CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Bijlage 1 Transitievisie Warmte 2.0

Commissie GGZ 30 november 2023, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel Transitievisie Warmte 2.022.029 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

onbekend

Mijnwater

onbekend

MT/LT bronnen MT/LT bronnen

Aquathermie Aquathermie Biomassa Biomassa Biogas Biogas

0

50

100

150

200

250

300

350

400

HT bronnen HT bronnen Hernieuwbare gassen Hernieuwbare gassen

0 voor 50diverse 100warmteoplossingen 150 200 250in Simpelveld 300 350(TJ per 400 jaar).3 Figuur 3.6: Hoeveelheid energie

Figuur 3.6: Hoeveelheid energie voor diverse warmteoplossingen in Simpelveld (TJ per jaar).3

Simpelveld heeft nauwelijks bronpotentie voor een hoge temperatuur warmtenet. Er is wel enige Simpelveld nauwelijks op bronpotentie voor een maar hoge er temperatuur warmtenet.die Erzich is wel enige energie voorheeft een warmtenet lagere temperatuur, is weinig bebouwing daarvoor energie voor een zijn warmtenet op lagere temperatuur, maarmogelijk. er is weinig bebouwing die zich daarvoor leent. Daarnaast individuele (lucht-)warmtepompen Hybride warmtepompen zijn een leent. zijn om individuele (lucht-)warmtepompen mogelijk. Hybride warmtepompen zijn een goede Daarnaast tussenstap, helemaal aardgasvrij te worden is lokaal ook voldoende groengas goede tussenstap, aardgasvrij is lokaal voldoende beschikbaar. Er is dusom eenhelemaal redelijke match tussentede worden beschikbare energieook en de techniekengroengas waar de beschikbaar. is dus een redelijke match tussen de beschikbare energie en de technieken waar de bebouwing in Er Simpelveld zich voor leent. bebouwing in Simpelveld zich voor leent. Biogas maakt een relatief groot deel uit van de mix van bronnen. Dat kan reden zijn om hier als Biogas maakt een relatief deel Bijvoorbeeld uit van de mix bronnen. Dat kan reden om zijn de omproductie hier als gemeente een actieve rol ingroot te nemen. omvan samenwerking te stimuleren gemeente eenmogelijk actieve rol te nemen.

Bijvoorbeeld samenwerking stimuleren productie van biogas te inmaken of door beleid om te ontwikkelen omte te zorgen om dat de biogas dat van biogas mogelijk of doorkomt beleid te de ontwikkelen om te zorgen dat dat biogas dat geproduceerd wordt, te ookmaken beschikbaar voor lokale bebouwing. Let wel andere geproduceerd wordt, ook komt voor de invloed lokale kunnen bebouwing. wel dat andere toepassingen van biogas en beschikbaar de landbouwtransitie nog van zijn opLet deze potentie. toepassingen van biogas en de landbouwtransitie nog van invloed kunnen zijn op deze potentie. Eerder is al genoemd dat er potentie is om aquathermie te benutten voor een cluster van Eerder is al genoemd dat er potentie is om aquathermie te benutten voor een cluster van appartementen in Simpelveld. appartementen in Simpelveld. 70

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

25 25

71

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

4. Omgevingsfactoren en vervolg De volgende fase is om met deze achtergrondinformatie een Transitievisie Warmte 2.0 op te stellen en te bepalen welke projecten de gemeente Simpelveld hiervoor op wil zetten. Daarvoor wordt eerst gekeken welke omgevingsfactoren relevant zijn. Hiertoe zijn kaarten van Simpelveld met zeer uiteenlopende onderwerpen verzameld. Van leeftijden van infrastructuur, tot leefbaarheid en risico op energiearmoede. Ook is gekeken naar de bestaande en geplande projecten in de gemeente.

