3. Notulen vergadering Raadscommissie GGZ d.d. 8 februari 2022.pdf
Tekst van het document
Realiseert u zich wat dat aan geluidsoverlast en stank gaat betekenen? En waar gaan/kunnen deze voertuigen parkeren? En wat als de exploitant, om de zaak draaiende te houden, verlenging van de sluitingstijd aanvraagt c.q. moet aanvragen en uw opvolgers dit niet kunnen/willen weigeren? Vanaf dat moment is het hek van de dam. Bruiloften/feesten met live music en polonaise, tot na middernacht. Afsluitend alle feestgangers in goede stemming en met startende, wegrijdende en misschien wel toeterende auto’s naar huis. Wonen en leven in de omliggende huizen (waaronder ons huis), zal door dat alles zeer ernstig verstoord worden. Heel erg. Verschrikkelijk. Jullie, huidige bestuurders, moeten dat nu voorkomen! Geen horeca op deze prachtige plek! Er worden geen verhelderende vragen gesteld. Er wordt overgegaan naar behandeling van het raadsvoorstel. De heer Zwanenburg (S1) heeft verschillende keren gehoord dat bewoners bang zijn voor overlast. Bij Buitenlust, liggend aan de zuidkant van het Vijlenerbos is een soortgelijke situatie. De omvang van het restaurant is ongeveer gelijk aan dat wat bij het Uitkijkpunt Huls gesitueerd wordt, net als het aantal parkeerplaatsen. Bij Buitenlust staan dagelijks rijen auto’s geparkeerd richting het bos en langs de weg, maar daar zijn geen huizen. Het Uitkijkpunt Huls ligt echter in een woonwijk.
Het Uitkijkpunt Huls is prachtig en vergelijkbaar met het Vijlenerbos. Daarom mag aangenomen worden dat dit dezelfde hoeveelheid mensen gaat trekken. De heer Zwanenburg (S1) denkt dat geconstateerd kan worden dat, gezien de bebouwing rondom het Uitkijkpunt Huls, niet dezelfde parkeerruimte is als in het Vijlenerbos. In het Vijlenerbos wordt ook geparkeerd op plekken waar dat niet toegestaan is, maar dat geeft geen overlast voor direct omwonenden. Bij de ingediende zienswijzen wordt bij de inspraakreacties 2 t/m 6 met betrekking tot parkeeroverlast en geluidsoverlast in eerste instantie door de gemeente verwezen naar de CROW-publicatie 317 (kerncijfers parkeren en verkeersgeneratie). Daaruit blijkt dat voor 100 m² bruto vloeroppervlak (bvo) 10 parkeerplaatsen moeten worden gerealiseerd. In het antwoord wordt aangegeven dat het te realiseren restaurant een bvo van 300 m² heeft en dat er 30 parkeerplaatsen worden gesitueerd. Echter de CROW-publicatie 317 dateert uit 2012, maar er is een nieuwe CROW-publicatie 381 die dateert uit 2018. De heer Zwanenburg (S1) verzoekt het college om te controleren of de juiste CROWpublicatie is gebruikt.
Pagina 17 van 29
In de nota van zienswijzen wordt gesteld dat de horeca wordt verkleind van 1.500 m² naar circa 900 m². Het binnen de bestemming horeca opgenomen bouwvlak is verkleind van 1.035 m² naar circa 600 m². De aanduiding van het buitenterras binnen de bestemming horeca is verkleind van circa 600 m² naar 300 m². Als de heer Zwanenburg (S1) dat vertaalt naar het bvo, dan komt hij niet op 300 m², maar op 600 m². Op basis van de oude CROW zou dat betekenen dat er geen 30, maar 60 parkeerplaatsen gerealiseerd zouden moeten worden. De heer Zwanenburg (S1) verzoekt om een toelichting. De heer Zwanenburg (S1) vraagt of horeca nodig is voor de financiering van het plan, met andere woorden of de huurinkomsten die de gemeente genereert van de horeca-exploitant nodig zijn. Bij de eerste bewonersbijeenkomst was het uitgangspunt dat horeca nodig was om het plan financieel rond te krijgen. Later kwam een bijdrage van IBA bij het plan en toen werd gezegd dat horeca niet meer nodig was. Eén van de uitgangspunten is dat toerisme geen doel op zich is, maar een middel. In dit geval is het middel dat dit iets goeds oplevert voor de bewoners van de gemeente. Kijkend naar de horeca-ondernemers in het centrum heeft de heer Zwanenburg (S1) het gevoel dat zij net het hoofd boven water kunnen houden.
Als op een prachtige locatie als het Uitkijkpunt Huls horeca gerealiseerd wordt, wordt een aantal mensen die nu naar het centrum gaan naar deze locatie getrokken, wat betekent dat de druk op de horeca in het centrum nog groter wordt. De heer Zwanenburg (S1) vraagt in hoeverre daarnaar gekeken is. De insprekers gehoord hebbende denkt de heer Zwanenburg (S1) dat omwonenden met hun bezwaren doorgaan tot aan de Raad van State. Er is zoveel emotie bij de omwonenden dat hij zich dat ook kan voorstellen. Dat is frustrerend, ook voor de gemeente, en dat kost geld. Als programmamanager bij de Provincie Limburg heeft hij in een soortgelijke situatie gezeten en toen heeft hij het voorstel gehad of een jurist ingehuurd kon worden die voor beide partijen acceptabel was. De heer Zwanenburg (S1) informeert ernaar of het college erover wil nadenken en ervoor open staat om als overheid een jurist in te huren die voor beide partijen acceptabel is, om zo samen op te trekken in het juridisch traject. Het grote voordeel daarvan is dat beide partijen dezelfde informatie krijgen. Heel vaak blijkt namelijk dat een plan juridisch goed in elkaar zit, waar de heer Zwanenburg (S1) bij dit plan ook van uitgaat.
Als gezamenlijk opgetrokken wordt in een juridisch traject kan veel frustratie weggenomen worden en kan in een vroeg stadium aan bewoners duidelijk gemaakt worden dat het weinig zin heeft om naar de Raad van State te gaan. Op die manier worden kosten, tijd en frustratie bespaard. Volgens de heer Clignet (BB) is in het bestemmingsplan opgenomen dat verruiming van de sluitingstijd niet mogelijk is. Wethouder Schleijpen begrijpt de zorgen van de insprekers goed, maar wat nu feitelijk voorligt is de bestemmingsplanwijziging en niet de discussie over invulling van de plek en het horeca-deel. Over de invulling van de plek en het horeca-deel is uitvoerig gediscussieerd in het voortraject en dat heeft uiteindelijk geleid tot een definitief ontwerp en een positief besluit van de raad op 7 oktober 2021. Uiteraard is het bestemmingsplan leidend voor alles wat toegestaan is op deze locatie. Horeca is dus ook pas mogelijk na vaststelling van het bestemmingsplan. Wethouder Schleijpen licht toe dat het college in het kader van de strategische visie en de toeristische visie deze locatie vooral een substantiële boost wilde geven in de vorm van een prachtig park met daarnaast een horecavoorziening die het aantrekkelijk maakt om er te verblijven. Het is redelijk uitzonderlijk dat in het bestemmingsplan is opgenomen dat uitsluitend daghoreca tot 20.00 uur mogelijk is.
