2025.099 bijlage 2 - open brief dossier Stichting Brogum (1405987)
Tekst van het document
Dossier Stichting Brogum
Inleiding Er is al jaren veel te doen over de stichting Brogum, de vraagstelling over de continuïteit en toekomst van het gebouw en de Stichting. In 2024 heeft de raad met meerderheid van stemmen besloten tot de bouw van een nieuw Brogum voor een bedrag van 5,2 miljoen euro. We volgen dit dossier al jaren met belangstelling en ons valt op dat veel zaken vraagtekens oproepen. Wat ons bevreemd is dat een groot aantal zaken onlogisch lijken en dat er veel schijn van integriteitsschending bestaat. Ondanks het feit dat uit ons onderzoek blijkt dat de raad over lang niet alle feiten beschikt en sommige zaken hierdoor aan de aandacht zijn ontsnapt, verbaast het ons ten zeerste dat bepaalde zaken wel degelijk door de raad hadden kunnen worden gesignaleerd en dat op sommige punten wel degelijk kritische vragen hadden kunnen worden gesteld. De kritische vragen die door enkele raadsleden wel werden gesteld werden vaak weggewuifd of weggestemd. Omdat deze zomer de eerste stappen worden gezet richting een nieuw Brogum en veel zaken voor ons onbeantwoord zijn gebleven, hebben we besloten zelf onderzoek te doen. Dit onderzoek is uitgevoerd met behulp van bestudering van publieke informatie aangevuld met informatie uit gesprekken met betrokken ambtenaren en betrokken mensen van de stichting zelf.
Ons is opgevallen dat onze vraagpunten gedeeld worden door veel andere burgers en zeker ook door de betrokkenen die we hebben gesproken. Dit dossier leeft bij veel mensen gezien de grote belastinglast die het met zich meebrengt, alsmede het feit dat dit niet het eerste dossier lijkt waar de gemeente aangesproken kan worden op zaken die fout gaan. Eerdere dossiers hebben geleid tot een hoge betrokkenheid van vele burgers en betrokkenen die zich allen verantwoordelijk voelen dit dossier onder de aandacht te brengen. Niemand van ons is tegen een nieuw Brogum en iedereen heeft begrip voor het feit dat de praktijk soms lastiger is in te richten dan gewenst is bij theoretische modellen. Echter waar mogelijk moeten regels gevolgd worden, zeker gezien wij als burgers hieraan worden gehouden. U zult zien dat onderstaand stuk bestaat uit een serie vragen, sommige suggestief, maar de meeste open en logisch af te leiden uit beschikbare informatie. Door deze vragen te stellen onthouden we ons van een definitief oordeel, gezien de raad deze zal moeten vormen en als controlerend orgaan van de zittende politiek actie zal moeten ondernemen waar dat gepast is. Zie deze brief dus niet als aanval op u als raadsleden, maar zie het als een uiting van bezorgdheid met de oprechte intentie zaken te kunnen herstellen.
Het dossier is opgedeeld in een aantal deelonderwerpen waarin we verwijzen naar relevante stukken, teksten of informatie verkregen uit gesprekken, waarbij we een aantal vragen stellen. Wat ons erg opvalt aan het hele dossier is het gemak waarmee interne regels en wetgeving geschonden kunnen worden en hoe eenvoudig alle controlemechanismen omzeild kunnen worden. Dit baart veel zorgen voor de juiste werking van de politiek op Schouwen-Duiveland, zeker in het licht van goed bestuur. We verbazen ons over het feit dat wij als burgers dit onderzoek hebben moeten doen en daarom doen we een aantal aanbevelingen aan het einde van deze brief.
Artikel 1 Uitkomsten haalbaarheidsonderzoek Het haalbaarheidsonderzoek is opgeleverd in 2021. Op basis hiervan heeft de gemeente gekozen voor de zogenaamde basisvariant. Dit op basis van het rapport van 4Advies. In dit rapport staan verschillende scenario’s uitgewerkt en zover in de stukken zichtbaar, heeft de raad gekozen voor de basisvariant. Dit komt naar boven in de brief van wethouder van Burg gestuurd op 30 mei 2023.
