2023 397 Bijlage 1 Regels Bestemmingsplan
Tekst van het document
wijziging leidt niet tot onevenredige gevolgen voor het waterbeheer; indien het verhard oppervlak toeneemt of kan toenemen met 1.000 m² of meer, vragen burgemeester en wethouders hierover schriftelijk advies van de waterbeheerder alvorens de wijziging toe te passen; i. wijziging leidt niet tot onevenredige aantasting van de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van naastgelegen percelen; j. wijziging wordt slechts verleend ten behoeve van volwaardig agrarisch bedrijf; alvorens de ontheffing te verlenen vragen burgemeester en wethouders hierover schriftelijk advies van de agrarisch deskundige; k. wijziging wordt niet toegepast alvorens een privaatrechtelijke overeenkomst is gesloten over de aanleg, het beheer en het onderhoud van de landschappelijke inpassing. 3.6.8. Wijziging voor bassins ten behoeve van aquacultuur Burgemeester en wethouders kunnen de plankaart wijzigen door het toekennen van bouwvlakken op de plankaart uitsluitend ten behoeve van de bouw van bassins voor aquacultuur inclusief afschermende netconstructies, met inachtneming van het volgende: a. het oppervlak van de bassins bedraagt per bedrijf van ten hoogste 3 ha; b. de hoogte van de bassins inclusief afschermende netconstructies bedraagt ten hoogste 0,5 meter; c. wijziging wordt slechts toegepast ten behoeve van bassins die aansluiten op een bouwvlak; d.
voorzien wordt in een afschermende landschappelijke inpassing die bestaat uit een met gras begroeide omwalling direct rondom de bassins, met een hoogte die ten minste gelijk is aan de hoogte van de bassins; e. in afwijking van het bepaalde onder b mag de hoogte van afschermende netconstructies ten hoogste 3 meter bedragen, mits wordt voorzien in een afschermende landschappelijke inpassing die bestaat uit een beplantingsstrook met een afschermende struik- en boomlaag van voornamelijk streekeigen soorten, met een breedte van ten minste 5 meter; Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
19
f. wijziging wordt slechts verleend als daardoor de landschappelijke karakteristiek zoals benoemd in het Landschappelijk Raamwerk niet onevenredig wordt aangetast; alvorens het plan te wijzigen vragen burgemeester en wethouders hierover schriftelijk advies van de landschaps- en natuurbeschermingsdeskundige; g. wijziging wordt slechts toegepast ten behoeve van een reëel of volwaardig agrarisch bedrijf; alvorens de ontheffing te verlenen vragen burgemeester en wethouders hierover schriftelijk advies van de agrarisch deskundige; h. wijziging leidt niet tot onevenredige aantasting van de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van naastgelegen percelen. 3.6.9. Wijziging productiegerichte paardenhouderij Burgemeester en wethouders kunnen de plankaart wijzigen door het toekennen van de aanduiding 'paardenhouderij' op de plankaart aan een bouwvlak ten behoeve van de vestiging van een productiegerichte paardenhouderij, met inachtneming van het volgende: a. gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden opgericht; b. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals een paardenbak, stapmolen of longeerinstallatie, dienen op of aansluitend aan het bouwvlak te worden gesitueerd; c. de oppervlakte van een paardenbak bedraagt ten hoogste 1.200 m²; d. bij een paardenbak is het gebruik maken van een geluidsinstallatie, of verlichting door middel van lichtmasten niet toegestaan; e.
voorzien wordt in een afschermende landschappelijke inpassing die bestaat uit een beplantingsstrook met een afschermende struik- en boomlaag van voornamelijk streekeigen soorten, met een breedte van gemiddeld 10 meter; f. wijziging leidt niet tot onevenredige gevolgen voor het waterbeheer; indien het verhard oppervlak toeneemt of kan toenemen met 1.000 m² of meer, vragen burgemeester en wethouders hierover schriftelijk advies van de waterbeheerder alvorens de wijziging toe te passen; g. wijziging vindt slechts plaats als zorg wordt gedragen voor ruimtelijke kwaliteitswinst; h. wijziging vindt slechts plaats als een privaatrechtelijke overeenkomst is gesloten over de aanleg, het beheer en het onderhoud van de landschappelijke inpassing en de ruimtelijke kwaliteitswinst. i. wijziging leidt niet tot onevenredige aantasting van de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van naastgelegen percelen.