Dat is in dit geval gedaan om een extra borg in te bouwen, zodat het ook bij minder goede resultaten van een mogelijke ondernemer niet mogelijk is om de sluitingstijd te verruimen.
Pagina 18 van 29
Wethouder Schleijpen begrijpt ook dat er onrust is over de mogelijkheid dat de horeca een groot succes wordt, waardoor er op piekmomenten meer dan 30 auto’s zijn om te parkeren. In dat geval kan helaas niet uitgesloten worden dat een aantal auto’s in de directe omgeving geparkeerd wordt. De wethouder wijst erop dat in de St. Remigiusstraat ook nog langsparkeren is, wat dan wellicht soelaas zou kunnen bieden om de parkeerdruk in de omgeving op te vangen. Het restaurant zou inderdaad concurrentie kunnen betekenen voor de bestaande horeca, maar dat geldt voor elke nieuwe vestiging van een horeca-exploitant. Wethouder Schleijpen kan geen antwoord geven op het voorstel om gezamenlijk met bewoners naar de Raad van State te gaan. Dat is een overweging die met het college gedeeld zou moeten worden. Wethouder Schleijpen benadrukt dat de horeca geen sluitstuk is voor de financiering. De horecaexploitant betaalt ook geen huur aan de gemeente, maar staat zelf aan de lat voor het gebouw en het restaurant. De gemeente levert de basisvoorzieningen op het gebied van elektra, riolering, water enz. Vervolgens is het aan de ondernemer om het gebouw te realiseren en te exploiteren. Wethouder Hodinius antwoordt dat de sluitingstijd, zoals wethouder Schleijpen ook al zei, nog eens extra is vastgelegd in het bestemmingsplan (wat ongebruikelijk is) om expansies te voorkomen.
20.00 uur is een harde sluitingstijd. De heer Van de Venne (Aelmans) licht toe dat bij de toelichting van het bestemmingsplan is ingegaan op de CROW-publicatie 317. Hij zegt toe dat nagegaan wordt of in de CROW-publicatie 381 andere kengetallen staan. In het ontwerpbestemmingsplan was een totaalbestemming horecavlak opgenomen van 1.500 m². Daarbinnen was een bouwvlak opgenomen van in totaal 1.035 m² en binnen die 1.035 m² was een bebouwingspercentage van maximaal 300 à 350 m² toegestaan. Dat betekende dat binnen het vlak van 1.035 m² nog behoorlijk geschoven kon worden met de bebouwing. Dat was, ook ten opzichte van de omgeving, onwenselijk. Daarom is gekeken naar de feitelijke plaatsbepaling van het paviljoen en in hoeverre het bouwvlak verkleind kon worden. Naar aanleiding daarvan is het bestemmingsvlak voor de horeca verkleind van 1.500 m² naar 900 m². Binnen het bestemmingsvlak van 900 m² is een bouwvlak opgenomen van maximaal 600 m², waarbij vervolgens middels een bebouwingspercentage in de regels is opgenomen dat ten hoogste het vergelijkbare aantal als in het ontwerpbestemmingsplan aan gebouw kan worden gerealiseerd (het paviljoen en de askist). Vervolgens is in de planregels van het bestemmingsplan opgenomen dat maximaal 300 m² bvo aan horeca aanwezig mag zijn. Er is dus geen sprake van een vergroting van het bvo.
Het vlak wat in het ontwerpbestemmingsplan stond is verkleind, waardoor er minder flexibiliteit is voor wat betreft het verschuiven van het gebouw. Dat is omwille van de ingekomen zienswijzen aangepast. De heer Zwanenburg (S1) merkt op dat het bvo om het binnen-oppervlak gaat en er wordt niet echt onderscheid gemaakt tussen het horeca-deel en het andere deel. Uit het stuk maakt hij op dat het bvo nog steeds 600 m² is en dat zou dan ook bepalend zijn voor het aantal parkeerplaatsen. De heer Van de Venne (Aelmans) licht toe bvo gedefinieerd is en gaat om het bebouwde oppervlak wat gebruikt wordt voor een bepaalde functie. Het oppervlak van de binnenruimte (300 m²) en de buitenruimte (300 m²) zijn communicerende vaten. De definitie is toegevoegd aan de regels van het bestemmingsplan, namelijk ‘het bvo is het vloeroppervlak van de ruimte dan wel van meerdere ruimtes van een vastgoedobject, gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de buitenste opgaande scheidingsconstructie die de desbetreffende ruimtes omhullen’. Dat is een NEN-gehanteerde norm. Het is de heer Zwanenburg (S1) nog steeds niet duidelijk hoe het zit met de parkeerplaatsen.
Pagina 19 van 29
De heer Van de Venne (Aelmans) antwoordt dat de parkeerplaatsen worden gerelateerd aan het bvo. Daar baseren de CROW-kencijfers zich ook op en het bvo is bepaald in het bestemmingsplan. Dat zijn die maximale 300 m². Daarop zijn de standaardnormen van de parkeersystematiek gebaseerd. Dat betekent in dit geval dat voor de 300 m² die maximaal toegestaan zijn aan horeca-oppervlak (op basis van de gehanteerde norm van 10 parkeerplaatsen per 100 m² bvo) 30 parkeerplaatsen nodig zijn. De heer De la Haije (LA) bedankt de insprekers (de heren Grooten, Janssen, Hagenaars en Van der Linden) voor hun inbreng. De gemeente mag trots zijn op zulke bevlogen en betrokken burgers. Over het unieke park is iedereen het met elkaar eens, alleen de horeca is het knelpunt. Er zijn zelden zoveel zienswijzen ingediend als tegen dit plan. Mocht de overlast in welke vorm dan ook, zoals verwoord door de insprekers, toch optreden dan wil Lokaal Actief graag afspreken dat de gemeente daar adequaat op zal reageren. De heer Zwanenburg (S1) vraagt of het college voor de raadsvergadering uitsluitsel kan geven over het eventueel samen met de bewoners het juridisch traject in te gaan. Om te voorkomen dat er een verwachtingspatroon is dat geen recht doet aan de realiteit benadrukt de waarnemend waarnemend burgemeester dat er nu geen sprake is van een juridische procedure.
