CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

14. Bijlage 8 Begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 GR WSP Parkstad_181992

Commissie MID 4 juni 2024, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 2023 en begroting 2025 incl. meerjarenplanning 2026-2028 GR WOZL en GR WSP Parkstad6.703 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Begroting 2025

Meerjarenraming 2026-2028

GR WSP Parkstad

Begroting 2025 GR WSP Parkstad

Goedgekeurd door het Algemeen Bestuur d.d. 22 februari 2024. Vastgesteld door het Algemeen Bestuur d.d. 27 juni 2024.

De Algemeen directeur/ Secretaris F. Dijk

De voorzitter M.E.E. de Beer

2

Leeswijzer Bekijk je dit plan digitaal? Dan kun je hier navigeren

Hier kun je zien in welk hoofdstuk je bent

Download onze app

3

Voorwoord Gepresenteerd wordt de begroting 2025 met meerjarenraming 2026-2028 van de Gemeenschappelijke Regeling Werkgeversservicepunt Parkstad (GR WSP Parkstad). GR WSP Parkstad dient te voorzien in passende werkgelegenheid voor de personen die door de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid-Limburg dan wel individuele deelnemende gemeenten aan haar worden toevertrouwd. Dit doet zij middels het genereren van werkplekken bij derden, werkopdrachten ten behoeve van regionale werkbedrijven (inclusief de voormalige Sw) en trajecten gericht op arbeid re-integratie. Dit betreft een technische begroting welke gebaseerd is op de uitgangspunten conform de 1ste begrotingswijziging 2024. In december 2024 zal er een aanpassing plaatsvinden middels een 1ste begrotingswijziging waarin de ambities uit het Ondernemingsplan 2025 worden vertaald.

In het licht van het vorenstaande heeft WSP Parkstad tot doel: 1. Het invulling geven aan de aan gemeenten (Colleges) op grond van de Participatiewet toegekende wettelijke opdracht ondersteuning te bieden bij de arbeidsinschakeling en ondersteuning bieden aan gemeenten bij het ontwikkelen van een uniform arbeidsmarktbeleid. 2. Het voor de regio realiseren van een optimaal functionerende arbeidsmarkt die zich onder meer manifesteert in een hoge participatiegraad, c.q. het minimaliseren van werkloosheid. 3. Het zijn van een aanspreekpunt voor werkgevers voor arbeidsbemiddeling (werkgeversdienstverlening) in de door de deelnemende gemeenten gevormde regio. 4. Het uitvoering geven aan de voormalige Wet sociale werkvoorziening, exclusief het formele werkgeverschap. WSP Parkstad voert haar werkzaamheden uit voor de gemeenten Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Simpelveld en Voerendaal. Voor 2024 is nog geen nieuw ondernemingsplan vastgesteld voor onze organisatie omdat beleidsmatig en bestuurlijk nog besloten dient te worden over een mogelijke aanpassing van de opdracht voor WSP Parkstad. Dientengevolge is deze begroting, net als de 1ste Begrotingswijziging 2024, nog steeds gebaseerd op de doelstelling geformuleerd in het ondernemingsplan 2023.

WSP Parkstad is het werkgeversservicepunt voor Parkstad en het platform waar alle relevante arbeidsmarktpartijen samenwerken voor een inclusieve en duurzame arbeidsmarkt: • WSP Parkstad zet in op maximale doorstroom en uitstroom van het aantal Sw-medewerkers; • Maximaliseren van uitstroomwinst door maximaliseren duurzame plaatsingen PW; • Maximaliseren van de duur van duurzame plaatsingen Sw; • Digitale ontsluiting van de vraag en het aanbod middels de CompetenSYS omgeving voor Parkstad; • Samen met Ketenpartners kandidaat– en diagnose informatie verder optimaliseren; • Lagere maatschappelijke kosten door besparing op uitkeringen; • Beschutte werkplek voor de doelgroep met de grootste afstand tot de arbeidsmarkt; • Participatielocatie voor leerwerktrajecten en Sw-medewerkers op weg naar een detachering; • Aanjagen en optimaliseren van de ketensamenwerking; • Tegen zo laag mogelijk kosten een toekomstbestendige en professionele uitvoeringsorganisatie waarborgen. Fred Dijk Algemeen directeur/Secretaris

Gert-Jan van Westerveld Directeur dienstverlening

4

Inhoud 1

Samenvatting

5

naar vorige pagina

Uitvoering Participatiewet

 6

 13

naar volgende pagina naar inhoudsopgave

2

3

4

Ontwikkeling subsidie bedrag 2024-2028

Programmaverantwoording

6

Financiële paragraaf

 7

 14

7

Meerjarenraming

 8

23

8

Verbonden partijen

 11

Bijlagen

 24

5

1 Samenvatting 1.1 Uitgangspunten​ De begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 sluiten volledig aan op de uitgangspunten zoals deze zijn opgenomen in de 1ste begrotingswijziging 2024. Er is ten tijde van de opmaak van de begroting (december 2023) geen nieuwe informatie beschikbaar waardoor de baten en lasten wezenlijk zouden moeten wijzigen. ​ Het Algemeen Bestuur heeft de 1ste begrotingswijziging 2024 goedgekeurd op 22 februari 2024. De vaststelling van de 1ste begrotingswijziging 2024 staat geagendeerd voor de bestuursvergadering van 27 juni 2024. ​ De begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 is opgesteld volgens de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). 1.2 Financiën​ De financiering- en algemene dekkingsmiddelen vanuit de deelnemende gemeenten dalen ten opzichte van de 1ste begrotingswijziging 2024 in 2025 van €6.893.000 tot €6.297.000 (daling van €596.000). In 2028 is deze bijdrage gedaald tot €4.317.000. Het nettoresultaat van de verbonden partijen verbetert ten opzichte de 1ste begrotingswijziging 2024 van een verlies van €4.421.000 tot €3.673.000. Het operationeel resultaat verslechtert met €1.282 en het subsidieresultaat verbetert met €2.030.000.

