CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

17. 7897033 1687859565251 3.4 Waterbodemonderzoek TI23015.wbo.rp.0102 WBO Noordgouwe

Gemeenteraad 28 september 2023, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: RVS Aanleg fietspad Roterijdijk-Zuiddijk nabij Dreischor (965249)2.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Waterbodemonderzoek Noordgouwe – Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

WATERBODEMONDERZOEK NOORDGOUWE MILIEUHYGIËNISCH ONDERZOEK WATERBODEM

WATERBODEMONDERZOEK NOORDGOUWE MILIEUHYGIËNISCH ONDERZOEK WATERBODEM

Opdrachtgever

Unihorn BV Postbus 58 1633 ZH Avenhorn

Colofon

Tijhuis Ingenieurs BV Softwareweg 4B 3821 BP Amersfoort

Projectnaam

Waterbodemonderzoek Noordgouwe

Onderdeel

Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

Projectnummer

TI23015

Datum

10-3-2023

Aantal pagina’s

12

Versie

V01

Status

Definitief

Archiefcode

TI23015.wbo.rp.0102

Opsteller

M. Schoutsen

Vrijgave

L. Elijzen MSc

V1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe – Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

Samenvatting Tijhuis Ingenieurs heeft januari 2023 een verkennend waterbodemonderzoek uitgevoerd in watergangen in landelijk gebied rond Noordgouwe. Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor de uitvoering van het waterbodemonderzoek zijn de voorgenomen baggerwerkzaamheden in de watergangen. Het hoofddoel van het onderzoek is het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de baggerspecie conform de NEN5720 in het kader van voorgenomen baggerwerkzaamheden. Met deze gegevens zijn de verwerkingsmogelijkheden conform het Besluit bodemkwaliteit bepaald. Milieuhygiënische kwaliteit en hoeveelheid Het onderzoek is uitgevoerd volgens de normen NEN5717- en NEN5720:2017. Uit het onderzoek blijkt het volgende: ► 6 van de 7 monstervakken zijn verspreidbaar over aangrenzende percelen op basis van het Besluit bodemkwaliteit. Eén monstervak is niet verspreidbaar op basis van msPAF overschrijding van organische stoffen. Dit vak is toepasbaar op landbodem of in oppervlaktewater. ► Alle monstervakken zijn verspreidbaar op basis van PFAS. Uitvoeringsaspecten Met de resultaten van het onderzoek zijn de uitvoeringsaspecten van het werk bepaald. Verwerkingsmogelijkheden baggerspecie Afhankelijk van de beoogde toepassingslocatie kan onderzoek naar de buitencontouren van herbruikbare en niet-herbruikbare baggerspecie noodzakelijk zijn.

Onder niet herbruikbare baggerspecie valt afhankelijk van het toepassingskader niet/nooit toepasbare of niet/nooit verspreidbare baggerspecie (ook op basis van PFAS) Het grootste deel van de vrijkomende baggerspecie kan op basis van de kwaliteit lokaal worden verspreid of in een weilanddepot verwerkt. Als het verspreiden van de specie niet haalbaar is, of de baggerspecie is als niet verspreidbaar aangemerkt, zijn de volgende verwerkingsmogelijkheden beschikbaar: ► Een deel van de baggerspecie is op basis van toepasbaarheid op landbodem aangemerkt als klasse Industrie. De baggerspecie kan lokaal worden toegepast in een baggerspeciedepot. ► De baggerspecie is vrij toepasbaar in oppervlaktewater of als klasse A en B aangemerkt en kan worden toegepast in oppervlaktewater. Veiligheidsmaatregelen Voor de uitvoering van het werk moet een V&G-plan worden opgesteld. In het V&G-plan worden de maatregelen opgenomen om de veiligheid van de uitvoering van het werk te bepalen. Deze worden bepaald de analyseresultaten te toetsen aan de normen van de CROW400. Vergunningen en meldingen ► Besluit Bodemkwaliteit Baggerspecie die niet direct op de aanliggende oever wordt verwerkt of wordt afgevoerd naar een erkende stortlocatie moet minimaal 5 dagen voor aanvang van het werk gemeld worden via de website www.bodemplus.nl.

