978693 RVS Septembercirculaire 2023
Tekst van het document
Raadsvoorstel Urgentie Onderwerp Zaaknummer Datum Openbaarheid Afdeling Portefeuillehouder Opdrachtgever
Hoog, n.v.t. Septembercirculaire 2023 978693 10 oktober 2023 Passief openbaar Bedrijfsvoering 2 (BV2) D.P.W. Joppe Afdelingshoofd BV2
Voorstel 1. Kennis te nemen van de mutaties op algemene uitkering; 2. In te stemmen met het alloceren van specifiek ontvangen middelen; 3. In te stemmen met een stelpost van € 507.254 voor de jaren 2024 en 2025 en vanaf 2026 € 807.254,- om onvoorziene tegenvallers op het gebied van uitgaven jeugdhulp én uitgaven als gevolg van investeringen opgenomen in de Hervormingsagenda op te kunnen vangen; 4. In te stemmen met het toevoegen van het budgettaire effect aan de algemene reserve in 2023 en aan de budgettaire ruimte vanaf 2024. Inleiding Jaarlijks verschijnen meestal drie circulaires vanuit het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) over het gemeentefonds. De meicirculaire geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, de septembercirculaire de vertaling van de Miljoenennota en de decembercirculaire rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De septembercirculaire 2023 is volgens planning verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de nieuwe financieringssystematiek vanaf 2027 en een actualisatie van het LPO accres op basis van de Miljoenennota 2024. Beoogd resultaat Met dit raadsvoorstel beogen we u op de hoogte te brengen van de financiële gevolgen van de septembercirculaire op de begroting 2023 tot en met 2027.
Argumenten 1.1 De algemene uitkering wijzigt onder andere als gevolg van het aanpassen van de accressen, het actualiseren van de verdeelmaatstaven en mutaties in een stelpost. Als gevolg van onder andere de hiervoor vermelde oorzaken is de hoogte van onze algemene uitkering gewijzigd. Onderstaande tabel geeft u inzicht in alle mutaties: Zie document met tabellen voor de tabel Toelichting op de mutaties: Algemene uitkering Nieuwe financieringssystematiek – volume accres Sinds de meicirculaire 2022 is het volume deel bevroren tot en met 2025. Vooruitlopend op een nieuwe financieringssystematiek heeft het kabinet eenmalig € 1 miljard extra beschikbaar gesteld in 2026. Het volumedeel staat hierdoor vast tot en met 2026. Bij Voorjaarsnota 2023 is dit bedrag vanaf 2027 structureel gemaakt en is besloten om de volumeontwikkeling vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. De nieuwe financieringssystematiek is, zoals aangekondigd in meicirculaire 2023, in de Miljoenennota 2024 uitgewerkt. De indexatie voor het volumedeel wordt vanaf 2027 gebaseerd
Pagina 1 van 4
op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Voor Schouwen-Duiveland leidt dit voor 2027 tot een volumedeel van € 1.341.720. Loon en prijsbijstelling (LPO accres) Voor het LPO accres geschiedt de index voor loon-prijsontwikkeling voor de jaren tot en met 2026 op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. Vanaf 2027 volgt de indexatie voor inflatie de prijs bbp van het lopend jaar. De mutaties van het LPO accres ten opzichte van de meicirculaire 2023 zijn als volgt: 2024 € 836.608 2025 € 709.877 2026 € 648.921 2027 € 668.054 Voorschot BTW-Compensatie Fonds (BCF) 2023 Het BCF-plafond bedraagt € 3,9 miljard voor gemeenten in 2023. Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage. Door de bevriezing van het volume accres in 2023 tot en met 2025 is het plafond in die jaren ook gefixeerd. In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar.
In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. In deze circulaire bedraagt het voorschot voor het jaar 2023 € 359 miljoen, dat is voor de gemeente Schouwen Duiveland een bedrag van € 697.314. In de meicirculaire 2024 vindt de afrekening plaats. Technische mutaties De ontwikkeling van de uitkeringsbasis wordt in belangrijke mate beïnvloed door de hoeveelheidsverschillen. De hoeveelheden zijn voor meerdere maatstaven in deze circulaire gewijzigd op basis van de meest actuele gegevens. Per saldo leiden de technische mutaties tot een verhoging van de algemene uitkering van € 20.622,- in 2023, € 136.031 in 2024, € 189.404 in 2025, € 197.547 in 2026 en € 186.471 in 2027. Taakmutaties Bijzondere bijstand en vroegsignalering Het kabinet stelt in totaal € 200 miljoen voor de jaren 2022 tot en met 2024 beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. Voor 2024 wordt in totaal € 50 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld. Voor SchouwenDuiveland bedraagt de uitkering € 60.589 in 2024. Jeugdzorg loon- en prijsbijstelling In de meicirculaire 2023 (zie paragraaf 2.2.8) is de loon- en prijsbijstelling 2023 voor jeugdzorg, voor zover deze betrekking heeft op de reserveringen voor jeugdzorg op de AP, aan het gemeentefonds toegevoegd voor de jaren 2024 en 2025.