Eén conclusie is dat Simpelveld een kleine gemeente is. Dat betekent enerzijds dat er weinig buurten of dorpen zijn om tussen te kiezen waar te starten. Zeker voor individuele maatregelen als isolatie en warmtepompen ligt het meer voor de hand om niet te kiezen voor een focuswijk, en een gemeentebrede aanpak op te zetten. Een tweede consequentie van de grootte van de gemeente, is dat Simpelveld op veel terreinen de samenwerking opzoekt met omliggende gemeentes. Dat zal voor de warmtetransitie niet anders zijn. Ook valt op dat deze landelijke gemeente een bijzonder rijk verenigingsleven heeft. Sport, muziek, carnaval en buurtverenigingen zorgen ervoor dat inwoners elkaar goed kennen en gewend zijn om samen te werken. Deze sociale cohesie kan ook een basis vormen voor het uitrollen van isolatiemaatregelen en andere stappen naar aardgasvrij verwarmen. Simpelveld ligt in het Limburgse heuvelland en kent een rijke natuur en cultuurhistorie. Behoud van natuur en het landschap zijn daarom belangrijke waarden.

72

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

27

De volgende fase voor gemeente Simpelveld is om, samen met de andere Parkstadgemeentes, de Transitievisie Warmte 2.0 op te stellen. Als input wordt daarbij naast deze studie ook de TVW 1.0 gebruikt. Ook zullen diverse stakeholders, zoals energiecoöperaties, netbeheerder en inwoners betrokken worden. In de Transitievisie 2.0 komt het volgende te staan: • Een doelstelling voor 2030 en voor 2050. • Een beslissing over de technieken en volgorde. Dit zal nog niet betekenen dat voor elke wijk een definitieve keuze gemaakt wordt welke techniek er komt en in welk jaar dat dan moet gebeuren. Wél kan het betekenen dat bepaalde oplossingen op bepaalde locaties uitgesloten worden, of dat er wijken aangewezen worden waar als eerste gestart wordt om de kansen voor bijvoorbeeld warmtenetten verder te onderzoeken. • Wijken of plangebieden van panden. • Welke regierol de gemeente hierin krijgt en welke rol andere belanghebbenden zullen hebben. • Een (aanzet tot) een actieprogramma voor de periode tot 2030.

73

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

28

74

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

5. Conclusie In de loop van 2022 stelt Simpelveld een Transitievisie Warmte 2.0 vast. Daarin wordt beschreven met welke duurzame technieken en warmtebronnen de gemeente uiterlijk 2050 aardgasvrij wordt en welke acties hiervoor de komende jaren worden opgestart. Deze potentieanalyse vormt achtergrondinformatie voor de TVW 2.0. Er is onderzocht welke duurzame oplossingen technisch mogelijk zijn in Simpelveld. Daarnaast is gekeken naar relevante informatie om te kiezen in welke buurten de uitrol moet starten. In Simpelveld is veel potentie voor (hybride en volledige) warmtepompen en isolatie. Het elektriciteitsnet in Simpelveld moet hiervoor worden verzwaard. Dat is vrijwel overal in Nederland het geval, de lokale situatie is niet afwijkend van het landelijk gemiddelde. Een ander aandachtspunt bij warmtepompen is dat de bodem niet overal geschikt is voor bodemwarmtepompen. In het

buitengebied aan de noordzijde van de gemeente is een verbod omdat daar drinkwater wordt gewonnen en in de oostelijke helft van de gemeente is de bodem technisch minder geschikt voor bodemwarmtepompen. Dat betekent dat in die gebieden vooral luchtwarmtepompen toegepast kunnen worden. De meeste bebouwing in Simpelveld is niet erg geschikt voor collectieve warmtenetten, vanwege de lage bebouwingsdichtheid en kleine kernen. Een mogelijke uitzondering hierop zijn het centrum van Simpelveld en Bocholz zelf. Dit zouden twee relatief kleinschalige netten zijn. Dat maakt het moeilijker om een rendabele businesscase te maken dan bij netten van duizenden woningen. Voor een warmtenet met lage temperatuur is geen potentie. De voornaamste energiebron die lokaal beschikbaar is, betreft groengas. Deze energie kan ook voor diverse andere toepassingen gebruikt worden dan het verwarmen van gebouwen. De gemeente kan een actieve rol in de ontwikkeling van groengas overwegen om de potentie optimaal te benutten en invloed uit te oefenen op voor wie het groengas beschikbaar komt.

