RVS Meicirculaire 2022 met tabellen
Tekst van het document
Raadsvoorstel Urgentie Onderwerp Zaaknummer Datum Openbaarheid Afdeling Portefeuillehouder Opdrachtgever
Middel, Meicirculaire 2022 626712 2 augustus 2022 Externe communicatie Bedrijfsvoering 2 (BV2) D.P.W. Joppe Afdelingshoofd BV2
Voorstel 1. Kennisnemen van de mutaties op de algemene uitkering; 2. Instemmen met het alloceren van specifiek ontvangen middelen; 3. Instemmen met het opnemen van een stelpost voor onderuitputting Rijk; 4. Instemmen met het toevoegen van het budgettaire effect aan de algemene reserve in 2022 en aan de budgettaire ruimte vanaf 2023 Inleiding Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires vanuit het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) over het gemeentefonds. De meicirculaire geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, de septembercirculaire de vertaling van de Miljoenennota en de decembercirculaire rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De meicirculaire 2022 is volgens planning verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de invoering per 1 januari 2023 van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds en de actualisatie van het accres op basis van de Voorjaarsnota 2022. Beoogd resultaat Met dit raadsvoorstel beogen we u op de hoogte te brengen van de financiële gevolgen van de meicirculaire op de begroting 2022 tot en met 2026. Argumenten 1.1 De algemene uitkering wijzigt onder andere als gevolg van het aanpassen van de accressen, het invoeren van de herverdeling van het gemeentefonds, het incidenteel terugdraaien van de apparaatskostenkorting en het actualiseren van de verdeelmaatstaven.
Als gevolg van onder andere de hiervoor vermelde oorzaken is de hoogte van onze algemene uitkering gewijzigd. Onderstaande tabel geeft u inzicht in alle mutaties:
Pagina 1 van 5
2022
Effect herverdeling gemeentefonds Terugdraaien opschalingskorting Accres en hoeveelheidsverschillen Uitname voor volkshuisvestings- en woningfonds Uitkering uit BTW-compensatiefonds Valpreventie bij ouderen (Coalitieakkoord) Energietoeslag Jeugdzorg (coalitieakkoord) Reeds geraamde middelen voor jeugdzorg Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (Coalitieakkoord) Suppletie-uitkering Bommenregeling Extra capaciteit BOA’s Uitvoeringskosten klimaatakkoord Reeds geraamde middelen voor klimaat Overige mutaties Totaal mutatie algemene uitkering
2023 2024 2025 2026 255.000 765.000 1.275.000 1.275.000 765.000 1.026.000 1.284.000 1.744.000 4.124.000 6.954.000 8.976.000 4.136.000 -478.000 -480.000 -475.000 218.000 -22.000 -33.000 -34.000 -37.000 872.000 2.247.000 -1.184.000 -195.000 -202.000 16.000 35.000 35.000 35.000 35.000 35.000 243.000 -112.000 35.000 17.000 17.000 18.000 18.000 3.051.000 5.759.000 8.284.000 10.884.000 5.225.000
Toelichting op de mutaties: Nieuw verdeelstelsel per 1 januari 2023 Hoofddoel voor een nieuw verdeelstelsel was om het eenvoudig en uitlegbaar te maken en het beter aan te sluiten bij de noodzakelijke kosten die gemeenten maken (dat was vooral nodig in het sociaal domein). Het gemeentefonds is ingedeeld in clusters en wordt verdeeld op basis van maatstaven. De indeling is logischer en globaler gemaakt en het aantal maatstaven is gehalveerd. De meicirculaire 2022 geeft informatie over het nieuwe verdeelmodel en de wijziging van de verdeling is per 1 januari 2023 definitief ingevoerd. Hierbij heeft het Rijk het nieuwe verdeelmodel van 2019 geactualiseerd naar de stand van 1 januari 2023. De financiële impact van de herijking is voor onze gemeente voordelig. Het ingroeipad, waarmee de gemeenten naar de nieuwe verdeling ingroeien is beperkt tot 3 jaar. Het maximale positieve effect is in 2023 € 7,50 per inwoner, in 2024 € 22,50 per inwoner en in 2025 € 37,50 per inwoner. Opschalingskorting Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds, die oploopt tot € 975 miljoen in 2025. Deze opschalingskorting was opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. De gedwongen opschaling is vervallen, echter de korting is blijven bestaan. Voor de duur van de kabinetsperiode heeft het Rijk de oploop van de opschalingskorting geschrapt.
