984574 Bijlage 2. Overzicht wijzigingen welstandsnota 2023
Tekst van het document
Overzicht wijzigingen Welstandsnota 2023
Welstandsnota 2012
Welstandsnota 2023
Wijziging
Onder iedere gebiedsbeschrijving is een verwijzing naar een vastgesteld Beeldkwaliteitsplan gemaakt. De welstandscriteria dienen altijd in samenhang met de gehele gebiedsbeschrijving van het desbetreffende deelgebied waarop de bouwaanvraag van toepassing is, te worden gehanteerd.
De welstandscriteria dienen altijd in samenhang met de gehele gebiedsbeschrijving van het desbetreffende deelgebied en/of voor in het gebied vastgestelde beeldkwaliteitsplan te worden toegepast.
Verwijzing toegevoegd naar de vastgestelde Beeldkwaliteitsplannen.
Steden, dorpen en monumenten Beschermde stads- of dorpsgezichten (Zierikzee, Brouwershaven, Noordgouwe, Dreischor) rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten Kunststof toepassingen zijn niet toegestaan tenzij situatie acceptabel is gelet op de belendingen en gekozen architectonische opzet.
Kunststof toepassingen zijn slechts toegestaan indien de situatie acceptabel is gelet op de belendingen en gekozen architectonische opzet. Dit in alle gevallen ter beoordeling van de welstands-/monumentencommissie.
Voor het toepassen van dakpanbedekking zijn andere materialen dan ongeglazuurde keramische dakpannen niet toegestaan
Dakpanbedekking wordt uitgevoerd in ongeglazuurde keramische dakpannen.
Betonnen dakpannen zijn niet toegestaan, tenzij de toepassing acceptabel is gelet op de directe omgeving. Dit in voorkomende gevallen ter beoordeling van welstands-/monumentencommissie.
Betonnen dakpannen zijn slechts toegestaan, indien de toepassing acceptabel is gelet op de directe omgeving. Dit in alle gevallen ter beoordeling van welstands-/monumentencommissie.
Een nuance aangebracht in tekst voor het toepassen van kunststof in de beschermde stads- of dorpsgezichten, waardoor kunststof toepassingen niet meer geheel zijn uitgesloten.
Overige dorpskernen De historische kern Schuddebeurs, de dorpen (Burgh, Haamstede, Kerkwerve, Nieuwerkerk, Noordwelle, Ouwerkerk, Renesse, Serooskerke, Scharendijke, Oosterland, Sirjansland, Zonnemaire en Bruinisse) Ellemeet
Ellemeet toevoegen binnen overige dorpskernen.
Bijzondere woonconcentraties (Nieuw-Haamstede, Westenschouwen, Westerenban, Grevelingenhout) Afdekking met plat dak is niet toegestaan.
Deze regel komt te vervallen. Veel woningen binnen deze gebieden hebben een plat dak.
Planmatige uitbreidingen Planmatige uitbreidingen (Schendersweg, West-Bruinisse, Riekusweel, Calandweg, Poortambacht , Noorderpolder) (Schendersweg, West-Bruinisse, Riekusweel, Calandweg, Poortambacht , Noorderpolder)
Het expliciet benoemen van wijken komt te vervallen. Voor alle planmatige uitbreidingen op het eiland kan teruggevallen worden op de welstandsnota tenzij er geen specifiek beeldkwaliteitsplan is opgesteld.
Buitengebied Agrarisch landschap Hoofdzakelijk gebruik van beton, golfplaat of kunststof is niet toegestaan. Grote gevelopeningen dienen in dezelfde kleur als de gevel te worden uitgevoerd.
Grote gevelopeningen, zoals overheaddeuren, dienen in dezelfde kleur als de gevel te worden uitgevoerd.
Deze regel verwijderen gelet op het feit dat deze materialen veelvuldig worden toegepast in het buitengebied.
