2025.113 Bijlage 1 uitgaven cultuur in perspectief (1396373)
Tekst van het document
Onze uitgaven voor kunst en cultuur in perspectief Bij de behandeling van de nieuwe cultuurvisie in de gemeenteraad is gevraagd naar een “benchmark” van onze uitgaven. Waar staat onze gemeente ten opzichte van andere gemeenten in Nederland die qua inwoneraantal vergelijkbaar zijn met de onze? Zo’n benchmark kan het beste worden gezet op basis van gegevens van het CBS. In de publicatie “Detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies, 2023” (publicatiedatum 11-112024) staan alle relevante data op een rijtje. Het onderzoek is gemaakt met de gegevens uit de begroting die de gemeenten zelf aanleverden. Het CBS geeft hierbij aan dat “de detaillering van de cultuurlasten van gemeenten en provincies zoals gepresenteerd in het onderzoek een getrouw beeld lijkt te geven van wat gemeenten en provincies in hun administratie hebben opgenomen.” Het CBS maakt daarbij wel de kanttekening dat niet alle overheden op detailposten dezelfde indeling hanteren, zoals personeelslasten of de exploitatie van multifunctionele gebouwen. Maar over de hele linie brengt dit recente onderzoek de werkelijke kosten op gemeenteniveau goed in beeld. Waar staat onze gemeente? In de gemeenteraad werd opgemerkt dat Schouwen-Duiveland een mooie prestatie lijkt te leveren, maar dat zicht ontbreekt op onze prestatie ten opzichte van andere gemeenten. Het CBS-onderzoek levert dat zicht op.
En op het eerste gezicht blijkt inderdaad dat we het goed doen: in de klasse van gemeenten met 20.000 tot 50.000 inwoners bedraagt de gemiddelde uitgave in het jaar 2023 per inwoner 64 euro. Wij noteren 152 euro per inwoner in 2023.
cultuuruitgaven per inwoner, totaal (2023) Schouwen-Duiveland
Nederland
Zeeland
gemeenten 20.000 - 50.000 inw 0,0
50,0
100,0
150,0
200,0
Figuur 1 (bron: CBS)
Verschil tussen Zeeland en Nederland In het CBS-onderzoek vallen de Zeeuwse gemeenten – op Terneuzen na – allemaal in de grootteklasse 5 (20.000 – 50.000 inwoners). Op nationaal niveau geven de gemeenten in deze grootteklasse gemiddeld dus 64 euro per inwoner uit. Maar als je de uitgaven rangschikt per provincie zie we een ander beeld. De Zeeuwse gemeenten (alle 13) besteden samen gemiddeld 104 euro per inwoner.1 Dit is mede verklaarbaar vanuit het feit dat er in Zeeland geen grote steden zijn met een regionale verzorgingsfunctie qua theaters, centra voor beeldende kunst, musea of filmhuizen. Het komt dan op de lokale overheden aan of ze hun inwoners hiermee willen bedienen. Vanwege gemiddeld genomen lagere bezoekersaantallen liggen daarmee de lasten wat hoger dan 1 Dit cijfer kan wat vertekend zijn doordat in Zeeland 4 van de 13 gemeenten geen opgave aan het CBS hebben
gedaan – in dat geval benadert CBS de waarden aan de hand van de opgave uit de Iv3-uitvraag.
