6. Raadsvoorstel Isolatie- en Verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg
Tekst van het document
ADVIES AAN GEMEENTERAAD Zaak Vertrouwelijkheid Afdeling Datum besluit college B&W Portefeuillehouder Financiële consequenties
0965163605/163606 Openbaar Leefomgeving 31 oktober 2023 W.J.H. Schleijpen N.v.t.
ONDERWERP
Isolatie- en Verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg
BESLISPUNT 1. Het regionaal Isolatie- en Verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg (IVP) vast te stellen; 2. Een (regionale) projectorganisatie in te richten voor programmalijn A (ondersteunende activiteiten), minimaal tot 2030; 3. Over te gaan tot uitvoering van het isolatie- en verduurzamingsprogramma conform het groeimodel, te starten met de lopende aanpak in programmalijn B (‘lokale aanpak koopwoningen’) en programmalijn C (‘aanvullende maatregelen energiearmoede’).
OVERLEG GEVOERD MET (ADVIES INGEWONNEN BIJ) Financiën
SAMENVATTING Bij het vaststellen van de Transitievisie Warmte (TVW 1.0) heeft uw raad ingestemd met het uitwerken van een regionaal isolatie- en verduurzamingsprogramma voor de periode tot 2030, met de mogelijkheid tot verlenging tot 2050. Het nu voorliggende programma geeft invulling aan dit besluit. Daarbij wordt maximaal aangesloten op de TVW 2.0 van gemeente Simpelveld, die gelijktijdig ter besluitvorming ligt, en op nationale programmalijnen, waaronder de aanpak energiearmoede en het Nationaal Isolatieprogramma (NIP). Het isolatie- en verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg (hierna: IVP) is in regionaal verband – samen met de Parkstadgemeenten en onder coördinatie van de Stadsregio Parkstad – tot stand gekomen. Eenzelfde voorstel wordt ter besluitvorming aangeboden aan de overige gemeenteraden in Parkstad.
INLEIDING Bij het vaststellen van de Transitievisie Warmte 1.0 (TVW) op 09-12-2021 heeft u ingestemd met het uitwerken van een regionaal isolatie- en verduurzamingsprogramma (IVP) voor de periode tot 2030, met de mogelijkheid tot verlenging tot 2050. Daarbij is afgesproken het IVP bij de vaststelling van de TVW 2.0 aan de gemeenteraad voor te leggen voor akkoord. Verduurzamen van woningen en andere gebouwen is immers een belangrijke stap in de richting van een aardgasvrije gebouwde omgeving. De energiebehoefte wordt direct verminderd, de energierekening daalt, er hoeft minder energie duurzaam te worden opgewekt en – uiteraard – daalt de CO2-uitstoot. Het IVP is een belangrijk instrument in de realisatie van onze
D0965163605/163606
Pagina 1 van 11
verduurzamingsopgave. Daarnaast is het IVP onze bijdrage aan de afspraken en doelstellingen benoemd in het Nationaal Isolatie Programma (NIP) Middels dit voorstel wordt het Isolatie- en Verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg aan uw raad voorgelegd voor akkoord. Een gelijkluidend voorstel zal worden voorgelegd aan de gemeenteraden van de andere Parkstad-gemeenten.
WET- EN REGELGEVING N.v.t.
STRATEGISCHE VISIE / BELEIDSPROGRAMMA Dit voorstel behoort tot beleidsprogramma 7. Volksgezondheid en milieu en heeft relatie met het speerpunt duurzaamheid uit de Strategische visie.
