CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

210624 Oordeel inspecties pva JB West fase 2

Gemeenteraad 30 september 2021, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken1.976 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

> Retouradres Postbus 2518 6401 DA Heerlen

Aan de Minister voor Rechtsbescherming en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Bezoekadres Stadsplateau 1 3521 AZ Utrecht T 088 120 5000 www.igj.nl Inlichtingen bij mw. H.A. Blomberg Ons kenmerk IGJ/21-06-20-004-TT/102619-KR

Datum Betreft

24 juni 2021 Oordeel inspecties business case Jeugdbescherming west

Bijlagen -Uw kenmerk --

Geachte heer Dekker en heer Blokhuis, Op 14 april 2021 stuurde ik u een brief met het oordeel over fase 1 van de business case van JB west voor de bestuurlijke fusie met Intervence in Zeeland. Op 21 juni heb ik fase 2 van de business case en het transitieplan (hierna: het plan) ontvangen. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid (hierna: de inspectie) hebben wederom getoetst of daarmee het totale plan volledig, realistisch en duurzaam is. De inspecties nemen hierin de kwaliteit en continuïteit van zorg als uitgangspunt en wat het betekent voor het kind, zijn ouders en het netwerk rond de jeugdige. De inspecties gaan er ook nu van uit dat de Jeugdautoriteit de (financiële) waarborgen voor zorgcontinuïteit beoordeelt voor de korte en langere termijn. Aanleiding De Zeeuwse gemeenten hebben op 1 december 2021 een voornemen geuit om per 1 januari 2021 geen nieuwe jeugdbeschermingsmaatregelen toe te wijzen aan Intervence en alle lopende maatregelen over te dragen aan drie gecertificeerde instellingen (GI’s), te weten Briedis Jeugdbeschermers, Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering en de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering. De inspecties zijn door het Ministerie van Justitie en Veiligheid gevraagd om hier een oordeel over te geven. In mijn brief van 7 december jl.

heb ik aandachtspunten meegegeven voor het op te stellen transitieplan. Het eerste plan, waarbij overdracht van alle jeugdbeschermingsmaatregelen aan bovengenoemde GI’s werd voorzien, is aan de hand van deze aandachtspunten negatief beoordeeld door de inspecties. Ook de Jeugdautoriteit kwam tot een negatief advies. Hierop is door de gemeenten besloten een alternatief scenario uit te werken, namelijk overname door een andere GI. Jeugdbescherming west (hierna JB west) heeft vervolgens de opdracht gekregen een business case op te stellen. Fase 1 van deze business case is eerder positief beoordeeld door zowel de inspecties als de Jeugdautoriteit. Op 12 mei heeft de Bestuurscommissie Jeugd van de Zeeuwse gemeenten besloten in te stemmen met de business case en de (financiële) voorwaarden.

Oordeel inspecties business case fase 2 en transitieplan JB west

Pagina 1 van 5

De inspecties zijn verheugd dat een toekomstbestendige, kwalitatief goede jeugdbescherming in Zeeland een stap dichterbij is gekomen doordat de Zeeuwse gemeenten hebben ingestemd met de bestuurlijke fusie van Intervence en JB west. De inspecties constateren dat fase 2 een verdere uitwerking is van fase 1 van de business case en het totale plan voldoende garanties biedt voor voldoende kwaliteit en continuïteit van zorg en minimale consequenties heeft voor het kind, zijn ouders en het netwerk rond de jeugdige.

Ons kenmerk IGJ/21-06-20-004-TT/102619-KR

Hieronder licht ik dit oordeel van de inspecties toe aan de hand van de eerdergenoemde aandachtspunten uit mijn brief van 7 december 2020. Aspecten die reeds in fase 1 positief zijn beoordeeld, worden niet benoemd. Onderbouwing oordeel inspecties C lientperspectief • Betrokkenheid opstellen business case Uit het plan blijkt dat bij het opstellen van het plan overleg is geweest met de cliëntenraad en er duidelijkheid is over het voorbestaan van de cliëntenraad. Er zal een regionale cliëntenraad voor de Zeeuwse tak van JB west blijven bestaan die een vertegenwoordiging krijgt in een nog op te richten centrale cliëntenraad. Daarnaast is JB west voornemens om de bestaande samenwerking met het Schadefonds Geweldsmisdrijven uit te breiden naar Zeeland. De inspecties ondersteunen dit initiatief. • Relatie cliënt - medewerker Doordat niet langer sprake is van het opheffen van Stichting Intervence, maar gekozen wordt voor een bestuurlijke fusie, zijn er in principe geen gevolgen voor de relatie tussen cliënt en medewerker. De inspecties zien wel als risico dat als de bestuurlijke fusie een feit is en de eerste veranderingen in de organisatie zichtbaar en merkbaar worden voor medewerkers, alsnog medewerkers zullen vertrekken. In dat geval zal de cliënt wel te maken krijgen met een nieuwe jeugdbeschermer.

