CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

20210901 Discussienota kengetallen risicobeheersing

Gemeenteraad 24 februari 2022, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Evaluatie kengetallen risicobeheersing (522825)27.150 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

2.

a.

per programma, of per programmaonderdeel als bedoeld in artikel 8, vierde lid, de gerealiseerde baten en lasten en het saldo daarvan;

b.

het overzicht van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen, de gerealiseerde kosten van de overhead en het bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting;

c.

het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten, volgend uit de onderdelen a en b;

d.

de werkelijke toevoegingen en onttrekkingen aan reserves;

e.

het gerealiseerde resultaat, volgend uit de onderdelen c en d.

Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening bevat van de onderdelen genoemd in het eerste lid ook de ramingen uit de begroting voor en na wijziging.

Artikel 28 BBV De toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening bevat ten minste:

- 80 a.

voor alle onderdelen van artikel 27, eerste lid, een analyse van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de jaarstukken;

b.

een overzicht van de aanwending van het bedrag voor onvoorzien;

c.

een overzicht van de incidentele baten en lasten per programma, waarbij per programma ten minste de belangrijkste posten afzonderlijk worden gespecificeerd en de overige posten als een totaalbedrag kunnen worden opgenomen;

d.

een overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves;

e.

de informatie, bedoeld in de artikelen 4.1, eerste en tweede lid, en 4.2, eerste tot en met derde lid van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector.

Artikel 59 BBV 1. Alle investeringen worden geactiveerd. 2.

In afwijking van het eerste lid worden kunstvoorwerpen met een cultuur-historische waarde niet geactiveerd. Artikel 60 BBV

Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief kunnen worden geactiveerd indien: a.

het voornemen bestaat het actief te gebruiken of te verkopen;

b.

de technische uitvoerbaarheid om het actief te voltooien vaststaat;

c.

het actief in de toekomst economisch of maatschappelijk nut zal genereren en;

d.

de uitgaven die aan het actief zijn toe te rekenen betrouwbaar kunnen worden vastgesteld.

Artikel 63 BBV 1. Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. 2.

De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten.

3.

De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd.

4.

Voor in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs. Gronden in eeuwigdurende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaarde.

5.

Van activa waarvan de bestemming verandert, wordt de actuele waarde van de nieuwe bestemming in de toelichting op de balans opgenomen.

6.

In afwijking van het eerste lid is waardering tegen actuele waarde toegestaan voor de activa van de Nazorgfondsen bedoeld in artikel 15.47 van de Wet milieubeheer.

7.

Passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, met uitzondering van voorzieningen die tegen contante waarde zijn gewaardeerd.

8.

Eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden met de boekwaarde van leningen en vorderingen verrekend.

- 81 Aldus vastgesteld in de vergadering van gedeputeerde staten van 2 april 2019. Drs. J.M.M. Polman, voorzitter A.W. Smit, secretaris Uitgegeven 15 april 2019 De secretaris, A.W. Smit

2

Het percentage van de heffingsmaatstaf, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van het besluit financiële verhouding 2001, bedraagt 0,1164.

Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11068555/1