Ontwikkeling financieel resultaat GR WSP 2024 - 2028 1st begr. begroting wijz 2024 2025 Bedrijfsvoering

(bedragen x € 1.000,-)

2026

2027

2028

-113

-114

-117

-119

-121

Verbonden Partijen

-4.421

-3.673

-2.842

-2.284

-1.615

Uitvoering Participatiewet

-2.359

-2.510

-2.533

-2.557

-2.581

Duale Poort Heerlen Financiering- en algemene dekkingsmiddelen Gerealiseerd saldo van baten en lasten

0

0

0

0

0

6.893

6.297

5.492

4.960

4.317

0

0

0

0

0

Figuur 1: Ontwikkeling van de financiële resultaten 2024-2028

Ontwikkeling resultaten van Verbonden Partijen

(bedragen x € 1.000,-)

1st begr. begroting wijz 2024 2025

2026

2027

2028

Personeelskosten Wsw vanuit de GR WOZL

-70.525

-66.127

-60.142

-54.080

-49.585

Subsidies vanuit de GR WOZL

59.064

56.697

53.084

49.263

46.507

Subsidieresultaat

-11.461

-9.431

-7.058

-4.817

-3.078

7.040

5.758

4.216

2.533

1.463

-4.421

-3.673

-2.842

-2.284

-1.615

Operationeel resultaat Netto resultaat Figuur 2: Ontwikkeling van de resultaten van verbonden partijen

6

Ontwikkeling subsidiebedrag 2 2024-2028 Het Ministerie van BZK heeft in 2023 een mei- en septembercirculaire gepubliceerd dat een positief effect heeft op het subsidiebedrag. In de begroting 2025 bedraagt het subsidiebedrag per arbeidsjaar €35.209. In de meicirculaire 2022 bedroeg het subsidiebedrag voor 2025 €32.208. In 2023 is dit bedrag voor 2025 verhoogd met €3.001. Dit bestaat enerzijds uit de compensatie van de stijgende lonen (LPO) en anderzijds wordt er rekening gehouden met een snellere verwachte uitstroom van Wsw'ers. Daarnaast is er in de septembercirculaire 2023 een extra bedrag toegezegd vanwege de bijzondere verhoging van het wettelijke minimumloon voor medewerkers in de Wsw.

Ontwikkeling subsidie per arbeidsjaar

Subsidieontwikkeling

2024

2025

2026

2027

Subsidie cf. mei circulaire 2022

31.350

32.208

33.173

34.229

Ontwikkeling cf. mei en septemberciruclaire 2023 Loonprijsontwikkeling 2.039 Volume-effect 387 wettelijk minumumloon verhoging 484

2.096 421 484

2.160 442 484

2.230 476 484

Subsidiebedrag cf. begroting 2025

35.209

36.259

37.419

34.260

2028

38.357

Figuur 3: Opbouw subsidie per AJ

In figuur 3 is de ontwikkeling van het subsidiebedrag 2024-2028 in cijfers weergegeven.

7

7

3 Programmaverantwoording GR WSP Parkstad

GR WSP Parkstad

Overzicht baten & lasten Rubriek

(bedragen x € 1.000,-)

1ste begr. wijz. 2024

Overzicht baten & lasten Rubriek

begroting 2025

verschil

(bedragen x € 1.000,-)

1ste begr. wijz. 2024

begroting 2025

verschil

Bedrijfsvoering baten

-

-

-

lasten

-113

-114

-1

Financiering en alg. dekkingsmiddelen

-113

-114

-1

Bedrijfsvoering

Resultaat verbonden partijen baten

-

-

-

lasten

-4.421

-3.673

748

-4.421

-3.673

748

113

114

1

Verbonden partijen

4.421

3.673

-748

Uitvoering Participatiewet

2.359

2.510

151

6.893

6.297

-596

Uitvoering Participatiewet (incl. bedrijfsvoering) baten

-

-

-

Vennootschapsbelasting

-

-

-

lasten

-2.359

-2.510

-151

Onvoorzien

-

-

-

-2.359

-2.510

-151

Incidentele baten en lasten

-

-

-

-

-

-

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

-

-

-

Mutaties in reserves

-

-

-

Gerealiseerd resultaat

-

-

-

Duale Poort Heerlen baten

1.067

1.088

21

lasten

-1.067

-1.088

-21

-

-

-

-6.893

-6.297

596

Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen

Figuur 4: Overzicht van baten en lasten GR WSP Parkstad 1/2

Figuur 5: Overzicht van baten en lasten GR WSP Parkstad 2/2

8

Toelichting op het overzicht baten en lasten begroting 2025 Het resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen bedraagt in de begroting 2025 -€6.297.000. 3.1 Bedrijfsvoering In onderstaande tabel staan de baten en lasten weergegeven voor de bedrijfsvoering:

Specificatie baten en lasten

(bedragen x € 1.000,-) 2024

2025

1ste begr. wijz.

begroting

-

0

0

Totaal

0

0

Personeelskosten

63

65

Organisatiekosten

15

12

Accountants- en advieskosten

33

36

Rente en financieringskosten

2

1

Totaal

113

114

Saldo van baten en lasten

113

114

Baten

Lasten

Figuur 6: Specificatie baten en lasten

Het saldo van de rubriek bedrijfsvoering bedraagt -€114.000. Dit tekort wordt gefinancierd door de gemeenten.