75

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

30

76

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

Bronnen 1

Particuliere mijnen in Limburg, Wikipedia https://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/0/05/Concessie_Willem-Sophia.png

2

Onderzoek Witteveen en Bos 2012: 'Toelichting kansenkaarten WKO Limburg’ https://portal.prvlimburg.nl/multimedia/gisviewer_ondergrond/rapport_wko.pdf

3

Warmteatlas https://rvo.b3p.nl/viewer/app/Warmteatlas/v2

4

TNO onderzoek energiearmoede 2021 https://www.tno.nl/nl/over-tno/nieuws/2021/9/tno-brengt-energiearmoede-gedetailleerd-

in-kaart/ 5

Strategiefactsheets, ECW https://expertisecentrumwarmte.nl/themas/de+leidraad/strategiefactsheets/default.aspx

6

Hernieuwbare Energie in Nederland 2020, CBS https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/aanvullende-statistische-diensten/2021/hernieuwbare-

energie-in-nederland-2020/8-biomassa 7

‘Adiabatic Flame Temperatures’, The Engineering ToolBox https://www.engineeringtoolbox.com/adiabatic-flame-temperature-d_996.html

77

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

32

78

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

Bijlagen I

Warmtestrategieën

36

II

Detailoverzicht variabelen in Transitietool Aardgasvrij

45

III Hoge resolutie potentiekaarten

46

IV

Impact warmtetransitie op stroomnet

51

79

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

34

Bijlage I: Warmtestrategieën5 Strategie 1: individuele elektrische warmtepomp Wat is het? De individuele elektrische warmtepomp verwarmt een pand door warmte uit de bodem, ventilatieretourlucht of de buitenlucht te halen. Door slimme technieken kan uit lucht of water van bijvoorbeeld maar 10 graden toch genoeg warmte gehaald worden om te douchen en je huis te verwarmen. Omdat een warmtepomp niet veel

warm water ineens kan maken, is een opslagvat (boiler) nodig om te kunnen douchen. Een warmtepomp verbruikt elektriciteit. Met één kWh elektriciteit kan een warmtepomp 2 tot 5 kWh warmte maken. Het gasnet is niet langer nodig voor panden die van deze oplossing gebruik gaan maken.

Voor welke panden is het geschikt? Een elektrische warmtepomp maakt water op een relatief lage temperatuur (ongeveer 30 tot

maximaal 55 °C). Bij een traditionele cv-ketel wordt het water in de radiatoren tot 90 °C. Een pand moet daarom heel goed geïsoleerd zijn om het voldoende te kunnen verwarmen en moet voorzien worden van speciale radiatoren of van vloerverwarming. De isolatie maakt dat deze oplossing bij matig geïsoleerde woningen vaak duurder is dan alternatieven. Daarom is een warmtepomp vooral geschikt voor nieuwere woningen en oudere woningen die al heel goed geïsoleerd zijn. Omdat met deze technologie warmte uit omgevingslucht en bodem gehaald wordt, kan deze strategie nagenoeg overal toegepast worden, ook daar waar geen warmtebronnen beschikbaar zijn. Dit betekent wel dat het elektriciteitsnet zwaarder belast wordt. Als veel woningen een individuele elektrische warmtepomp krijgen, is verzwaring noodzakelijk. Dit is één van de redenen dat de transitievisie met netbeheerder Enexis wordt afgestemd. Een bijkomend voordeel van de individuele elektrische warmtepomp is dat veel modellen ook kunnen voorzien in de toenemende koudevraag ten gevolge van steeds warmere zomers.

