GRO parkeerterrein Kriekemeet Definitief
Tekst van het document
27.2.2 Andere bestemmingen Ten behoeve van andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag niet worden gebouwd indien het bouwplan betrekking heeft op een bouwwerk met een oppervlakte groter dan 2.500 m² en waarbij bovendien grond- of graafwerkzaamheden dieper dan 0,50 meter beneden het maaiveld plaatsvinden; het bepaalde in lid 27.2.2, onder a is niet van toepassing indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering.
25
Conclusie De aannemer gaat akkoord met de voorwaarden dat hij 2.500 m2 oppervlakte en 0,5 meter diepte niet mag overschrijden. Omdat het slechts 200 m2 betreft waar men niet dieper dan 0,5 meter mag. Er is geen nader onderzoek nodig.
26
5 Uitvoerbaarheid 5.1 Economische uitvoerbaarheid Toetsing / toepassing Grondexploitatiewet Naast de planologische haalbaarheid van het project zoals getoetst in voorgaande paragrafen, moet ook de financieel-economische uitvoerbaarheid van een planontwikkeling worden aangetoond. In de Wet ruimtelijke ordening is de Grondexploitatiewet opgenomen. Doelstelling is om in de situatie van particuliere grondexploitatie de overheid een stelsel te bieden om te kunnen komen tot kostenverhaal en regie bij locatieontwikkeling. Op basis van deze wetgeving is het vaststellen van een exploitatieplan verplicht voor een aantal bouwactiviteiten wanneer de bouw met een planologische procedure mogelijk wordt gemaakt.
De bouwplannen waarbij een exploitatieplan verplicht is staan in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening en betreffen: - de bouw van een of meer woningen; - de bouw van een of meer andere hoofdgebouwen; - de uitbreiding van een hoofdgebouw met ten minste 1.000 m² of met een of meer woningen; - de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor woondoeleinden, mits ten minste 10 woningen worden gerealiseerd; - de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor detailhandel, dienstverlening, kantoor of horecadoeleinden, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functies tenminste 1.000 m² bedraagt; - de bouw van kassen met een oppervlakte van ten minste 1.000 m². Bovendien is een exploitatieplan nodig als locatie-eisen (aan openbare ruimte of woningcategorieën) gesteld moeten worden en/of het bepalen van een tijdvak of fasering noodzakelijk is. Geen exploitatieplan is nodig indien het verhaal van de kosten van grondexploitatie anderszins verzekerd is én er geen fasering of tijdvak behoeft te worden vastgelegd én geen locatie-eisen (aan openbare ruimte of woningbouwcategorieën) hoeven te worden vastgesteld.
Tevens is wettelijk geregeld dat voor onbenutte bouwruimte die al opgenomen was in een bestemmingsplan dat nog op basis van de oude Wet op de Ruimtelijke Ordening was opgesteld en vastgesteld en bij de herziening van dat bestemmingsplan na 1 juli 2008 geen andere bestemmingsregeling is vastgesteld, geen exploitatieplan hoeft te worden vastgesteld. Toetsing en conclusie Voor voorliggende ontwikkeling is een exploitatieplan niet nodig. Het betreft geen bouwplan en ook geen particuliere ontwikkeling / grondexploitatie. De gemeente is eigenaar van de gronden, initiatiefnemer en is verantwoordelijk voor de realisering, beheer en het onderhoud van het parkeerterrein. De economische uitvoerbaarheid is daarmee voldoende verzekerd.
5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Voor dit project wordt de uitgebreide procedure doorlopen voor de omgevingsvergunning ‘afwijken bestemmingsplan’ (zie paragraaf 1.3). Deze procedure biedt voor een ieder de mogelijkheid door middel van een zienswijze te reageren op het ontwerpbesluit, dat gedurende zes weken ter inzage ligt. Vervolgens staat nog de gang naar de rechtbank en daarna de Raad van State open. Conclusie Met bovenstaande procedure wordt de maatschappelijke betrokkenheid afdoende gewaarborgd.
27
6 Samenvatting en conclusie De gemeente Schouwen-Duiveland wil de parkeerplaats realiseren om het verlies van parkeerplaatsen in de kern van Haamstede als gevolg van de herinrichting te compenseren. Het vigerende bestemmingsplan is het bestemmingsplan ‘Burgh-Haamstede’ vastgesteld op 28 april 2016. De locatie waar de parkeerplaats dient te worden aangelegd, heeft de enkelbestemming ‘GroenWeidegrond’. Het aanleggen van een parkeerplaats van deze omvang is niet rechtstreeks mogelijk binnen deze bestemming. Om de aanleg van het beoogde parkeerterrein mogelijk te maken, wordt gebruik gemaakt van de uitgebreide procedure in lid 1, sub a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Dit artikel regelt dat een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik kan worden verleend, indien aangetoond wordt dat deze niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Deze (goede) ruimtelijke onderbouwing maakt de ruimtelijk relevante aspecten van dit project inzichtelijk. Met de ruimtelijke onderbouwing wordt aangetoond dat wordt voldaan aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening
28