► Waterwet Minimaal 4 weken voor aanvang van het werk moet een Blbi-melding bij de waterkwaliteitsbeheerder te worden gedaan. Voor de nooit toepasbare specie moet een werkplan worden bijgevoegd. Er moet rekening worden gehouden met een proceduretijd van 6 weken.

i Versie 7.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe – Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

Inhoudsopgave Samenvatting ..................................................................................................................................................... i 1

Inleiding ...................................................................................................................................................1

2

Vooronderzoek .......................................................................................................................................2

3 3.1 3.2 3.3 3.4

Milieuhygiënisch onderzoek .................................................................................................................3 Onderzoekstrategie en onderzoeksinspanning .................................................................................. 3 Veldwerkzaamheden ............................................................................................................................ 3 Laboratoriumonderzoek ........................................................................................................................ 4 Resultaten................................................................................................................................................ 4

4

Verantwoording ......................................................................................................................................6

Bijlagen* 1. 2. 3. 4.

5. 6.

Vooronderzoek NEN 5717:2017 Boorbeschrijvingen Analysecertificaten Toetsingsresultaten volgens het Besluit bodemkwaliteit: a. Verspreiden b. Toepasbaarheid op of in de landbodem c. Toepasbaarheid als waterbodem d. Toepassen in Grootschalige Bodemtoepassing (GBT) op land e. Toepassen in Grootschalige Bodemtoepassing (GBT) in oppervlaktewater Toetsingsresultaten Handelingskader PFAS Gebruikte normen

Tekeningen* TI23015-wbo-TK-0101

Overzichtstekening

*De bijlagen zijn separaat toegevoegd aan dit PDF-bestand. In de meeste PDF-programma’s zijn de bijlagen te openen door op de paperclip te klikken.

0 Versie 7.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

1

Inleiding In opdracht van Unihorn BV heeft Tijhuis Ingenieurs BV een milieuhygiënisch onderzoek waterbodem uitgevoerd in een aantal watergangen in het landelijke gebied rond Noordgouwe. De onderzoekslocatie is weergegeven in afbeelding 1.1 en op tekening TI23015-wbo-TK-0101. Afbeelding 1.1: ligging onderzoekslocatie (Bron OSM)

Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor de uitvoering van het waterbodemonderzoek zijn de voorgenomen baggerwerkzaamheden in de watergangen. Hoofddoel van het onderzoek is het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de te verwijderen baggerspecie. Op basis van deze gegevens zijn de verwerkingsmogelijkheden op basis van de normen uit het Besluit bodemkwaliteit bepaald.

1 Versie 1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

2

Vooronderzoek In de voorbereiding van het onderzoek is een vooronderzoek uitgevoerd volgens controlelijst A van de NEN 5717:2017 ‘Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek’. Het volledige vooronderzoek is opgenomen als bijlage 1 van deze rapportage. Hypothese Voor alle trajecten wordt op basis van het grondgebruik, de aanwezigheid van bebouwing, de afwezigheid van puntbronnen en de waterhuishouding een normale, homogene verontreiniging van de sliblaag verwacht. De verwachting is dat de baggerspecie verspreidbaar is op aangrenzend perceel. De verwachting is dat de verontreiniging in verticale richting homogeen is. Asbest De te onderzoeken watergangen zijn niet verdacht op het voorkomen van asbest.

2 Versie 1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

3

Milieuhygiënisch onderzoek In dit hoofdstuk zijn de resultaten van het vooronderzoek vertaald naar de onderzoeksstrategie en het bemonsteringsplan. Aansluitend is beschreven op welke wijze het veld- en laboratoriumonderzoek is uitgevoerd. Vervolgens wordt ingegaan op de resultaten van het milieuhygiënisch onderzoek.

3.1

Onderzoekstrategie en onderzoeksinspanning Op basis van de resultaten uit het vooronderzoek is conform NEN 5720:2017 de volgende onderzoeksstrategie vastgesteld: ► Lintvormig water, normale onderzoeksinspanning (LN); In tabel 3.1 is de monsternamestrategie met het aantal monstervakken en boringen per deellocatie weergegeven. Tabel 3.1: Samenvatting onderzoeksstrategie en onderzoeksinspanning Locatie

Onderzoeksstrategie

Lengte (m)

Noordgouwe

LN

1.785

Aantal Aantal monstervakken boringen 7

70

Bemonsteringsdiepte

Analysepakket

Volledige sliblaag

Pakket C22 + PFAS + OCB

2 Pakket C2 = droge stof, organisch stof, lutum, metalen (As, Ba, Cd, Cr, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb, Zn), minerale

olie (C10-C40), PAK 10 VROM, PCB, Pentachloorbenzeen, Pentachloorfenol, OCB,

Bemonsteringsplan Voor aanvang van het veldwerk is een bemonsteringsplan opgesteld. De boringen in de monstervakken zijn in de lengterichting van het vak op een gelijkmatige afstand en in de breedte aselect verdeeld. Samenstellen mengmonsters De monsters worden samengevoegd in het veld.