80

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

35

Wat betekent dit voor de gemeente? De individuele elektrische warmtepomp is

een

individuele

oplossing,

huishoudens kunnen onafhankelijk van elkaar

een

warmtepomp

nemen.

Centrale regie is alleen noodzakelijk als de warmtepompen gebruik maken van bodembronnen.

Meerdere

bodembronnen dicht bij elkaar kunnen elkaar

ongewenst

opwarmen

of

afkoelen. Daarom moeten afspraken gemaakt worden als meerdere bronnen bij elkaar in de buurt komen. Warmtepompen ingewikkelder

zijn dan

duurder

en

cv-ketels.

Veel

mensen hebben moeite overzicht te krijgen van alle verschillende bronnen en

technieken.

Onafhankelijke

informatie en praktische hulp bij de keuze kan de drempel verlagen om een warmtepomp aan te schaffen.

81

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

36

Strategie 2/3: warmtenet met HT-, MTof LT-bron Wat is het? Een warmtenet levert collectieve warmte aan meerdere panden. Het is ook wel bekend als stadsverwarming. Afhankelijk van de temperatuur van de bron van het warmtenet zijn er hoge-, lage- of middentemperatuur warmtenetten. Hoe hoger de aanvoertemperatuur is, hoe kleiner de kans dat er aanpassingen nodig zijn aan de

radiatoren

en

isolatie

in

een

woning.

Bij

aanvoertemperaturen lager dan zo’n 60 graden is daarnaast aanvullend een installatie nodig om het risico op legionella in warm tapwater te beheersen. Dit kan bijvoorbeeld een kleine ‘boosterwarmtepomp’ zijn, die het tapwater extra verwarmt. De bron bepaalt de temperatuur. Restwarmte van een elektriciteitscentrale is bijvoorbeeld van hoge temperatuur, terwijl met aquathermie meestal geen temperaturen van meer dan 50 graden gemaakt kunnen worden.

Voor welke panden is het geschikt? Het gasnet wordt bij deze oplossing vervangen door een warmtenet waar warm water doorheen wordt gepompt. Deze leidingen vormen de grootste kostenpost bij deze strategie. Perfect voor deze oplossing lenen zich dus panden die dicht bij elkaar staan (bijvoorbeeld in het centrum van een stad of wijken met hoogbouw). Voor matig geïsoleerde panden is een hoge temperatuurbron nodig, voor nieuwe panden volstaat een lagere temperatuurbron. Daarnaast is deze oplossing eenvoudiger te realiseren als er minder verschillende eigenaren zijn, bijvoorbeeld omdat in de wijk veel bezit is van

een woningcorporatie. Bij een warmtenet is niet of nauwelijks een investering nodig in de gebouwen zelf en hoeven de bewoners ook weinig zelf te regelen: ze worden volledig ontzorgd. Een nadeel voor de bewoners is dat er weinig keuzevrijheid is. Deze oplossing is alleen rendabel als een grote groep woningen min of meer tegelijk op het net aansluit, er is daardoor minder mogelijkheid op een natuurlijk moment (cv-ketel gaat kapot, verhuizing) te wachten. Het is wel mogelijk aan te sluiten op andere werkzaamheden in de openbare ruimte, zoals rioolvervanging of aanpassingen aan het elektriciteitsnet.

82

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

37

Wat betekent dit voor de gemeente? De gemeente heeft een grote rol bij het aanleggen van een warmtenet. Een grote groep gebouwen moet gelijktijdig gemobiliseerd worden. Dit betekent dat centrale sturing onmisbaar is. Daarnaast wordt de gemeente onder de toekomstige Wet Collectieve warmte (Warmtewet 2.0 in de volksmond) de enige aangewezen partij om een warmtekavel formeel toe te wijzen aan een exploitant. Dit gaat middels een aanbesteding. Transparantie over de maatschappelijke kosten en organisatie zijn cruciaal om een warmtenet te laten slagen.