Dit leidt dit in 2023 tot en met 2025 derhalve tot incidentele voordelen. Vanaf 2026 blijft de landelijke opschalingskorting van € 975 miljoen intact. Met deze korting hielden wij in onze begroting reeds rekening. Accressen Via de normeringsystematiek ‘samen trap op en samen de trap af’ wordt de algemene uitkering van het gemeentefonds geïndexeerd en op volume bijgesteld, ook wel het accres genoemd. De accressen zijn hoger dan eerder gemeld in de Maartbrief 2022 en de vandaaruit opgenomen bedragen in de Kadernota voor de programmabegroting 2023-2026. Dit komt door de koppeling aan de rijksuitgaven. In de jaren 2022 tot en met 2025 zijn er extra rijksuitgaven voor vennootschapsbelasting (Vpb), koppeling AOW aan stapsgewijze verhoging wettelijk minimumloon (WML), inkomensbelasting Box 3 en defensie-uitgaven. Ook is het accres opwaarts bijgesteld als gevolg van een hogere loon- en prijsontwikkeling dan tot nu toe aangenomen. Uitname voor woningbouwimpuls en volkshuisvesting Het kabinet heeft in het Coalitieakkoord middelen opgenomen voor de woningbouwimpuls (10 x € 100 miljoen) en voor de volkshuisvesting (4 x € 150 miljoen). Deze middelen worden voor de jaren 2023 tot en met 2025 onttrokken aan het accres dat in deze jaren is toegevoegd aan het gemeentefonds.
Pagina 2 van 5
Uitkering BTW-compensatiefonds (BCF) Bij de definitieve afrekening over 2021 blijkt de resterende ruimte in het BCF te zijn toegenomen met € 119 miljoen. Dit overschot wordt toegevoegd aan het gemeentefonds en uitgekeerd aan de gemeenten. Voor onze gemeente betekent dit een extra uitkering over 2021 van € 218.000. Energietoeslag Op 15 maart 2022 is het wetsvoorstel eenmalige energietoeslag lage inkomens ingediend bij de Tweede Kamer. Met het wetsvoorstel krijgen gemeenten de bevoegdheid om dit jaar via de bijzondere bijstand een eenmalige tegemoetkoming voor de gestegen energieprijzen toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen. De bedragen van € 800 per huishouden zijn leidend en gemeenten worden gecompenseerd als ze tekort komen. Voor Schouwen-Duiveland is dat in de meicirculaire 2022 een bedrag van € 872.000. In zaaknummer 562775 was rekening gehouden met een bedrag van € 819.500. Jeugdzorg Het kabinet stelt voor 2023 incidenteel € 1,454 miljard extra beschikbaar voor de jeugdzorg. Hierbij gaat het kabinet er vanuit dat gemeenten inzetten op besparingsmaatregelen voor een bedrag van € 374 miljoen op de jeugdzorguitgaven in 2023 (die ook onderdeel is van de reeks van de Commissie van Wijzen).