RELATIE MET BESTAAND BELEID / EERDERE VOORSTELLEN Nationaal Klimaatakkoord In 2019 heeft Nederland de internationale klimaatafspraken van Parijs uit 2015 vertaald in een Nederlands Klimaatakkoord. Voor de sector ‘Gebouwde omgeving’ is afgesproken dat de warmtevoorziening van onze 7 miljoen huizen en 1 miljoen gebouwen in Nederland in 2050 volledig CO2-vrij is. Transitievisie Warmte 1.0 De afspraken uit het Klimaatakkoord zijn door gemeenten vertaald naar een Transitievisie Warmte. Met het vaststellen van de TVW 1.0 heeft gemeente Simpelveld de kaders geschept om de volgende stappen te zetten in de warmtetransitie. Hierin hebben zij uitgangspunten voor de warmtetransitie vastgesteld en een eerste beeld gegeven van de potentie van mogelijke aardgasvrije warmtebronnen en -technieken. Ook is afgesproken om een isolatie- en verduurzamingsprogramma in het leven te roepen voor de periode tot 2030, met de mogelijkheid tot verlenging tot 2050. Deze dient aan te sluiten op landelijke middelen en regelingen, zoals het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) en aanpak energiearmoede. Nationaal Isolatieprogramma (NIP) Het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) is erop gericht om 2,5 miljoen woningen te isoleren in de periode tot en met 2030. De nadruk ligt hierbij op de slechtst geïsoleerde woningen. Het programma dient als ondersteuning van mensen bij het nemen van energieb esparende maatregelen.
Als onderdeel van de actielijn ‘lokale aanpak isolatie koopwoningen’ wordt ingezet op isolatie van 750.000 koopwoningen in Nederland onder regie van gemeenten. Gemeenten kunnen in drie tranches, in 2023, 2024 en 2025 middelen krijgen om woningen met de slechtste energielabels (labels D, E, F en G) te verbeteren. Gemeente Simpelveld heeft reeds een aanvraag ingediend en toegewezen gekregen voor de eerste tranche. Hiermee kunnen 153 woningen worden geïsoleerd. Aanpak energiearmoede Het kabinet heeft middelen uitgetrokken voor gemeenten om de huishoudens die het hardst getroffen worden door energiearmoede op korte termijn te ondersteunen met energiebesparende maatregelen. In 2022 en 2023 zijn hiervoor middelen uitgekeerd middels een specifieke uitkering.
D0965163605/163606
Pagina 2 van 11
De einddatum voor de besteding van de middelen energiearmoede is verlengd naar 31 december 2025.
Overige opgaven: Volkshuisvestingsfonds, focusgebieden Regio Deal 2.0 Stadsregio Parkstad Limburg ontvangt een grote bijdrage uit het nationale Volkshuisvestingsfonds om de woonkwaliteit en leefbaarheid van een aantal buurten en wijken te verbeteren en te verduurzamen. In het kader van een integrale gebiedsaanpak streven we om gezamenlijk, dan wel in afstemming tussen gemeenten en woningcorporaties aan de slag te gaan met verduurzaming. Om hierbij zo optimaal mogelijk gebruik te maken van de beschikbare middelen, zal worden verkend waar en hoe de NIP-middelen gestapeld kunnen worden met Volkshuisvestingsfonds-, Regiodeal- en/of andere relevante projecten.
