CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

20220712 Raadsbrief Project Energieke Gemeenten bijlage 4

Gemeenteraad 29 september 2022, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken8.030 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie van het traject Energieke gemeenten

Door: Lisanne Elshof (gemeente Schouwen-Duiveland) Datum: januari 2022

Inleiding Dit document evalueert het traject Energieke Gemeenten. Het is gebaseerd op 20 enquêtes die zijn ingevuld door gemeenten, op 11 interviews die zijn afgenomen bij samenwerkingspartners van dit traject door Baukje Bruinsma en Lisanne Elshof van gemeente Schouwen-Duiveland en op 10 interviews die zijn afgenomen bij collectieven door Sonja Nossent van ZeelandBruist. Deze evaluatie gaat in op hoe de verschillende partijen het traject ervaren hebben en belicht zowel de goede kanten alsmede de verbeterpunten. Daarnaast worden veel suggesties gegeven hoe het traject mogelijk (nog beter) vervolgd kan worden. Dit document bevat allereerst een samenvatting per vraag. In dit onderdeel is bij elke vraag in een tabel te zien hoe vaak elke meerkeuze optie is gekozen. Daarnaast staat er per vraag ook een tekstuele uitleg. Afhankelijk van de vraag is dit een beknopte samenvatting van veel gegeven antwoorden, opgesomde opvallende opmerkingen, opgesomde verbetersuggesties of een opsomming van alle opties die aangedragen werden. Er zijn 17 vragen in totaal. Ten tweede bevat dit document een beknopte eindconclusie met de belangrijkste punten. Samenvatting per vraag Vraag 1: De bedoeling van het Traject Energieke Gemeenten is om inwonerparticipatie in de warmtetransitie in Zeeland te stimuleren en praktisch te ondersteunen.

Vind je het een goed idee dat inwoners en inwonercollectieven kunnen meepraten over de warmtetransitie in hun wijk of dorp? Ja Nee # respondenten

Gemeenten 20 0 20

Samenwerkingspartners 11 0 11

Collectieven 9 1 10

Totaal 40 1 41

Opvallende opmerkingen: - Wat ik van inwoners terug hoor ‘wat is nou eigenlijk participatie en wat betekent dat dan? Wat kunnen we dan en mogen we dan?’ - Mits het geen Poolse landdag wordt. Dus nadruk op inwonercollectieven, niet op individuele inwoners. - Burgers moeten ook kunnen participeren, want natuurlijk moet het win-win worden: niet alleen grote bedrijven moeten gewin halen, maar ook lokaal mag er (financieel) winst gemaakt worden, en liefst coöperatief voor alle lokalen. Zie postcoderoosprojecten: als er geen verdiensten zijn, doen inwoners niet mee, zeker ouderen niet. Beknopte samenvatting van veelgenoemde opmerkingen: Het draagvlak is essentieel voor succes. Participatie kan het proces ook versnellen. Daarnaast gaat het om hun wijk/dorp en hun woningen, je komt echt achter de voordeur, waarbij ‘wat wij bedenken moeten zij betalen’. Participatie zal pas echt aandacht gaan krijgen in de wijkuitvoering, nu leeft het nog te weinig. Vraag 2: Vind je dat het Traject Energieke Gemeenten handvatten geeft voor inwonerparticipatie in de warmtetransitie? Ja Een Beetje Niet Weet niet # respondenten

Opvallende opmerkingen:

Gemeenten 13 5 0 2 20

Samenwerkingspartners 7 1 1 2 11

Collectieven 5 4 0 1 10

Totaal 25 10 1 5 41

-

-

-

Diegene die het onderwerp belangrijk vindt weet doorgaans wel welke wegen hij kan bewandelen, het is vooral zaak die inwoners te betrekken die nog minder of zelfs niet geïnteresseerd zijn. Of dit traject daarvoor helpt is de vraag.... Van onderop is er niet zoveel response of reactie op het programma en het verbaasd mij dat de sociale warmte atlas die is blijkbaar aan het begin van het traject opgesteld maar hij is nooit bij mijn weten geactualiseerd en voorgelegd aan de inwonerscollectieven zelf? Dorpsraden kennen de atlas niet terwijl je hen kan vragen om deze aan te vullen. Wat ik waargenomen heb is dat bij het Doe & Leer Lab er op het begin best veel mensen bij waren, gemotiveerde vrijwilligers, die kwamen vol enthousiasme binnen. Die kregen wel voorbeelden wat ik heel goed vond maar ze kregen eigenlijk geen hulp. Er was geen luisterend oor van wat zijn jullie drijfveren, wat willen jullie nou en hoe kunnen wij jullie als groep helpen. Dit gebeurde niet of niet genoeg. Hierdoor zag ik in de loop van de sessies dat de verhouding ambtenaren en zzp adviseurs de overhand namen ten opzichte van de mensen die je denk ik wilde bereiken. […] De doelgroep moet de coöperaties zijn (en die hebben niet alleen maar kennisdeling nodig maar ook concrete handvaten om aan de slag te gaan).

Beknopte samenvatting van veelgenoemde opmerkingen gemeente en samenwerkingspartners: Het is een goed initiatief om ervaringen, zowel van binnen als buiten Zeeland, op een centrale plek te delen en ook vindbaar te maken. Het werkt inspirerend/ ondersteunend bij participatie. Het traject is misschien iets te vroeg gestart (de TVW’s zijn pas net klaar). Het traject was met name voor bewustwording en om de partners/ professionals klaar te stomen voor participatie. Voor hen werden goede tools aangereikt. Het is echter nog niet uitreikend naar inwoners. De slag naar de inwoners moet nog gemaakt worden. Samenvatting van antwoorden collectieven: Het helpt bij participatie aan beide kanten, zowel de gemeenten als inwonergroepen. De voorbeelden die wij horen helpen ons vooruit. Achter de voordeur te komen is wel een uitdaging voor inwonercollectieven daarom is het beleid van de gemeente weten belangrijk voor ons en hier willen wij ook graag invloed op hebben. Nu twijfelen wij daaraan en wij willen terugkoppeling wat met onze input gebeurd. Daarnaast is voor initiatieven de eerste stap zetten het grootste probleem en daar kan de gemeente misschien in meewerken. Er is momenteel wel samenwerking binnen gemeente, maar niet zo met buiten.

Vraag 3: Bezoek je wel eens de webpagina 'Meepraten'? Gemeenten Ik heb de webpagina eenmalig bezocht Ik bezoek de webpagina af en toe Ik bezoek de webpagina regelmatig Ik bezoek de webpagina nooit # respondenten

3 9 0 6 18

Samenwerkingspartners 1 6 2 2 11

Collectieven

Totaal

4 3 0 2 9

8 18 2 10 38

Opvallende opmerkingen: - Hij is niet super goed onder de aandacht gebracht waardoor ik hem heb gemist en dat is wel jammer. - Op deze site het woord “participatie” gebruiken en niet “inwoners” want deze site is voor de gemeenten en niet voor de inwoners bedoeld. - Ik probeer hem te promoten maar ik denk dat burgers hem niet kennen. Beknopte samenvatting van veelgenoemde opmerkingen: Nooit doordat sommigen niet van het bestaan af wisten. Nooit of eenmalig door tijdsgebrek. Anderen gebruiken de webpagina af en toe om even te kijken of er iets relevants op staat.

