen dit onder meer bereiken door in zetten op stevige lokale teams. Stevige lokale teams met voldoende kennis en expertise en verbinding met specialistische hulp. Teams die met ouders en jeugdigen kijken naar wat echt nodig is. Die niet alleen toegang verlenen, maar zelf lichte hulp verstrekken, gericht op het versterken van het gewone leven.
Het uitgangspunt is dat de toegang lokaal georganiseerd is op basis van de landelijke uitgangspunten van de vijf basisfuncties van het KPMG-rapport en de concept Hervormingsagenda4 “Stevige toegangsteams”. Daarbij zijn de principes vanuit het regionaal beleidskader leidend, maar er is ruimte voor eigen invulling en uitvoering. Het regionale toegangenoverleg is in ZuidLimburg een platform voor het uitwisselen van informatie, het stellen van vragen en het maken van afspraken over de uniforme uitvoering van afspraken in de regio.
De vijf functies van het KPMG rapport 1. Houd oog voor een veilige leefomgeving: investeer in expertise, instrumenten en samenwerkingsverbanden om onveilige situaties voor jeugdigen te herkennen en hen te beschermen. 2. Tijdig signaleren van de vraag: wees aanwezig, werk ‘outreachend’ en investeer in preventie. 3. Garandeer vindbare en toegankelijke hulp: wees benaderbaar op verschillende manieren en investeer in adequate triage.
4. Handel met een brede blik: vraagverheldering met oog voor alle levensdomeinen, integrale planvorming waarbij duidelijke regievoering is belegd en houdt een vinger aan de pols. Het is wenselijk dat lokale teams zelf lichte hulpverlening en ondersteuning kunnen bieden. 5. Leer en verbeter: verzamel inzichten over werkwijzen, evalueer en ga hierover in gesprek.
(Bron: KPMG 2019: Basisfuncties voor lokale teams in kaart: de route en componenten onder de loep)
3
12
Daar waar gesproken wordt over ouders dient dit in
4
Ze doen dit in goede verbinding met de lokale voorzieningen beschikbaar voor het brede sociale domein, met onderwijs en
volwassen GGZ die bij voorkeur ook in de wijk aanspreekbaar en inzetbaar is. Het is hierbij tevens van belang goed na te denken over de bekostiging vanuit de gemeente van het stevige lokale team in relatie tot de aanvullende (specialistische) zorg. Dit om het financieel beheersbaar te houden. Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor de inrichting van hun teams en de bekostiging, op basis van in het bestuurlijk kader duidelijk omschreven functies (zie 2.3.1), kortom er blijft ruimte voor diversiteit in de wijze waarop gemeenten deze functies borgen in hun lokale infrastructuur. (Bron: hervormingsagenda 8.0)
2.2.2 Verbinding (huis)arts
2.2.3 Verbinding met gedwongen kader
Naast de stevige lokale teams zijn huisartsen, jeugdartsen en kinderartsen een belangrijk toegangskanaal voor jeugdzorg. Samenwerking tussen de huisarts, de jeugdgezondheidszorg en een lokaal team is belangrijk, zodat zij elkaar snel en laagdrempelig vinden om te bepalen of en welke vorm van ondersteuning passend is.
Naast de lokale teams en de artsen zijn de gecertificeerde instellingen ook een belangrijke verwijzer naar jeugdhulp. Gemeenten subsidiëren de gecertificeerde instellingen op regionaal niveau. Lokaal is er afstemming tussen het lokale team en de gecertificeerde instelling over welke hulp mag worden ingezet bij een jeugdige. Dit is vastgesteld in een regionaal samenwerkingsprotocol. Ook is er een regionaal kader opgesteld voor de samenwerking tussen de lokale teams en veilig thuis, waarbij er lokale invulling wordt gegeven aan de afspraken.
Vaste contactpersonen voor de huisarts binnen het lokale team zijn onmisbaar. Er zijn in ZuidLimburg diverse pilots actief bij gemeenten om meer grip te krijgen op verwijzingen vanuit de artsen. De meeste gemeenten in ZuidLimburg koppelen een praktijkondersteuner Jeugd aan de huisartsenpraktijk, zodat deze direct lichte hulp kan bieden en een apart traject in veel gevallen niet meer nodig is. De verantwoordelijkheid voor de inzet en uitvoering van de praktijkondersteuner Jeugd is lokaal belegd. Gemeenten kiezen daarbij zelf of ze dit in subregionaal verband verder vormgeven of in samenwerking met huisartsenkoepels.
Ten tijde van het opstellen van de regiovisie van
breder verband gezien te worden. Het betreft ook
de governance lopen de besprekingen nog over de
verzorger(s)/pleegouder(s)/het gezin in bredere zin.
hervormingsagenda. Hier is uitgegaan van het concept.
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
13
2.2.4 Knooppunten
2.2.5 Verwijzing gecontracteerd aanbod
2.3 Verbinding sociaal domein breed
Het knooppuntoverleg is het verbindingsinstrument tussen kinderopvang, onderwijs en andere netwerkpartners. Het is bedoeld om een integraal beeld te verkrijgen van de leerling en zijn leefomgeving, waarbij ondersteuningsbehoeften in kaart worden gebracht en betrokkenen samen afspraken maken over samenhangende interventies van onderwijs, gemeente en/of zorg. Hierbij is aandacht voor ondersteuning gedurende onderwijstijd en in de thuissituatie. In het knooppunt bepalen de partners samen met jeugdige en ouders of er en zo ja, welke ondersteuning nodig is. Kernpartners in de knooppunten zijn: • ouders • school • jeugdgezondheidszorg • schoolmaatschappelijk werk • gemeentelijke toegang.
