Algemene subsidieverordening gemeente Schouwen-Duiveland 2026
Tekst van het document
14
Gemeenteblad 2026 nr. 143176
26 maart 2026
Lid 2 sub a. De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk verslag De aanvraag tot vaststelling moet een compleet beeld geven van wat er met de subsidie is gebeurd. Hiervoor dient u altijd de documenten in genoemd in het tweede lid. In het inhoudelijk verslag (lid 2 sub a) staat in hoeverre de activiteiten zijn verricht waarvoor de subsidie is verkregen. Ook staat in het verslag of de subsidieontvanger aan de verplichtingen heeft voldaan. De subsidieontvanger kan ook al vooraf bij de subsidieverlening aangeven op welke manieren de activiteiten en verplichtingen plaatsvinden. Er kunnen daarbij verschillende instrumenten worden gebruikt, zoals: bestuurs- en activiteitenverslagen; 1. een managementverklaring; 2. een deskundigenverklaring; 3. andere bewijsstukken (bijvoorbeeld een publicatie). 4. Het verslag kan ook bestaan uit een algemeen jaarverslag van een rechtspersoon. Het gaat er om dat duidelijk is dat de verkregen subsidie is gebruikt voor het doel waarvoor we de subsidie verlenen. Lid 3 en 4. Deelwaarneming Met een deelwaarneming wordt bedoeld dat het college gericht een nadere controle kan uitvoeren op (een deel van) uw subsidieverantwoording. Dit gebeurt bijvoorbeeld als er onduidelijkheden zijn in het ingediende verslag, als bedragen sterk afwijken van eerdere jaren of als er signalen zijn dat verplichtingen mogelijk niet zijn nagekomen.
Het kan ook gaan om een steekproef: in dat geval wordt bij een deel van de subsidieontvangers extra gecontroleerd of de verantwoording juist en volledig is. Bij een deelwaarneming kan het college u vragen om extra informatie, zoals onderliggende facturen, bankafschriften, contracten, projectadministratie of nadere toelichtingen. U bent verplicht om deze gegevens en bescheiden te verstrekken, zodat het college kan beoordelen of de subsidie rechtmatig is besteed. Het doel van de deelwaarneming is om vast te stellen of uw verantwoording aansluit bij de werkelijkheid en of u zich aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen heeft gehouden. Als uit de deelwaarneming blijkt dat uw verantwoording onjuist, onvolledig of in strijd met de subsidievoorwaarden is, kan dat gevolgen hebben voor de hoogte van de definitieve subsidie. In dat geval kan het college besluiten de subsidie lager vast te stellen dan eerder was verleend. Ook kan het college de subsidie (gedeeltelijk) intrekken of reeds uitbetaalde bedragen (gedeeltelijk) terugvorderen. Lid 5. Het college kan in een subsidieregeling of verleningsbeschikking aangeven dat zij andere instrumenten willen zien In een specifieke subsidieregeling of in de 'verleningsbeschikking, kan het college besluiten om andere, meer of juist minder gegevens te vragen.
Als dit voor u geldt, staat dit duidelijk in de regeling of in uw beschikking vermeldt. ARTIKEL 17. AANVRAAG VASTSTELLING SUBSIDIES VAN MEER DAN € 100.000 Lid 2. De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk en financieel verslag, en een controleverklaring van een accountant Bij subsidies van meer dan € 100.000 is de verantwoording zwaarder dan bij lagere subsidiebedragen. De gemeente verstrekt in deze gevallen aanzienlijke publieke middelen. Wij willen daarom extra zorgvuldig kunnen toetsen of deze rechtmatig en doelmatig zijn besteed. Daarom is naast een inhoudelijk en financieel verslag ook een controleverklaring van een onafhankelijk accountant verplicht. Lid 2 sub a. Inhoudelijk verslag In het inhoudelijk verslag beschrijft u in hoeverre de activiteiten zijn uitgevoerd zoals in de verleningsbeschikking is afgesproken. Ook licht u toe in hoeverre aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan. Lid 2 sub b. Financieel verslag Het financieel verslag maakt afzonderlijk en controleerbaar inzichtelijk welke uitgaven en inkomsten verbonden zijn aan de gesubsidieerde activiteiten. Dit betekent dat duidelijk moet zijn welke kosten zijn gemaakt voor de gesubsidieerde activiteit, welke inkomsten (zoals eigen bijdragen, overige subsidies of sponsorgelden) hier tegenover staan, en hoe de gemeentelijke subsidie precies in deze financiële stromen is verwerkt.
