CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

1693022 Bijlage 1 Jaarplan 2026 goedgekeurd RvT

Gemeenteraad 24 juni 2026, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: RVS Toekennen begrotingspostsubsidie Watersnoodmuseum 2026 (1693022)3.356 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

JAARPLAN 2026 CONCEPT - MAART 2026

Inleiding In 2026 is het precies 25 jaar geleden dat het Watersnoodmuseum de deuren opende. Een plek om de Ramp van 1953 te herdenken, in de caissons waarmee het gat in de dijk destijds gedicht werd. In de afgelopen kwart eeuw groeide het vrijwilligersinitiatief uit tot het best bezochte museum van Zeeland. Een nationaal erkend kennis- en herinneringscentrum met drie kernactiviteiten: herinneren, leren én vooruitkijken. Dit gebeurt op veel manieren: de vast expositie die nog steeds aangevuld wordt, de speciale thematentoonstellingen, de rondleidingen door de vele vrijwilligers waarvan sommigen de Ramp zelf nog meemaakten, de kunstenaars die de verhalen op een eigen manier vertellen, de interactieve installaties gericht op de toekomst, het Kenniscentrum, boeken, podcasts, de verhalen vastgelegd als oral history en de vele samenwerkingen – lokaal, landelijk en internationaal.

Missie ‘Alle generaties leren leven met de kracht van water’. Dat is de missie die medewerkers en vrijwilligers aan het museum meegaven. Zij deden dit eind 2025 in een strategietraject onder leiding van Synergie. De conclusie? Het Watersnoodmuseum is niet van de techniek, maar van de mens. Niet van de cijfers, maar van de emoties. Niet van de noodpakketten, maar van de verhalen die verbinden. We willen dat mensen beseffen: het kan jou ook overkomen. We willen niet beleren, maar raken. We willen herinneren om te leren, en leren om te koesteren. We willen dat bezoekers stilstaan bij wat vanzelfsprekend lijkt — en met hernieuwd bewustzijn en veerkracht de wereld instappen. Dit inzicht leidde tot een Kompas en een invulling van het herinneren, leren en vooruitkijken:

•

Herinneren: Als vertrekpunt herinneren we de ramp van 1953 , de 1835+1 slachtoffers en de veerkracht van de overlevenden. Hun persoonlijke verhalen raken, verbinden en maken voelbaar wat het betekent om alles te verliezen – en weer op te bouwen. We herinneren niet alleen om terug te kijken, maar om te beseffen wat we nu hebben: droge voeten, veiligheid, samen leven met water. Zo blijft het verleden een kompas voor vandaag.

•

Leren: We leren van wat er is gebeurd om sterker en bewuster in het heden te staan. Leren is bij ons geen instructie, maar een besef dat je meeneemt. Dat veiligheid

niet vanzelfsprekend is. Dat water onze vriend én onze vijand kan zijn. We leren door verhalen door te geven – van generatie op generatie – zodat het verleden niet verstilt, maar doorwerkt in hoe we vandaag leven.

Versie maart 2026

Pagina 2 van 10

•

Vooruitkijken: We kijken vooruit met het bewustzijn dat overstromingen van alle

tijden zijn. De zeespiegel stijgt, het weer wordt extremer –de lessen van 1953 blijven actueel. We willen mensen laten beseffen dat het ons allemaal kan overkomen, hier en elders. Vooruitkijken betekent: koesteren, niet vanzelfsprekend vinden. De noodzaak voelen om actie te ondernemen en te kijken hoe dat zou kunnen. Zodat we samen leren leven met water. In het strategietraject eind 2025 ontstond ook een beeld van wat goed gaat, en wat beter kan. Zo blijft het belangrijkste van het museum de persoonlijke verhalen, die mensen echt raken. De interactie met de bezoekers in de caissons, de oral history, de manier waarop de locatie het verhaal versterkt en de manier waarop 1953 wordt afgewisseld met de actualiteit. Toch kunnen er in de caissons ook dingen beter: de caissons kunnen nog beter aansluiten bij de missie en visie. Bezoekers moeten eigenlijk meteen weten wat het thema per caisson is. Ook zou het museum als geheel één verhaal moeten vertellen. De planning van groepen kan zorgvuldiger, en de actualiteit uit het museum is niet meer actueel – de jeugd van nu vraagt om iets anders. Ook de invulling van het kenniscentrum kan beter. Daarbij werd ook gesproken over onze relatie met Zeeland. Het enthousiasme van de vrijwilligers maakt het Watersnoodmuseum tot een trekpleister, met ook ruim mogelijkheid voor toerisme en recreatie.

