CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

20211026 Raadsbrief Ontwerpbestemmingsplan herinrichting Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hoogenboomlaan Renesse bijlage 1

Gemeenteraad 23 december 2021, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken20.852 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Schouwen-Duiveland Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp

Augustus 2021

Gemeente Schouwen-Duiveland Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp

werknummer: 621.128.30 datum: augustus 2021 bestand: J:\621\128\30\3.projectresultaat

KuiperCompagnons BV Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap Rotterdam

Gemeente Schouwen-Duiveland Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Toelichting

Augustus 2021

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doel 1.3 Ligging en plangrenzen 1.4 Vigerend bestemmingsplan 1.5 Strijdigheid met het vigerend bestemmingsplan 1.6 Leeswijzer van de toelichting

3 3 4 4 5 7 7

Hoofdstuk 2 Analyse huidige situatie 2.1 Inleiding 2.2 Historische analyse 2.3 Bestaande situatie plangebied

8 8 8 9

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1 Uitgangspunten 3.2 Groene ontvangst de Vroongronden

11 11 11

Hoofdstuk 4 Beleidskader 4.1 Inleiding 4.2 Europees beleid 4.3 Rijksbeleid 4.4 Provinciaal beleid 4.5 Regionaal beleid 4.6 Gemeentelijk beleid 4.7 Conclusie

14 14 14 14 15 18 18 19

Hoofdstuk 5 Milieu 5.1 Inleiding 5.2 Milieueffectrapportage 5.3 Bedrijven en milieuzonering 5.4 Explosieven 5.5 Luchtkwaliteit 5.6 Wegverkeerslawaai 5.7 Bodem 5.8 Archeologie 5.9 Water 5.10 Externe veiligheid 5.11 Kabels en leidingen 5.12 Flora en fauna 5.13 Licht en duisternis

20 20 20 23 24 25 26 30 33 34 39 40 40 43

Hoofdstuk 6 Juridische aspecten 6.1 Inleiding 6.2 Plansystematiek 6.3 Toelichting op de bestemmingen 6.4 Handhaving

44 44 44 45 46

2

Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid 7.1 Inleiding 7.2 Financiële haalbaarheid 7.3 Conclusie

48 48 48 48

Hoofdstuk 8 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 8.1 Inleiding 8.2 Voorgeschiedenis voorontwerpbestemmingsplan 8.3 Resultaten ter inzage legging ontwerpbestemmingsplan

49 49 49 49

Bijlagen: Bijlage 1

Groene ontvangst de Vroongronden, KuiperCompagnons, 26 juli 2019

Bijlage 2

Bodemonderzoek Hoogenboomlaan 3, ABO Milieuconsult, 25 februari 2016

Bijlage 3

Bodemonderzoek Vroonweg 33, Terra Milieu, 27 februari 2018

Bijlage 4

Bodemonderzoek wegtracé, SMA, 15 mei 2018

Bijlage 5

Archeologisch vooronderzoek, RAAP, 16 februari 2017

Bijlage 6

Akoestisch onderzoek, KuiperCompagnons, 6 juli 2021

Bijlage 7

Luchtkwaliteitonderzoek, KuiperCompagnons, 3 juni 2021

Bijlage 8

Quickscan natuurwetgeving, Viridis, maart 2017

Bijlage 9

Passende beoordeling Vroonweg/Hoogenboomweg, Ecogroen, 30 juli 2021

Bijlage 10

Rapportage voorkomen habitattype Grijze duinen kalkarm, NWC, mei 2019

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

3

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Dit bestemmingsplan, 'Herinrichting VKH Renesse', voorziet in de herinrichting van de Vroonweg, de Kabbelaarsweg en de Hoogenboomlaan te Renesse (hierna te noemen: herinrichting VKH). De herinrichting VKH is van belang, omdat de bestaande infrastructuur niet meer aan de eisen van de tijd voldoet, gelet op de verschillende gebruikers en voertuigen van/op de wegen en het achterliggende recreatiegebied. Al jaren lang is de verkeersveiligheid in het plangebied in het gedrang. Bij het opstellen van het Masterplan Renesse, door de gemeenteraad in december 2015 vastgesteld, is de onveilige situatie ook geconstateerd, aan de hand waarvan dit project aan het uitvoeringsprogramma is toegevoegd. Het Masterplan Renesse is opgesteld in afstemming met vele maatschappelijke organisaties, waaronder de dorpsraad en de ondernemersvereniging, maar ook met bewoners en ondernemers. Allen onderschrijven de verkeersonveilige situatie op de route richting Renesse West. De aanpassing van de weg is in het Masterplan als prioriteit opgenomen, met als doel het verbeteren van de verkeersveiligheid, de toegankelijkheid en de aantrekkelijkheid van Renesse-West.

Dat de verkeersonveilige situatie opgelost moet worden, wordt nogmaals duidelijk vanwege het feit dat de gemeenteraad in 2018 het budget met enkele honderdduizenden euro's heeft verhoogd (tot 2,3 miljoen euro) om het beoogde ontwerp ook daadwerkelijk tot uitvoering te brengen. Bovendien heeft de raad met de verhoging van het budget tegelijkertijd aangegeven dat het teer houdende asfalt dat nu in de route is verwerkt, gesaneerd moet worden, hetgeen ook de volksgezondheid ten goede komt. De oorzaken van de verkeersonveiligheid in het plangebied zijn divers: 

De Vroonweg nodigt, zeker in het deel tussen de bocht na de rotonde en het huidige hotel, uit tot hard rijden, aangezien er in twee richtingen sprake is van een geasfalteerde en brede rijbaan, zonder snelheidsremmers, flitspalen en drempels. Het is bovendien een weg met volledig zicht over honderden meters. Dit, terwijl er officieel sprake is van een 30 kilometer weg. De Kabbelaarsweg, zijnde de verbinding tussen de Vroonweg en de Hoogenboomlaan, is een vrij smalle geasfalteerde weg voor tweerichtingsverkeer, waarbij voetgangers en fietsers ook op de rijbaan verblijven. Dit zorgt voor gevaarlijke toestanden, zeker op drukke momenten en in combinatie met de onoverzichtelijke bochten. Er is hier geen ruimte voor een vrijliggend voet- en of fietspad. De Hoogenboomlaan is over de totale lengte, tot aan de ingang van Camping Julianahoeve, eveneens een geasfalteerde weg, zonder snelheidsremmers, flitspalen en drempels. En ook hier is het zicht over honderden meter uitstekend, terwijl er sprake is van een 30 kilometer weg. Bijkomende gevaarlijke factoren zijn in dit geval de in- en uitgangen naar diverse recreatiebedrijven en onduidelijke voetgangers- en fietsstroken aan met name de zijde van de recreatiebedrijven. Dit alles in combinatie met de intensiteit van het zwaar en gevaarlijk vrachtverkeer, dat tientallen keren per dag de recreatiebedrijven bevoorraadt.

Het zwaartepunt ligt ook hier in de zomer, op het moment dat de omliggende wegen het meest gebruikt worden.

Er is in het verleden getracht om de snelheid van voertuigen op met name de Vroonweg en ook de Hoogenboomlaan via diverse signaleringen (bebording) en handhavend optreden te verminderen, maar dat heeft nauwelijks effect gehad. Anno 2021 moet de fietsers de rijbaan van de Vroonweg gebruiken, waardoor er enigszins sprake is van een remmende werking voor gemotoriseerd verkeer, vooral in drukke perioden. Het is noodzakelijk grootschalige aanpassingen aan deze toegangsweg naar Renesse West te doen, zowel fysiek als visueel. Het voorgaande moet worden bezien in combinatie met de constatering dat er op Schouwen-Duiveland Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

4

in het algemeen en Renesse in het bijzonder, steeds meer overnachtingen worden geboekt. Vooral in het schouderseizoen, het zomerseizoen en rond de gebruikelijke feestdagen is er sprake van een hoge bezettingsgraad op alle recreatieterreinen. Daarnaast is in het gemeentelijk recreatief beleid geconstateerd dat er een trend is van seizoenverlenging. De pieken in de zomermaanden nemen wat af, maar steeds meer komen toeristen jaarrond naar Renesse, waardoor ook alle wegen steeds drukker bezet worden. Vooral de combinatie van 'zoekend' vakantieverkeer (onder meer auto's met caravans) met het langzaam verkeer zorgt voor gevaarlijke situaties. De focus voor de beoogde situatie is dan ook gericht op de verkeersveiligheid; de auto is te gast. Gemotoriseerd verkeer en fietsers gebruiken de nieuwe rijbaan van 5,5 m breed en de voetgangers gebruiken een vrijliggend voetpad van 2 meter breed. De herontwikkeling wordt uitgevoerd in het kader van het Masterplan Renesse, dat in december 2015 door de raad van de gemeente Schouwen-Duiveland is vastgesteld.

