2026.207 Bijlage 2 - Procesvoorstel voor governance energietransitie in Zeeland (1704790)
Tekst van het document
Notitie Onderwerp: Procesvoorstel voor governance energietransitie in Zeeland Versie: 13 maart 2026, definitief concept
Beslispunten: 1. Instemmen met het voorgestelde proces en procesbegeleiding; 2. Gemeenten brengen dit voorstel in bij de colleges van B&W ten behoeve van deelname aan het proces.
Aanleiding Rondom de energietransitie bestaan verschillende nationale en regionale meerjarenprogramma’s, waaronder de Regionale Energie Strategie (NP-RES), het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW), het Programma Energie Hoofdstructuur (PEH), het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE), het Nationaal en Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (NMIEK en PMIEK) en de Cluster Energie Strategie (CES). Voor al deze meerjarenprogramma’s zijn visie- en strategiedocumenten vastgesteld.
Deze documenten bieden inzicht in ontwikkelrichtingen, ambities en doelen, maar zijn nu nog deels versnipperd en niet altijd eenduidig verbonden met de specifieke kenmerken, opgaven en projecten in een gebied. Om effectiever te werken en meer samenhang te creëren hebben het Bestuurlijk Kernteam RES en de Energieraad besloten deze documenten te gaan integreren in een gebiedsgerichte aanpak voor het energiesysteem. De deelgebieden die hiervoor zijn benoemd komen overeen met de netwerkstructuur van Stedin en TenneT. Dit zijn: Tholen & Schouwen-Duiveland, de Bevelanden, ZeeuwsVlaanderen en Walcheren.
Landelijke ontwikkelingen Op landelijk niveau wordt er gewerkt aan de Interbestuurlijke Samenwerkingsagenda (ISA) Energie. ISA Energie bevat een set aan afspraken om de samenwerking rond de inrichting van het energiesysteem te versterken en te versnellen en beter af te stemmen op ambities uit het Klimaatakkoord. Vanuit ISA wordt ingezet op meer samenhang in keuzes, minder overlegdrukte en vooral: sneller doorpakken op knelpunten en escalatie. ISA bouwt daarbij voort op wat er al is. Parallel aan ISA wordt er inhoudelijk gewerkt aan de oprichting van een Nationaal Programma Energiesysteem (NP ES). Het NP ES is een samenvoeging van drie bestaande programma’s NP RES, NPLW en SP IPE (integraal programmeren). ISA en NP ES zijn erop gericht om de energietransitie compacter en slagvaardiger te maken. Doel is om NP ES uiterlijk op 1 januari 2027 van start te laten gaan.
De opdracht In de Energieraad van 4 december 2025 is opdracht gegeven om de aanpak van ISA te vertalen naar Zeeland. In zowel het Bestuurlijk Kernteam van de RES als in de Energieraad Zeeland is ingestemd met een notitie waarin de opdracht is vastgelegd om de huidige bestuurlijke en ambtelijke structuren onder de RES en de Energieraad te herzien. Doel hiervan is om te komen tot één bestuurlijk overleg Energieraad, een adviesraad en een ambtelijk overleg waarmee de afstemming tussen beleid en uitvoering wordt versterkt. Belangrijke uitgangspunten hierbij zijn dat er geen extra overlegstructuren bij komen en dat doelmatige besluitvorming wordt geborgd.
Afbakening, governance en energiebeeld/energieperspectief In dit procesvoorstel vindt eerst een scope-bepaling plaats middels een beschrijving van de aanpak van energietransitie in Zeeland. Daarna wordt het proces beschreven om tot een nieuwe governance structuur te komen. De focus van dit traject ligt op de governance van energietransitie in Zeeland. Deze notitie richt zich daarom op de organisatie van de samenwerking en de besluitvorming. Deze notitie richt zich niet op de inhoudelijke uitwerking van het energiesysteem/energieperspectief per deelregio. Vooruitlopend op landelijke ontwikkelingen wordt in Zeeland in de deelgebieden verkend hoe een energiebeeld en/of energieperspectief er regionaal uit kan zien. Hierbij wordt onder meer gebruik gemaakt van inzichten uit eerdere trajecten, zoals het verkenningsproject ‘verduurzaming kustregio West Zeeuws-Vlaanderen’, uit het PMIEK 2.0. Zodra de nieuwe governance structuur is ingericht, kan via deze structuur (en in aansluiting op landelijke kaders) worden gewerkt aan het opstellen van energiebeelden/energieperspectieven voor de verschillende deelgebieden in Zeeland.