83

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

38

Strategie 4/5: hernieuwbare gassen Wat is het? De minst ingrijpende oplossing voor bewoners is om groengas (S4) of waterstof (S5) in het bestaande gasnetwerk in te voeden. Net als bij aardgas zorgt een cv-ketel voor verwarming en warm water. Voordeel is dat panden niet extra geïsoleerd hoeven te worden om met hernieuwbare gassen verwarmd te worden. Vanuit oogpunt van comfort en woonlasten kan het uiteraard wel wenselijk zijn te isoleren, maar technische noodzaak is er niet. Ook aanpassingen aan de

installatie zijn niet nodig (groengas) of zijn heel beperkt (Waterstof).

Voor welke panden is het geschikt? Groengas is momenteel beperkt beschikbaar, in 2020 was 0,5% van het verbruikte gas in Nederland groengas.6 Waterstof als warmtebron moet zelfs nog ontwikkeld worden. Tot 2030 is deze strategie daarom niet geschikt om toe te passen, anders dan in pilots. Ook daarna zal er naar verwachting niet

genoeg hernieuwbaar gas zijn om op grote schaal gebouwen te verwarmen. Zeer waarschijnlijk zal dit de oplossing worden die leidt tot de hoogste energierekening, omdat hernieuwbare gassen naar verwachting heel duur zullen zijn. Wat is hernieuwbaar gas? (groengas en waterstof) Groengas is een energiedrager die gemaakt wordt door organisch restafval te verwerken tot gas. Deze brandstof haalt hoge temperaturen bij verbranding (1.960 °C7) en is dus ook erg geschikt voor industriële processen. Groengas is vooralsnog echter schaars, en moet dus worden verdeeld onder diverse sectoren. Waterstof is ook een energiedrager met een hoge dichtheid en wordt opgewekt middels een proces genaamd elektrolyse. Bij voorkeur wordt dit proces uitgevoerd met duurzame elektriciteit, maar vooralsnog wordt dit grotendeels gedaan met fossiele energie. Grootschalige, duurzame productie van waterstof staat nog in de kinderschoenen. Net als groengas moet waterstof

verdeeld worden tussen de gebouwde omgeving en andere sectoren.

84

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

39

Hybride strategieën Wat is het? Bij een hybride oplossing worden meerdere warmtebronnen gecombineerd. In de praktijk betekent dit meestal een combinatie van een warmtepomp en een cv-ketel. Een kleine warmtepomp zorgt het grootste deel van het jaar voor verwarming. De cv-ketel levert extra vermogen bij een piek in de warmtevraag. Het voor warm tapwater komt volledig van de cv-ketel. Deze combinatie is (veel) goedkoper dan een volledig elektrische warmtepomp. Bovendien is de oplossing ook toepasbaar in woningen met wat minder goede isolatie. De warmtevoorziening is dan nog niet geheel duurzaam, maar het grootste gedeelte van de tijd wel. Een hybride warmtepomp kan zo’n 50% van het aardgasgebruik reduceren. Daar komt wel elektriciteit voor in de plaats, de CO2 reductie is daarom ongeveer 20%.

Voor welke panden is het geschikt? Dankzij de back-up van de ketel, kan met een hybride installatie vrijwel iedere woning verwarmd worden, een verregaande ingreep aan de woning is niet nodig. De oplossing is het meest rendabel bij panden met redelijke isolatie. Volledig ongeïsoleerde woningen hebben te vaak ondersteuning van de ketel nodig.