Als er vragen zijn met betrekking tot de ingediende zienswijzen, dan wordt daar iets van gevonden. Vervolgens zou tot een stap gekomen kunnen worden waarbij sprake is van een juridische procedure. Echter, zo lang daar geen sprake van is en de raad in de raadsvergadering akkoord zou gaan met de gewijzigde bestemming, dan is het (zoals de portefeuillehouder aangaf) vastgesteld en gaat de raad daarmee akkoord. De heer Zwanenburg (S1) denkt in het belang van de omwonenden, maar dan moet wel goed gespecificeerd worden wat de rol van de gemeente als overheid zou moeten zijn in dit verhaal. De waarnemend waarnemend burgemeester wil voorkomen dat er een verwachtingspatroon is dat geen recht doet aan de realiteit. De heer Zwanenburg (S1) antwoordt dat de procedure die de waarnemend waarnemend burgemeester schetst juist is. Daar is geen discussie over. Die procedure is vastgelegd. Vervolgens kunnen burgers een nieuwe procedure starten na vaststelling van het bestemmingsplan. In die situatie zou het handig zijn om samen op te trekken. De vraag is voldoende beantwoord. Samen 1 wacht nu het standpunt van de raad af. ADVISERING Agenderen van het voorstel voor de raadsvergadering - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, Lokaal Actief, CDA en Samen 1 gaan unaniem akkoord met agendering van het voorstel voor de raadsvergadering.
Advisering over het voorstel - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld en Lokaal Actief adviseren positief over het voorstel. - De fracties CDA en Samen 1 onthouden zich van advisering over het voorstel. 9. Raadsvoorstel Afronding en resultaat fase 2 marktconsultatie project Windenergie Parkstad-Zuid De heer Van Kerkvoort (CDA) houdt het volgende betoog. “Aan de hand van een overzicht van enkele vragen die door ons gesteld zijn sinds 1 december 2020, en de antwoorden die wij kregen, proberen wij duidelijk te maken waarom wij nu alweer vragen moeten stellen over de zoekgebieden en hun kansen in het project Windenergie Parkstad-Zuid, want voor ons zijn er enkele zaken nog steeds niet helder. Uit informatie die we zelf verkregen hebben uit verschillende bronnen lijkt er binnen het project zeer ernstige belangenverstrengeling te spelen. Laten we zeggen: ‘Wij van WC-eend adviseren WC-eend’. Tijdens de raadscommissievergadering op 1 december 2020 hebben wij de volgende vragen gesteld: - Hoeveel windmolens moeten er komen? Maximaal 4 tot 8 en bij elkaar gecentraliseerd of verspreid in het gebied? - Zijn de zoekgebieden nog steeds actueel?
Pagina 20 van 29
De antwoorden van het college: - Liefst zo dicht mogelijk bij elkaar vanwege kosten - Ja, de zoekgebieden zijn nog steeds actueel In tweede termijn brachten wij in: In zoekgebied 4E ligt een zonneweide op grondgebied van Kerkrade (Kanttekening: Uit de pers 5-7-2020: Eind 2017 maakte Kerkrade via het bestemmingsplan de komst van zo’n zonnepanelenveld mogelijk) Zoekgebied 1B en 4B zijn reeds bebouwd door Medtronic Ons inziens vallen deze zoekgebieden af. De antwoorden van het college: Zoekgebieden en kansen zijn in een quickscan bekeken door bureau Pondera. In de volgende fase wordt door de specialisten bekeken of plaatsing in de zoekgebieden mogelijk is. Uit dezelfde quickscan van Pondera bleek toen ook al: Voor de zoekgebieden 2, 3, 5 en 6 “beperkte kansen” en “weinig tot geen kansen” De raadsinformatieavond Windenergie Parkstad-Zuid op 7 juni 2021. Bij de inschrijvingen in het kadaster is een wijziging te zien in het perceel betreffende zoekgebied 1. Is bekend wat deze wijziging inhoudt? Het antwoord van de wethouder(s) (o.a. gemeente Heerlen): Daarover is bij ons niets bekend. Wij zullen uw vraag schriftelijk beantwoorden. Omdat een schriftelijk antwoord uitbleef hebben wij telefonisch contact opgenomen met de gemeente Simpelveld.
Op 7 september 2021 (16:21), dus 3 maanden na het stellen van de vraag, kregen wij via een mail van de gemeente Simpelveld het antwoord van de gemeente Heerlen: “Niet duidelijk is welk grondstuk precies bedoeld wordt omdat er geen perceels- of kadastrale gegevens zijn genoemd in uw vraag. Tijdens de raadscommissievergadering op 25 mei 2021 stelden wij enkele vragen over de te verwachten opbrengst van de windturbines. Omdat schijnbaar niet geheel duidelijk was of deze vragen behoorden tot de actielijst grondgebiedzaken of bij het agendapunt RES, ontstond er een discussie of de vragen wel of niet gesteld mochten worden tijdens deze vergadering. De wethouder was zo aardig om de vragen (ook vragen die we niet gesteld hadden) toch zeer uitvoerig te beantwoorden, waarvoor onze dank! De wethouder: “En mocht dadelijk blijken dat het Nationaal Landschap een uitzonderingspositie is en blijft, dan komen de zoekgebieden 1A en 1D niet in beeld. En dat betekent dus dat er aan deze kant van de snelweg geen windmolen komt. Gaat dat heel veel schelen? Nee, want dan heb ik het hemelsbreed misschien over 75 meter en dan staat hij aan de andere kant van de snelweg. Dat is het verhaal. Niet meer en niet minder.” Ons inziens wordt hier gezegd dat de turbines in de zoekgebieden 1A en 1D komen, tenzij het Nationaal Landschap een uitzonderingspositie blijft.
Bij de Algemene beschouwingen op 4 november 2021 hebben wij onze vraag over de kadastrale wijzigingen in zoekgebied 1 nog maar een keer herhaald, deze keer met perceelnummer: Heerlen S899. Deze keer was het antwoord van de portefeuillehouder kort en krachtig: “Dacht u nu werkelijk dat ik alle perceelnummers uit mijn hoofd ken”. Tijdens de raadsinformatieavond op 13 december 2021 waren wij zeer verbaasd over het verhaal dat wij toen te horen kregen. De zoekgebieden die in de beginfase van het project in de quickscan van Pondera bestempeld werden met “beperkte kansen” en “weinig tot geen kansen”, werden nu weer zonder blikken of blozen opgevoerd, zonder enige kwalificatie. Slechts 1 zoekgebied kreeg een kwalificatie: Zoekgebied 1D (aan onze kant van de A76). Het verhaal bij het zoekgebied was nu dat het zoekgebied een terugvaloptie is. Het tegenovergestelde dus van wat wíj op 25 mei gehoord hebben. Ook was te horen dat kleinere turbines tot de mogelijkheden behoren. Volgens ons is er voorheen gerekend met turbines van 3,4 MW, omdat kleinere turbines niet rendabel waren.