Beschrijving aanpak energietransitie in Zeeland Rijk, Provincie en gemeenten In opdracht van het Rijk nemen provincies regie op de ontwikkeling van het regionale energiesysteem. Vanuit de Klimaatwet vraagt het Rijk provincies om op regionaal niveau te sturen op samenhang, ruimtelijke inpassing en programmering van opwek, opslag en infrastructuur. Bij de ontwikkeling van voorgenomen beleid werkt de provincie nauw samen met de gemeente, die vanuit gebiedskennis en lokale verantwoordelijkheden een belangrijke rol spelen bij de totstandkoming en uitwerking van regionale keuzes. Gemeenten hebben binnen de regionale en lokale energietransitie een uitvoerende en gebiedsgerichte verantwoordelijkheid. Zij vertalen regionale afspraken naar lokaal beleid en concrete projecten, zoals de Transitievisie Warmte en de opvolger daarvan, het Warmte Programma. Gemeenten zijn daarbij verantwoordelijk voor de lokale participatie, vergunningverlening, wijkaanpakken en het faciliteren van duurzame opwek op lokaal niveau.
RES Zeeland In Zeeland zijn hiervoor verschillende overlegstructuren en bestuurlijke tafels ingericht. De Regionale Energie Strategie (RES Zeeland) vormt daarbij de stip op de horizon: 100% reductie uitstoot van CO2 in 2050. De RES beschrijft doelstellingen voor de sectoren gebouwde omgeving, mobiliteit en opwek van energie uit zon en wind. De RES wordt opgesteld door gemeenten en provincie en waterschap en wordt vastgesteld door gemeenteraden, waterschapen door Provinciale Staten. Ambtelijk wordt de RES gecoördineerd door het Ambtelijk Kernteam RES. Op bestuurlijk niveau bewaakt het Bestuurlijk Kernteam van de RES de voortgang van de uitvoering van de RES.
CES (DIVIT) Het Cluster Energie Strategie (CES) brengt in beeld welke verduurzamingsplannen bedrijven hebben, welke energievraag en -aanbod daarbij horen en welke infrastructuur daarvoor nodig zou zijn. Infrastructurele projecten die voortkomen uit de CES kunnen in aanmerking komen voor opname in het Nationaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (NMIEK). De CES wordt opgesteld door het industriecluster in samenwerking met netbeheerders en het Rijk. Provincies worden hierbij vanuit een ondersteunende rol betrokken. De Zeeuwse gemeenten hebben de wens uitgesproken dat de gemeenten een nadrukkelijkere rol krijgen in de totstandkoming van de CES. Het Cluster Energie Strategie wordt niet officieel vastgesteld. Het is een richtinggevend document dat primair dient als input voor het NMIEK. Op ambtelijk niveau wordt door het Kernteam SDR gewerkt aan de verduurzaming van de industrie. Bestuurlijk wordt de verduurzaming van de industrie gecoördineerd door het Rijk via het Nationaal Programma Verduurzaming Industrie (NPVI).
Integraal Programmeren en PMIEK In de uitvoering van de RES en de CES is door netbeheerders geconstateerd dat er momenteel onvoldoende infrastructuur en transportcapaciteit beschikbaar is, om tegemoet te komen aan de ambities c.q. doelstellingen uit resp. de RES en de CES. Hiertoe is in samenwerking tussen het Rijk, provincies en netbeheerders een methode ontwikkeld (integraal programmeren) die ervoor moet zorgen dat vraag, aanbod en infrastructuur van het energiesysteem in samenhang worden gepland, door investeringen beter op elkaar af te stemmen. Het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (PMIEK) is het resultaat van het tweejaarlijks werkproces integraal programmeren. Het PMIEK wordt iedere twee jaar herijkt en wordt vastgesteld door het College van GS. Binnen de aanpak voor energie-infrastructuur wordt gewerkt vanuit verschillende actielijnen voor het energiesysteem (sneller bouwen, beter benutten en integraal programmeren). Op ambtelijk niveau wordt dit gecoördineerd door de Werkgroep Integraal Programmeren Zeeland (WIP Zeeland) en op bestuurlijk niveau wordt de voortgang in de uitvoering bewaakt door de Energieraad Zeeland.
Warmteprogramma (voorheen Transitie Visie Warmte) Op gemeentelijk niveau wordt er gewerkt aan gemeentelijke warmteprogramma’s. In een warmteprogramma beschrijft een gemeente de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Hierin staat welke wijken, buurten en dorpskernen in de komende 10 jaar van het aardgas gaan en hoe dat gebeurt. Met ingang van de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) wijzigt de Omgevingswet en verandert de naam transitievisiewarmte in warmteprogramma. De Wgiw treedt per 1 juli 2026 in werking. Tot 31 december 2027 hebben gemeenten de tijd om warmteprogramma’s vast te stellen. De warmteprogramma’s worden vastgesteld door de colleges van B&W na een participatietraject.
Samenwerking Zeeuwse gemeenten De Zeeuwse gemeenten hebben ten aanzien van duurzaamheid in de breedste zin van het woord ook een samenwerkingsovereenkomst. Dit samenwerkingsverband is ontstaan o.a. voor de uitvoering van de programma’s voortkomend uit o.a. de RES en de warmteprogramma’s en circulaire economie. Ambtelijk wordt er afstemming en samenwerking gezocht in het Zeeuws Duurzaamheidsoverleg.
AZON Naast beleidsvormende documenten zoals de RES en de CES is in Zeeland op uitvoerend niveau het Afstemmingsoverleg Zeeuwse Overheden en Nutsbedrijven (AZON). Binnen AZON wordt de planning en voorbereiding van de uitvoering van openbare werken afgestemd, gecoördineerd en geprioriteerd. Het Management Overleg Zeeuwse Overheden en Nutsbedrijven is coördinerend voor AZON.
OZO-KEM Tot slot hebben de 15 Zeeuwse overheden (provincie, waterschap en 13 gemeenten) hun krachten gebundeld in het Overleg Zeeuwse Overheden (OZO) waarbij wordt gewerkt aan de gemeenschappelijke Zeeuwse opgaven. Samenwerking staat hierbij voorop en richt zich op de regionale doelen die zijn geformuleerd in de strategische samenwerkingsagenda en een gezamenlijke lobby in Den Haag en Brussel. Bij de overlegtafel klimaat, energie en milieu (OZO KEM) vinden de Zeeuwse overheden elkaar.
Bestuurlijke opdracht Zoals beschreven onder ‘Beschrijving aanpak energietransitie in Zeeland’ nemen provincies in opdracht van het Rijk regie op de ontwikkeling van het regionale energiesysteem. Dit doet de Provincie door het instellen van een bestuurlijk overleg ‘Energieraad Zeeland’. Dit overleg fungeert als het centrale bestuurlijke schakelpunt tussen in ieder geval Provincie, gemeenten en netbeheerders. De Energieraad Zeeland is agenderend en gericht op voorbereidende besluitvorming. Formele besluitvorming vindt plaats binnen de bestaande wettelijke kaders (Colleges van B&W, gemeenteraden, College van GS, Provinciale Staten). Het is belangrijk dat bij de nieuwe governance structuur goed wordt geborgd dat er een gedegen afstemming plaats vindt in de deelgebieden tussen Pprovincie, gemeenten en de netbeheerders. In de Energieraad Zeeland worden de onderstaande actielijnen behandeld c.q. voortgang bewaakt, zie bijlage voor specificering van de inhoud: • • • •
Actielijn 1: sneller bouwen. Gericht op het versnellen van geplande energieinfrastructuur Actielijn 2: beter benutten. Gericht op het beter benutten van bestaande infrastructuur. Actielijn 3: integraal programmeren. Gericht op het in tijd en plaats bij elkaar brengen van energievraag-, aanbod en infrastructuur. Actielijn 4: reduceren van CO2. Gericht op het bewaken van de voortgang van de uitvoeringsagenda van de RES.
Bestuurlijke invulling proces Instellen van een bestuurlijk overleg Energieraad Zeeland met een adviesraad In de Energieraad van 4 december 2025 is ingestemd met een eerste opzet t.a.v. een nieuwe samenwerkingsstructuur, zoals weergegeven in de notitie aanpassing governance-structuur energietransitie, besproken in de Energieraad Zeeland en in het Bestuurlijk Kernteam RES op 4 december 2025. Om deze nieuwe structuur vorm te geven wordt voorgesteld om per deelgebied een bestuurlijke sessie te organiseren waarin gemeenten met behulp van de scope van de Energieraad Zeeland bespreken welke wethouder namens het betreffende deelgebied deelneemt aan de Energieraad. Daarnaast worden in deze bestuurlijke sessie afspraken gemaakt om te borgen dat de vertegenwoordiging plaatsvindt voor het deelgebied. Parallel hieraan wordt voorgesteld om met betrokken stakeholders waaronder North Sea Port, VNO-NCW, Waterschap, Veiligheidsregio, Impuls, Evides, Hogeschool Zeeland etc. een proces te doorlopen waarin wordt gesproken over rolverdeling, verwachtingen en om zo de inbreng bij het bestuurlijk overleg Energieraad expliciet te
maken. Doel hiervan is om gezamenlijk vast te stellen wat ieders verantwoordelijkheid/ rol, mandaat en bijdrage is aan de Energieraad en/ of adviesraad. Provincie Zeeland, de gemeenten en Stedin organiseren en begeleiden dit proces gezamenlijk en dragen er zorg voor dat alle deelgebieden inhoudelijk goed worden vertegenwoordigd zodat de Energieraad fungeert als breed gedragen bestuurlijk platform. Op basis van de uitkomsten wordt een advies opgesteld over de definitieve inrichting, samenstelling en werkwijze van de Energieraad en de bijbehorende adviesraad.
Ambtelijke invulling proces Instellen van één ambtelijk overleg Energietransitie De bestaande ambtelijke structuren (Kernteam RES, WIP Zeeland, Taskforce Zeeuwse Netoplossingen) worden herijkt en nauwer met elkaar verbonden. Daarnaast wordt er gekeken hoe er op ambtelijk niveau een betere afstemming tussen provincie, gemeenten, netbeheerders en de industrie plaats kan gaan vinden. Deze werkgroepen komen samen in één voorbereidende werkgroep, het ambtelijk overleg Energietransitie. Dit overleg fungeert als het centrale voorbereidende platform voor de Energieraad Zeeland en zorgt voor afstemming tussen beleid, programmering en uitvoering. Op overlappende thema’s, c.q. onderwerpen (bijv. De CES/DIVIT, voortgang Nationale infrastructuur) vindt afstemming plaats met het Kernteam SDR. Op basis van opdracht, scope, samenstelling en mandaat zal worden vastgesteld welke taken uit de bestaande structuren worden samengevoegd en welke taken apart blijven bestaan. Vervolgens wordt het ambtelijk overleg energietransitie ingericht met een opdracht, samenstelling en een planningscyclus die gekoppeld is aan de vergaderfrequentie van de Energieraad Zeeland. Instellen van een ambtelijk overleg per deelgebied (energietafel) Naast het instellen van een ambtelijk overleg energietransitie wordt per deelgebied een energietafel ingericht.
Bij de Energietafels worden nationale, provinciale en gemeentelijke opgaven besproken en wordt er gewerkt aan integrale afwegingskaders & uitvoeringsplannen. De energietafel per deelgebied krijgt een vaste ambtelijke samenstelling met in ieder geval een vertegenwoordiging vanuit de betrokken gemeenten, Provincie Zeeland, netbeheerders en indien relevant waterschap, Rijkswaterstaat en andere gebiedspartners. Aan de energietafel wordt gewerkt aan gebieds-specifieke vraagstukken en worden knelpunten (uitvoering, energiesysteem, ruimtelijke inpassing en sociaal-maatschappelijke effecten) gesignaleerd. Indien een bestuurlijke bespreking over een bepaald onderwerp noodzakelijk is, wordt dit via het ambtelijk overleg energietransitie voorgelegd aan de Energieraad. Per energietafel worden in ieder geval afspraken gemaakt over rapporteren aan het ambtelijk overleg energietransitie en escalatie.
Voorstel aanpak: gezamenlijk aan de slag Provincie, gemeenten en Stedin hebben afgesproken gezamenlijk regie te voeren op het proces naar een herziene governance structuur. Hiervoor is een werkgroep opgericht waarbij vertegenwoordigers van de provincie (2 medewerkers), Stedin (1 medewerker), gemeenten (4 medewerkers, per deelregio 1) en de regio coördinator van de Zeeuwse gemeenten zitten. Naast deze werkgroep wordt een verdiepingsgroep samengesteld met vertegenwoordigers van onder andere TenneT, Gasunie, het ministerie van EZK, Impuls Zeeland, het OZO KEM en de Taskforce Zeeuwse Netoplossingen. Ook wordt er een groep stakeholders uitvoerig betrokken in het proces waaronder het Waterschap, Smart Delta Resources, North Sea Port, VNO-NCW, Rijkswaterstaat, HZ University of Applied Sciences, Evides en de Veiligheidsregio. Procesbegeleiding Voorgesteld wordt om het proces te laten begeleiden door een onafhankelijke voorzitter/gespreksleider. Deze begeleidt de gesprekken met bestuurders, stakeholders en deelregio’s. De werkgroep is verantwoordelijk voor de inhoudelijke voorbereiding, uitwerking en het opstellen van het nieuwe governance-model.