Vraag 4: Hoe ken je de webpagina ‘Meepraten’? Nieuwsbrief Zeeuws Energieakkoord Bijeenkomsten Energieke gemeenten Subtafel TVW Flyer Energieke gemeenten Door een collega Ik ken de webpagina niet Overige (geef nadere toelichting) # respondenten

Gemeenten 5 8 7 0 1 5 1 18

Samenwerkingspartners 1 2 0 1 0 2 6 11

Collectieven 0 4 0 0 0 3 4 9

Totaal 6 14 7 1 1 10 11 38

Opmerkingen bij overig: - Zijdelings betrokken bij het traject en de vulling ervan - Via google door het intypen van Sociale Warmte Atlas kom ik erop terecht maar verder ken ik de webpagina eigenlijk niet - Vanaf het begin betrokken geweest (dit antwoord is 6 keer ingevuld) - Door Sonja - Door de Lanceringsbijeenkomst in jan 2021 - Ik kende wel de ZEA-website, maar ik had deze webpagina nog niet eerder gezien en bekeken - Probleem voor ons is dat er weinig intentie is bij de Raad en burgers om iets te doen, het is goed om inspiratie op te doen maar wij kunnen het niet inzetten, de websites worden geschreven voor ons en het is preken voor eigen parochie, het taalgebruik voor minimaal havo hbo en richt zich te weinig op de gewone bewoner. Daarnaast hebben wij vooral behoefte aan meer sturing vanuit de gemeente. Vraag 5: Kan je op de webpagina 'Meepraten' gemakkelijk de informatie vinden die je nodig hebt? Ja Nee Soms # respondenten

Gemeenten 8 5 5 18

Samenwerkingspartners 8 0 1 9

Collectieven 0 0 9 9

Totaal 16 5 15 36

Beknopte samenvatting: Het is een zoektocht om op de webpagina te komen maar eenmaal op de pagina is het wel duidelijk. Dit geldt vooral voor als je vanaf het begin betrokken bent geweest, zo niet dan zal de webpagina minder duidelijk zijn. Verder geven meerdere mensen aan de webpagina tot nu toe nog niet nodig gehad te hebben maar het wel in de toekomst te willen gebruiken. Dit geldt ook voor collectieven als ze uit hun afwachtende rol zijn ten aanzien van de warmtetransitie. Daarnaast geeft iemand aan dat er zoveel informatie op hem/haar afkomt, vanuit verschillende hoeken, over de energietransitie, dat er soms vergeten wordt dat dit er ook nog is. Iedere keer een voornemen om er meer mee te doen want het is heel fijn dat de webpagina een behoorlijk volledig overzicht biedt van alle informatie/tools/ervaringen et cetera. Suggesties voor verbetering: De titel ‘meepraten’ is misleidend, stel je wilt meepraten en opent de website dan kom je op bijvoorbeeld een participatietoolkit, dit is voor ambtenaren en niet voor de burgers dus dat is verwarrend. Dit geldt ook voor de Sociale Warmte Atlas. Het is niet bedoeld voor mee te praten maar hoe dit in te richten. Daarnaast is dit nog geen website voor de inwoner. De termen zoals Sociale Warmte Atlas is nog wel ambtenaren taal.

Tekst meer praktisch en toegankelijk neerzetten als je het voor inwoners wilt, waarschijnlijk ook te ambtelijk voor inwonerinitiatieven.

Vraag 6: Op de webpagina 'Meepraten' van de website van het Zeeuws Energieakkoord staan de drie hulpmiddelen: de Sociale Warmte Atlas Zeeland, de Participatie Toolkit en het Doe & Leer Lab. Maak je wel eens gebruik van een of meer van deze hulpmiddelen? Geef aan welke (meerdere vakjes kun je aanvinken). Sociale Warmte Atlas Zeeland Participatie Toolkit Doe & Leer lab Ik maak geen gebruik van deze hulpmiddelen (geef nadere toelichting) # respondenten

Gemeenten 9 8 11 6

Samenwerkingspartners 4 3 5 3

Collectieven 2 3 5 3

Totaal 15 14 21 12

18

11

9

38

Beknopte samenvatting van opmerkingen waarom het niet gebruikt wordt: Bij gemeenten is het vooral omdat ze nog niet zover zijn in het proces, ze zien het wel als iets om later te gaan gebruiken. Ook speelt tijdsgebrek een rol en het raadplegen van andere bronnen (zoals ECW). Bij samenwerkingspartners wordt aangegeven dat zij het in hun werk niet nodig hebben. Bij collectieven wordt door een collectief aangegeven dat ze niet zo actief zijn met de warmtetransitie maar dat als er een initiatief komt het wel handig is om ze daarnaar door te kunnen verwijzen en een ander collectief geeft aan het niet zinvol te vinden (hier stond helaas geen toelichting bij).

Vraag 7: Wat vind je van de Sociale Warmte Atlas Zeeland en heb je suggesties ter verbetering? Goed Matig Slecht Ik gebruik deze niet # respondenten

Gemeenten 7 0 1 10 18

Samenwerkingspartners 6 1 0 4 11

Collectieven 4 1 1 3 9

Totaal 17 2 2 17 38

Suggesties ter verbetering: Er zijn suggesties voor verbeteringen over de naam (het is niet in één opslag duidelijk wat het is en wat het doet), over aanvullingen in de Atlas (zie hieronder) en over de actualisatie ervan (zie hieronder). Daarnaast wordt aangegeven dat het goed is om er meer over te communiceren/ onder de aandacht te brengen en daarbij ook oog te hebben voor de praktische kant ervan, dus wat heb je eraan of wat kan je ermee doen. Verder geven sommige collectieven aan het niet nodig te hebben omdat ze hun dorp/ kern goed kennen, maar voor gemeenten en samenwerkingspartners is de tool wel erg fijn. Aanvullen: - Gebruik de gemeentegids om de warmteatlas mee te vullen. - Nog meer lagen toevoegen. - Op termijn zou iets meer detail niveau aardig zijn. Van dorpsniveau naar wijk, buurt en straatniveau. - Het zou fijn zijn als de sociale warmte atlas gekoppeld wordt met de warmte transitiekaart, dat je die lagen over elkaar kan zien liggen. - Aanscherping naar actieve sociale warmte en potentie tot sociale warmte. - Atlas is in de TVW-Commissie gebruikt om te bepalen waar te beginnen: woningen met beste energielabel of juist slechtste energielabel (wat is het echte laaghangend fruit?). NB labels zijn vaak verouderd. Combinatie van bouwjaar woningen en energieverbruik is dan behulpzaam. Dan kan gemeente 'informatie op maat' per energielabel aan inwoners verstrekken.

Maar... data over energieverbruik kunnen energiebedrijven vanwege privacy helaas niet aan gemeenten verstrekken. Verbetersuggestie: kan dat via de Atlas wel?