De vragen die hierbij gesteld kunnen worden zijn de volgende (en zal de rode lijn vormen door de volgende vragen): 1) In hoeverre is de Stichting betrokken bij de keuze van de gekozen variant? Zijn hier getekende bestuursbesluiten van of heeft de gemeente dit eenzijdig bepaald op basis van hun beleidsplannen? 2) Zijn er bespreek verslagen beschikbaar van overleg tussen de gemeente en het voltallige bestuur? 3) Is op voorhand met het gehele bestuur besproken wat de impact van de verschillende varianten is op het huidige bestuur en de organisatie?
Artikel 2 Aanvraag subsidie voor een coördinator/directeur In de voornoemde brief aan de raad van van Burg staat de volgende paragraaf opgenomen: Ook is op basis van de uitkomsten van het door stichting Brogum uitgevoerde haalbaarheidsonderzoek en vooruitlopend op de nieuwbouw subsidie beschikbaar gesteld voor de benodigde professionaliseringsslag, waarmee de Stichting een fulltime directeur heeft aangesteld. In het rapport van 4 advies wordt gesproken over het aanstellen van een coördinator. Dit komt heel kort naar voren op pagina 45 van het rapport van 4Advies. In de brief van van de Burg komt naar voren dat Brogum een full-time directeur heeft aangesteld naar aanleiding van het haalbaarheidsonderzoek. In de begroting blijkt dat een budget is vrijgemaakt voor 73.000 per jaar voor 8 jaar. Een totaal budget dus van 584.000 euro voor een coördinator/directeur. 4Advies is niet specifiek over de inhoud van de rol coördinator, wanneer deze aangesteld zou moeten worden, voor hoelang dit is, wat de tijdsbesteding is en wat de benodigde kosten zijn. De volgende vragen komen dan naar boven:
1) Hoe is het bedrag van 73.000 tot stand gekomen? Immers, in de eisen van de ASV staat dat bij elke aanvraag een degelijke onderbouwing van de kosten moet worden opgeleverd. Dit zou ons inziens impliceren dat de stichting tot dit bedrag is gekomen en dit als zodanig heeft ingediend. 2) Waarom is de coördinator functie veranderd naar een directeursfunctie? En waarom is het college hiermee akkoord gegaan? 3) Hoe is de aanvraag van de subsidie tot stand gekomen? Gezien geen van de bestuurders van Brogum zelfstandig bevoegd is en er sprake is van een subsidieaanvraag, mag men ervan uitgaan dat er een getekend bestuursbesluit ten grondslag ligt aan de aanvraag, welke is ondertekend door alle bestuursleden. 4) Waarom is in de openbare besluiten van BenW niets genoemd over de aanvraag, toekenning en vaststelling van de subsidie? In de brief van Synarchis aangeboden op 3 juni 2024 staat dat deze subsidie in september 2021 is aangevraagd en is gehonoreerd op 10 december van datzelfde jaar. Echter op de openbare website van BenW is niets terug te vinden rondom deze data. 5) Waarom is deze subsidie gehonoreerd als artikel 7 van de ASV stelt dat subsidieaanvragen voor 1 juni moeten zijn ingediend bij de gemeente? 6) In dit artikel staat ook dat het college uiterlijk 31 oktober uitspraak doet inzake de verlening.
Hoe kan het zo zijn dat dit toch nog in december is gebeurd? 7) Vind de raad het niet vreemd dat de voorzitter en contactpersoon van de gemeente ook de persoon is die de subsidie heeft aangevraagd en tevens benoemd is tot directeur? 8) Heeft het college de aanvraag gecontroleerd op rechtmatigheid? Oftewel heeft het college bij de aanvraag beoordeeld of er een getekend bestuursbesluit ligt ten grondslag van de aanvraag, wat qua zorgvuldigheid verwacht mag worden bij het verstrekken van dergelijke subsidiebedragen? Zeker gezien in de stukken van de KvK duidelijk naar voren komt dat geen enkele bestuurder zelfstandig bevoegd is. 9) Hoe is het college tot de conclusie gekomen dat een structurele subsidie voor ten minste 8 jaar voor 73.000 euro voor een directeur in lijn ligt met de enkele zin van 4Advies dat het raadzaam is om een coördinator aan te stellen voor het begeleiden van dit traject? 10) Hoe rijmt men deze subsidie met het feit dat de totale begrote personeelslast voor het nieuwe Brogum in de basisvariant slechts 73.000 betreft en er in de totstandkoming van de begroting (in overleg tussen 4Advies en het bestuur van Brogum) nooit een post is opgenomen voor een fulltime directeur? Had het bestuur in samenspraak met 4Advies dit niet laten opnemen in het adviesrapport/begroting als dit noodzakelijk werd geacht?