Hoofdstuk 4 Welstandscriteria voor specifieke objecten Grootschalige windenergielocaties Windturbines met een hoogte van meer dan 100m overstijgen de schaal van het landschap en zijn daarom niet langer landschappelijk in te passen. We spreken daarom in plaats van inpassing eerder van toepassing van windenergie in het landschap. De gemeente ziet geen uitbreidingsmogelijkheden van grootschalige windparken buiten de huidige locaties voor windenergie. Wel worden mogelijkheden gezien om de huidige locaties op te waarderen, waarbij het aantal turbine niet mag toenemen. Voor opwaardering zijn onderstaande toepassingsmaatregelen van kracht. Algemene toe- en inpassingseisen: • Windturbines mogen bij voorkeur niet hoger zijn dan 150 meter. Bij windturbines hoger dan 150 meter moet aparte afweging plaatsvinden afhankelijk van de locatie. Bij
In het ruimtelijk beleid duurzame energie hebben wij criteria opgesteld voor grote windenergielocaties, kleine windturbines en mini-windturbines. Deze zijn één op één vertaald in deze welstandsnota. Dit is ook noodzakelijk gezien de toename in het aantal aanvragen omgevingsvergunningen voor met name kleine windturbines en mini-windturbines.
turbines hoger dan 150 meter is een adaptief lichtsysteem verplicht • Grote windturbines worden uitgevoerd in een terughoudende grijze kleur, passend in het landschap en zonder enige toepassing zonder enige toepassing van reclame. • Turbines staan in het landschap: een hoge betonnen voet is niet toegestaan. Eventueel een schuinoplopend vlak naar de turbine of een constructieve voet van maximaal 1m hoog zijn toegestaan. • Losse objecten zoals hekwerken, transformatoren of schakelkasten worden integraal mee ontworpen. • De mast is conisch en heeft geen uitstulpingen. • De opstelling is begrijpelijk (bijvoorbeeld vergelijkbaar met de huidige opstelling). • Binnen een opstelling wordt één type turbine toegepast. • Grote windturbines zijn uitsluitend toegestaan na positief advies van Welstandscommissie en Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Kleine windturbines in het buitengebied Een windturbine heeft een aanzienlijke impact op de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied Daarom zijn een aantal uitgangspunten opgesteld voor het plaatsen van kleine windturbines in het buitengebied. Voor het plaatsen van een windturbine zijn de volgende algemene toe- en inpassingseisen: • Kleine windturbines worden alleen toegestaan bij agrarische bedrijven met een hoog energieverbruik en niet bij andere bedrijven in het buitengebied (zie ruimtelijk beleid duurzame energie).
• Daken moeten substantieel benut worden met zonnepanelen. • De maximale tiphoogte is 21 meter zoals opgenomen in het provinciaal beleid. • Kleine windturbines worden uitgevoerd in een terughoudende grijze kleur, passend in het landschap en zonder enige toepassing van reclame. • Pas kleine windturbines in als onderdeel van het erf, geclusterd bij bebouwing op het achtererf. • Omkader het erf met een inheemse transparante groensingel. Deze dient voldoende breed, dicht en hoog te zijn en te passen bij het landschap. Hiermee versterk je de landschappelijke waarden. Deze groensingel mag doorbroken zijn vanuit de meest voorkomende windrichting (zuid-west).
• De kleine windturbine wordt geplaatst binnen het bouwvlak en is niet toegestaan binnen 15 meter van een kadastrale erfgrens en/of mag het woongenot van de buren niet onevenredig aantasten. • De fundering mag niet boven het maaiveld zichtbaar zijn • De kleine windturbine is enkel toegestaan na positief advies van Welstandscommissie en Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Mini-windturbines Mini-windturbines (o.a. windschoepen en windwokkels) zijn relatief nieuw en worden binnen de gemeente nog weinig toegepast. De gemeente wil mini-windturbines toestaan bij centrale voorzieningen bij verblijfsrecreatie, bedrijventerrein, sport, dagrecreatie en cultuur, bij woningen in landelijk gebied en maatwerk bij bedrijven en verenigingen in woongebied.
Dakopbouwen Nieuwerkerk (Ribbesstraat/Lijsterbesstraat/ Ooststraat) Persluchtvulstations Wanneer een persluchtvulstation wordt geplaatst in een open landschap (bv.aan de kust) dienen de buitenwanden in RAL 7035 of 7044 en boeiboorden in dezelfde kleur als de gevels te worden uitgevoerd.