Actualisatie: - Je moet eigenlijk kunnen kijken of een bepaald (nieuw) initiatief erin staat en zo niet dan moet die erin komen te staan. - Er is geen terugkoppeling vanuit het project naar dorps-, wijks- en stadsraden om door te geven als hierin wijzigingen zijn. - Het is te weinig bekend hoe je op die Sociale Warmte Atlas komt, het is goed dat het er is maar als je teveel moeite moet doen om erop te komen dan gaat het over om deel te nemen.

Vraag 8: Wat vind je van de Participatie Toolkit en heb je suggesties ter verbetering? Goed Matig Slecht Ik gebruik deze niet # respondenten

Gemeenten 12 1 0 5 18

Samenwerkingspartners 3 1 1 6 11

Collectieven 4 1 1 3 9

Totaal 19 3 2 14 38

Suggestie voor verbetering: In het algemeen blijft het lastig kiezen, wat is voor onze situatie nu de beste? Veel mensen geven aan in deze tool door de bomen het bos niet meer te zien, 70 tools is (te) veel. Er zijn verschillende ideeën aangedragen om de keuze makkelijker/ overzichtelijker te maken: een keuzemenu/ keuzehulp, een voorselectie en een beslisboom, kijken met ambtenaren waar ze echt behoefte aan hebben en dan kiezen en maar 3 of 4 tools aanbieden, of maak een samenvattend handleidinkje: hoe gebruik je de Toolkit en toelichting op de werking van filters en trefwoorden (= verwachtingen managen, bijvoorbeeld dat je niet één, maar meerdere items te zien kunt krijgen). Daarnaast wordt aangegeven dat de Zeeuwse voorbeelden (en die van andere, vergelijkbare plattelands gebieden) prominenter naar voren mogen komen qua presentatie en inhoud. En dat een actievere mogelijkheid om met anderen in contact te komen fijn zou zijn, zo kun je onder andere informeren naar de voors en tegens. Ook wordt de suggestie gegeven om praktijkverhalen in het algemeen meer eruit te laten springen of een eigen onderdeel te maken (dus niet meer in de participatietoolkit).

Overige verbeter suggesties zijn: het is nu alleen tekst en je wilt wat meer met beelden werken, het taalgebruik mag simpeler, goede door-linkers want de tekst in de tool is te summier en daarop kan je vast lopen, meer handvaten geven voor governance en de gevolgen daarvan (bijvoorbeeld bij verhuizen). Ook wordt aangegeven dat de PAW webinars geeft waarbij ze ingaan op de knelpunten rondom participatie die heel waardevol zijn. Als je deze koppelt aan methodieken dan heb je voorwaarden voor succes. Die succesvoorwaarden zichtbaar maken zou een mooie aanvulling zijn. Verder wordt er een suggestie gegeven voor hulp voor het starten met inwonerparticipatie, bijvoorbeeld een stappenplan plus een aantal basics, zoals participatieladder, ABCD-methode en de ‘beste’ documenten waarmee men desgewenst verder kan zoeken. Eén collectief geeft aan dat ze er niet naar kijken omdat het teveel online is, al vinden ze het wel goed om de verhalen erachter te horen via het Doe & Leerlab. Zij zijn graag concreet bezig, bijvoorbeeld interview van bewoners die al wat gedaan hebben verspreiden. Ze zouden graag ervaringen van andere bewonersgroepen horen.

Vraag 9: Wat vind je van de Terugblikken op de webpagina van het Doe & Leer Lab en heb je suggesties ter verbetering? Goed Matig Slecht Ik gebruik deze niet # respondenten

Gemeenten 10 3 0 5 18

Samenwerkingspartners 2 0 0 9 11

Collectieven 6 0 0 3 9

Totaal 18 3 0 17 38

Suggesties voor verbetering: Meerderen geven aan het fijn te vinden dat er een terugblik is. Echter zijn er ook meerdere suggesties voor verbetering aangedragen. Als we naar de inhoud kijken wordt aangeven dat de sheets hier gedeeld zouden kunnen worden, dat het een idee is om de presentaties (per onderdeel) op te nemen zodat het terug te kijken is en geeft iemand aan dat het te veel tekst is en suggereert om een tekenaar een samenvatting te laten tekenen. Een ander geeft aan alleen aan de agenda en quotes niet zoveel te hebben maar dat bij sommige terugblikken er wel bestanden staan, zoals een leidraad, en dat dat handig is. Echter staan die wel erg verstopt. Verder wordt aangegeven dat de terugblikken erg achterlopen waardoor je er niet meer naar gaat kijken en je zo lezers kwijtraakt, wat zonde is. Vraag 10: Heb je wel eens deelgenomen aan bijeenkomsten en excursies van het Doe & Leer Lab? Gemeenten Ja Ik heb niet eerder deelgenomen, maar ik wil in de toekomst wel deelnemen Ik ken de bijeenkomsten en excursies van het Doe & Leer Lab niet Ik vind het niet interessant om deel te nemen # respondenten

Collectieven

Totaal

15 3

Samenwerkingspartners 11 0

7 0

33 3

0

0

1

1

0 18

0 11

1 9

1 38

Indien ja, hoe vaak heb je deelgenomen? Antwoorden op deze vraag heel wisselend, van 1 keer tot (bijna) altijd aanwezig. Opmerkingen waarom niet wordt deelgenomen: Er wordt aangegeven dat dit komt door tijdsgebrek of het tijdstip want niet handig uitkomt. Eén persoon geeft aan dat participatie gewoon direct in het veld toegepast moet worden en dat de toolkit vooral voor ambtenaren is (waarbij voorbeelden delen wel belangrijk is). Participatie leer je al doende en je moet gewoon op pad gaan, hier is nu weinig van te merken. Vraag 11: Hoe heb je deze bijeenkomsten en excursies ervaren? Goed Matig Slecht N.v.t. (ik heb niet deelgenomen) # respondenten

Gemeenten 13 2 0 3 18

Samenwerkingspartners 10 1 0 0 11

Collectieven 7 0 0 2 9

Opmerkingen wat vond je goed en/of minder goed en heb je verbeteringen:

Goed:

Totaal 30 3 0 2 38

De sessies waren goed voorbereid en de agenda werd strak aangehouden. Er waren veel inspirerende (praktische) voorbeelden en daarbij was het fijn om vragen te kunnen stellen aan ervaringsdeskundigen. Ook kwam een dialoog hierdoor op gang. Er vond veel uitwisseling plaats van kennis, voorbeelden en ideeën. Goed dat er ook voorbeelden waren van elders uit het land. Daarnaast hebben mensen een breder netwerk kunnen krijgen met mensen vanuit verschillende organisaties. De sessies straalden veel energie uit en er was een goede afwisseling van programma onderdelen. Het spoorde aan om mensen na te laten denken van ‘dat kan ik ook’ of ‘dat moet ik eens ga nalezen’. Minder goed: Soms was het programma te vol. Er was te weinig tijd vrijgemaakt voor de discussies. Sommige voorbeelden waren wel leuk om te horen maar dan kan je er niet echt iets mee (bijvoorbeeld casussen over warmtenetten) aangezien deze niet passen bij mijn gemeente of Zeeland. Sommige voorbeelden waren ook al vaker gehoord door mensen die werkzaam zijn in de energietransitie en maken het een herhaling. Verder werd de ongeorganiseerde burger gemist, die wil je inspireren om een initiatief te starten. En maak het interessant voor de collectieven en dat zij echt kunnen klankborden. Nu is het vooral kennisuitwisseling en zenden maar meer dialoog zo goed zijn, meer in out break rooms.

