967038 Bijlage Nota zienswijzen bestemmingsplan De Oase versie 26 juli 2023
Tekst van het document
Daarmee is de voortzetting van het agrarische gebruik van de gronden onder het bestemmingsplan gelegaliseerd en tevens een ‘planologisch legale situatie’. Richting vaststelling van het bestemmingsplan is aan de hand van diverse berekeningen (scenario’s) aangetoond dat op verschillende wijzen voldaan kan worden aan het wettelijke uitgangspunt, namelijk het voorkomen van een toename in stikstofdepositie van meer dan 0,00 mol/ha/jr. Deze scenariostudie is toegevoegd als bijlage bij het vast te stellen bestemmingsplan. In deze scenario’s zijn ook scenario’s opgenomen waarin geen gebruik wordt gemaakt van de huidige bemesting van de agrarische gronden.
j.
k.
Reclamant stelt dat de stikstofberekening van de bouwfase ten onrechte ontbreekt. Deze moet voor vaststelling van het bestemmingsplan toegevoegd worden. De partiële bouwvrijstelling is vervallen. Er moet vanuit gegaan worden dat een natuurvergunning aangevraagd zal moeten worden. Het is logisch dat nu al te doen.
Deze berekening is uitgevoerd en onderdeel van bijlage 13 van het vast te stellen bestemmingsplan. Daarvoor geldt ook dat geen sprake is van een toename van stikstofdepositie op de relevante Natura 2000-gebieden. Er is dan ook geen natuurvergunning noodzakelijk.
Reclamant stelt dat de stikstofberekening van de gebruiksfase In de regels van het ontwerpbestemmingsplan is middels artikel 4.3 onjuist is. De stikstofemissie van de 77 nieuwe stacaravans en de lid x. geborgd dat het voor de 77 nieuwe stacaravans en het nieuwe centrumgebouw is op nul gesteld omdat gesteld wordt dat deze centrumgebouw niet toegestaan is deze permanent aan te sluiten op gasloos worden uitgevoerd. In paragraaf 2.4 van de toelichting wordt het aardgasnet dan wel binnen deze gebouwen en/of stacaravans echter gesteld dat het nieuwe centrumgebouw met zwembad zoveel aardgas en/of propaan te gebruiken voor verwarming. Hiermee heeft mogelijk energieneutraal en gasloos worden. In bijlage 2 een juridische borging plaatsgevonden. (duurzaamheidsplan) wordt aangegeven dat onderzoek naar een energieneutraal zwembad in de ontwerpfase zal worden uitgevoerd. Er is gekozen voor een verdere verduurzamingsslag. Dit geldt ook In deze bijlage staat ook dat de 77 stacaravans gasloos worden voor de bestaande 512 standplaatsen. In totaal zullen zij in 2027 ontwikkeld zover redelijkerwijs technisch en economisch nog maar 12.148 m3 per jaar aan propaan mogen gebruiken. Dit is uitvoerbaar. Het staat daarmee niet vast dat het centrumgebouw en geborgd in de regels van het vast te stellen bestemmingsplan.
Dit de 77 eenheden daadwerkelijk emissieloos uitgevoerd zullen komt neer op bijna 50% reductie van het huidig propaangebruik bij worden. In de regels onder artikel 4.3 is gesteld dat het niet deze accommodaties. toegestaan is het bovengenoemde permanent aan te sluiten op een aardgasnet en binnen deze gebouwen of eenheden aardgas en/of In het vast te stellen bestemmingsplan is de borging ook propaan te gebruiken. Echter het gebruik van stikstofemissie opgenomen, maar verschoven naar artikel 4.3.1 lid a en b. veroorzakende installaties is niet expliciet verboden. In bijlage 2 wordt gesproken over het gebruik van bio/ecogas als niet voldoende andere stroom/warmtepompcapaciteit beschikbaar is. Deze veroorzaken echter stikstofdepositie. Voorgesteld wordt in de planregels het gebruik van stikstofemissie veroorzakende installaties en apparatuur expliciet te verbieden voor in ieder geval het nieuwe centrumgebouw en de 77 nieuwe stacaravans. Artikel 4.3 moet hierop aangepast worden. l. Reclamant stelt dat voor de stikstofberekening een verkeerde Voor een toelichting op de verkeersverdeling wordt verwezen naar aanname is gebruikt voor de verdeling van het verkeer. De verdeling de beantwoording onder g. 90/10% is niet onderbouwd met verkeerstellingen. Zolang geen verkeerskundig onderzoek is gedaan wordt voorgesteld een 50/50% verdeling te hanteren.