Pagina 21 van 29
Inmiddels zijn we ruim een jaar van voorlichting en vragen stellen verder. Zoekgebieden zijn weer of nog steeds actueel, de kwalificaties van zoekgebieden wisselden, windturbines kunnen blijkbaar toch verspreid over het gebied geplaatst worden en de hoogte van turbines wisselt al net zo vaak als de mogelijkheden van de zoekgebieden. Met deze wisselende en tegenstrijdige informatie hebben wij geen vertrouwen in de adviezen die wij voorgelegd krijgen bij de voortgang van het project in de volgende fase. Waar ging het nu zo mis, waardoor ontstond de schimmigheid, waardoor ontstonden de tegenstrijdigheden in de antwoorden? Wij hebben alle vragen en antwoorden nog eens naast elkaar gelegd, en kunnen niet anders dan tot de conclusie komen dat er hier sprake is van ernstige belangenverstrengeling, tenzij de antwoorden op de volgende vragen ons kunnen overtuigen dat dit niet zo is. - Is bij het college bekend dat het onderzoeksbureau, Pondera, dat optreedt als adviseur van de drie gemeenten in het project Windenergie Parkstad-Zuid, ook adviseur is van het bedrijf Statkraft? Statkraft kwam samen met het Coöperatieve Samenwerkingsverband (Heerlen Duurzaam, De Omslag, REScoop Limburg en De Windunie) als best scorende partij uit de bus kwam voor verdere ontwikkeling van plannen.
- Is bij het college bekend dat medewerkers van zowel Pondera Consult als Statkraft in het bestuur van de Nederlandse Windenergie Associatie zitten of zaten tijdens de ontwikkelfase van Windenergie Parkstad-Zuid. - Zoals wellicht bekend bij het college heeft de Raad van State in juni 2021 geoordeeld dat de normen voor windturbines onvoldoende onderbouwd zijn. Heeft het college zich ervan op de hoogte gesteld dat er op 3 februari 2022 om die reden op initiatief van de VVD (Tweede kamer) een online rondetafelgesprek georganiseerd is over mogelijke gezondheidseffecten van verschillende normen voor winturbines en dat de Nederlandse Windenergie Associatie is uitgenodigd om toelichting te geven namens de windsector. U weet wel, die associatie waar medewerkers van zowel Pondera Consult als Statkraft in het bestuur zitten. - Is bij het college bekend dat met name in zoekgebied 1 (voor alle duidelijkheid: kadastraal bekend onder Heerlen S899) een wijziging heeft plaatsgevonden in de inschrijving bij het kadaster betreffende het “Zakelijk recht als bedoeld in artikel 5, lid 3, onder b, van de Belemmeringenwet Privaatrecht op gedeelte van perceel” en dat deze wijziging ingeschreven is op 16 januari 2018. Dat het privaatrecht nu in handen is van Gasunie Transport Services B.V. .
Voor alle duidelijkheid, De Gasunie is volledig in eigendom van de Nederlandse Staat (die zich laat adviseren onder andere door de reeds genoemde instanties) Voor bovenstaande vragen geldt: - Is het college niet op de hoogte van deze zaken, dan zou het CDA graag weten waarom dit niet zo is. Bij een dergelijk project lijkt het de fractie van het grootste belang dat de verhoudingen tussen verschillende partijen onderzocht worden. Als het college wel op de hoogte was, dan vindt het CDA het zeer merkwaardig dat in het kader van open en heldere communicatie de raad hier niet van op de hoogte is gesteld. De heer Van Kerkvoort benadrukt dat het CDA ernstige twijfels heeft bij de onafhankelijkheid van adviesbureau Pondera-consult. Naar aanleiding van het bovenstaande heeft het CDA nog de volgende vragen. - De mogelijke komst van de Einstein Telescoop biedt kansen om de werkgelegenheid in de regio een extra boost te geven. Ook spreken we over een investering in de regio van bijna 1,5 miljard. Mogelijk loopt de komst van dit megaproject gevaar, omdat windturbines en de telescoop niet samengaan. Alleen al de mogelijkheid dat er windturbines in het gebied van de telescoop geplaats worden, kan Europa doen besluiten om de telescoop niet in onze regio te laten bouwen, maar op Sardinië.
Met de verdere ontwikkeling, en de onderzoeken van het project Windenergie Parkstad-Zuid zijn grote bedragen gemoeid. Waarom wordt er gekozen om fase 3 van Windenergie Parkstad-Zuid gelijk te laten lopen met het onderzoek naar, en mogelijk binnenhalen van de Einstein-telescoop voor de regio. Pagina 22 van 29
- Zoals in de derde vraag reeds genoemd wordt er vanuit de Tweede Kamer een onderzoek gestart naar de normen voor het plaatsen van windturbines in het algemeen, en in het bijzonder naar de eventuele gezondheidsrisco’s voor de omgeving. Waarom worden de resultaten van dit onderzoek n niet afgewacht voordat er verder gegaan wordt met de volgende fase van het project Windenergie Parkstad-Zuid. Er zullen extra kosten gemaakt worden, en als aan de hand van de resultaten uit het onderzoek blijkt dat er nieuwe afstandsnormen komen, waardoor zoekgebieden komen te vervallen, kunnen windturbines niet geplaatst worden en zijn de kosten onnodig geweest.” De heer Weijers (S1) stelt de volgende vragen. - Pag.6. ‘Op 30 juni (is er een) interactieve bijeenkomst (geweest) om input op te halen uit de omgeving. Met input van omwonenden tijdens deze bijeenkomsten hebben de initiatiefnemers hun conceptplannen verder uitgewerkt en aangevuld. Op deze manier is de input uit de omgeving meegenomen in de projectvoorstellen’. Kan het college concrete voorbeelden noemen van voorstellen die door omwonenden tijdens deze bijeenkomsten werden voorgedragen en daarna in de plannen verwerkt zijn? - Op pag. 4 staat dat de doelstelling van fase 1 was ‘het verkennen van de technische en ruimtelijke mogelijkheden voor de realisering van windturbines in Parkstad-Zuid’. Op pag.