Gemeenten zijn niet verplicht om jeugdhulp te financieren die geen onderdeel uitmaakt van het gecontracteerd aanbod. Deze afspraak is ook gemaakt in de regio Zuid-Limburg, daarom is een verwijsgids opgesteld waarin het gecontracteerd aanbod zichtbaar is voor alle verwijzers. Indien er zwaarwegende redenen zijn om af te wijken van het gecontracteerd aanbod overleggen zowel de verwijzers als de Raad voor de Kinderbescherming dit eerst met de betreffende lokale toegang van die gemeente. De lokale toegang spreekt dan een maatwerkcontract af met de betreffende aanbieder.
Het brede sociale domein is de verantwoordelijkheid van de lokale gemeenten. We zien daarbij steeds meer landelijke programma’s ontstaan die (sub)regionale samenwerking vragen. Hieronder is visueel gemaakt welke landelijke programma’s benoemd in de hervormingsagenda, een effect hebben op het verbeteren van de ontwikkeling van de jeugdige. Tevens is hierbij afgebeeld op welke schaal wij in Zuid-Limburg deze programma’s oppakken.
IZA/GALA GIA Mentale gezondheid Toekomstscenario Trendbreuk
Incidentele partners in de knooppunten zijn: • leerplichtambtenaar • voorschoolse voorziening en buitenschoolse opvang • zorgprofessionals.
Veiligheidsregio
Gezondsheidsregio / GGD Hervormingsagenda
Betaalbaar
TAZ Arbeidsmarkttafel jeugd
Jeugdhulpregio
Thuis voor iedereen
Aanpak geldzorgen,
Leefbaarheid
armoede en schulden
Arbeidsmarktregio
wonen
en veiligheid
Werkagenda opvang, onderwijs en zorg
Wonen
/ subregionale invulling Werkagenda opvang, onderwijs en zorg Passend omgeving Passendonderwijs onderwijsKansenongelijkheid School enlokale Kansenongelijkheid School en omgeving
Onderwijs / subregionale OOGO’S
14
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
15
Regionaal
Het hoofdstuk regionaal gaat in op welke taken en
3
verantwoordelijkheden er liggen op regionaal gebied en hoe we die met elkaar afstemmen om de doelen uit het regionaal beleidskader te verwezenlijken. Dit gebeurt mede op basis van eerder vastgestelde kaderdocumenten waarin staat opgenomen hoe we het aanbod op de vraag laten aansluiten en welke keuzes we daarbij maken qua sturingsinstrumenten (www.jeugdhulpzuidlimburg.nl).
Regionaal
3
3.1 Gemeentelijke Governance De gemeenten in Zuid-Limburg hebben sinds 2015 een centrumregeling met elkaar afgesproken ten behoeve van de inkoop van jeugdzorg. Conform de PDCA cyclus wordt er regelmatig een evaluatie van de samenwerking uitgevoerd en de samenwerkingsafspraken aangepast. Ook in 2023 heeft een evaluatie van de samenwerking plaatsgevonden. De conclusie is dat er bestuurlijk een sterke wil is om samen te werken, dat er een prettige dynamiek is en een gezamenlijk toekomstperspectief. Echter de intentie van de regeling is vergroeid met een eigen werkwijze. Dat heeft geleid tot de volgende knelpunten: • De formele afspraken over samenwerking bij verwerving worden ook informeel toegepast bij beleidsvormingsprocessen • Gebrek aan integraliteit in advisering van bestuur • Inefficiënte en niet-slagvaardige besluitvormingsroute • Rolonduidelijkheid en gebrek aan ambtelijk doorzettingsmacht in de samenwerking • Houding en gedrag van deelnemers die onvoldoende vasthouden aan (zakelijke) afspraken en elkaar hier beperkt op aanspreken Hiernaast is in een organogram weergegeven welke overlegvormen er op hoofdlijnen zijn om te sturen op de regionale beleidskaders en verwervingen.
Aan de hand van deze evaluatie is bestuurlijk afgesproken dat we de huidige governance structuur wijzigen ten aanzien van de volgende onderdelen: • Het overleg tussen de 16 bestuurders, de G16zlB, richt zich op regionale visie- en strategievorming (beleidsontwikkeling). Naast een voorzitter wijzen de bestuurders ook een vicevoorzitter aan. • Het overleg tussen de 16 beleidsmedewerkers, de G16zla, richt zich op de voorbereiding van het bestuurlijk overleg. Daarnaast zijn er jaarlijks twee koersmiddagen om de strategische lijnen uit te zetten. • Het overleg met de 6 vertegenwoordigende bestuurders namens de regio, de stuurgroep, voert regie en monitort de kaders die zijn afgesproken binnen regionale verwervingen. De stuurgroep is bestuurlijke opdrachtnemer van de G16zlB en adviseert de G16zlB over strategische beleidsontwikkeling. De stuurgroep kent een portefeuilleverdeling. Daarmee ontstaat voor een aantal ambtelijke projectteams en jeugdhulpaanbieders één
•
bestuurlijke aanspreekpunt. Deze portefeuillehouder is verantwoordelijk voor het meenemen van alle collega-bestuurders in het G16zlB. Voor zwaardere dossiers kan gekozen worden voor meerdere portefeuillehouders. De programmagroep stuurt gezamenlijk de regiosamenwerking aan en is ambtelijk opdrachtnemer van de stuurgroep. Dit geldt ten aanzien van verwervingen en strategische beleidsontwikkeling. We breiden de programmagroep uit met een BVO-coördinator en toegangscoördinator ten behoeve van de integraliteit. We verduidelijken en versterken de rol van de regiocoördinator.