OVERWEGINGEN Inhoudelijke toelichting IVP In samenwerking met de Parkstad-gemeenten is gewerkt aan een regionaal IVP. Dit programma is gericht op het verbeteren van het isolatieniveau en verduurzamen van woningen en gebouwen. Het programma is er ook op gericht dat woning- en gebouweigenaren worden ondersteund bij het realiseren van de besparingsopgave en de transitie naar een aardgasvrije gemeente. Het programma bestaat uit een verzameling van activiteiten en regelingen voor verschillende doelgroepen, verzameld in vier programmalijnen:
Programmalijn A: Ondersteunende activiteiten Programmalijn A omvat ondersteunende activiteiten. Naast de regionale en gemeentelijke aansturing van het gehele programma, gaat het hier om de monitoring van de activiteiten en de voortgang, de inzet van het energieloket WoonWijzerWinkel Limburg, samenwer king met de
D0965163605/163606
Pagina 3 van 11
loketten voor het sociaal domein en het onderzoeken hoe woningisolatie kan worden verenigd met de Wet natuurbescherming. Programmalijn B: Lokale aanpak koopwoningen Deze programmalijn richt zich op een lokale aanpak voor koopwoningen, zowel woningen met een slecht energielabel en een lage WOZ-waarde (de NIP-doelgroep), als alle overige koopwoningen waar nog besparingspotentieel is. Centraal in deze programmalijn staan meerjarige collectieve acties voor inkoop en advies voor energiebesparing en ventilatie. Bewoners worden middels verschillende campagnes geïnformeerd en geactiveerd. Ook zullen een doe-hetzelversaanpak en Vereniging van Eigenaren (VvE)-aanpak nader worden uitgewerkt. Programmalijn C: Aanvullende maatregelen energiearmoede Deze programmalijn is erop gericht om op de lange termijn de energierekening van kwetsbare huishoudens te verlagen. In 2022 en 2023 hebben alle gemeenten in Nederland hiervoor middelen ontvangen die in te zetten zijn tot en met 31 december 2025. Ondersteuning voor inwoners met het risico op energiearmoede vindt plaats door middel van een voucher voor kleine energiebesparende maatregelen en de inzet van energiecoaches. Vanaf 2024 wordt ook ingezet op het treffen van structurele isolerende maatregelen door energiearmoede in plek te geven in de lokale aanpak koopwoningen.
Daarnaast zal gekeken worden naar mogelijke aanvullende maatregelen zoals vouchers voor het waterzijdig inregelen van de centrale verwarming in woningen, e-kookregeling voor de overstap naar elektrisch koken en een witgoedregeling. Programmalijn D: Zakelijke doelgroepen Onder deze programmalijn vallen zakelijke partijen, zoals particuliere verhuurders en eigenaren van maatschappelijk en commercieel vastgoed. Als onderdeel van deze programmalijn wor den deze doelgroepen gestimuleerd om te verduurzamen. Ook is er aandacht voor het opleiden van arbeidskrachten, zoals technisch personeel voor duurzame installaties en energieadviseurs voor erfgoed. Groeimodel Het eerste uitvoeringsprogramma heeft een verwachte looptijd van 2023 tot en met 2026. De focus voor de eerste fase van het IVP is het isoleren van slecht geïsoleerde koopwoningen met een lage WOZ-waarde. Het doel is om zoveel mogelijk koopwoningen te verbeteren conform de landelijke isolatiestandaard. We doen dat waar mogelijk in samenwerking met de woningcorporaties, die een eigen isolatieopgave hebben, en worden daarbij ondersteund door de WoonWijzerWinkel. Het IVP is als “groeimodel” opgezet. Dat wil zeggen dat activiteiten of regelingen na verloop van tijd toegevoegd of beëindigd kunnen worden en dat daardoor meer of andere doelgroepen worden ondersteund bij het nemen van maatregelen.
In onderstaande tabel zijn de activiteiten per programmalijn gevisualiseerd die in de komende periode worden opgepakt en hoe het groeimodel zich in de komende periode naar verwachting zal door ontwikkelen. De intensiteit van de kleur geeft weer of een activiteit in voorbereiding (medium), in uitvoering (hoog) of op dit moment nog onzeker (laag) is.
D0965163605/163606
Pagina 4 van 11
Tabel 1: Activiteiten per programmalijn 2023-2030 2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
A - ondersteunende activiteiten B- Lokale aanpak koopwoningen Particuliere woningen label D-G Doe-Het-Zelf (DHZ) aanpak VvE-aanpak C - Aanvullende maatregelen energiearmoede D - Zakelijke doelgroepen Noot: Vooruitlopend op besluitvorming omtrent het IVP is in het kader van de aanpak energiearmoede en lokale aanpak isolatie al gestart met een aantal activiteiten. In 2026 zal worden besloten of het programma tot 2030 wordt verlengd. Indien de middelen die aan de gemeente ter beschikking worden gesteld in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma (programmalijn B) uiterlijk op 31-12-2026 niet volledig zijn besteed, kan de minister die termijn op gemotiveerd verzoek van het college uiterlijk twee maal met ten hoogste een jaar verlengd worden.