8 staat vervolgens ‘mocht windenergie niet mogelijk zijn, haalt men de doelstellingen zoals geformuleerd in het klimaatakkoord niet en bestaat het risico dat realisatieverplichtingen worden opgelegd’. Die doelstellingen zijn volgens Samen 1 tegenstrijdig. Als men naar eer en geweten onderzoek heeft gedaan en het blijkt ruimtelijk niet mogelijk, dan kan men vervolgens toch niet alsnog een verplichting op gaan leggen? - Het college geeft aan dat het terugtrekken van één of meerdere raden gezien mag worden als een onvoorziene omstandigheid en dat men op dat moment af mag wijken van de samenwerkingsovereenkomst. Het stond toch al vanaf het begin vast dat het elke deelnemende gemeente er vrij in stond om op enig moment met het project te stoppen. Samen 1 wil graag weten hoe dat dan bestempeld kan worden als onvoorzien en verzoekt om een toelichting. - Er komt steeds meer weerstand vanuit de omwonenden. Die omwonenden beginnen zich inmiddels ook te verenigen. Tijdens de laatste digitale bijeenkomst heeft Samen 1 met vier mensen geprobeerd om vragen te stellen (in totaal 8 vragen), maar er is geen enkele vraag doorgekomen, wat de fractie erg vreemd vindt. Is men nog van plan met de mensen in gesprek te gaan en zo ja, wanneer? - In De Limburger van 29 januari jl.
stond dat windmolens binnen 7 km van het zoekgebied van de Einstein Telescoop niet wenselijk zijn in verband met de trillingen die deze veroorzaken. Dit project valt hierbinnen. Wil de gemeente koste wat kost met dit project doorgaan en daarmee het risico lopen dat onze regio een miljardenproject en . potentiële banen misloopt? - In datzelfde stuk stond dat de gemeentebesturen hier inmiddels gesprekken met de Provincie over gevoerd hebben. Samen 1 vraagt of het college kan toelichten wat uit deze gesprekken naar gekomen is. - Waarom is de Einstein telescoop niet opgenomen bij de kanttekeningen in het raadsvoorstel? De heer Kisters (LS) deelt mee dat Leefbaar Simpelveld net als andere partijen verbaasd is over de brief van de Provincie over de Einstein Telescoop in relatie tot het windenergiegebied, wat vragen oproept. Daarover is gisteren een raadsinformatiebrief ontvangen, waardoor meer duidelijk wordt. Desondanks heeft ook Leefbaar Simpelveld nog een aantal vragen. Het college stelt dat het Nikhef onderzoek parallel kan lopen aan fase 3 van het project windenergie Parkstad-Zuid. Leefbaar Simpelveld wil graag weten in hoeverre het verstandig is om nog meer proceskosten te maken voor dit project voordat bekend is welke gevolgen de Einstein telescoop met zich meebrengt voor de uitwerking van het project windenergie.
Pagina 23 van 29
De heer Kisters (LS) vraagt of de huidige windmolens die op Duits grondgebied staan en ook binnen de straal van 10 km vallen voor wat betreft de Einstein telescoop, geen overlast vormen en of daar al onderzoek naar gedaan is. Tenslotte informeert Leefbaar Simpelveld ernaar of er op dit moment zoekgebieden zijn die buiten de straal van 10 km vallen. Wethouder Schleijpen antwoordt op de vragen van het CDA dat de zoekgebieden 1A en 1D vanaf het begin zijn aangemerkt als ‘gelegen in het nationaal landschap Zuid-Limburg’. Vanaf het begin is ook gezegd dat deze locaties nu nog onmogelijk zijn en dat is nog steeds zo. Eerder is ook gezegd dat deze locaties mogelijk een terugvaloptie kunnen zijn op het moment dat het verdiepingsonderzoek nationaal landschap Zuid-Limburg daar uitsluitsel over heeft gegeven. Provinciale Staten is het bevoegd gezag daarvoor. Het verdiepingsonderzoek had in november jl. opgeleverd moeten worden, maar loopt nog steeds. Bestuurswisselingen enz. bij de Provincie hebben geleid tot vertraging. De wethouder verwacht en hoopt dat het verdiepingsonderzoek in de loop van dit jaar gereed zal zijn. Dan pas zal er meer duidelijkheid zijn over de status van de zoekgebieden 1A en 1D.
Wethouder Schleijpen benadrukt nogmaals dat deze zoekgebieden nu benoemd zijn als terugvaloptie als daar iets mogelijk mocht blijken te zijn en de eventueel beoogde ontwikkelingen op de andere zoekgebieden niet tot ontwikkeling zouden komen. Voor wat betreft de opmerkingen over eventuele belangenverstrengeling van Pondera en Statkraft antwoordt wethouder Schleijpen dat Pondera in een eerdere fase heeft geadviseerd in het kader van de quickscan in opdracht van Parkstad. Dat hoeft niet per definitie te betekenen dat er sprake is van belangenverstrengeling. Het arrest van de Raad van State heeft geleid tot aanvullende regelgeving. Met betrekking tot windenergie is ook gezegd dat gemeentes hun eigen normen mogen vaststellen, mits die in lijn zijn met redelijke normen zoals die in Brussel en door de Rijksoverheid worden gehanteerd. Dat betekent dat niet over 1 nacht ijs gegaan zal worden. Sterker nog, dat noopt juist tot een nog kritischere beoordeling op het gebied van geluid. Nederland kent geen afstandseis tot woningen. Dat is gerelateerd aan de geluidsopbrengst van de turbine en dat wordt vervolgens vertaald in een afstand. Daarom is het ook van belang welke turbine beoogd wordt. Het is aan de initiatiefnemers om dit in het vervolg van fase 3 verder uit te werken en inzichtelijk te maken. De gezondheidsenquête hoeft dat geen beletsel te zijn in de ogen van wethouder Schleijpen.
De resultaten van de enquête kunnen meegenomen worden in fase 3, zeker door de initiatiefnemers. Over de opmerking van het CDA dat een stuk grond verkocht is en het kadasternummer daarvan is vaker gesproken. Zoals eerder gezegd is wethouder Schleijpen niet bekend met kadasterwisselingen die niet op grondgebied van Simpelveld plaatsvinden. Als er wisselingen van eigenaren van percelen in zoekgebieden plaatsvinden, betekent dat ook niet dat een nieuwe eigenaar niet openstaat voor het inbrengen van die gronden in het project. Het één hoeft het ander niet uit te sluiten. De gemeente probeert grondspeculaties altijd voor te zijn, maar heeft niet altijd alles in de hand en alle middelen daartoe. Wethouder Schleijpen deelt mee dat het college onaangenaam verrast werd op 15 december 2021 door de brief van de Provincie over de Einstein telescoop, met name over het voorbehoud/gewag wat gemaakt werd over het gebruik van de Einstein telescoop in het kader van mogelijk schadelijke ontwikkelingen bij Windenergie Parkstad-Zuid. In het gesprek dat op 27 januari jl. heeft plaatsgevonden met de Provincie (waarbij niet alle portefeuillehouders aanwezig waren) heeft de wethouder het ongenoegen hierover kenbaar gemaakt bij de gedeputeerde, zowel over de inhoud als over het moment waarop dit naar buiten gebracht werd. Wethouder Schleijpen verwacht een andere opstelling van de Provincie.
Niet alleen op ambtelijk niveau, maar ook bestuurlijk wordt hier al 2,5 jaar gezamenlijk over gesproken en de gemeente is met medeweten en medewerking van de Provincie onderdeel van de RES.