JB west is zich afdoende bewust van dit risico en anticipeert hierop door continu te werven, een periode van rust voor medewerkers in te bouwen en eventuele veranderingen geleidelijk en met betrokkenheid van medewerkers door te voeren. Gezien het arbeidsmarktvraagstuk in de jeugdbeschermingsketen willen de inspecties meegeven ook in een breder perspectief aandacht te hebben voor het behoud (binden en boeien) van medewerkers om het verloop van kennis en ervaring/ jeugdbeschermers te minimaliseren. • Klachtencommissie De klachtencommissie en de ondersteuning ervan wordt gecontinueerd. Het streven is om deze in 2022 te integreren met de Klachtencommissie van JB west. Medewerkers perspectief • Betrokkenheid opstellen business case In het plan is veel aandacht voor de belasting, gevolgen en impact van medewerkers van de transitie. De inspecties erkennen en herkennen de roerige en voor hen onmachtige situatie waarmee zij afgelopen half jaar zijn geconfronteerd. Om hen niet nog meer te belasten is ervoor gekozen wel te communiceren maar niet te gedetailleerd te betrekken bij de uitwerking zodat zij het primair proces alle aandacht die dat nodig heeft kunnen blijven geven. De ondernemingsraad en vakbond zijn wel betrokken en akkoord.

Pagina 2 van 5

•

•

Behoud personeel Voor drie medewerkers van Intervence met een vast contract komt de functie te vervallen. Daarnaast hebben enkele andere medewerkers ervoor gekozen gebruik te maken van het Sociaal Plan. Dit maakt duidelijk dat de impact van de onzekerheid van de afgelopen maanden, groter is dan wellicht was voorzien. Voor het afvloeien van de medewerkers is een zorgvuldig en ruim tijdpad gekozen. Medewerkers kunnen gedurende drie maanden afbouwen en overdragen en zijn daarna vrijgesteld van werk. Deskundigheid personeel In het plan wordt aandacht besteed aan de scholing van medewerkers in o.a. de nieuwe (registratie-)systemen, overlegstructuren en verantwoordelijkheden. Ook hier is gekozen voor eerst een periode van rust en een geleidelijke overgang, zodat de druk op medewerkers niet onnodig hoog wordt.

Ons kenmerk IGJ/21-06-20-004-TT/102619-KR

Kwaliteitszorg • Kwaliteitsmanagementsysteem De komende maanden gaat veel aandacht gaan naar het integreren van de kwaliteitsmanagementsystemen. Bekeken wordt of dit lukt voor februari 2020, zodat de uitbreidingsaudit van het Keurmerkinstituut (KMI) daarna plaats kan vinden. Wanneer dit tijdpad te krap is, is uitloop mogelijk tot 2023, omdat de twee afzonderlijke keurmerken van de twee organisaties tot dan geldig zijn. JB west heeft hierover afspraken gemaakt met het KMI. Ketenpartners & stakeholders • JB west stelt voor dat de gemeenten aansluiten bij het bovenregionale bestuurlijke netwerk van JB west. De inspecties ondersteunen dit van harte, mede in het licht van de huidige problemen in de jeugdbeschermingsketen waarbij duidelijk wordt dat bovenregionale samenwerking noodzakelijk is om voor alle kinderen tijdig en passende hulp te kunnen bieden. • Het plan besteedt aandacht aan de overdracht van het professioneel netwerk van de huidige bestuurder en voorziet in het aanstellen van een accountmanager voor de externe contacten. Het streven is dat de samenwerkingsrelatie die is opgebouwd met de Rechtbank, Politie, Openbaar Ministerie en de Veiligheidshuizen wordt gecontinueerd en verder wordt geïntensiveerd. • Duidelijk wordt dat JB west Zeeland zal blijven participeren in het Taskforce Acute Veiligheid met de andere GI’s, rechtbank en Raad voor de kinderbescherming.