In deze circulaire worden de middelen voor de loon- en prijsbijstelling 2022 over de reserveringen jeugdzorg toegekend. Ook deze overboeking heeft nu betrekking op 2024 (€ 45,2 miljoen) en 2025 (€ 27,1 miljoen). Voor Schouwen-Duiveland in 2024 € 74.513 en 2025 € 44.585. Decentralisatie- en integratie-uitkeringen Participatie (IU) De omvang van de integratie-uitkering Participatie wijzigt als gevolg van de compensatie voor de bijzondere verhoging van het wettelijk minimumloon voor medewerkers in de Wet Sociale werkvoorziening (Wsw). Voor Schouwen-Duiveland is dat voor 2023 een bedrag van € 62.512 aflopend naar € 48.192 in 2027. 2.1 Met het alloceren van deze middelen worden zij bestemd voor de specifieke taken Een deel van de ontvangen middelen is bedoeld voor specifieke taken. Door deze te alloceren, kunnen zij daar ook aan worden besteed. Het betreft de volgende middelen: Zie document met tabellen voor de tabel De mutaties uit bovenstaande tabel worden toegevoegd aan de uitgavenbudgetten van de betreffende beleidsvelden zodat uitvoering gegeven kan worden aan de betreffende gemeentelijke taken. Kanttekeningen Pagina 2 van 4
De begroting 2024 van Inkoop Jeugdhulp Zeeland is, als integraal onderdeel van de begroting van GR GGD Zeeland, op 15 september jl. vastgesteld voor het AB van de GR GGD Zeeland. Als gevolg van de Hervormingsagenda hebben zich in de afgelopen maanden ontwikkelingen voorgedaan die niet in de begroting 2024 zijn opgenomen maar wel een structureel effect hebben op de begroting voor jeugdhulp. Vanwege deze ontwikkelingen stellen we voor om een stelpost in te richten om deze ontwikkelingen op te vangen. De ontwikkelingen zijn; 1. 2. 3. 4. 5.
Af- en ombouw JeugdzorgPlus en opbouw van alternatieven. Kleinschalig verblijf met behandeling in Zeeland. Landelijke tarieven Gecertificeerde Instellingen (GI's). Formatiewijziging IJZ. Ova-index 2024.
Op basis van een nieuwe overeenkomst voor 2024 en 2025 stijgen de kosten voor JeugdzorgPlus in 2024 ten opzichte van 2023 met € 1.040.000. Voor de uitvoering van de bestuursopdracht Complexe casuïstiek thuisnabij, met daarin de opbouw van alternatieven, zijn voor 2024 en 2025 € 73.000 nodig. Er is een pilot van twee jaar in voorbereiding naar geclusterd kleinschalig verblijf met behandeling. De te verwachten jaarlijkse kosten van € 3 miljoen worden via de Zeeuwse verdeelsleutel gefinancierd en achteraf verrekend op basis van werkelijk gebruik per gemeente. Recent zijn de landelijke tarieven voor Gecertificeerde Instellingen (GI) bekend geworden. Op basis van deze tarieven zijn de eerste berekeningen gemaakt. In de maanden oktober tot december 2023 wordt duidelijk wat de financiële effecten vanaf 1 januari 2024 voor Zeeland zijn. Op basis van de huidige informatie zijn 2 scenario's in beeld: A. Worst case scenario gaat uit van een uitgavenstijging van € 5,2 miljoen minus € 0,5 miljoen Zeeuwse bijdrage voor werklastvermindering; b. Best case scenario gaat uit van een uitgavenstijging van € 1,6 miljoen minus € 0,5 miljoen Zeeuwse bijdrage voor werklastvermindering. Voorzichtigheidshalve is het verstandig om uit te gaan van het worst case scenario.
Op 15 september 2023 heeft het AB van de GR GGD Zeeland de 2e begrotingswijziging 2024 vastgesteld en ter zienswijze voorgelegd aan de gemeenten. Bij positieve zienswijze van de gemeenten in het AB van 15 december moet rekening gehouden worden met uitgavenstijging van € 130.000. De zorgkosten voor zorg-in-natura worden geïndexeerd op basis van de aanpassing van de Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling (OVA). In de begroting GGD onderdeel IJZ voor 2024 wordt rekening gehouden met een voorlopig OVA-percentage van 4,94%. Op basis van de meest recente informatie dienen we rekening met houden met een stijging van tenminste 1,3%. Hieraan kan een bedrag worden gekoppeld van € 1.729.000. Wij wijzen u erop dat het nog steeds om een voorlopig percentage gaat. Op basis van de Zeeuwse sleutel moeten we rekening houden met € 807.254 aan structurele meerkosten voor jeugdhulp voor onze gemeente. Daarbij merken we nog het volgende op: Voor de om- en afbouw JeugdzorgPlus is vanuit de Kadernota 2024 - 2025 voor de jaren 2024 en 2025 al een bedrag van 300.000 gereserveerd. Echter daarna niet meer. Omdat het om structurele kosten gaat wordt voorgesteld om deze bedragen ook voor de jaren daarna te reserveren. De afrekeningen JeugdzorgPlus en de pilot kleinschalige behandeling vindt plaats op basis van feitelijk gebruik.
Dat betekent dat het nu lastig in te schatten is wat de feitelijke kosten voor de gemeente gaan zijn.
Pagina 3 van 4
Financiën Begroting Begrotingswijziging Eenmalige lasten Structurele lasten Eenmalige baten Structurele baten Dekking
Niet binnen begroting Ja
Septembercirculaire 2023
De mutaties op de algemene uitkering en het alloceren van specifieke middelen geeft het volgende (directe) budgettaire effect: Zie document met tabellen voor de tabel We stellen voor het saldo in 2023 toe te voegen aan de algemene reserve. Voor wat betreft de restantmiddelen vanaf 2024 stellen we voor deze toe te voegen aan de budgettaire ruimte.
Burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland, S.J.A. Bronsveld
J.Chr. van der Hoek MBA
Secretaris
Burgemeester
Pagina 4 van 4