Lid 2 sub c. Controleverklaring van een onafhankelijk accountant De controleverklaring van een onafhankelijk accountant geeft het college extra zekerheid over de juistheid en rechtmatigheid van de subsidieverantwoording. De accountant toetst of de verantwoording voldoet aan het door het college vastgestelde verantwoording- en accountantscontroleprotocol. De controleverklaring heeft uitsluitend betrekking op de subsidieverantwoording (inhoudelijk en financieel) en bevestigt dat deze een getrouw beeld geeft en voldoet aan de daarvoor geldende voorwaarden. Lud 2 sub d en e. Bij subsidieverlening van meer dan € 500.000: ook jaarrekening van het betreffende boekjaar Bij een subsidieverlening van meer dan € 500.000 moet u daarnaast de jaarrekening van het betreffende boekjaar meesturen. Deze jaarrekening wordt door het college gebruikt voor de dossiervorming en het bredere financieel beeld van uw organisatie. Het gaat hierbij niet om extra controle-eisen, maar om aanvullende informatie die helpt om de subsidierelatie in context te plaatsen (bijvoorbeeld de financiële positie en continuïteit van de organisatie).
15
Gemeenteblad 2026 nr. 143176
26 maart 2026
Als uw organisatie al beschikt over een controleverklaring bij de volledige jaarrekening, kan in sommige gevallen worden volstaan met die bestaande verklaring. Voorwaarde is dan wel dat de subsidieverantwoording als aparte bijlage bij de jaarstukken is opgenomen én dat de accountant in zijn controleverklaring een expliciet oordeel geeft over die bijlage. Lid 3. In dit lid staat dat we in een subsidieregeling meer of minder informatie mogen vragen In bepaalde gevallen kan worden afgeweken van de eisen zoals opgenomen onder lid 2. Lid 4. Meerdere subsidies, één controleverklaring Ontvangt uw organisatie meerdere subsidies van de gemeente die allemaal boven de drempel van € 125.000 uitkomen? Dan hoeft u niet voor elke subsidie een aparte, volledige accountantscontrole te laten uitvoeren. U kunt in dat geval volstaan met één controleverklaring die betrekking heeft op alle betreffende subsidies en de jaarrekening. Dit bespaart u aanzienlijke kosten en administratieve lasten. ARTIKEL 18. SUBSIDIEVASTSTELLING DOOR HET COLLEGE SUBSIDIES VAN MEER DAN € 10.000 Lid 1 en 2. Hierin staat in welke periode het college de beslissing moet nemen Dit staat ook in artikel 4:13 van de Awb. Deze termijn kan met zes weken worden verdaagd. (lid 2). Ingewikkelde aanvragen kosten namelijk meer tijd. Deze zes weken geven het college meer tijd om een beslissing te nemen. ARTIKEL 19.