Artikel 4 Waarden – Archeologisch Onderzoeksgebied A 4.1. Bestemmingsomschrijving De op de plankaart voor Waarden - Archeologisch Onderzoeksgebied A aangewezen gronden zijn - bij wijze van dubbelbestemming - bestemd voor bescherming en veiligstelling van archeologische waarden. 4.2. Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. ten behoeve van andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming geldende (bouw)voorschiften - slechts worden gebouwd, indien de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen en: 1. de aanvrager van de bouwvergunning een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van De betrokken locatie naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld; 2. de betrokken archeologische waarden, gelet op het rapport zoals onder 1 bedoeld, door de Bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de bouwvergunning regels te verbinden, gericht op: a. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. het doen van opgravingen; c. het begeleiden van de bodemverstorende ingrepen door een archeologisch deskundige. b.
het bepaalde onder a, is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op een of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken: 1. indien het bouwplan betrekking heeft op het vervangen, vernieuwen of het veranderen van bestaande bouwwerken en waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; 2. een bouwwerk met een oppervlakte van ten hoogste 2.500 m² waarbij geen grond- of graafwerkzaamheden dieper dan 50 centimeter beneden het maaiveld plaatsvinden. Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
20
4.3. Ontheffing van de bouwregels 4.3.1. Ontheffing archeologisch onderzoek Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in sublid 4.2 onder a, ten behoeve van het bouwen, indien de aanvrager van de bouwvergunning een rapport heeft overlegd waarin wordt aangetoond dat de archeologische waarden van het terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate worden veiliggesteld. 4.3.2. Advisering over de ontheffing Alvorens de in lid 4.3.1 genoemde ontheffing te verlenen, vragen burgemeester en wethouders aan de archeologische deskundige om advies omtrent het criterium als bedoeld in lid 4.3.1. Bij een negatief advies verzoeken burgemeester en wethouders de archeologische deskundige de verder te nemen stappen aan te geven.
4.4. Aanlegvergunning 4.4.1. Aanlegverbod zonder vergunning Het is verboden op of in de gronden met deze dubbelbestemming zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (aanlegvergunning) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het uitvoeren van grondbewerkingen op een oppervlakte van meer dan 2.500 m² met een diepte van meer dan 50 centimeter beneden maaiveld, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; b. het ophogen van de bodem; c. het aanleggen, vergraven, verruimen en dempen van sloten, vijvers en andere waterpartijen; d. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; e. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of ander wijze indrijven van voorwerpen; f. het verlagen of verhogen van het waterpeil; g. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; h. het aanleggen van ondergrondse kabels en leidingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; i. het omzetten van grasland in bouwland. 4.4.2. Uitzondering op het aanlegverbod Het verbod van 4.4.1 is niet van toepassing, indien de werken en werkzaamheden: a.