Doel/Beoogd effect Het doel van dit raadsvoorstel is het vaststellen van het IVP. Met het IVP geeft gemeente Simpelveld invulling aan de doelstellingen in de TVW en daarmee aan het Klimaatakkoord. Uitvoering van het IVP leidt tot energiebesparing, een lagere energierekening en CO2-besparing. In het activiteitenprogramma 2023-2026 wordt prioriteit gegeven aan koopwoningen met slechte energielabels (label D, E, F en G) en huishoudens met energiearmoede. Hiermee sluit het IVP aan op het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) en de aanpak energiearmoede om optimaal gebruik te maken van landelijke middelen en regelingen.
Argumenten Ad.1
Energiebesparing is een randvoorwaarde voor aardgasvrije verwarming. Met isoleren blijft je huis warmer met minder energiekosten. Aangezien de verschillende aardgasvrije alternatieven voor verwarmen met aardgas met lagere temperaturen werken, is isolatie in veel gevallen een noodzakelijke tussenstap om de woning met lage temperatuur verwarming tot een comfortabele ruimtetemperatuur te kunnen verwarmen. Inzet is om alle woningen in Parkstad op de nationale standaard voor woningisolatie te brengen, waarmee zij goed genoeg geïsoleerd zijn om aardgasvrij te worden. Het programma dient als ondersteuning van mensen bij het nemen van energiebesparende maatregelen in de vorm van advies en/of financiële ondersteuning. Dit sluit aan bij de wens van inwoners uit de bewonersenquête, waarin zij aangeven behoefte te hebben aan een ‘betaalbare, duurzame en comfortabele’ woning.
Ad. 2
Stadsregio Parkstad en de zeven Parkstadgemeenten werken reeds geruime tijd intensief samen aan de opgaven rondom de energie- en warmtetransitie. Zonder projectorganisatie kan onvoldoende sturing en uitvoering gegeven worden aan het IVP. Door regionaal samen
D0965163605/163606
Pagina 5 van 11
te werken voorkomen we onnodige bureaucratie, ontlasten we gemeenten, poolen we de beschikbare expertise en dragen we bij aan een efficiënte uitvoering en verdeling van de kosten. In het vervolgtraject worden heldere afspraken gemaakt welke activiteiten op regionaal niveau georganiseerd moeten worden en welke op gemeentelijk niveau.
Ad. 3
Niet alle doelgroepen kunnen prioriteit krijgen, de gemeente moet haar inzet prioriteren. Met de keuzes in de vier programmalijnen wordt de landelijke lijn gevolgd, waarbij geldstromen deels zijn gekoppeld aan specifieke doelgroepen. Het IVP sluit direct aan op het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) om optimaal gebruik te maken van landelijke regelingen. Dat betekent dat prioriteit gegeven wordt aan woningen met slechte energielabels (label D, E, F en G). Ook zijn in het IVP diverse maatregelen voor het bestrijden van energiearmoede ondergebracht, zowel op de korte als op de lange termijn.
