20220524 stikstof bijlage 1
Tekst van het document
Partiële vrijstelling van de natuurvergunningplicht voor het aspect stikstof voor activiteiten van de bouwsector Inleiding Met het in werking treden van de Wet stikstofreductie en natuurherstel (Wsn) op 1 juli 2021 geldt in vergunningprocedures de bouwvrijstelling (artikel 2.9a Wet Natuurbescherming en artikel 2.5 Besluit natuurbescherming). Dat wil zeggen dat de gevolgen van de stikstofemissie op een Natura2000-gebied die ontstaat tijdens de bouwfase, in een vergunningprocedure niet hoeft te worden beoordeeld. In de Wsn is namelijk een algemene onderbouwing opgenomen voor alle bouwactiviteiten. De onderbouwing rust op de volgende aannames: - de emissie van bouwprojecten bedraagt 10% van de totale NO x emissie, - de NOx emissie zal door bouwactiviteiten als gevolg van klimaat- en schone lucht maatregelen naar verwachting verder afnemen, - de algemene stikstofmaatregelen hebben ook effect op de stikstofdepositie door de bouwsector. Daarnaast gaat het in deze fase om een tijdelijke stikstofemissie. De algemene bouwvrijstelling betekent in de praktijk dat natuur- en omgevingsvergunningen worden verleend zonder dat de effecten door de stikstofdepositie als gevolg van de bouwfase zijn beoordeeld. Voor bestemmingsplannen geldt de bouwvrijstelling niet.
Echter in de Memorie van Toelichting bij de Wsn is opgenomen dat de onderbouwing van de bouwvrijstelling ook in bestemmingsplanprocedures kan worden gebruikt. In de praktijk gebeurt dat ook. De stikstofemissie als gevolg van de gebruiksfase moet wel altijd volledig worden beoordeeld. Juridische houdbaarheid Direct na het in werking treden van de Wsn ontstond er discussie over de onderbouwing van de bouwvrijstelling. Het uit elkaar halen van de bouwfase en de gebruiksfase zou in strijd zijn met de Habitatrichtlijn. Beide activiteiten maken namelijk onderdeel uit van hetzelfde project waarvoor één vergunning moet worden verleend. Verder wordt getwijfeld aan de algemene onderbouwing die door het Rijk is opgesteld. Uit de uitspraak over de PAS (29 mei 2019) blijkt dat er geen stikstofruimte mag worden “weggegeven” waarvan nog onzeker is of de ruimte door genomen en nog te nemen maatregelen wel gerealiseerd wordt. De onderbouwing van het Rijk van de bouwvrijstelling gaat ook uit van maatregelen die nog moeten komen en niet alleen van maatregelen die al zijn uitgevoerd en waarvan het effect bekend is. Tegen de bouwvrijstelling is, zoals verwacht, dan ook beroep ingesteld. Op 29 maart 2022 is er een zitting geweest over de vergunning voor Porthos, een plan dat het mogelijk maakt om CO2 op te slaan in de zeebodem.
In de vergunning is gebruik gemaakt van de bouwvrijstelling en hiertegen is beroep ingesteld. Wanneer de uitspraak komt is nog onduidelijk, wij verwachten niet voor de zomer. Op 15 april 2022 heeft de voorzieningenrechter in een andere zaak een verzoek om voorlopige voorziening toegekend waardoor het bestemmingsplan voor de bouw van onder andere drie appartementengebouwen niet in werking is getreden. Dit betekent dat geen gebruik kan worden gemaakt van het bestemmingsplan, vooruitlopende op de uitspraak in de bodemprocedure. De beroepsgrond over de onderbouwing van de bouwvrijstelling was de aanleiding voor deze uitspaak. Lopende bestemmingsplanprocedures In lopende bestemmingsplanprocedures hebben wij er steeds op aangedrongen dat ook de bouwfase in de stikstofbeoordeling wordt meegenomen, om geen risico op dit punt te lopen in een eventuele beroepsprocedure. Er zijn echter een aantal projecten waarvoor op dit moment een bestemmingsplan wordt voorbereid, die zorgen voor een stikstofdepositie in de bouwfase en waarbij de initiatiefnemers ervoor hebben gekozen de bouwfase niet in de stikstofbeoordeling mee te nemen en te verwijzen naar de bouwvrijstelling. De reden hiervoor is vaak dat er wel een stikstofdepositie tijdens de bouwfase wordt berekend, maar dat er binnen het plan of in de omgeving geen ruimte is om de stikstofemissie tijdens bouwfase te salderen.