BEREKENING VAN UURTARIEVEN, UNIFORME KOSTENBEGRIPPEN Lid 1. Maakt het college gebruik van uurtarieven in een subsidiabel kostenoverzicht? Dan moeten zij de manier waarop zij de uurtarieven berekenen en de definities die daarbij horen vastleggen in een subsidieregeling. Lid 3. Is er sprake van een Europees steunkader? Dan mag het college alleen tarieven en kostenbegrippen gebruiken die in het Europees steunkader zijn vermeld. ARTIKEL 20. INDEXERING Dit artikel heeft tot doel het financiële kader voor structurele subsidies jaarlijks aan te passen aan de door de gemeenteraad vastgestelde indexeringspercentages. De indexering heeft betrekking op het beschikbare subsidiebudget of het subsidieplafond en leidt niet tot een automatische aanspraak op indexering van het individueel verleende subsidiebedrag. De uiteindelijke hoogte van de subsidie blijft afhankelijk van de ingediende aanvraag en van de jaarlijkse inhoudelijke en financiële afweging door het college en de raad. Verder regelt dit artikel hoe structurele (meerjarige of jaarlijks terugkerende) subsidies automatisch worden aangepast aan kostenontwikkelingen, zoals loon- en prijsstijgingen. De gemeenteraad stelt hiervoor jaarlijks indexeringspercentages vast in de Programmabegroting of in andere financiële besluiten. Deze indexering kan omhoog (positief), omlaag (negatief) of gelijk blijven (nul zijn).
In principe past het college deze door de raad vastgestelde indexering automatisch toe op de structureel verleende subsidies. Alleen als de raad in de Programmabegroting of in een ander financieel besluit iets anders bepaalt, of als in een specifieke subsidieregeling van het college uitdrukkelijk is afgeweken, geldt een andere aanpassing. De gemeenteraad kan er bovendien voor kiezen om voor bepaalde programma’s, subsidieregelingen, groepen subsidies of individuele subsidies een afwijkend indexeringspercentage vast te stellen. Dit speciale besluit gaat dan vóór de algemene indexering. ARTIKEL 21. HARDHEIDSCLAUSULE Lid 1 en 2. Soms mag het college een andere termijn vaststellen voor de subsidieregeling In uitzonderlijke gevallen is het is niet evenredig om aan een termijn in de ASV vast te houden. De termijn uit de subsidieregeling is dan in strijd met bepaalde belangen (lid 1). Het college kan ook een hardheidsclausule opnemen in de subsidieregeling (lid 2). ARTIKEL 22. SLOTBEPALINGEN In artikel 22 is het overgangsrecht opgenomen voor aanvragen van verlening en vaststelling van subsidies. Deze verordening (ASV 2026) treedt in werking op 1 april 2026. Alle geldende subsidieregelingen en andere regelingen die na de inwerkingtreding van deze verordening zijn ingediend, zijn gebaseerd op artikel 3, tweede lid, van de ASV.
16
Gemeenteblad 2026 nr. 143176
26 maart 2026
Bijlage 1 behorende bij de Algemene subsidieverordening gemeente Schouwen-Duiveland 2026 - Programma 1.1 Opvang zwerfdieren - Programma 3.1 Recreatie, economie en veiligheid - Programma 3.2 Bestaande, niet commerciële evenementen - Programma 4.1 Onderwijsachterstandenbeleid - Programma 4.2 Onderwijsbegeleiding - Programma 5.1.1 Regeling Revitaliseringsfonds. - Programma 5.3 Bibliotheekwerk - Programma 5.4 Lokale omroep - Programma 5.5 Musea - Programma 5.7 Sport en beweging, bijzondere (top)sportevenementen - Programma 5.8 Sport en beweging, algemeen en doelgroepen - Programma 7.1 Natuur- en milieueducatie - Programma 7.2 Voorlichting milieubeleid - Programma 8.1 Beschermde monumenten - Programma 9.2 Dorpshuizen en gemeenschapshuizen - Programma 9.3 Vrijwilligersondersteuning - Programma 9.4 Jeugd - Programma 9.5 Leefbaarheid - Programma 9.6 Maatschappelijke dienstverlening - Programma 9.7 Maatschappelijke ondersteuning (huishoudelijke hulp) - Programma 9.9 Maatschappelijke participatie - Programma 9.10 Mantelzorgondersteuning - Programma 9.11 Peuteropvang en voorschoolse educatie - Programma 9.12 Innovatie sociaal domein - Programma 9.13 Subsidies volksfeesten - Programma 9.14 Diversiteit - Regeling Eenmalige subsidies Maatschappelijke Organisaties
17
Gemeenteblad 2026 nr. 143176
26 maart 2026