3.2 Verbonden partijen Voor 2025 wordt een nettoresultaat verwacht van €3.673.000. Dit bestaat uit een positief operationeel resultaat van €5.758.000 en een negatief subsidieresultaat van €9.431.000. Voor de toelichting op het resultaat wordt verwezen naar de toelichting bij verbonden partijen. 3.3 Uitvoering Participatiewet Het saldo van uitvoering Participatiewet bedraagt €2.510.000. Dit tekort wordt gefinancierd door de gemeenten.Voor de toelichting op het resultaat wordt verwezen naar de toelichting bij de uitvoering Participatiewet.

3.6 Vennootschapsbelasting (bedragen x € 1.000,-)

Financiering- en algemene dekkingsmiddelen 2024

2025

1ste begr. wijz.

begroting

-113

-114

Verbonden Partijen

-4.421

-3.673

Uitvoering Participatiewet

Bedrijfsvoering

-2.359

-2.510

Duale Poort

0

0

Mutaties in reserve

0

0

-6.893

-6.297

Totaal

Figuur 7: Financiering en algemene dekkingsmiddelen

3.4 Duale Poort Heerlen Deze activiteit wordt specifiek in opdracht van de gemeente Heerlen uitgevoerd en de kosten zullen dan ook 1-op-1 worden doorbelast. Voor 2025 worden de lasten begroot op €1.088.000. 3.5 Financiering en algemene dekkingsmiddelen De tekorten bij de GR WSP Parkstad worden volledig gedekt door een bijdrage van de deelnemende gemeenten. In 2025 wordt een bijdrage aan de deelnemende gemeenten gevraagd van €6.297.000. Voor de verdeling per gemeente wordt verwezen naar de bijlage.In de volgende tabel worden de baten per rubriek weergegeven:

De activiteiten binnen de GR WSP Parkstad zijn vrijgesteld van de vennootschapsbelasting en is derhalve nihil. 3.7 Onvoorzien De verwachting voor 2025 is dat er geen onvoorziene activiteiten zullen plaatsvinden. 3.8 Incidentele baten en lasten De verwachting voor 2025 is dat er geen incidentele baten en lasten zullen plaatsvinden. 3.9 Mutaties in reserve De verwachting voor 2025 is dat er geen mutaties in de reserve zullen plaatsvinden. 9

3.10 Gerealiseerd resultaat De verwachting voor 2025 is dat het gerealiseerd resultaat nihil zal zijn. 3.11 Overzicht taakvelden In lijn met de richtlijnen BBV wordt in figuur 8 de baten en lasten per taakveld weergegeven:

Taakvelden Rubriek

(bedragen x € 1.000,-)

1ste begrotingswijziging 2024

begroting 2025

113 -113

114 -114

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

7.847 -7.847

7.271 -7.271

-

-

o.o Bestuur en ondersteuning 0.4 Overhead baten lasten

0.9 Vennootschapsbelasting baten lasten

0.10 Mutaties reserves baten lasten

0.11 Resultaat van de rekening van basten en lasten baten lasten

6.0 Sociaal domein 6.4 Begeleide participatie baten lasten

Figuur 8: Overzicht taakvelden

10

4 Verbonden partijen Begroting 2025

Omschrijving

1ste begrotings wijziging 2024

Begroting 2025

verschil

Externe omzet

19.651

18.303

Interne omzet

0

0

0

Mutatie gereed prod./onderh. werken

0

0

0

19.651

18.303

- 12

- 18

-6

- 114

0

114

Omzetwaarde

Grondstoffenverbruik Uitbesteed werk Inhuur derden t.b.v. van produc tie

- 1.348

- 1.348

0

- 114

- 114

- 126

- 132

-6

19.525

18.171

-1.354

Lonen n- SW

- 6.436

- 6.465

- 29

Opleidingen

- 170

- 150

20

- 40

0

40

- 2.733

- 2.571

162

-3 - 2.903 - 6.479 -9.382

0 -2.721 -6.465 -9.186

3 182 14 195

Verbruik grondstoffen, inhuur, uitbesteed Bruto marge Personeelskosten

Inhuur derden Overige personeelskosten SW Overige personeelskosten n- SW personele kosten SW personele kosten n-SW Totaal Personeelskosten

Afsc hrijvingskosten

- 167

- 218

- 51

Fac ilitaire kosten (inc l. huisvesting)

- 1.204

- 1.281

- 77

Dienstverlening

- 1.553

- 1.533

20

- 179

- 196

- 17

Overige bedrijfskosten

-3.103

-3.227

-124

Bedrijfsresultaat

Totaal Bedrijfskosten

7.040

5.758

-1.284

Operationeel resultaat

7.040

5.758

-1.283

- 70.685

- 66.127

4.558

160

0

- 160

Rijkssubsidie SW

59.064

56.697

- 2.367

Subsidieresultaat

-11.461

-9.431

2.030

Netto resultaat

-4.421

-3.673

747

Aantal FTE Wsw

1.699,57

1.586,55

- 113,03

Lonen SW Wet Liv

Aantal FTE N- Wsw Aantal AJ Wsw

66,38

65,88

1.736,41

1.621,58

Figuur 9: Financieel overzicht van de verbonden partijen

- 0,50 - 114,83

11

Toelichting op baten en lasten van de begroting 2025

geheel veroorzaakt door de huisvestingskosten (inclusief afschrijvingskosten als gevolg van de verhuizing KANS-locatie).

Omzetwaarde en brutomarge begroting 2025 De omzetwaarde in de begroting 2025 bedraagt €18.303.000 en is daarmee €1.348.000 lager dan de 1ste begrotingswijziging 2024. De daling van de bezetting zorgt voor een omzetdaling. Er is nog geen rekening gehouden met indexering aangezien die afhankelijk is van de ontwikkeling in de cao-Sw.

Hierbij is nog geen rekening gehouden met de ontwikkeling van de energielasten. Omdat de nieuwe locatie volledig duurzaam is, is de verwachting dat deze zullen dalen ten opzichte van de oude huisvesting. De mate waarin wordt echter pas duidelijk bij gebruik van het pand.

