20250703 Advies auditcommissie Kadernota 2026
Tekst van het document
Auditcommissie gemeente Schouwen-Duiveland Bestemd voor: gemeenteraad Datum: 3 juli 2025 Onderwerp: Advies over RVS Kadernota programmabegroting 2026–2029 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Inleiding: Op 19 juni 2025 heeft de Auditcommissie vergaderd. Tijdens deze vergadering is in het bijzijn van de portefeuillehouder, de ambtelijk adviseurs en de accountant de Kadernota 2026–2029 besproken. Advies: Op basis van de Kadernota, de toelichting door de adviseurs van BV2 en de portefeuillehouder, en de gedachtewisseling, brengt de Auditcommissie een voorwaardelijk positief advies uit om de Kadernota 2026–2029 vast te stellen. De auditcommissie is van mening dat: •
De Kadernota 2026–2029 een helder overzicht biedt van de financiële situatie, en dat de structurele tekorten in de meerjarenraming (tot € 5 miljoen in 2029) een duidelijke noodzaak vormen voor beleidsmatige keuzes in het voorzieningenniveau en het niveau van lokale belastingen en prioritering.
•
De raad zich bewust moet zijn van de onbalans tussen ambities en realisatiekracht, zoals ook benoemd in de motie “creëren balans tussen ambities en realisatiekracht”. De oproep tot realistisch begroten en plannen is terecht en urgent bevonden.
•
De Hervormingsagenda Jeugd een aanzienlijk financieel risico vormt. De taakstelling loopt op tot € 2,6 miljoen in 2029, waarvan € 1,3 miljoen nog niet is afgedekt. Dit vraagt om beleidsmatige keuzes in de Jeugdzorg vanuit de Hervormingsagenda, actieve monitoring en bijsturing.
•
De Auditcommissie heeft kennis genomen van de indexering van de belastingen en de rentepercentage (bijlage A). In relatie tot de inflatiecorrectie en de afspraken die hier eerder over gemaakt zijn , begrijpen wij de afwegingen en vaststelling ervan.
•
De toeristenbelasting op een transparante wijze is geïndexeerd (2,1%).
•
De indeling van uitbreidingsinvesteringen in categorieën (onontkoombaar, urgent, wenselijk) een goede basis biedt voor integrale afweging. Alleen de eerste twee categorieën worden nu terecht meegenomen.
•
De inzet van incidentele middelen (algemene reserve, stelposten) voor incidentele kosten en investeringen is verdedigbaar, maar structurele tekorten mogen niet worden afgedekt met tijdelijke middelen zoals het ZEH-dividend of de inzet van de algemene reserve (10%-regeling) zonder een duidelijke afbouwstrategie.
Aanvullende aandachtspunten voor de raad 1. Vorm en toegankelijkheid van de kadernota De auditcommissie waardeert de heldere opbouw van de Kadernota en moedigt aan om deze lijn van beknoptheid en transparantie voort te zetten. 2. Realisatiekracht en planningsdiscipline De auditcommissie onderschrijft het belang van het inzichtelijk maken van de uitvoerbaarheid van plannen. De raad wordt geadviseerd om bij investeringsbesluiten nadrukkelijk te toetsen op realisatiecapaciteit. 3. Risicomanagement De uitgebreide risicoparagraaf is een waardevolle toevoeging. De raad wordt geadviseerd om deze risico’s actief te betrekken bij de beoordeling van de begrotingsruimte en het weerstandsvermogen. 4. Pensioenvoorziening oud-wethouders De commissie wijst op de forse stijging van de pensioenvoorziening voor oudwethouders, zoals ook benoemd in de jaarstukken 2024. Hoewel dit een verplichting betreft, adviseert de commissie om deze ontwikkeling structureel te monitoren en op de nemen in de risicoparagraaf van de begroting. Daarbij is het wenselijk dat de raad inzicht krijgt in de gehanteerde rekenrente en de gevoeligheid van deze voorziening voor renteontwikkelingen. Daarnaast zijn op termijn de gevolgen van de verplichte overdracht van deze pensioenen aan het ABP per 1 januari 2028 van belang. 5.
Structurele begrotingsdruk De raad wordt geadviseerd om bij de behandeling van de programmabegroting 2026– 2029 nadrukkelijk te sturen op het terugdringen van structurele tekorten en het beperken van structurele verplichtingen. Dit ook in het kader dat er meerjarig tekorten ontstaan, wanneer we alle ontwikkelingen in het bestaande beleid en alle uitbreidingsinvesteringen in de programmabegroting opnemen. 6. Effectieve besluitvorming De raad wordt opgeroepen om zich bij de behandeling van de begroting te richten op de hoofdlijnen en de strategische keuzes, en de ambtelijke capaciteit doelgericht in te zetten.