Vanuit de € 1,454 miljard is, vooruitlopend op de nadere invulling van de hervormingsagenda, € 9 miljoen overgeheveld naar de begroting van het ministerie van VWS voor de uitvoering van de hervormingsagenda in 2023. De besteding van deze middelen vindt plaats in samenspraak met de VNG. Het overige deel (€ 1,445 miljard) is voor het jaar 2023 in de meicirculaire 2022 toegevoegd aan de algemene uitkering ter compensatie van de tekorten in de jeugdzorg. Voor de gemeente Schouwen-Duiveland is dat een bedrag van € 2.246.781. In de programmabegroting 2022-2025 hadden wij rekening gehouden met een compensatie van € 1.184.000. Het Rijk voegt de compensatie derhalve nog niet structureel toe aan het gemeentefonds. Hier houden wij in onze programmabegroting 2022-2025 voor 75% wel structureel rekening mee. Eigen bijdrage huishoudelijke hulp In het Coalitieakkoord is opgenomen dat het kabinet werkt aan een aanpassing van de eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp in de Wmo. De komende periode wordt deze maatregel met cliënten, gemeenten en het Centraal Administratie Kantoor (CAK) uitgewerkt. De beoogde datum van inwerkingtreding is op 1 januari 2025 gesteld. De aanpassing dient vanaf 2025 te leiden tot een taakstellende besparing van € 95 miljoen. Het gemeentefonds is met dit bedrag vanaf 2025 verlaagd. Voor onze gemeente is dat vanaf 2025 een uitname van € 195.000.
Valpreventie bij ouderen Het kabinet heeft valpreventie als kostenbesparende preventiemaatregel opgenomen. Valpreventie draagt bij aan gezond ouder worden en leidt tot netto besparingen in de domeinen Zorgverzekeringswet (Zvw) en Wet landurige zorg (Wlz). De maatregelen die nodig zijn voor implementatie worden komende periode uitgewerkt. Dit leidt vanaf 2023 tot een taakstellende besparing in het gemeentefonds. Voor onze gemeente is dit in 2023 € 22.000 en dit loopt vanaf 2024 verder op tot € 37.000 in 2026. Bommenregeling Gemeenten kunnen in aanmerking komen voor een bijdrage in de gemaakte kosten voor het opsporen en ruimen van conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Op basis van de ingediende aanvraag ontvangen wij € 16.000. Extra capaciteit BOA’s Voor de capaciteit van BOA’s in de openbare ruimte wordt € 13 miljoen via een decentralisatie-uitkering beschikbaar gesteld aan gemeenten. Uitvoeringskosten klimaatakkoord Voor de uitvoeringskosten voor het klimaatakkoord wordt in 2022 een totaalbedrag van € 112,591 miljoen aan gemeenten beschikbaar gesteld. Er vinden nog gesprekken plaats tussen onder andere VNG, IPO en het Rijk over de resterende middelen die in het Coalitieakkoord zijn gereserveerd voor de uitvoeringskosten van medeoverheden voor het klimaatakkoord en aanvullend klimaatbeleid. Wij ontvangen voor 2022 een bedrag van € 243.000.
In de programmabegroting 2022-2025 hielden wij rekening met rijksbijdrage van € 112.000. De totale middelen die wij in deze begroting raamden voor klimaatuitgaven bedroegen bijna € 400.000. Het verschil dekten wij uit de algemene middelen. Via deze circulaire wordt hier nu dus extra € 131.000 (€ 243.000 minus € 112.000) van gecompenseerd.
Pagina 3 van 5
2.1 Met het alloceren van deze middelen worden zij bestemd voor de specifieke taken Een deel van de ontvangen middelen is bedoeld voor specifieke taken. Door deze te alloceren, kunnen zij daar ook aan worden besteed. Het betreft de volgende middelen: 2022 Valpreventie bij ouderen (Coalitieakkoord): taakstelling Energietoeslag reeds geraamd Energietoeslag (lagere dekking nodig vanuit de algemene reserve) Jeugdzorg (coalitieakkoord): 50% egelisatiepost Wmo/jeugd Eigen bijdrage huishoudelijke hulp Suppletie-uitkering Bommenregeling Einde lening inburgeringsplicht Extra capaciteit BOA’s Overige du/iu's en kleine correcties op taakmutaties Totaal te alloceren middelen
2023 -22.000
2024 -33.000