Verbeter suggesties: Voor een online bijeenkomst is 2 uur eigenlijk te lang, het zou maximaal 1,5 uur moeten duren. Soms was het programma ook erg vol en was het fijn geweest als gezorgd werd dat de discussie meer op gang kon komen door hier meer tijd voor vrij te maken. (Meer) stellingen voor het creëren van interactie was leuk geweest. Door corona is het natuurlijk allemaal online geweest maar er is wel veel de behoefte uitgesproken om eens in de zoveel tijd fysiek bij elkaar te komen. Op die manier is nog meer uit te halen door ook de kleine gesprekken ervoor of na, online gaat dit natuurlijk niet. Ook spar sessies werken dan beter. Daarnaast waren sommigen voorbeelden vaker gehoord en spraken daardoor minder aan. Verder blijft het nu nog teveel in de voorbeeld sfeer, wij moeten nu naar een volgende stap en aan de slag gaan. We moeten naar de klankboordgroep en gaan doen. We moeten onze eigen voorbeelden gaan maken. Tevens werd het voorstel aangedragen om een paar voorbeeldprojecten ook lokaal te presenteren voor vertegenwoordigers van gemeente, dorpsraad en geïnteresseerden. Een andere verbetersuggestie die werd geopperd is om naast presentaties ook in groepjes samen te kauwen op een vraagstuk door gemeenten en inwonersgroepen.

Los van de inhoudelijke opbrengst ervaren de deelnemers zo de voordelen van het proces van 'samen en op gelijke voet in gesprek zijn' en (beter) kunnen inleven in elkaars positie. Voor excursie op 20 januari is bijvoorbeeld interessant: vooraf een vraagstuk bedenken en aan iedereen toesturen om over na te denken + dan in groepjes bespreken + plenair bevindingen bundelen en mee afsluiten. Als laatste werd nog genoemd dat ervoor gezorgd moet worden dat meer inwonercollectieven weten dat het Lab met de bijeenkomsten en excursies bestaan. Zo merken ze dat ze niet zelf alle wielen hoeven uit te vinden. Vraag 12: In het Traject Energieke Gemeenten wordt met vele partners en initiatieven samengewerkt. Hoe belangrijk vind je de samenwerking met deze partners en initiatieven? Belangrijk Een beetje belangrijk Onbelangrijk # respondenten

Opmerkingen:

Gemeenten 16 2 0 18

Samenwerkingspartners 11 0 0 11

Collectieven 7 1 0 8

Totaal 34 3 0 37

Bijna iedereen geeft aan de samenwerking belangrijk te vinden. We moeten het samen doen, het is een sleutel tot succes, het zorgt voor kruisbestuiving, mensen en netwerken maken de transitie. Het zorgt voor zichtbaarheid, kennisdeling en kennisontwikkeling. Er wordt vaak aangegeven dat het belangrijk is om te weten wat andere partijen doen om van elkaar te leren niet zelf het wiel te hoeven uitvinden. Maar er is ook vraag naar hoe de taken onderling verdeeld kunnen worden, het is onoverzichtelijk geworden wie wat doet. En er wordt aangegeven dat we moeten oppassen niet teveel los zand te zijn en oog te hebben voor waar iedereen mee bezig. Er is dus behoefte aan overzicht wie waarmee bezig is en wat de taakverdeling/ rollen van elke partij zijn. Daarnaast wordt meermaals aangegeven dat we elkaar moeten versterken in plaats van met elkaar te concurreren. Iemand geeft aan dat het belangrijk is dat er veel verschillende mensen aan werken want burgers hebben ook verschillende invalshoeken, dus elke partij spreekt misschien (deels) een andere groep aan. Verder wordt aangegeven dat we moeten opletten om nieuwe projecten of dingen die oppoppen ook in het vangnet te krijgen, dus constant openstaan voor nieuwe initiatieven en zzp’ers. Met een kritische noot wordt aangegeven dat samenwerking wel belangrijk is maar dat we sommige partijen niet belangrijker moeten maken dan ze zijn.

En een respondent geeft aan dat het goed is dat het open staat voor meerdere partners en ook ten behoeve van de ontwikkeling van de producten goed als projectorganisatie maar diegene verwacht dat een brede, langdurige projectorganisatie in de toekomst niet noodzakelijk is. Vraag 13: Mis je nog één of meer partners waarmee samengewerkt zou kunnen worden? Ja, zie opmerkingen Nee # respondenten

Gemeenten 5 13 18

Samenwerkingspartners 6 5 11

Collectieven 3 5 8

Totaal 14 23 37

Wie worden gemist: -

-

-

-

Aannemers en installateurs. Lokale groepen die niet als inwonersparticipatie kan worden gezien (bijvoorbeeld wijkgroepen, dorpstafels, etc. die wel een samenhang hebben, maar bijv. wegens combinatie dagelijks werkvrijwilligerswerk niet aanwezig kunnen zijn). Die zullen er vast en zeker zijn. Het is vooral goed om wanneer je met een wijk of kern aan de slag gaat een stakeholders analyse te maken. Er wordt samen gewerkt met Marsaki. Echter gezien concurrentie verhoudingen is het misschien een idee om ook nog andere bedrijven uit te nodigen om mee samen te werken. de ongeorganiseerde burgers. ZVKK was wel uitgenodigd maar niet elke keer aan tafel. We moeten ook meer wijks- en dorpshuizen gaan betrekken om te luisteren wat ze nodig hebben. Bedrijven, onderwijs en jongeren zouden betrokken kunnen worden. Het zou fijn zijn als er vanuit duurzame dorpen altijd 1 iemand aanwezig is. De inwonerscollectieven zijn vaak ook niet aanwezig en dat is omdat het ’s ochtends plaatsvindt en die werken dan omdat het vrijwilligers zijn. Maar dit zijn verhalen die ook voor hun interessant zijn. Dus mogelijk naar de avond verplaatsen? Je heb ook mensen nodig op andere terreinen dan het sociale domein. Ook op technisch terrein zoals mensen van de buitendienst. Ook op het dorp, hoe klein ook, je ziet altijd een rolverdeling. Mensen in de techniek spreken een andere taal dan in de zorg & welzijn.