Artikel 3 Aanstelling directeur en brief Synarchis In de brief van Synarchis aangeboden op 3 juni 2024 komt het volgende naar voren: De aanstelling van de directeur is een direct gevolg van de door de stichting op 28 september 2021 aangevraagde, en door de gemeente op 10 december 2021 gehonoreerde*, subsidieaanvraag met als doel “een verbredings- en kwaliteitsslag te maken conform haalbaarheidsonderzoek
1) Heeft het college vastgesteld of de aanstelling van de directeur is gestoeld op een bestuursbesluit, welke door alle bestuursleden is ondertekend? Immers gezien de stichting de subsidie heeft ontvangen, mag worden verondersteld dat er stukken aan ten grondslag liggen, waarin minimaal de volgende zaken worden behandeld: a. Ten eerste de daadwerkelijke aanstelling van de voorzitter als directeur. b. Ten tweede de ZZP-constructie waarin deze wordt uitbetaald. c. Ten derde de hoogte van de vergoeding. d. Ten vierde de inrichting van de werkzaamheden. e. Ten vijfde de duur van de overeenkomst. f.
Ten zesde de hoeveelheid inspanning die benodigd is door de directeur.
g. Ten zevende een onderbouwing over waarom een dergelijke functie al in 2022 nodig was en in hoeverre er voldoende functiescheiding tussen directeur en bestuur werd geborgd. h. Ten achtste een helder standpunt omtrent de nevenfuncties van de huidige directeur en hoe deze gecombineerd kunnen worden met de functie bij de stichting 2) Gezien er in een ZZP-constructie wordt gewerkt, mag er worden verondersteld dat er een modelovereenkomst is getekend tussen het bestuur en de directeur, waarin bovengenoemde zaken zijn opgenomen. Is de raad er zeker van dat deze er is? 3) Zou het niet logisch zijn dat deze overeenkomst dan als onderbouwing zou moeten dienen voor de aanvraag van de subsidie? Heeft het college hiernaar gevraagd? Immers het subsidiebedrag, rechtmatigheid et cetera zou dan direct geborgd zijn.
De subsidieaanvraag en aanstelling directeur had als doel ‘een verbredings- en kwaliteitsslag te maken conform haalbaarheidsonderzoek volgens bovengenoemde brief. In het rapport van 4Advies staat hierover het volgende: Brogum zal ook in de nabije toekomst vooral op de inzet van vrijwilligers blijven draaien. De verbredings- en kwaliteitsslag die gemaakt wordt, maakt het noodzakelijk een beperkte professionele inzet te organiseren. We adviseren voor de beide hierboven beschreven varianten de professionele inzet voor de basisvariant op 1 fte te brengen en voor de minimumvariant op 0,5 fte In de begroting die daarbij is gevoegd blijkt overduidelijk dat de aanstelling van 1 fte pas nodig is ten tijde van de exploitatie van het nieuwe Brogum en dat daarvoor, zoals hierboven staat, Brogum vooral op de inzet van vrijwilligers zal draaien. Ook hier wordt nergens over een directeur gesproken. De verbredings- en kwaliteitsslag die gemaakt wordt, is een logisch gevolg daar het nieuwe Brogum meer activiteiten zal kennen en over de hele linie een grotere organisatie wordt. 4Advies geeft voorts aan dat als het nieuwe Brogum er staat er ongeveer nog 4 jaar nodig is om de organisatie een transitie te laten maken naar de beoogde kwaliteitseisen. Expliciet wordt duidelijk gemaakt dat dit pas zal spelen ten tijde van de exploitatie van het nieuwe Brogum en niet daarvoor al.
Als professionele inzet wordt bedoeld een budget voor het aantrekken van uitvoerende medewerkers. Dit is wezenlijk anders dan een directeur.