1.2

Doel

Het plan voorziet in een verbetering van de verkeersstructuur. De gemeente Schouwen-Duiveland is verantwoordelijk voor de herinrichting VKH. In paragraaf 3.1 wordt meer gedetailleerd ingegaan op de herinrichting VKH en de landschappelijke inpassing van de ontwikkeling in de omgeving. Met onderhavig bestemmingsplan wordt de voorgenomen ontwikkeling voorzien van een actueel juridisch-planologisch kader. Het bestemmingsplan maakt het inpassingsplan voor de herinrichting VKH mogelijk.

1.3

Ligging en plangrenzen

Het plangebied is gelegen aan de zuidwestelijke rand van de kern Renesse, op Schouwen-Duiveland. Het plangebied behelst een klein deel van de gronden van het hotel aan de Vroonweg 33-35 (kadastraal bekend gemeente Westerschouwen, sectie H, nummer 568), het perceel van de voormalige Strandkerk gelegen aan de Hoogenboomlaan 3 (kadastraal bekend gemeente Westerschouwen, sectie H, nummer 567), alsmede een deel van de huidige Vroonweg, een deel van de Kabbelaarsweg en een deel van het nieuwe wegtracé van de Vroonweg. Het plangebied bevindt zich op een zichtlocatie op 5 minuten rijden van het strand. De locatie ligt aan de entree van het recreatiegebied, met diverse voorzieningen en nabij het centrum van Renesse met de daarbij behorende horeca en detailhandel. Ten noordwesten van het plangebied bevinden zich woningen, Vakantiepark Schouwen, de Vroonplas, de locatie van de voormalige meelfabriek Krijger Molenaars en camping Eureka Park Renesse. Het plangebied grenst in het zuidwesten direct aan de Vroongronden die deel uitmaken van het Natura 2000-gebied Kop van Schouwen. Oostelijk van het plangebied ligt de voormalige camping De Karavaan. Afbeelding 1.1 geeft de globale ligging van het plangebied weer.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

5

Afbeelding 1.1: Globale ligging plangebied

1.4

Vigerend bestemmingsplan

Voor de gronden van het plangebied vigeren, tot op het moment dat het voorliggende plan in werking treedt, de bestemmingsplannen 'Kop van Schouwen', '1e herziening Kop van Schouwen' en 'Bebouwde kom Renesse'. Het bestemmingsplan "Kop van Schouwen" is vastgesteld op 27 juni 2013 door de raad van de gemeente Schouwen-Duiveland. De Raad van State heeft het besluit van 27 juni 2013 voor een aantal plandelen vernietigd. Op 22 mei 2019 is het bestemmingsplan '1e herziening Kop van Schouwen' vastgesteld. Uitsluitend de plandelen die zijn vernietigd door de Raad van State of waar ambtshalve aanpassing nodig is, zijn op de verbeelding van de 1e herziening aangepast. Voor de overige plandelen op de verbeelding geldt het moederplan "Kop van Schouwen". Voorliggend plangebied behoort niet tot de vernietigde plandelen, de herziening heeft dan ook geen rechtstreeks gevolg voor het plangebied. Ter plaatse van het plangebied vigeren de bestemmingen 'Horeca', 'Maatschappelijk', 'Verkeer', 'Groen - Landschappelijk' en 'Natuur'. Tevens valt deels een geluidszone over het gebied, alsmede de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 6'. Binnen de bestemming 'Horeca' zijn de gronden bestemd voor de 'specifieke vorm van horeca - hotel', met een maximale bouwhoogte van 11 meter en een maximale goothoogte van 7 meter.

De gronden met bestemming 'Maatschappelijk' zijn bestemd voor maatschappelijke voorzieningen, alsmede bijbehorende voorzieningen als ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, groen en water. Binnen de bestemming 'Verkeer' zijn de gronden bestemd voor wegen en straten met een profiel van 1x2 rijstroken, voet- en fietspaden en parkeerterreinen, groen- en speelvoorzieningen en andere voorzieningen ten behoeve van de bestemming, zoals straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, taluds, oevers, bruggen en fietstunnels.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

6

De bestemming 'Groen-Landschappelijk' is opgenomen voor de gronden die bestemd zijn voor het behoud en/of herstel en ontwikkeling van de aanwezige natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden en de ontwikkeling van potentiële natuurlijke en landschappelijke waarden. Ook zijn de gronden bedoeld als landschappelijke afscherming van recreatieterreinen door opgaande beplanting van voornamelijk streekeigen soorten en voor geluidwerende voorzieningen, een grondwal inbegrepen, en bijbehorende voorzieningen ten dienste van de bestemming. Tot slot zijn de gronden binnen de bestemming 'Natuur' bestemd voor het behoud, herstel en ontwikkeling van natuur- en landschapswaarden, alsmede het behoud van cultuurhistorische waarde en bijbehorende voorzieningen ten dienste van de bestemming en hulpdiensten.

Afbeelding 1.2: Vigerend bestemmingsplan "Kop van Schouwen" Het bestemmingsplan 'Bebouwde kom Renesse' (vastgesteld op 25-10-2007) vigeert voor de gronden aan de oostzijde van het plangebied. Hier zijn de gronden bestemd voor 'Verkeer' en 'Groenvoorzieningen'. Op gronden van de bestemming 'Verkeer' zijn geen gebouwen en overkappingen toegestaan. Deze gronden zijn uitsluitend bedoeld voor verkeers- en verblijfsdoeleinden: straten, voeten fietspaden, rabatten, parkeerterreinen, speelvoorzieningen, straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, groenvoorzieningen, terrassen, waterhuishoudkundige voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van het openbare nut. De voor 'Groenvoorzieningen' aangewezen gronden zijn bestemd voor plantsoen, bermstroken, bermsloten, waterpartijen, paden, verhardingen, speelvoorzieningen, straatmeubilair, afvalverzamelvoorzieningen, voorzieningen ten behoeve van openbaar nut, geluidwerende voorzieningen en andere tot de bestemming behorende groen- en recreatieve voorzieningen.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

7

Afbeelding 1.3: Vigerend bestemmingsplan 'Bebouwde kom Renesse' Voor de bebouwde kom van Renesse is momenteel een nieuw bestemmingsplan in voorbereiding. Het betreft een actualisatie van het bestemmingsplan uit 2007 en het plangebied behoudt hierin dezelfde bestemmingen.

1.5

Strijdigheid met het vigerend bestemmingsplan

Voorliggend plan wijkt af van de vigerende bestemmingsplannen 'Kop van Schouwen' en 'Bebouwde kom Renesse'. Onderstaand zijn globaal de wijzigingen ten opzichte van de vigerende plannen beschreven. Afwijking bestemmingsplan 'Kop van Schouwen' De bestemmingen 'Verkeer', 'Horeca' en 'Maatschappelijk' zullen in voorliggend plan deels wijzigen ten behoeve van het nieuwe wegprofiel. De bestemming 'Groen - Landschappelijk' zal worden uitgebreid met een strook landschappelijk groen aan de westzijde van het bestaande hotel. De al opgenomen aanduiding 'houtwal' blijft behouden. De bestemming 'Natuur' blijft ook ongewijzigd. Afwijking bestemmingsplan 'Bebouwde kom Renesse' In voorliggend bestemmingsplan wordt de verkeersbestemming gewijzigd ten behoeve van het nieuwe wegprofiel. Daarnaast worden de gronden die in het vigerende bestemmingsplan zijn opgenomen als 'Groenvoorzieningen' gewijzigd in de bestemming 'Groen - Landschappelijk'.