CONCLUSIE: de zienswijze leidt tot aanpassing in de regels van het bestemmingsplan. De wijzigingsbevoegdheden onder artikel 4.4.1, 4.4.2 en 4.4.4 zijn komen te vervallen. Daarnaast is de maximale hoogte van speelvoorzieningen gewijzigd van 10 naar 8 meter.
Zienswijze 7, geregistreerd 9 december 2022 (737536)
a.
Samenvatting zienswijze De vergroting van het aantal standplaatsen is in strijd met het eerder genomen raadbesluit om verdere uitbreiding van het toerisme niet toe te staan. Het is reeds ‘te druk’ in Renesse. Verzocht wordt strikt om te gaan met het eerder genomen besluit. Het tegenhouden van de uitbreiding zal het voornemen om het ‘geloof’ in de politiek te herstellen ten goede komen.
Beantwoording De beoogde uitbreiding en kwaliteitsverbetering van camping De Oase past binnen het thema “Voortdurend Vernieuwen' van de Agenda Toerisme 2018 - 2026' van de Gemeente SchouwenDuiveland, waarbij wordt gekozen voor herstructurering, kwaliteitsverbetering en productdifferentiatie van bestaande terreinen boven nieuwvestiging. De zogenaamde ‘recreatiestop’ geldt alleen voor nieuwvestiging. Dit is ook bevestigd in het huidige coalitieakkoord ‘Samen Koers Houden, 2022-2026’. Ter plaatse van de huidige camping heeft het plangebied reeds de bestemming ‘Recreatie-Kampeerterrein’. De gronden van de uitbreiding hebben een uit te werken bestemming, te weten ‘Recreatie – uit te werken’. Met de vaststelling van het vigerend bestemmingsplan in 2013 is daarmee al geanticipeerd op een uitbreiding van camping De Oase. Met de uitbreiding wordt de totale oppervlakte van het terrein 23,7 hectare. Dit is nu 15,2 hectare. De oppervlakte neemt dus toe met 8,5 hectare. Het aantal standplaatsen neem toe met 77. Het zijn er nu 512 en het worden 589 standplaatsen. Het gemiddelde aantal standplaatsen per hectare neemt daarmee sterk af, van afgerond 34 op dit moment naar 25 standplaatsen in de nieuwe situatie. Deze verdunning biedt ruimte voor een verdere vergroening van camping De Oase. De standplaatsen worden ruimer.
De hoofdontsluiting zal worden verplaatst naar de Lagezoom om de Roelandsweg te ontlasten. De verkeersbelasting in de kern van Renesse wordt daarmee verminderd. Er is daarmee sprake van een kwaliteitsverbetering, waarmee invulling wordt gegeven aan het vastgestelde beleid van de gemeente. Reclamant geeft aan dat het niet instemmen met voorgenoemde ontwikkeling het geloof en vertrouwen in de politiek zal herstellen. Zoals reeds in eerdere brieven gericht aan reclamant, wordt met voorgenomen ontwikkeling gevolg gegeven aan gemeentelijk beleid
gericht op kwaliteitsverbetering van bestaande recreatieterreinen. De ontwikkeling past binnen wet- en regelgeving en kent reeds een lange voorbereidingstijd. Voldaan wordt daarnaast aan de wettelijke vereisten van openheid en zorgvuldigheid in dergelijke besluitvorming. b.
Uitbreiding van de camping is volgens reclamant slecht uitlegbaar als de mogelijkheden tot het op ruimere schaal bouwen van starterswoningen uitblijft. Het ontbreekt voor kinderen van inwoners aan mogelijkheden zich in Renesse te vestigen.