Algemene toe- en inpassingseisen: • In het geval dat mini-windturbines worden toegepast bij nieuwbouw dienen deze integraal onderdeel te zijn van de architectuur van het gebouw. • Mini-windturbines dienen zich in maat en schaal te verhouden tot het gebouw en de omgeving waar zij deel van uitmaken. Welstand beoordeelt de toepassing van miniwindturbines. • Mini-windturbines worden geplaatst op het achtererf. • Mini-windturbines worden uitgevoerd in een terughoudende grijze kleur, passend in het landschap en zonder enige toepassing van reclame. • Bij woningen in het buitengebied worden miniwindturbines niet op het dak geplaatst. • Maximale hoogte is 12 meter. Dakopbouwen Nieuwerkerk (Ribbesstraat/Lijsterbesstraat/ Ooststraat/Meidoornstraat en Muyeweg) Wanneer een persluchtvulstation wordt geplaatst in een open landschap (bv. aan de kust) dienen de buitenwanden in een terughoudende kleur te worden uitgevoerd
Toevoeging van de Meidoornstraat en Muyeweg. In deze straten bevinden zich dezelfde woningen. Door deze straten toe te voegen, zijn dakopbouwen onder voorwaarden ook hier mogelijk. Het verwijderen van kleurnummers geeft meer mogelijkheden passend binnen de omgeving.
Rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten met monumentale waarde Het plaatsen/aanbrengen van zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers op de hellende dakvlakken, op platte daken of aan gevels zijn niet toegestaan. Rijks- en monumenten/gemeentelijke monumenten zonder monumentale waarde en panden binnen het beschermde stads-/dorpsgezicht Voor het plaatsen/aanbrengen van zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers op de hellende dakvlakken, op platte daken of aan gevels van de rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten zonder monumentale waarde, maar wel deel uitmakend van het beschermde monument en panden binnen het beschermde stads-/dorpsgezicht, zijn de volgende welstandscriteria van toepassing.
Deze tekst komt geheel te vervallen
Deze tekst komt geheel te vervallen. Gelet op de verduurzaming moet het mogelijk zijn om op Rijksen gemeentelijke monumenten zonnepanelen te plaatsen.
Rijks- en gemeentelijke monumenten en panden binnen het beschermde stads-/dorpsgezicht Voor het plaatsen/aanbrengen van zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers op de hellende dakvlakken en op platte daken van de rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten, maar wel deel uitmakend van het beschermde monument en panden binnen het beschermde stads-/dorpsgezicht, zijn de volgende welstandscriteria van toepassing.
We maken geen onderscheid meer tussen rijks- en gemeentelijke monumenten met en zonder monumentale waarden.
Zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers
Dit toetsingskader is aangepast naar het landelijk beleid van de Rijksdienst en één op één overgenomen in het ruimtelijk beleid duurzame energie.
Voor het plaatsen van zonnepanelen op het maaiveld waarvoor omgevingsvergunning noodzakelijk is, gelden de volgende welstandscriteria: • Zonnepanelen zijn niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte • Er is een zorgvuldig ontworpen legplan voor de panelen • Zonnepanelen mogen binnen een opstelling onderling niet in hoogte en diepte verspringen • Bevestigingsmiddelen, randen en panelen zijn uitgevoerd in één kleur en afgestemd en passend op de kleur van de omgeving • Indien van toepassing zijn toegangswegen, beveiliging, hekwerken en transformator mee-ontworpen in de totale inpassing • Verlichting is niet toegestaan Voor het plaatsen van zonnepanelen op water, gelden de volgende welstandscriteria: • De zonnepanelen mogen niet boven het maaiveld uitkomen van het omliggende terrein; • Bij zonnepanelen op waterbassins mogen de panelen niet
boven de waterbassins uitkomen; • Bevestigingsmiddelen, randen en panelen zijn uitgevoerd in één kleur en afgestemd en passend op de kleur van de omgeving Voor het plaatsen van overkappingen ten behoeve van zonnepanelen, gelden de volgende welstandscriteria: • De constructie heeft een natuurlijke uitstraling en is bij voorkeur uitgevoerd in hout; • Bij toepassing van een ander materiaal altijd ter goedkeuring voorleggen aan de welstands-/ monumentencommissie • Bevestigingsmiddelen, randen en panelen zijn uitgevoerd in één kleur en afgestemd en passend op de kleur van de omgeving • De constructie moet zodanig worden geplaatst dat de zonnepalen vlak op het dak gelegd kunnen worden; • Het plan moet passend zijn in het straat- en bebouwingsbeeld Zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers Indien het plaatsen van zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers vergunningplichtig zijn conform artikel 2.1 Wabo gelden de volgende welstandscriteria: Algemeen • Zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers zijn bedoeld om warmte of elektriciteit op te wekken. Zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers zijn, als ze zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte, voor het straatbeeld zeer bepalend. De ruimte tussen zonnecollector, zonnepaneel of zonneboiler en goot moet voldoende zijn.