3.2

Veldwerkzaamheden Het veldwerk is 19-1-2023 uitgevoerd door de gecertificeerde veldwerkers A. Hoosbeek en J. Klaassen. Het veldwerk en de bijbehorende veldregistraties zijn uitgevoerd volgens BRL 2000, protocol 2003. Om contaminatie van het monstermateriaal te voorkomen is de bemonstering uitgevoerd volgens de richtlijnen zoals opgenomen in het document ‘Handreiking PFAS bemonsteren’ van het Expertisecentrum PFAS. Plaatsbepaling en monstername De plaatsbepaling van de boorpunten is bepaald met rtk-GPS. De rtk-GPS heeft een nauwkeurigheid van circa 0,03 m in x, y en z-richting. De boringen zijn uitgevoerd met een zuigerboor en doorgezet tot 0,1 m in de vaste bodem. Per boring is een monster genomen van de sliblaag. Vaste bodem is niet in het monster opgenomen. De monsters zijn samengevoegd in het veld. Op de aangegeven boorpunten van het boorplan zijn in totaal 70 boringen geplaatst. Het opgeboorde materiaal is zintuiglijk onderzocht, gekarakteriseerd en beschreven. De boorbeschrijvingen zijn opgenomen in bijlage 2. Zintuiglijke waarnemingen Er zijn zintuiglijk geen bijzonderheden geconstateerd die relevant zijn voor de uitkomsten en interpretatie van het onderzoek. 3

Versie 1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem Afwijkingen op NEN-5720 en BRL 2000 protocol 2003 Tijdens het veldwerk is niet afgeweken van de NEN 5720 of de BRL 2000 protocol 2003. Ten opzichte van de in paragraaf 3.1 genoemde strategie hebben geen wijzigingen plaatsgevonden.

3.3

Laboratoriumonderzoek De monsters zijn samengevoegd in het veld en na monstername gekoeld getransporteerd, opgeslagen en overgedragen aan het laboratorium. De monsters zijn chemisch onderzocht door Eurofins Analytico B.V. Dit laboratorium is geaccrediteerd door de RVA. Voorbehandeling De monsters zijn voorbehandeld conform AS3000 en onderzocht op de in tabel 3.1 weergegeven parameters.

3.4

Resultaten De analyseresultaten zijn getoetst aan de algemene toetsingskaders uit het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) en de bijbehorende regeling: ► Verspreiding over aangrenzende percelen ► Toepasbaarheid baggerspecie in of op landbodem ► Toepasbaarheid baggerspecie in oppervlaktewater ► Toepasbaarheid in grootschalige bodemtoepassing (GBT) op land ► Toepasbaarheid in grootschalige bodemtoepassing (GBT) in oppervlaktewater De volledige toetsing is opgenomen in bijlage 4. De gebruikte normen zijn opgenomen in bijlage 6. In tabel 3.2 is een samenvatting van de toetsingsresultaten opgenomen. Tabel 3.2: Samenvatting toetsingsresultaten Monstervak MV01 MV02 MV03 MV04 MV05 MV06 MV07

Verspreiding over Toepassen aangrenzend perceel Op/ in landbodem In oppervlaktewater (msPAF) Vrij verspreidbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij verspreidbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij verspreidbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Niet toepasbaar > Verspreidbaar Klasse A industrie (minerale olie) Vrij verspreidbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Niet toepasbaar > Verspreidbaar Klasse A Industrie (minerale olie) Niet verspreidbaar Klasse Industrie Klasse B (Pak) (msPAF organisch)

Toepassen als GBT Op landbodem

In oppervlaktewater

Toepasbaar Toepasbaar Toepasbaar

Toepasbaar Toepasbaar Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Resultaten PFAS De analyseresultaten van het PFAS-onderzoek zijn getoetst aan de normen zoals vastgesteld in het Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie van 13 december 2021. De normen zijn opgenomen in bijlage 6. De analyseresultaten zijn opgenomen in bijlage 3 en de toetsingsresultaten in bijlage 5. In tabel 3.3 is een samenvatting van de toetsingsresultaten opgenomen. In deze tabel is voor het toepassingskader ‘Toepassen op landbodem’ onderscheid gemaakt in de functieklassen (van de ontvangende bodem) Landbouw/Natuur en Wonen of Industrie.