Het betreft de volgende ontwikkelingen: - Herontwikkeling Dreef te Renesse (verplaatsing supermarkt) - Nieuwbouw van het Fletcher Hotel te Renesse - Herontwikkeling van de locatie Bonafide/Karavaan te Renesse - Uitbreiding van De Oase te Renesse
De procedures bevinden zich in een verschillende fase. De bestemmingsplannen zijn allen in principe niet eerder dan eind dit jaar of begin volgend jaar onherroepelijk. Als initiatiefnemers ervoor kiezen om de bouwfase niet mee te nemen in de stikstofbeoordeling, wordt in de exploitatieovereenkomst een specifieke bepaling opgenomen, waarin de verantwoordelijkheid voor het niet meenemen van de bouwfase bij de initiatiefnemer wordt gelegd. Lopende vergunningprocedures In lopende omgevingsvergunningprocedures wordt ook gebruik gemaakt van de bouwvrijstelling. De bouwvrijstelling in de Wsn geldt rechtstreeks voor vergunningen. Wij vragen in deze procedures nog niet specifiek om een onderbouwing van de bouwfase. De proceduretijd voor omgevingsvergunningen is in het algemeen korter dan voor bestemmingsplannen en de verleende vergunning is naar verwachting onherroepelijk voor de uitspraak van de Afdeling over de bouwvrijstelling. Wat als de bouwvrijstelling vervalt? Mocht de Afdeling het beroep tegen de bouwvrijstelling gegrond verklaren, dan kan een bestemmingplan zonder onderbouwing van de bouwfase, niet worden vastgesteld. Significante effecten op Natura2000gebieden zijn dan immers niet op voorhand uit te sluiten. Dit geldt dan in elk geval voor de hierboven genoemde bestemmingsplanprocedures.
Wij zullen dan opnieuw met ontwikkelaars in overleg gaan over de consequenties voor het plan. In nieuwe bestemmingsplanprocedures moet, als er kans is op een stikstofdepositie op een Natura2000gebied, ook een stikstofonderbouwing van de bouwfase worden opgesteld. Ook voor nog lopende vergunningprocedures geldt dat de gevolgen van het vervallen van de bouwvrijstelling in kaart zullen worden gebracht. Mogelijk dat alsnog een verklaring van geen bedenkingen van de provincie nodig is. In nieuwe procedures moet in de stikstofonderbouwing ook de bouwfase worden meegenomen als er kans is op een stikstofdepositie op een Natura2000-gebied. Nieuwbouw van woningen en het SSRS Tot voor kort kon bij nieuwbouw van woningen gebruik worden gemaakt van het Stikstof Registratie Systeem (SSRS). Daarin was onder andere stikstofruimte opgenomen die vrijkwam door de verlaging van de maximum snelheid. Na de update van het rekenprogramma AERIUS op januari 2022 is het SSRS nog niet opnieuw opengesteld en hiervan kan op dit moment geen gebruik worden gemaakt. Wel is duidelijk dat de stikstofruimte als gevolg van de snelheidsverlaging uit het SSRS is gehaald. De juridische onderbouwing van de stikstofruimte, die als gevolg van deze maatregel ontstond, was onvoldoende. De precieze consequenties zijn nog niet duidelijk, de verwachting is echter dat er weinig of mogelijk geen stikstofruimte overblijft.
Dit betekent dat ook bij woningbouwprojecten gezocht moet worden naar stikstofruimte, waarbij dan mogelijk ook de bouwfase moet worden meegenomen. Als er geen stikstofruimte blijkt te zijn in het SSRS en ook de bouwvrijstelling vervalt, wordt het met name in Renesse, Nieuw-Haamstede en Burgh-Haamstede nog moeilijker om woningbouwlocaties te ontwikkelen.