3) Is het voor de raad niet vreemd ook in het licht van vraag 10 bij artikel 2 dat deze last 4 jaar naar voren is getrokken in strijd met het rapport van 4Advies en dat ook nog eens is besloten deze last de 4 jaar erna te verdubbelen, terwijl het bestuur van Brogum en 4Advies in hun gezamenlijke rapport nooit hebben opgetekend dat dit nodig was? En dat dit ook niet als zodanig in de begroting was opgenomen? 4) Welke verbredings- en kwaliteitsslagen zijn er nu dan gemaakt door de huidige directeur? Het aantal evenementen is gelijk, de invoering van de Governance Code is nog niet uitgevoerd, organisatorisch is er niets veranderd, de bouw van het nieuwe Brogum is niet begonnen en de interne organisatie is niet veranderd. De enige zaken die wij hebben gemonitord is de verzelfstandiging van de stichting Anywave (wat nu een losse stichting is en waar de directeur ook voorzitter van het bestuur is) en verkennende gesprekken met andere stichtingen omtrent samenwerking. Dit is moeilijk te kwalificeren als een fulltime taak. 5) Gezien 2022 nog een coronajaar was en er vrijwel helemaal geen activiteiten waren, maakt dit de zaak niet nog vreemder? 6) Is het ook niet vreemd dat er een fulltime salaris wordt betaald terwijl Brogum een zomerstop van 3 maanden kent?
In de brief wordt tevens gesproken over de werkzaamheden van de directeur. Ook wordt hier weer bevestigd dat dit een fulltime functie betreft. Als beschrijving van de werkzaamheden wordt het volgende neergeschreven: Door Stichting Brogum is in 2023 een takenpakket voor de directeur beschreven. Naast de algemene/structurele taken die bij deze functie behoren, is ook de taak “verantwoordelijk voor het nieuwbouwproces, onderhoudt contact met de gemeente Schouwen-Duiveland en fungeert als contactpersoon tussen bestuur en gemeente
7) Hoe kan het zo zijn dat dit takenpakket pas tot stand is gekomen in 2023 terwijl de aanstelling al bij de subsidieaanvraag van 2021 is gedaan volgens de stukken? Daarnaast speelt wederom de vraag wie dit takenpakket heeft beschreven en of er een duidelijk getekend bestuursbesluit ligt ten grondslag aan de totstandkoming van dit takenpakket. 8) Is het niet vreemd dat waar eerst de voorzitter van het bestuur contactpersoon was met de gemeente, dat dit nu de directeur is (ook al is hij nog steeds voorzitter)? Was de raad niet bang voor een belangenverstrengeling en is het niet zinvol dat als iemand directeur is geworden, dat een ander bestuurslid gaat fungeren als contactpersoon en ook als enige de contacten onderhoudt? Waarom hebben de raad en college dit niet afgedwongen? 9) Wat zijn de algemene structurele taken die bij deze functie horen? Wat is in 2022 veranderd binnen de stichting dat dit vanaf dan nodig was? 10) Verantwoordelijk voor het nieuwbouwproces. Wat wordt hiermee bedoeld? Alle plannen waren uitgewerkt met 4Advies en het bestuur. De bouw wordt uitgevoerd in beheer van de gemeente. Daarnaast is er tot op heden nog niets gebeurd.
Wat moest een directeur hiermee doen in de jaren 2022 tot en met heden? 11) Als het om een fulltime functie gaat, hoe kan het dan zo zijn dat de directeur in de periode 2022 tot en met heden een groot aantal kleine bedrijven exploiteert? Dit gaat onder andere over Meneer Nilsson Zierikzee, Meneer Nilsson Goes, Nilsson’s Post, PettyGift en Swen&Vos. 12) Als men nog kan beargumenteren dat een aantal van deze bedrijven slechts eigendom waren van de directeur en hier geen werk verricht hoefde te worden, hoe kan het dan dat de directeur zich bij Swen&Vos openlijk laat inhuren voor marketingactiviteiten? Dit blijkt namelijk overduidelijk uit onderstaande
printscreen van de website:
13) Gezien de directeur als enig contactpersoon fungeert, zou het niet zo kunnen zijn dat Synarchis enkel met deze persoon heeft gesproken bij het inventariseren van de huidige situatie en dat er niet met overige bestuursleden is gesproken? Als dat zo is, moet de raad dan geen vraagtekens zetten bij de gehele brief van Synarchis? Moet dit niet worden nagevraagd bij Synarchis? Artikel 4: Niet naleven ASV door gemeente en stichting: 1) Is de raad op de hoogte van de totale hoogte en van de subsidie die vanaf 2022 werd uitgekeerd aan Brogum en welke eisen vanuit de ASV toen begonnen te gelden? 2) Als het antwoord hierop ja is, waarom staat de raad dan toe dat de volgende bepalingen structureel geschonden worden: o Artikel 9 lid 2b van de ASV is problematisch. De verlening is in strijd met een wettelijk voorschrift. Immers als blijkt dat de subsidieaanvraag niet tot stand is gekomen door een getekend bestuursbesluit, dan is de gehele subsidieaanvraag onwettelijk en daarmee de verlening ook. o Artikel 9 lid 3b. Als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze is aangevraagd, dan dient de subsidie geweigerd te worden. Voor welke activiteiten was het aanstellen van een directeur noodzakelijk? Hoe is dit aangetoond door de stichting? o Artikel 12 lid 2 van de ASV wordt niet nageleefd.