De gemeente erkent dat er sprake is van een tekort aan (betaalbare) woningen in en rondom Renesse. De wijze waarop woningbouwontwikkeling wordt vormgegeven op SchouwenDuiveland in het algemeen, en in Renesse in het bijzonder, is vastgelegd in de Structuurvisie Wonen, die volgt op de Woonvisie 2018-2027. ln de Structuurvisie Wonen zijn de contouren opgenomen waarbinnen gezocht wordt naar locaties voor woningbouw. Inbreiding gaat daarbij voor uitbreiding. De beoogde uitbreidingslocatie van camping De Oase ligt buiten de kern van Renesse. Daarnaast is de uitbreidingslocatie, zoals hiervoor aangegeven, reeds bestemd voor verblijfsrecreatieve doeleinden (of een uitwerking daarvan). De resterende gronden op de hoek van de Kooijmansweg en Lagezoom zijn en blijven in eigendom van de gemeente. Mogelijk worden deze gronden in de toekomst alsnog voor woningbouw ingezet. Dit staat echter los van voorliggend bestemmingsplan.
c.
Het bevreemdt reclamant dat het eindrapport m.b.t. het vestigen van een regioschool nog niet is uitgebracht en eventueel beschikbare gronden hiervoor reeds worden uitgegeven aan andere doeleinden. Het maakt de geloofwaardigheid van de huidige politiek niet groter.
De gronden aan de Lagezoom zijn door de gemeente aangekocht met het doel om in beginsel verblijfsrecreatie te faciliteren, niet met het doel om daar een school te vestigen. De resterende gronden op de hoek van de Kooijmansweg en Lagezoom zijn en blijven in eigendom van de gemeente. De ontwikkeling ter plaatse staat echter geheel los van voorliggend bestemmingsplan.
CONCLUSIE: de zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Zienswijze 8, geregistreerd 27 december 2022 (zaaknummer 754014)
a.
Samenvatting zienswijze Door reclamant worden zorgen geuit over de uitbreiding van de horeca, evenementen en een zwembad op de plek van de huidige receptie. Het entertainmentprogramma voor kinderen en de livemuziek zorgen nu al voor geluidsoverlast tijdens vakanties en in de zomerperiode. Door de uitbreiding krijgt reclamant nog meer geluidsoverlast van het entertainment. Voorgesteld wordt deze functies te verplaatsen naar de Lagezoom.
Beantwoording Het bestemmingsplan voorziet er in dat het nieuwe centrumgebouw met zwembad en andersoortige voorzieningen op grotere afstand van het perceel van reclamant worden geplaatst. Het bestaande bouwvlak wordt daarvoor uitgebreid richting het zuidoosten. Op basis van het vigerend bestemmingsplan zijn reeds centrumfuncties toegestaan op korte afstand van het perceel van indiener (bestemming ‘Recreatie – Kampeerterrein’ met bouwvlak en aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie – dienstverlening en beheer’). De grens van het bouwvlak richting perceel van indiener is gelijk gehouden. De initiatiefnemer heeft in januari 2023 een gesprek gehad met reclamant. Reclamant heeft daarbij aangegeven in de zomer enkele weken geluidshinder te ervaren van het recreatieteam en de livemuziek. Afgesproken is telefoonnummers uit te wisselen zodat wanneer hinder ervaren wordt direct gebeld kan worden met de beheerder van camping De Oase. Er is daarbij de verwachting dat de geluidshinder in de toekomstige situatie zal verminderen, aangezien de locatie waar muziek afgespeeld wordt richting de andere zijde (en van perceel van reclamant af) gesitueerd zal zijn. Daarnaast zal eventuele geluidshinder van aankomende en bezoekende recreanten naar verwachting verminderen aangezien de hoofdontsluiting verplaatst wordt naar de Lagezoom.
b.
Er is een chalet ingetekend op minder dan 5 meter van de erfafscheiding met reclamant. In het bestemmingsplan staat dat tussen de camping en aangelegen terreinen minimaal een dijk van 5 meter hoort te staan. De dijk ontbreekt en het chalet staat op veel minder dan 5 meter.