4 Versie 1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem Tabel 3.3: Samenvatting analyseresultaten toetsing toepassingsnormen Resultaat toetsing Monstervak

Verspreiden (Cat 4.2)

Toepassen op land functieklasse (Cat 4.1) Landbouw/Natuur

Wonen of Industrie

Toepassen oppervlaktewater (Cat 4.9.1 & 4.9.2)

MV01

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

MV02

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

MV03

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

MV04

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

MV05

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

MV06

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

MV07

Verspreidbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Disclaimers Door het laboratorium zijn geen disclaimers gerapporteerd. In de certificaten zijn in bijlage B disclaimers opgenomen. De disclaimers hebben geen invloed op het eindoordeel van de analyse. Aanvullend onderzoek en analyses Op basis van de resultaten van het onderzoek is geen aanvullend onderzoek uitgevoerd. Er zijn ook geen aanvullende analyses ingezet. Interpretatie en toetsing hypothese Voor de onderzochte watergangen is uitgegaan van de hypothese: verspreidbaar op aangrenzend perceel. Gezien het aangetroffen verontreinigingsbeeld wordt deze hypothese in het onderzoek voor nagenoeg alle monstervakken bevestigd. Alleen voor de monstervak MV07 wordt de hypothese niet bevestigd. De waterbodem wordt hier als niet verspreidbaar aangemerkt. De watergangen zijn onderzocht volgens de normale onderzoeksinspanning. Er is geen aanvullend onderzoek uitgevoerd. Het onderzoek is geschikt om voor de geplande baggerwerkzaamheden gebruikt te worden.

5 Versie 1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem

4

Verantwoording Kwaliteitsborging Tijhuis Ingenieurs BV is voor het uitvoeren van veldwerk voor waterbodemonderzoek gecertificeerd volgens de BRL SIKB 2000 ‘Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodemonderzoek” en het bijbehorende protocol 2003 ‘Veldwerk bij Milieuhygiënisch Waterbodemonderzoek’. Het procescertificaat van Tijhuis Ingenieurs en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op het veldwerk ten behoeve van monstername en overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium en de daarbij behorende veldwerkregistraties. Tijhuis Ingenieurs BV is als opdrachtnemer onafhankelijk van de opdrachtgever Unihorn BV. De verklaringen van de erkende veldwerkers, met betrekking tot onafhankelijkheid ten opzichte van de opdrachtgever en de uitvoering van het veldwerk conform de eisen van BRL SIKB 2000 en het daarbij behorende protocol 2003, zijn opgenomen in het onderstaande. Verklaring Functiescheiding Ik verklaar dat het veldwerk ten behoeve van monstername en overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium en de daarbij behorende veldwerkregistraties, onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en het daarbij behorende protocol 2003.

Arie Hoosbeek

Jurriën Klaassen

Geldigheidsduur kwalitatief waterbodemonderzoek De watergangen van dit milieuhygiënisch onderzoek waterbodem bevinden zich in een statisch watersysteem. Dit waterbodemonderzoek heeft daarom een geldigheidsduur van 5 jaar. De geldigheidsduur kan korter zijn als gevolg van bijzondere gebeurtenissen zoals (illegale) lozingen en/of calamiteiten en/of tussentijds baggeren. In deze gevallen dient een nieuw onderzoek plaats te vinden. Partijdigheid/onafhankelijkheid Ten behoeve van de uit te voeren werkzaamheden is geen sprake van partijdigheid. Tijhuis Ingenieurs is geen eigenaar van de onderzoekslocatie, is onafhankelijk van de opdrachtgever en heeft geen belang bij de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek of rapportages, er wordt geen 'eigen grond onderzocht'. Uitvoeren veldwerk Bij de uitvoering van het veldwerk zijn door Tijhuis Ingenieurs de volgende protocollen gehanteerd: ► BRL SIKB 2000 “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek”, versie 6 van 12-2018. ► Protocol 2003 “Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek”, versie 6, 1-2-2018. ► NPR 5741 Bodem. Boorsystemen en monsternemingstoestellen voor grond, sediment, en grondwater, die worden toegepast bij bodemverontreinigingsonderzoek. ► NEN 5742 Bodem. Monsterneming van grond en sediment t.b.v.