gemiddeld. Onze gemeente blijkt zodoende volgens het CBS binnen Zeeland in 2023 op de 2e plaats te staan: na Middelburg (171 euro per inwoner). In de CBS-telling gaf onze gemeente 152 euro per inwoner uit. Gemeente Middelburg Schouwen-Duiveland Terneuzen Goes Veere Sluis Tholen Kapelle Noord-Beveland Vlissingen Borsele Hulst Reimerswaal
inwoners 49.965 34.549 54.985 39.430 22.050 23.248 26.829 13.047 7.861 45.165 23.155 27.596 23.262 391.142
uitgaven € x 1000 p/inw 8.557 171 5.260 152 7.894 144 4.405 112 2.432 110 2.422 104 2.033 76 896 69 487 62 2.635 58 1.330 57 1.359 49 1.048 45 40.758 104
Het CBS heeft de gemeenten ook gevraagd naar een overzicht van inkomsten. Dit kan gaan over recettes die direct aan de gemeente toevallen, maar over ook bijdragen van de provincie Zeeland (Regioarrangement), fondsbijdragen of Rijksgelden, bijvoorbeeld specifieke uitkeringen (SPUK). Ook in dit opzicht presteert onze gemeente goed, zij het op grote afstand van de gemeenten Terneuzen en Middelburg. De derde plaats zou te verklaren zijn uit veel lagere deelname (bezoekersaantallen) in onze gemeente. Gemeente Terneuzen Middelburg Schouwen-Duiveland Vlissingen Veere Tholen Reimerswaal Hulst Goes Borsele Sluis Noord-Beveland Kapelle
inkomsten x 1000 € 1.782 1.299 349 221 213 193 159 121 109 84 77 22 16 4.645
NB: de cursieve getallen betreft de gemeenten die geen gegevens aan het CBS hebben geleverd.
Hoe moeten we de cijfers duiden? In onze cultuurnota is een taartdiagram opgenomen, gemaakt op basis van hoofdposten in onze begroting voor het jaar 2024. Die presentatie wijkt af van de opgave die onze gemeente over de begroting 2023 voor dit onderzoek aan het CBS heeft gedaan. Een verklaring voor dit verschil moet worden gezocht in een andere detaillering op begrotingspostniveau. In onze opgave aan het CBS hebben wij op diverse onderdelen ook personeels- en onderhoudskosten opgegeven en uitgaven voor o.a. gebouwenbeheer. Omdat het CBS onze eigen cijfers heeft verwerkt, hanteren
2
we de omwille van de vergelijking met het landelijke beeld ook de opgave van het CBS in deze notitie. Bij het lezen van deze notitie is dus belangrijk om voor ogen te houden dat de CBS-cijfers voor onze gemeente ook uitgaven bevatten die weliswaar aan kunst en cultuur zijn gerelateerd maar geen onderdeel uitmaken van de cultuurbegroting die we aan de gemeenteraad zullen presenteren. In de hoofdrubriek ‘presentatie, productie en participatie’ van het CBS staat naast de bekende begrippen podiumkunsten, beeldende kunst en film/video een categorie ‘overig’. Nogal wat gemeenten – ook de onze – geven in deze categorie bedragen aan die we niet kunnen identificeren. Deze hebben in het CBS-onderzoek forse invloed omdat ze ook sterk van elkaar afwijken. We kunnen de gemeenten onderling daardoor niet geheel met elkaar vergelijken. In onderstaande tabellen geven we bestedingen per inwoner volgens CBS absoluut en in onderlinge verhoudingen weer.
cultuuruitgaven per inwoner 2023, in hoofdgroepen Schouwen-Duiveland Zeeland gemeenten 20.000 - 50.000 inw Nederland -
50
presentatie en productie, educatie
100
musea, archief, erfgoed
150
bibliotheek en omroep
uitgaven per inwoner, relatieve verdeling over de hoofdgroepen Schouwen-Duiveland
Zeeland
gemeenten 20.000 - 50.000 inw
Nederland 0%
10%
20%
presentatie en productie, educatie
30%
40%
50%
musea, archief, erfgoed
60%
70%
80%
90%
100%
bibliotheek en omroep
Met wat slagen om de arm lichten we hier drie elementen uit die voor onze gemeente significant zijn. 1) Met name geringe aandacht voor presentatie, productie en educatie 3
De uitgaven in onze gemeente voor de presentatie en productie van kunsten zijn zonder meer gering te noemen. Bijvoorbeeld: aan podiumkunsten wordt door de Zeeuwse gemeenten gemiddeld € 2,00 per inwoner besteed. Onze gemeente eindigt hier met nog geen € 0,50 per inwoner op de 11e plaats; Middelburg besteedt meer dan 10 keer zo veel. NB: bij zulke geringe bedragen ontstaan snel opvallende verschillen tussen gemeenten. Zo geeft Noord-Beveland, de kleinste Zeeuwse gemeente, per inwoner € 2,60 uit – maar ongetwijfeld is dit voor een groot deel te verklaren uit een gemeentelijke bijdrage aan het Eindeloos Eiland-festival (“EEF”). 2) Opvallend groot aandeel in de begroting voor ‘conservatie’: musea, archieven en cultureel erfgoed. Hierin is Schouwen-Duiveland de uitzondering in Zeeland, en overigens ook in vergelijking met andere gemeenten van onze omvang en met het landelijke gemiddelde. In 2023 besteedde onze gemeente 2,6 miljoen euro aan deze drie, waarvan 1,5 miljoen alleen aan musea. Dat is omgerekend € 75,00 per inwoner, terwijl het gemiddelde in de Zeeuwse gemeenten op 21 euro ligt: wij besteden dus 300 % meer. Ter vergelijking: de gemiddelde lasten voor gemeenten tussen 20.000 en 50.000 inwoners liggen in 2023 op € 7,00 per inwoner.