Voor de volledigheid wijzen wij erop dat ook in de 1ste begrotingswijziging 2024 geen rekening is gehouden met verdere uitstroom naar de RVU-regeling en/of deelname aan de 64-jarigen seniorenregeling.

Operationeel resultaat Het operationeel resultaat in de begroting 2025 bedraagt €5.758.000 en is daarmee €1.283.000 lager dan de 1ste begrotingswijziging 2024.

De brutomarge ligt parallel aan de omzetwaarde €1.354.000 lager.

Subsidieresultaat In de begroting 2025 is in het subsidieresultaat geen loonsverhoging ingevolge de cao-Sw opgenomen (laatst bekende cao-verhoging is per 1 januari 2024).

Personeelskosten De personele kosten bedragen €9.186.000 en zijn daarmee €195.000 lager dan de 1ste begrotingswijziging 2024. In de personele kosten niet-Sw is geen rekening gehouden met verdere cao-verhogingen. De personele kosten Sw dalen met €182.000 parallel aan de daling van de bezetting. Bedrijfskosten De bedrijfskosten bedragen in de begroting 2025 €3.227.000 en zijn daarmee €124.000 hoger dan de 1ste begrotingswijziging 2024. De stijging wordt vrijwel

De subsidie daalt met €2.367.000, waarvan een negatief volume-effect van €3.906.000 en een positief prijseffect van €1.539.000. De Liv bestaat niet meer in 2025. Per saldo verbetert het subsidieresultaat in de begroting 2025 met €2.030.000 ten opzichte van de 1ste begrotingswijziging 2024. Nettoresultaat Het nettoresultaat in de begroting 2025 bedraagt €3.673.000 negatief en is daarmee €747.000 beter dan de 1ste begrotingswijziging 2024.

Voor de subsidie is de septembercirculaire 2023 aangehouden ten aanzien van het subsidiebedrag per arbeidsjaar, te weten €34.965 (na afroming door de GR WSP Parkstad van €245 per AJ). De loonkosten Sw dalen met €4.558.000, waarvan een positief volume-effect van €4.701.000 en een negatief prijseffect van €143.000 als gevolg van afname sociale lasten WAO en prijseffect als gevolg van periodieken. 12

5 Uitvoering Participatiewet (bedragen x € 1.000,-)

Omschrijving

1ste begrotingswijziging 2024

verschil

Begroting 2025

139

0

-139

139

0

-139

139

0

-139

Lonen n-SW

-2.110

-2.131

-21

Opleidingen

-23

-15

8

0 -3 -2.136

0 -3 -2.149

0 0 -13

Facilitaire kosten (incl. huisvesting)

-22

-22

0

Dienstverlening

-82

-82

0

Overige bedrijfskosten

-40

-40

0

Doorbelasting bedrijfsvoering GR WOZL

-218

-218

0

Totaal Bedrijfskosten

-362

-362

0

Operationeel resultaat

-2.359

-2.510

-151

Netto resultaat

-2.359

-2.510

-151

Aantal FTE N-Wsw

22,24

22,24

0,00

Externe omzet

Omzetwaarde

0 Bruto marge Personeelskosten

Inhuur derden Overige personeelskosten n-SW Totaal Personeelskosten

Toelichting baten en lasten uitvoering Participatiewet De subsidie m.b.t. de jongerencoaches vervalt in 2025. Dit verklaart het wegvallen van de omzet. In de begroting 2025 zijn de jongerencoaches wel nog opgenomen. Daarnaast is er een lichte verhoging in 2025 opgenomen in de salariskosten als gevolg van periodieken. De bedrijfskosten blijven vrijwel op hetzelfde niveau als 2024. Nettoresultaat Het nettoresultaat bedraagt €2.510.000 negatief en is daarmee €151.000 lager dan de 1ste begrotingswijziging 2024.

Figuur 10: Begroting 2024 uitvoering Participatiewet

13

6 Financiële paragraaf De financiële paragrafen zijn bedoeld om inzicht te geven in de financiële positie en het financiële beheer van de GR WSP Parkstad.

6.1 Reserves en voorzieningen Reserves Het instellen van reserves, het toevoegen en het onttrekken van middelen aan reserves is een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur besluit een deel van het eigen vermogen af te zonderen voor de dekking van toekomstige uitgaven voor een bepaald doel. Deze besluiten worden voorgelegd via de begroting, de begrotingswijzigingen de resultaatsbestemming van de jaarrekening of via afzonderlijke besluiten. Binnen de GR WSP Parkstad zijn er geen bestemmingsreserves opgenomen en bestaat de reserve alleen uit de algemene reserve die geraamd is op €0 voor 2025 t/m 2028. Een eventueel resultaat in het voorgaande jaar wordt toegevoegd aan de algemene reserve en in het volgende jaar onttrokken om vervolgens terug te geven aan de deelnemende gemeenten.

6.2 Risico’s en beïnvloedbare factoren De GR WSP Parkstad en de verbonden partijen beschikken niet over een ‘eigen’ weerstandsvermogen. Er wordt jaarlijks met de gemeenten afgerekend op basis van de vastgestelde jaarrekening en het hierin vermelde resultaat. Dit betekent dat alle risico’s die niet afdoende gemitigeerd kunnen worden en zich onverhoopt voordoen, volledig ten laste gebracht zullen moeten worden van de in de GR WSP Parkstad deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn uiteindelijk risicodrager voor de continuïteit van de GR WSP Parkstad. De GR WSP Parkstad heeft de plicht om de risico’s te inventariseren, te analyseren en te beheersen. De beoordeling van risico’s vindt periodiek plaats en hierover wordt gerapporteerd in de begrotingswijzigingen en de tertiaire rapportages. Op de volgende pagina zijn de risico’s van de GR WSP in een tabel aangegeven.