•
Tot slot worden de afspraken expliciet gemaakt en gedeeld: • Er komt een samenwerkingsovereenkomst over het regionaal beleid • We maken procesafspraken over beleid en inkoop (SLA) • De rolprofielen, taken en functies van overleggremia maken we expliciet.
Voor de route van besluitvorming geeft de onderstaande afbeelding visueel weer wat deze afspraken inhouden. Na één jaar evalueren we deze afspraken om te onderzoeken of we een volgende stap in de samenwerking kunnen zetten.
Strategisch beleid besluitvormingsroute Gzl16a koersdagen en inhoudelijke beleidswerkgroepen
Stuurgroep bespreking ter advisering G16zlB “opdrachtnemer”
Programmagroep incl. BVO en OTO coördinator met regiocoördinator (=ambtelijk opdrachtnemers) hebben versterkte bevoegdheden en toetsen integraliteit en monitoren voortgang G16zlB
G16zlB bespreking Strategisch karakter 3x per jaar “opdrachtgever”
Voorbereiding van G16zlB met de ambtenaren G16zla
G16zla
Verwerving besluitvormingsroute
16 colleges/raden
Ophalen/brengen in G16 gremia door leden CRT
Bespreking achterban in subregio
Integrale contractregieteam per segment schrijft voorstel t.b.v. besluiten rondom verwerving inhoudelijke beleidswerkgroepen
Stuurgroep bespreking 1 maal per 6 weken voortgang en sturing op de verwervingen ter advisering aan centrumgemeente + portefeuilleverdeling
Stuurgroep
Programmagroep
Regio-coördinator, coördinator inkoop, BVO en Toegang, 6 regiobeleidsmedewerkers
18
Team verwervingen
Bespreking achterban in subregio Programmagroep toetst integraliteit en monitort voortgang verwervingen
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
19
3.2 Verwervingen Om de doelen te bereiken is het nodig om de jeugdzorg te verwerven 5 en die in partnerschap en vertrouwen met de betrokken stakeholders vorm te geven. De verwerving voeren we gezamenlijk met alle 16 gemeenten uit, m.u.v. de ambulante jeugdhulp. Gemeenten Heerlen, Voerendaal en Landgraaf kopen dit apart in. Hieronder wordt ingegaan op de regionaal verworven jeugdzorg. Bij de verwerving hebben de 16 gemeenten de volgende uitgangspunten gesteld: 1. De jeugdige is ons vertrekpunt 2. Bewerkstelligen van een wezenlijke transformatie 3. Lokaal wat kan, regionaal wat moet 4. Partnership met partijen uit het veld 5. Verlagen van de kosten 6. Reële tarieven voor de jeugdhulp 7. Keuzevrijheid voor de cliënt (voor zover mogelijk en wenselijk) 8. Een perspectiefgerichte verwerving 9. Minder contractpartijen
van inkoop. Zo zijn de meeste contracten minimaal 3 maanden voor ingangsdatum (1-1-2023) getekend. Verder zijn in Zuid-Limburg langdurige contracten afgesloten om het waardegericht partnerschap te bevorderen. Een totaaloverzicht van alle contracten, inclusief looptijden en schaalniveau is opgenomen in bijlage 2. Ook hebben de gemeenten reële tarieven vastgesteld op basis van een onafhankelijk kostprijsonderzoek.
3.2.2 Inrichtingskeuzes en segmentering Verschillende vormen van jeugdzorg zijn geclusterd op basis van de nodige expertise van de zorgverlener en het doel van de geleverde zorg. Deze clustering noemen we segmentering. In Zuid-Limburg kennen we de volgende segmenten (voor de definities van de segmenten verwijzen wij u naar bijlage 1): • Hoog specialistische jeugdhulp (GIK-J) en het gedwongen kader (GI’s) • Wonen • Ambulant (groep en individueel) 6 • Crisis
3.2.1 Zorgvuldigheidseisen inkoop De Norm voor Opdrachtgeverschap beschrijft zorgvuldigheidseisen waar gemeenten rekening mee dienen te houden gedurende het inkoopproces. Bijvoorbeeld tijdig publiceren en afronden van procedures, meerjarige contracten afsluiten, zorgcontinuïteit borgen bij aflopende contracten en het hanteren van reële tarieven. In de contractering vanaf 2023 hebben gemeenten in Zuid-Limburg waar mogelijk rekening gehouden met de zorgvuldigheidseisen
5
20
Regiovisie op de governance
21
Het verwerven van jeugdzorg en het maken van
Per segment zijn contracten afgesloten, ontwikkeldoelen geformuleerd en contractregieteams samengesteld. Ook is per segment gekozen voor één van de drie uitvoeringsvarianten voor bekostiging die het beste aansluit bij de inhoudelijke (ontwikkel) behoeftes. In de volgende paragraaf gaan we verder in op de contracten.
6
Gemeenten Heerlen, Landgraaf en Voerendaal
contractafspraken gebeurd op meerdere manieren.
hebben ambulante basishulp zelfstandig ingekocht
Bijvoorbeeld door het doorlopen van een inkoop-/
en het samenwerkingsverband JenS voert de
aanbestedingsprocedure en het verlenen van subsidies.
ambulante jeugdhulp voor deze gemeenten uit.
Regiovisie op de governance
3.3.1 Uniformiteit en integraliteit
3.3.2 Sturing door contractregieteams
Regionaal is zoveel als mogelijk uniformiteit binnen de verschillende contracten geborgd. Deze afspraken zijn vastgelegd in diverse contractdocumenten. Het administratie- en controleprotocol bevatten afspraken over hoe om te gaan met het berichtenverkeer en financiële verantwoording. Het programma van eisen beschrijft eisen die gemeenten stellen aan o.a. kwaliteit, dienstverlening en bedrijfsvoering.