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij het bepaalde in lid 4.2, onder a, in acht is genomen; b. een oppervlakte beslaan van ten hoogste 2.500 m² en de grondlagen dieper dan 50 cm beneden het maaiveld niet verstoren; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende aanlegvergunning of een ontgrondingsvergunning; e. ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. 4.4.3. Voorwaarde voor aanlegvergunningverlening Aanlegvergunning wordt verleend, indien: a. de aanvrager van de aanlegvergunning aan de hand van nader archeologisch onderzoek kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de aanvrager van de aanlegvergunning een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld; c. de betrokken archeologische waarden, gelet op het rapport zoals onder b bedoeld, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de aanlegvergunning regels te verbinden, gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen; 3. het begeleiden van de bodemverstorende ingrepen door een archeologisch deskundige.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
21
4.4.4. Advisering over de aanlevergunning Alvorens de gevraagde aanlegvergunning te verlenen, vragen burgemeester en wethouders aan de archeologisch deskundige om advies omtrent de criteria als bedoeld in lid 4.4.3. Bij een negatief advies verzoeken burgemeester en wethouders de archeologisch deskundige de verder te nemen stappen aan te geven. 4.5 Sloopvergunning 4.5.1. Sloopverbod zonder vergunning Het is verboden bouwwerken die zich op gronden met deze dubbelbestemming bevinden zonder, of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (sloopvergunning) te slopen. 4.5.2. Uitzonderingen sloopvergunning Het verbod als bedoeld in lid 4.5.1 is niet van toepassing indien de sloopwerkzaamheden: a. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij het bepaalde in lid 4.2 onder b in acht is genomen; b. een oppervlakte hebben van minder dan 2.500 m² en de grondlagen dieper dan 50 cm beneden het maaiveld niet verstoren; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan. 4.5.3. Voorwaarde voor aanlegvergunningverlening Sloopvergunning wordt slechts verleend onder de voorwaarden dat: a. de sloopwerkzaamheden vanaf 30 cm boven het maaiveld en dieper worden begeleid door een archeologische deskundige; b.
indien tijdens de begeleiding van de sloopwerkzaamheden archeologische vondsten van hoge waarde worden aangetroffen, hiervan terstond melding wordt gemaakt bij burgermeester en wethouders; c. indien zich een omstandigheid voordoet als bedoeld onder b, kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen omtrent het verdere verloop van de sloopwerkzaamheden om de aanwezige archeologische waarden veilig te stellen.
Artikel 5 Waarden – Archeologisch Onderzoeksgebied B 5.1. Bestemmingsomschrijving De op de plankaart voor Waarden - Archeologisch Onderzoeksgebied B aangewezen gronden zijn - bij wijze van dubbelbestemming - bestemd voor bescherming en veiligstelling van archeologische waarden.
5.2. Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. ten behoeve van andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming geldende (bouw)voorschiften - slechts worden gebouwd, indien de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen en: 1. de aanvrager van de bouwvergunning een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld; 2. de betrokken archeologische waarden, gelet op het rapport zoals onder 1 bedoeld, door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de bouwvergunning regels te verbinden, gericht op: a. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. het doen van opgravingen; c. het begeleiden van de bodemverstorende ingrepen door een archeologisch deskundige. b. het bepaalde onder a, is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op een of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken: 1. indien het bouwplan betrekking heeft op het vervangen, vernieuwen of het veranderen van bestaande bouwwerken en waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; 2.
een bouwwerk met een oppervlakte van ten hoogste 5.000 m² waarbij geen grond- of graafwerkzaamheden dieper dan 50 centimeter beneden het maaiveld plaatsvinden. Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
22
5.3. Ontheffing van de bouwregels 5.3.1. Ontheffing archeologisch onderzoek Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in sublid 5.2 onder a, ten behoeve van het bouwen, indien de aanvrager van de bouwvergunning een rapport heeft overlegd waarin wordt aangetoond dat de archeologische waarden van het terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate worden veiliggesteld. 5.3.2. Advisering over de ontheffing Alvorens de in lid 5.3.1 genoemde ontheffing te verlenen, vragen burgemeester en wethouders aan de archeologische deskundige om advies omtrent het criterium als bedoeld in lid 5.3.1. Bij een negatief advies verzoeken burgemeester en wethouders de archeologische deskundige de verder te nemen stappen aan te geven.