Voorzieningen Binnen de GR WSP Parkstad is geen sprake van gevormde voorzieningen.

14

Risico in begroting

Toelichting op risico

Loonprijsontwikkeling

In de 1ste begrotingswijziging 2024 is rekening gehouden met de subsidiebedragen conform de mei- en septembercirculaire 2023. Hierin is een LPO toegekend voor 2023 ad 6,43%. In de 1ste begrotingswijziging is voor de Sw-medewerkers rekening gehouden met een cao-stijging van 3,8% welke reeds is ingegaan per oktober 2023. Tevens is er rekening gehouden met de overige effecten van het cao-akkoord; een extra structurele loonsverhoging voor de lonen boven het minimumloon van € 50 bruto per 1 januari 2024 en een stijging van de reiskostenvergoeding woon-werkverkeer van 10 naar 21 cent per kilometer. Tot slot is rekening gehouden met een afgesproken compensatie van €75 bruto voor alle werknemers (afhankelijk van de omvang dienstverband) aanvullend op de stijging van de reiskostenvergoeding. Voor niet Sw-medewerkers stijgen de lonen als gevolg van de nieuwe cao-gemeenten met ingang van 1 januari 2024 structureel met 4,75% en daar bovenop per 1 oktober 2024 nog eens met 1,25%. De LPO 2024 is nog niet definitief door het Ministerie van BZK vastgesteld. Deze zal pas worden vastgesteld in de meicirculaire 2024. De ontwikkeling hiervan is op het moment van opstellen van de begroting een niet te kwantificeren risico en vormen een onderdeel van het subsidieresultaat welke door de GR WOZL / GR WSP Parkstad niet is te beïnvloeden.

Beschikbaarheid van passend werk

De vraag naar passend werk zal blijvend ontwikkeld moeten worden. WSP Parkstad is hierin zeer actief en bedreven door inzet van jobcarving. Hierbij wordt middels een specialistische analyse een praktisch voorstel gedaan aan werkgevers hoe bestaande arbeid aangepast kan worden aan de mogelijkheden die inzet van Sw- of PW-kandidaten biedt. De vraag blijft of er in de Parkstadregio voldoende passende werkgelegenheid voorhanden is.

Aantal arbeidsjaren

In de bepaling van het aantal arbeidsjaren wordt uitgegaan van de werkelijk verwachte pensioendata en een overige uitstroom van 3% als gevolg van met name ziek uit dienst en overlijden. Dit percentage is een verwachting op basis van historische uitstroom. De werkelijke, overige uitstroom kan hiervan in zowel positieve als negatieve zin afwijken. Dit is voor WOZL/WSP Parkstad een niet te beïnvloeden risico.

Indexeringen

WSP Parkstad werd met name in 2023 geconfronteerd met hoge kostenstijgingen als gevolg van inflatie en de ontwikkeling van indexcijfers als gevolg hiervan. Hoewel de indexeringen eind 2023 grotendeels gedempt zijn vormen deze nog steeds een risico voor de kosten in 2024. In deze 1ste begrotingswijziging is in de bedrijfskosten naar best mogelijk inzicht rekening gehouden met indexeringen van leveranciers (bijvoorbeeld huur, onderhoud en energie).

Figuur 11: Risico Analyse

Kansen op positieve effecten ten opzichte van deze begroting zijn: • Positieve effecten van de Rijksbijdrage per arbeidsjaar als gevolg van prijs- en/of volume-effecten; • Positieve omzeteffecten bij positief afwijkende tariefindexeringen; • Vergroting van duurzame detacheringen als gevolg van adequate inzet van jobcoaching en de KANS-locatie; • Verlaging van energielasten door verhuizing naar duurzame nieuwbouw voor de KANS-locatie.

15

In onderstaand overzicht zijn de beïnvloedbare factoren opgenomen.

Kandidaat duurzaam naar werk

Voorzien in werkgeversbehoefte

Beheersen uitvoeringskosten

• Stimuleren duurzame inzetbaarheid Sw-medewerkers door middels diverse maatregelen te investeren in vitaliteit. • Detacheringsfitheid van Sw-medewerkers wordt gestimuleerd middels inzet van de KANS-locatie ondersteund door methodische aanpak van IDU binnen deze locatie op weg naar detachering. • Borgen van langdurige groepsdetacheringen bij verloop van Sw-medewerkers. • Borgen van duurzame plaatsingen d.m.v. het bieden van (ondersteuning bij) adequate nazorg.

• Acquisitiegesprek bestaande en nieuwe klanten, van accountmanagersperspectief naar werkgeversadviseur. • Ontwikkelen werk-leerlijnen en ontwikkelplekken gebaseerd op marktbehoefte. • Passend aanbod van PW-kandidaten ter vervanging van uitstromende Sw-medewerkers (als gevolg van pensioenering) optimaal gebruik makend van stimuleringsmaatregelen (zoals begeleidingscontructie of inzet LKS). • Bevorderen van kennis en kunde omtrent PW bij Sw-jobcoaches om zodoende werkgevers beter te kunnen adviseren en begeleiden (in samenwerking met werkgeversadviseur).

• Binnenhalen passend werk voor de interne werkplaatsen tegen zo hoog mogelijke tarieven. • Uitvoeren van duurzame investeringen met een gunstige terugverdientijd. • Terugbrengen deelnemers medisch vervoer. • Gerichte acquisitie in samenwerking met het team werkgeversdienstverlening ten behoeve van maximeren aantal plaatsingen Sw-medewerkers. • Voorkomen van een oplopend ziekteverzuim bij een ouder wordende populatie.