Bij het afsluiten van nieuwe contracten in 2023 is gekozen voor een nieuwe inrichting van het contract- en relatiemanagement dat meer aansluit bij de regionale koers op het gebied van samenwerking. We gaan langdurig waardegericht partnerschap aan met onze contractpartners op basis van vertrouwen en transparantie. Dit vraagt aanpassingen in de organisatie van het contractmanagement. Hiertoe behoren alle afspraken over samenwerking, communicatie, overlegstructuren en algehele sturing op contractdoelstellingen.
De afspraken uit de verschillende contractstukken zijn voor een groot deel uniform tussen alle segmenten. Dit geldt ook voor het bijhouden en aanleveren van wachtlijstinformatie. Op het gebied van monitoring zijn eveneens afspraken gemaakt over de segmenten heen, zoals het delen van gegevens volgens het informatieprotocol beleidsinformatie jeugd van het CBS en een basisset Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s). Elke segment kent daarnaast een aantal specifieke KPI’s om de beleidsdoelstellingen te monitoren. Deze KPI’s zijn niet ‘in beton gegoten’ en continu onderwerp van gesprek tussen gemeenten en contractpartners. Zij stellen deze in gezamenlijkheid op.
Het aantal contractpartijen (per segment) neemt af in de regio. Dit maakt het mogelijk om op segment niveau te bouwen aan een nieuwe vorm van integraal contractmanagement. Hiermee stappen we af van de individuele contactmomenten per contract.
Verbinding met de basis- en voorliggende voorzieningen en andere domeinen, zoals WMO en participatie, is geen vrijblijvendheid op basis van contractuele afspraken. Gemeenten verwachten van contractpartners dat zij proactief signaleren en verbindingen leggen als inzet vanuit andere domeinen noodzakelijk is.
Gemeenten vormen per segment een vast, multifunctioneel team van experts die frequent
bij elkaar komen om de voortgang op de KPI’s en de ontwikkelagenda te bespreken, maar ook de problemen, verbeteringen en calamiteiten op te pakken en af te handelen. Deze teams heten contractregieteams. Hiermee voeren we een andere werkwijze in die gebaseerd is op vertrouwen en transparantie, waarmee we weg bewegen van de bestaande afrekencultuur. De contractregieteams houden zicht op beschikbaarheid en zorgcontinuïteit (inclusief wachtlijstbeheer), geven samen met contractpartijen invullingen aan de gezamenlijke ontwikkelagenda’s en sturen op financiële ontwikkelingen. Het continu verbeteren van de kwaliteit van hulpverlening, op basis van gelijkwaardigheid, staat binnen deze teams centraal. De beoogde professionaliseringsslag is schematisch weergegeven in het schema hieronder.
Daarnaast is er per segment een ontwikkelagenda afgesproken. Deze schetsen de transformatie opgaves op de lange termijn die wederzijds commitment en inzet vragen. Contractbeheer en -management is in Zuid-Limburg centraal georganiseerd en op basis van de centrumregeling belegd bij het centrale Inkoopteam Sociaal Domein.
Opdrachtgever(s)
Expert opdrachtgever
22
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
Opdrachtnemers
Samenwerking binnen contractregieteam
Contractmanager / Accountmanager
Expert opdrachtnemer
23
een effect op de in- en uitstroom van het segment wonen. We borgen dit doordat de diverse disciplines in hun overlegvormen de opgehaalde input met elkaar delen. Contractregieteams bestaan uit een vaste groep deelnemers en andere disciplines worden ingevlogen als er ontwikkelopgaves aan de orde zijn die om specifieke expertise vragen. Daarnaast leggen de contractregieteams ook op dezelfde manier verbindingen met aanpalende beleidsterreinen (bijv. maatschappelijke opvang/beschermd wonen).
Experts in het contractregieteam hebben direct contact met hun evenknieën over hun expertisegebied (contractmanagement, financiën, beleid, toegang, communicatie, data) bij de contractpartner(s) en gemeenten in plaats van via een tussenpersoon (de contractmanager). Deelnemers aan het contractregieteam halen en brengen input van en naar het contractregieteam en ook van en naar de achterliggende regionale overleggremia op hun expertisegebied. We sturen erop dat de contractpartners zich op een vergelijkbare manier gaan organiseren als de gemeenten in een samenwerking, zodat er een efficiënt en effectief werkproces ontstaat voor alle partijen.
Het contractregieteam let ook op de eisen die de continuïteit van een organisatie moeten waarborgen. Waardoor dreigende problematiek vroegtijdig wordt gesignaleerd. In Zuid-Limburg hanteren we het landelijk vastgestelde ‘Draaiboek continuïteit jeugdhulp’ bij het monitoren van continuïteitsrisico’s en handelen naar de stappen die hierin beschreven staan (zie onderstaande afbeelding).
Hoewel contractregieteams per segment zijn ingericht, hebben zij ook de taak over de segmenten heen verbindingen te leggen en aandacht te hebben voor onderlinge afhankelijkheden. Zo heeft de kwaliteit van ambulante hulpverlening
Monitoring en signalering
Hoog
Monitoring en signalering
Stappenplan bij faillissement Trede 6 Faillissement Overdrachtsplan Trede 5 Zeer problematisch
3.4 Complexe problematiek Naast sturing vanuit de toegang op de uitvoering en vanuit contractmanagement op de contracten vraagt complexe problematiek ook van de regio een zorgvuldige aanpak. In Zuid-Limburg werken gemeenten en aanbieders sinds 2019 daarom samen in een regionaal expertteam. Het expertteam richt zich op complexe zorgvragen, daar waar de reguliere hulpverlening is vastgelopen en er niet uitkomt. Momenteel bestaat dit expertteam uit de volgende partijen: XONAR, Mondriaan, Koraalgroep, Bureau Jeugdzorg Limburg en de regiogemeenten van Zuid-Limburg. Wanneer wenselijke zorgresultaten uitblijven kan een casus aangedragen worden bij dit team.