85

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

40

Omdat er nog aardgas verbruikt wordt, is op termijn nog een laatste stap nodig naar aardgasvrij. Na 2030 kan het aardgas mogelijk vervangen worden door hernieuwbaar gas, zoals groengas of waterstof. Een andere optie is om op termijn over te stappen op een volledig elektrische warmtepomp. Dat wordt mogelijk doordat extra isolatie is toegevoegd of omdat warmtepompen in de toekomst waarschijnlijk hogere temperaturen kunnen maken. Door de tussenstap van een hybride oplossing kunnen de benodigde kosten en inspanningen over een langere tijd gespreid worden, waardoor de transitie beter beheersbaar wordt en natuurlijke momenten aangegrepen kunnen worden om geleidelijk over te gaan op een duurzame warmteoplossing. Voorbeelden zijn overgaan op elektrisch koken als de gaskookplaat aan vervanging toe is, vloerverwarming aanleggen bij renovatie van de vloer en dakisolatie aanbrengen als het dak gerenoveerd wordt. Ook zullen de kosten voor technologieën als warmtepompen en LT (lage temperatuur)-afgiftesystemen naar verwachting verder afnemen in de tijd. Tot slot levert een

hybride warmtepomp al op korte termijn voordeel, omdat de investering meestal snel kan worden terugverdiend met een lagere energierekening.

Wat betekent dit voor de gemeente? Het gasnet blijft in stand. Net als een individuele elektrische warmtepomp, is dit een oplossing die iedere woningeigenaar zelf kan aanschaffen. De gemeente kan ervoor kiezen deze oplossing aan te moedigen.

86

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

41

Isoleren In alle gevallen is het verstandig om gebouwen te isoleren. Isolatie leidt tot hoger wooncomfort en een lagere energierekening. Bij elke warmtestrategie is isolatie daarom een zinvolle stap. Bij sommige strategieën is een minimale hoeveelheid isolatie ook echt noodzakelijk om technisch haalbaar te worden. Meer

specifiek

is

de

watertemperatuur

van

de

warmteoplossing belangrijk. Een cv-ketel maakt water van 75-90 °C. Een warmtepomp of lage temperatuur warmtenet maakt water van maximaal zo’n 50 °C. Om

de woning dan nog comfortabel warm te houden is veel isolatie nodig. ECW stelt label B als minimum, in de praktijk worden vaak nog hogere eisen geadviseerd. Deze mate van isolatie kan in een bestaande woning niet altijd worden terugverdiend. Daarnaast zijn speciale

Ook bij hybride verwarming is isolatie noodzakelijk. Bij een slecht geïsoleerde woning is ondersteuning van de cvketel te vaak nodig om de warmtepomp nog goed zijn werk te kunnen laten

grote radiatoren of vloerverwarming nodig. Bij strategie

doen.

S1 (individuele elektrische warmtepomp) en S3 (Lage

Anders

temperatuur warmtenet) is dus altijd hoogwaardige isolatie

nodig

als

voorwaarde

om

te

kunnen

dan

bij

lage

temperatuur

oplossingen, is de extra isolatie voor midden-temperatuur

en

hybride

ook

financieel

functioneren.

oplossingen

Ook bij de midden-temperatuur (50 tot 70 graden) is

rendabel om toe te voegen. De exacte

extra isolatie en het plaatsen van grotere radiatoren noodzakelijk. De hoeveelheid warmte die een radiator kan afgeven halveert, als de watertemperatuur daalt van 90 naar 70 °C.

isolatiegraad

vaak

en

het

label

zijn

afhankelijk van de exacte temperatuur en

het

temperatuur

afgiftesysteem. komt

Midden

voor

bij

warmtenetten (S2). Bij hoge temperatuur warmtenetten (S2), bij groen gas (S4) en waterstof (S5), is de isolatie vooral nodig voor comfort en woonlastenbeperking.