1.6

Leeswijzer van de toelichting

Het bestemmingsplan bestaat uit een Toelichting, de Regels en de geometrisch bepaalde bestemmingen (de verbeelding). De toelichting bevat de nadere onderbouwing van de bestemmingslegging zoals in de regels en de verbeelding zijn gemaakt. Hoofdstuk 2 van deze toelichting geeft een analyse van de huidige situatie van het plangebied. In Hoofdstuk 3 wordt dieper ingegaan op het plan door middel van een uitgebreide planbeschrijving. Hoofdstuk 4 behandelt de beleidskaders die op het plangebied van toepassing zijn. In Hoofdstuk 5 wordt een overzicht van relevant onderzoek naar onder andere milieuaspecten behandeld. Hoofdstuk 6 bevat een toelichting op de juridische regeling. De economische uitvoerbaarheid is opgenomen in Hoofdstuk 7. Hoofdstuk 8 geeft tenslotte de toelichting op de maatschappelijke uitvoerbaarheid.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

8

Hoofdstuk 2 Analyse huidige situatie 2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt nader ingegaan op het plangebied in de huidige situatie, zodat een duidelijk beeld van het totale gebied ontstaat.

2.2

Historische analyse

De locatie ligt op een belangrijke plek binnen de ruimtelijke structuur van Renesse, aan de entree van het recreatiegebied aan de Hoogenboomlaan. Het is een driehoekige ruimte, die is ontstaan doordat de oude wegen zich van hieruit opsplitsen (de Vroonweg richting Burgh-Haamstede en de Hoogenboomlaan richting de recreatieterreinen); zie afbeelding 2.1. De bestaande verkeersstructuuur (Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hoogenboomlaan) voldoet niet meer aan de eisen van de gemeente, gelet op de verschillende gebruikers en voertuigen van/op de wegen en het achterliggende recreatiegebied. In paragraaf 1.1 is dit uitgebreid beschreven.

Afbeelding 2.1: Historische kaart 1868 met globale ligging plangebied (Bron: www.atlas1868.nl)

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

9

2.3

Bestaande situatie plangebied

In de huidige situatie bevindt zich aan de Vroonweg het Fletcher-hotel met bijbehorende brasserie. Rondom het hotel staan bomen en struikgewassen, waardoor het hotel vanaf de weg slechts gedeeltelijk zichtbaar is. De Strandkerk, die oostelijk van het hotel was gesitueerd, is in het voorjaar van 2016 gesloopt. Hierna is het perceel ingezaaid met een diversiteit aan grassen en kruiden. De Vroonweg, ten zuidoosten van het plangebied gelegen, bestaat momenteel uit een geasfalteerde tweebaansweg voor gemotoriseerd verkeer met parallel daaraan, gescheiden door een groene berm, een voetpad (in afbeelding 2.2 is de huidige situatie weergegeven). Vanaf deze weg zijn het hotel, de parkeerplaats en de brasserie te bereiken. Deze weg takt in zuidwestelijke richting aan op de Kabbelaarsweg, een tweebaansweg zonder (vrijliggend) fiets- en voetpad (in afbeelding 2.3 is de huidige situatie weergegeven). De scherpe bocht vanaf de Vroonweg naar de Kabbelaarsweg zorgt voor een onoverzichtelijke verkeerssituatie, met name voor fietsers die richting de Vroongronden willen oversteken. De Kabbelaarsweg gaat over in de Hoogenboomlaan. Deze verharde weg is ingericht voor gemotoriseerd verkeer zonder vrijliggend fietspad; fietsen vindt plaats op hetzelfde wegdek. Een gedeelte van de weg is voorzien van een parkeerstrook.

Parallel aan de weg is een hoger gelegen voetpad aanwezig (in afbeelding 2.4 is de huidige situatie weergegeven).

Afbeelding 2.2.: Bestaande situatie Vroonweg (bron: KuiperCompagnons)

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

10

Afbeelding 2.3.: Bestaande situatie Kabbelaarsweg (bron: GoogleMaps)

Afbeelding 2.4.: Bestaande situatie Hoogenboomlaan (bron: GoogleMaps)

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

11

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1

Uitgangspunten

Het doel van de plannen is om te komen tot een kwalitatieve herinrichting van het plangebied. Vanuit het gemeentelijk, algemeen maatschappelijk belang is het veiliger maken van de infrastructuur een urgente doelstelling.

3.2

Groene ontvangst de Vroongronden

In het Masterplan Renesse zijn de ambities neergelegd voor de transformatie van het dorp Renesse tot de aantrekkelijke en gezellige badplaats van de toekomst. Een van de prioriteitsprojecten in het Masterplan is het verbeteren van de verkeersveiligheid, de toegankelijkheid en de aantrekkelijkheid van Renesse-West. Om deze kwaliteitsslag te maken, is begin 2016 het project 'Herinrichting Strandkerk en omgeving' opgestart. Hierdoor ontstaat een aanzienlijke verbetering van de verkeersveiligheid in het gebied, vooral voor fietsers en wandelaars die van en naar de Vroongronden gaan. In nauwe samenwerking met de gemeente, de Dorpsraad, de Ondernemersvereniging, de ondernemers en de inwoners en andere betrokkenen is er de afgelopen jaren gewerkt aan het opstellen van een herinrichtingsplan voor de Strandkerk en omgeving. Voor de herinrichting VKH is het planboek 'Groene ontvangst de Vroongronden' (definitief ontwerp en materialisatie voor de herinrichting van de Strandkerk en omgeving d.d. 26 juli 2019) opgesteld, dat is opgenomen als Bijlage 1. De belangrijkste uitgangspunten worden hieronder samengevat. De belangrijkste doelstelling bij de herinrichting VKH (Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hogendoornlaan) is een kwaliteitsimpuls voor de omgeving.

Dat gebeurt enerzijds door de weg geheel opnieuw in te richten (in lijn met de uitstraling van het centrumgebied) en anderzijds door de verkeersveiligheid te verbeteren. De bestaande infrastructuur in en rondom het bestaande hotel voldoet niet meer aan de eisen van de tijd, gelet op de verschillende gebruikers en voertuigen van/op de wegen en het achterliggende recreatiegebied. In de bestaande situatie wordt de doorgaande oost-westroute gevormd door de Hoogenboomlaan, de Kabbelaarsweg en de Vroonweg. In de toekomstige situatie wordt de Kabbelaarsweg afgewaardeerd tot langzaamverkeerspad en wordt de doorgaande route verlegd naar het noorden. De nieuwe route loopt deels over bestaande, te verbreden, weggedeelten van de Hoogenboomlaan-Vroonweg en gedeeltelijk over een nieuw tracé, waarbij de route het perceel van de voormalige Strandkerk doorkruist; zie afbeelding 3.1. Het nieuwe tracé wordt een herkenbaar continu profiel van dorp tot aan de duinen/zee: een groene ontvangst voor de Vroongronden. Een samenhangende en herkenbare route naar Renesse-west waarbij de aantrekkingskracht wordt vergroot door het landschap beleefbaar te maken en de relatie met de Vroongronden te versterken. Je voelt dat je hier naar het strand/de duinen gaat.

In het nieuwe tracé wordt de rijbaan getransformeerd naar rijpad/fietsstraat, met fietsers op de rijbaan waarbij de auto te gast is en voetgangers op een royaal apart voetpad kunnen lopen (conform richtlijnen 30km/u-gebied). De rijbaan wordt optisch zo smal mogelijk gemaakt om hard rijden te beperken en het verblijfsklimaat te onderstrepen (beeld van een karrenspoor vergelijkbaar met de Jan van Renesseweg). De inrichting van de berm tussen voetpad en rijpad (fietsstraat) werkt optisch versmallend door toepassing van bomen, verlichting en bermpaaltjes te plaatsen, waardoor snelheid wordt afgeremd. Hemelwaterafvoer wordt waar mogelijk zichtbaar afgekoppeld op de berm/watergang langs de weg (bij berm aandacht voor drainage). Bijzondere aandacht is er voor particuliere erfafscheidingen, omdat zij mede beeldbepalend zijn voor de uitstraling van het heringerichte profiel.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

12

Diverse pleintjes worden vormgegeven als attractiepunten en voorzien van bomen, keien en bijzondere verlichting, zodat aantrekkelijke en uitnodigende entrees van de diverse voorzieningen aan de weg ontstaan. De verkeersontsluiting van het gebied verloopt geheel via de oostelijk gelegen rotonde, zowel in de huidige alsook in de toekomstige situatie. Ook wordt de entree van het natuurgebied de Vroongronden (Natura 2000) sterk verbeterd en veiliger voor fietsers, door de informele fiets- en wandelroute in combinatie met het ruiterpad door te trekken richting het dorp.