Het probleem van de bewoners moet je centraal stellen, dan heb je techneuten nodig om die problemen op te lossen. Dus je redt het niet alleen met sociale mensen en niet alleen met techneuten dus je hebt ze samen nodig. Daarom was het niet handig van gemeenten te wachten om naar de inwoners te gaan. De TVW had het probleem van de inwoners moeten zijn en de wijkuitvoeringsplannen had de oplossing moeten zijn. Het zou mooi zijn als de Zeeuwse installatiebedrijven ook iemand hadden afgevaardigd, maar ik weet niet of zij zich georganiseerd hebben. Of een subgroep van Energiek Zeeland (vanuit isolatie bijvoorbeeld). Het zou mooi zijn als zij mee denken omdat zij degene zijn die zouden kunnen zeggen van ‘koop gewoon een CV ketel als het fout gaat’. Het maakt nogal wat uit als de monteur in je straat zegt van je moet niet beginnen aan zo’n warmtepomp. Het is overwegen waard of je naast gemeenten, inwoners, ook installatiebedrijven wilt laten aansluiten. Ook zou je de vele kleinere coöperaties niet moeten vergeten omdat het ‘maar’ kleine coöperaties zijn; dat is een cirkelredenering want als je ze niet informeert dan hebben ze te weinig kennis en handelingsperspectief en dan blijven ze ook klein. Echter, de postcode rozen zou ik niet aanbevelen want dit

-

-

-

-

-

gaat veel deelnemers slechts maar om het percentage opbrengst die ze opbrengen. Maar Adrie Neufeglise had wel uitgenodigd kunnen worden, hij weet ook hoe hij mensen in beweging krijgt. Het was fijn om te weten waar zijn jullie mee bezig en om te zorgen dat wij niet hetzelfde gaan doen maar dat het complementair is en elkaar versterkt. Voor ons was het jammer dat de kwartaalsessies voor een beperkt publiek waren terwijl onze doelgroep altijd heel breed is. Hierdoor kon niet iedereen van onze PNZ achterban aansluiten maar tegelijkertijd hadden wij van wij gaan niet doen wat jullie al doen, dus daarom was het jammer. Voor ons was het wel interessant om tijdens de sessies ook te luisteren van hoe reageren de deelnemers erop. De welzijnsorganisaties missen (bijvoorbeeld SMWO). Zij hebben kennis over bepaalde wijken. Onderwijs mist nog: HZ + Scalda + UCR. Scalda is erg op zoek naar vraagstukken voor studenten om mee aan de slag te gaan. Dat willen ze graag integraal: binnen Scalda diverse opleidingen verbindend + ook met HZ. Energie Samen + KNMI (daar valt veel info te halen over energie en klimaatverandering). ZVKK zou rol kunnen / moeten vervullen naar dorpsraden en in communicatie tussen dorpsraden en gemeenten, maar het hangt vaak op personen (eigen netwerken, onderlinge vetes e.d.). Dorpsraden: hen informeren over wat er gebeurt bij Energieke Gemeenten. Postcoderoosprojecten.

En landelijke advies- en energiebureaus: voor professionele ondersteuning en advisering. Bijvoorbeeld Zweeko, Haskoning, Nieman. Wanneer je naar de praktijk moet, meer praktijkmensen en minder beleidsmensen betrekken. Het zijn al veel partners dus prima zo, wel belangrijk een goede relatie met de gemeente opbouwen, het is belangrijk dat de gemeente keuzen maakt en ons daarbij betrekt, bijvoorbeeld een warmtenet of wanneer de gemeente van het gas afgaat, dan is makkelijk om mede bewoners te activeren voor de bewoners groep. Wij willen dat de gemeente met ons in gesprek gaat per wijk welke mogelijkheden er zijn om warmte te onttrekken uit de omgeving, op 17 januari dan heeft [naam] een teams met de wijk. De ontwikkelingen rondom een warmtenet leveren onrust op omdat wij niet in een draagkrachtige wijk wonen zoals blijkt uit de sociale warmte atlas. Een warmtenet is veel te duur, de aansluitkosten zijn te hoog. Wordt de toekomst groen waterstofgas of gaan we naar (buurt) warmtepompen, je wilt voorkomen dat mensen investeringen doen waar ze later spijt van hebben. Deze ontwikkelingen lijken meer betaalbaar!

Vraag 14: Geef aan welke van de drie hulpmiddelen voor inwonerparticipatie actueel gehouden en beschikbaar moeten blijven op de webpagina 'Meepraten' op de website van het Zeeuws Energieakkoord (meerdere vakjes kun je aanvinken). Sociale Warmte Atlas Zeeland Participatie Toolkit Doe & Leer lab # respondenten

Gemeenten 13 15 12 17

Samenwerkingspartners 10 9 10 11

Collectieven 5 5 7 7

Totaal 28 29 29 35

Beknopte samenvatting: Alle drie zijn ze relevant, zeker als we naar de uitvoering toe gaan dus hou ze beschikbaar en actueel. Het zou zonde zijn dit werk weg te gooien. Daarnaast kunnen de gemeenten de werkwijzen, succesverhalen, valkuilen en de problemen waar ze tegenaanlopen met elkaar delen via de website en/of via de Doe & Leerlabs, deze verhalen zo praktisch mogelijk neerzetten. Verder moet een duidelijke rolverdeling afspreken met andere partijen zoals dorpen voor morgen en de participatiecoalitie zodat zaken niet dubbel gedaan worden. Het is ook goed om de kleinere initiatieven te informeren over de participatietoolkit (vooral de meest praktische en toegankelijke tools hieruit). Daarnaast pakken mensen vaker op wat ze voelen dan wat ze lezen, een inspirerend voorbeeld (bezoeken) werkt dus beter en hier kan meer focus op gelegd gaan worden en wat minder op alle presentaties. De TVW is opgesteld zonder de inwoners en dat is een gemiste kans, het was aanbodgericht. Als je verder gaat en meer richting de wijken dan zal het vraaggericht moeten gaan worden. Het zou goed zijn als mensen in de Sociale Warmte Atlas gaan gebruiken om te kijken hoe het ergens anders gaat en dat daarin ook kunnen zien wie ze kunnen bereiken met vragen hierover. ‘Wie gaan er straks aan de slag met de transitie?’ Om dit van onderop aan de gang te krijgen zijn er nog meer inspanningen nodig.

Vraag 15: Welke vervolgactiviteiten in de Zeeuwse warmtetransitie spreken jou aan (meerdere vakjes kun je aanvinken)?

Een online interactief platform voor uitwisseling van kennis en ervaring over inwonerparticipatie in de Zeeuwse warmtetransitie Bijeenkomsten en excursies voor uitwisseling van kennis en ervaring over inwonerparticipatie in de Zeeuwse warmtetransitie Een Zeeuwsbrede pool van onafhankelijke professionele procesbegeleiders ten behoeve van de Wijkuitvoeringsplannen Een Zeeuwsbrede pool van getrainde buurtcoaches om inwonerparticipatie in de Wijkuitvoeringsplannen te stimuleren en te ondersteunen Kennisuitwisseling via de subtafel TVW # respondenten

