2a. Geluidonderzoek locatie 1a, 1b en 2.
Tekst van het document
Nieuw 150/20 kV station op SchouwenDuiveland - onderzoek naar de geluidniveaus in de omgeving Beschouwing locatiealternatieven 1A, 1B en 2
Concept
Rapportnummer F 22106-5-RA d.d. 13 oktober 2021
Nieuw 150/20 kV station op SchouwenDuiveland - onderzoek naar de geluidniveaus in de omgeving Beschouwing locatiealternatieven 1A, 1B en 2
Concept
opdrachtgever
TenneT TSO B.V.
rapportnummer
F 22106-5-RA
datum
13 oktober 2021
referentie
GL/GL/AvdS/F 22106-5-RA
verantwoordelijke ir. G.W. Lassche opsteller
ir. G.W. Lassche +31 85 8228502 g.lassche@peutz.nl
peutz bv, postbus 7, 9700 aa groningen, +31 85 822 85 00, groningen@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid NLingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015
mook – zoetermeer – groningen – eindhoven – düsseldorf – dortmund – berlijn – nürnberg – leuven – parijs – lyon
F 22106-5-RA 2 Concept
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Opzet transformatorstation en varianten
4
3
To e t s i n g s c r i t e r i a
6
3.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
6
3.2
Maximale geluidniveaus
7
3.3
Laagfrequent geluid
7
Berekeningen
8
4.1
Locatie 1A
8
4.2
Locatie 1B
10
4.3
Locatie 2
12
5
Evaluatie
15
5.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
15
5.2
Laagfrequente geluidniveaus
15
5.3
Maximale geluidniveaus
15
5.4
Conclusie
16
4
F 22106-5-RA 3 Concept
1
Inleiding In dit rapport worden de resultaten gegeven van het onderzoek naar de geluidniveaus in de omgeving ten gevolge van een nieuw 150/20 kV-station op Schouwen-Duiveland. Hierbij is een drietal mogelijke locaties ten zuid(oost)en van Zierikzee onderzocht welke door TenneT worden aangeduid als alternatieven 1A, 1B en 2.
2
Opzet transformatorstation en varianten Voorzien wordt een 150/20 kV-station van TenneT. Het station omvat een 150 kV-deel met installaties van TenneT en een 150/20 kV-deel met installaties van Enduris. In eerste aanleg zal een beperkt deel van het station worden gerealiseerd. Dit onderzoek gaat uit van toekomstige eindsituatie waarin rekening gehouden wordt met de volgende geluidrelevante installaties: − 5 transformatoren van 130 MVA (TR101 t/m TR105). Vooralsnog wordt uitgegaan van belasting van alle transformatoren. De transformatoren zijn voorzien van koelventilatoren waardoor ONAF-bedrijf (Oil Natural Air Forced) gevoerd kan worden. Rekening wordt gehouden met vollast bedrijf gedurende het gehele etmaal met alle transformatoren inclusief koelventilatoren (ONAF). Op basis van de verstrekte informatie wordt uitgegaan van een geluidbronsterkte van 82 dB(A) per transformator (ONAF-bedrijf ). Verondersteld wordt dat sprake is van een vrije opstelling van de transformatoren (geen scherfmuren of wanden); − een 18-tal vermogensschakelaars met een geluidbronsterkte van 115 dB(A) tijdens het schakelen. Deze schakelaars zijn alleen relevant voor het bepalen van de maximale geluidniveaus. In onderstaande afbeelding 2.1 wordt de globale lay-out gegeven.