Er wordt momenteel onderzocht in hoeverre het mogelijk is de verschillende expertises vanuit het Expertteam, het Interdisciplinair Team van Gesloten en Intensief Klinische Jeugdhulp en het Intaketeam Wonen samen te brengen7. De meest complexe problematiek komt namelijk daar ter sprake en we willen zorgcontinuïteit en beschikbaarheid realiseren voor alle jeugdigen die dat nodig hebben, zonder ze drie keer het verhaal te laten vertellen. Daarnaast neemt de voorzitter van het expertteam Zuid-Limburg deel aan het expertisecentrum Limburg. Het volgende hoofdstuk gaat daar verder op in.
Door middel van een vast werkproces proberen de leden van het expertteam met out-of-the-box oplossingen te komen en brengen zij een advies uit waar gemeenten, aanbieders en cliënten verder mee aan de slag gaan. Het expertteam monitort de bij hen aangedragen casussen. De G16 heeft besloten dat het expertteam mandaat heeft om besluiten te nemen over de inzet van jeugdhulp. Door te werken met een expertteam wordt gegarandeerd dat voor elk kind, ongeacht de complexiteit van de zorgvraag en wachtlijsten bij aanbieders, op korte termijn passende hulp wordt georganiseerd. Het expertteam vergadert tweewekelijks.
Urgentie
Contunuïteitsplan Trede 4 Problematisch Herstelplan Trede 3 Zorgelijk
Lage dreiging
Vroegsignalering Trede 2 Risicovol Monitoring Trede 1 Generiek
7
Lage dreiging
24
Continuïteit
Hoge dreiging
Regiovisie op de governance
Zie voor de definities Interdisciplinair Team Gesloten en Intensief Klinische Jeugdhulp en intake Wonen bijlage 1
Jeugdhulp Zuid-Limburg
25
Bovenregionaal
4
Binnen de provincie Limburg zijn er vier jeugdzorgregio’s. Deze regio’s werken sinds 2015 bovenregionaal op onderdelen samen om informatie uit te wisselen over het jeugdstelsel, samen op te trekken waar passend en bepaalde jeugdvoorzieningen samen te organiseren.
Bovenregionaal
4
4.1 NMZ overleg Het NMZ-overleg, is het Noord-Midden-Zuid Overleg waar de 4 jeugdzorgregio’s in Limburg aan participeren. Dit bestuurlijke overleg wordt twee keer per jaar georganiseerd om onderstaande punten te bespreken: • Stand van zaken Gecertificeerde Instellingen • Stand van zaken bovenregionaal expertisecentrum • Stand van zaken ivm accounthoudende aanbieders • Overige Limburgse ontwikkelingen
Vanuit het bovenregionaal kader willen we de verantwoordelijkheden daar neer leggen waar ze horen, zoveel mogelijk lokaal als dat kan en regionaal/bovenregionaal daar waar dat noodzakelijk is voor de continuïteit en verbetering van zorg voor de jeugdigen. In het kader van het te verwachte wetsvoorstel verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen willen we de bovenregionale taken zoals de Gecertificeerde Instellingen, accounthouderschap zorgaanbieders (waar nodig) en het Bovenregionale Expertisecentrum Jeugd Limburg gezamenlijk vormgeven om de inhoudelijke doelen te bereiken voor de zeer kwetsbare jeugdigen. De inhoudelijke verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de betreffende gemeente/regio dan wel werkgroep, zoals hieronder is beschreven. De afstemming op de inhoud geven we gezamenlijk vorm door middel van deze governance.
De beslissingsbevoegdheid ligt lokaal dan wel regionaal op het gebied van deze onderwerpen. Het doel is afstemmen. Alleen wat betreft het bovenregionaal expertisecentrum en de SPUKvastgoedtransitie ligt de beslissingsbevoegdheid bij de centrumgemeente Roermond. Maandelijks is er daarnaast een ambtelijk afstemmingsoverleg.
NMZ bestuurlijk
4.2 Accounthouderschap zorgaanbieders
Regio’s Noord, Midden-Oost, Midden-West en Zuid (=voorzitter)
In samenwerking hebben VNG en de ministeries J&V, VWS en BGZJ besloten een vorm van Early Warning te ontwikkelen om risico’s op discontinuïteit bij gecertificeerde instellingen en bovenregionale aanbieders in de jeugdzorg te voorkomen. Het doel van het Early Warning (hierna EW) is het bijdragen aan de vroegsignalering en het handelingsperspectief van gemeenten, regio’s en aanbieders in geval van dreigende discontinuïteit van een aanbieder. Het EW vormt de leidraad voor ‘het goede gesprek’ tussen aanbieder en accounthoudende regio8 en zorgt voor een gemeenschappelijke taal over een aantal aspecten van vroegsignalering. Tot slot versterkt het Early Warning het vertrouwen en transparantie tussen gemeenten, zorgaanbieders en GI’s.