5.4. Aanlegvergunning 5.4.1. Aanlegverbod zonder vergunning Het is verboden op of in de gronden met deze dubbelbestemming zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (aanlegvergunning) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het uitvoeren van grondbewerkingen op een oppervlakte van meer dan 5.000 m² met een diepte van meer dan 50 centimeter beneden maaiveld, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; b. het ophogen van de bodem; c. het aanleggen, vergraven, verruimen en dempen van sloten, vijvers en andere waterpartijen; d. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; e. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of ander wijze indrijven van voorwerpen; f. het verlagen of verhogen van het waterpeil; g. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; h. het aanleggen van ondergrondse kabels en leidingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; i. het omzetten van grasland in bouwland. 5.4.2. Uitzondering op het aanlegverbod Het verbod van 5.4.1 is niet van toepassing, indien de werken en werkzaamheden: a.
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij het bepaalde in lid 5.2, onder a, in acht is genomen; b. een oppervlakte beslaan van ten hoogste 5.000 m² en de grondlagen dieper dan 50 cm beneden het maaiveld niet verstoren; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende aanlegvergunning of een ontgrondingsvergunning; e. ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. 5.4.3. Voorwaarde voor aanlegvergunningverlening Aanlegvergunning wordt verleend, indien: a. de aanvrager van de aanlegvergunning aan de hand van nader archeologisch onderzoek kan aantonen dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. de aanvrager van de aanlegvergunning een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld; c. de betrokken archeologische waarden, gelet op het rapport zoals onder b bedoeld, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de aanlegvergunning regels te verbinden, gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen; 3. het begeleiden van de bodemverstorende ingrepen door een archeologisch deskundige.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
23
5.4.4. Advisering over de aanlevergunning Alvorens de gevraagde aanlegvergunning te verlenen, vragen burgemeester en wethouders aan de archeologisch deskundige om advies omtrent de criteria als bedoeld in lid 5.4.3. Bij een negatief advies verzoeken burgemeester en wethouders de archeologisch deskundige de verder te nemen stappen aan te geven.
5.5. Sloopvergunning 5.5.1. Sloopverbod zonder vergunning Het is verboden bouwwerken die zich op gronden met deze dubbelbestemming bevinden zonder, of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (sloopvergunning) te slopen.
5.5.2. Uitzonderingen sloopvergunning Het verbod als bedoeld in lid 5.5.1 is niet van toepassing indien de sloopwerkzaamheden: a. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij het bepaalde in lid 5.2 onder b in acht is genomen; b. een oppervlakte hebben van minder dan 5.000 m² en de grondlagen dieper dan 50 cm beneden het maaiveld niet verstoren; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan. 5.5.3. Voorwaarde voor aanlegvergunningverlening Sloopvergunning wordt slechts verleend onder de voorwaarden dat: a. de sloopwerkzaamheden vanaf 30 cm boven het maaiveld en dieper worden begeleid door een archeologische deskundige; b. indien tijdens de begeleiding van de sloopwerkzaamheden archeologische vondsten van hoge waarde worden aangetroffen, hiervan terstond melding wordt gemaakt bij burgermeester en wethouders; c. indien zich een omstandigheid voordoet als bedoeld onder b, kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen omtrent het verdere verloop van de sloopwerkzaamheden om de aanwezige archeologische waarden veilig te stellen.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
24
Hoofdstuk 3: Algemene regels Artikel 6
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 7
Algemene regels met betrekking tot het bouwen
7.1. Bestaande maten a. De op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die meer bedragen dan in hoofdstuk II is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden. b. De op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die minder bedragen dan in hoofdstuk II is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden. c. In geval van herbouw is het bepaalde onder a en b slechts van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt. d. In geval dat toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikelen 3.3.7 is dit artikel niet van toepassing.
7.2. Overschrijding bouwgrenzen De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen in afwijking van de plankaart en Hoofdstuk II slechts worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, entreeportalen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding niet meer dan 2,5 meter bedraagt; b. tot gebouwen behorende erkers en serres, mits de overschrijding niet meer dan 2 meter bedraagt; c. andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 meter bedraagt.