Afbeelding 3.1: vernieuwd wegtracé Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

13

In afbeelding 3.1 is het nieuwe tracé opgenomen. Dit tracé takt aan op de bestaande verkeersstructuren en alleen waar het niet past binnen het vigerende bestemmingsplan is het tracé opgenomen in dit bestemmingsplan. De belangrijkste (planologische) wijzigingen bevinden zich nabij de kruising van de Vroonweg met de Hoogenboomlaan. Hier vervalt een deel van de maatschappelijke bestemming en komt een verkeersbestemming voor in de plaats. Daarnaast wordt een deel van de verkeersbestemming iets breder dan in de huidige situatie. Ter compensatie wordt op een aantal plekken de bestemming 'Groen – Landschappelijk' uitgebreid, zoals ter plaatse van de groenstrook ten noorden van de brandweer. Deze strook kent in het vigerende bestemmingsplan de bestemming 'Wonen'. De exacte ligging van de toekomstige bestemmingen is opgenomen op de bij dit plan behorende verbeelding. Het nieuwe wegprofiel krijgt een landschappelijke inrichting die past bij de toeristische uitstraling van Renesse en de bezoekers/gasten verwelkomt. Vanaf de route beleeft men straks het landschap van de Vroongronden en zichtlijnen worden hersteld, kleine geluksmomentjes toegevoegd, zoals een bankje, die de route verbijzonderen. De basisverharding bestaat uit een terughoudend palet van klinkers, asfalt en beton dat fraai aansluit bij het rijke landschap.

Een diversiteit aan landschappelijke boomsoorten staan op onregelmatige afstand in kruidenrijke bermen tussen voetpad en rijpad. Het meubilair, zoals de verlichting, de bermpaaltjes, bankjes sluiten aan op de familieband van Renesse en krijgen een natuurlijke uitstraling. Afbeelding 3.2 toont het nieuwe profiel ter plaatse van de Hoogenboomlaan. In het planboek 'Groene ontvangst de Vroongronden' (Bijlage 1) zijn deeluitwerkingen voor het gehele tracé opgenomen.

Afbeelding 3.2: doorsnede vernieuwde wegtracé Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

14

Hoofdstuk 4 Beleidskader 4.1

Inleiding

De gemeente Schouwen-Duiveland heeft te maken met geldende beleidskaders van diverse overheden. Deze kaders zijn van invloed op de inhoud van een bestemmingsplan. Het gemeentelijke ruimtelijke beleid, zoals vastgelegd in dit bestemmingsplan, dient zich te bewegen binnen de marges van deze beleidskaders. In dit hoofdstuk worden de voor dit plan relevante beleidskaders en de wijze waarop deze in dit plan hun grondslag vinden, beschreven. Paragraaf 4.3 gaat in op het Rijksbeleid. Paragraaf 4.4 behandelt het provinciale beleid en paragraaf 4.5 het regionale beleid. Het relevante gemeentelijk beleid staat in paragraaf 4.6. Paragraaf 4.7 geeft tot slot de conclusies.

4.2

Europees beleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende Europese beleidskaders, waarvan de Kader Richtlijn Water de meest relevante is. De voornaamste beleidsuitgangspunten richten zich op het verbeteren van milieu- en natuurlijke kwaliteiten. In dit bestemmingplan zijn deze kwaliteiten beschermd door de regels en bestemmingen.

4.3

Rijksbeleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende nationale beleidskaders, waaronder de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), het Besluit Algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), de Erfgoedwet, het Nationaal bestuursakkoord Water en het Nationaal Waterplan. De voornaamste beleidsuitgangspunten richten zich op het verbeteren van milieukwaliteiten, cultuurhistorische waarden en natuurlijke kwaliteiten. In dit bestemmingplan zijn deze beleidsuitgangspunten geborgd binnen het Masterplan c.q. de planopzet. De belangrijkste beleidsaspecten worden onderstaande toegelicht. 4.3.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

Ook in de toekomst moet Nederland een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving bieden en economisch kunnen floreren. Daarom is het van belang om inzicht te hebben in de opgaven waar Nederland voor staat. De druk op de ruimte, de leefomgeving, vraagt voortdurend om afweging van verschillende belangen. Ook internationale ontwikkelingen, de invloed van technologie en de groeiende verschillen tussen regio's vragen om snellere, creatieve en integrale afwegingen. Het klimaat verandert en er moet zorgvuldiger worden omgaan met energiebronnen en grondstoffen. Ook daaruit vloeien nieuwe opgaven. In aanloop naar de Omgevingswet is er één rijksvisie op de leefomgeving opgesteld: de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. De eerste Nationale Omgevingsvisie is in september 2020 vastgesteld. De NOVI vervangt op nationaal niveau de Structuurvisie infrastructuur en ruimte (SVIR) en de strategische ruimtelijke delen van het verkeers- en vervoerplan, het nationale waterplan, de natuurvisie en het milieubeleidsplan. Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet geldt de NOVI als nationale visie onder de Omgevingswet. Voorliggend projectgebied wordt niet specifiek benoemd in de NOVI en het plan is niet in strijd met de doelen uit de visie.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

15

4.3.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

Het Rijk legt met het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) uit 2011 de nationale ruimtelijke belangen juridisch vast. Onderwerpen waarvoor het Rijk ruimte vraagt zijn de mainportontwikkeling van Rotterdam, bescherming van de waterveiligheid in het kustfundament en in en rond de grote rivieren, bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, zoals de Beemster, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam en de uitoefening van defensietaken. Ter bescherming van deze belangen zijn reserveringsgebieden, begrenzingen en vrijwaringszones opgenomen. In het besluit is aangegeven op welke wijze bestemmingsplannen voor deze gebieden moeten zijn ingericht. In 2012 is het Barro aangevuld met de ruimtevraag voor de onderwerpen hoofdinfrastructuur, elektriciteitsvoorziening, het regime van de herijkte ecologische hoofdstructuur en waterveiligheid (bescherming van primaire waterkeringen en bouwbeperkingen in het IJsselmeergebied). Ook is de nieuwe ladder voor duurzame verstedelijking (duurzaamheidsladder) per 1 juli 2017 verplicht (artikel 3.1.6 lid twee en drie Bro). Dit betekent dat indien een bestemmingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, getoetst dient te worden aan de ladder. De aanleg of herinrichting van een weg wordt niet als stedelijke ontwikkeling aangemerkt als bedoeld in artikel 3.1.6, tweede lid van het Bro.

De herinrichting hoeft dus niet te worden getoetst aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. De Vroongronden, direct ten westen van het nieuwe hotel, zijn in het Barro aangeduid als 'kustfundament'. Hier geldt op basis van artikel 2.3.2. van het Barro: "In een bestemmingsplan dat een wijziging inhoudt ten opzichte van het daaraan voorafgaande bestemmingsplan worden geen activiteiten mogelijk gemaakt die een belemmering vormen voor het uitzicht op de vrije horizon vanaf de gemiddelde hoogwaterlijn met de blik op zee". Aangezien dit bestemmingsplan ter plaatse van het kustfundament geen bebouwing of anderszins significante wijzigingen mogelijk maakt, wordt aan deze bepaling voldaan. Conclusie Het plan voldoet aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Binnen het aangeduide kustfundament zal geen bebouwing worden mogelijk gemaakt. Voor het overige zijn in het Barro geen onderwerpen benoemd die betrekking hebben op onderhavig plan.