F 22106-5-RA 4 Concept
f2.1 Globale lay-out van het 150/20 kV-station
In dit onderzoek zullen 3 mogelijke locaties voor het station worden onderzocht. In onderstaande afbeelding 2.2 worden de drie locatieopties (alternatieven 1A, 1B en 2) weergegeven. f2.2 Drie mogelijke locaties en oriëntatie van het 150/20 kV-station
F 22106-5-RA 5 Concept
Bij de drie beschouwde alternatieven bevinden de transformatoren zich aan de westzijde van het terrein en het schakelveld (vermogensschakelaars) aan de oostzijde. Op basis van de verstrekte informatie wordt uitgegaan van de in onderstaande tabel 2.1 weergegeven geluidbronsterkten en bedrijfsvoering. De gehanteerde geluidbronsterkten kunnen als 'stand der techniek' worden aangemerkt. t2.1 Geluidbronsterkten en bedrijfsvoering Omschrijving
Geluidbronsterkte
Aantal
in dB(A)
Bedrijfsvoering dag (7-19) avond (19-23) nacht (23-7)
TenneT 150 kV-deel Vermogensschakelaars 150 kV
115
18
incidenteel*
incidenteel*
incidenteel*
Enduris-deel 150/20 kV-transformatoren (ONAF) 82 5 12 u 4u 8u * alleen tijdens het schakelen (werk- en testschakelingen en calamiteiten). Niet relevant voor de bepaling van de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus. Relevant voor de bepaling van de maximale geluidniveaus (piekgeluiden)
3
To e t s i n g s c r i t e r i a
3.1 L a n g t i j d g e m i d d e l d e b e o o r d e l i n g s n i v e a u s
Gelet op het buiten opgestelde, gelijktijdig in te schakelen vermogen wordt de inrichting aangemerkt als een inrichting categorie 4.2 (200 – 1000 MVA). Het industrieterrein waarop het station wordt opgericht zal voorzien moeten zijn van een zone in het kader van de Wet geluidhinder. De beoogde locaties zijn nog niet voorzien van een geluidzone. Om het beoogde station op die locatie te realiseren zal derhalve een geluidzone vastgesteld moeten worden. Rondom het terrein wordt een contour gelegd waarbuiten de geluidbelasting van het industrieterrein (het terrein van het transformatorstation) niet meer mag bedragen dan 50 dB(A). Het terrein tussen de contour (de zonegrens) en het industrieterrein geldt als zone. De geluidzone beperkt de mogelijkheden voor een toekomstige uitbreiding van het industrieterrein en geldt tevens als aandachtsgebied of beperking voor eventuele woningbouw. Ter plaatse van de (vast te stellen) zonegrens mag de totale geluidbelasting ten gevolge van alle inrichtingen op het industrieterrein niet meer dan 50 dB(A) bedragen. Dit komt overeen met ten hoogste 50 dB(A) in de dagperiode, 45 dB(A) in de avondperiode en 40 dB(A) in de nachtperiode. Tevens zullen, indien van toepassing, voor woningen binnen de zone hogere grenswaarden vastgesteld dienen te worden. Voor woningen geldt een voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A).
Bij de toetsing in het kader van de Omgevingsvergunning zal rekening moeten worden gehouden met het tonale karakter van het geluid afkomstig van het transformatorstation. F 22106-5-RA 6 Concept
Vanwege het mogelijke tonale karakter van het geluid zal een toeslag K 1 à 5 dB worden gehanteerd. Het geluid afkomstig van het transformatorstation wordt hierdoor 5 dB strenger beoordeeld. In theorie zou volgens de Wet geluidhinder woningbouw zonder geluidbeperkingen mogelijk zijn direct buiten de vast te stellen zonegrens. Omdat de Wet geluidhinder geen rekening houdt met het karakter van het geluid en bij transformatorstations wel sprake is van tonaal geluid waarop in het kader van de Wet milieubeheer een toeslag van 5 dB van toepassing is, zou hiermee in onderhavige situatie sprake kunnen zijn van een conGictsituatie. Als voorbeeld hiervoor kan worden genoemd de situatie dat, gelet op de zone, ter plaatse van een woning direct buiten de zonegrens een geluidbelasting is toegestaan van 50 dB(A) exclusief toeslag voor tonaal karakter. Inclusief toeslag voor tonaal karakter is sprake van een etmaalwaarde van 55 dB(A). In het kader van de Wet milieubeheer zal dit op bezwaren stuiten. Om dergelijke situaties te voorkomen wordt voorgesteld voor onderhavige situatie een zone vast te stellen inclusief de toeslag voor tonaal karakter. De Wet geluidhinder sluit deze mogelijkheid niet uit. Het aandachtsgebied wordt hierdoor groter.