Maar de relatie tussen de caissons en het buitengebied kan beter, net zoals de marketing en de aansluiting bij andere partijen in Zeeland. Waar het gaat om de educatieve programma’s zijn de verhalen verteld in het museum bijzonder waardevol. Het Watersnoodmuseum weet basisscholieren ook goed te bereiken. Toch is ook hier ruimte voor verbetering: in het betrekken van docenten, het instellen van een kinderraad, het bereiken van alle leeftijden, nieuwe lespakketten, meer interactie en meer aanpassing aan de groep. Tot slot stonden alle deelnemers in het strategietraject stil bij de samenwerkingen: het teamwork, de educatieve samenwerkingen en het feit dat het Watersnoodmuseum geldt als serieuze partner is mooi. Toch is er ruimte voor verbetering in de interne communicatie, de langdurige relaties met externe partijen, de positie als erfgoedorganisatie en de relaties met stakeholder op het gebied van de missie. Deze inzichten zijn verwerkt in het jaarplan voor het museum voor 2026. Daarbij is er in maart 2026 nog een strategiedag georganiseerd om de plannen concreet te maken. Met de nieuwe directeur, aangetreden in januari 2026, ging het ‘team Watersnoodmuseum’ aan de slag met het vertalen van de vijf ambities uit het Meerjarenbeleidsplan 2025-2028 naar

Versie maart 2026

Pagina 3 van 10

concrete acties voor het jaar 2025. De uitkomsten van deze bijeenkomst zijn verwerkt in dit jaarplan, en vertaald in de begroting. Daarbij is de benadering er een van hink-stapsprong. Met de ‘hink’ werken wij in de eerste helft van 2026 aan het op orde krijgen van de basis. Een professionele organisatie, de basis op orde, inclusief de financiën – het is nodig om de volgende stap te kunnen nemen. Die ‘stap’ kan dan gemaakt worden richting 1 februari 2028 – bij de 75-jarige herdenking moet het museum piekfijn op orde zijn. Klaar voor 75 jaar. Na dat grote herdenkingsjaar is er ruimte voor een sprong, waarbij het museum klaar is voor nog 75 jaar. Voor 2026 ligt de focus echter nog op het op orde brengen van de basis, en de stappen hieronder.

AMBITIES 1. Persoonlijk en innovatief het verhaal vertellen ‘Wij vertellen het verhaal over de kracht van water, op persoonlijke, toekomstgerichte en innovatieve wijze’ is een eerste ambitie uit het Meerjarenbeleidsplan. Verhalen doorvertellen is de kern van het Watersnoodmuseum. Tot nu toe lag de focus op verhalen over de ramp van 1953: herinneren en herdenken. Door klimaatverandering en zeespiegelstijging wordt de wereld steeds kwetsbaarder voor overstromingen. We moeten opnieuw leren leven met water. Daar kunnen de verhalen over de ramp van 1953 en over andere rampen bij helpen. De focus van het museum verbreedt zich: niet alleen leren over de ramp, maar ook leren van de ramp. Daarbij is ook een andere museumbeleving nodig: De generaties die (ver) na 1953 geboren zijn, kijken anders naar de ramp dan oudere generaties. De verhalen maken onveranderd indruk, maar jongere generaties leggen sterker de verbinding met hun eigen toekomst, de dreiging van klimaatverandering en hoe ze daarmee om kunnen gaan. Ook hebben jongere generaties andere verwachtingen van musea: ze zijn minder gewend aan het ‘consumeren’ van kennis en meer gericht op vragen stellen, zelf ontdekken en beleven. Daarbij gebruiken ze eigentijdse, interactieve middelen, zoals social media, games, interactieve leervormen en debat.

