CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo Toezegging Kostendekkendheid havens 999890

Gemeenteraad 28 maart 2024, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: RVS Kostendekkendheid Havens (999890)4.017 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Kostendekkendheid havens

Aan

:

Gemeenteraad

Van

:

Jacqueline van Burg

Afdeling

:

-

Kopie aan

:

Simone Bronsveld, Sandra Strotkamp

Datum

:

8 maart 2024

Onderwerp

:

Aanvullende informatie dossier 999890 naar aanleiding commissie d.d. 8 februari 2024.

Inleiding Voor het dossier Kostendekkendheid havens zijn aan de gemeenteraad verschillende documenten aangeboden ter besluitvorming, waaronder het rapport ‘Onderzoek kostendekkendheid gemeentelijke havens’. Dit rapport verschaft inzicht in de kostenopbouw van de scheepvaartrechten en daarmee ook in de kostendekkendheid van deze rechten. Het voorstel, rapport en bijbehorende documenten zijn inhoudelijk besproken tijdens de commissie Samenleving en Bestuur d.d. 8 februari 2024. Aan de hand van deze inhoudelijke behandeling zijn aan de portefeuillehouder verschillende vragen gesteld. Tevens zijn twee toezeggingen aan de commissie gedaan. Deze memo geeft antwoord op deze vragen en toezeggingen en bevat aanvullende informatie op basis van het reeds opgestelde rapport en bijlagen bij het raadsvoorstel. Overigens leidt deze memo niet tot een aanpassing van het voorstel danwel het rapport.

Lagere tarieven in andere havens (toezegging) Gesteld wordt dat andere havens c.q. gemeenten lagere tarieven (kunnen) hanteren voor de verhuur van ligplaatsen. Er zijn echter twee uitgangspunten: 1. De hoogte van de tarieven zegt niets over de kostendekkendheid van een gemeentelijke haven1. 2. De exploitatievorm en de hoeveelheid aan havenactiviteiten hebben invloed op de tarieven.

1 Onze gemeente heeft logischerwijze geen inzicht in de exploitatie van andere gemeenten en havenexploitaties en in

hoeverre er sprake is van integrale kostendoorrekening en marktconformiteit op basis van de WM&O.

1/11

De casus ‘Gemeente De Marne’ omschrijft de juiste methodiek wanneer men wenst te vergelijken tussen verschillende havens en/of gemeenten: “ACM constateert dat veel gemeenten de tarieven van jachthavens baseren op een vergelijking van tarieven met omliggende jachthavens. Een vergelijking zegt echter niet of het tarief wel alle kosten dekt. Anita Vegter, bestuurslid ACM: “Gemeenten moeten eerst kijken of ze alle kosten doorberekenen in hun tarief. Daarna kunnen ze hun tarief vergelijken met die van omliggende jachthavens. Aanpassen van het tarief kan dan nog steeds, zolang het tarief maar alle kosten dekt.” Inzicht in de kosten die worden toegerekend aan de havenexploitatie Overheden mogen producten/diensten niet onder de kostprijs aanbieden. In hoofdstuk 3 en 4 van het rapport wordt dit inhoudelijk toegelicht. Een tarief vaststellen op basis van de tarieven die omliggende havens hanteren is niet mogelijk. Het gaat bij integrale kostendoorrekening in ieder geval de volgende kosten: • Operationele kosten, zoals personeelskosten en huisvestingskosten. • Afschrijvings- en onderhoudskosten. • Vermogenskosten (rentelasten). Voor het bepalen van de kostendekkendheid van de gemeentelijke havens zijn twee acties uitgevoerd: 1. Van alle kosten die ten laste van de havenexploitatie worden geboekt is beoordeeld of deze juist en/of volledig zijn.