Er is geen enkele VOG, ook niet van de bestuursleden, terwijl Brogum juist als extra doel heeft gekregen om activiteiten voor minderjarigen te organiseren. o Artikel 13 lid 1 van de ASV wordt niet aan voldaan.
o Artikel 13 lid 5 ASV wordt niet aan voldaan en dit is een groot probleem, omdat de Gemeente hiermee inzichtelijk zou hebben hoe de verleende 73K werd besteed. o Gezien het totaal van de subsidie is Artikel 16 van toepassing en dan met name lid 2c, namelijk het verstrekken van een accountantsverklaring bij de vaststelling van de subsidie. Dit is in ieder geval voor de jaren 2022 en 2023 niet uitgevoerd en zover als bekend is er voor 2024 ook nog geen extern accountant aangesteld. o Gezien de directeur een fee factureert aan de stichting en er dus logischerwijs sprake is van uurtarieven in de berekening van subsidiabele kosten, zou artikel 18 ook van toepassing moeten zijn. 3) Wat is de reden van het college geweest om deze bepalingen niet na te laten leven door Brogum. Zeker gezien de twijfelachtige constructie met de directeur, had een controleverklaring dan niet meer comfort en zekerheid geboden? Immers de rechtmatigheid van al het bovenstaande had dan getoetst kunnen worden door een extern accountant.
Artikel 5: Integriteitsonderzoek 2024 1) Is de raad op de hoogte van het feit dat een oud-bestuurder zijn bezorgdheid over de gang van zaken binnen Brogum kenbaar heeft gemaakt bij de wethouder en dat de burgemeester een integriteitsonderzoek heeft ingesteld? 2) Is de raad op de hoogte van het feit dat de oud-bestuurder in een overleg met burgemeester en wethouder toen heeft verklaard dat het bestuur nooit op de hoogte was van de aanstelling van de directeur en ervanuit ging dat de directeur een directe aanstelling van de Gemeente had gekregen en dat de storting van gelden naar de stichting enkel een juridische keus was van de gemeente? En; 3) Dat de oud-bestuurder heeft aangegeven bij het college dat het raadzaam was om bij het andere bestuurslid dhr. Bolier navraag te doen hierover, gezien deze nog steeds in het ongewisse lijkt te zijn? 4) Is de raad op de hoogte van het feit dat dit onderzoek is afgerond door het college en men tot de conclusie was gekomen dat er geen enkele integriteitsschending heeft plaatsgevonden? 5) Vind de raad het niet vreemd dat deze conclusie getrokken is terwijl overduidelijk blijkt dat er genoeg te onderzoeken viel? Niet alleen richting de stichting, maar ook richting de wethouder. Zo had er bijvoorbeeld gekozen kunnen worden onderzoek te doen naar de totstandkoming van de subsidie.
