1533769 Bijlage TABEL 1 WIJZIGINGEN GEDRAGSCODE INTEGRITEIT RAADSLEDEN GSD
Tekst van het document
TABEL 1: WIJZIGINGEN GEDRAGSCODE INTEGRITEIT RAADSLEDEN GEMEENTE SCHOUWEN-DUIVELAND Gedragscode integriteit raadsleden gemeente Schouwen-Duiveland HUIDIG – Inleiding NIEUW – Inleiding Nemen gemeenten contra-legem constructies op in Nemen gemeenten constructies op in de de gedragscode dan kunnen die gemakkelijk weer gedragscode die tegen de wet ingaan dan kunnen zelf aanleiding zijn voor integriteitsproblemen. die gemakkelijk weer zelf aanleiding zijn voor integriteitsproblemen. Integer handelen kan alleen in een cultuur en organisatie waar ook de andere waarden van goed Politieke ambtsdragers hebben een voorbeeldfunctie. bestuur worden nagestreefd. De Nederlandse Code Een politiek ambt wordt verricht in een glazen huis. voor Goed Openbaar Bestuur benoemt een aantal Een volksvertegenwoordiger gedraagt zich zoals een kernwaarden van goed openbaar bestuur. Integriteit goed ambtsdrager betaamt. Een politieke wordt hierin in één adem genoemd met openheid. ambtsdrager onthoudt zich van gedragingen die de ‘Openheid en integriteit’: “het bestuur is open en goede uitoefening of het aanzien van het ambt of het integer en maakt duidelijk wat het daaronder openbaar bestuur schaden.
Een politiek ambt verstaat.“ De wetgeving (en de gedragscode in gewetensvol vervullen gebeurt in de dagelijkse aanvulling hierop) bevat diverse voorschriften inzake praktijk en strekt zich ook uit tot de privésfeer. In de openheid met het oog op de integriteit. huidige digitale wereld is zeker sprake van een dunne scheidslijn tussen werk en privé. Daarom is in Die voorschriften hebben betrekking op ieder geval het downloaden van illegale software, het openbaarmaking van nevenfuncties en/of downloaden of verspreiden van pornografische, neveninkomsten, van geschenken, buitenlandse racistische, discriminerende, beledigende, reizen, excursies en evenementen. De registraties in aanstootgevende of (seksueel) intimiderende teksten de codes zijn bedoeld om de transparantie te en afbeeldingen, of het versturen van berichten die bevorderen die belangenverstrengeling en (kunnen) aanzetten tot haat en/of geweld niet onverantwoord en/of onjuist gebruik van publieke toegestaan. middelen door politieke ambtsdragers moeten tegengaan. De politieke ambtsdrager is primair zelf Integriteit is niet alleen een kwestie van regels, maar verantwoordelijk voor zijn integriteit en hij zal zich ziet ook op de onderlinge omgangsvormen. Een daar in alle openheid over moeten verantwoorden.
respectvolle omgang met burgers en organisaties, tussen politieke ambtsdragers onderling en tussen De Nederlandse Code voor Goed Openbaar Bestuur politieke ambtsdragers en medewerkers, met behoud verbindt openheid en integriteit met de kernwaarden van eigen politieke inhoud en stijl, is van belang. In participatie, behoorlijke contacten met burgers, de omgang met burgers, ambtenaren, externe doelgerichtheid en doelmatigheid, legitimiteit, lerend partijen en andere politieke ambtsdragers wordt van en zelfreinigend vermogen en verantwoording. Al een politieke ambtsdrager correct, fatsoenlijk, en deze kernwaarden klinken in verschillende mate respectvol gedrag verwacht dat vrij is van door in de hierna volgende gedragscode. 1
Deze herschrijving komt voort uit de modelgedragscode voor decentrale volksvertegenwoordigers, zoals deze als bijlage is opgenomen bij het Handboek integriteit voor politieke ambtsdragers van decentrale overheden’ (mei 2023). Het geeft aan de hand van voorbeelden aan dat de scheidslijn tussen en werk en privé dun is. Het betreft een verduidelijking van wat wordt verstaan onder integer en respectvol gedrag, zowel publiek als privé.