Als gevolg van deze analyse zijn verschillende correcties doorgevoerd die een voordelig effect hebben op de totale kosten die ten laste van de havenexploitatie worden geboekt. 2. De tarieven zijn berekend op basis van een taxatie (marktconform). Dit betekent een verhoging van de tarieven en dus de baten. Op basis van deze gegevens is vervolgens de kostendekkendheid berekend. Wanneer de kostendekkendheid lager is dan 100% moeten, op basis van vigerende wetgeving, de tarieven verhoogd worden tot 100% kostendekkendheid is bereikt. De kostendekkendheid per haven is verschillend (meer of minder dan 100%). Als een totale kostendekkendheid van alle haven samen wordt berekend komt deze uit op 98%. Bij retributies en leges waarbij de tarieven voor verschillende activiteiten in één belastingverordening worden geregeld, is zogenoemde kruissubsidiëring mogelijk: een verwacht overschot bij de ene activiteit wordt gebruikt voor de dekking van een verwacht tekort bij een andere activiteit. Het is dus niet nodig om de kostendekkendheid per activiteit te bepalen. In hoofdstuk 6 van het rapport is aangegeven hoe de herijking ten aanzien van het boekjaar 2023 is uitgevoerd en welke consequenties dit heeft op de havenexploitatie. De financiële consequenties in de vorm van budgettaire effecten is uitgewerkt in bijlage 1.

In hoofdstuk 7 van het rapport is per haven het exploitatieoverzicht opgenomen. De kosten zijn verdeeld in vier rubrieken. Per rubriek is in onderstaand overzicht vermeld welke soorten kosten dit betreft:

2/11

Personeel • Loonkosten inclusief werkgeverslasten • Overige personeelskosten zoals reiskosten • Inhuur personeel (piekopvang in de zomermaanden) • Overhead (op basis van BBV-voorschriften) Huisvesting • Kosten havenkantoren / sanitairgebouwen • Gas, elektra, water • Gemeentelijke heffingen • Verzekeringen • Afvalverwijdering Algemeen • Aanschaf duurzame goederen (kleine inventaris) • Onderhoud materialen/gereedschappen, kantoorbenodigdheden • Brandstof boot havenmeesters (alleen Zierikzee) • Verrekeningen vanuit andere afdelingen • Effect kostenverhogende BTW Onderhoud, rente en afschrijving • Onderhoud installaties • Onderhoud havenfaciliteiten op basis van contract • Afschrijving en rente havenfaciliteiten • Dotatie baggervoorziening Verrekening kosten nuts (water en elektra) voor mosselkotters in de haven van Zierikzee In 2006 is de installatie voor water en elektra bij de herinrichting van de Nieuwe Haven (project Maya) aangelegd en is volledig eigendom (beheer en onderhoud) van de ligplaatshouders ten behoeve van mosselkotters. Als gevolg daarvan worden de verbruikskosten voor water en elektra niet door de gemeente op basis van de verordening Scheepvaartrechten (publiekrechtelijk) in rekening gebracht maar hebben zij een eigen overeenkomst met een energieleverancier. Deze kosten blijven dus ook buiten beschouwing binnen de analyse van de kostendekkendheid.

Tarieven beroepsvaart In hoofdstuk 8 van het rapport is door middel van tabellen weergegeven wat de stijging van de tarieven per haven inhoudt door middel van de weergave van het huidige tarief en de noodzakelijke stijging. Deze tarieven zijn op jaarbasis voor een vaste ligplaats. In de tabellen zijn de ligplaatsen van de kleinste omvang in vierkante meters en de ligplaatsen van de grootste omvang in vierkante meters vermeld. De tarieven voor de overige vaste ligplaatsen liggen tussen deze twee bedragen. Een schip van de beroepsvaart maakt onderdeel uit van de bedrijfsvoering, het innemen van een ligplaats is daarmee onlosmakelijk verbonden. Zoals dat bij een fysieke winkel, de huur of hypotheek van een pand per maand betreft.

3/11

De tarieven voor vaste ligplaatsen zijn onderdeel van de verordening Scheepvaartrechten en worden per jaar berekend en in rekening gebracht. Huur of hypotheek van een pand wordt (vaak) per maand weergegeven. Voor de volledigheid is daarom de tabel haven Zierikzee uit hoofdstuk 8 van het rapport hieronder ook per maand weergegeven2. Zierikzee Huidig Nieuw Type (per jaar) (per jaar) naast 16 elkaar € 12,95 € 46,23

Aantal

Stijging

Laagste (per maand)