Dan was ook naar voren gekomen dat de bepalingen uit de ASV waren geschonden door de Gemeente. Ook had de stichting gevraagd kunnen worden naar de diverse besluiten die ten grondslag lagen aan de subsidie en de benoeming van de directeur. Had men niet ten minste alsnog een extern accountant de cijfers moeten laten controleren conform de ASV, zodat op die manier de rechtmatigheid
getoetst kon worden? Gezien de gemeente een belangrijke stakeholder is, was de rechtmatige besteding van subsidies een belangrijk frauderisico geweest waarop een extern accountant zou toetsen. 6) De ASV stelt dat subsidies hoger dan 25K jaarlijks opnieuw aangevraagd moeten worden, waarom heeft het college de volledige subsidie van 2025 dan weer toegekend als al deze feiten bekend waren? 7) Is het niet vreemd dat het college zelfs niet met andere bestuursleden heeft gesproken over deze zaak en dat dit ook niet als zodanig met de huidige directeur is besproken? 8) Als deze zaken bekend waren bij het college, waarom heeft men dan niet gehandhaafd op de bovengenoemde punten uit artikel 9 van de ASV? Zeker in het licht van lid 2b inzake wettelijkheid. Artikel 6: Implementatie Governance Code In de raadsbrief van van Burg 3-5-2023 staan voorts de volgende teksten opgenomen: De governance van stichting Brogum moet versterkt worden conform de Governance code Cultuur. Deze dient als basis om bestuur en toezicht te professionaliseren. Gezien de hoogte van investeringen en subsidies achten onze gemeente en stichting Brogum dit van belang. Het gemeentebestuur krijgt inspraak bij de instelling van het toezicht en maakt afspraken over de invulling daarvan. Stichting Brogum geeft dit vorm in 2023, inclusief het aanpassen van de statuten.
Dit bevat minimaal 1) een besturingsmodel waarin scheiding bestaat tussen bestuur en toezicht, inclusief afspraken over rol, taak en verantwoordelijkheid; 2) mate van onafhankelijkheid van het toezicht en 3) afspraken over verantwoording en verslaglegging naar elkaar, naar de gemeente en naar de samenleving en 4) dat de gemeente een rol heeft bij het aanstellen van de toezichthouders. Ons college vindt het van belang dat bij deze wijziging in governance rekening wordt gehouden met het behoud van de grote mate van betrokkenheid van vrijwilligers. 1) Hoe beoordeelt de raad deze tekst in het licht van alle feiten en vragen die hierboven reeds zijn gesteld? 2) Had de implementatie van de Governance Code niet juist de kernverantwoordelijkheid van de huidige directeur/voorzitter moeten zijn na de aanstelling? 3) Als is besloten door het college dat de stichting in 2023 al had moeten voldoen aan de Governance Code Cultuur, waarom praat de raad dan pas eind 2024 over een brief van Synarchis die gaat over de implementatie hiervan en wordt er afgesproken dat er pas halverwege 2025 aan voldaan hoeft te worden? 4) Gezien de Stichting door het college gehouden is aan het volgen van de Governance Code, is de raad dan op de hoogte van de volgende overtredingen: a. Principe 2 wordt in zijn geheel geschonden.
Er wordt geen jaarverslag openbaargemaakt door de stichting en de punten die vermeld moeten
worden staan er niet in. Een belangrijke hierin is de beschrijving van nevenfuncties en de beloning voor bestuurders. b. Principe 3 wordt op veel punten niet nageleefd. Met name de tweede bepaling. Hierin is opgenomen dat een bestuurder geen zakelijke belangen mag hebben bij de stichting. Dit is overduidelijk wel het geval, gezien de eenmanszaak van de directeur 73K factureert aan de Stichting zonder enige onderbouwing. Daarnaast zijn de nevenfuncties van de directeur nooit door het bestuur goedgekeurd. Daarnaast staat hier opgenomen dat er geen functies mogen worden aangenomen die de tijdsbesteding raken van de bestuurder. De directeur heeft meerdere bedrijven en laat zich inhuren door bedrijven. Daarnaast factureert hij een fulltimesalaris aan de stichting voor directeurswerkzaamheden. c. Dit principe ziet ook toe in bepaling 6 op volledige transparantie van de bestuursleden in het geval van belangenverstrengeling. De huidige structuur is zeer twijfelachtig en de vraag is of hier geen sprake is van belangenverstrengeling. d. Er staat in bepaling 4 van dit principe dat een voormalig directeur 4 jaar lang geen lid mag zijn van het bestuur door mogelijke belangenverstrengeling. De directeur acteert op dit moment als beide. e.
Bepaling 9 zegt hierin dat als er transacties plaatsvinden die mogelijk tegenstrijdige belangen kennen, dan moet het bestuur hierover een besluit maken en deze motiveren. Is dit voldoende gebeurd? f.