ongewenste omgangsvormen en grensoverschrijdend en (seksueel) intimiderend gedrag zoals hinderlijk gedrag, intimidatie, dubbelzinnige opmerkingen, handtastelijkheden, agressie, pesten en discriminatie. Politieke ambtsdragers opereren vaak in diverse (boven)lokale netwerken. Deze netwerken dragen bij aan het geworteld zijn van de politieke ambtsdrager. Tegelijkertijd ontstaat hierdoor het risico dat politieke ambtsdragers vanuit het gevoel van sympathie en loyaliteit, de belangen van de eigen netwerken vooropstellen ten koste van het algemeen belang. De schijn van oneigenlijke beïnvloeding kan snel gewekt zijn. Dit maakt duidelijk dat het nadenken over de eigen integriteit verder gaat dan het beoordelen van individuele handelingen. Het vraagt ook dat politieke ambtsdragers zich bewust zijn dat zij altijd verbonden zijn met professionele en persoonlijke netwerken. En dat deze netwerken ‘onbewust’ een invloed kunnen hebben op de keuzes en acties van de politieke ambtsdrager, die mogelijk tot een schending leiden. Dit risico van ‘netwerkcorruptie’ kan de integriteit en de kwaliteit van het lokaal bestuur onder druk zetten. HUIDIG – Artikel 2 1. Het raadslid levert de griffier de informatie aan over de (neven)functies die openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het raadslidmaatschap.
Als gaande het lidmaatschap nieuwe (neven)functies aanvaard worden of de omstandigheden met betrekking tot bestaande (neven)functies wijzigen, wordt de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij de griffier.
NIEUW – Artikel 2 1. Het raadslid levert de griffier de informatie aan over de (neven)functies die openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het raadslidmaatschap, dan wel binnen één maand na aanvaarding van de (neven)functie en geeft hem de wijzigingen daarin door.
HUIDIG – Artikel 3.1
NIEUW – Artikel 3.1
2
De huidige modelgedragscode pleit voor een langere termijn voor het melden van nieuwe (neven)functies of het wijzigen van bestaande (neven)functies.
1. Het raadslid zorgt ervoor dat vertrouwelijke en geheime informatie waarover hij beschikt veilig wordt bewaard. 2. Verlies of lekken van vertrouwelijke en geheime informatie wordt per omgaande gemeld aan de griffier.
Het raadslid gaat zorgvuldig en correct om met de informatie waarover hij uit hoofde van zijn lidmaatschap van de Raad beschikt en zorgt ervoor dat vertrouwelijke en geheime informatie veilig wordt bewaard.
HUIDIG – Artikel 4.1 1. Een raadslid accepteert geen geschenken, faciliteiten en diensten als zijn onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed. 2. Onverminderd het eerste lid kan het raadslid incidentele geschenken die een geschatte waarde van ten hoogste € 50 vertegenwoordigen behouden. 3. Geschenken die het raadslid uit hoofde van zijn ambt ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen worden, als zij niet worden teruggestuurd, eigendom van de gemeente. 4. De griffier legt een register aan van de geschenken met een geschatte waarde van meer dan € 50. In het register is aangegeven welke bestemming de gemeente hieraan heeft gegeven. Het register is openbaar en via internet beschikbaar. 5. Geschenken worden niet op het huisadres ontvangen.