Hoogste (per maand

257%

huidig 257% nieuw

€ € €

12 31 43

€ € €

455 1.170 1.625

naast 6 elkaar €

12,95

€

41,57

221%

huidig 221% nieuw

€ € €

16 34 50

€ € €

146 322 468

naast 3 elkaar €

12,95 €

36,91

185%

huidig 185% nieuw

€ € €

10 18 28

€ € €

22 40 62

Havens Den Oever en Harlingen Door verschillende insprekers zijn tijdens de commissie d.d. 8 februari 2024 de havens van Den Oever en Harlingen genoemd als zijnde locaties waar mosselkotters vanuit Bruinisse en/of Zierikzee als passant verblijven. Ten aanzien van de tarifering in deze havens wordt gesteld dat deze van een ander niveau zijn dan de tarieven binnen onze gemeente. Eerder is aangegeven, dat de eisen vanuit de WM&O en het besluit Markt en Overheid leidend zijn en niet sec een vergelijking tussen havens. Het is uiteraard wel mogelijk om de tarieven van beide havens weer te geven. Den Oever Haven Den Oever hanteert voor havengelden een weektarief. Voor mosselkotters is dat € 0,22 / m2 (prijspeil 2024).

2 De weergave van de tarieven per maand in deze memo betreft enkel een presentatie van de cijfers en impliceert

niet dat de ligplaatsen per 2025 (of welke datum dan ook) per maand worden uitgegeven en/of per maand in rekening worden gebracht.

4/11

Weektarief 2024 Schepen voor het vissen op schelpdieren verblijvend in de Waddenhaven

€

0,22

M2/week

Schip van 332 GT3 (411,8 m2) Schip van 210 GT (327,69 m2)

€ €

90,60 72,09

M2/week M2/week

In de haven van Den Oever geldt het principe dat het opnieuw innemen van een ligplaats, na het in- en uitvaren van de havenmonding, een nieuw tijdvak begint. Dat betekent dat relatief snel voor twee weken betaald dient te worden. In haven Den Oever liggen kotters vijf gestapeld vanuit de kade. Den Oever kent geen tarief voor een jaarplaats. Voor de volledigheid is een fictief jaartarief berekend door het weektarief met twee-en-vijftig te vermenigvuldigen. Schip van 332 GT (411,8 m2) Schip van 210 GT (327,69 m ) 2

€ €

4.710,99 per jaar 3.748,77 per jaar

In bovenstaand tarief is geen kadegeld opgenomen. Kadegeld is in Den Oever alleen verschuldigd als langer dan 1 week gebruik gemaakt wordt van de kade en bedraagt € 0,36 per in gebruik genomen m2 per dag. Dit staat los van de grootte van het schip. Harlingen De Port of Harlingen is een naamloze vennootschap (N.V.) als rechtspersoon als gevolg van een verzelfstandiging per 16 maart 2018 met gemeente Harlingen als enig aandeelhouder. Dat betekent dat niet vanuit een publieke taak economische activiteiten worden uitgevoerd en de WM&O niet van toepassing is. Daarnaast kent deze haven een commercieel havengebied en betreft containeroverslag (28.000 TEU4), overslag zeevaart en binnenvaartschepen. In de haven zijn 215 bedrijven gevestigd met 3.300 werknemers. De omzet in 2021 was 300 miljoen euro. Het aantal passagiers die gebruik maken van de veerdiensten Vlieland en Terschelling is 75.000 per jaar. Per jaar doen 5.244 schepen van de vissersvloot (garnalen, mosselen, platvis) de haven aan. De zogenaamde Bruine vloot telt 70 schepen. Op basis van de tarieventabel 2024 van N.V. Port of Harlingen betaalt een mosselkotter voor een jaarplaats in Harlingen het volgende tarief:

3

De bruto-tonnenmaat (Gross Tonnage of GT) wordt berekend met een formule waarin zowel het scheepsvolume onder het bovendek als de ingesloten ruimtes boven het bovendek zijn opgenomen. 4

TEU (ook wel teu) is de aanduiding voor de afmetingen van containers. De afkorting staat voor Twenty Foot Equivalent Unit.