Op grond van bovenstaande wordt voorgesteld de geluidzone vast te leggen op basis van de 50 dB(A)-contour (etmaalwaarde) inclusief toeslag voor tonaal karakter. De hierbij te hanteren rekenhoogte is 5 meter boven het plaatselijke maaiveld. Bij het vaststellen van de zone zal onderzocht moeten worden of sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Daarbij speelt de cumulatie van het geluid een rol. Hierbij is het van belang welke geluidbelastingen ten gevolge van alle geluidsoorten (weg- en railverkeerslawaai, industrielawaai en eventueel vliegtuiglawaai) optreden. Deze cumulatieve geluidbelasting wordt hierbij bepaald volgens het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (bijlage I). In deze situatie kunnen met name het wegverkeerslawaai (provinciale weg N256) en industrielawaai (bedrijventerrein ten westen en noorden van locatie 1A) als relevant worden aangemerkt. 3.2 M a x i m a l e g e l u i d n i v e a u s
Bovenstaande heeft betrekking op de optredende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus. De maximale geluidniveaus (piekgeluiden) zullen in eerste aanleg worden getoetst aan de normaliter gehanteerde grenswaarden van 70 dB(A) in de dagperiode, 65 dB(A) in de avondperiode en 60 dB(A) in de nachtperiode. 3.3 L a a g f r e q u e n t g e l u i d
De laatste jaren is er meer aandacht voor laagfrequent geluid. Laagfrequent geluid is geluid met een frequentie beneden de 125 Hz. Geluid met frequenties onder 20 Hz wordt infrageluid genoemd; de waarneming is dan niet als geluid te herkennen maar meer als ‘druk op de oren’ of als trilling. Hoogspanningsstations (transformatoren) produceren laagfrequent geluid. De genoemde installaties bezitten relatief veel geluidenergie bij 100 Hz en hogere harmonischen daarvan (200 Hz en volgende veelvouden van 100 Hz). Dit houdt direct verband met de F 22106-5-RA 7 Concept
netfrequentie van 50 Hz. De bijdrage van 50 Hz aan het totale geluidniveau in dB(A) is over het algemeen niet relevant. Dit geldt ook voor de andere frequenties dan de 100 Hz en hogere harmonischen. In het kader van laagfrequent geluid zijn voor hoogspanningsstations derhalve alleen de geluidniveaus bij 100 Hz van belang. Deze frequentie vormt het overgangsgebied tussen laagfrequent geluid en 'normaal geluid'. Daardoor worden de laagfrequente geluidniveaus bij hoogspanningsstations al beperkt door de normstelling in dB(A) (hoge geluidniveaus bij 100 Hz zullen al snel leiden tot een overschrijding van de norm in dB(A)). Voor de beoordeling van laagfrequent geluid bestaat nog geen wettelijke grondslag. Indien nodig worden maatregelen getroKen om aan de geldende geluidsnormen die voortvloeien uit de landelijke regelgeving te voldoen. In bijzondere gevallen kan bij klachten en bezorgdheid over laagfrequent geluid aansluiting worden gezocht bij de Vercammen-curve. De Vercammen-curve is een richtlijn voor laagfrequent geluid op basis van (geobjectiveerde) hinder. Dit is echter geen wettelijke norm. In dit onderzoek zal aandacht worden besteed aan het aspect laagfrequent geluid.
4
Berekeningen Voor de verschillende locaties zijn rekenmodellen opgesteld. Hierbij is uitgegaan van de uitgangspunten zoals genoemd in hoofdstuk 2. In de volgende paragrafen zijn per locatie de resultaten gegeven. De berekeningen zijn uitgevoerd voor zowel de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus als de maximale geluidniveaus. De rekenhoogte bedraagt in alle gevallen 5 meter boven maaiveld.