NIEUW – Artikel 4.1 1. Een raadslid accepteert en biedt geen geschenken, faciliteiten en diensten als zijn onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed. 2. Het raadslid kan, tenzij het eerste lid van toepassing is, incidentele geschenken die een geschatte waarde van € 50 of minder vertegenwoordigen, behouden. 3. Geschenken die het raadslid uit hoofde van zijn ambt ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen worden, indien zij niet worden teruggestuurd, geregistreerd en eigendom van de gemeente. 4. De griffier legt een register aan van de geschenken met een geschatte hogere waarde dan € 50. In het register is aangegeven welke bestemming de gemeente hieraan heeft gegeven. Het register is openbaar en via internet beschikbaar. 5. Geschenken worden niet op het huisadres ontvangen. NIEUW – Artikel 4.2 1. Deelname aan excursies en evenementen voor rekening van anderen dan de gemeente maakt het raadslid openbaar binnen één week nadat de excursie, dan wel het evenement heeft plaatsgevonden. Hij maakt daarbij in ieder geval openbaar wie deze kosten voor zijn/hun rekening heeft/ hebben genomen. 2. De informatie is via internet beschikbaar.
HUIDIG – Artikel 4.2 1. Deelname aan excursies en evenementen voor rekening van anderen dan de gemeente maakt het raadslid binnen één week na deelname openbaar. Daarbij wordt ook openbaar gemaakt wie de kosten voor zijn rekening heeft genomen. 2. De informatie is openbaar en via internet beschikbaar.
3
Op basis van de modelgedragscode wordt het huidige lid 1 herschreven en komt lid 2 te vervallen.
Op basis van de modelgedragscode wordt lid 1 uitgebreid in zoverre dat naast het accepteren van geschenken ook het bieden van geschenken komt te vallen onder de werkingssfeer van de gedragscode. In lid 3 wordt toegevoegd dat er een registratie wordt bijgehouden van geschenken van meer dan €50 die niet worden teruggestuurd en eigendom worden van de gemeente. Verder is sprake van enkele tekstuele herschrijvingen.
Dit betreft een herschrijving op basis van de modelgedragscode.
HUIDIG – Artikel 4.3 1. Een raadslid meldt de griffier de ondernomen buitenlandse reizen voor rekening van anderen dan de gemeente binnen één week na terugkeer in Nederland. Hij meldt in ieder geval het doel, de bestemming en de duur van de reis en wat daarvan de kosten waren. 2. De griffier legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.
NIEUW – Artikel 4.3 1. Een raadslid meldt de griffier de buitenlandse reizen op uitnodiging van derden binnen één week na terugkeer in Nederland. Hij meldt in ieder geval wat het doel, de bestemming en de duur van de buitenlandse reis is geweest en wat daarvan de kosten waren. 2. De griffier legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.
HUIDIG – Artikel 5.1 1. Het bestuursorgaan richt de financiële en administratieve organisatie zodanig in dat er een getrouw beeld mogelijk is van de juistheid en rechtmatigheid van de uitgaven en hanteren heldere procedures over de wijze waarop functionele uitgaven rechtstreeks in rekening worden gebracht of kunnen worden gedeclareerd bij de gemeente. 2. Het raadslid verantwoordt zich over zijn gebruik van de voorzieningen volgens de in het kader van het eerste lid vastgelegde regels en procedures. HUIDIG – Artikel 5.3 Gebruik van voorzieningen en eigendommen van de gemeenten ten eigen bate of ten bate van derden is niet toegestaan, tenzij hier andere afspraken over gemaakt zijn. HUIDIG – Artikel 6.1 De gemeenteraad bevordert de eenduidige interpretatie van deze gedragscode. Ingeval van leemtes en onduidelijkheden in de gedragscode voorzien zij daarin.
NIEUW – Artikel 5.1 1. Burgemeester en wethouders richten de financiële en administratieve organisatie zodanig in dat er een getrouw beeld mogelijk is van de juistheid en rechtmatigheid van de uitgaven, met heldere procedures over de wijze waarop functionele uitgaven rechtstreeks in rekening worden gebracht of kunnen worden gedeclareerd bij de gemeente. 2. Het raadslid verantwoordt zich over zijn gebruik van de voorzieningen volgens de in het eerste lid vastgelegde regels en procedures. NIEUW – Artikel 5.3 Gebruik van voorzieningen en eigendommen van de gemeente ten eigen bate of ten bate van derden is, tenzij dit wettelijk is geregeld, niet toegestaan.