5/11

Tarieven 2024

Havengeld

Kadegeld

Totaal

Eenheid

GT/jaar

m/jaar

per jaar

Vissersschip

€

21,53

€

23,99

332 GT (411,8 m2)

€

7.147,96

€

987,91

€ 8.135,87

210 GT (327,69 m2)

€

4.521,30

€

873,48

€ 5.394,78

Indien het schip aan een eigen kade aanlegt is alleen havengeld verschuldigd. Port of Harlingen geeft kavels uit door middel van (langdurige) huur- en pachtvoorwaarden. Voor de verzelfstandiging van deze haven in 2018, hebben Zeeuwse bedrijven in collectief door middel van investeringen gezamenlijk een deel van de kade en bedrijfspanden (verbindingskanaal van het Harinxmakanaal) in deze haven in bezit. Dat betekent dat kadegeld niet betaald hoeft te worden. Voor de berekening van het totale jaartarief in Harlingen is uitgegaan van een schip dat aanlegt aan de openbare kade, zodat een vergelijking met Zierikzee mogelijk is. Een vergelijking met Zierikzee (= 100%), vaste ligplaats voor 1 jaar op basis van de tarieventabel 2024, geeft het volgende resultaat: Vergelijking

Den Oever

Harlingen

Zierikzee

332 GT (411,8 m2)

€

4.710,99

€

8.135,87

€ 5.575,77

210 GT (327,69 m2)

€

3.748,77

€

5.394,78

€ 4.436,92

332 GT (411,8 m2)

84%

146%

100%

210 GT (327,69 m2)

84%

122%

100%

Verdeelsleutel (toezegging) Naar aanleiding van de vraag of het mogelijk is een verdeelsleutel te bepalen om de kosten te kunnen verdelen over beroepsvaart en recreatievaart, met als doel de tariefsverhoging voor de beroepsscheepvaart te matigen, zijn de mogelijkheden op basis van dit verzoek onderzocht. Daarbij is het wel van belang te realiseren dat de wet Markt en Overheid (WM&O) in beginsel geen mogelijkheden biedt om de kostendoorrekening zoals omschreven in het Besluit Markt & Overheid anders te bepalen. Een dergelijke verdeelsleutel is enkel van toepassing voor de haven van Zierikzee. De havens van Bruinisse en Den Osse5 zijn volledig bestemd voor beroepsvaart en de haven van Brouwershaven betreft volledig recreatievaart en slechts een klein deel beroepsvaart 6.

Het gedeelte van haven Den Osse dat wordt geëxploiteerd door de gemeente. Verschillende bedrijven gevestigd in en rond de haven van Brouwershaven, huren een oppervlakte water op basis van een privaatrechtelijke overeenkomst gebaseerd op de uitgangspunten wet Markt en Overheid. Beroepsvaart is van toepassing op de verhuur van ligplaatsen aan de loswal te Brouwershaven. 5 6

6/11

Voor de haven Zierikzee7 zijn de baten in totaal €445.948. Dit is inclusief de verhoging van de tarieven voor de vaste ligplaatshouders van €94.490. Zonder deze verhoging zijn de baten €351.458. De huidige baten van vaste ligplaatshouders gerelateerd aan de beroepsvaart zijn €36.683. Dat is 10,4% van de baten voor verhoging. Voor de beroepsvaart is een verhoging berekend van €93.554. De totale baten voor deze categorie komen dan uit op €130.237. Dit is 29,2% van de totale baten inclusief verhoging. Wanneer wordt gekeken naar tarieven voor recreatieve ligplaatsen en passanten, zijn de tarieven sinds het jaar 2014 met 60% gestegen. Daarbij gaat het om 20% reguliere indexatie en 40% op basis van integrale kostendoorberekening. Deze tarieven voldoen daarbij ook aan de uitgangspunten van marktconformiteit. De baten voor beide categorieën dekken naar rato een deel van de kosten uit alle eerder genoemde rubrieken. Een andere verdeling c.q. verdeelsleutel is niet mogelijk op basis van de feitelijke kosten per categorie en gebruik van water en havenfaciliteiten. In de Nota van Toelichting bij het Besluit markt en overheid staat het volgende: "Voor het bepalen van de integrale kosten zijn alle kosten relevant die samenhangen met het verrichten van een economische activiteit.