4.4

Provinciaal beleid

4.4.1

Omgevingsplan Zeeland

Zolang de nieuwe Omgevingswet nog niet in werking is, moet de Provincie zich houden aan de huidige wetgeving. Met het vaststellen van het Omgevingsplan 2018 is getracht om, daar waar mogelijk, rekening te houden met de komende Omgevingswet. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 is het provinciaal beleidsplan voor de volle breedte van de fysieke leefomgeving. Het plan bevat beleid over economie, ruimte, mobiliteit, natuur, cultuur, water en milieu. Voortzetting van het voorgaande beleid was het uitgangspunt. Nieuw beleid is er onder meer voor de inrichting van de kustzone, energietransitie en klimaat-adaptatie. Het beleid is meer op hoofdlijnen beschreven en bouwt voort op de visie Zeeland 2040. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 is vastgesteld op 21 september 2018. De kern van het omgevingsplan wordt gevormd door vier integrale strategische toekomstgerichte opgaven die nationaal en provinciaal centraal staan:  

Duurzame en concurrerende economie Klimaatbestendige en -neutrale samenleving Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

16

 

Waardevolle leefomgeving Toekomstbestendige bereikbare woon-, werk- en verblijfomgeving

Het provinciaal omgevingsplan geeft invulling aan deze opgaven door ruimte te bieden voor economische vernieuwing en ontwikkeling van Zeeland en te zorgen voor een veilige en gezonde leefen werkomgeving, tegen de achtergrond van veranderingen in rijksbeleid, bevolkingsontwikkeling en klimaat. De ontwikkeling wordt op zorgvuldige wijze landschappelijk ingepast middels het versterken van de beleefbaarheid van de Vroongronden. Dit sluit aan op het provinciale doel om de realisatie in samenhang met landschapsversterking uit te voeren. Tevens is het plangebied goed bereikbaar, mede door de herinrichting VKH. Gelet hierop is de ontwikkeling in lijn met de doelstellingen uit het provinciale omgevingsplan. 4.4.2

Provinciale Omgevingsverordening

Op 21 april 2020 is de Omgevingsverordening Zeeland 2018 (actualisatieplan 4) in werking getreden, in het verlengde van het provinciale omgevingsplan. De Omgevingsverordening richt zich – net zo breed als het Omgevingsplan – op de fysieke leefomgeving in de Provincie Zeeland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, maar ook op het gebied van mobiliteit, milieu, natuur, water en bodem. Natuurgebieden In de omgevingsverordening is een deel van het plangebied aangemerkt als ‘Bestaande Natuur’. Hiervoor geldt dat in de toelichting van een bestemmingsplan waarin bestemmingen worden aangewezen dan wel regels worden gegeven voor gronden die zijn gelegen binnen 100 meter rond bestaande natuurgebieden, een beschrijving wordt gegeven van de wijze waarop rekening is gehouden met de wezenlijke kenmerken en waarden van de natuurgebieden en waarin aannemelijk wordt gemaakt dat geen onevenredige aantasting van de bedoelde kenmerken en waarden plaatsvindt. Met het plan wordt met name de beleving van de Vroongronden, het nabijgelegen natuurgebied, versterkt. Tevens wordt met de verlegging van de Vroonweg een route vanuit het dorp richting het natuurgebied gecreëerd voor langzaam verkeer.

Dit omwille van het versterken van de relatie van het dorp met de omringende natuur van Renesse. Uit de uitgevoerde ecologische quickscan (Bijlage 7) is gebleken dat de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Kop van Schouwen mogelijk worden aangetast. Een passende beoordeling was daarom nodig om te bepalen of de negatieve effecten op aangewezen habitattypen en -soorten significant zijn. Uit de passende beoordeling (Bijlage 9) blijkt dat er geen significant negatieve effecten te verwachten zijn. Zie ook paragraaf 5.12 van deze toelichting. In de omgevingsverordening is een deel van het gebied aangemerkt als 'Duisternisgebied'. In en in de nabijheid van de aangewezen duisternisgebieden mag extra alertheid en zorgvuldigheid worden verwacht van personen en instanties die hier activiteiten ontplooien die de kwaliteit van de heersende duisternis negatief kunnen beïnvloeden. Daarom is er een (bijzondere) zorgplicht ter bescherming van deze kwaliteit opgenomen. Voorgenomen ontwikkeling heeft geen negatieve invloed op het aangewezen duisternisgebied. De aanwijzing van duisternisgebieden betreft een fysieke begrenzing waarbij normale bedrijfsactiviteiten en de gebieden met waarde voor duisternis elkaar niet bijten.

Het gaat dus niet om bestaande activiteiten die lichtemissie veroorzaken op of in de begrensde gebieden voor zolang ze in hun huidige vorm, locatie, omvang en tijd blijven plaatsvinden.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

17

Landschap en cultuurhistorie Het plangebied grenst aan de Vroongronden, zie afbeelding 4.1. Dit betreft één van de gebieden behorende tot het Natuurnetwerk Nederland (NNN) c.q. Natuurnetwerk Zeeland (NNZ, de voormalig EHS) en de open entree van Zeeland. In de verordening wordt aangegeven dat in de toelichting bij een bestemmingsplan waarin gronden worden aangewezen dan wel regels worden gegeven voor landschappen of cultuurhistorische elementen, inzicht moet worden gegeven in de landschappelijke en cultuurhistorische waarden en stelt daartoe regels. In het kader van de herinrichting VKH wordt een klein stukje van de Vroongronden onttrokken aan het NNZ, ten behoeve van een optimale inpassing van de nieuwe wegenstructuur. Met de voorziene ontwikkeling worden de landschappelijke en cultuurhistorische waarden niet onevenredig aangetast. Sterker, door de herinrichting VKH is sprake van een landschappelijke en ruimtelijke kwaliteitsverbetering ter plaatse. De relatie met het natuurgebied wordt versterkt ten opzichte van de huidige situatie.

Afbeelding 4.1.: Uitsnede kaart 12 Landschapselementen en cultuurhistorische elementen Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

18

4.5

Regionaal beleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende regionale beleidskaders, waaronder het Toetskader bluswatervoorzieningen en bereikbaarheid, het Waterbeheerplan en de Keur watersysteem Waterschap Scheldestromen. De voornaamste beleidsuitgangspunten richten zich op het verbeteren van veiligheid en milieukwaliteit. In onderhavig bestemmingsplan zijn deze waarden beschermd door middel van gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden die passend zijn binnen het regionaal beleid.

4.6

Gemeentelijk beleid

4.6.1

Masterplan Renesse

Het Masterplan Renesse is in december 2015 door de gemeenteraad vastgesteld en bestaat uit twee delen. Het eerste deel is het toekomstperspectief: een inspirerende visie op de toekomst van Renesse voor de komende 20 tot 30 jaar. Deel twee bevat de uitvoeringsparagraaf met projectenlijst. De wijze waarop de gemeente private initiatieven toetst en faciliteert en (gemeentelijke) projecten realiseert, is uitgewerkt in de uitvoeringsparagraaf en is een direct uitvloeisel van de inhoud van het toekomstperspectief. De projectenlijst met prioriteiten zijn vrijwel een automatisch gevolg van het samenspel van toekomstperspectief en uitvoeringsparagraaf. De totstandkoming van het Masterplan Renesse is intensief en interactief geweest. In de projecten stuurgroep waren (bestuurs)leden van de dorpsraad en ondernemingsvereniging vertegenwoordigd. Verder zijn diverse keren klankbordgroepen gebruikt om (concept) documenten te beoordelen. Daarnaast zijn er enkele presentaties georganiseerd in het dorp. Het Masterplan Renesse is het toetsingskader voor zowel bekende als toekomstige initiatieven. Ten eerste hebben de bij de gemeente bekende initiatieven een plaats gekregen in het Masterplan en zijn prioriteiten bepaald, onder mee voor de herinrichting van de openbare ruimte.