4.1 L o c a t i e 1 A
In onderstaande afbeelding 4.1 worden de gehanteerde rekenpunten bij woningen weergegeven. In tabel 4.1 worden de rekenresultaten bij woningen gegeven. Weergegeven zijn de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus inclusief een toeslag (à 5 dB) voor het tonale karakter van het geluid per etmaalperiode (dag-, avond- en nachtperiode) en in etmaalwaarden. De etmaalwaarde is gelijk aan de hoogste waarde van: − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de dagperiode; − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de avondperiode vermeerderd met 5 dB; − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de nachtperiode vermeerderd met 10 dB. In de tabel zijn tevens weergegeven de berekende maximale geluidniveaus L Amax (ten gevolge van het schakelen met de vermogensschakelaars; piekgeluid). In aanvulling op de rekenresultaten bij woningen zijn tevens de geluidcontouren berekend. Deze zijn weergegeven in de afbeelding 4.2.
F 22106-5-RA 8 Concept
f4.1 Locatie 1A: ligging rekenpunten nabij woningen
t4.1 Berekende geluidniveaus voor locatie 1A Omschrijving
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus in dB(A) inclusief toeslag (5 dB)
Piekgeluiden
dag
avond
nacht
etmaalwaarde
LAmax in dB(A)
1 Groene Weegje 12, Zierikzee
26
26
26
36
47
2 Industrieweg 8, Zierikzee
27
27
27
37
44
3 Straalweg 3, Zierikzee
24
24
24
34
43
4 Straalweg 5, Zierikzee
20
20
20
30
< 40
(zie ook afbeelding 4.1)
5 Straalweg 8, Zierikzee
18
18
18
28
< 40
7 Lange Slikweg 4, Zierikzee
19
19
19
29
< 40
8-10 Gouweveerseweg 6/9/8, Zierikzee
≤ 15
≤ 15
≤ 15
≤ 25
< 40
11 Platteweg 4, Zierikzee
20
20
20
30
< 40
12 's Heer Lauwendorp 29 – 33, Zierikzee
24
24
24
34
44
F 22106-5-RA 9 Concept
f4.2 Globale geluidcontouren (dag-, avond- of nachtperiode INCLUSIEF toeslag voor tonaal geluid), locatie 1A inclusief toeslag 5 dB
35 dB(A) (= 45 dB(A) etmaalwaarde)
30 dB(A) (= 40 dB(A) etmaalwaarde)
In aanvulling op de rekenresultaten zoals gepresenteerd in tabel 4.1 wordt opgemerkt dat bij 100 Hz geluidniveaus worden verwacht van ten hoogste 37 dB (lineaire waarden; overeenkomend met ten hoogste 18 dB(A)). Dit geldt voor de op de gevel invallende geluidniveaus. Op grond hiervan mag worden verwacht dat binnen woningen ten gevolge van het 150/20 kV-station niet of nauwelijks sprake zal zijn van laagfrequent geluid. De zogenaamde Vercammencurve zal zeker niet worden overschreden. 4.2 L o c a t i e 1 B
In onderstaande afbeelding 4.3 worden de gehanteerde rekenpunten bij woningen weergegeven. In tabel 4.2 worden de rekenresultaten bij woningen gegeven. Weergegeven zijn de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus inclusief een toeslag (à 5 dB) voor het tonale karakter van het geluid per etmaalperiode (dag-, avond- en nachtperiode) en in etmaalwaarden. De etmaalwaarde is gelijk aan de hoogste waarde van: − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de dagperiode; − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de avondperiode vermeerderd met 5 dB; − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de nachtperiode vermeerderd met 10 dB. In de tabel zijn tevens weergegeven de berekende maximale geluidniveaus L Amax (ten gevolge van het schakelen met de vermogensschakelaars; piekgeluid). In aanvulling op de rekenresultaten bij woningen zijn tevens de geluidcontouren berekend. Deze zijn weergegeven in de afbeelding 4.4.