de bepaling van metalen, anorganische verbindingen, matig vluchtige verbindingen en fysisch-chemische bodemkenmerken. ► NEN 5104 Geotechniek. Classificatie van onverharde grondmonsters, ► NEN 5706 Richtlijnen voor de beschrijving van zintuiglijke waarnemingen tijdens de uitvoering van milieukundig bodemonderzoek. 6 Versie 1.72

Waterbodemonderzoek Noordgouwe - Unihorn BV Milieuhygiënisch onderzoek waterbodem ►

NEN 5720 Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch onderzoek, december 2017.

Verantwoordelijkheid Voorliggend waterbodemonderzoek is met zorgvuldigheid en volgens geldende wet- en regelgeving uitgevoerd. Omdat met een voorgeschreven en gelimiteerd aantal boringen en monsters wordt gewerkt, blijft het altijd mogelijk dat lokale afwijkingen in de waterbodem aanwezig zijn, die niet tijdens dit onderzoek naar voren komen. Dit onderzoek betreft een momentopname. Een eventuele beïnvloeding van de waterbodem na die tijd wordt niet meegenomen. Tijhuis Ingenieurs acht zich niet verantwoordelijk voor eventuele schade of gevolgen voortvloeiend uit dit waterbodemonderzoek. Laboratoriumonderzoek De uit te voeren analyses t.b.v. het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit en het asbestgehalte zijn verricht door Eurofins Analytico B.V. te Barneveld. Dit laboratorium is NEN-ENISO/IEC 17025 geaccrediteerd door de RvA onder nummer L010. Referenties ► NEN 5720:2017, Bodem – Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch onderzoek, Nederlands Normalisatie Instituut (ICS 13.080.05), december 2017. ► NEN 5717:2017, Bodem – Waterbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Nederlands Normalisatie Instituut (ISC 13.080.05), december 2017. ► Besluit van 22 november 2007, houdende regels inzake de kwaliteit van de bodem (Besluit bodemkwaliteit), Staatsblad 2007, nr. 469.

► Regeling circulaire bodemsanering van 1 juli 2013 (BWBR0033592). Staatscourant 2013, nr 16675. ► Regeling van 13 december 2007 (nr. DJZ2007124397), houdende regels voor de uitvoering van de kwaliteit van de bodem (Regeling Bodemkwaliteit), Staatscourant 2007, nr. 247. ► Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van 22 maart 2012 tot wijziging van de Regeling bodemkwaliteit (actualisering verwijzingen normdocumenten en technische aanpassingen 2012), Staatscourant 2012, nr. 6111. ► Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat van 29 november 2018 tot wijziging van de Regeling bodemkwaliteit (actualisering verwijzingen normdocumenten 2018.2) en enkele andere regelingen (verwijzing naar normdocumenten), Staatscourant 2018, nr. 68042 ► Protocol 2003 “Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek”, versie 2.2, 10-03-2016. ► NPR 5741 Bodem. Boorsystemen en monsternemingstoestellen voor grond, sediment, en grondwater, die worden toegepast bij bodemverontreinigingsonderzoek. ► NEN 5742 Bodem. Monsterneming van grond en sediment t.b.v. de bepaling van metalen, anorganische verbindingen, matig vluchtige verbindingen en fysisch-chemische bodemkenmerken. ► NEN 5104 Geotechniek.

Classificatie van onverharde grondmonsters, ► NEN 5706 Richtlijnen voor de beschrijving van zintuiglijke waarnemingen tijdens de uitvoering van milieukundig bodemonderzoek.

7 Versie 1.72

TIJHUIS INGENIEURS BV

info@tijhuisingenieurs.nl www.tijhuisingenieurs.nl Dampten 24C · 1624 NR HOORN 0229 272 000 Softwareweg 4B · 3821 BP AMERSFOORT 030 686 80 60 Madame Curieweg 27 · 8501 XC JOURE 0513 61 80 80

Versie 1.72

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13029987/1