Principe 4 gaat in op de scheiding van taken en verantwoordelijkheden van directeur en bestuur. Dit hele principe wordt in zijn geheel overschreden.
g. Principe 5 wordt in zijn geheel overschreden, daar deze verdere invulling geeft in scheiding van taken. De directeur voert zowel uitvoerende taken van het beleid alsmede beleidsbepalende taken. Een bestuursreglement bestaat niet. Ook de benoeming van de directeur is twijfelachtig op dit punt en de aanstelling van een extern accountant bestaat niet. h. Principe 6 gaat in op juiste inzet van middelen en het beloningsbeleid. Dit is op dit punt ook twijfelachtig te noemen. i.
Principe 8 wordt niet nageleefd. De benoeming van bestuursleden gaat niet via een openbare vacature, maar komen vanuit het persoonlijke netwerk van de directeur. Daarnaast mag een bestuurder niet meer dan 2 termijnen van 4 jaar bestrijken. De directeur zit er inmiddels 10 jaar, Bolier 9 jaar en Kruijff 30 jaar.
j.
Principe 8 bepaling 7 zegt dat er vergoeding vastgesteld moet worden voor bestuursleden en dat die in lijn moet liggen met de aard en omvang
van de werkzaamheden. Dit is overduidelijk niet het geval gezien de directeur als bestuurder 73K factureert vanuit zijn eenmanszaak. 5) Als iedereen van het college en van de raad wist dat de stichting verplicht was om vanaf 2023 aan de Governance Code Cultuur te voldoen, waarom heeft niemand hierop dan ook maar enigszins gehandhaafd? 6) Waarom is de raad akkoord gegaan met de overduidelijke vermenging van functies van de directeur/voorzitter die in de kern van de hele Goverance Code Cultuur zo duidelijk wordt bestreden? 7) Dan over punt 2 uit de tekst van de wethouder. De onafhankelijkheid van het toezicht. Hoe kon het dan gebeuren dat Brogum vanuit het eigen netwerk in 2024 twee nieuwe bestuursleden heeft benoemd uit de vrijwilligerspool? Hoe beoordeelt de raad dit in het kader van onafhankelijkheid? Waar was de benoemende rol van de gemeente in deze aanstelling? 8) Er wordt bij punt 3 uit de tekst gesproken over verantwoording en verslaglegging richting de samenleving.
Hoe beoordeelt de raad de praktische invulling die hieraan is gegeven door het college? 9) Waarom is er door niemand van de raad gehandhaafd op de bovengenoemde tekst van van Burg en de burgemeester waarin ook nog overduidelijk staat benoemd dat een belangrijk doel hiervan is verantwoording naar de samenleving af te leggen? Zeker als men wist dat de implementatie van de Governance Code al deze problemen had voorkomen?
Artikel 7: Afsluitende vragen 1) Hoe ziet de raad de toekomst nu tegemoet van Brogum? De brief van Synarchis stelt een grote afhankelijkheid van de huidige directeur in het traject nieuw Brogum. Zou het zo kunnen zijn dat de gemeente die afhankelijkheid heeft gezien en dus ook akkoord gegaan is met een onrechtmatig verkregen bezoldiging en dat er een collusie tussen gemeente en stichting heeft plaatsgevonden ten bate van de realisatie van het nieuwe Brogum? 2) Hoe ziet men de implementatie van de Goverance Code voor zich? Als nu al overduidelijk is dat vrijwel alle bepalingen van de Goverance Code geschonden worden en er een grote afhankelijkheid is van de huidige directeur, is het dan niet raadzamer om nu een intern onderzoek in te stellen, orde op zaken te stellen alvorens 5,2 miljoen belastinggeld wordt geïnvesteerd in een stichting waar de directeur mogelijk strafbare feiten begaat en waarvan het college op de hoogte is? 3) Is de raad het nog steeds eens met de veronderstelling van Synarchis dat er geen ongewenste belangenverstrengeling speelt bij de huidige directeur en dat de huidige constructie geen bezwaren kent? Ons inziens is er namelijk wel
degelijk sprake van ongewenste belangenverstrengeling, gezien de directeur 73.000 per jaar ontvangt en deze heeft geborgd voor 8 jaar lang. Dit terwijl hij zonder enige beperking zich kan focussen op zijn andere bedrijven en hij dus een geldelijk belang van 584.000 euro heeft bij het nieuwe Brogum en er dus ook belang bij heeft om als enig contactpersoon te fungeren van de gemeente, als directeur en als voorzitter van het bestuur om op deze manier het bestuur en de raad in het ongewisse te laten. 4) Is de raad het er mee eens dat er nu ook een onafhankelijk onderzoek van bijvoorbeeld de rekenkamer moet komen en dat ook de burgemeester en wethouder onderwerp van onderzoek moeten zijn? Dit in het licht van competentie en integriteit? 5) Gezien het feit dat volgens de Governance Code bijna het voltallige bestuur niet kan blijven zitten gezien de zittingstermijn, zou het in het licht van dit alles niet wijs zijn om een geheel nieuw bestuur en directie aan te stellen alvorens men begint met de bouw? Zou dit nieuwe bestuur niet moeten worden aangesteld door de gemeente en zou er een strenge benoemingscommissie moeten worden benoemd? 6) Hoe ziet de raad de overdracht van het pand aan de stichting in het licht van al het bovengenoemde? 7) Hoe reflecteert de raad nu op deze hele situatie? Uit dit stuk komt overduidelijk naar boven dat alle controlemechanismen niet hebben gewerkt.