Toekomstige initiatieven, die nu nog niet bekend zijn bij de gemeente, kunnen worden getoetst aan de opgaven, functionele en ruimtelijke uitgangspunten in het Masterplan Renesse. De gemeente heeft enerzijds een rol als aanjager/uitvoerder, door projecten zelf uit te voeren, belangrijke koppelingen te maken tussen projecten en gesprekken aan te gaan met ontwikkelaars. Anderzijds is de gemeente faciliterend, door initiatieven van derden zoveel mogelijk te ondersteunen bijvoorbeeld door middel van wijziging van het bestemmingsplan Plangebied Het plan levert een bijdrage aan diverse opgaven en ambities die in het Masterplan Renesse worden genoemd. Eén van de opgaven is de natuur en het landschap verder het dorp inbrengen. Omdat er de afgelopen jaren veel is geïnvesteerd in het ontwikkelen van natuur rond Renesse, is het voorts van belang de natuur en het landschap verder het dorp in te brengen en het daar ook beter ervaarbaar en toegankelijk te maken. Met het verleggen van de Vroonweg naar de noordzijde van het plangebied wordt via de zuidzijde de route richting de Vroongronden vanaf het dorp versterkt. Door een verbinding tussen het dorp met het natuurschoon van de Vroongronden te creëren, wordt de natuurbeleving voor onder meer ruiters, fietsers en wandelaars versterkt.

Dit sluit aan bij de opgave om het fijnmazige netwerk van wandel- en fietsroutes verder aan te vullen en deze routes aantrekkelijker en veiliger te maken. De bestaande infrastructuur geeft door de huidige inrichting een hoofdrol aan de automobilist. De voorliggende ontwikkeling biedt een kans om de uitstraling van de openbare ruimte te verbeteren. Ook de verkeerssituatie verdient aandacht; vooral een veilige kruising van de Vroonweg en de Kabbelaarsweg. De herontwikkeling levert zodoende een bijdrage aan de landschappelijke kwaliteit en het oplossen van een ruimtelijk knelpunt. Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

19

De omgeving Vroonweg wordt in het Masterplan tevens benoemd als een van de belangrijkste ontwikkelgebieden van Renesse. Ontwikkelgebieden zijn gebieden waar veel verschillende opgaven samenkomen en een grootse slag kan worden geslagen in het verder ontwikkelen van Renesse tot een aantrekkelijke, levendige en groene badplaats. De rode draad in de opwaardering van de ontwikkelgebieden vormt de verkeersstructuur. Het aanpassen van de verkeersstructuur in en om het centrum is een randvoorwaarde voor het opknappen van het hart van Renesse en de gebieden daar om heen. Een deel van het perceel van de voormalige Strandkerk wordt aangewend ten behoeve van de herinrichting VKH. Met de herinrichting en opwaardering van de infrastructuur wordt zodoende een aantrekkelijke entree gecreëerd voor de Vroongronden.

4.7

Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat het onderhavig plan aansluit bij het beleid zoals hierboven beschreven.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

20

Hoofdstuk 5 Milieu 5.1

Inleiding

In dit hoofdstuk worden de voor dit bestemmingsplan relevante milieu- en omgevingsaspecten beschreven.

5.2

Milieueffectrapportage

5.2.1

Kader

Het inwerkingtredingsbesluit wijziging Besluit m.e.r. is op 7 juli 2017 in werking getreden. In dit gewijzigde Besluit m.e.r. is de nieuwe procedure omtrent de vormvrije m.e.r.-beoordeling opgenomen. Het besluit is aangepast omdat de Europese rechter heeft geoordeeld dat de drempelwaarden voor m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteiten onvoldoende recht deden aan de vraag of er sprake is van "aanzienlijke gevolgen voor het milieu". Het besluit is aangepast en de drempelwaarden zijn nu indicatief. Dat betekent dat als een project (ruim) onder de drempelwaarden blijft er wel een toetsing moet worden gedaan. Het bevoegd gezag moet zich er van vergewissen dat er daadwerkelijk geen aanzienlijke gevolgen voor het milieu zijn. Bij de wijziging of uitbreiding van een weg bestaande uit vier of meer rijstroken, of verlegging of verbreding van bestaande wegen van twee rijstroken of minder tot wegen met vier of meer rijstroken niet zijnde een, autosnelweg of autoweg, zoals aangegeven in D 1.2, kolom 2, kan er sprake zijn van een m.e.r.-plicht in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een weg met een tracélengte van 5 kilometer of meer. De drempelwaarden in het Besluit m.e.r.

(kolom 2-'gevallen' in de D-lijst) zijn gebaseerd op algemene kenmerken van een activiteit en een globale aanname dat bij gevallen onder de drempelwaarde geen belangrijke nadelige milieugevolgen zullen optreden. Dat hoeft echter niet altijd het geval te zijn: in bepaalde gevallen kan een activiteit met een kleinere omvang wel degelijk belangrijke nadelige milieugevolgen hebben. De consequentie van de nieuwe regeling is dat in elk besluit of plan, dat betrekking heeft op activiteiten, die voorkomen op de D-lijst aandacht moet worden besteed aan m.e.r. Er zal een toets moeten worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Voor deze toets, die dus een nieuw element is in de m.e.r.-regelgeving, wordt de term vormvrije m.e.r.-beoordeling gehanteerd. Deze vormvrije m.e.r.-beoordeling kan tot twee conclusies leiden: a. belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er is geen m.e.r.(-beoordeling) noodzakelijk; b. belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r. De vormvrije m.e.r.-beoordeling is dus altijd nodig als een besluit of plan wordt voorbereid over activiteiten die voorkomen op de D-lijst. Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling bestaan geen vereisten voor de vorm, maar wel voor de inhoud.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

21

5.2.2

Koppeling plan-m.e.r.-plicht - passende beoordeling

De voorgenomen activiteit, de aanpassing van de wegeninfrastructuur, is getoetst aan de Wet natuurbescherming, onderdeel gebiedsbescherming (zie paragraaf 5.12). In de omgeving van het plangebied ligt het Natura 2000-gebied Kop van Schouwen. Als gevolg van de herontwikkeling zijn significant negatieve effecten op het nabijgelegen Natura 2000-gebied vooraf niet uit te sluiten. Ingevolge artikel 2.8, eerste lid van de Wet natuurbescherming is het opstellen van een passende beoordeling dan verplicht. In een passende beoordeling wordt onderzocht of aantasting van de natuurlijke kenmerken, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen van een gebied, kan worden verwacht. In het bestemmingsplan moet met de mogelijke gevolgen rekening worden gehouden. Deze passende beoordeling is inmiddels opgesteld (zie Bijlage 9 en paragraaf 5.12). De koppeling tussen het opstellen van een passende beoordeling en een plan-MER voor een plan of programma is opgenomen in art. 7.2a, lid 1 Wm. Het tweede lid van dit artikel bevat de mogelijkheid om op deze koppeling een uitzondering te maken, namelijk voor categorieën van gevallen, waarin sprake is van kleine gebieden en kleine wijzigingen die geen aanzienlijke milieueffecten hebben. Deze uitzondering wordt uitgewerkt in een nieuw artikel 3 van het Besluit milieueffectrapportage (“Besluitm.e.r.“).

Hiermee wordt de mogelijkheid gecreëerd om voor twee specifieke situaties door middel van een m.e.r.-beoordeling te concluderen dat geen plan-MER hoeft te worden opgesteld. Hiervoor moet worden voldaan aan drie eisen, namelijk:   

een bestuursorgaan van de gemeente moet bevoegd gezag zijn. De plan-m.e.r.-beoordeling is hierdoor uitgesloten voor plannen of programma’s van de provincies of het Rijk; het plan moet zien op een omvang van het grondgebied van de gemeente dat klein is in verhouding tot het totale grondgebied van de gemeente; het bevoegd gezag heeft beoordeeld of het plan geen aanzienlijke milieueffecten heeft.