Gemeenten 10

Partners 5

Collectieven 7

Totaal 22

8

11

7

26

9

8

4

21

8

10

4

22

10 17

4 11

4 7

18 35

Beknopte samenvatting: Gemeenten: Reacties zijn erg wisselend, van ‘Eigenlijk alles!’ tot ‘Geen dingen optuigen/extra instellen (en zeker niet die we wellicht niet nodig hebben). Of er al professionele procesbegeleiders zijn is voor mij al een verrassing...’. De gemeente moet aanbesteden als ze iemand willen inhuren, zomaar toebedelen kan niet. Een ander geeft aan laten we eerst ervaring opdoen met het gebruik van de ontwikkelde tools en instrumenten. Een platform zou onder de vlag van MAEX kunnen vallen maar is geen kerntaak voor de warmtetransitie en de ontwikkeling van pools is iets voor commerciële partijen. Weer een ander geeft aan hier graag met collega’s over te discussiëren omdat er twijfels zijn over bepaalde opties. Samenwerkingspartners: Staan over het algemeen kritisch tegenover een online interactief platform door; teveel platforms en dan door de bomen het bos niet meer zien, welke groepen gaan hier gebruik van kunnen maken en op welke manier?, Is hier wel behoefte aan?, Welke functies moet het krijgen?, Vraag inwoner initiatieven wat ze ervan vinden en gaan mensen dit gebruiken?, Werkt dit wel?, Voorstander om aan te sluiten bij structuren die er al zijn, Je kan beter gewoon het veld ingaan. Als je het doet dan breed maken voor meerdere transities en je kan hiermee wel aan de informatiebehoefte van inwoners voldoen.

Iedereen staat positief tegenover bijeenkomsten en excursies, vooral als het (af en toe) fysiek kan. Bijvoorbeeld ter plekke waar mensen als iets gedaan hebben. Suggestie om één keer per jaar een ‘Energiek Festival’ organiseren. Daarnaast zorgt het voor een waardevol netwerk en houdt het de club bij elkaar. Pool van procesbegeleiders is interessant omdat je daar hoort over verschillende projecten en zij onderling contact hebben. Ze zouden plat Zeeuws moeten kunnen spreken, misschien moeten we zelf mensen hiervoor opleiden? Het is goede bron om uit te kunnen putten. Maar ook… voorzichtig in zijn want de professionaliteit kan in de weg gaan staan van betrokkenheid en inzet van vrijwilligers en het kost veel geld. Ook is het nogal een ambitie voor een provincie met weinig inwoners wat het moeilijk kan maken. Probeer ze wel te vinden en betrek ze maar of het een pool moet zijn… Tegenover een pool van getrainde buurtcoaches staat bijna iedereen heel positief. Het werkt aan twee kanten want het helpt in de wijkuitvoering maar het zorgt er ook voor dat de mensen

groeien. Verder geeft iemand aan dat het een manier is om dicht bij de voordeur te komen. Maar er zijn meerdere methodieken om dit te bereiken dus welke kies je? En misschien werkt de ene methodiek beter in ene dorp dan in het andere dus bevraag de dorpsraad/ sleutelfiguur van welke aanpak werkt in jullie dorp? Een andere respondent zegt dat dit beter werkt dan het vorige punt want buurtcoaches kennen de wijk en omgeving en daarvan neem je als inwoner sneller dingen aan. Ze staan dichtbij de inwoners. Er wordt de suggestie gegeven dat het interessant is om te kijken of verschillende bewoners initiatieven hierin een cursus aangeboden kunnen krijgen. Maar er wordt ook gezegd dat je ze niet moet ‘trainen’ maar belonen (met leuke dingen doen en waardering), met trainen zegt je dat ze het nog niet goed kunnen en daarmee moet je voorzichtig zijn. Collectieven: Elk collectief staat positief tegenover een platform maar er zijn er wel al veel. Dus één samenwerking met een integraal platform gelinkt aan de ‘vitale leefomgeving Zeeland’ met meerdere thema’s waar zowel gemeenten, bedrijven, onderwijs en burgers in mee kunnen doen. Of gericht op professionals en ‘semi-professionals’ waar inwonerscollectieven behapbare informatie en FAQ’s kunnen vinden om te gebruiken richting inwoners met de mogelijkheid om iemand hierover te kunnen spreken.

Allen staan ook positief tegenover bijeenkomsten en excursies. Er is behoefte aan kennis en kennisdelen (vooral praktisch) en netwerken. Het zou fijn deze (soms) in de avond te organiseren zodat mensen die werken ook kunnen aansluiten. De onafhankelijke professionele procesbegeleiders vinden de meesten interessant. Het samenspel tussen gemeente en inwonergroep krijgt dan begeleiding en een trekker. Zij zouden duidelijk aanwezig moeten zijn in buurten en ervaring moeten hebben met de materie. Maar het hoeven niet alleen professionals te zijn zolang ze de hoed en de rand weten. Ze moeten inderdaad onafhankelijk zijn en individuele inwoners kunnen begeleiden in hun proces. Ze moeten coördineren, op planning werken en veel informatie kunnen doorprikken. De meesten vinden ook de getrainde buurtcoaches interessant. Het is behulpzaam als zij een duidelijke steunstructuur krijgen de lijntjes kennen. Zij kunnen ook gemeenten tot activiteiten stimuleren en ondersteunen en daarnaast inwoners mobiliseren. Maar hoe/door wie worden zij opgeleid? Iemand geeft ook aan dat ze wel een zekere professionele achtergrond moeten hebben, open minded moeten zijn, elk gesprek zullen aangaan en naar besluiten toewerken. Het moeten geen activiteiten zijn want dan haken inwoners af.

Uit een training volgt ‘vanzelf’ een selectie van mensen met de juiste competenties, immers een enthousiast iemand is niet persé de juiste persoon. Een pool met een combinatie van professionals (participatiebegeleiders, wijkwerkers etc.) en vrijwilligers (uit dorpsraden en -werkgroepen) is een goede samenstelling voor een pool. Over de subtafel wordt aangegeven dat dit belangrijk is zodat gemeenten samen leren van elkaar en hier ondersteuning door krijgen. Maar dat hierin de inwonerskant mist wat het wat eenzijdig maakt.

Vraag 16: Heb je zelf andere ideeën of suggesties voor vervolgactiviteiten van het Traject Energieke Gemeenten, die jou kunnen helpen bij inwonerparticipatie in de warmtetransitie? Ja Nee # respondenten

Gemeenten 4 13 17

Samenwerkingspartners 8 3 11

Collectieven 7 0 7

Totaal 19 16 35

Opmerkingen ideeën voor het vervolg: -

Betrek vooral ook de wijkcontactfunctionarissen en communicatiemedewerkers van gemeenten en hun goede structurele contacten en overleggen met stads-, dorps- en wijkraden. Gerichte ondersteuning aan inwonersparticipatie (drukwerk, proces, organisatie, etc). Een laagdrempelig aanspreekpunt om ideeën of plannen wat betreft uitvoering (waaronder communicatie) mee te bespreken, en mee te brainstormen: "is dit de juiste manier?", zonder dat er eerst iemand voor ingehuurd moet worden, zou fijn zijn!