Tegen deze achtergrond richt het museum zich in 2026 zowel op persoonlijke en innovatieve manieren van herdenken, als op hernieuwde aandacht voor de toekomst. Dit krijgt vorm in de volgende projecten en activiteiten:

→ Het project ‘Van Ramp naar ritueel’ vertelt het verhaal van het herdenken zelf, over de tijd. Na de Watersnoodramp van 1953, maar ook in New Orleans, Valencia en

Versie maart 2026

Pagina 4 van 10

Aceh. Het bestaat uit een tentoonstelling, een podcast ‘Na het Onheil’ en een speciale publicatie.

→ Het project ’25 jaar Watersnoodmuseum’ staat stil bij alles wat in de afgelopen 25 jaar bereikt is, en de wijze waarop het museum zich heeft ontwikkeld. Op 2 april vindt een grote jubileumviering plaats om (oud)medewerkers, vrijwilligers en partners te bedanken en om terug te kijken. Daarnaast verschijnt een speciaal jubileummagazine dat breed verspreid wordt en zijn er gedurende het hele jaar activiteiten rondom het 25-jarig bestaan.

→ Boeken opnieuw uitgeven: Een aantal boeken dat het verhaal van de Ramp vertelt is verouderd, of helemaal niet meer verkrijgbaar. Daarom werken wij aan heruitgaves van het ‘Monumentenboek’, het Watersnoodpad en het boek ‘Watersnood’

→ De collectie van het museum breidt zich meer en meer uit. Wij maken ook dit jaar weer een serie oral history filmpjes, met ook – vanuit de ambitie om een inclusief museum te zijn – ook aandacht voor verhalen die vaak onverteld bleven, zoals van de Molukse gemeenschap.

→ De ambitie om verhalen nieuw te vertellen vraagt ook om een investering in meertalige brochures en een audiotour.

→ Kunst is een waardevolle manier om het verhaal van de Watersnoodramp, andere rampen en de opgave richting toekomst te vertellen. In de kunstenaarsresidentie verwelkomen wij 10 kunstenaars met verschillende achtergronden om de collectie te verrijken. Wij zetten ons dit jaar extra in voor de verdere verbinding van de kunst met de rest van het museum, en de mensen die in het museum werken, en voor de borging in de toekomst van de residentie. Ook organiseren wij weer het festival ‘Dichter bij Water’, samen met Vlaamse collega’s.

→ Een meer persoonlijke ervaring, die ook jongeren extra aanspreekt, kan via digitalisering en AI. In 2026 verkennen wij de mogelijkheid om bezoekers (digitaal en live) een meer persoonlijke museumbeleving mee te geven met behulp van AI.

→ Voor de allerjongsten kan de huidige tentoonstelling soms overweldigend, en te zwaar zijn. Speciaal voor hen ontwikkelen wij een educatiepakket rondom het hondje Bläsz. Met aantrekkelijke merchandise, en een museummenu.

→ Het Delta dilemma gaat over de toekomst: welke van de vier delta scenario’s zorgt ervoor dat wij van na de Ramp blijven? Wij werken aan het spel Delta Dilemma 2.0, dat ook door een breder publiek gespeeld kan worden.

Versie maart 2026

Pagina 5 van 10

→ Het project ‘Over de dijk, Overzee’: vertelt verhalen van hoop, verlies en vertrek na de Watersnoodramp. In 2026 vindt de voorbereiding plaats van een tentoonstelling die op 1 februari 2027 zal openen. Het gaat over Nederlanders die na de Watersnoodramp van 1953 emigreerden naar Australië, Canada, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten. Aan de hand van vier familiegeschiedenissen laten we zien wat vertrek betekent: waarom je gaat, hoe de reis verloopt en hoe je elders opnieuw begint. We vertellen dit met objecten, foto’s, brieven, film, audio en korte videoportretten. Veerkracht is het overkoepelende thema. De tentoonstelling krijgt een heldere route in caisson 2, opgebouwd rond vijf stappen: context, vertrek, reis, thuis en identiteit. Zo maken we veerkracht concreet en persoonlijk: hoe gezinnen na de Ramp keuzes maakten, ergens anders opnieuw begonnen en hoe die ervaring doorwerkt in volgende generaties. In 2026 vindt het onderzoek plaats en de voorbereiding voor de tentoonstelling en de publicatie.

