RVS Kadernota programmabegroting 2023-2026 bijlage 3 uitgangspunten begroting
Tekst van het document
Bijlage B – Uitgangspunten begroting 2023-2026 Voorgestelde stijgingspercentages De begroting 2023-2026 wordt voorlopig opgesteld vanuit de volgende opzet: Omschrijving
2023
2024
2025
2026
loonontwikkeling: personeelslasten (salarissen)
3,60%
4,20%
4,10%
3,90%
prijsgevoelige lasten (kostencategorie 3)
6,10%
2,40%
2,40%
1,90%
bouwgrondexploitaties
4,00%
2,00%
2,00%
2,00%
bijdrage gemeenschappelijke regelingen
2,70%
3,60%
3,50%
3,20%
subsidies
4,85%
3,30%
3,25%
2,90%
belastingen en overige gemeentelijke heffingen
4,85%
3,30%
3,25%
2,90%
verhuur gemeentelijke objecten
2,40%
2,40%
2,50%
1,90%
pachten
1,60%
2,40%
2,50%
1,90%
Loonontwikkeling 2023-2026 Vanuit een bestendige gedragslijn volgen we de indexering van het CPB (raming CEP maart 2022) meerjarig, loonvoet sector overheid.
Prijsinflatie Voor de prijsindexering voor 2023 maken we een correctie vanuit de inflatie in 2022 van 5,2% zoals deze in maart 2022 bekend werd gemaakt door het CPB in het CEP. Wij hielden voor 2022 rekening met een indexering van 1,4%. Dit betekent een correctie van 3,8%. In het CEP wordt de verwachte prijsindexering voor 2023 geraamd op 2,3%. Voor 2023 wordt derhalve in de een prijsindexering toegepast van 6,1%. Meerjarig gaan wij uit van de ramingen volgens het CPB (raming CEP maart 2022) meerjarig, prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc).
Bouwgrondexploitaties Voor de bouwgrondexploitaties gaan we uit van het rapport “onderbouwing parameters kosten- en opbrengststijging voor de grondexploitaties van de gemeente SchouwenDuiveland d.d. 2 december 2021” wat ook is gebruikt voor de herzien van de grondexploitaties bij de jaarrekening 2021. Hierbij houden we, gezien de huidige markt van personeelstekorten, hoge energiekosten en een toename van duurzaambouwen, voor 2023 rekening met een stijging van de bouwkosten van 4%.
Gemeenschappelijke regelingen 2023 Zie paragraaf 4 van de Kadernota 2023-2026 en bijlage C voor de onderbouwing van de verhoging van 2,70% in 2023.
2024 - 2026 Het meerjarige percentage is gebaseerd op 2/3 looncomponent en 1/3 prijsgevoelige lasten.
Subsidies Het gemiddelde van de loon- en prijsstijgingen is de basis voor het stijgingspercentage van de subsidies. Dit geldt alleen voor subsides tot € 20.000. Subsidies van € 20.000 en hoger worden conform de besluitvorming Bestuursopdracht creëren budgettaire ruimte fase 2 niet geindexeerd in afwachting van de herijking van het subsidieprogramma.
Belastingen en overige gemeentelijke heffingen Het gemiddelde van de loon- en prijsstijgingen is de basis voor het stijgingspercentage van de belastingen en gemeentelijke heffingen. Voor 2023: 50% van (loonindex 3,60 % + prijsindex 6,1%) = 4,85%.
Verhuur gemeentelijke objecten De indexering van de verhuur van de gemeentelijke objecten baseren we op het consumentenprijsindexcijfer (cpi) volgens het CEP van maart 2022.
Pachten Jaarlijks wordt voor de reguliere pacht de hoogst toelaatbare pachtprijs vastgesteld. Dit kan leiden tot een stijging of daling van de pachtprijs. De hoogte is afhankelijk van de bedrijfsresultaten van middelgrote en grote ondernemingen in een voorliggende periode van vijf jaar en is dus vooraf lastig in te schatten. De geliberaliseerde pacht is gekoppeld aan het prijsindexcijfer. Voor beide pachtenvormen gaan we uit van het consumentenprijsindexcijfer (cpi). Op basis van de ontwikkelingenvan de inflatie, energie en brandstofprijzen en de uitkomsten van de meicirculaire 2022 komen we bij de aanbieding van de programmabegroting mogelijk met aangepaste percentages of verschillende scenario’s hiertoe.
Te hanteren percentages voor rente 2023 Algemeen: Vervangingsinvesteringen en uitbreidingsinvesteringen/nieuw beleid 2,7% Financiering korte schuld 0,7% Liquiditeitsoverschot (vanwege schatkistbankieren) 0,0% Middelentoevoeging reserves en voorzieningen 2,7% Bespaarde rente reserves en voorzieningen (*) 2,7% Bouwgrondexploitatie (basis=rente% vreemd vermogen) 1,7% (*) inclusief disconteringsvoet contante waarde voorziening verlies bouwgrondexploitatie
Verordening Stimuleringslening Duurzaamheid Bedrijven en Verenigingen 2020 Stimuleringslening voor Bedrijven en Verenigingen
1,8%
Verordening Duurzaam en Langer Thuis 2022 Rente Lening Duurzaam en Langer Thuis: - consumptief maximaal 10 jaar, minimaal 2.500, max. € 15.000 - consumptief maximaal 15 jaar, vanaf € 15.001, max € 35.000 Rente Duurzaam en Langer Thuis hypothecair: - 10 jaar, min. € 2.500, max. € 25.000 - 20 jaar , v.a. € 25.001, max. € 50.000
1,6% 1,6% 1,6% 2,0%
Areaaluitbreidingen Areaaluitbreidingen hebben zowel financiële consequenties voor de opbrengsten (algemene uitkering, onroerende-zaakbelasting, leges omgevingsvergunning) als de lasten (onderhoudskosten wegen, openbaar groen, riolering e.d.). Voor het bepalen van de lasten (ook uit de projecten van de Stads- en dorpsvernieuwingsplannen) vormen onderhoudsplannen de basis. Het gaat om verplichte uitgaven, waarvan de meerlasten worden betrokken bij het opstellen van de begroting.