Dit betekent heel concreet dat deze dus niet werken. Moet dit niet in zijn geheel geëvalueerd en aangepast worden? 8) Gezien de interne controles niet gewerkt hebben, hoe is de raad er zeker van dat dergelijke situaties ook niet bij andere stichtingen spelen? Zou er geen interne auditcommissie moeten komen om dit vast te stellen? Aanbevelingen: Het is bijzonder te noemen dat deze situatie heeft kunnen ontstaan. Als de raad zelf niet in staat is het college in voldoende mate te controleren, dan is het raadzaam om hier controlepunten op in te gaan bouwen zodat het systematisch wordt afgedwongen. Ons inziens zijn er een aantal makkelijke stappen te zetten om te borgen dat dergelijke zaken niet meer kunnen voorkomen: 1) In de AVS zou moeten worden vastgelegd dat alle stichtingen met meer dan 100K subsidie per definitie moeten voldoen aan de Governance Code voor hun branche. 2) Er staat al in de ASV (net als de Governance Code) dat een extern accountant verplicht is. Hierop is eenvoudig te handhaven en dit zou dus ook in onze beleving alsnog met terugwerkende kracht voor alle stichtingen op het eiland uitgevoerd moeten worden.
3) De raad zou elk jaar een onafhankelijke commissie kunnen instellen (bij voorkeur vanuit de oppositie) die de uitgegeven subsidies controleert op de eisen ASV Voorts bevelen we voor nu aan een nulmeting te doen en een extern bureau alle subsidies en structuren te laten controleren op rechtmatigheid en conformiteit aan de eisen van de ASV. Ter afsluiting Dit onderzoek is door een groot aantal mensen uitgevoerd en is daarmee zeer zorgvuldig tot stand gekomen. We gaan ervan uit dat deze vragen en overwegingen de gehele raad zullen overtuigen om kritisch naar de stichting te kijken en mede de rol van de huidige directeur en de samenwerking met de huidige wethouder alsmede de burgemeester. We hoeven de raad niet te vertellen dat het vertrouwen in de politiek erg laag is en dergelijke zaken werken niet mee. We gaan er dus ook vanuit dat de raad hier een gedegen onderzoek naar doet en op basis van de uitkomsten hiervan de juiste acties onderneemt. Ondanks de suggestieve vraagstelling in een aantal gevallen, veronderstellen we geen schuld en leggen ons neer bij de uitkomsten van een eventueel onderzoek. Wel gaan we ervan uit dat de gemeente transparant is over deze zaken. De brief is anoniem ingestuurd. Dit doen we niet uit angst, maar om te borgen dat de focus ligt op de inhoud en niet op de afzenders.
Gezien we deze brief anoniem insturen, verwachten we geen direct antwoord van de raad, maar houden uiteraard met belangstelling de raadsvergaderingen en mediaberichten in de gaten. We hopen dat deze situatie op de koninklijke weg kan worden opgelost en zien uit naar een gedegen behandeling van de raad. Echter gezien het feit dat het college niet transparant en deugdelijk heeft gehandeld in deze en eerdere dossiers bij een oprechte zorgmelding, zullen we in dit geval de transparantie borgen door een kopie van deze brief ook te doen toekomen aan de lokale media.
w.g. De burgers van Schouwen-Duiveland