3) Inzet op cultuureducatie blijft achter Cultuureducatie is niet als aparte rubriek in de tabellen van CBS opgenomen, maar maakt onderdeel uit van de rubriek ‘presentatie, productie en participatie.’ Als we dit onderdeel verder uitsplitsen zien we dat Zeeuwse gemeenten gemiddeld meer aan cultuureducatie besteden dan vergelijkbare gemeenten met 20.000 tot 50.000 inwoners (€ 9,00 tegenover € 6,00 per inwoner), maar minder dan het landelijk gemiddelde (€ 11,00). Figuur 3 laat zien dat de Zeeuws-Vlaamse gemeenten – vooral Terneuzen – samen sterker inzetten op cultuureducatie dan in de gemeenten boven de Westerschelde. Met name de kleinere gemeenten betalen relatief veel, wat ten dele verklaard kan worden door de bijdragen aan de GR Zeeuwse Muziekschool. Gemeente Terneuzen Hulst Kapelle Sluis Schouwen-Duiveland Veere Middelburg Reimerswaal Tholen Vlissingen Borsele Goes Noord-Beveland
uitgaven € x 1000 p/inw 1.227 437 153 241 326 206 395 136 87 135 33 49 1
53 11 6 18 7 26 17 4 4 2 1 2 0
De meeste andere Zeeuwse gemeenten geven niet meer dan 10 euro uit. Hoewel in het CBS-onderzoek de uitgaven niet verder zijn gespecificeerd kunnen we er wel van uitgaan dat het merendeel wordt besteed aan het muziekonderwijs en een veel geringer bedrag aan cultuureducatie in het basis- en voortgezet onderwijs. Uitzondering daarop is ZeeuwsVlaanderen vanwege de gezamenlijke inspanning van de gemeenten voor de organisatie van het ‘cultuurmenu’. Evaluatie en conclusie
4
Het CBS-onderzoek met cijfers uit 2023 laat zien dat onze gemeente goed tot bovengemiddeld “presteert” waar het gaat om uitgaven voor kunst en cultuur. Binnen de provincie Zeeland bezet Schouwen-Duiveland daarmee een tweede plaats. Ook in landelijk perspectief doet onze gemeente het absoluut goed2. Een opmerking daarbij kan zijn dat meerdere Zeeuwse gemeenten relatief meer aan kunst en cultuur besteden dan landelijk gemiddeld, wat te maken zal hebben met de afwezigheid van echt grote steden in onze regio. Het CBS-onderzoek toont aan dat de podiumkunsten in onze gemeente beter kunnen worden gefaciliteerd dan nu het geval is. Met een injectie in de programmering zouden onze inwoners meer voorstellingen en uitvoeringen in de eigen omgeving kunnen bijwonen, ware het niet dat de podia en maakplekken in Schouwen-Duiveland relatief klein zijn en verspreid over het eiland. Met name in de verzorging van cultuureducatie in het onderwijs missen we kansen, wat we wel deels kunnen verklaren door de manier waarop de regionale ondersteuning hiervoor is georganiseerd. Het lichtend voorbeeld voor een kwalitatieve opwaardering is zeker te vinden in Terneuzen en omstreken. Voor wat betreft het muziekonderwijs zetten we zelf ook al stappen voor verbetering. Voor wat betreft onze inspanningen voor het bibliotheekwerk zitten we aan de bovenkant van de middenmoot.