Bijlage Toelichting Actielijnen In de Energieraad Zeeland vindt voorbereidende besluitvorming plaats over vier actielijnen. Hieronder wordt per actielijn aangegeven wat hieronder verstaan wordt. Actielijn 1: sneller bouwen Deze actielijn is gericht op het zo veel mogelijk voorkomen van vertraging bij de realisatie van geplande energie-infrastructuur door het tijdig signaleren en oplossen van knelpunten in procedures, ruimte, vergunningverlening en samenwerking. Binnen deze actielijn monitort de Energieraad Zeeland de voortgang van bovenregionale energie-infrastructuurprojecten (150kV en 21/10kV) aan de hand van een stoplichtenmodel. De kleur van het stoplichtenmodel bepaalt of, en zo ja welke, acties benodigd zijn om vertraging zoveel mogelijk te voorkomen. De Energieraad Zeeland geeft bij status oranje of rood (zie onder) een bestuurlijk advies om bij te sturen en escaleren. •
Status groen: project verloopt volgens planning. Er is geen bestuurlijke actie nodig.
•
Status oranje: ingebruiknamedatum (IBN) dreigt te stagneren. Er wordt een werkgroep ingesteld (gemeente, provincie, netbeheerder). Een advies ter voorkoming van vertraging wordt voorgelegd aan de Energieraad Zeeland. De Energieraad Zeeland geeft op basis hiervan een zwaarwegend advies mee ten aanzien van het voorkomen van vertraging.
•
Status rood: IBN stagneert. Er wordt gekeken naar mogelijkheden voor bestuurlijke escalatie, bijvoorbeeld door het vraagstuk voor te leggen aan een hoger bestuurlijk niveau. De Energieraad Zeeland kan opdracht geven tot het maken van een adviesvoorstel met duidelijke acties, verantwoordelijkheden en termijnen.
Actielijn 2: beter benutten Deze actielijn is gericht op de zgn. ‘slimme oplossingen’, die ertoe bijdragen dat er maximaal en slimmer gebruik wordt gemaakt van de bestaande infrastructuur. Om de impact van netcongestie te beperken en ruimte te creëren voor nieuwe aansluitingen. De Energieraad bewaakt de samenhang tussen beleidskeuzes, maatregelen van netbeheerders en inzet van flexibiliteit (congestiemanagement, flexibele contractvormen etc.). De Taskforce Zeeuwse Netoplossing geeft uitvoering aan het stimuleren van energyhubs op bedrijventerreinen door samenwerking tussen bedrijven en netbeheerders. Daarbij richt de taskforce zich op het slimmer benutten van bestaande netcapaciteit op bedrijventerreinen.
Actielijn 3: integraal programmeren Binnen actielijn 3 neemt de Energieraad Zeeland regie op de lange termijnontwikkeling van het energiesysteem (termijn van +15 jaar en verder). De Energievisie Zeeland vormt de basis voor verdere vertaling en uitvoering van deze actielijn. De Energieraad wordt gevoed met input van energietafels uit vier deelgebieden (zie organogram). Energietafels zijn tafels waaraan energievraag, energieaanbod en infrastructuur in gebieden in tijd en plaats bij elkaar worden gebracht doormiddel van gebiedsgericht programmeren. Er wordt gekeken naar verschillende energiedragers (warmte, gassen, elektriciteit), energieopslag en conversie. Binnen de Energieraad vindt afstemming plaats over keuzes en besluiten die ervoor moeten zorgen dat infrastructuur, vraag, aanbod en gemeentelijk en provinciaal beleid op elkaar aansluiten. Daarnaast bewaakt de Energieraad op infrastructureel niveau samenhang met het NMIEK, evenals voortgang van het tweejaarlijks werkproces dat leidt tot het PMIEK. Actielijn 4: sturen op de reductie van CO2 Binnen deze actielijn richt de Energieraad Zeeland zich op het volgen en bijsturen van de voortgang van maatregelen en projecten die bijdragen aan de reductie van CO2 die voortkomen uit de uitvoeringsagenda van de RES Zeeland.
De Energieraad gebruikt deze monitoring om te beoordelen of de uitvoering van de energietransitie op koers ligt, waar aanvullende acties nodig zijn en hoe keuzes binnen de energietransitie (beleid, infrastructuur) bijdragen aan het behalen van de afgesproken klimaatdoelen uit het