F 22106-5-RA 10 Concept
f4.3 Locatie 1B: ligging rekenpunten nabij woningen
t4.2 Berekende geluidniveaus voor locatie 1B Omschrijving (zie ook afbeelding 4.3)
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus in dB(A) inclusief toeslag (5 dB)
Piekgeluiden LAmax in dB(A)
dag
avond
nacht
etmaalwaarde
1 Groene Weegje 12, Zierikzee
24
24
24
34
44
2 Industrieweg 8, Zierikzee
20
20
20
30
< 40
3 Straalweg 3, Zierikzee
17
17
17
27
< 40
4 Straalweg 5, Zierikzee
15
15
15
25
< 40
5-7 Straalweg 8, Weg naar de Val 10,
< 15
< 15
< 15
< 25
< 40
8 Gouweveerseweg 6, Zierikzee
20
20
20
30
< 40
9 Gouweveerseweg 9, Zierikzee
19
19
19
29
Lange Slikweg 4 (Zierikzee)
10 Gouweveerseweg 8, Zierikzee
18
18
18
28
< 40
11 Platteweg 4, Zierikzee
26
26
26
36
47
12 's Heer Lauwendorp 29 – 33, Zierikzee
22
22
22
32
40
F 22106-5-RA 11 Concept
f4.4 Globale geluidcontouren (dag-, avond- of nachtperiode INCLUSIEF toeslag voor tonaal geluid), locatie 1B inclusief toeslag 5 dB
35 dB(A) (= 45 dB(A) etmaalwaarde)
30 dB(A) (= 40 dB(A) etmaalwaarde)
In aanvulling op de rekenresultaten zoals gepresenteerd in tabel 4.2 wordt opgemerkt dat bij 100 Hz geluidniveaus worden verwacht van ten hoogste 36 dB (lineaire waarden; overeenkomend met ten hoogste 17 dB(A)). Dit geldt voor de op de gevel invallende geluidniveaus. Op grond hiervan mag worden verwacht dat binnen woningen ten gevolge van het 150/20 kV-station niet of nauwelijks sprake zal zijn van laagfrequent geluid. De zogenaamde Vercammencurve zal zeker niet worden overschreden.
4.3 L o c a t i e 2
In onderstaande afbeelding 4.5 worden de gehanteerde rekenpunten bij woningen weergegeven. In tabel 4.3 worden de rekenresultaten bij woningen gegeven. Weergegeven zijn de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus inclusief een toeslag (à 5 dB) voor het tonale karakter van het geluid per etmaalperiode (dag-, avond- en nachtperiode) en in etmaalwaarden. De etmaalwaarde is gelijk aan de hoogste waarde van: − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de dagperiode; − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de avondperiode vermeerderd met 5 dB; − het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de nachtperiode vermeerderd met 10 dB. In de tabel zijn tevens weergegeven de berekende maximale geluidniveaus L Amax (ten gevolge van het schakelen met de vermogensschakelaars; piekgeluid). In aanvulling op de rekenresultaten bij woningen zijn tevens de geluidcontouren berekend. Deze zijn weergegeven in de afbeelding 4.6. F 22106-5-RA 12 Concept
f4.5 Locatie 2: ligging rekenpunten nabij woningen
t4.3 Berekende geluidniveaus voor locatie 2 Omschrijving
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus in dB(A) inclusief toeslag (5 dB)
Piekgeluiden
dag
avond
nacht
etmaalwaarde
LAmax in dB(A)
1 Groene Weegje 12, Zierikzee
15
15
15
25
< 40
2 Industrieweg 8, Zierikzee
17
17
17
27
< 40
3 Straalweg 3, Zierikzee
22
22
22
32
40
4 Straalweg 5, Zierikzee
23
23
23
33
42
(zie ook afbeelding 4.5)
5 Straalweg 8, Zierikzee
21
21
21
31
< 40
6 Weg naar de Val 10, Zierikzee
22
22
22
32
< 40
7 Lange Slikweg 4, Zierikzee
19
19
19
29
< 40
8, 9 Gouweveerseweg 6 en 9, Zierikzee
< 15
< 15
< 15
< 25
< 40
10 Gouweveerseweg 8, Zierikzee
16
16
16
26
< 40
11 Platteweg 4, Zierikzee
15
15
15
25
< 40
12 's Heer Lauwendorp 29 – 33, Zierikzee
< 15
< 15
< 15
< 25
< 40
F 22106-5-RA 13 Concept
f4.6 Globale geluidcontouren (dag-, avond- of nachtperiode INCLUSIEF toeslag voor tonaal geluid), locatie 2 inclusief toeslag 5 dB
35 dB(A) (= 45 dB(A) etmaalwaarde)
30 dB(A) (= 40 dB(A) etmaalwaarde)
In aanvulling op de rekenresultaten zoals gepresenteerd in tabel 4.3 wordt opgemerkt dat bij 100 Hz geluidniveaus worden verwacht van ten hoogste 32 dB (lineaire waarden; overeenkomend met ten hoogste 13 dB(A)). Dit geldt voor de op de gevel invallende geluidniveaus. Op grond hiervan mag worden verwacht dat binnen woningen ten gevolge van het 150/20 kV-station niet of nauwelijks sprake zal zijn van laagfrequent geluid. De zogenaamde Vercammencurve zal zeker niet worden overschreden.