Voorliggend plan voldoet aan bovenstaande criteria, waardoor er gebruik kan worden gemaakt van de uitzondering en het opstellen van een plan-MER niet noodzakelijk is. 5.2.3

Toetsing

De ontwikkeling valt onder de eerste kolom van de D-lijst horende bij het Besluit m.e.r. (categorie 1.2). De drempelwaarde van een tracélengte van 5 kilometer (kolom 2) wordt niet overschreden. Voor de ontwikkeling kan gebruik worden gemaakt van de uitzonderingsmogelijkheden zoals hierboven beschreven. Het bevoegd gezag moet, op basis van artikel 7.19 van de Wet milieubeheer een (vormvrij) m.e.r. beoordelingsbesluit nemen, voorafgaand aan de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan. Bij de vormvrije m.e.r.-beoordeling dient rekening gehouden te worden met de criteria zoals die zijn opgenomen in bijlage III van de EU richtlijn milieubeoordeling projecten. Deze worden hieronder behandeld: 1. Kenmerken project / activiteit Het plan voorziet in de herinrichting van de Vroonweg, de Kabbelaarsweg en de Hoogenboomlaan te Renesse De drempelwaarde van een tracélengte van 5 kilometer (kolom 2) wordt niet overschreden.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

22

2. Plaats van het project / activiteit Het plangebied is gelegen aan de zuidwestelijke rand van de kern Renesse, op Schouwen-Duiveland. Het plangebied behelst een klein deel van de gronden van het hotel aan de Vroonweg 33-35 (kadastraal bekend gemeente Westerschouwen, sectie H, nummer 568), het perceel van de voormalige Strandkerk gelegen aan de Hoogenboomweg 3 (kadastraal bekend gemeente Westerschouwen, sectie H, nummer 567), alsmede een deel van de huidige Vroonweg, een deel van de Kabbelaarsweg en een deel van het nieuwe wegtracé van de Vroonweg. 3. Samenhang met andere activiteiten Er zijn geen concrete andere activiteiten in de omgeving van het plangebied gepland of in uitvoering. 4. Kenmerken van de (mogelijk belangrijke) nadelige milieugevolgen Voor de beoogde ontwikkeling zijn in het kader van het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan reeds meerdere milieuaspecten afgewogen die (mogelijk) negatieve effecten als gevolg hebben. In het kader van de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is onderzoek gedaan naar de volgende aspecten:           

Bedrijven en milieuzonering Explosieven Luchtkwaliteit Geluid (wegverkeerslawaai) Bodem Archeologie Water Externe veiligheid Kabels en leidingen Flora en fauna Licht en duisternis

Het plangebied blijft ruim onder de drempelwaarde zoals opgenomen in de D-lijst van het Besluit m.e.r. In de volgende paragrafen is per aspect beoordeeld wat de effecten van het plan zijn. Uit de onderzoeken die zijn uitgevoerd blijkt dat als gevolg van de realisatie van het plan geen (significante) nadelige milieueffecten optreden – noch op zichzelf, noch in onderlinge samenhang bezien- waardoor een uitgebreide m.e.r.-beoordeling niet aan de orde is. Uit de conclusies per milieuaspect (en de achterliggende onderzoeken) blijkt dat deze aspecten de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg staan. Het is in de lijn der verwachting dat op grond van de afzonderlijke wet- en regelgeving per specifiek onderwerp de eventueel noodzakelijke ontheffingen en vergunningen worden verleend.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

23

5.3

Bedrijven en milieuzonering

5.3.1

Kader

Voor het behoud en de verbetering van de kwaliteit van de woon- en leefomgeving is een juiste afstemming tussen de verschillende voorkomende functies en wonen noodzakelijk. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van een milieuzonering die uitgaat van richtinggevende afstanden tussen hinderlijke functies (in de vorm van gevaar, geluid, geur, stof) en gevoelige functies. In de brochure ‘Bedrijven en Milieuzonering’ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) (versie 2009) zijn deze richtafstanden opgenomen, die zijn samengevat in tabel 5.1. Van deze richtafstanden kan gemotiveerd worden afgeweken.

Tabel 5.1 Richtafstanden volgens 'Bedrijven en milieuzonering 2009'. 5.3.2

Onderzoek

Het wijzigen van infrastructuur wordt niet aangemerkt als milieubelastende functie zoals bedoeld in de handreiking. Het bestemmingsplan maakt daarnaast geen (nieuwe) gevoelige bestemmingen mogelijk, waardoor onderzoek niet benodigd is. 5.3.3

Conclusie

Gelet op het voorgaande wordt geconcludeerd dat het aspect bedrijven en milieuzonering niet leidt tot belemmeringen.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

24

5.4

Explosieven

Het plangebied ligt voor een klein deel in een gebied met een lage trefkans; zie afbeelding 5.3. Het merendeel van het plangebied wordt als niet verdacht beschouwd. In het verleden (naoorlogs) hebben er grondroerende werkzaamheden plaatsgevonden waarbij eventuele gevonden explosieven destijds zijn opgemerkt en afgevoerd. Ter plaatse van de herinrichting VKH vinden geen diepgaande grondwerkzaamheden plaats, er zal alleen aan de oppervlakte worden gewerkt. Onderzoek naar NGE’s (niet gesprongen explosieven) is derhalve niet nodig. Gedurende de werkzaamheden dient volgens 'Protocol Toevalstreffer CE uit de Tweede Wereldoorlog' uit het gemeentelijke CE beleidsplan gewerkt te worden.

Afbeelding 5.1: overzicht trefkans explosieven in relatie tot plangebied Gelet op het voorgaande wordt geconcludeerd dat het aspect explosieven niet leidt tot belemmeringen.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

25

5.5

Luchtkwaliteit

5.5.1

Kader

Onderzoek naar luchtkwaliteit moet bij bestemmingsplannen worden uitgevoerd op grond van hoofdstuk 5, titel 5.2 'Luchtkwaliteitseisen' van de Wet milieubeheer. De titel 5.2 'Luchtkwaliteitseisen' is beter bekend als de Wet luchtkwaliteit. De kern van de Wet luchtkwaliteit is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Het NSL is een bundeling maatregelen op regionaal, nationaal en internationaal niveau die de luchtkwaliteit verbeteren en waarin alle ruimtelijke ontwikkelingen/projecten zijn opgenomen die de luchtkwaliteit in belangrijke mate verslechteren. Het doel van de NSL is om overal in Nederland te voldoen aan de Europese normen voor de luchtverontreinigende stoffen. Voor wegverkeer zijn stikstofdioxide (NO2), fijnstof (PM10) en zeer fijnstof (PM2,5) de belangrijkste stoffen. De in de Wet luchtkwaliteit gestelde norm voor NO 2 en PM10 jaargemiddelde grenswaarde is voor beide stoffen 40 µg/m3. Daarnaast mag de PM10 24 uurgemiddelde grenswaarde van 50 µg/m3 maximaal 35 keer per jaar worden overschreden. De jaargemiddelde grenswaarde voor zeer fijnstof (PM2,5) bedraagt 25 µ g/m3. Met het van kracht worden van het NSL zijn de tijdstippen waarop moet worden voldaan aan de jaargemiddelde grenswaarden NO2 en PM10 aangepast. Voor PM10 is dat 11 juni 2011 en 1 januari 2015 voor NO2. De grenswaarde voor PM2,5 is vanaf 1 januari 2015 van toepassing.

Naast de introductie van het NSL is het begrip 'niet in betekenende mate bijdragen' (NIBM) een belangrijk onderdeel van de Wet luchtkwaliteit. Een project draagt NIBM bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit als de NO2 en PM10 jaargemiddelde concentraties niet meer toenemen dan 1,2 µg/m3. In dat geval is de ontwikkeling als NIBM te beschouwen. Een ruimtelijke ontwikkeling vindt volgens de Wet luchtkwaliteit doorgang als ten minste aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:    

de ontwikkeling is opgenomen in het NSL; de ontwikkeling aangemerkt wordt als een NIBM-project; de gestelde grenswaarden in bijlage 2 van de Wet luchtkwaliteit niet worden overschreden; projectsaldering kan worden toegepast.