Pagina 24 van 29
Wethouder Schleijpen vindt het een zwak antwoord van de Provincie dat ze het ook pas wisten op 28 september 2021, want tussen die datum en 3 december 2021 ligt 2,5 maand. Hij begrijpt de gevoeligheid en geheimhouding, maar daar kunnen afspraken over gemaakt worden. Als de gemeenten dit eerder geweten hadden, hadden afspraken gemaakt kunnen worden met initiatiefnemers, bewoners of informatieavonden. Dat was nu niet mogelijk. Er is nu een nieuwe werkelijkheid, namelijk een mooi project in de vorm van de Einstein telescoop is, maar ook in het kader van de Einstein telescoop is nog veel onduidelijk. Er zijn, zoals wellicht bekend, een drietal geïnteresseerden: Sardinië, Zwitserland en Zuid-Limburg. Daarnaast heeft Duitsland heeft zich nu ook gemeld. Het is nog niet duidelijk of er een fonds komt vanuit de landelijke overheid. Om de propositie waar te kunnen maken en gestalte te kunnen geven, moet dat er wel komen. Dat zijn onzekerheden, maar die onzekerheden hoeven niet te leiden tot vertraging bij het project windenergie Parkstad-Zuid. Dat werd ook onderkend door de Provincie. Dat kan en moet gezamenlijk, omdat Nikhef melding heeft gemaakt van mogelijke risico’s. Simpelveld valt met het uiterste puntje net binnen het gebied met de zoekgebieden Dat zouden de zoekgebieden 1A en 1D kunnen zijn, omdat dat de meest zuidelijke plekken zijn.
Er moet dus onderzoek plaatsvinden om op een gefundeerde basis om voldoende inzicht te hebben om tot besluitvorming te komen. Dat onderzoek kan niet zonder de beoogde initiatiefnemers (wat ook door de Provincie onderschreven is), omdat zij de input zullen moeten leveren richting Nikhef over de turbines (type enz.) en dat is weer gevoelige bedrijfsinformatie. Daar moeten dus goede afspraken over gemaakt worden. Wethouder Schleijpen was positief verrast over de opstelling van de beoogde initiatiefnemers, omdat zij met de Einstein telescoop op voorhand niet meteen de ultieme bedreiging zagen, juist vanwege onderzoeken elders. De beoogde initiatiefnemers zagen ruimte en mogelijkheden om met dit project door te gaan. Nikhef staat aan de lat voor de kosten. Het onderzoek levert voor de gemeente dus geen meerkosten op in het kader van proceskosten enz. Fase 3 vindt gelijktijdig met het onderzoek plaats, omdat dat niet anders kan, maar vooral ook om in positie te zijn en te blijven, ook als de Einstein telescoop voorrang zou krijgen. Wethouder Schleijpen is niet tegen de Einstein telescoop, maar als deze voorrang zou krijgen, moet ook gekeken worden wat dat betekent voor de gemaakte proceskosten en de opbrengsten die nu geraamd zijn op circa € 750.000,- in de regio jaarlijks tijdens de exploitatiefase van de windmolens.
Dat betekent ook iets voor het omgevingsfonds, maar ook voor de opgave in het kader van de energietransitie. Wethouder Schleijpen verwijst ernaar dat het college bij de raad steeds steun heeft gekregen. Sterker nog, een opdracht heeft gekregen voor het PALET uitvoeringsprogramma en vervolgens het verzoek om in dat kader onderzoek te doen naar grootschalige opwekking van duurzame energie. Daar was de raad voorstander van. Dat is ook de basis geweest voor dit project in samenwerking met Heerlen en Kerkrade. Wethouder Schleijpen benadrukt dat het onderzoek naar de Einstein telescoop niet eerst afgewacht moet worden, omdat er ook een opgave is in het kader van duurzaamheid. Vanuit de raad heeft de wethouder in het verleden (met name van het CDA) kritiek gekregen dat de gemeente achterliep en dat een tandje bijgezet moest worden. Dit project is één van de resultaten daarvan. Dit is best wel een stevig project. Het vertegenwoordigt 27% van de PALET-doelstellingen in de RES en daarnaast 7,5% van de RES Zuid-Limburg. Als het gaat om grootschalige energieopwekking, gaat dat nooit zonder gevoel, emoties en discussie. Dat begrijpt wethouder Schleijpen ook heel erg goed. Niemand heeft een probleem met duurzame energie, zo lang het maar niet dicht in de eigen omgeving komt. Echter, er is een opgave en daar mag ook niet van weggekeken worden.
Het college heeft hiervoor ook de steun en legitimatie van de raad gekregen.
Pagina 25 van 29
Wethouder Schleijpen is geen klimaatdrammer, maar is ervan overtuigd dat op deze manier niet doorgegaan kan worden. De gemeente heeft een opgave en een verantwoordelijkheid en het is van groot belang dat iets gedaan wordt aan de oorzaak. Het is wel belangrijk dat’ de lusten en de lasten eerlijk verdeeld worden. De gemeente wil niet nog eens het ‘Akense’ model (wel de lasten, maar niet de lusten). In dit project met 3 gemeentes gezamenlijk mag tot nu toe gesproken worden over 1/3 opbrengst op het gebied van energie, 1/3 opbrengst van het omgevingsfonds (ongeacht waar de turbines geplaatst worden) en 90% collectief eigendom in de exploitatiefase. Wethouder Schleijpen verwijst naar de bijeenkomst met inwoners van 30 juni jl. die op initiatief van de initiatiefnemers met de buurt en buurtverenigingen heeft plaatsgevonden. Toen is gecoördineerd geprobeerd om een eerste verkenning te doen en op te halen wat er leeft. De verdieping moet plaatsvinden als fase 3 zijn beslag gaat krijgen. Als aantoonbaar is dat de gemeente genoeg inspanning verricht heeft en vervolgens toch strandt, kan het niet zo zijn dat dan een inpassingsplan wordt opgelegd. Wethouder Schleijpen denkt dat de gemeente zich met deze aanpak, ongeacht de uitkomst, daar niet heel veel zorgen over hoeft te maken. De mogelijkheid dat 1 gemeente afvalt bij het project was er altijd al.