De stacaravan waar reclamant over spreekt is reeds een bestaand object. Tussen deze stacaravan en perceel van reclamant ligt reeds een bestemming ‘Groen’ met een strookbreedte van 5 meter. Deze bestemming is in voorliggend bestemmingsplan in stand gehouden. Deelgebied 2 (waar voorliggende stacaravan onderdeel van uitmaakt) wordt op termijn heringericht. Wanneer een vergelijkbaar kavel vrijkomt zal overleg met de huidige eigenaar plaatsvinden om de stacaravan te verplaatsen. Ter afscherming van de door
reclamant ervaren inkijk wordt door camping De Oase een extra schutting geplaatst. CONCLUSIE: de zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
2. Ambtshalve aanpassingen In het bestemmingsplan worden (ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan) de volgende ambtshalve aanpassingen doorgevoerd: Toelichting - Bijlage 1 Kwaliteitsverbeteringsplan is aangepast op de verplaatsing van de hoofdentree en vervangen ten opzichte van de versie in het ontwerpbestemmingsplan. - Bijlage 2 Duurzaamheidsplan is aangepast op de verdere verduurzaming en vervangen ten opzichte van de versie in het ontwerpbestemmingsplan. - De figuren 2.4 en 2.5 zijn vervangen door nieuwe figuren uit het kwaliteitverbeteringsplan. - Paragraaf 2.4. Duurzaamheid is geactualiseerd n.a.v. het aangepaste duurzaamheidsplan. - Bijlage 11 Memo verkeer en parkeren is aangepast op de verplaatsing van de hoofdentree. Tevens is de verkeersgeneratie op basis van CROW normen toegevoegd en is er ingegaan op de cumulatie van verkeer vanuit projecten in de omgeving. - Paragraaf 4.6. Verkeersaspecten is geactualiseerd n.a.v. de aangepaste memo verkeer en parkeren. - Paragraaf 4.9 Luchtkwaliteit en figuur 4.3 zijn aangepast n.a.v. de aangepaste memo verkeer en parkeren. - Bijlage 13 Memo stikstofberekening en bijlage 14 Aeriusberekening zijn vervangen door het nieuwe stikstofonderzoek (bijlage 13). In dit stikstofonderzoek is op basis van de meest recente Aerius-tool de stikstofdepositie n.a.v. de aanleg- en gebruiksfase doorgerekend.
Tevens zijn scenario’s aan dit stikstofonderzoek toegevoegd. - Paragraaf 4.10 is geactualiseerd n.a.v. het nieuwe stikstofonderzoek. Ook zijn de overige bijlagen doorgenummerd. - In paragraaf 4.12 Kabels en Leidingen is de drinkwatertransportleiding als planologisch relevante leiding vermeld. Verbeelding - Op de verbeelding zijn twee functieaanduidingen toegevoegd, samenhangend met de voorziene verdere verduurzaming. Dit betreffen de aanduidingen ‘specifieke vorm van recreatie - duurzaamheid 1’ en ‘specifieke vorm van recreatie - duurzaamheid 2’. Deze hangen samen met de regels opgenomen in artikel 4.3.1. (Duurzaamheid) - Ten behoeve van het verplaatsen van de hoofdentree is de bestemming ‘Groen – Landschappelijk’ richting de Lagezoom doorbroken en gewijzigd in ‘Recreatie – Kampeerterrein’. Tevens is hier de aanduiding ‘ specifieke vorm van recreatie – hoofdentree’ toegevoegd. Deze aanduiding hangt samen met artikel 4.1 onder h. van de regels. Regels - In artikel 4.1 is een lid h. toegevoegd waarmee is geregeld dat de hoofdentree van het recreatieterrein zich uitsluitend mag bevinden ter plaatsen van de aanduiding opgenomen richting de Lagezoom (verplaatste entree)
-
In artikel 4.3 zijn lid x en y komen te vervallen. Hiervoor in de plaats is een aanvullend artikel inzake duurzaamheid (4.3.1.) opgenomen. Met de regels opgenomen is het maximale gebruik van aardgas en/of propaan juridisch-planologisch geborgd. Deze regels zijn afgestemd op de resultaten van het stikstofonderzoek (bijlage 13).
3. Conclusie De planaanpassingen hebben deels betrekking op de plantoelichting. Dit is een niet juridisch planonderdeel en daarmee leiden deze aanpassingen niet tot een gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan. De planaanpassingen voor wat betreft de verbeelding en regels hebben wel betrekking op het juridische planonderdeel van het bestemmingsplan en leiden daarmee tot een gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan.