2026.190 Bijlage 1 - Rapport onderzoek huisvestingsbehoefte van tijdelijke werknemers Schouwen-Duiveland RIGO (1698780)
Tekst van het document
5.3 Vraag naar huisvesting blijft toenemen •
•
•
•
•
Structureel personeelstekort. Naar verwachting van de werkgevers blijft de vraag naar tijdelijke werknemers op Schouwen-Duiveland de komende jaren alleen maar groeien. Er is al een structureel personeelstekort. Tijdelijke werknemers worden, zoals eerder gezegd, ook ingezet ter vervanging van vast personeel. Er worden verschillende redenen gegeven voor het personeelstekort en de groei van tijdelijke werknemers (in Zeeland). Zoals de vergrijzing, het vertrek van werknemers naar elders (Randstad), beperkt aantal studenten en het algemene lage inwonersaantal ten opzichte van het hoge aantal toeristen in de zomer. Daartegenover staat de groei van bedrijven die nu al op tijdelijke werknemers leunen. Bovendien is de algemene tendens dat het praktische werk steeds meer overgelaten wordt aan arbeidsmigranten. Maar wellicht vlakt die behoefte aan tijdelijke werknemers toch af door technologische ontwikkelingen die op den duur (tijdelijke) werknemers vervangen. Anderzijds zijn er in dat geval meer technische mensen nodig, die ook huisvesting nodig hebben. Behoefte aan locaties. Het gebrek aan zekerheid rond beschikbare huisvesting ervaren werkgevers als lastig, zeker in het aantrekken en behouden van personeel. Zij willen graag dat locaties beschikbaar komen voor tijdelijke huisvesting. Volgens hen zijn er genoeg partijen die iets kunnen of willen ontwikkelen.
Druk op huisvesting door nieuwe normen. Een andere reden voor meer druk op de huisvesting van tijdelijke werknemers is dat de slechte huisvesting niet meer gebruikt mag worden in verband met de normen voor huisvesting.15 Meer kwalitatief goede huisvesting is weliswaar gewenst maar is vaak prijziger. Grote vraag dus kwantiteit lijkt voor kwaliteit te gaan. Werkgevers en uitzendbureaus geven aan dat er sprake van een vicieuze cirkel: er is de wil om de kwaliteit naar boven te brengen, maar er is ook een tekort aan huisvesting, waardoor eerder geaccepteerd wordt dat de kwaliteit wat minder mag zijn. Afhankelijk van het type accommodatie
Keurmerken op het gebied van flexwonen zijn het SNF- en het AKF-keurmerk. Het laatste richt zich op de agrarische sector. 15
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
29
moet de kwaliteit van de tijdelijke huisvesting op Schouwen-Duiveland wel voldoen aan de normen en certificering van het Keurmerk Normering Flexwonen.
Huisvester: “Als je zorgt dat mensen goed gehuisvest zijn, dan zijn ze meer tevreden, werken ze beter en blijven ze langer.” Werkgever: “We hebben ook gekeken naar het zelf regelen van woonruimte voor onze tijdelijke werknemers. Maar er komt zoveel regelgeving bij kijken en het is zo moeilijk om een huis in de buurt te vinden dat dit voor ons niet de moeite waard is.”
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
30
6
Oplossingsrichtingen voor de huisvesting van tijdelijke werknemers In dit hoofdstuk gaan we in op mogelijke oplossingen voor de huisvesting van tijdelijke werknemers, volgens werkgevers, uitzendbureaus, huisvesters, de gemeente en andere betrokken partijen. Welke oplossingen zien werkgevers en uitzendbureaus voor het realiseren van voldoende passende huisvesting voor tijdelijke werknemers? Welke rol zien werkgevers voor zichzelf respectievelijk de gemeente weggelegd? Tegen welke uitdagingen loopt de gemeente aan? We baseren ons hierbij op: • • •
Gesprekken met werkgevers en uitzendbureaus; Input vanuit de gemeente over de (planologische) uitdagingen bij het realiseren van huisvesting voor tijdelijke werknemers; Een sessie op het gemeentehuis op maart 2025, waarbij de eerste resultaten uit dit onderzoek zijn voorgelegd aan een breed gezelschap van betrokken organisaties. De betrokkenen werden daarbij uitgenodigd om samen naar oplossingsrichtingen te zoeken.
Oplossingen volgens werkgevers en uitzendbureaus Faciliterende rol van de gemeente Werkgevers en uitzendbureaus zien graag een meer faciliterende rol van de gemeente. Het is voor hen onduidelijk wat de gemeente precies wil en kan doen, zoals het beschikbaar stellen van locaties, het betrekken van lokale marktpartijen en bewoners en het organiseren van bijeenkomsten. Ze hebben behoefte aan een gemeente die actief de samenwerking opzoekt met (ontwikkelende) marktpartijen en vooraf de planologische voorwaarden voor plannen communiceert. Dat is een kwestie van goede samenwerking, geven zij aan: de marktpartijen moeten op hun beurt de gemeente en andere belanghebbenden tijdig betrekken bij hun plannen. Marktpartijen en gemeente bundelen hun krachten Het is logisch dat grote werkgevers initiatief nemen voor woningbouw, maar van een werkgever die een paar weken per jaar arbeidsmigranten nodig heeft, kan niet verwachten worden dat die zelf huisvesting realiseert. Er is dus de noodzaak om op een of andere manier krachten te bundelen, waarbij ontwikkelende marktpartijen naar de gemeente kijken om dat te ondersteunen. Er is bij huisvesters en detacheerders behoefte om het informele gesprek met de gemeente aan te gaan over plannen en ideeën. Daarnaast is het nodig dat er voldoende ambtelijke capaciteit is voor vergunningverlening.
Ook hebben marktpartijen behoefte aan kortere procedures voor het bouwen van huisvesting van tijdelijke werknemers.
Werkgever: “De gemeente kan zelf geen tijdelijke huisvesting bouwen. Zij kan wel het raamwerk creëren waarin tijdelijke huisvesting mogelijk is.”
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
31
Ideeën over (ontwikkeling van) huisvesting Werkgevers en uitzendbureaus hebben ideeën over op welke wijze huisvesting kan worden ontwikkeld en ingericht. Zij pleiten bijvoorbeeld voor locaties waar verschillende doelgroepen kunnen wonen: jongeren, arbeidsmigranten, enzovoort. Dat maakt maatschappelijk draagvlak mogelijk groter, mits er aandacht is voor leefbaarheid. Dit maakt ook flexibel gebruik van de huisvesting mogelijk: mocht het aantal tijdelijke werknemers afnemen, dan kunnen daar bijvoorbeeld vergunninghouders worden gehuisvest. Volgens de werkgevers zijn er ook onder dit soort voorwaarden genoeg investeerders die willen investeren. Desnoods kunnen ontwikkelaars en gemeente zich wenden tot tijdelijke huisvesting. Een centraal wooncomplex, aan de rand van een kern, heeft volgens de marktpartijen meerdere voordelen. Het drukt niet op de reguliere woningmarkt, het beheer is goed te organiseren en de kans op overlast voor omwonenden is kleiner. Een centrale locatie zorgt er ook voor dat het makkelijker is om bijvoorbeeld te carpoolen. Daarnaast zet de bouw van één centrale locatie meer zoden aan de dijk dan hier en daar woonruimte realiseren of huren, aldus de marktpartijen. Ook hier is ‘van belang dat de gemeente regie pakt en kaders zet’. Aanbod en vraag meer op elkaar afstemmen Werkgevers worstelen nu met seizoensgebonden veranderingen in de behoefte per sector.
Het komt vaak voor dat zij in het piekseizoen veel mensen nodig hebben, maar daarna minder of geen. Het is echter onaantrekkelijk voor werkgevers om woonruimte te huren voor personeel dat enkele maanden per jaar hier is om te werken. Er is dus behoefte aan woningaanbod dat flexibel kan worden ingezet. Met het oog daarop erkennen partijen tijdens de bijeenkomst dat er kansen liggen om verschillende typen aanbod bij elkaar te brengen. Het is bijvoorbeeld gewenst om de samenwerking te zoeken met corporaties (in verband met tijdelijk leegstand van vastgoed door herstructurering) of met de toerismesector (woonruimte die in de zomer gebruikt wordt door toeristen, kan in het toeristische laagseizoen gebruikt worden door arbeidsmigranten). Uitdagingen en kansen volgens de gemeente De gemeente loopt tegen een aantal uitdagingen dat het moeilijker maakt om ruimte te vinden voor de huisvesting van arbeidsmigranten: •
•
•
Omdat er nauwelijks uitbreidingsruimte rond de kernen zit, valt een locatie al snel onder het buitengebied. Daar gelden echter planologische beperkingen. Enige ruimte wordt in het buitengebied geboden door de Ruimte voor ruimte-regeling en de regeling Nieuwe Economische Dragers (zie ook paragraaf 1.2), maar in de praktijk zijn deze niet van toepassing voor ondernemers die een huisvestinglocatie voor arbeidsmigranten willen ontwikkelen. Verder zijn de beleidsregels dusdanig dat het bijvoorbeeld niet mogelijk is om lege bedrijfspanden om te vormen tot huisvesting, ook als de eigenaren van de grond of de bedrijfspanden dit wel willen uit economisch oogpunt. Hierdoor is er bij plantoetsing regelmatig een negatief advies omdat het voorstel niet aansluit op het omgevingsplan. Bovendien ziet handhaving dat huisvestingslocaties in het buitengebied leiden tot schrijnende gevallen. Maar signalen over dat bedrijven mogelijk sluiten door tekort aan personeel zijn toch reden voor de gemeente om ruimte te vinden voor het realiseren van meer huisvesting. Intussen is het aan de westkant van Schouwen-Duiveland, waar zich ondernemingen in horeca en toerisme concentreren, haast onmogelijk om goedkope woonruimte te realiseren. Dat komt enerzijds door de stikstofregels en anderzijds door de hoge
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
32
woningprijzen aan de westkant van het eiland. Het kustgebied is populair onder koopkrachtige senioren van elders in het land. De gemeente ziet ook kansen: • De gemeente kan faciliteren en ondersteunen en bij herijking van beleid, waar mogelijk, rekening houden met de genoemde aandachtspunten. Daarbij is de gemeente bereid het initiatief te nemen om partijen bij elkaar te brengen en provinciale afstemming te doen. Maar het beheer en uitvoering is, wat de gemeente betreft, aan de marktpartijen. • De gemeente faciliteert werkgevers en huisvesters bij de ontwikkeling van een platform voor werknemers waar vraag en aanbod voor tijdelijke huisvesting bij elkaar worden gebracht, zodat verschillende behoeftes aan tijdelijke huisvesting op elkaar kunnen worden aangesloten. • Tijdens de stakeholdersbijeenkomst komen partijen overeen dat het een teamsport is: de gemeente biedt ondersteuning, werkgevers kennen de woningbehoefte goed, huisvesters/ ontwikkelaars kunnen de plannen realiseren en samen kunnen de partijen de initiatieven oppakken. Elkaar goed kennen is daarvoor een randvoorwaarde. Woningcorporatie wil graag ontwikkelen, maar kan niet gericht toewijzen Woningcorporatie Zeeuwland wil graag woningen ontwikkelen, maar kan op basis van de huisvestingsverordening geen voorrang geven aan arbeidsmigranten (zij zijn geen urgente of voorrangsdoelgroep).
Zij moeten zich inschrijven, zoals iedere woningzoekende. Op dit moment kunnen corporaties alleen op leeftijd selecteren en toewijzen (senioren, jongeren). De wachttijd voor een woning is op Schouwen-Duiveland echter langer dan het verblijf van een short stay-migrant. Regionale en provinciale afstemming? Verschillende partijen benadrukken het belang van regionale afstemming. De markt voor tijdelijke werknemers is een regionaal/provinciaal fenomeen en beperkt zich niet tot gemeentegrenzen. Dat vraagt volgens sommige partijen om een regionale verdeling van de opgave. Daarbij wordt de Provincie Zeeland gezien als een belangrijke speler. Voor de bouw van een centrale locatie in het buitengebied moet de provincie openstaan.
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
33
7
Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk brengen we de belangrijkste conclusies samen en doen we vier aanbevelingen voor het vervolg.
7.1 Conclusies Aard en omvang van de groep tijdelijke werknemers en de kwantitatieve woningvraag •
•
•
•
Het aantal arbeidsmigranten dat op Schouwen-Duiveland werkt, is in twaalf jaar tijd flink toegenomen: van 100 in 2010 tot 750 à 1.000 in 202216. Een ander (en ouder) onderzoek17 geeft aan dat in 2029 de indicatieve omvang van deze groep tussen 720 tot 1.050 arbeidsmigranten is: een toename van circa 500 ten opzichte van 2019. Maar dat aantal blijkt al in 2022 bereikt te zijn. Uit de gesprekken komt het beeld naar voren dat het aantal werkzame arbeidsmigranten in de gemeente nog steeds toeneemt, ook bij gebrek aan vast personeel. Als we kijken naar de woonbehoefte op basis van de groei ten opzichte van 2019 dan zijn minimaal 500 huisvestingsplaatsen nodig. Het aantal arbeidsmigranten dat op Schouwen-Duiveland woont18, was 250 tot 500 in 2022. Het aantal arbeidsmigranten dat in de gemeente werkt, is tweemaal zo groot als het aantal dat in de gemeente woont. Veel arbeidsmigranten die in de gemeente werken, wonen dus op een andere locatie, ook buiten de regio. Als ook de additionele woonbehoefte op basis van de groep arbeidsmigranten die buiten de gemeente woont, wordt meegenomen dan gaat het om nog eens 500 huisvestingsplaatsen. Het aantal kenniswerkers op Schouwen-Duiveland is klein en stabiel. Het gaat om 50 à 100 personen. Zij komen voornamelijk uit België, en daarnaast uit Polen, Spanje en Duitsland.
Bijna de helft van de kenniswerkers woont langer dan twee jaar in de gemeente en kan dus als reguliere bewoner gezien worden. Qua verblijfsduur is in Zeeland de huidige verdeling: 30% short stay (korter dan vier maanden), 49% mid stay (korter dan twee jaar) en 21% long stay (langer dan twee jaar). Uit de gesprekken blijkt dat er voor Schouwen-Duiveland met name behoefte is aan pensionachtige voorzieningen voor short stay, en kleine appartementen met gedeelde voorzieningen voor mid stay. Reguliere woningen zijn vooral gewenst voor kenniswerkers, zij verblijven doorgaans langer dan twee jaar (long stay).
Aard van het aanbod van huisvesting voor tijdelijke werknemers en de kwalitatieve vraag •
•
Er is geen overzicht van huisvestingslocaties: de tijdelijke werknemers zijn niet geregistreerd. De gemeente vermoedt dat op een aanzienlijk deel van de locaties waar bewoners mogen wonen zonder een huishouden te vormen, buitenlandse werknemers verblijven. Het gaat vooral om plaatsen die in het midden/aan de oostzijde liggen: Brouwershaven, Bruinisse, Dreischor, Ellemeet, Noordgouwe, Oosterland en Zierikzee. Daarnaast verblijven er ongeveer 100 tijdelijke werknemers in een complex in Bruinisse (Stoofpolder). De huisvesting is verschillend geregeld: sommige werkgevers werken samen met organisaties zoals Homeflex en Rent a Roof. Hierbij is de kwaliteit hoog en zijn ook de
16
Decisio: Update Monitor Internationals Zeeland, 2024.
17
Stec Groep: Arbeidsmigranten(huisvesting) in Zeeland, 2019.
18
Decisio: Update Monitor Internationals Zeeland, 2024.
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
34
•
•
•
•
verblijfkosten hoog. Andere werkgevers regelen zelf huisvesting, bijvoorbeeld op eigen terrein. Als de tijdelijke werknemers via een uitzendbureau in dienst zijn, dan regelen de uitzendbureaus meestal de huisvesting. De huisvesting varieert daardoor van (kamers in) eengezinswoningen, pensions tot caravans op het erf van de werkgever. Een complex als Stoofpolder in Bruinisse is een uitzondering. Uit landelijk onderzoek blijkt dat voor veel arbeidsmigranten de huidige woonsituatie niet ideaal is, met name als ze ongeschoold werk doen, een lager inkomen hebben en nog maar kort in Nederland zijn. Hoewel het sparen van (zoveel mogelijk) geld vaak het hoofddoel is, vindt ruim de helft van de arbeidsmigranten een goedkope woonruimte niet belangrijker dan een comfortabele woning. Het vinden van huisvesting voor tijdelijke werknemers is lastig. Dat kan vooral zijn omdat er niet genoeg huisvesting beschikbaar is, of omdat de kwaliteit tekortschiet. Algemene woonwensen gaan om afstand tot werk en voorzieningen, wifi-verbinding en privacy. Leeftijd en cultuur hebben ook invloed op de behoefte. Door het gebrek aan huisvesting in de gemeente is het normaal geworden dat tijdelijke werknemers drie kwartier moeten reizen. Dat is niet bevorderlijk voor hun welzijn, zeker ook omdat veel tijdelijke werknemers fysiek inspannend werk verrichten.
Ook brengt het reiskosten voor werkgevers met zich mee.
Aansluiting vraag en aanbod en toekomstige ontwikkelingen •
•
•
Naar verwachting van de werkgevers blijft de vraag naar tijdelijke werknemers op Schouwen-Duiveland de komende jaren blijft groeien. Deze kwantitatieve behoefte kan ertoe leiden dat werkgevers en huisvesters (noodgedwongen) minder kwaliteitseisen stellen. Een opvallende ontwikkeling is de concurrentiepositie van tijdelijke werknemers. Door de grote vraag naar personeel hebben tijdelijke werknemers wat te kiezen, zo is althans de ervaring van werkgevers. De kwaliteit van huisvesting kan daarbij een belangrijke reden zijn om voor een bepaald gebied in Europa of in Nederland te kiezen. De kwaliteit van huisvesting heeft zo dus betekenis voor de concurrentiepositie van de economie op Schouwen-Duiveland. De indruk van werkgevers en huisvesters is dat de toegenomen vraag naar tijdelijke werknemers de noodzaak voor deugdelijke huisvesting heeft vergroot. Zij zien daarom minder misstanden rond huisvesting dan voorheen. Tegelijk stuiten handhavers van de gemeente nog wel degelijk op schrijnende situaties op Schouwen-Duiveland. Er zijn aanwijzingen dat arbeidsmigranten het ook bij kleinere problemen met de woning lastig vinden om naar hun werkgever te stappen. Gebrek aan informatie en/of Nederlandse/Engelse taalbeheersing kan arbeidsmigranten kwetsbaar maken. We merken hierbij op dat een verplicht onderdeel van de Wet goed verhuurderschap het gemeentelijke meldpunt is.
Bij zo’n meldpunt kunnen huurders (inclusief arbeidsmigranten), woningzoekenden, omwonenden en anderen terecht met signalen en klachten over ongewenst gedrag van verhuurders of verhuurbemiddelaars. Een dergelijk meldpunt moet ook vindbaar zijn voor deze doelgroep.
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
35
7.2 Hoe verder? Uit de gesprekken en de bijeenkomst in maart 2025 met werkgevers, uitzendbureaus, huisvesters, de gemeente en andere betrokken partijen, komen aanvullende inzichten voor mogelijke oplossingsrichtingen: •
• • •
•
Werkgevers en uitzendbureaus verwachten meer facilitering vanuit de gemeente. Zij verwachten dat gemeenten partijen bij elkaar brengt zodat ontwikkelende marktpartijen het initiatief kunnen nemen tot de realisatie van huisvesting. Er is bij huisvesters en uitzendbureaus behoefte om het informele gesprek met de gemeente aan te gaan over plannen en ideeën. Marktpartijen pleiten voor een centrumlocatie waar verschillende doelgroepen kunnen wonen (ook jongeren en statushouders) en die flexibel ingezet kan worden. De lokale corporatie wil graag bouwen, maar omdat zij niet gericht voorrang mag geven aan arbeidsmigranten is haar rol beperkt. Bij de rol van de gemeente gaat het om faciliteren en ondersteunen: partijen samenbrengen bij voorstellen van ontwikkelaars en (seizoensmatige) vraag en (tijdelijk) aanbod elkaar laten vinden via een platform. Ook gaat het om beleidsmatige ruimte bieden waar mogelijk. In de praktijk is dat laatste echter beperkt. Ook transformatie van leegstaand vastgoed naar wonen is beperkt mogelijk op Schouwen-Duiveland omdat er nauwelijks leegstaand vastgoed is. Kansrijke locaties lijken vooral te liggen in het buitengebied. Ontwikkelaars die een plan willen realiseren voor arbeidsmigranten komen echter niet aanmerking voor de Ruimte voor ruimte-regeling of de regeling Nieuwe Economische Drager.
Die regelingen vallen onder de verantwoordelijkheid van de Provincie Zeeland.
7.3 Vier aanbevelingen Op basis van voorgaande conclusies en inzichten van partijen komen we tot vier aanbevelingen voor de gemeente: 1. Breng de partijen bij elkaar die een stap willen maken met een huisvestingsplan. Het gaat om partijen die de behoefte kennen (tijdelijke werknemers, werkgevers), willen (mede-)investeren (werkgevers) en de plannen kunnen ontwikkelen (huisvesters en ontwikkelaars). Gebruik hiervoor de bijeenkomsten voor stakeholders waar de gemeente al mee is gestart; hier worden de contacten en de kennisuitwisseling versterkt. Maak bij deze bijeenkomsten afspraken over acties die partijen en de gemeente gaan oppakken en kom op deze afspraken terug in de vervolgbijeenkomst. 2. Maak als gemeente een beleidskeuze: (voorkeur voor) centrumlocaties (met andere doelgroepen) of juist spreiding of een combinatie. Doe dit op basis van een analyse van voors en tegens van deze opties, zoals de mate van aansluiting op de behoefte, financiën, leefbaarheid en veiligheid voor bewoners en de omwonenden, flexibiliteit van de huisvesting voor de lange termijn. Als het gaat om locaties, spelen ook zaken als voorzieningen in de nabijheid en bereikbaarheid een belangrijke rol. Maak daarnaast inzichtelijk wat de eventuele transformatiemogelijkheden zijn van leegstaand vastgoed voor wonen. Dit soort kaders geeft richting aan de gesprekken met en de plannen van de marktpartijen. 3.
Ga met de provincie na wat wél mogelijk is qua kansrijke locaties in het buitengebied. Want ook de provincie houdt zich bezig met voldoende huisvesting van aandachtsgroepen (en de regionale spreiding), waaronder arbeidsmigranten. Die rol wordt nog sterker met de inwerkingtreding van de Wet Versterking regie volkshuisvesting. Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
36
4. Ondersteun het samenbrengen van vraag en aanbod van tijdelijke huisvesting. Door onder andere het (reeds voorgenomen) platform voor tijdelijke huisvesting te faciliteren door werkgevers en huisvesters bij elkaar te brengen. Benut bij de ontwikkeling van het platform de input van huisvesters, werkgevers en de tijdelijke werknemers om te komen tot een handige, laagdrempelige voorziening. Houd hierbij rekening met de (beperkte) Nederlandse/Engelse taalbeheersing van de meeste tijdelijke werknemers. Tot slot, brengen we het volgende onder de aandacht. De kwaliteit van de huisvesting kan door de grote kwantitatieve behoefte (verder) onder druk komen te staan. De Wet goed verhuuderschap biedt veel mogelijkheden om notoir malafide verhuurders aan te pakken. Daarnaast kan een gemeente ervoor kiezen om de verhuurvergunning arbeidsmigranten in te voeren. Hierbij geldt dat de volgende voorwaarden gesteld mogen worden: de wijze waarop de verhuurder aantoont hoe hij invulling geeft aan de algemene regels van goed verhuurderschap, en als er sprake is van huisvesting, het hebben en uitvoeren van een onderhoudsplan. De invoering en uitvoering van zo’n nieuw vergunningsstelsel kost de nodige tijd en capaciteit.
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
37
Bijlage: toelichting bronnen (landelijke) woonbehoefte arbeidsmigranten In hoofdstuk 2 putten we uit twee bronnen: de rapportage Zicht op arbeidsmigranten19 gepubliceerd in November 2024 door Risbo, het onderzoeksinstituut van de Erasmus Universiteit Rotterdam; en het rapport De woon-, werk- en leefsituatie van arbeidsmigranten in Nederland20 van het Kenniscentrum Arbeidsmigranten. •
•
Het Risbo-onderzoek heeft de nadruk gelegd op “EU-burgers die legaal werkzaam zijn in loondienst binnen beroepen aan de ‘onderkant’ van de arbeidsmarkt”. Dat betekent dat het grootste deel van de 3.042 respondenten minder dan 130% van het wettelijk minimumloon verdient. Dit onderzoek staat vooral stil bij de stand van zaken in 2024. Hoe wonen arbeidsmigranten eigenlijk? Het onderzoek van Kenniscentrum Arbeidsmigranten gebruiken we ter aanvulling om de wensen op het gebied van wonen in kaart te brengen. Aan hun vragenlijst namen in totaal 1.092 arbeidsmigranten deel.
Risbo. Zicht op arbeidsmigranten. Een belevingsonderzoek naar de positie van EUarbeidsmigranten, derdelanders en ontheemde Oekraïners in Nederland. 2024. 19
Het Kenniscentrum Arbeidsmigranten. De woon-, werk- en leefomstandigheden van arbeidsmigranten in Nederland. 2023. 20
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
38
Rapport Huisvesting van tijdelijke werknemers
39