7.3. Afstand geluidsgevoelige objecten tot wegen 7.3.1 Nieuwe geluidsgevoelige objecten In geval van nieuwe geluidsgevoelige objecten ingevolge rechtstreeks bouwrecht, ontheffing of planwijziging mag de afstand van een geluidsgevoelig object (inclusief aan- en uitbouwen) tot de as van de weg per wegvak zoals aangegeven op plankaart 17 van het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ - ter beperking van de geluidshinder niet minder bedragen dan de hieronder in de kolom 48 dB geluidscontour / maximale zonebreedte aangegeven afstand.
7.3.2. Bestaande geluidsgevoelige objecten Bestaande geluidsgevoelige objecten mogen worden herbouwd, waarbij – indien de afstand tot de as van de weg per wegvak zoals aangegeven op plankaart 17 minder bedraagt dan de hiervoor in de kolom 48 dB geluidscontour / maximale zonebreedte aangegeven afstand – de afstand van het geluidgevoelig object tot de weg niet kleiner mag worden dan de bestaande afstand. 7.3.3. Ontheffingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van de afstandseisen genoemd in lid 7.3.1 indien uit akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidsbelasting ter plaatse van een nieuw geluidsgevoelig object ten hoogste 48 dB bedraagt.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
25
Artikel 8
Algemene gebruiksbepaling
a. Het is verboden gronden te gebruiken of te laten gebruiken als uitstallings- of opslagplaats, of als stand-, of ligplaats voor kampeermiddelen, met uitzondering van de gronden die in hoofdstuk II daartoe zijn bestemd. b. Het is verboden gronden en bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de aan de grond gegeven bestemming, de bestemmingsomschrijving en de overige regels. c. Burgemeester en wethouders verlenen ontheffing van het bepaalde onder a of b, indien strikte toepassing van het verbod leidt tot beperkingen in het meest doelmatige gebruik die niet door dringende redenen worden gerechtvaardigd.
Artikel 9 Algemene ontheffingsregels a. burgemeester en wethouders kunnen – tenzij op grond van hoofdstuk II reeds ontheffing kan worden verleend – ontheffing verlenen van de regels in het plan voor: 1. afwijkingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10%; 2. overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3 meter bedragen en het bouwvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot; b. ontheffing wordt niet verleend, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden
Artikel 10
Algemene wijzigingsregels
Overschrijding bestemmingsgrenzen Burgemeester en wethouders kunnen de in het plan opgenomen bestemmingen wijzigen ten behoeve van overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3 meter bedragen en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot.
Artikel 11 Werking wettelijke regelingen De wettelijke regelingen, waarnaar in de regels van dit plan wordt verwezen, gelden zoals deze luidden op het moment van vaststelling van het plan.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
26
Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels Artikel 12 Strafbepaling Overtreding van het bepaalde in: a. artikel 3.6.1; b. artikel 3.6.2; c. artikel 4.4.1; d. artikel 5.4.1 is een strafbaar feit, zoals bedoeld in artikel 1a van de Wet op de economische delicten.
Artikel 13
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
27
Bijlage 1 Overzicht Nieuwe Economische Dragers (NED’s) ________________________________________________________________ Plaats en adres Activiteit oppervlakte (m2) _____________________________________________________________________________ Nieuwerkerk Nieuwe weg 3
hondentrainingsschool
221
Voor de locatie Nieuwe weg 3 geldt 221 m 2 voor de hondentrainingsschool. De bijbehorende trainingsweide maakt onderdeel uit van de hondentrainingsschool. De weide is onderdeel van de NED. De weide is niet meegenomen in bovenvermelde oppervlakte.
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
28
Bijlage 2 Positieve lijst NED’s
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
29
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
30
Bijlage 3 Landschappelijk inpassingsplan
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
31
Bijlage 4 Te slopen bebouwing
Bestemmingsplan Nieuwe weg 3 Nieuwerkerk, gemeente Schouwen-Duiveland
32