756199 RVS Bijlage 5 Financiële bijlage
Tekst van het document
Financiële bijlage Met de doordecentralisatie wordt het totale budget voor BW dat beschikbaar is gesteld aan de centrumgemeente Vlissingen vanaf 1-1-2024 via het objectief verdeelmodel doorgedecentraliseerd naar de 13 Zeeuwse gemeenten. Het tempo is bepaald door het landelijk vastgesteld ingroeipad van 10 jaar. Dus vanaf 2033 is het budget volledig objectief verdeeld (zie onderstaande figuur).
Daartegenover ontvangen regiogemeenten vanaf de inwerkingtreding van de wetwijziging (zoals thans voorzien op 1 januari 2024) budget voor de nieuwe cliënten BW. Dit hangt samen met de invoering van het woonplaatsbeginsel dat inhoudt dat gemeenten (financieel) verantwoordelijk zijn voor de zorg van hun eigen inwoners, ook wanneer deze zorg buiten de eigen gemeentegrens wordt verleend. Dit bedrag neemt de komende jaren geleidelijk toe, conform het objectief verdeelmodel. Gemeente Vlissingen blijft naast bovenstaande als gastheergemeente Rijksbudget ontvangen (historisch budget) voor cliënten die op 1 januari 2024 al in zorg zijn. Vanaf 2024 zal de integratie uitkering BW voor Vlissingen dus uit twee componenten bestaan namelijk historisch rijksbijdrage en rijksbijdrage o.b.v. objectieve verdeelmodel. Daarnaast ontvangt de gemeente Vlissingen vanaf 2024 de eigen bijdragen voor intramurale cliënten. De grootste verandering van deze overeenkomst betreffen hoe we omgaan met de besteding van de rijksbijdragen en de afwikkeling van het resultaat op de BW-middelen. De overschotten en tekorten op het regiobudget (historisch en objectief) zullen vanaf 2024 ten gunste of laste van alle 13 gemeenten worden gebracht. Daarnaast wordt de besteding van de rijksmiddelen bepaald door de 13 gemeenten. Jaarlijks wordt hiervoor een begroting opgesteld.
De Rijksbijdrage BW wordt budget- en resultaatneutraal opgenomen en verantwoord in de begroting en de jaarstukken en bestemd voor BW. Dit betekent concreet dat de gelden die gemeenten in dit kader ontvangen geparkeerd blijven bij de gemeenten. De gelden worden bestemd als regiobudget en worden daarmee nog niet door gemeenten uitgegeven.
Deze afspraken zijn tijdelijk van aard en gelden totdat de nieuwe governance is ingericht en aanvullende partnerschapsafspraken zijn gemaakt. Artikel 12 Dit voorstel dient te worden voorgelegd aan de Artikel 12-inspecteur en de toezichthouder middels een O&O-formulier. Het college wordt gevraagd in te stemmen met het bijgevoegde O&O-formulier. Dit voorstel is daarom onder voorbehoud van goedkeuring door de Artikel 12-inspecteur en de toezichthouder.