20210309 Raadsbrief onderzoek externe aanvoer zoetwater naar S-D bijlage 2 varianten
Tekst van het document
Verkenning externe aanvoer door W+B 3 bronnen en 2 distributiesystemen 6 varianten Bron 1 = Noorder Krammer (Grevelingendam/Philipsdam) Bron 2 = Eendracht bij het innamepunt van Sint-Philipsland Bron 3 = Haringvliet nabij Den Bommel Distributie a = gesloten ringleiding, 2 m3/s Distributie b = open oppervlaktewatersysteem, 5 m3/s
Varianten in beeld Distributiesysteem a, 2 m3/s
3
1
2
Varianten in beeld 3
1
Distributiesysteem b, 5 m3/s
2
De peilen verkleuren van blauw naar rood om schematisch aan te geven dat het water tussen bron en gemaal zouter wordt. De verkleuring weerspiegelt dus geen berekende verzilting.
Criteria • Effectiviteit = maat voor irrigatiewaterkwaliteit • Effecten op omgeving = met name effect op stabiele ecologie
• Duurzaamheid bron = zowel m.b.t. de technisch te borgen zoetheid als de optie van een zout Volkerak-Zoommeer
• Realisatietijd = verhouding tussen aanlegtermijnen • Kosten = onderscheiden in aanleg- en gebruikskosten
Effectiviteit Kwaliteit irrigatiewater
Bron 1
Bron 2
Bron 3
Systeem a
Matig
Goed
Uitstekend
Systeem b
Zeer matig
Matig
Goed
Effect op omgeving
Bron 1
Bron 2
Bron 3
Systeem a
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Systeem b
Licht matig
Matig*
Matig*
* Het effect wordt vooral bepaald door seizoenale schommelingen in chloridegehalte. Sloten die nu al stabiel zoet zijn, ondervinden dus geen negatief effect en scoren mogelijk zelfs beter dan neutraal.
Duurzaamheid bron
Bron 1
Bron 2
Bron 3
Systeem a
Slecht
Onzeker
Uitstekend
Systeem b
Slecht
Onzeker
Uitstekend
Realisatietijd (relatief*)
Bron 1
Bron 2
Bron 3
Systeem a
Kort
Kort
Lang
Systeem b
Lang
Lang
Heel lang
* Omdat deze verkenning niet op projectniveau is uitgevoerd, betreft dit een grove inschatting van de complexiteit van zowel de planfase als de uitvoering. Bron 3 en systeem b scoren in dat opzicht negatiever dan de andere varianten.
Kosten (M€), aanleg + gebruik/jaar
Bron 1 Bron 2 Bron 3 aanleg gebruik aanleg gebruik aanleg gebruik Systeem a
111
2,4
103
2,4
125
2,5
Systeem b
83
1,6
82
1,5
95
1,5
Overall vergelijking op criteria 1a
1b
2a
2b
3a
3b
Effectiviteit* Omgeving Duurzame bron Realisatietijd Kosten*,** * Effectiviteit en kosten worden beschouwd als de twee belangrijkste criteria ** De kosten zijn in gradaties van rood onderscheiden i.p.v. met de kleurindicaties van de andere criteria
Kosten per hectare en kuub • 10,4 miljoen m3 = gemiddelde gift 104 mm/groeiseizoen • 10.000 ha irrigatieareaal Aanleg
1a
1b
2a
2b
3a
3b
€/ha
11100
8300
10300
8200
12500
9500
Gebruik
1a
1b
2a
2b
3a
3b
€/ha
240
162
240
154
248
154
€/m3
0,23
~ 0,16
0,23
~ 0,15
0,24
~ 0,15
Algemene conclusies • Geen enkele variant is op alle facetten superieur • Het open systeem is goedkoper dan de ringleiding, maar de
irrigatiekwaliteit is lager. Daar staat tegenover dat het open systeem meerwaarde heeft voor peilbeheer
• De kosten zijn hoog, zowel in aanleg als gebruik. Daarin onderscheidt deze aanvoer zich wezenlijk van die naar Tholen & Sint Philipsland en Reigersbergsche polder