87

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

42

Welk energielabel is nodig? Energielabels zijn een maat voor de energiezuinigheid van een gebouw. Een gebouw met goede isolatie, een zuinige ketel of zonnepanelen heeft een goed label. Rondom de warmtetransitie worden energielabels vaak gebruikt als maat voor de hoeveelheid isolatie. Daar is het energielabel echter oorspronkelijk niet voor bedoeld. Een ongeïsoleerd huis met heel veel zonnepanelen kan hetzelfde label halen als een heel goed geïsoleerd huis met een oude geiser en gaskachel. Gebruik

energielabels daarom alleen als grove indicatie van de energiezuinigheid, en niet als meetinstrument voor de isolatie van een individuele woning.

De isolatiestandaard Op 18 maart jongstleden heeft minister Kajsa Ollongren de Tweede Kamer geïnformeerd over een nieuwe ‘Isolatiestandaard’ voor bestaande woningen. Hierin zou voor alle woningen een minimaal isolatieniveau worden opgelegd, dat afhankelijk is van het bouwjaar van de woning. Dit minimale niveau is hoger dan wat nodig is voor strategieën met hoge of midden-temperatuur. Het is nog niet helemaal bekend of en in welke vorm de

isolatiestandaard zal worden verplicht. Wel is al duidelijk dat voor de derde ronde van de proeftuinen aardgasvrije wijken vereist wordt dat woningen aan de standaard voldoen. De verwachting is dat er steeds meer situaties komen waarin isolatie van bestaande woningen door de landelijke overheid geëist wordt.

88

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

43

Bijlage II: Detailoverzicht variabelen in Transitietool Aardgasvrij Tabel II.1: Variabelen in de potentieanalyse.

Het bouwjaar van het pand is grotendeels bepalend voor de kostprijs Bouwjaar om een bepaalde mate van isolatie te kunnen realiseren en de geschiktheid voor specifieke warmtetechnieken. Hoe beter een pand is geïsoleerd, des te kleiner de warmtevraag en des te groter de geschiktheid voor een LT-oplossing. Energielabel is Energielabel hiervoor niet de ideale maat, maar is de enige maat die van bijna alle woningen geschikt is. Warmtevraag

De warmtevraag heeft invloed op de geschiktheid voor HT- of LToplossingen.

De ECW heeft op wijkniveau een inschatting gemaakt van de nationale kosten van iedere oplossing. Dit is een optelsom van de Nationale kosten maatschappelijke kosten en kosten voor de eindgebruiker. Dit geeft een indicatie van de betaalbaarheid in een specifieke wijk. Dichtheid

De adressendichtheid en de warmtedichtheid bepalen of een collectieve oplossing mogelijk is in een gegeven wijk of buurt.

Type eigenaar

Een collectieve oplossing is haalbaarder in wijken met enkele eigenaars (bijvoorbeeld woningcorporaties) dan in wijken met veel pandeigenaars

Sommige strategieën vergen een grote investering van de woningeigenaar, andere oplossing vergen investeringen van andere Investeringspartijen, bijvoorbeeld in infrastructuur. Met deze parameter wordt mogelijkheid meegewogen of inwoners in staat zijn zelf een grote investering op te brengen.

89

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

44

Bijlage III: Hoge resolutie potentiekaarten

Figuur III.1: Potentie voor verschillende warmtestrategieën in Simpelveld gecombineerd.

90

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

45

Figuur III.2: De potentie voor individuele elektrische warmtepompen in de gemeente Simpelveld.

91

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

46

Figuur III.3: De potentie voor midden tot hoog temperatuur warmtenetten in de gemeente Simpelveld.

92

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

47

Figuur III.4: De potentie voor laag temperatuur warmtenetten in de gemeente Simpelveld.

93

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

48

Figuur III.5: De potentie voor hybride warmtepompen in de gemeente Simpelveld.

94

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

49

Bijlage IV: Impact warmtetransitie op stroomnet Onderstaande afbeeldingen komen uit ‘Buurtinzicht’ van netbeheerder Enexis.