• Bij meerdere zonnecollectoren, zonnepanelen of zonneboilers op één doorgaand dakvlak streeft de gemeente naar een herhaling van uniforme exemplaren en een regelmatige rangschikking op een horizontale lijn. Herhaling binnen een blok (van dezelfde architectuur-/bouwstijl) kan rust en samenhang brengen. • Bij het plaatsen van zonnecollectoren, zonnepanelen of zonneboilers moet men zich erop richten dat het historische materiaal van het dak (dakbedekking, dakbeschot, sporen, gordingen en spanten) behouden blijven.
Voor het plaatsen/aanbrengen van zonnecollectoren, zonnepanelen en zonneboilers op de daken van rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten en panden binnen het beschermde stads-/dorpsgezicht, zijn de volgende welstandscriteria van toepassing. Plaatsing Hellende daken uit het zicht (voorkeur) • Het dak kan het extra gewicht dragen; • De panelen liggen boven de dakpannen (opbouw); • Er is een zorgvuldig ontworpen legplan voor de panelen; • De panelen liggen in één aaneengesloten rechthoekig vlak; • Dakramen worden op een logische wijze meegenomen in het plaatsen van de zonnepanelen; • Bevestigingsmiddelen, randen en panelen zijn uitgevoerd in één kleur en afgestemd en passend op de kleur van het dakvlak; • De dakvorm of dakbedekking is niet bijzonder (geen spits, koepel, riet, zink, enzovoorts).
Hellende daken in het zicht: • Er zijn geen alternatieven op andere plekken – ook niet in de buurt – of met andere systemen; • Er is geen onevenredige visuele verstoring van het monument of de directe omgeving; • Er is een zorgvuldig ontworpen legplan voor de panelen; • De panelen liggen in één aaneengesloten rechthoekig vlak; • Dakramen worden op een logische wijze meegenomen in het plaatsen van de zonnepanelen • Het dak kan het extra gewicht dragen; • De panelen liggen boven de dakpannen (opbouw); • Bevestigingsmiddelen, randen en panelen zijn uitgevoerd in één kleur en afgestemd en passend op de kleur van het dakvlak • De ligging van het monument of het pand binnen beschermd stads-/dorpsgezicht, de dakvorm of dakbedekking is niet bijzonder (geen locatie met hoge waarden binnen een bijzonder gebied, ensemble of complex; geen spits, koepel, riet, zink, enzovoorts). Platte daken • Zonnepanelen op platte daken zijn niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte;
• Op platte daken is de minimale afstand tot de dakrand gelijk aan de hoogte van de panelen; • Bevestigingsmiddelen, randen en panelen zijn uitgevoerd in één kleur en afgestemd en passend op de kleur van het dakvlak Warmtepompen Indien het plaatsen van een warmtepomp vergunningplichtig is, gelden de volgende welstandscriteria: • Warmtepompen mogen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare weg; • Materiaal, kleur en vormgeving afgestemd en passend in de omgeving.
In het ruimtelijk beleid duurzame energie hebben wij criteria opgesteld voor warmtepompen. Deze zijn één op één vertaald in deze welstandsnota. (pagina 40)
Hoofdstuk 5 Toetsingscriteria Dakkapellen Niet meer dan twee dakkapellen per woning op het betreffende dakvlak
Dakkapellen worden niet boven elkaar geplaatst
Tekst omschrijving duidelijker.
Breedte maximaal 50% van de breedte van het dakvlak, met een maximum van 3 meter per dakvlak (gemeten tussen midden woningscheidende bouwmuren of eindgevels gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel, bij kilkepers gemeten aan de onderzijde/dakvoet van de dakkapel).
Breedte maximaal 50% van de breedte van het dakvlak (gemeten tussen midden woningscheidende bouwmuren of eindgevels gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel, bij kilkepers gemeten aan de onderzijde/dakvoet van de dakkapel).
Maximum van 3 meter per dakvlak verwijderen om onnodige beperkingen tegen te gaan.
Voorvlak grotendeels gevuld met glas, eventueel alleen in ondergeschikte mate tussen de glasvlakken beperkte toepassing van dichte panelen. Zijwanden dakkapel in een in het dakvlak wegvallende kleur of donkere neutrale tint.
Voorvlak grotendeels gevuld met glas, eventueel alleen in ondergeschikte mate tussen de glasvlakken beperkte toepassing van dichte panelen.
De verplichting van zijwanden dakkapel in een in het dakvlak wegvallende kleur of donkere neutrale tint komt te vervallen.