Voor de hand ligt dat de grote gemeenten Middelburg en Terneuzen hier de lijst aanvoeren, maar ondanks onze mooie bibliotheek in Zierikzee geven de gemeenten Kapelle, Borsele en Sluis hieraan meer geld uit dan wij. Onze gemeente kenmerkt zich vooral door de bijzonder grote bijdrage aan de musea, waarvan het Stadhuismuseum het merendeel kost, ruim 8 ton per jaar. Daarnaast verstrekken we een grote bijdrage aan het Watersnoodmuseum en ondersteunen we de zes kleinere musea op het eiland en hun vereniging. Het aandeel van de museumsector is in 2023 bijna 39 % van de totale uitgaven aan kunst en cultuur. Wanneer we ook de uitgaven voor cultureel erfgoed en het archief meerekenen groeit het percentage dat we bijdragen aan ‘conservatie’ naar bijna 50 %. Wat is kunst en cultuur ons waard? Een vraag voor de toekomst, in het licht van nieuw cultuurbeleid, moet zijn of we als gemeente de nadruk willen blijven leggen op ‘conserveren’ – zoals nu gebeurt – of dat we meer accent willen geven aan het presenteren en maken van cultuur, met daarbij inhoudelijke en kwalitatieve ambities op het gebied van educatie en participatie. Met nieuwe uitingsvormen die een nieuw of breder publiek dan nu kunnen aanspreken. Volgens onze cultuurnota besteedde onze gemeente in 2024 in totaal ca 2,9 miljoen euro aan kunst en culturele activiteiten. Dat komt neer op ongeveer 83 euro per inwoner.
Zoals we hiervoor al zagen zou de werkelijke uitgavensom aanzienlijk hoger kunnen liggen, maar dit hangt af van de locatie van uitgaven die nu misschien niet zijn meegenomen. Onder dit voorbehoud willen we hier wel een vooruitblik werpen op een financiële vertaling van de ambities die we in de cultuurnota hebben neergelegd. In de Kadernota 2026 zullen we dit in detail weergeven en aan de gemeenteraad voorleggen voor besluitvorming. We kijken hierbij naar de begroting voor 2025, die we vooral hebben gebaseerd op de toezeggingenlijst in het subsidieprogramma. Omwille van een goede vergelijking met het voorgaande, rubriceren we deze volgens de indeling in hoofdrubrieken die het CBS hanteert: - Presentatie, productie en participatie - Conservatie (musea, archieven en cultureel erfgoed) - Media (bibliotheken en omroep)
2 Het CBS heeft aangetoond dat hun onderzoek over 2023 representatief is. De gegevens die onze
gemeente aan CBS heeft aangeleverd, moeten we nog vergelijken met die waarover wij nu beschikken.
5
Deze begroting is uiteraard onder voorbehoud van goedkeuring door de gemeenteraad later dit jaar, maar kan wel gelden als indicatief voor onze ambities. We kunnen zien dat het veel hogere bedrag dat over het jaar 2023 door ons aan het CBS is opgegeven niet terugkomt in de uitgaven die we in de cultuurnota voor 2025 en verdere jaren hebben begroot. In deze opstelling komt de begroting wel wat meer in evenwicht. Dat geven we weer in de onderstaande grafiek. We zetten hier de lasten die over het jaar 2023 door ons aan het CBS zijn opgegeven af tegen de (vanuit de cultuurvisie) voorgenomen begroting voor 2025 en volgende jaren. De bovenste balk is de situatie 2023 (zoals hiervoor al beschreven een veel hoger bedrag dan wat in onze actuele cijfers terugkomt) de balken daaronder geven weer wat er vanaf 2025 gebeurt zonder beleidsintensiveringen in de begroting, en vervolgens met de voorgestelde uitbreiding. begroting (opgave CBS )t.o.v. voornemens cultuurvisie uitgaven per inwoner per hoofdrubriek
2023 (CBS)
2025 alleen bestaand beleid)
2025 (met nieuw beleid)
0%
20%
40%
60%
presentatie, productie en educatie
niet in te delen
musea, archieven
erfgoed
bibliotheek en media
HL 20250217
6
80%
100%