NMZ ambtelijk
Regio’s Noord, Midden-Oost, Midden-West en Zuid
Werkgroep Bovenregionaal expertiesecentrum
Werkgroep Gecertificeerde Instellingen
Regio’s Noord, Midden-Oost (=voorzitter), Midden-West en Zuid
Regio’s Noord, Midden-Oost, Midden-West en Zuid(=voorzitter)
In december 2017 heeft de VNG-commissie Jeugd het concept van de accounthoudende regio’s vastgesteld. De accounthoudende regio maakt afspraken (afhankelijk van de afspraken in afstemming met de gemeenten van deze regio) met de aanbieders die aan zijn regio zijn gekoppeld. Daarbij volgen zij het draaiboek continuïteit jeugdhulp dat het ministerie, VNG en de jeugdhulpbranches hebben vastgesteld op 1 juli 2021. Het accounthouderschap van Pactum en de Mutsaersstichting is belegd bij de regio Noord (gemeente Venlo) en het accounthouderschap van Xonar en Mondriaan bij regio Zuid (gemeente Maastricht).
4.3 Accounthouderschap BJZ Limburg Dit betreft het accounthouderschap als deze gecertificeerde instelling Bureau Jeugdzorg (BJZ Limburg) in een slechte financiële positie verkeerd. Landelijk wordt er op dit gebied extra geïnvesteerd vanwege de staat van de Gecertificeerde Instellingen. Daarom is er op landelijke schaal een extra afstemmingsoverleg zowel ambtelijk als bestuurlijk waar de accounthouder aan deelneemt. •
•
Bestuurlijk betreft dit 4 x per jaar een bestuurlijk afstemmingsoverleg met de minister en staatssecretaris. Ambtelijk betreft dit deelname aan het landelijk accounthoudersoverleg met de VNG, dat een aantal keer per jaar plaatsvindt.
Het accounthouderschap voor Bureau Jeugdzorg is neergelegd bij de Jeugdregio Zuid (gemeente Maastricht).
8
Waar hier gesproken wordt over regio, zijn dit bovenregionale accounthoudende regio’s
28
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
29
4.4 Bovenregionaal Expertisecentrum De gemeente Roermond coördineert het Bovenregionaal Expertisecentrum Jeugdhulp Limburg. Er zijn in heel Nederland kinderen en jeugdigen tot 23 jaar die té lang wachten op passende jeugdzorg. Dat kan verschillende oorzaken hebben. Het gaat hierbij regelmatig over zéér kwetsbare kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen tot 23 jaar met complexe en meervoudige, weinig voorkomende problematiek die nu vastlopen in de zorg en niet de juiste hulp krijgen. Acht gemeenten in Nederland realiseren met steun van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een bovenregionaal expertisenetwerk Jeugdhulp in hun landsdeel. Deze expertisenetwerken zijn bedoeld om jeugdigen en ouders die met bovenstaande vragen kampen te helpen. Zij doen dit samen met een aantal regionale expertteams (van elke jeugdzorgregio één) om tijdig passende hulp aan jeugdigen en ouders te bieden en te leren van knelpunten en goede praktijk. De gemeente Roermond heeft deze taakomschrijving vastgelegd in het beleidsdocument: Bovenregionale Expertisecentrum Jeugd Limburg en stelt jaarlijks een jaarplan op welke acties zij gaan ondernemen om hieraan invulling te geven. De gemeente Roermond heeft hiervoor het mandaat.
Gezamenlijk is afgesproken dat het beleidsdocument en de jaarplannen, na het bestuurlijk overleg NMZ en met de achterban, worden vastgesteld door de gemeente Roermond.
30
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
31
Bijlage 1 Definitielijst
Bovenregionaal Expertisenetwerk Nederland telt 8 Bovenregionale Expertisenetwerken Jeugd die voorkomen dat jeugdigen met complexe hulpvragen tussen wal en schip vallen. Vanuit een onafhankelijke positie ondersteunen ze de jeugdhulpregio’s en de regionale expertteams om samen met jeugdigen, ouders, hulpverleners en gemeenten een onvoorwaardelijke oplossing te vinden. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport geeft opdracht en financiert de bovenregionale netwerken. Contractregieteam Multidisciplinaire gemeentelijke teams die komende jaren met gecontracteerde zorgaanbieders sturen op de contractafspraken en het realiseren van de transformatiedoelen. Dit is een vorm van samenwerking gebaseerd op gelijkwaardigheid en partnerschap. Elk segment heeft een eigen contractregieteam. Expertteam Het expertteam bestaat uit professionals van gemeenten, jeugdhulpaanbieders en Bureau Jeugdzorg Limburg. Zij buigen zich over complexe casussen waar medewerkers van gemeenten of jeugdhulpaanbieders, artsen of praktijkondersteuners niet mee verder komen. Dat kan bijvoorbeeld doordat ze tegen wachtlijsten aan lopen of omdat de begeleiding voor de jeugdige niet wordt opgepakt. Het expertteam kan door het samen bespreken van deze casus adviezen geven en zorgen dat hulp alsnog snel van start gaat.
Het expertteam is door de stuurgroep Zuid-Limburg in het leven geroepen en heeft daardoor bevoegdheden om een ‘doorbraak’ te bereiken. Gecertificeerde instellingen Gecertificeerde instellingen (GI’s) worden gecertificeerd om maatregelen in het kader van de jeugdbescherming en jeugdreclassering te mogen uitvoeren. Zij moeten voldoen aan landelijke kwaliteitseisen.