2.

De caissons, de brasserie én de buitenruimte vertellen één verhaal

Het Watersnoodmuseum is een ‘lieu de mémoire’, een ‘traumalandschap’ waar de Ramp letterlijk sporen trok. Het is ook een wonderschoon natuurgebied, dat zich leent voor recreatie, een dagje uit en nadenken over de toekomst. Als ‘onthaalpoort’ van het Geopark Scheldedelta heeft het Watersnoodmuseum een interregionale functie in het vertellen van het verhaal van het leven met water, nu en in de toekomst. Toch zijn de verschillende elementen in het gebied van het museum niet optimaal op elkaar aangesloten, en weinig overzichtelijk voor de bezoeker. Hier gaan wij dan ook in 2026 aan werken.

→ Klaar voor 75 jaar: in februari 2028 is het 75 jaar geleden dat de Ramp plaatsvond. Het museum werkt in 2026, samen met gemeente, provincie en vele andere partners aan de inhoudelijke voorbereiding. Maar zorgt ook dat de caissons en de omgeving op orde zijn. Door onderhoud te plegen aan de caissons en aan de brasserie, inclusief het terras. Door, met behulp van vrijwilligers, medewerkers en andere experts, het verhaal in de vier caissons bij de tijd te brengen en beter op elkaar aan te laten sluiten. Met het updaten en veiliger maken van het depot, en de werkplekken. Door te werken aan de verduurzaming van de caissons, en het beter beschermen van kunstwerken als die van Claudy Jongstra.

→ Het 5e caisson is onderdeel van het verhaal: het 5e caisson, de naam zegt het al, draagt bij aan de missie van het museum. Dit vraagt wel om een menu van de brasserie dat aansluit bij de missie van het museum. Ook is het 5e caisson een

Versie maart 2026

Pagina 6 van 10

ideale plek voor beleidsmakers, experts en andere betrokkenen om samen te komen. Dit vraagt wel om het aanpakken van achterstallig onderhoud en het beter verbinden van brasserie en terras met de caissons – ook dit pakken wij in 2026 aan.

→ Upgrade buitenruimte: wie parkeert op de parkeerplaats van het museum ziet niet meteen waar naartoe te gaan. Ook is de ruimte verrommeld, met veel borden. Borden die voor een deel verouderd zijn. Het buitentheater ‘op de daken’ is deels kapot en kan niet gebruikt worden. Dat geldt ook voor de speelplaats. Wij pakken dit alles aan.

→ De

geschenkwoningen:

het Watersnoodmuseum heeft nog twee geschenkwoningen in opslag, en een subsidie van 125.000 euro om hier iets mee te doen. Wij onderzoeken de staat van de geschenkwoningen en kijken waar wij ze op kunnen zetten.

→ De verbinding met het landschap: wij zorgen dat de bezoekers weer kunnen weten welke wandelingen in de omgeving te maken zijn. Ook zijn wij betrokken bij de Krekentocht, en vertellen ook daar het verhaal van het museum.

3.