In dit besluit wordt een drietal categorieën onderscheiden, namelijk operationele kosten, afschrijvings- en onderhoudskosten en vermogenskosten. (…) De opsomming van kostensoorten betreft de hoofdlijnen en heeft geen limitatief karakter. Ook indien kostensoorten geen deel zouden uitmaken van de genoemde categorieën dienen zij bij de kostenberekening en -toerekening te worden betrokken, voor zover zij verband houden met de economische activiteit. Alle kosten die samenhangen met een bepaalde activiteit dienen immers te worden berekend en toegerekend aan het desbetreffende goed of dienst. (…) Het uitgangspunt dat alle relevante kosten moeten worden doorberekend, geldt alleen voor zover het kosten betreft die ook in de private sector gemaakt kunnen worden. Dat geldt niet voor zuiver bestuurlijke werkzaamheden. Het gaat in dit verband in het bijzonder om de voorbereiding van (bestuursrechtelijke) besluiten, het voeren van bezwaar- en beroepsprocedures over deze besluiten en het toezicht op naleving. (…) Om de integrale kosten van een goed of dienst te bepalen, moeten alle relevante kosten aan dat goed of die dienst worden toegerekend, in het bijzonder de operationele, afschrijvings- en onderhouds-, en vermogenskosten.

De kosten van productiemiddelen die voor een economische activiteit worden gebruikt, dienen te worden toegerekend aan desbetreffende activiteit, het zogenaamde kostenveroorzakingsbeginsel, om te komen tot de integrale kosten. Het betreft onder meer de kosten van personeel, huisvesting, activa en vermogen, ofwel productiemiddelen. De kosten van productiemiddelen dienen te worden toegerekend aan een economische activiteit naar de mate waarin die productiemiddelen worden aangewend voor die activiteit (…). Voor de hiervoor beschreven wijze van kostentoerekening is niet relevant of het directe kosten of indirecte kosten betreft. 7 Gelijk aan het rapport ‘Onderzoek kostendekkendheid gemeentelijke havens’ gebaseerd op het boekjaar 2023.

7/11

In dit kader wordt met indirecte kosten gedoeld op kosten die weliswaar niet direct voortvloeien uit het leveren van het goed of het verrichten van de dienst maar die wel in enig verband staan met de economische activiteit."

Economische spin-off en algemeenbelangbesluit Gesteld wordt dat de aanwezigheid van de mosselkotters en de bruine vloot een positief effect heeft op het toerisme en daardoor de middenstand van Schouwen-Duiveland een financieel voordeel heeft. Een inhoudelijke discussie daarover is echter niet evident. Economische spin-off in een dergelijke situatie is niet te berekenen. Afwezigheid (tijdelijk of permanent) van mosselkotters betekent namelijk niet dat Zierikzee door minder toeristen wordt bezocht. De aanwezigheid van de mosselkotters is daarbij voor (een deel van de bezoekers) een pré qua beeld langs de haven maar geen toeristische attractie of bestemming op zich zelf. Veere is een stad met een voormalige zeehaven. De afsluiting van het Veerse Gat in 1961 betekende het einde van Veere als vissershaven en de vissersvloot moest verhuizen. Veere is echter een populaire toeristische gemeente aan de Zeeuwse kust. De vrijetijdssector is de economische motor van gemeente Veere, het zorgt voor welvaart, voorzieningen en werkgelegenheid volgens het Programma Toerisme 2021-2026. Daarin wordt ook benoemd dat het groeiende toerisme een druk op de leefbaarheid en het landschap geeft. Dat is overigens herkenbaar voor Schouwen-Duiveland. De term economische spin-off definieert zich bovendien als het effect dat de (hele) economie van een toeristisch gebied profiteert.

Dat is feitelijk anders dan de aanwezigheid van een bedrijf dat voor haar bedrijfsactiviteiten een kotter gebruikt. Economische impact kan worden gebruikt als argument voor publieke ondersteuning en financiering van (sport-)evenementen. Economische impact wordt gedefinieerd als ‘de extra ofwel additionele bestedingen die door een evenement veroorzaakt worden in een bepaald gebied’. Op de schaal van Schouwen-Duiveland kan gedacht worden aan evenementen als Concert at Sea, de Visserijdagen in Bruinisse, Havendagen in Zierikzee en de Deltaweek. Een economische impactstudie richt zich in principe op die zogenaamde additionele uitgaven van bezoekers, deelnemers en de organisatie. Die uitgaven tellen alleen mee, als ze voldoen aan twee voorwaarden: • Er moet dan wel sprake zijn van een verband tussen de (additionele) uitgaven en het evenement. Uitgaven tellen voor de impact enkel mee wanneer bezoekers speciaal voor dat evenement naar het onderzoeksgebied zijn gekomen. • Uitgaven tellen enkel mee wanneer er géén sprake is van verschuiving van de vraag. Subsidies van de lokale overheid zijn daar een voorbeeld van. Ofwel: als het evenement niet had plaatsgevonden, had de lokale overheid deze subsidie naar alle waarschijnlijkheid ook in de lokale economie gestopt. Deze uitgaven tellen dus niet mee als additioneel.