Figuur 12: Beïnvloedbare factoren GR WSP Parkstad

16

6.3 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de algemene reserves, de vrij aanwendbare bestemmingsreserves en de post onvoorzien in de begroting. De GR WSP Parkstad hanteert het uitgangspunt dat het niet over een eigen weerstandsvermogen hoeft te beschikken om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen om zijn taken te kunnen voortzetten. Dit risico wordt, op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, gedragen door de deelnemende gemeenten. De onderstaande kengetallen zijn gebaseerd op de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028. De verwachting is dat deze kengetallen niet wezenlijk zullen wijzigen. De solvabiliteitsratio is erg laag als gevolg van het feit

Kengetallen

Netto schuld quote

dat de GR WSP Parkstad geen algemene reserve aanhoudt en de eventuele overschotten aan financiering terug worden gestort aan de deelnemende gemeenten.

6.4 Financiering Voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden zijn kaders gesteld in de wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Onder de treasuryfunctie vallen onder andere het geldstromenbeheer, het saldobeheer, liquiditeitsbeheer, financiering, uitzetting van gelden en renterisicobeheer. De GR WSP heeft twee instrumenten op het gebied van treasury, te weten een treasurystatuut en een financieringsparagraaf in de begroting.

2024

2025

2026

2027

2028

3,27%

3,55%

3,98%

4,32%

4,81%

3,27%

3,55%

3,98%

4,32%

4,81%

Solvabiliteitsratio

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

Bij de bepaling van de omvang van het totaal aan lasten in de begroting is uitgegaan van de totale lasten exclusief de lasten bij de rubriek uitvoering Wsw en uitvoering Wsw Heuvellandgemeenten. Dit ligt in lijn met eerdere jaren en is ter voorkoming van dubbeltellingen.

In het Algemeen Bestuur van 21 februari 2019 zijn de financiële verordening en het treasurystatuut vastgesteld.

Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

Structuele exploitatieruimte

Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarmee de gemeenschappelijke regeling haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,20% van het begrotingstotaal aan lasten vóór bestemming, dus met uitzondering van stortingen in reserves. De GR WSP Parkstad voert een beleid om binnen de kasgeldlimiet te opereren.

Kasgeldlimiet

2024

2025

2026

2027

2028

omvang begroting in €

6.893

6.297

5.492

4.960

4.317

toegestane kasgeldlimiet in %

8,20%

8,20%

8,20%

8,20%

8,20%

toegestane kasgeldlimiet in €

565

516

450

407

354

Figuur 14: Kasgeldlimiet

Figuur 13: Financiële kerngetallen GR WSP Parkstad

17

Schatkistbankieren Op 13 december 2013 is het wetsvoorstel verplicht schatkistbankieren in het Staatsblad gepubliceerd. De wet is op 15 december 2013 van kracht geworden. Tegelijkertijd met de wet is een ministeriële regeling van kracht geworden. Onderdeel van die regeling is de rekening-courantovereenkomst die iedere decentrale overheid krijgt met de Staat der Nederlanden. De regeling bevat verder onder meer de verplichting een tussenrekening te openen bij een of meerdere banken, zodat aan de verplichting tot deelname aan schatkistbankieren kan worden voldaan. De GR WSP Parkstad heeft deze tussenrekening geopend bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de

schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan.

tingstotaal lager is dan € 500 miljoen (deze wijziging van regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2021), waarbij het drempelbedrag minimaal €1 miljoen bedraagt. Indien het begrotingstotaal hoger is dan €500 miljoen is de drempel gelijk aan €10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de €500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan €1 miljoen.

Bij de bepaling van de hoogte van de ‘overtollige’ middelen is het decentrale overheden toegestaan een drempelbedrag aan te houden buiten de schatkist. De hoogte van het drempelbedrag hangt af van de omvang van de begroting; maatgevend voor de omvang van de begroting is het begrotingstotaal zoals dat ook gebruikt wordt voor bijvoorbeeld het berekenen van de kasgeldlimiet. De drempel is gelijk aan 2,0% van het begrotingstotaal indien het begro-

Toegestaan saldo schatkistbankieren

2024

2025

2026

2027

2028

omvang begroting in €

6.893

6.297

5.492

4.960

4.317

toegestane saldo in %

2,00%

2,00%

2,00%

2,00%

2,00%

toegestane saldo in €

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

Figuur 15: Toegestaan saldo schatkistbankieren

18

In figuur 17 is de naleving van het schatkistbankieren over 2023 weergegeven. Er heeft er geen overschrijding plaatsgevonden.

6.5 Renterisiconorm Bij de renterisiconorm gaat het om het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente en de daarmee samenhangende rentelasten. De GR WSP beschikt niet over langlopende leningen waardoor het renterisico minimaal is.

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)

Drempelbedrag

1000 Kwartaal 1

Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

131

213

210

177

869

787

790

823

-

-

-

-

Verslagjaar (4a) (4b)

(4c)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

6.677 6.677

-

(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met Drempelbedrag 1000 een minimum van €1.000.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

11.764

19.364

19.359

16.325

90

91

92

92

131

213

210

177

Figuur 16: Naleving schatkistbankieren over 2022

19

1ste begrotings wijziging 2024

6.6 EMU-Saldo EMU Saldo (x € 1.000)

Conform artikel 19 van het BBV dient een gemeenschappelijke regeling in de begroting een presentatie te geven van het EMU-saldo. Het EMU-saldo (begrotingssaldo) is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de overheid (de Rijksoverheid, sociale fondsen en de decentrale overheden) van een bepaald land in een bepaald jaar. Er kan een tekort of een overschot op de begroting zijn. Decentrale overheden dienen het EMU-saldo te berekenen, zodat op macro niveau het EMU-saldo voor Nederland kan worden bepaald. Onderstaand de berekening van het EMU-saldo van de GR WSP voor de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027.

6.7 Bedrijfsvoering Planning en control Op 21 februari 2019 is de Financiële verordening GR WSP vastgesteld. Hierin is onder andere opgenomen dat het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur tenminste eenmaal per jaar tussentijds via een begrotingswijziging wordt geïnformeerd over de uitvoering van de begroting. Personeel Aan de begroting 2025 ligt financieel de volgende formatie ten grondslag, zoals weergegeven in figuur 19.

