CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

771108 GVO Raadsvoorstel

Gemeenteraad 16 februari 2023, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: GVO Rekenkameronderzoek Intervence (771108)745 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Portefeuillehouder

: P. Schot

Afdeling

: Griffie

Behandelaar

: L. Herderschee

Datum

: 26 januari 2023

Kenmerk

: 771108

Onderwerp

: Rekenkameronderzoek intervence

Voorstel 1. De drie aanbevelingen van het Rekenkamerrapport Intervence, getiteld “Evaluatie van het proces van heroverweging van de inkooprelatie met Intervence” aan te nemen. 2. Het college verzoeken de raad in het tweede kwartaal van 2023 een plan van aanpak te sturen dat ingaat op hoe en op welke termijn het college, in samenspraak en samenwerking met de raad, uitvoering wil geven aan de aanbevelingen uit het onderzoeksrapport. Inleiding In het rapport wordt uitvoerig antwoord gegeven op de centrale onderzoeksvragen: • Hoe is de voorbereiding van en de besluitvorming met betrekking tot de heroverweging van de inkooprelatie, tussen de Bestuurscommissie Inkoop Jeugdzorg en Intervence verlopen? • Hoe verhoudt dit zich tot de kaderstellende en controlerende rollen van de gemeenteraden? • In hoeverre is het handelen van de Bestuurscommissie Inkoop Jeugdzorg in dezen doeltreffend, doelmatig en rechtmatig geweest? • Zijn er verbeterpunten aan te wijzen en zo ja, welke zijn dit? • In het geval van verbeterpunten: wat zijn dan in het bijzonder aanbevelingen voor het samenspel tussen de gemeenteraden en de colleges? Op initiatief van de gemeente Goes hebben de rekenkamer(commissie)s van Borsele, Goes, Hulst, Kapelle, Middelburg, Noord-Beveland, Schouwen-Duiveland, Sluis, Tholen, Veere en Vlissingen zich verenigd in de Begeleidingscommissie Rekenkameronderzoek Intervence (BRI), met

als doel dit onderzoek uit te (laten) voeren. Beoogd resultaat Een besluit van de gemeenteraad over de aanbevelingen van de rekenkamer. Vanuit het perspectief van de raad wordt met het opvolgen van de aanbevelingen invulling gegeven aan de verbetering van kaderstellende en controlerende rol van de raad. Dit gebeurt wel vanuit de gedachte dat de continuïteit van de zorg wordt gewaarborgd. Dat vraagt om een andere relatie met aanbieders en een andere crisisaanpak. Argumenten 1. De aanbevelingen zijn toegespitst op de beantwoording van de laatste centrale vraag in het onderzoek: In het geval van verbeterpunten: wat zijn dan in het bijzonder aanbevelingen voor het samenspel tussen de gemeenteraden en de colleges? De aanbevelingen zijn om: 1. Houdt hoe dan ook, los van welke situatie zich voordoet, de maatschappelijke opgave in het vizier. Waarborg in eerste instantie de continuïteit van jeugdbescherming en -reclassering voor de doelgroep. Laat dit in geen geval onder een kritische ondergrens zakken en stel alle noodzakelijke (financiële) middelen beschikbaar om dit te voorkomen. Maak de afspraken die nu gelden tussen de raden en colleges wel veel specifieker ten aanzien van hoe de raad, voor verschillende situaties die zich kunnen voordoen, in staat moet worden gesteld zijn kaderstellende en controlerende rol in te vullen.

Onderscheidt daarbij op hoofdlijnen drie situaties die zich kunnen voordoen: A. Er is sprake van een stabiele situatie: de continuïteit van jeugdbescherming en -reclassering is ruimschoots of in voldoende mate gewaarborgd en wordt ook gerealiseerd; B. Er zijn signalen (early warnings) dat zich in de toekomst problemen kunnen gaan voordoen bij cruciale instellingen;

C. Er zijn substantiële problemen die vragen om ingrijpen en het maken van (strategische) keuzes. 2. Heroverweeg welke relatie de gemeenten willen onderhouden met gecertificeerde instellingen voor jeugdbescherming en -reclassering: • Verlaat de inkooprelatie met privaatrechtelijke partijen; • Neem daarbij het scenario in overweging waarbij gecertificeerde instellingen worden gezien als een publiekrechtelijke voorziening. Verschuif daarmee de rol van gemeenten naar die van samenwerkingspartner, waarbij er sprake is van gezamenlijk eigenaarschap over deze voorziening; • Geef de colleges opdracht om het gesprek hiertoe met de verantwoordelijke ministeries en gecertificeerde instellingen te voeren: hoe dit vorm te geven, of dit kan en zo niet hoe dit het best kan worden benaderd. 3. Richt in het geval zich substantiële problemen voordoen, tijdelijk en op maat een organisatie in met voldoende bestuurlijk vermogen, ambtelijke capaciteit en expertise en actoren uit het bestuurlijk stelsel. 2.1 Het college van de gemeente Schouwen-Duiveland heeft in een bestuurlijke reactie, net als de andere bij dit onderzoek betrokken colleges, aangegeven dat zij de conclusies onderschrijft en zich verbindt aan de inspanningen om de aanbevelingen uit te voeren, in samenwerking met de andere Zeeuwse gemeenten, GI’s en het Rijk.

De termijn om de raad te informeren over hoe en op welke termijn het college de uitvoer van de aanbevelingen voor zich ziet draagt bij aan de ambitie om de aanbevelingen tot uitvoer te brengen. Kanttekeningen De uitvoering van de aanbevelingen vereist nauwe samenwerking en procesafspraken tussen de gemeenteraad, het college, de organisatie, de verantwoordelijke ministeries en gecertificeerde instellingen. Uitvoering De rekenkamer stelt de raad voor de aanbevelingen aan te nemen.

Burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12374150/2