F 22106-5-RA 14 Concept
5
Evaluatie
5.1 L a n g t i j d g e m i d d e l d e b e o o r d e l i n g s n i v e a u s
Uit het onderzoek blijkt dat voor alle drie beschouwde locatieopties (1A, 1B en 2) geldt dat de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus bij woningen ruimschoots lager zijn dan de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) etmaalwaarde (ten hoogste 50 dB(A) in de dagperiode, 45 dB(A) in de avondperiode en 40 dB(A) in de nachtperiode). Dit geldt inclusief de toepassing van een toeslag ('straKactor') van 5 dB voor het tonale karakter van het geluid. In alle gevallen zijn de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus ook lager dan de streefwaarden voor 'landelijk gebied' (respectievelijk 40 dB(A) in de dagperiode, 35 dB(A) in de avondperiode en 30 dB(A) in de nachtperiode). De optredende geluidniveaus worden toelaatbaar geacht en verwacht mag worden dat bij woningen het geluid afkomstig van het 150/20 kV-station niet of nauwelijks hoorbaar zal zijn. Hierbij kan overigens nog worden opgemerkt dat bij de berekeningen geen rekening is gehouden met de afschermende werking van gebouwen in de omgeving. Tussen een aantal woningen en het 150/20 kV-station zijn een of meerdere gebouwen gelegen. Hierdoor zullen de geluidniveaus nog lager zijn dan de berekende waarden. De noodzaak voor het treKen van mitigerende maatregelen is niet aanwezig.
Mocht het desondanks wenselijk zijn om het geluid in één of meerdere richtingen te reduceren dan zouden in principe wanden (of scherfmuren) nabij de transformatoren kunnen worden geplaatst. Hierdoor zal evenwel het geluid in de niet afgeschermde richting enigszins kunnen toenemen. Een en ander valt nader te bezien bij een verdere uitwerking van de plannen.
5.2 L a a g f r e q u e n t e g e l u i d n i v e a u s
Vanwege de lage geluidniveaus zal naar verwachting geen sprake zijn van hinder als gevolg van laagfrequent geluid. Er zal in alle gevallen ruimschoots voldaan worden aan het Vercammencriterium.
5.3 M a x i m a l e g e l u i d n i v e a u s
Tijdens het schakelen met de vermogensschakelaars (hooguit enkele malen per jaar) kunnen maximale geluidniveaus optreden van ten hoogste 47 dB(A) (locaties 1A en 1B) en 42 dB(A) (locatie 2). Deze waarden zijn ruimschoots lager dan de normaliter gehanteerde grenswaarden van 70 dB(A) in de dagperiode, 65 dB(A) in de avondperiode en 60 dB(A) in de nachtperiode. Schrik- of ontwaakreacties zijn zeker niet te verwachten.
F 22106-5-RA 15 Concept
5.4 C o n c l u s i e
Uit het onderzoek blijkt dat voor alle drie beschouwde locatieopties sprake lijkt van een toelaatbare situatie. Om het station mogelijk te maken zal een geluidzone moeten worden vastgesteld. Hierbij ligt de keuze voor of de geluidzone inclusief of exclusief toeslag voor tonaal geluid wordt vastgesteld.
Groningen, Dit rapport bevat 16 pagina's
F 22106-5-RA 16 Concept