Autonome groei van elektrisch vervoer en warmtepompen

50% elektrische warmtepomp

95

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

100% elektrische warmtepomp

50

50% hybride warmtepomp

100% hybride warmtepomp

Warmtenet

96

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 3

51

Bijlage 4

97

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 4

INWONERSONDERZOEK ENERGIEZUINIG EN AARDGASVRIJ WONEN DECEMBER 2022

ALGEMENE BEREIDHEID Drijfveren 57%

Respons Simpelveld

Het verlaagt de energierekening Het is beter voor het milieu/klimaat

wil woning energiezuiniger maken

Belemmeringen

9.039 inwoners

19%

> 16 jaar

Financiële redenen 1. Twijfel of de kosten opwegen tegen de besparingen 2. Te duur 3. Geen geld voor

881 respondenten heeft al een energiezuinige woning

BETROKKENHEID VOOR EIGEN BUURT

COMMUNICATIEWIJZE GEMEENTE

Wanneer de gemeente met een plan voor eigen buurt aan de slag gaat wil:

Top 3 gewenste communicatiewijze gemeente:

82%

43%

98

geïnformeerd worden

hun mening kunnen geven

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 4

22%

actief meedenken of meedoen

500 respondenten hebben contactgegevens achtergelaten

1 Het lokale weekblad

2 Brochures, folders en/of nieuwsbrief

3 Informatiebijeenkomst

KENNISNIVEAU Kennisniveau over het energiezuiniger maken van de woning:

18%

65%

13%

Heeft veel kennis

START BUURTEN Top 3 waar de gemeente als eerste aan de slag moet gaan met energiezuinig en aardgasvrij wonen:

4%

€

Heeft enige kennis Heeft nauwelijks of geen kennis Geen voorkeur / weet ik niet

EIGEN VERWARMINGSSYSTEEM VS. WARMTENET

1 Buurten met woningen met een laag energielabel

2 Buurten met mensen die moeilijk rondkomen

Voorkeuren bij het energiezuiniger en aardgasvrij maken:

10%

66%

Eigen verwarmingssysteem

24%

Geen voorkeur / weet ik niet

INDIVIDUELE VS. COLLECTIEVE AANPAK Voorkeuren bij het energiezuiniger en aardgasvrij maken:

29%

Individuele aanpak

99

ROL & BETROKKENHEID GEMEENTE Top 3 gewenste onderwerpen waarbij de gemeente het beste bij kan helpen of meer over mag informeren:

Warmtenet

47%

3 Buurten met huizen die eenvoudig aangepast kunnen worden

24%

1 Informeren over subsidiemogelijkheden en financiering

2 Informeren over tappen voor eigen woning

Het moment dat men betrokken wil worden bij een plan voor eigen buurt:

71%

24%

5%

Wanneer er plannen gemaakt worden

Collectieve aanpak

Pas zodra er een concreet plan is

Geen voorkeur / weet ik niet

Geen voorkeur / weet ik niet

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 4

3 Maatregelen aanbieden aan bewoners

ISOLERENDE MAATREGELEN EN WARMTE ALTERNATIEVEN Kleine bespaarmaatregelen

Vloerisolatie

82%

65%

Dakisolatie

49%

Muurisolatie

100

31%

26%

Zonneboiler

2%

22%

Hybride warmtepomp

12%

26%

33%

66%

Glasisolatie

Vloerverwarming

14%

28%

38%

2%

2%

26%

7%

Warmtepomp

2%

11%

Airconditioner

7% 7% 1%

Collectief warmtenet

22% Elektrisch koken

21%

Heeft dit (deels) al gedaan

Heeft er nog niet over nagedacht

Heeft concrete plannen / zou dit graag willen

Wilt het niet

Gemeente Simpelveld | Transitievisie Warmte 2.0 | Bijlage 4

2%

2%

46%

31%

21% 41%

30%

27% 43%

29%

26%

22%

35%

1% 14%

42%

23%

26% 17%

43%

57%

26%

8% 9%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=168018af-ec93-4eaa-a521-af684b86b7d1