Daarbij is ook steeds gezegd dat het niet zo moet zijn dat 2 andere gemeentes niet door kunnen gaan op het moment dat 1 gemeente afvalt. Als Simpelveld niet door zou gaan met dit project, gaat het project voor Heerlen en Kerkrade wel door, maar heeft Simpelveld alleen de lasten en geen lusten. Dat is geen gewenste situatie. Met betrekking tot de digitale bijeenkomst met een live chat waar 350 mensen aan hebben deelgenomen antwoordt wethouder Schleijpen dat mogelijk niet alle vragen zijn doorkomen, wat begrijpelijk is. Tijdens het webinar is wel toegezegd dat alle vragen beantwoord zouden worden. Als de raad een positief besluit neemt, wordt vanaf nu continue met mensen in gesprek gegaan. Dit is de verdiepingsfase en juist in deze fase is het belangrijk dat mensen in wijken en buurten zoveel mogelijk hierbij betrokken worden en niet meer digitaal als corona dat toelaat. Het is niet bekend of de Duitse molens een beletsel zijn. Wethouder Schleijpen is ook benieuwd hoe daarmee wordt omgegaan. Vanuit de Provincie heeft hij begrepen dat er ook internationaal contacten worden gelegd en gesprekken worden gevoerd. Voor zover bekend liggen alle zoekgebieden buiten de straal van 10 km., behalve het randje van de gebieden 1A en 1D. De heer Weijers (S1) verwijst ernaar dat aanpassing van het nationaal landschap mogelijk in beeld is.
Samen 1 is zeer benieuwd naar de voortgang van de weerstand van omwonenden en natuurlijk naar de ontwikkelingen rondom de Einstein telescoop. De heer Weijers (S1) begrijpt het dilemma, maar blijft zich afvragen of dit niet de fase is om toch even pas op de plaats te maken en een paar gegevens af te wachten, met name wat het CDA zei over mogelijke belangenverstrengeling, maar ook de ontwikkelingen rondom de Einstein telescoop. Samen 1 zou er daarom voor kiezen om tijdelijk pas op de plaats te maken. De heer Van Kerkvoort (CDA) zegt dat het CDA de zoekgebieden nog eens uitvoerig op een rij heeft gezet, omdat er een adviesbureau is (Pondera Consult) dat vanaf het begin adviseert met een quickscan, mogelijkheden, onmogelijkheden, turbines die groter worden, turbines die kleiner worden enz. Het CDA vindt het er sterk op lijken dat Pondera op dit moment adviseert wat voor Statkraft goed uitkomt en ziet daar een ernstig probleem in. Daarnaast zitten Windunie, Gasunie en de Nederlandse Staat bij elkaar voor wat betreft de zoekgebieden en worden ze geadviseerd door de Nederlandse Windenergie Associatie. In het bestuur van de Nederlandse Windenergie Associatie zitten vervolgens weer Pondera en Statkraft.
Pagina 26 van 29
Op andere plekken zijn de ontwikkelingen hier al op gestrand omdat Pondera en Statkraft onder één hoedje spelen. Het CDA vraagt hoe het college hierover denkt. Wethouder Schleijpen antwoordt dat bewoners tijdens de eerste gesprekken zelf zoekgebieden hebben geduid. Het is duidelijk dat dan al snel gekeken wordt naar bedrijventerreinen enz. Daarnaast is er ook nog een opgave op land met Terrawatts. Die opgave, verdeeld over regio’s, impliceert bijv. dat 1 windturbine, 14 ha. aan zonnepanelen moet worden aangelegd. Het is duidelijk dat er een opgave is en met name het CDA heeft eerder erop aangedrongen om daar werk van de maken. Mocht blijken dat zaken in het traject niet in de haak zijn (en daar zal het college alert op zijn) dan zal daarop geacteerd moeten worden. Wethouder Schleijpen heeft nu geen aanleiding om te denken dat dat op voorhand zo is, zoals het CDA suggereert. De wethouder heeft ook enige moeite richting Statkraft en Pondera met de beweringen van het CDA. Een onafhankelijk deskundig panel heeft de aanbeveling gedaan en de biedingen en bedrijven getoetst heeft. Wethouder Schleijpen antwoordt op de opmerking van Samen 1 dat het aan de raad is om een besluit te nemen over pas op de plaats te maken. De wethouder benadrukt nogmaals dat hij van mening is dat niet doorgegaan kan worden op de huidige manier en dat er een opgave ligt.
Dit is de eerste generatie die hiermee te maken krijgt en de laatste die er iets aan kan doen. Alle vormen van energie zijn bespreekbaar, ook kernenergie als dat over 10 jaar een mogelijke oplossing zou zijn, al denkt de wethouder dat ook niemand kernenergie in de buurt wil heb De heer Bours (Wiebenga) voegt hieraan toe dat Pondera sec in het begin de quickscan heeft opgesteld aan de hand van een aantal invalshoeken (geluid, schaduw, natuur, externe veiligheid en infra). Aan de hand daarvan zijn de zoekgebieden ingekaderd en zijn potentiële locaties genoemd. Dat is meegegeven in de eerste ronde en daarvan is gezegd dat dat verder onderzocht moest worden. Dat is ook meegegeven aan de marktpartijen op basis waarvan de projectvoorstellen naar voren zijn gekomen. De waarnemend waarnemend burgemeester merkt op dat het volkomen terecht is wat de heer Bours (Wiebenga) zei. Voor een juiste interpretatie vat hij het volgende samen. Als voor banden die er zijn, de conclusie getrokken wordt dat men bedacht moet zijn (waar de waarnemend burgemeester het volledig mee eens is), moet wel ingezoomd worden op welk potentieel voordeel er zou kunnen zijn gedurende het proces voor de partij waar dat verband ligt.
De waarnemend burgemeester ziet dat verband ook niet, omdat er in eerste instantie een begeleidingstraject was om tot een afbakening te komen, waardoor niet één van de marktpartijen in het voordeel is kunnen komen. Er blijft dus sprake van een gelijk speelveld. Daarom is het lastig om daar nu op te reflecteren vanuit de gemeente en te zeggen dat het niet in de haak is. De gemeente moet daar wel voorzichtig mee zijn. De waarnemend burgemeester ziet zelf ook niet waar het verband zou kunnen liggen. Natuurlijk is er een verband in elkaars verlengde organisatorisch gezien, maar in het proces is het zodanig gedifferentieerd dat de waarnemend burgemeester het voordeel voor een marktpartij niet ziet. Naar aanleiding van de opmerking van Samen 1 om nu te stoppen omdat er anders een probleem is, denkt de waarnemend burgemeester dat het grootste probleem ligt bij de factoren die de portefeuillehouder zojuist heeft benoemd met betrekking tot de Einstein telescoop en andere ontwikkelingen. Het risico ligt met name bij de marktpartij. De waarnemend burgemeester zou het erg dom vinden van de marktpartijen als ze daar geen rekening mee zouden houden. De marktpartijen zeggen dat ze het proces door laten lopen, maar dat ze uiteindelijk wel rekening moeten gaan houden met een aantal factoren, zoals het landschap. De ontwikkelingen rondom de Einstein telescoop liggen ook bij de marktpartijen.