De Visserij- en Havendagen zijn weliswaar evenementen aan de haven, maar dat staat los van de vaste ligplaatsen van de mosselkotters ten behoeve van de bedrijfsmatige activiteiten gedurende het gehele kalenderjaar.

8/11

Algemeenbelangbesluit In het rapport is in hoofdstuk 5 het zogenaamde algemeenbelangbesluit uitgewerkt. Voor de inhoudelijke en juridische context verwijzen wij in deze memo naar dit hoofdstuk. Voor de toepassing van het algemeenbelangbesluit dient de overheid noodzaak en proportionaliteit aan te tonen. De gemeenteraad heeft in 2014 besloten tot een aanwijzing diensten van algemeen belang Schouwen-Duiveland op basis van artikel 25h, vijfde lid van de Mededingingswet. Dat besluit bestaat uit de volgende onderdelen: • De uitgifte van gronden8; • Het bieden van parkeergelegenheid met alle bijbehorende voorzieningen op het Transferium; • Het tegen maatschappelijk tarief beschikbaar (laten) stellen van faciliteiten van Sportcentrum Westenschouwen, het sportcomplex aan de Lange Blokweg en ander vastgoed (gymzalen, sportzalen) (inclusief aanvullend dienstbetoon) en sportvelden, kantines/paviljoen, was- en kleedaccommodaties, (zwem)water e.d.

ten behoeve van amateursport; • Het tegen maatschappelijk tarief beschikbaar stellen van maatschappelijk vastgoed voor instellingen, zoals zorginstellingen, kinderdagverblijven en peuterspeelzalen, de VVV, dorpshuizen, musea en culturele instellingen of verenigingen en de reddingsbrigade; • De verhuur van bepaalde oevers en delen van (vis)water aan verenigingen; • Het in bruikleen geven van de gemeentelijke museale collectie aan het Stadhuismuseum; • Het ter beschikking stellen van gesubsidieerde arbeid om uitkeringsgerechtigden naar betaald werk te begeleiden via De Zuidhoek of een andere door het college aan te wijzen organisatie die verantwoordelijk is voor re-integratie van uitkeringsgerechtigden; • Het verhuren of ter beschikking stellen van monumentaal vastgoed; • Het ter beschikking stellen van manuren en materieel bij evenementen.

Havenvisie In 2012 is door de gemeenteraad de Havenvisie en havengebruiksplan Zierikzee vastgesteld. Het opstellen van deze visie was onderdeel van het Europese project Transcoast, waarbij enerzijds een herinrichting van het Havenplein heeft plaatsgevonden en anderzijds het ontwikkelen van een “exploitatie interessant toeristisch recreatieve component” in de haven nabij ’t Sas. Daarbij is tevens uitvoering gegeven aan het verzoek van de commissie om het overleg te voeren met de gebruikers in de haven. De documenten zijn tot stand gekomen via workshops met havengebruikers.

“De uitgifte van gronden; Deze activiteit vindt zoveel mogelijk plaats op basis van marktwaarde. Het valt echter niet uit te sluiten dat in incidentele gevallen de kostprijs van de verkoop van grond hoger ligt dan de verkoopprijs. Daarbij kan gedacht worden aan gronden die daartoe eerst gesaneerd moeten worden, gronden die na een lang onderhandelingstraject worden verkocht of kleine stukjes grond waarbij de transactiekosten, ook intern, relatief hoog zijn.” 8