De inspecties vinden het belangrijk dat deze intensieve samenwerking en gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het snel en goed kunnen oppakken van (nieuwe) zaken ook op langere termijn blijft bestaan. Governance, bedrijfsvoering en risicomanagement • Intern toezicht De Raad van Toezicht van Intervence wordt opgeheven. Eén lid zal toetreden tot de Raad van Toezicht van JB west en daarmee de Zeeuwse tak vertegenwoordigen. • Archivering dossiers JB west en Intervence maken gebruik van dezelfde organisatie ten behoeve van het archiveren van dossiers. Hierdoor zijn er geen belemmeringen om de dossiers conform de wettelijke termijnen en eisen te bewaren onder verantwoordelijkheid van JB west. • Inventarisatie van (overige) risicofactoren en maatregelen

Pagina 3 van 5

Een belangrijk risico voor de komende tijd is het welzijn van medewerkers. Nu er duidelijkheid is over de toekomst en de druk en spanning hierover wegvalt, zou het kunnen dat nog meer zichtbaar wordt welk effect de afgelopen periode heeft gehad op hen met mogelijke gevolgen voor het primair proces. De inspecties verwachten dat in de monitoring door JB west, voldoende aandacht wordt besteed aan dit aspect.

Ons kenmerk IGJ/21-06-20-004-TT/102619-KR

Tijdpad / overige zaken De inspecties constateren dat JB west en de Zeeuwse gemeenten nog steeds op koers liggen om een bestuurlijke fusie per 1 juli mogelijk te maken. De financiële en praktische randvoorwaarden zijn grotendeels op orde. De inspecties voorzien nog wel een onzekere factor als gevolg van het faillissement van Briedis. Op dit moment is nog niet duidelijk welke impact dit zal hebben op het aantal zaken dat nog overkomt naar JB west Zeeland. De inspecties zijn ervan op de hoogte dat het streven is dat een landelijke GI alle zaken en alle jeugdbeschermers van Briedis overneemt, maar constateert tegelijkertijd dat er ook zaken bij het moment van het verlengen, worden toegewezen aan het huidige Intervence. JB west heeft mede vanwege deze onzekere toestroom van zaken, een instroomteam ingericht. De inspecties hebben eerder gesteld het werken met een instroomteam niet wenselijk te vinden en niet passend bij de urgentie van de jeugdbeschermingsmaatregel. De inspecties beoordelen het werken met een instroomteam als niet wenselijk, maar wel als voldoende, als de jeugdbeschermer daadwerkelijk met het gezin aan de slag gaat, in contact is met het gezin en samen met hen werkt aan een gedragen koers. Conclusie De inspecties concluderen dat de totale business case voldoende concreet is over wat de transitie voor cliënten betekent voor o.a.

de relatie met jeugdbeschermer, en bereikbaarheid en voldoende oog heeft voor risico’s en daarop anticipeert. De inspecties vinden het van belang dat ook na integratie met de klachtencommissie van JB west in deze klachtencommissie kennis van het Zeeuwse zorgveld is vertegenwoordigd en hoorzittingen in Zeeland plaatsvinden zodat cliënten zonder belemmering van extra afstand en reistijd naar hoorzittingen kunnen komen. De inspecties constateren dat de impact van de onzekerheid, overbelasting en het vertrek van collega’s groot is op de organisatie. JB west is zich hier voldoende van bewust en neemt maatregelen om de vitaliteit van medewerkers te herstellen en te vergroten. De inspecties hebben er vertrouwen in dat de medewerkers op deze wijze voldoende ruimte en tijd krijgen om taken binnen de jeugdbescherming goed uit te kunnen voeren. De inspecties concluderen voorts dat het plan voldoende aandacht heeft en tijd neemt voor het borgen van de kwaliteit en voldoende ambitie heeft om de samenwerking met stakeholders en netwerkpartners te continueren en verder te intensiveren.

Hoewel de inspecties nog steeds risico’s zien voor de kwaliteit van de jeugdbescherming in Zeeland als gevolg van de langdurige werkdruk, het vertrek van medewerkers en hoge toestroom van nieuwe zaken, hebben de inspecties vertrouwen in dat JB west en de medewerkers van het huidige Intervence op dit moment de juiste stappen nemen. De inspecties willen nogmaals het belang benadrukken van een goede samenwerking tussen gemeenten en gecertificeerde instellingen. De geleverde inspanningen en toekomstige voornemens op dit vlak zijn essentieel voor het verstevigen en door ontwikkelen van de jeugdbeschermingsketen in Zeeland.

Pagina 4 van 5

Daarnaast willen de inspecties hun respect en waardering uitspreken voor alle medewerkers van Intervence die afgelopen maanden ondanks de ingewikkelde situatie zijn blijven werken aan het beschermen van kwetsbare kinderen in Zeeland.

Ons kenmerk IGJ/21-06-20-004-TT/102619-KR

Tot slot De inspecties zullen de komende maanden de voortgang van de fusie en gevolgen voor de uitvoering volgen middels het reguliere toezicht. Dit betekent dat de inspecties afspraken maken met de bestuurder van JB west over de wijze, onderwerpen en momenten waarop zij geïnformeerd willen worden.

Hoogachtend, mede namens de Inspectie Justitie en Veiligheid

Korrie Louwes Hoofdinspecteur

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10344723/1