-

-

-

-

-

-

-

In algemene zin blijft het bij elkaar brengen van partijen en het laten zien van goede voorbeelden noodzakelijk. Ontsluiting kan via de website van het ZEA. De crux zit hem in wie zijn er in Zeeland al aan de slag en wat kunnen we daarvan leren. Ik denk dat partijen zoals ZMF en dorpen voor morgen die al bezig zijn van onderop stimuleren het waardevol is om daar hun ervaringen en do’s en don’ts aan te vragen. En Hannah Twigt ook vanuit haar eigen pilot. Andere suggestie: Wij zijn ook bezig met het vormen van intervisie groepjes rondom participatie. Dit kan je ook organiseren voor de warmte transitie, juist ook om te kijken van wat zijn dan de problemen waar we tegenaanlopen. (groepjes van 5-7 mensen die op basis van een aantal casussen de diepte in gaan en daarop feedback geven). Dit kan voor ambtenaren maar ook voor bewonersgroepen. Alles mag wat praktischer en simpeler en makkelijkere taal. Daarnaast voor de inwoners ingaan op de financiële voordelen en of het moet om te veranderen. Zo’n duurzaam huis zoals in Goes vind ik ook leuk en een goed idee. Als we verder gaan met dit traject dan afspraken maken over de rollen van wie zit erbij en wat verwacht je van elkaar. Afstemming/structuur (de governance) is heel belangrijk want veel mensen staan in de startblokken. Het is nu niet duidelijk waar de afstemming ligt over participatie.

We hebben veel tafels maar op dit moment onvoldoende duidelijkheid over de governance ten aanzien van participatie. Dit zou in het kernteam opgepakt kunnen worden en als (vast) agendapunt kunnen worden meegenomen. Het traject is goed uitgevoerd en nu afgesloten dus met een nieuwe naam een nieuwe fase in. Maar we moeten ook kijken welke activiteiten gaan we dan doen en welke mensen of organisaties hebben we daarvoor nodig. Ook is deskundigheid op het vlak van participatie gewenst. Ik hoop dat energieke gemeentes doorgaat, misschien in een ander jasje. Nu heb ik het idee dat een aantal gemeentes nog niet zo erg aangehaakt zijn en hoe krijgen we die wel mee. Misschien dat een ‘ander jasje’ hen wel aanspreekt? Volgens mij is gewoon vanuit de gemeenten de rol in de wijkuitvoeringsplannen en dat je daarin blijft samen werken en kennis uitdeelt. Dus dat je onderling blijft samenwerken dat is belangrijk. Misschien moet je het ook los knippen, dus een doelgroep gemeenten en een doelgroep burgerinitiatieven. Wij kunnen als onderzoeksgroep die zichzelf grotendeels moet financieren alleen wat doen als er subsidie is en er een innovatief technisch stuk in het project of traject zit. Zeeland moet ons insziens sturen op zonnewarmte en warmte-opslag hiervan.

Bij Energieke gemeenten mag ook wel eens over visie gepraat worden en over techniek in plaats van alleen maar participatie want ‘Zonder bruikbare techniek geen participatie’. Dus techniek mag meer een plek hebben en iemand laten spreken over hybride warmtepompen en zonnewarmte. Specifieke onderwerpen die dringend zijn (bijvoorbeeld ook negatieve verhalen over warmtepompen) kunnen bèta’s ook uitleggen en bespreken. Er is nog niet veel informatie over hoe laat je burgerinitiatieven ontstaan en mogelijk ook van hoe stuur je hierop? Ook delen van goede succes verhalen! (Bijvoorbeeld Koudekerke). Vooral de goede voorbeelden straks van de wijkuitvoeringsplan dan horen we graag hoe dit is gegaan en ook vanuit de burgers. Dus wat er in Zeeland is gebeurd een belangrijke plek geven in de kennis uitwisseling. Ook een 'subtafel WUP' inrichten voor de inwonerskant: waarin ook de inwonercollectieven en - initiatieven onderling kunnen uitwisselen. Dit zou een rol voor Dorpen voor Morgen kunnen zijn. Bij beide subtafels moeten dan wel lijntjes zijn met 'de andere partijen', dus onderlinge contactmomenten opnemen. Bij beide tafels kunnen buurtcoaches dan aansluiten / linking pin zijn: zij weten wat er speelt en kunnen dat aan beide kanten inbrengen. 1.

Ondersteunen bij organiseren van mensen: mensen bijeen brengen die op dezelfde manier denken, straat aan de gang krijgen, dingen voor elkaar krijgen. NB. Hierbij is financiering ook belangrijk (van gemeente, provincie of anders): voor verduurzaming van huizen + voor het opzetten van dit soort projecten. 2. Gemeenten ondersteunen bij communiceren naar mensen: goede onderbouwing geven voor het WAAROM van besluiten / activiteiten = bijv. rol van procesbegeleiders / buurtcoaches. 3. Hulp bij vormgeven van 'dorpsactie': project gericht op een dorp, bijv. promotie van vouchers voor woningadvies door woningambassadeurs. NB deze vouchers ook langer aanbieden! 4. Hulp bij opzetten van energiecoöperaties, dat lukt niet zonder steun: met veel spelers + hoe een 1e groep inwoners zover krijgen. Nodig: capaciteit + goede procesondersteuner (expert op dat gebied) + een tool in de Toolkit: hoe zet je een energiecoöperatie op. In de Atlas kun je wel zien waar andere coöperaties zijn. Suggestie 1: een paar voorbeeldprojecten (uit Lab) ook lokaal in gemeenten laten presenteren: voor vertegenwoordigers van gemeente, dorpsraad en geïnteresseerden (burgers, postcoderozen etc.). Gemeente faciliteert, nodig burgers uit, betaalt de kosten etc. Bijv. RHEDCOOP - routekaarten naar energieneutrale dorpen. En presentatie over boek '10 klimaatacties die werken' van Piet Boesaart.

Suggestie 2: dorpsraden rechtstreekser informeren over wat er gebeurt binnen Energieke Gemeenten. Binnen dorpsraden is energietransitie geen prioriteit, maar nu met de WUP's komt er een beter moment. Dorpsraden aanspreken en 'professionaliseren': jullie hebben hier iets in te doen, maak het een vast agendapunt, laat de klimaatburgemeester wat vertellen, hoe motiveer je inwoners etc. Deskundigheid en waardigheid bij dorpsraden ontwikkelen, want dat is nodig. Overigens: de organisatie van het Traject Energieke Gemeenten is goed bezig Helpen bij opstarten van inwonerparticipatie, bijv. in een dorpsraad, opstarten van een werkgroep, of bijeenkomst rond 'de wijk gaat verduurzamen': waar begin je, hoe dik je de vele informatie in, hoe start je het proces op i.p.v. de inhoud in te duiken, hoe breng je enthousiastelingen bijeen, vragen in de groep te gooien (zoals wie heb je nodig, welke ideeën en vragen leven er), door te schetsen wat er op een groep afkomt, basiskennis doorgeven. Daarmee komt al zoveel op tafel + de rest aan ondersteuning is er al om gebruik van te maken: websites + netwerken/groepjes + mensen om vragen aan te stellen; daarmee kun je dan verder.