2025

2026

2027

2028

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17).

0

0

0

0

0

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie.

0

0

0

0

0

3

Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie.

0

0

0

0

0

4

Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd.

0

0

0

0

0

5

Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4.

0

0

0

0

0

6

Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op de exploitatie verantwoord.

0

0

0

0

0

7

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan).

0

0

0

0

0

8

Baten bouwgrondexploitatie (niet op de exploitatie verantwoord).

0

0

0

0

0

9

Lasten op balanspost voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen.

0

0

0

0

0

10

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten).

0

0

0

0

0

11

Verkoop van effecten (verwachte boekwinst).

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Berekend EMU saldo

Figuur 17: EMU saldo

GR WSP

Algemeen directeur/secretaris Concerncontroller Secretariaat Financiën Financiën Totaal

1ste begr. wijz. 2024

begroting 2025

aantal

dienstverband

1 1 1 1 2

fte 0,50 0,25 0,50 0,38 0,50

aantal

1 1 1 1 2

fte 0,50 GR WOZL 0,25 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,50 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,38 GR WOZL 0,50 WSP Parkstad Detacheringen B.V.

6

2,13

6

2,13

Figuur 18: GR WSP Parkstad

20

6.8 Verbonden partijen

functie van directeur dienstverlening.

Deze paragraaf gaat in op de doelstellingen, activiteiten en de financiële mate van betrokkenheid van de samenwerkingsverbanden waarin de GR WSP in financieel opzicht participeert en (tevens) een bepaalde bestuurlijke invloed kan uitoefenen. In het Besluit Begroting en Verantwoording wordt hiervoor het begrip “Verbonden partijen” gehanteerd: “Een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft (artikel 1 lid b BBV)”.

Visie en strategie De missie van WSP Parkstad Detachering B.V. luidt: “WSP Parkstad Detachering B.V. is een uitvoeringsorganisatie die, in opdracht van en in samenwerking met de deelnemende gemeenten, op doelmatige en efficiënte wijze trajecten uitvoert voor mensen, in eerste instantie behorende tot de huidige doelgroep Sw, waarbij deze groep wordt ondersteund om zo regulier mogelijk passende arbeid te verrichten waarvoor betaald wordt door opdrachtgevers.”

De wetgever schrijft voor: “De paragraaf verbonden partijen bevat tenminste de visie die de Gemeenschappelijke Regeling heeft op de verbonden partijen en dat in relatie tot de uitvoering van de gemeentelijke doelstellingen en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen (artikel 15 BBV).”

WSP Parkstad Detachering B.V. gaat binnen de context voor de Sw-doelgroep uit van het adagium: ‘werken is ontwikkelen en participeren’. Door te werken (en hierbij de benodigde ondersteuning te ontvangen) ontwikkelt ieder mens zich, ieder op zijn eigen manier en op zijn eigen niveau. Ontwikkelen is geen aparte (scholings)activiteit; werken zorgt ervoor dat mensen zich ontwikkelen. De focus voor WSP Parkstad Detachering B.V. ligt, gegeven de opdracht en het afbouwscenario, uitsluitend op de doelgroep Sw. Door samenwerking en co-creatie zal kennis en kunde met gemeenten worden gedeeld ten behoeve van andere doelgroepen waarvoor de aanpak niet verschilt.

De GR WSP Parkstad is met de volgende partijen verbonden: • WSP Parkstad Detachering B.V. Bestuurlijk belang De bestuurders van de verbonden partijen zijn benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders (AvA). De heer F. Dijk vervult namens de GR WSP Parkstad de functie van algemeen directeur/ secretaris. De heer G.J van Westerveld vervult de

in nauwe samenwerking met gemeenten en sociale diensten de transitie gemaakt wordt van het oude denken naar het nieuwe denken en dat daardoor de beweging van binnen naar buiten duurzaam plaatsvindt.

De strategie geeft invulling aan de wijze waarop WSP Parkstad Detachering B.V. de eerdergenoemde opdracht van de GR WSP Parkstad en daarmee de gemeenten zal gaan realiseren. Van belang is dat 21