Voor zover de ruimtelijke ontwikkeling is opgenomen in het NSL of de ontwikkeling kan worden aangemerkt als NIBM-project is toetsing aan de grenswaarden van de Wet luchtkwaliteit niet nodig. 5.5.2

Onderzoek

Er is onderzoek uitgevoerd naar de absolute waarde van de concentraties luchtverontreinigende stoffen op een afstand van 10 m van de rand weg en ter plaatse van de omliggende woningen in de plansituatie (KuiperCompagnons, Luchtkwaliteitonderzoek, 3 juni 2021). De resultaten van dit onderzoek worden hieronder beknopt weergegeven; de volledige rapportage is als Bijlage 8 bijgevoegd. Uit de resultaten voor de luchtverontreinigende stoffen NO2, PM10 en PM2,5 op een afstand van 10 m vanaf de rand van de weg blijkt dat deze jaargemiddelde concentratie luchtverontreinigende stoffen respectievelijk 14, 17 en 9 µg/m3 bedraagt. Deze concentratie is ruim lager dan de grenswaarde van deze stoffen. Een overschrijding van de 24 uurgemiddelde grenswaarde voor PM10, te weten 35 dagen van meer dan 50 µg/m3, treedt op bij een jaargemiddelde concentratie die hoger is dan 32 µg/m3. Aangezien de jaargemiddelde concentratie van PM10 maximaal 17 µg/m3 bedraagt, kan op grond van statistische regels voor de daggrenswaarde worden geconcludeerd dat het aantal overschrijdingsdagen zeker niet meer is dan 35 dagen per jaar.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

26

Ter plaatse van de beschouwde woningen is de bijdrage van het verkeer en de absolute waarde van de concentratie luchtverontreinigende stoffen kleiner, omdat de woningen langs het weggedeelte met de hoogste intensiteit aan motorvoertuigen op grotere afstand dan 10 m van de rand van de weg zijn gelegen. Uit de resultaten blijkt dat deze jaargemiddelde concentratie voor de luchtverontreinigende stoffen NO2, PM10 en PM2,5 respectievelijk 13, 17 en 9 µg/m3 bedraagt. Omdat deze jaargemiddelde concentraties veel lager zijn dan de gestelde grenswaarden vanuit de Wet luchtkwaliteit en tevens lager zijn dan de advieswaarden van de WHO, zijn er vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening geen belemmeringen te verwachten vanuit het aspect luchtkwaliteit. Het onderzoek naar de concentraties luchtverontreinigende stoffen heeft plaatsgevonden voor de plansituatie in het beoordelingsjaar 2021. Verwacht wordt dat in de toekomst de achtergrondconcentraties en emissies van motorvoertuigen afnemen. Dit betekent dat de berekende concentraties in de toekomst afnemen. Omdat in het jaar 2021 het aspect luchtkwaliteit niet leidt tot belemmeringen is dat ook niet het geval in toekomstige jaren. 5.5.3

Conclusie

Zoals uit het bovenstaande blijkt vormt het aspect luchtkwaliteit geen belemmering.

5.6

Wegverkeerslawaai

5.6.1

Kader

Langs een weg bevindt zich overeenkomstig artikel 74 van de Wet geluidhinder (Wgh, 2007) aan weerszijden een zone waarbinnen akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd. De zonebreedte is afhankelijk van het aantal rijstroken, de snelheid en van de aard van de omgeving (stedelijk of buitenstedelijk gebied). De definities van stedelijk en buitenstedelijk gebied zijn opgenomen in artikel 1 Wgh. Deze definities luiden:  

stedelijk gebied: het gebied binnen de bebouwde kom (bepaald door komgrensborden) met uitzondering van het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg; buitenstedelijk gebied: het gebied buiten de bebouwde kom en het gebied binnen de bebouwde kom dat is gelegen binnen de zone van een autoweg of autosnelweg.

Omdat dit onderzoek uitsluitend betrekking heeft op 30 km-wegen, is er vanuit de Wgh geen noodzaak voor het uitvoeren van een akoestisch onderzoek. Op grond van jurisprudentie dient vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening echter ook onderzoek plaats te vinden naar het aspect wegverkeerslawaai rond de 30 km-wegen. Ter onderbouwing van de aanvaardbaarheid van de geluidsbelasting wordt aangesloten bij de benaderingswijze die de Wgh hanteert voor gezoneerde wegen. Vanuit dat oogpunt wordt als referentiekader de normstelling van de reconstructie van een weg gehanteerd. Hierbij is een geluidsbelasting tot de voorkeursgrenswaarde zonder meer aanvaardbaar. Is de geluidsbelasting hoger dan de voorkeursgrenswaarde en de toename groter dan 1,5 dB (met andere woorden hoorbaar voor een gemiddeld menselijk oor) dan moeten maatregelen worden afgewogen. 5.6.2

Onderzoek

Met dit bestemmingsplan wordt de herinrichting van de Hoogenboomlaan, Vroonweg en Kabbelaarsweg mogelijk gemaakt. De akoestische effecten zijn getoetst ter plaatse van de langs de genoemde wegen gelegen woningen (KuiperCompagnons, Akoestisch onderzoek, 28 mei 2021). Het akoestisch onderzoek is opgenomen in Bijlage 6 van deze toelichting.

Bestemmingsplan Herinrichting VKH Renesse Ontwerp Toelichting

27

Resultaten onderzoek Uit het onderzoek blijkt dat ter hoogte van het te reconstrueren deel van de Hoogenboomlaan zes woningen in de situatie na verlegging een toename van de geluidsbelasting ondervinden die hoger is dan 1,5 dB, waarbij de geluidsbelasting in de situatie na verlegging hoger is dan de voorkeursgrenswaarde. In de onderstaande tabel is de maximale toename per adres weergegeven:

Maatregelen Omdat sprake is van een significante toename van de geluidsbelasting ter plaatse van de 6 woningen, zijn vanuit van een goede ruimtelijke ordening maatregelen onderzocht. Maatregel in het overdrachtsgebied: Plaatsen van geluidwerende voorzieningen. Deze maatregel bestaat ter hoogte van de woning Hoogenboomlaan 28c uit een geluidsscherm van minimaal 1,4 meter hoog op het perceel van de woning. Deze hoogte van dit scherm is zo gekozen dat de geluidsbelasting op de begane grond voldoet aan de voorkeursgrenswaarde. In deze situatie is het, gezien de stedenbouwkundige en verkeerskundige gewenste situatie, niet mogelijk zodanig hoge geluidsschermen te plaatsen dat ook op de verdieping van de woning sprake is van een significante reductie. De andere 5 woningen zijn gelegen op de hoek van de Vroonweg en de Zeedistelweg. Rond het kruispunt van de Vroonweg met de Zeedistelweg is het plaatsen van schermen niet mogelijk vanwege reflecties die de schermen veroorzaken op de tegenoverliggende woningen en de vele in- en uitritten. Ook verstoren de schermen het beeld vanaf de weg in grote mate en wordt het uitzicht vanuit de betreffende woningen zelf verstoord. Daarnaast is het bij geluidsschermen altijd een risico dat 'hoekjes uit het zicht' ontstaan, wat kan leiden tot sociale onveiligheid.

Tot slot zullen dergelijke schermen in de praktijk waarschijnlijk juist leiden tot hinderlijke pieken in de geluidsbeleving vanwege de reflectie en versnipperde ligging. Voor andere overdrachtsmaatregelen, zoals een grondwal, is fysiek geen ruimte, en daarbij zouden overigens ook grotendeels de bovenstaande negatieve effecten eveneens optreden. Bronmaatregel: Verlagen van de snelheid. Het verlagen van de snelheid is feitelijk niet mogelijk, aangezien de weg nu reeds een 30 km/h-regime kent. Het verminderen van het verkeer ligt ook niet binnen de mogelijkheden, aangezien de route de enige (en daarmee belangrijkste) oost-westverbinding voor gemotoriseerd verkeer door/langs Renesse vormt. Bronmaatregel: Afstand tot geluidsgevoelige bestemmingen. De nieuwe weg komt op ongeveer dezelfde afstand van de bestaande woningen af te liggen als de bestaande weg. Bij het ontwerpen van het wegprofiel is gezocht naar een zo goed mogelijke verdeling van 'groen' en 'grijs'. Het verschuiven van de toekomstige rijlopers in zuidelijke richting is op de meeste plekken fysiek onmogelijk door de beperkte breedte van het profiel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10701772/1