Risico’s •
• •
•
•
Het succes van het IVP is voor een groot deel afhankelijk van individuele keuzes en de actiebereidheid van individuele inwoners. Eigenaren van koopwoningen moeten zelf de stap nemen om hun woning te isoleren en verduurzamen. De gemeente ontzorgt hen daarbij waar mogelijk, maar wanneer bewoners niet kunnen of willen meedoen, kan dat betekenen dat de gestelde doelstellingen uit het IVP niet volledig gehaald worden. Indien het gestelde tempo niet wordt behaald, wordt er een extra last gelegd op de periode na 2030, zowel financieel als qua ambtelijke organisatie. Ook zal dan de verwachte CO 2 besparing niet worden behaald. Een mix van financiële, juridische en personele knelpunten kan ertoe bijdragen dat de gestelde doelstellingen niet gehaald worden. Voorbeelden hiervan zijn de effecten van stijgende grondstofprijzen, schaarste van materialen, krapte op de arbeidsmarkt (bijv. installateurs) en wet- en regelgeving (bijv. Wet natuurbeheer, gemeentelijke welstandsnota’s). De verantwoordelijke overheden en andere relevante partijen dienen tijdig met elkaar in gesprek te gaan om deze knelpunten waar mogelijk op te lossen. Voor de komende periode zijn door het Rijk middelen ter beschikking gesteld om de activiteiten uit de verschillende programmalijnen vorm te geven.
In de komende periode gaan we daarom vooralsnog van start met de beschikbare middelen in het kader van de ‘lokale aanpak isolatie’ (programmalijn B), aanpak energiearmoede (programmalijn C) en aangekondigde middelen in het kader van de wet natuurbeheer (programmalijn A). Zodra er meer duidelijkheid komt over regelingen en hieraan gekoppelde bedragen, kan pas een inschatting worden gemaakt of en hoeveel additionele gemeentelijke middelen benodigd zijn. De langjarige ontwikkeling is daarmee op dit moment nog onduidelijk. Waar nodig zullen we hier in de verdere uitwerking van het programma in de komende jaren op anticiperen. Indien door één of meerdere gemeenteraden negatief wordt besloten en deze partij(en) daarmee niet deel wensen te nemen aan het regionale IVP, dient de begroting (dekking en kosten) hierop te worden aangepast. Daarbij dienen de kosten voor de regionale projectorganisatie over de resterende gemeenten te worden verdeeld.
OPTIES N.v.t.
D0965163605/163606
Pagina 6 van 11
PERSONELE ASPECTEN Een deel van de werkzaamheden uit het IVP zal worden uitbesteed aan externe partijen. Toch zal de uitvoering van het IVP ook beslag leggen op de capaciteit binnen de ambtelijke organisatie van de gemeente. In het Activiteitenprogramma is op gedetailleerd niveau de benodigde capaciteit binnen de ambtelijke organisatie meegenomen: •
• •
Gelet op de beschikbare capaciteit bij de gemeenten en omvang van het programma gaat het IVP ervan uit dat het programmamanagement regionaal wordt georganiseerd. De programmamanager geeft nadere invulling aan de bovengenoemde programmalijnen en zorgt ervoor dat de activiteiten en regelingen binnen het gestelde budget en planning worden uitgevoerd. Naast de centrale coördinatie vergt het programma 2 à 3 fte aan projectleiderscapac iteit, verdeeld over de vier programmalijnen, met name in programmalijn B. Tot slot is er naar verwachting ca. 1,5 fte aan uitvoeringscapaciteit nodig, met name in het inregelen en toepassen van regelingen, maar ook in communicatiewerkzaamheden en uitvoerende (junior)capaciteit. Deze capaciteit zal grotendeels bij gemeenten en/of uitvoeringspartners georganiseerd moeten worden.
De middelen toegekend vanuit het Rijk mogen tevens worden besteed aan de inzet van ambtelijke capaciteit of de inhuur van externe capaciteit ten behoeve van de uitvoering van het isolatieprogramma. De gemeenten en Stadsregio Parkstad maken nadere afspraken over inzet, financiering en middelen voor deze capaciteit en verdeling van de kosten over de Parkstadgemeenten bij verdere concretisering van de activiteiten binnen de programmalijnen en beschikbare middelen. Indien vanuit gemeenten om aanvullende middelen wordt gevraagd, dan wordt hiervoor een separaat voorstel aan uw raad voorgelegd.