7 Meerjarenraming Uitgangspunten bedrijfsvoering De lasten stijgen in de bedrijfsvoering met 2%.

GR WSP Parkstad Overzicht baten & lasten Rubriek

1ste begr. wijz. 2024

begroting 2025

2026

2027

2028

Bedrijfsvoering baten

-

-

-

-

-

lasten

-113

-114

-117

-119

-121

-113

-114

-117

-119

-121

Resultaat verbonden partijen baten

-

-

-

-

-

lasten

-4.421

-3.673

-2.842

-2.284

-1.615

-4.421

-3.673

-2.842

-2.284

-1.615

Uitvoering Participatiewet (incl. bedrijfsvoering) baten

-

-

-

-

-

lasten

-2.359

-2.510

-2.533

-2.557

-2.581

-2.359

-2.510

-2.533

-2.557

-2.581

Duale Poort Heerlen baten

1.067

1.088

1.088

1.110

1.132

lasten

-1.067

-1.088

-1.088

-1.110

-1.132

-

-

-

-

-

-6.893

-6.297

-5.492

-4.960

-4.317

1ste begr. wijz. 2024

begroting 2025

GR WSP Parkstad

Resultaat voor financiering en

algemene dekkingsmiddelen Overzicht baten & lasten Rubriek

2026

2027

2028

Financiering en alg. dekkingsmiddelen Bedrijfsvoering

113

114

117

119

121

Verbonden partijen

4.421

3.673

2.842

2.284

1.615

Uitvoering Participatiew et

2.359

2.510

2.533

2.557

2.581

6.893

6.297

5.492

4.960

4.317

Vennootschapsbelasting

-

-

-

-

-

Onvoorzien

-

-

-

-

-

Incidentele baten en lasten

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

-

-

-

-

-

Mutaties in reserves

-

-

-

-

-

Gerealiseerd resultaat

-

-

-

-

-

Figuur 19: Meerjarenraming GR WSP Parkstad

Uitgangspunten verbonden partijen • Het operationeel resultaat daalt t.o.v. de 1ste begrotingswijziging 2024 in de jaren 2025-2028. Het nettoresultaat verbetert als gevolg van een daling van het subsidieresultaat; • De looneffecten binnen de cao-Sw zijn na 1 januari 2023 niet bekend, derhalve zijn er geen verdere cao-stijgingen opgenomen. • De bedrijfskosten stijgen fors door o.a. de facilitaire kosten en de kosten voor de Arbo dienstverlening; • De rijkssubsidie per arbeidsjaar is opgenomen op basis van circulaires mei- en september 2023. Uitgangspunten uitvoering Participatiewet • De bedrijfskosten blijven in de jaren 2025-2028 nagenoeg gelijk; • De salariskosten stijgen in de jaren 2025-2028 met 1% als gevolg van periodiek; • De bezetting blijft in de jaren 2025-2028 op 22,24 fte. Uitgangspunten Duale Poort • De bedrijfskosten blijven in de jaren 2025-2028 nagenoeg gelijk; • De salariskosten stijgen in de jaren 2025-2028 met 2% als gevolg van periodiek; • De bezetting blijft in de jaren 2025-2028 op 11,92 fte. 22

8 Bijlagen Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 1ste begr. wijz. 2024 GR WSP Deelnemende gemeente Beekdaelen Brunssum Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Valkenburg Voerendaal totaal

bedrijfsvoering

verbonden partijen

participatie wet

totaal financiering

6.180 14.328 2.711 39.558 26.588 14.814 3.095 2.412 2.131 1.570

240.974 558.642 105.706 1.542.374 1.036.645 577.608 120.690 94.038 83.105 61.217

83.593 211.585 0 1.214.013 471.731 308.706 34.686 0 0 34.686

330.748 784.555 108.417 2.795.945 1.534.964 901.129 158.472 96.450 85.237 97.473

113.389

4.421.000

2.359.000

6.893.389

Figuur 20: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten voor 1ste begrotingswijziging 2024

Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2025 GR WSP Deelnemende gemeente Beekdaelen Brunssum Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Valkenburg Voerendaal totaal

bedrijfsvoering

verbonden partijen

Participatie wet

totaal bijdragen

6.208 14.375 2.740 40.133 26.818 14.980 2.950 2.410 2.237 1.593

199.232 461.339 87.952 1.288.032 860.712 480.777 94.682 77.342 71.802 51.129

88.944 225.129 0 1.291.722 501.926 328.466 36.906 0 0 36.906

294.384 700.843 90.692 2.619.887 1.389.457 824.224 134.539 79.752 74.039 89.628

114.445

3.673.000

2.510.000

6.297.445

Figuur 21: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 2025

23

Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2026 GR WSP Deelnemende gemeente Beekdaelen Brunssum Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Valkenburg Voerendaal totaal

bedrijfsvoering

verbonden partijen

Participatie wet

totaal bijdragen

6.049 14.809 2.842 41.872 26.737 15.022 3.039 2.527 2.297 1.539

147.277 360.550 69.182 1.019.418 650.932 365.732 73.979 61.520 55.931 37.479

89.759 227.192 0 1.303.558 506.526 331.476 37.245 0 0 37.245

243.086 602.551 72.023 2.364.848 1.184.194 712.231 114.263 64.047 58.229 76.263

116.733

2.842.000

2.533.000

5.491.733

Figuur 22: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 2026

Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2027 GR WSP Deelnemende gemeente Beekdaelen Brunssum Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Valkenburg Voerendaal totaal

bedrijfsvoering

verbonden partijen

Participatie wet

totaal bijdragen

6.132 15.342 2.995 42.562 27.624 15.019 2.975 2.414 2.330 1.676

117.621 294.301 57.450 816.429 529.886 288.106 57.064 46.299 44.690 32.154

90.610 229.344 0 1.315.909 511.325 334.617 37.597 0 0 37.597

214.363 538.988 60.445 2.174.900 1.068.834 637.742 97.636 48.712 47.020 71.428

119.068

2.284.000

2.557.000

4.960.068

Figuur 23: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 2027

24

Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2028 GR WSP Deelnemende gemeente Beekdaelen Brunssum Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Valkenburg Voerendaal totaal

bedrijfsvoering

verbonden partijen

Participatie wet

totaal bijdragen

6.045 15.583 2.818 43.560 28.663 15.435 2.883 2.279 2.338 1.844

80.389 207.224 37.472 579.247 381.150 205.248 38.344 30.305 31.094 24.527

91.460 231.497 0 1.328.261 516.124 337.758 37.950 0 0 37.950

177.895 454.304 40.290 1.951.067 925.937 558.441 79.178 32.584 33.432 64.322

121.449

1.615.000

2.581.000

4.317.449

Figuur 24: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 2028

25

Locatie Carbon 6

Locatie BVS

Locatie Beschut 2.0

Locatie Wenckebachstraat

Kloosterweg 1

Diepenbrockstraat 15

Sourethweg 2

Wenckebachstraat 10

6412 CN Heerlen

6411 TJ Heerlen

6422 PC Heerlen

6466 NC Kerkrade

Postbus 330

Postbus 330

Postbus 6001

Postbus 330

6400 AH Heerlen

6400 AH Heerlen

6401 SB Heerlen

6400 AH Heerlen

045 566 66 00

045 566 66 00

045 566 63 00

045 566 58 00

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=9de6aa39-cdb9-4397-a80d-b4d9b70edecc