Zienswijze 4
Tekst van het document
Feitelijke
beperkingen: Hoewel het plan dat nu voorligt slechts ziet op de contouren van een
daadwerkelijke ontwikkelingen maken cliënten zich ernstige zorgen over de doorvoering van de
voorgestelde ontwikkelingen. Dit met name ten aanzien van de doelmatigheid, productiviteit en
economische waarde van het perceel landbouwgrond. Dit heeft betrekking op een drietal aspecten: a.
Perceelvormz De huidige perceelvorm is zeer goed. Het perceel is volledig vierkant en heeft
een goede agrarische grootte. Met de uitwerking van de structuurvisie wordt ca. 1,5 tot 5 hectare van het perceel onttrokken aan het agrarisch gebruik. Dit heeft reeds gevolgen voor
de beteelbaarheid van het geheel, maar de gebruiksmogelijkheden worden nog verder beperkt door de vorm van de voorgenomen onttrekking, namelijk een driehoek (afbeelding 1). Dit heeft
een gerende vorm van het perceel tot gevolg met een toename van kopakkers
en een daarmee samenhangende daling van opbrengsten en economische waarde. b.
Ontwatering: Daarnaast gelden, ten gevolge van de komst van het hoogspanningsstation
beperkingen die zien op ontwatering en schaduwwerking. Het perceel is gelegen op het laagste punt in de polder.
Door de aanleg van verharding van voor industrie en een
hoogspanningsstation zal afvoer van water stagneren door verminderde infiltratie in de
bodem. Dit is bekend onder het principe van verstening van de omgeving. Het laagste punt in de polder zal hierdoor de
meeste toevloeiing van water en de daarmee samenhangende
negatieve gevolgen voor toegankelijkheid,
beteelbaarheid en economische waarde
ondervinden. c.
Schaduwwerking: Door inpassing van de industriefunctie in het landschap zal op het perceel
een ongewenste schaduwwerking ontstaan. De aanplant van bomen/struiken en heesters zal op het perceel cliënten schaduw geven welke in de huidige situatie niet aanwezig is.
Deze schaduwwerking heeft negatieve gevolgen voor de opbrengsten op het perceel. Een ander negatief gevolg is dat deze bomen vocht onttrekken aan het perceel via lange wortels. Dit gebeurt met name in de periode dat het vocht nodig is
om gewassen te laten groeien.
Daar de aanleg van de weg vooralsnog onzeker is, zal met name in de eerste 25 jaar na aanleg een direct negatief gevolg van de aanplant van een groenstrook, opbrengstderving zijn.
Ontsluitingswegen: Binnen de structuurvisie wordt melding gemaakt van een nieuwe ontsluitingsweg ten behoeve van de industrie en andere functies. Het perceel van cliënten zal, tot aan de aanleg van
deze nieuwe weg, verminderd bereikbaar zijn met landbouwvoertuigen door een toegenomen verkeersintensiteit als gevolg van toegenomen industrie. De gevolgen hiervan zijn: a.
Afnemende verkeersveiligheid door vermenging van voertuigtypen (agrarische en overig)
b.
Verhoging van exploitatiekosten door het niet langer veilig kunnen rooien van producten via
de huidige aanvoerwegen. (Slib op de wegen). Hierdoor zullen de exploitatielasten
toenemen. Door het noodzakelijkerwijs extra schoonhouden van de wegen of het inzetten van schone overlaadvoertuigen. ln algemeenheid op het afwegingskader van de structuurvisie merken cliënten op dat er slecht zeer
beperkt sprake
is
van het
meewegen van belangen van grondeigenaren. Onder de noemer
'draagvlak' geldt dat de grondeigenaren in geheel niet in beeld zijn bij de gemeente. Daarnaast
merken wij op dat onder de noemer 'economisch' gesproken wordt over een afwegingskader van
E
-Afbeelding 1
E
VAN HovEN s. ooMEN VAN DER sL|KKE RENTMEESTERS
7`Cïï5:§--Ã \--._.-»/'_`\.___.../
Retouradres: Postbus 50, 4850 AB Ulvenhout
1~-›ršï5'\II›3
ä=›=:=-=:rš=Pf››.".›I=-=:›§›2=-=:#›Z››I›=r››I››I››§›\I›#