FINANCIËLE ASPECTEN Het IVP start in 2023 en loopt door tot 2030. Het activiteitenprogramma heeft een initiële looptijd van vier jaar en loopt van 2023 tot en met 2026. Het regionaal programma heeft in de eerste periode een (verwachte) dekking van 19,9 miljoen euro. In het programma is een regio nale begroting opgenomen. Inkomsten en investeringen zijn niet per gemeente uitgesplitst. Eventuele wijzigingen in de toekenning van middelen door het Rijk kunnen resulteren in een aangepaste programmabegroting. De dekking van het programma is opgebouwd uit de baten vanuit de NIP-regeling, aangevuld met middelen van de specifieke uitkering energiearmoede. De benodigde capaciteit wordt gedekt uit de ontvangen middelen. Voor verschillende doelgroepen moet de aanpak in de komende jaren worden uitgewerkt. Indien vanuit gemeenten om aanvullende middelen wordt gevraagd voor de uitvoering van specifieke activiteiten, dan wordt hiervoor een separaat voorstel aan uw raad voorgelegd. Niet opgenomen in de begroting van het IVP zijn de CDOKE-middelen (Capaciteit Decentrale Overheden Klimaat- en Energiebeleid) die gemeenten ontvangen voor dekking van de uitvoeringskosten van het Klimaatakkoord. Deze middelen zijn bedoeld om invulling te geven aan de extra uitvoeringstaken die voortkomen uit de nationale afspraken.
De regionale inzet van de CDOKE-middelen kan echter voordelen hebben voor de uitvoering van het IVP, met name met betrekking tot de personele capaciteit. Besluitvorming hieromtrent vindt plaats door de colleges van
D0965163605/163606
Pagina 7 van 11
Met opmerkingen [MB1]: Houden we nog steeds hieraan vast? Omdat we eigenlijk al begonnen zijn met NIP voorbereiding en energiearmoede.
B&W van alle Parkstad-gemeenten. Deze middelen maken verder dan ook geen onderdeel uit van dit voorstel. Verantwoording Bij de besteding van de middelen dient te worden voldaan aan de verantwoordingseisen die vanuit de verschillende regelingen worden gesteld. De verantwoording over de besteding va n dit geld verloopt per gemeente, via de SiSa-methodiek.
AANBESTEDING N.v.t.
COMMUNICATIE Het IVP is bedoeld om alle inwoners van de Parkstad-gemeenten te ondersteunen bij het isoleren van hun woningen en gebouwen. De communicatie over de regelingen en activiteiten uit de verschillende programmalijnen worden op een later moment opgestart, namelijk nadat deze concreet zijn uitgewerkt. Deze maken onderdeel uit van de projectaanpakken. Middels inwonerenquêtes gehouden in alle Parkstad-gemeenten zijn de wensen en behoeftes van inwoners in beeld gebracht. De activiteiten uit het IVP sluiten aan op deze behoeftes. Klankbordgroep Voor het opstellen van het IVP hebben tussen december 2022 en maart 2023 drie bijeenkomsten plaatsgevonden met een klankbordgroep bestaande uit vertegenwoordigers van woningcorporaties, energiecoöperaties, het sociaal domein, WoonWijzerWinkel Limburg en hypotheekadviseurs. De klankbordgroep heeft vanuit haar praktijkkennis en ervaringen waardevolle input geleverd aan de keuzes in het IVP.
EVALUATIE Voor het meten van de effectiviteit wordt een dashboard ingericht om de aanpak continu te kunnen monitoren en waar nodig bij te sturen. Één jaar na start van de uitvoering zal de balans worden opgemaakt, vooruitlopend op een evaluatie in 2026. In 2026 zal op collegeniveau worden besloten of het programma tot en met 2030 wordt verlengd. Dit is mede afhankelijkheid van landelijke ontwikkelingen en besluitvorming omtrent landelijke dekking voor de continuering van dit programma. Regie en coördinatie zal plaatsvinden door de Bestuurscommissie Duurzaamheid van Stadsregio Parkstad Limburg. Waar dit nodig of wenselijk wordt geacht, zal de uitwerking op individuele programmaonderdelen ter besluitvorming worden voorgelegd aan individuele colleges en/of gemeenteraden.