In dat opzicht heeft op de rem gaan trappen geen voordelig of nadelig gevolg voor de partijen. Zij zijn aan zet en dat is in de perceptie heel belangrijk om mee te nemen. De gemeenten zijn niet de initiatiefnemers van windmolens. De gemeenten faciliteren en proberen een dusdanig proces op te stellen met 3 gemeentes om te komen tot een juiste weergave van de opdracht die gesteld is vanuit Parijs doorsijpelend naar het niveau van een gemeente. Pagina 27 van 29
De heer Weijers (S1) zegt dat het klopt wat de waarnemend burgemeester zegt, maar op deze manier blijft de gemeente mogelijk achter de feiten aanlopen. Er wordt nu weer € 72.000,- betaalt voor proceskosten. Op het moment dat dit hele verhaal niet door zou gaan, gaat Samen 1 er wel van uit dat dit soort kosten vergoed worden. Wethouder Schleijpen deelt mee dat dit onderdeel is van de beraadslagingen met de Provincie. Daar is al over gesproken en dat zal moeten blijken op het moment dat dit zich voordoet, zoals hij net heeft aangegeven. De heer Van Kerkvoort (CDA) merkt voor alle duidelijkheid op dat hij gezegd heeft dat dit alle schijn heeft van belangenverstrengeling. Er zijn ook voorbeelden waar Pondera buiten de deur is gezet omdat er wel degelijk sprake was van banden tussen Pondera en Statkraft. Dat was onder andere in Barendrecht. Wethouder Schleijpen neemt hier nota van en zegt toe nog alerter te zijn. ADVISERING Agenderen van het voorstel voor de raadsvergadering - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, Lokaal Actief en Samen 1 gaan akkoord met agendering van het voorstel voor de raadsvergadering. - De fractie CDA is tegen agendering van het voorstel voor de raadsvergadering. Advisering over het voorstel - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld en Lokaal Actief adviseren positief over het voorstel.
- De fractie Samen 1 onthoudt zich van advisering over het voorstel. - De fractie CDA adviseert negatief over het voorstel. 10. Raadsvoorstel Grondstoffenplan 2022-2026 gemeente Simpelveld De heer Zwanenburg (S1) verwijst naar het raadsvoorstel waarin staat dat het grondstoffenplan toegankelijk gemaakt wordt via de website en door berichten via de gemeentelijke media en de pers. Samen 1 verzoekt het college om in die berichtgeving specifiek duidelijk te maken dat de kosten voor de burgers eigenlijk altijd hoger gaan worden. Daar zit een goed en duidelijk verhaal achter, maar het is goed om dat ook kenbaar te maken aan burgers. Er is geconstateerd dat 54% van de herbruikbare afvalstromen nog steeds in het restafval zit. De heer Zwanenburg (S1) verzoekt bewoners in dezelfde berichtgeving erop te attenderen dat ze door een betere scheiding ervoor kunnen zorgen dat de kosten zo min mogelijk stijgen. De heer Zwanenburg (S1) informeert ernaar hoe de kostenstijging zich verhoudt ten opzichte van de regio en de verschillende landen. Wethouder Schleijpen zegt toe dat de opmerkingen van Samen 1 meegenomen worden in de communicatie. Het verhaal blijft dat de kosten stijgen, al is dat minder dan in andere gemeentes. Het is goed om in de communicatie ook mee te nemen dat Simpelveld het heel erg goed doet.
De heer Van Roon (Rd4) licht toe dat de regio het in de landelijke benchmark op alle gebieden (service, kosten enz.) goed doet en bij de top 25% zit. In vergelijking met de regio is de afvalstoffenheffing bijv. Valkenburg en Maastricht 30% hoger dan in Simpelveld. Over het buitenland zijn geen cijfers bekend. ADVISERING Agenderen van het voorstel voor de raadsvergadering - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, Lokaal Actief, CDA en Samen 1 gaan unaniem akkoord met agendering van het voorstel voor de raadsvergadering. Advisering over het voorstel - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld en Lokaal Actief, CDA en Samen 1 adviseren unaniem positief over het voorstel. Pagina 28 van 29
11. Raadsvoorstel Vaststellen bestemmingsplan Schilterstraat Simpelveld De heer Kisters (LS) verwijst ernaar dat in het stuk ook de krimp- en sloopopgave weer ter sprake komt en informeert ernaar hoeveel woningen nog gesloopt moeten worden om te voldoen aan die opgave. Op de tekening van de nieuwe situatie van de bebouwing van de Schilterstraat zijn blauwe contouren zichtbaar, waarvan niet duidelijk is wat hiervan de betekenis is. De heer Kisters (LS) verzoekt om een toelichting. Als laatste vraagt de heer Kisters (LS) of het mogelijk is om ook na te denken over een mogelijke doorsteek vanuit het midden van de straat naar de van der Leyenstraat.’ De heer Zwanenburg (S1) verwijst naar het raadsvoorstel waarin wordt verwezen naar een reactie van de rayonplanoloog van de Provincie en vraagt of de antwoorden die gegeven zijn doorgestuurd kunnen worden naar de raad en commissie. In het stuk wordt verwezen naar een verdeelstaat tussen Krijtland Wonen en de gemeente en dat dit genoemd is in de kostenraming van de begroting. De heer Zwanenburg (S1) heeft dit niet terug kunnen vinden in de stukken en verzoekt hier alsnog om. Wethouder Schleijpen antwoordt dat volgens de laatst bekende cijfers tot 2030 nog 200 woningen moeten worden gesloopt in Simpelveld.
Echter, uit het in voorbereiding zijnde woningbehoefteonderzoek blijkt dat weliswaar sprake zal zijn van zogenaamde krimp, maar dat die krimp minder sterk zal zijn. Daarmee zou de geprognosticeerde krimpopgave van 200 woningen naar beneden kunnen worden bijgesteld. Op de verbeelding worden de huidige kadastrale percelen en objecten middels de dunne blauwe lijnen weergeven. Wethouder Schleijpen licht met betrekking tot een doorsteek vanuit de van der Leyenstraat toe dat dit inderdaad een keer aan de orde is geweest, maar dat er inmiddels ook een omgevingsvergunning ligt (die is verleend op 19 augustus 2019) om op dat perceel een commerciële ruimte met 2 appartementen te realiseren. Dat recht op bouwen betekent dat die doorgang niet mogelijk is, tenzij de vergunninghouder daar afstand van doet en één en ander weer in de verkoop zet. Wethouder Schleijpen zegt toe de door Samen 1 gevraagde gegevens te verstrekken. Agenderen van het voorstel voor de raadsvergadering - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, Lokaal Actief, CDA en Samen 1 gaan unaniem akkoord met agendering van het voorstel voor de raadsvergadering. Advisering over het voorstel - De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld en Lokaal Actief, CDA en Samen 1 adviseren unaniem positief over het voorstel. 12. Sluiting vergadering De voorzitter sluit de vergadering om 23.00 uur.
De griffier,
De voorzitter,
bc. F.G. Simons
R. Erkens
Pagina 29 van 29