32
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
Gezinsplan Het plan waarin (als hulpmiddel bij 1Gezin, 1Plan, 1Regisseur) heldere afspraken en resultaten, verantwoordelijkheden en regie tussen gemeenten en/of gecertificeerde instellingen en betrokken zorgaanbieders worden vastgelegd. Het Gezinsplan geeft daarmee overzicht aan het gezin en versterkt zo de mogelijkheid van ouders om regie te voeren op hun hulpvraag. Intake Team Wonen (ITW) Wanneer een verwijzer heeft bepaald dat verblijf in segment wonen noodzakelijk is, in combinatie met een wenselijk perspectief, dan meldt deze de jeugdige aan bij het ITW. Hierin kijken de gecontracteerde zorgaanbieder, samen met de procesregisseur, de jeugdige zelf en diens ouders, naar de meest passende plek op basis van het inschatte perspectief en de ondersteuningsbehoefte. Interdisciplinair Team (IT): Het IT bestaat uit vaste experts vanuit zorgaanbieders die samen de toegang tot Gesloten en Intensief Klinische Jeugdhulp (GIK-J) vormgeven. Elke aanmelding voor GIK-J wordt in dit IT besproken met: • de jeugdige en diens ouders/ wettelijke vertegenwoordigers • de vertrouwenspersoon van de jeugdige/het gezin • de verwijzer zijnde procesregisseur (en eventueel de gedragswetenschapper van de verwijzende instantie) • indien van toepassing de reeds betrokken (ambulant) hulpverlener.
Afhankelijk van de hulpvraag van de jeugdige, kan het IT aanvullende expertise vanuit het samenwerkingsverband inroepen vanuit een flexibele schil. Het IT heeft ook als opdracht om ambulante alternatieven ter voorkoming van GIK-J te verkennen.
33
Jeugdigen Kinderen en jongeren tot 18 jaar. Bij jeugdzorg kan het ook gaan om jongeren tot 23 jaar als er sprake is van verlengde jeugdzorg. In onze regio gebruiken we voor deze hele groep de aanduiding jeugdigen. Jeugdhulp Bij hulpvragen over opgroeien en opvoeden van jeugdigen, maar ook bij psychische problematiek of jeugdigen met een (licht) verstandelijke beperking is er jeugdhulp beschikbaar. Dit varieert van begeleidingstrajecten tot intensieve behandeling. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen van een adequaat jeugdhulp aanbod en maken hierover afspraken met gespecialiseerde zorgaanbieders. Jeugdzorg Jeugdzorg is de verzamelnaam voor alle vormen van jeugdhulp, inclusief jeugdbescherming en jeugdreclassering. Jeugdbescherming Jeugdbescherming is dwingend door de rechter opgelegd wanneer een gezonde en veilige ontwikkeling van een jeugdige (ernstig) wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet (voldoende) helpt. Denk aan een onder toezichtstelling, ontzetting uit de ouderlijke macht of ontheffing uit de ouderlijke macht. Gecertificeerde Instellingen voeren jeugdbescherming uit. Jeugdreclassering Jeugdreclassering is bedoeld voor jeugdigen die met de politie of leerplicht in aanraking zijn gekomen en voor wie de rechter een jeugdreclasseringsmaatregel heeft uitgesproken.
Er volgt dan een begeleidingstraject met als doel om, in samenwerking met ouders en netwerk, het gedrag te veranderen en herhaling te voorkomen. Gecertificeerde Instellingen voeren jeugdreclassering uit.
34
Kritische prestatie indicator (KPI) Gemeenten stellen indicatoren vast om te meten of de inhoudelijke beleidsdoelen behaald worden. Hierover gaan zij in gesprek met zorgaanbieders. Een indicator is kritiek als deze van doorslaggevend belang is voor het behalen van de doelstellingen. Ouders indien de term ouders gebruikt wordt dan worden niet alleen de biologische ouders bedoeld maar ook andere personen die de opvoedingstaken/ verantwoordelijkheden voor een jeugdige op zich nemen, zoals pleegouders. Segmenten Verschillende vormen van jeugdzorg zijn geclusterd op basis van de nodige expertise en het beoogde doel. Deze clustering noemen we segmentering. In Zuid-Limburg kennen we de volgende segmenten: 1. Hoog specialistische jeugdhulp (GIK-J) en het gedwongen kader (GI’s) 2. Wonen 3. Ambulant (groep en individueel) 4. Crisis Per segment zijn contracten afgesloten, ontwikkeldoelen geformuleerd en contractregieteams samengesteld. Segment wonen Dit segment gaat over het woonaanbod voor jeugdigen die tijdelijk of langdurig niet thuis kunnen wonen. Wanneer de thuissituatie geen veilige woonomgeving voor de jeugdige vormt, moet er een alternatieve woonvorm gevonden worden. Bijvoorbeeld in een pleeggezin, gezinshuis, leefhuis of begeleid zelfstandig wonen.
Regiovisie op de governance
Segment ambulant Ambulante jeugdhulp gaat over hulp die jeugdigen en hun gezinnen krijgen in hun thuissituatie, op school of een andere plek waar zich (ingewikkelde) hulpvragen voordoen bij het opgroeien en/of opvoeden. Denk bijvoorbeeld aan verschillende vormen van behandeling en begeleiding. Dit kan in groepsverband of individueel worden geboden, en variëren van ’lichte’ ondersteuning tot specialistische hulpverleningstrajecten om een jeugdige thuis te laten wonen. Segment GIK-J Gesloten en intensief klinische jeugdhulp (GIK-J) richt zich op kwetsbare jeugdigen met gedragsen/of psychiatrische problematiek, vaak ook nog in combinatie met een verslaving en/of een verstandelijke beperking. Door de combinatie en zwaarte van problematieken hebben deze jeugdigen zeer gespecialiseerde zorg nodig. De jeugdregio Zuid-Limburg heeft besloten om één opdrachtnemer te contracteren. Deze opdrachtnemer is een samenwerkingsverband van meerdere aanbieders, omdat het zeer specialistische hulpverlening is die niet door één aanbieder kan worden geboden.