VERVOLG / PLANNING Na positieve besluitvorming door gemeenteraden kan worden gestart met de werving van de benodigde capaciteit (zie ‘personele consequenties’) en vervolgens met het uitwerken van specifieke activiteiten en regelingen. Vooruitlopend op besluitvorming omtrent het IVP, zal in het kader van de ‘lokale aanpak isolatie’ in programmalijn B reeds in 2023 worden gestart met het werven van een regionale projectleider voor de collectieve acties in het kader van de NIP -regeling,
D0965163605/163606
Pagina 8 van 11
zoals besloten in voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 23-05-2023, documentnummer 149588. Regie en coördinatie De ambtelijke organisatie houdt toezicht op de uitvoering van de activiteiten en behaalde resultaten. Hiertoe is een regionale werkgroep ingericht onder regie en coördinatie van Stadsregio Parkstad Limburg. De Bestuurscommissie Duurzaamheid van Stadsregio Parkstad Limburg wordt periodiek geïnformeerd over de voortgang en zal waar nodig bijsturen. Afstemming met individuele gemeenten Individuele gemeenten binnen de samenwerking kunnen bepaalde wensen of randvoorwaarden stellen ten aanzien van de uitvoering van de activiteiten en regelingen. Om deze reden stemt de “programmamanager” praktisch inhoudelijke zaken af met de contactpersoon van de betreffende gemeente. In de meeste gevallen betreft de contactpersoon de beleidsmedewerker duurzaamheid. Stadsregio Parkstad coördineert dit afstemmingsproces en bewaakt daarbij dat de uitvoering van de activiteiten en regelingen hoofdzakelijk uniform van karakter is. Door dit te doen ontstaat er meer controle op de voortgang, de benodigde personele capaciteit en middelen. Bovendien is de achterliggende gedachte dat de activiteiten en regelingen uit het programma gericht zijn op bepaalde doelstellingen of opgaven, die in iedere gemeente spelen en min of meer identiek zijn.
BIJLAGEN 1
163631
D0965163605/163606
Regionaal Isolatie- en Verduurzamingsprogramma
Pagina 9 van 11
BESLISPUNT 1. Het regionaal Isolatie- en Verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg (IVP) vast te stellen; 2. Een (regionale) projectorganisatie in te richten voor programmalijn A (ondersteunende activiteiten), minimaal tot 2030; 3. Over te gaan tot uitvoering van het isolatie- en verduurzamingsprogramma conform het groeimodel, te starten met de lopende aanpak in programmalijn B (‘lokale aanpak koopwoningen’) en programmalijn C (‘aanvullende maatregelen energiearmoede’). Het college van burgemeester en wethouders in Simpelveld, De Interim secretaris,
De burgemeester,
Mevrouw H.F. van Breugel
Mevrouw S.C.J. Scheepers
D0965163605/163606
Pagina 10 van 11
AANBIEDING AAN DE GEMEENTERAAD Aan de raad wordt voorgesteld om: 1. Het regionaal Isolatie- en Verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg (IVP) vast te stellen; 2. Een (regionale) projectorganisatie in te richten voor programmalijn A (ondersteunende activiteiten), minimaal tot 2030; 3. Over te gaan tot uitvoering van het isolatie- en verduurzamingsprogramma conform het groeimodel, te starten met de lopende aanpak in programmalijn B (‘lokale aanpak koopwoningen’) en programmalijn C (‘aanvullende maatregelen energiearmoede’). Simpelveld, 14 december 2023 De griffier,
De voorzitter,
De heer bc. F.G. Simons
Mevrouw S.C.J. Scheepers
D0965163605/163606
Pagina 11 van 11