Het Kenniscentrum stimuleert, verbindt én vertaalt

Het Watersnoodmuseum is sinds 2015 erkend als Nationaal Kennis- en Herinneringscentrum. In het Kenniscentrum komt de drieledige focus van het museum – herinneren, leren en vooruitkijken – terug. Kennisvragen die gaan over herinneren zijn bijvoorbeeld: hoe ga je om met het trauma en het verdriet van de Ramp? Hoe houden wij de herinnering hoog? Welke nooit vertelde verhalen zijn er? Waar het gaat over leren speelt bijvoorbeeld de relatie tussen toen, nu en straks: hoe koppelen wij de ervaring van de Ramp aan de keuzes die wij nu moeten en kunnen maken om ervoor te zorgen dat zoiets nooit meer gebeurt? Hoe vertalen wij de verhalen van de Ramp in actie, zowel privé (waterbewustzijn, waterweerbaarheid) als collectief (keuze Deltaprogramma? Maar ook: Hoe dragen wij onze kennis optimaal over? Welke leer- en werkvormen spreken het meest aan voor po, vo en vervolgonderwijs? Hoe geven wij invulling aan de aandacht voor 1953 in de canon? En: hoe leggen wij de relatie tussen de Ramp van 1953 en de watersnoodrampen die zich wereldwijd voltrekken, en stellen wij de vraag wat wij in het hier en nu daaraan kunnen en moeten doen? Op het gebied van het vooruitkijken zijn er vragen als: Hoe betrekken wij het grote publiek (de 100.000 bezoekers per jaar van het museum) in de vragen en keuzes rondom waterveiligheid voor de toekomst? Hoe stimuleren wij toerisme en verdienmodellen in lijn met de

missie van het museum? Welke partnerschappen versterken dit? Hoe versterken wij individuele weerbaarheid, en zorgen wij dat iedereen weet wat te doen als het water weer komt? Hoe werken wij aan het waar mogelijk tegengaan van, maar ook het leren leven met het wassende water, inclusief zeespiegelstijging, waterbommen, rijzende rivieren en verzilting? Hoe kan het museum, in brede zin, bijdragen aan de transitie naar een veilige, weerbare Delta?

Versie maart 2026

Pagina 7 van 10

Dit doet het museum op een aantal manieren: • Vragen uitzetten: Bij vo-scholieren (profielwerkstuk) en studeren in het vervolgonderwijs. Dit kan in vele vormen (eenmalige opdracht, scriptie, keuzevak, hackatons, innovatiewedstrijden) en op heel veel kennisgebieden, van geschiedenis tot communicatiewetenschappen tot bouwkunde • Onderzoeksprojecten initiëren of erin participeren: Hierbij zal de nadruk vanuit het museum steeds liggen op actieonderzoek met een directe link naar de missie, het museum en de collectie. Concrete activiteiten en producten naar aanleiding van dit onderzoek kunnen zijn: lezingen, debatten, symposia, boeken, tentoonstellingen, digitale producties, kunstwerken etc. • Fysiek kenniscentrum: met boeken en andere materialen, waar onderzoekers op weg geholpen kunnen worden door de materialen • Waterwerkplaats: een ‘Waterhub’ waar studenten en onderzoekers rondom specifieke thema’s samen kunnen werken via methoden als design thinking. Dit kan ook het karakter krijgen van een fieldlab.

• Residents: Kunstenaars en/of onderzoekers worden door het museum uitgenodigd om ter plekke aan een van de bovenstaande vragen te werken • Flood Academy: is een internationaal programma gericht op jongeren In 2026 vinden in dit kader de volgende activiteiten plaats: → Het uitwerken van het programma van het Kenniscentrum, en het uitzetten van vragen bij universiteiten, hogescholen, het mbo en het vo (technasia) → Het organiseren van evenementen waarin deze kennis gedeeld wordt → Een specifiek digitaal educatieproject → Het initiëren van een kennissamenwerking rondom het thema rouw & verlies → Het initiëren van een kennissamenwerking rondom de delta scenario’s (vooruitkijken)

4. Een professionele samenwerking, ook met partners In 25 jaar is het Watersnoodmuseum uitgegroeid van een vrijwilligersorganisatie naar een professionele organisatie, met een veelheid aan partners. In 2026 willen wij verder werken aan de professionalisering: in de organisatieontwikkeling, in de onderlinge samenwerking, en in het HR-beleid. Dit zijn ook randvoorwaarden voor de realisatie van onze inhoudelijke doelstellingen. Daarnaast willen wij nog meer gaan werken als een netwerkorganisatie, waar wij onze bijzondere locatie en kennis ter beschikking stellen voor partners met eenzelfde missie – omdat je nu eenmaal samen veel meer kan bereiken. Dit leidt in 2026 in ieder geval tot de volgende samenwerkingen en activiteiten:

→ Met het Zeeland Nazomerfestival (ZNF) realiseren wij eind augustus een voorstelling bij het museum, en zijn wij festivalhart voor het theaterfestival op Schouwen-Duiveland

Versie maart 2026

Pagina 8 van 10

→ Met Artbase Terneuzen: werken wij samen om een bijzonder en toepasselijk kunstwerk, dat anders opgeslagen ligt in het depot van de Vleeshal, voor het publiek zichtbaar te maken en hiermee ook een extra, en nieuw publiek naar het Watersnoodmuseum te trekken

→ Met Nederland Verbeeld/t: werken wij aan een expositie, voor 2027, van de scenario’s voor de toekomst in het licht van zeespiegelstijding

→ Met de Levende Dijk: werken wij aan een innovatiezone rondom de vraag ‘hoe kunnen wij dijken ontwikkelen die zowel onze veiligheid waarborgen als de natuur ondersteunen’

→ Met het Delta Climate Center (DCC) werken wij aan de versterking van het kenniscentrum

→ Met ‘Justice for Rosa’ realiseren wij een voorstelling in bijvoorbeeld de schouwburg in Middelburg of het filmtheater Zierikzee

→ Met onze partners en sponsoren, waaronder de provincie Zeeland, de gemeente Schouwen-Duiveland, de Vriendenloterij, het Mondriaanfonds, Interreg, Dorp, Stad en Land, het Ministerie van I & W en vele anderen realiseren wij onze missie en de projecten uit dit jaarplan

→ De interne professionalisering krijgt vorm via het professionaliseren van het HR beleid: via een steviger opleidingsbudget, trainingen, de uitvoering van een medewerkerstevredenheidsonderzoek, het vaststellen van het functiehandboek en de opzet van resultaat- en ontwikkelingsgesprekken.

→ Ook waar het gaat om vrijwilligers – het hart van het museum – professionaliseren wij. Via het versterken van de rol van de Vrijwilligersraad, een vrijwilligersbeleid, en een vrijwilligerscoördinator. Als basismuseum organiseren wij ook een bijeenkomst voor alle vrijwilligers in Zeeland.

→ Het museum professionaliseert de digitale infrastructuur en de projectorganisatie. 5. Een toekomstbestendige financiële basis Een andere randvoorwaarde is een stevige en toekomstbestendige financiële basis. Het museum draait voor een groot deel op eigen inkomsten (uit de kaartverkoop, museumbrasserie en museumwinkel) en op tijdelijke subsidies. Dat is geen robuuste basis. Voor het op orde houden van de basisinfrastructuur van het museum, het afsluiten van vaste personeelscontracten en investeringen in vernieuwing is een duurzamer financieel fundament nodig. Dit geldt zeker voor de ambities ‘klaar voor 75 jaar’ en ‘klaar voor nog 75 jaar’. In 2026 wordt dan ook gewerkt aan:

→ Het verhogen van de inkomsten door in te zetten op extra marketing (onder andere rondom het 25-jarig bestaan) en door upselling

Versie maart 2026

Pagina 9 van 10

→ Het verlagen van de kosten, onder andere door in te zetten op duurzaamheid en een lager gasverbruik

→ Het ervoor zorgen dat het cluster horeca & hospitality rendabel is → Het onderzoek naar de mogelijkheid om fondsen te werven vanuit legaten → Een lobby voor erkenning als rijksmuseum, inclusief exploitatiesubsidie → Een solide meerjarenbegroting, gekoppeld aan een aangescherpt meerjarenbeleidsplan

Met deze plannen en ambities geeft het Watersnoodmuseum, ook in het 25 e jaar van het bestaan, inhoud aan het herdenken, leren en vooruitkijken met als missie om alle generaties te leren leven met de kracht van water.

Versie maart 2026

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16964286/1