Verwerving ‘Verwerven’ is een verzamelterm voor meerdere manieren waarop gemeenten afspraken maken over het afnemen van diensten bij zorgaanbieders. Bijvoorbeeld door middel van subsidiëring of het inkopen van zorg via een aanbestedingstraject. Afhankelijk van de manier van verwerven gelden er andere soorten contracten en worden er verschillende afspraken gemaakt over bijvoorbeeld verantwoording. Waardegericht Partnerschap Omgangsvorm tussen gemeenten en contractpartijen op basis van vertrouwen en gericht op en met erkenning voor elkaars professionaliteit en ervaring. Zorg in Natura Hulp en zorg op basis van de Jeugdwet, welke in natura door de zorgaanbieder is geleverd aan de jeugdige (en diens ouder(s)). Dit is dus exclusief PGB gefinancierde hulp. Zorg in natura wordt rechtstreeks door gemeenten aan zorgaanbieders vergoed.
Segment crisis Wanneer er sprake is van een acute crisissituatie, dan is er ambulante crisishulp of crisisverblijf beschikbaar door het regionale samenwerkingsverband Crisishulp Jeugd Zuid-Limburg. Iedereen werkt samen volgens vaste protocollen en werkafspraken om een crisissituatie zo snel mogelijk op te lossen en/of perspectief te bieden voor vervolghulp. Subregionaal De regio Zuid-Limburg is onderverdeeld in drie subregio’s te weten Maastricht-Heuvelland, Westelijke Mijnstreek en Parkstad.
Jeugdhulp Zuid-Limburg
35
Bijlage 2 Overzicht contracten Zuid-Limburgs en de sturingsmechanismen Soort jeugdzorg
Gecontracteerd per
Looptijd contract
Uitvoeringsvariant (bekostiging)
Toegang
Leveranciersmanagement
Gesloten en Intensief Klinische Jeugdhulp (GIK-J) + Gedwongen kader (Gecertificeerde instellingen)
1-7-2022
• GIK-J: 9,5 jaar (initieel 2,5 jaar, drie keer verlengoptie van 2 jaar, een keer van 1 jaar). • Gedwongen kader: Subsidie GI’s voor 2023 en daarna langdurige subsidierelatie.
• GIK-J: etmaaltarief (inspanningsgericht). • Gedwongen kader: subsidie.
• Alle aanmeldingen voor GIK-J lopen via een regionaal interdisciplinair team, welke screening en intake uitvoeren. Hierbij wordt ook gekeken naar mogelijke alternatieven. • Inzet vanuit het gedwongen kader vindt plaats o.b.v. een rechterlijke uitspraak.
• GIK-J: 1 contractpartij (samenwerkingsverband). • Subsidieovereenkomst met 3 gecertificeerde instellingen.
Wonen
1-1-2023
10 jaar (initieel 4 jaar, twee keer verlengoptie van 3 jaar).
Capaciteitsfinanciering door het jaarlijks inkopen van een ‘beddencapaciteit’ (taakgericht).
(Lokale) Toegang bepaalt samen met jeugdige en gezin dat wonen nodig is en schat het perspectief in. Op regionaal niveau vindt intake plaats met beide contractpartners in een Intaketeam Wonen, waarin gekeken wordt wat de best passende plek is.
2 contractpartijen (samenwerkingsverbanden) die elk alle woonvormen kunnen bieden.
Ambulante jeugdhulp 9
1-1-2023: • Schaarse ambulante jeugdhulp. • Basiscontracten ter overbrugging naar ontwikkelcontracten.
• Schaarse ambulante jeugdhulp: 10 jaar (initieel 2 jaar, twee keer verlengoptie van 4 jaar). • Basiscontracten: 2 jaar. • Ontwikkelcontracten: 10 jaar (initieel 2 jaar, twee keer verlengoptie van 4 jaar).
• Grootste deel o.b.v. arrangementensystematiek (outputgericht). • MKD/KDC o.b.v. dagdeelfinanciering (inspanningsgericht). • Consultatie o.b.v. uurtarief (inspanningsgericht). • Logeren en deeltijd pleegzorg o.b.v. etmaalfinanciering (inspanningsgericht). • De uitvoeringsvariant voor de ontwikkelcontracten is nog niet definitief vastgesteld.
• Praktische inrichting van toegang tot ambulante jeugdhulp is een lokale verantwoordelijkheid, waarbij lokale teams wel werken o.b.v. de vijf landelijke basisfuncties.
1-1-2023: • Schaarse ambulante jeugdhulp: per arrangement verschillende contractpartijen (11 unieke contractpartijen). • Basiscontracten: contractpartners voor begeleiding (11 contractpartijen die alle arrangementen kunnen bieden) en behandeling (3 contractpartijen die alle arrangementen kunnen bieden).
Lumpsum (taakgericht).
Centrale toegang door regionale Crisishulp Jeugd Zuid-Limburg.
1-1-2024: • Ontwikkelcontracten ter vervanging van basiscontracten10.
Crisis
9
1-1-2019
Gemeenten Heerlen, Landgraaf en Voerendaal hebben ambulante basishulp zelfstandig ingekocht
In 2023 met 2 jaar verlengd.
10
1-1-2024: • Maximaal 3 ontwikkelpartners per subregio die alle ambulante basishulp (begeleiding en behandeling) kunnen bieden.
1 contractpartij (samenwerkingsverband die Crisishulp Jeugd Zuid-Limburg uitvoert.
De Ontwikkelcontracten worden regionaal verworven en aangestuurd maar subregionaal ingevuld.
en wordt uitgevoerd voor deze gemeenten door het samenwerkingsverband JenS.
36
Regiovisie op de governance
Jeugdhulp Zuid-Limburg
37
jeugdhulpzuidlimburg.nl