2025 -34.000
2026 -37.000
819.500 52.500 531.000 -195.000 -202.000 16.000 35.000 42.000
35.000 17.000
35.000 17.000
965.000
561.000
19.000
35.000 18.000
35.000 18.000
-176.000 -186.000
Toelichting: Valpreventie bij ouderen: Deze bedragen worden als taakstellend opgenomen op de egalisatiepost maatwerkvoorzieningen Wmp/jeugd. Hierbij gaan wij ervan uit dat de nog uit te werken preventiemaatregelen voor valpreventie zullen leiden tot een kostenbesparing. Energietoeslag Via het raadsvoorstel Eenmalige energietoeslag 2022 (zaaknummer 562775) hielden wij in onze begroting reeds rekening met een te ontvangen rijksbijdrage van € 819.500. Omdat het benodigde budget hoger werd ingeschat, is dit hogere bedrag via het raadsvoorstel gedekt uit de algemene reserve. Nu de definitieve toekenning € 52.500 hoger is, stellen we voor dit hoger ontvangen bedrag weer terug te storten in de algemene reserve. Jeugdzorg Ter compensatie van de hoge kosten binnen de jeugdzorg ontvingen wij € 1.063.000 meer dan waar wij in onze begroting rekening mee hielden. In de programmabegroting 2022-2025 is 50% van deze compensatie toegevoegd aan de egalisatiepost maatwerkvoorzieningen Wmo/jeugd en 50% aan de budgettaire ruimte. Analoog aan deze budgettaire verwerking stellen we voor 50% van de hoger ontvangen compensatie van € 1.063.000 aan de egalisatiepost toe te voegen. Eigen bijdrage huishoudelijke hulp De komende periode worden de maatregelen voor een eigen bijdrage in de huishoudelijke hulp met cliënten, gemeenten en het Centraal Administratie Kantoor (CAK) uitgewerkt.
Dit dient vanaf 2025 te leiden tot inkomsten vanuit deze eigen bijdragen. We stellen voor vanaf 2025 in de gemeentelijke begroting rekening te houden met deze inkomsten. Extra capaciteit BOA’s De middelen voor de capaciteit van BOA’s in de openbare ruimte reserveren we voor het aanstellen dan wel inhuren van extra capaciteit. 3.1 Hiermee wordt een toekomstig ongewenst negatief budgettair effect voorkomen De accressen in de meicirculaire zijn gebaseerd op de "samen trap op en samen de trap af’ normeringssystematiek en dus op de hoogte van de meerjarige rijksbegroting. De accressen bestaan uit een volumedeel en een indexeringsdeel. Als in de komende jaren het Rijk niet tot volledige benutting van haar begroting komt, wordt aan het gemeentefonds ook navenant minder volume toegevoegd. Met het opnemen van een stelpost hiervoor wordt voorkomen dat deze middelen wel zijn uitgegeven. Voor de bepaling van de stelpost is een onderuitputting opgenomen van 25% in 2022 (€ 450.000), 20% in 2023 (980.000), 15% in 2024 (€ 1.200.000) en 10% in 2025 (€ 1.000.000). Hierna is een vast bedrag opgenomen van € 500.000.
Pagina 4 van 5
Financiën Begroting Begrotingswijziging Eenmalige lasten Structurele lasten Eenmalige baten Structurele baten Dekking
Niet binnen begroting Ja
Algemene reserve en budgettaire ruimte
De mutaties op de algemene uitkering, het alloceren van specifieke middelen en het opnemen van de stelpost voor onderuitputting geeft het volgende budgettaire effect:
2022 2023 2024 2025 2026 3.051.000 5.759.000 8.284.000 10.884.000 5.225.000 -965.000 -561.000 -19.000 176.000 186.000 -450.000 -980.000 -1.200.000 -1.000.000 -500.000 1.636.000 4.218.000 7.065.000 10.060.000 4.911.000
Totaal mutatie algemene uitkering Totaal te alloceren middelen Stelpost onderuitputting rijksuitgaven kabinet Rutte IV Budgettaire effect
We stellen voor het saldo in 2022 toe te voegen aan de algemene reserve. De middelen vanaf 2023 stellen we voor toe te voegen aan de budgettaire ruimte en deze te betrekken bij het opstellen van de programmabegroting 2023-2026. Daarin wordt ook het effect duidelijk van de inflatie op onze begroting.
Burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland, G.J. Benou
J.Chr. van der Hoek MBA
Locosecretaris
Burgemeester
Pagina 5 van 5