-

Voorbeeld: ondersteuning die Adrie Neuféglise biedt voor opstarten van postcoderoosprojecten. Buurtcoaches kunnen zo'n rol spelen wanneer een hele wijk gaat verduurzamen. storytelling delen van mooie verhalen online zodat je elkaar kunt vinden, filmpjes, magazine, in kleinere groepen met alleen inwonerscollectieven is ook soms fijn. Graag ook in de avond een Doe & Leerlab organiseren zodat je als groep (collectief) kunt aansluiten. Op de website van de gemeente heb je 5 knoppen, maak er een 6de knop naast naar [interactieve website gemeente] en stimuleer participatie.

Vraag 17: Ik ben ambtenaar op het gebied van: Energie / duurzaamheid / klimaat / ruimtelijke omgeving Wonen / sociaal domein / samenleving Communicatie / participatie Anders, namelijk # respondenten

Gemeenten 13

Samenwerkingspartners 0

Collectieven 0

Totaal 13

1 3 0 17

0 0 11 11

0 0 7 7

1 3 18 35

Opmerkingen collectieven: - Van inwonersinitiatief Vitaal Wolphaartsdijk en mede-initiatiefnemer van het edeelautoproject ter plekke. - Wij zijn 2 van de 5 bestuursleden van St. Bewonersbelangen Wemeldinge, 30 jaar geleden opgericht n.a.v. komst AZC. Rol SBW = dorpsbelangen behartigen naar politiek en anderen = inzet voor algemeen belang (niet individuele belangen). Onze scope is vrij breed. Nog niet zo actief met duurzaamheid / energietransitie. In 2013 met ZKF wat promotie voor het thema geprobeerd, maar kwamen weinig mensen op af (het was te vroeg) en daarna weinig follow-up aan gegeven. 3-4 jaar geleden nog bekeken: wil de gemeenschap een energiecoöperatie opzetten? Maar dat is blijven slepen. De PPT van toen bevat nog wel relevante thema's en aanknopingspunten. We kennen de wethouder en Duurzaam Kapelle, maar niet de beleidsambtenaar van Kapelle op dit onderwerp. Duurzaamheid blijft wel op onze agenda en SBW kan wel initiatiefnemer zijn, maar geen projecteigenaar. - Lid van de TVW-Commissie van de gemeente Hulst namens 'Maak Onze Regio Duurzamer' (= hulp bij opstarten postcoderozen). Wil graag een overkoepelende 'vergadering' van alle dorpsraden, postcoderoosprojecten en gemeente met info over duurzaamheid / energietransitie etc., maar dat is er nog niet van gekomen.

- Meedenker / adviseur voor dorpsraad Clinge, die 'iets wil met duurzaamheid', wellicht werkgroep met inwoners oprichten, waarin hij zal meedoen. Is tevens 'Klimaatburgemeester van Hulst': heeft zich daarvoor (als particulier) zelf aangemeld n.a.v. oproep op 'Iedereen Doet Wat'. Is in zijn professionele werk actief met vastgoed, heeft zo veel kennis over verduurzaming, heeft contacten met gemeenten en professionele organisaties. Is spin in het web / aanjager / ambassadeur / spreekbuis / zet mensen aan het denken / geeft suggesties (laaghangend fruit) / is ook adviseur voor management. Ziet verduurzaming als weg van lange adem + het moet tussen de oren komen + mensen moeten zelf de voordelen ervan gaan zien + op natuurlijke momenten dan in actie komen. - actief in inwonerscollectief en daarnaast ook energie coaches bij Energiek Zeeland Zeeuwind - betrokken bewoners bij de ontwikkelingen van een dorp Borsele - wij zijn betrokken bewoners, wijk team leden

Belangrijkste conclusies Uit de antwoorden op de vragen kunnen verschillende conclusies getrokken worden over hoe het traject mogelijk voortgezet kan worden maar ook hoe het verbeterd kan worden. Als eerste komt naar voren dat er momenteel veel partijen betrokken zijn (ook in verschillende trajecten zoals de RES en de tafels) en het daardoor onoverzichtelijk is geworden wie wat doet. De rol van elke partij is minder duidelijk geworden. Het is echter belangrijk om goed te weten wat andere partijen doen zodat men van elkaar kan leren en niet zelf het wiel hoeft uit te vinden maar ook dat er geen zaken dubbel worden gedaan. Hierdoor speelt de vraag hoe de taken onderling verdeeld kunnen worden en is een overzicht waar in komt te staan wie wat doet en wie waarvoor verantwoordelijk is gewenst. Dit zorgt tevens voor goed verwachtingsmanagement. Eveneens kan dit ervoor zorgen dat partijen elkaar kunnen gaan versterken in plaats van dat ze met elkaar gaan concurreren. Als tweede valt op dat velen aangeven behoefte te hebben aan (praktische) voorbeelden uit de eigen provincie. Dit zal vooral in de vorm van Doe & Leer labs interessant zijn waarbij de eigen gemeenten en/of inwonerscollectieven aan het woord komen die al de eerste stappen hebben gezet.

Wat zijn hun ervaringen binnen Zeeland? Tijdens deze bijeenkomsten moet er meer ruimte komen om de dialoog met elkaar aan te gaan/ vragen te kunnen stellen. De Doe & Leer labs worden namelijk ook gezien als een ontmoetingsplek en zorgen ervoor dat men in een korte tijd veel mensen kan zien of spreken wat het een goede netwerkmogelijkheid maakt. Het zorgt voor samenwerking en afstemming. Als deze bijeenkomsten eens in de zoveel tijd (binnen de corona regels) fysiek kunnen plaatsvinden is dit door velen gewenst. Als derde werd meermaals aangegeven dat er meer focus moet komen op hoe de collectieven binnen dit traject meer handvatten gegeven kunnen worden. Wat zijn hun behoefte en hoe kunnen wij hen helpen? Mogelijk zouden zij een eigen traject kunnen krijgen die echt op deze behoefte ingaat en waarbij inwonerscollectieven ook onderling ervaringen kunnen uitwisselen. Of een combinatie van een traject samen en een traject apart is ook een optie. Als vierde punt komt naar voren dat de inwonerscollectieven graag meer samenwerking willen met de gemeente. Ze willen (meer) betrokken worden in het beleid en de plannen van de gemeente. Daarnaast vragen ze hulp voor het zetten van de eerste stap(pen) en het opstarten van participatie. Meer verbinding met zowel de gemeente als met de andere collectieven onderling zouden zij fijn vinden.

Als vijfde komt naar voren dat er vaak verwarring ontstaat over voor wie het traject en de webpagina bedoeld zijn. Is dit voor de gemeenten, voor de inwonerscollectieven, voor de inwoners of een combinatie hiervan? Het taalgebruik op de website is momenteel misleidend door het bijvoorbeeld ‘meepraten’ te noemen wat wijst op inwoners maar het gaat om tools voor participatie voor ambtenaren. Daarnaast wordt ook vaker aangegeven dat het taalgebruik op de webpagina voor inwoners (en mogelijk ook inwonerscollectieven) te ambtelijk is en dat het allemaal wat simpeler en praktischer geschreven mag zijn, dus meer gericht op de gewone burger. Dit punt stemt deels overeen met punt 1, in de zin dat er duidelijk gemaakt moet worden wat voor wie bedoeld is. Het taalgebruik moet vervolgens op deze doelgroep afgestemd worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11694772/1