9/11

Van belang waren destijds ruimtetekort in de haven en de daarmee samenhangende veiligheid. In het rapport is een analyse opgenomen die gericht is op het hele havengebruik in de verschillende havens van Zierikzee. De mogelijkheden zijn gericht op capaciteitswinst, dat leidde destijds ook tot verschillende investeringen. Maatregelen en acties op basis van Havenvisie en havengebruiksplan, afgestemd met havengebruikers op 31 augustus 2012: Intensiveren gebruik Nieuwe Haven • Kadeplaatsen locatie Mosselkotters In overleg met de Mosselvissers afspraken maken met betrekking tot het herschikken van de mosselkotters op topdagen indien de bedrijfsvoering daaronder niet lijdt. • Locatie Brandstofstation Bouwman In overleg afspraken maken met firma Bouwman en Mulder Yachtservice voor het verplaatsen van een tweetal bunkerboten op topdagen zodat de hierdoor vrijkomende ruimte beschikbaar is voor passanten. • Locatie vuilwaterstation De locatie van het vuilwaterstation vanaf de avond tot de vroege ochtend gebruiken voor passanten. • Verlengen steiger Nieuwe Haven De huidige passantensteiger in de Nieuwe Haven eindigt circa 40 meter voor de brug. Verlengen van deze steiger levert extra ligplaatsen. Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd (investering € 67.000).

Meervoudig gebruik steiger ’t Luitje In 2012 realiseerden we in overleg met de gebruikers van de haven een drijvende steiger voor de chartervaart waarbij we rekening hielden met de wensen van de chartervloot en de BBZ (Belangenvereniging voor de chartervaart). (Investering € 155.000) Garanderen passantencapaciteit locatie KRZV ‘De Maas’ Een nieuwe huurovereenkomst sluiten met KRZV ‘De Maas’ met daarin de bepaling opgenomen dat minimaal 15 plaatsen beschikbaar moeten worden gehouden in vooraf te stellen periodes. Tijdens topdagen kunnen deze beschikbare plaatsen door de havenmeester worden toegewezen aan passanten.9 Havenbeleid en havenbeheer • Instemmen met een periodiek overleg tussen gemeente en gebruikers van de haven. Dit overleg vindt jaarlijks plaats voorafgaand aan de start van het recreatieve vaarseizoen. • Het flexibel toekennen van ligplaatsen, dat wil zeggen dat bij afwezigheid van schepen de havenmeesters vrij over de ruimte kunnen beschikken. Steiger voor Rollandthof Aan Rollandthof is een nieuwe steiger gerealiseerd en is de haven gebaggerd ten behoeve van het gebruik van deze steiger. (Investering € 1.065.621).

9 Inmiddels is met KRZV De Maas een nieuwe overeenkomst gesloten op basis van de uitgangspunten WM&O en

hebben zij niet meer de verplichting om 15 ligplaatsen beschikbaar te houden wegens het dalende aantal passanten in de haven van Zierikzee.

10/11

Steiger Engelse Kade Aan de Engelse Kade is een nieuwe steiger gerealiseerd. (Investering € 248.000) Alle maatregelen zoals opgenomen in de havenvisie en havengebruiksplan Zierikzee zijn uitgevoerd. Ondanks dat het vaststellen van deze documenten reeds in het jaar 2012 heeft plaatsgevonden, was de aanleg van de nieuwe steiger aan de Engelse Kade in het jaar 2023 het laatste onderdeel van het uitvoeringsprogramma. Het opstellen van een nieuwe Havenvisie met als doel tot een nieuwe c.q. andere haveninrichting te komen is daarom overbodig. Dat geldt logischerwijze ook voor onderzoek naar tarifering en de havenexploitatie. In de huidige Agenda Toerisme zit de link tussen blauw en groen, het idee om mensen die per boot aankomen meer van het eiland te laten zien en te genieten. In praktijk blijkt dat lastig en daarom wordt dit in de herijking vanaf 2026 niet meer prominent opgenomen. De markt van de riviercruisevaart is klein en heeft geen waarde voor gemeentelijk beleid qua spreiding in ruimte en tijd (meer mensen die ons eiland bezoeken buiten het hoogseizoen en/of andere plekken bezoeken dan alleen het strand). Bovendien eet- en drinkt men aan boord want dat is het verdienmodel van de cruise-aanbieder. Ook voor de eilandmarketing is het geen speerpunt.

Sterker nog, binnen de toeristische sector behoren cruises momenteel tot de laagste regionen, met name vanwege het vervuilende karakter. Maar ook vanwege de grote stroom mensen die men in korte tijd op een bestemming loslaat. Het zorgt voor drukte maar niet voor extra omzet, excursies zijn al op de boot betaald en eten en drinken doet men liever aan boord want dat is inclusief. Het zorgt dus vooral voor extra drukte op plaatsen waar het vaak al druk is. De vraag is daarom legitiem wat de toegevoegde waarde is van een nieuwe visie.

11/11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13905315/1