HUIDIG – Artikel 6.2
NIEUW – Artikel 6.2
NIEUW – Artikel 6.1 De gemeenteraad bevordert de eenduidige interpretatie van deze gedragscode. Ingeval van leemtes en onduidelijkheden in de gedragscode voorziet de gemeenteraad daarin.
4
Dit betreft een herschrijving op basis van de modelgedragscode.
Dit betreft een herschrijving op basis van de modelgedragscode.
Dit betreft een herschrijving op basis van de modelgedragscode.
Dit betreft een herschrijving op basis van de modelgedragscode.
1. Op voorstel van de burgemeester maakt de gemeenteraad in ieder geval afspraken over: a. de periodieke bespreking van het onderwerp integriteit in het algemeen en van de gedragscode in het bijzonder; b. de aanwijzing van contactpersonen of aanspreekpunten integriteit; c. de processtappen die worden gevolgd ingeval van een vermoeden van een integriteitschending door een politieke ambtsdrager van de gemeente. 2. De afspraken, bedoeld in het eerste lid, maken deel uit van deze gedragscode.
1.
2. Wettelijke grondslag en toelichting bepalingen HUIDIG – Paragraaf 2 Voorkomen van belangenverstrengeling •
•
Een lid van een volksvertegenwoordiging neemt niet deel aan de stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken; de vaststelling of goedkeuring der rekening van een lichaam waaraan hij rekenplichtig is of tot welks bestuur hij hoort (artikel 28 Gemeentewet). Het bestuursorgaan waakt ertegen dat tot het bestuursorgaan behorende of daarvoor werkzame personen die een persoonlijk belang bij een besluit hebben, de besluitvorming beïnvloeden (artikel 2:4, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht).
Op voorstel van de burgemeester maakt de gemeenteraad in ieder geval afspraken over de navolgende onderwerpen: a. de periodieke bespreking van het onderwerp integriteit in zijn algemeenheid en van de gedragscode in het bijzonder; b. de aanwijzing van contactpersonen of aanspreekpunten integriteit; c. de processtappen die worden gevolgd ingeval van een vermoeden van een integriteitschending door een politieke ambtsdrager van de gemeente. d. In het geval van een integriteitsonderzoek door een extern bureau wordt alleen gebruik gemaakt van gecertificeerde onderzoeksbureaus. De afspraken als bedoeld onder 1, worden vastgelegd in een bijlage die onderdeel uitmaakt van de gedragscode.
De burgemeester hoeft hier niet alleen voor te staan ingeval zich een incident of een vermoeden van een integriteits-schending voordoet. Het ingeval van een integriteitsonderzoek enkel gebruik maken van gecertificeerde onderzoeksbureaus, geeft houvast en rust op het moment dat er gehandeld dient te worden (toevoeging lid 1 sub d). Lid 2 betreft een toevoeging op basis van de modelgedragscode. Verder is sprake van enkele tekstuele herschrijvingen op basis van de modelgedragscode.
HUIDIG – Paragraaf 2 Voorkomen van belangenverstrengeling •
•
Een lid van een volksvertegenwoordiging neemt niet deel aan de beraadslaging en stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken; de vaststelling of goedkeuring der rekening van een lichaam waaraan hij rekenplichtig is of tot welks bestuur hij hoort (artikel 28 Gemeentewet). Het bestuursorgaan waakt ertegen dat tot het bestuursorgaan behorende of daarvoor werkzame personen die een persoonlijk belang bij een besluit hebben, de besluitvorming beïnvloeden (artikel 2:4, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht). 5
Artikel 28 Gemeentewet aangepast. Het onderdeel ‘beraadslaging’ is in lijn met deze wetsaanpassing toegevoegd aan de bepaling, omdat een politieke ambtsdrager ook tijdens de beraadslaging de uitkomst van de besluitvorming kan beïnvloeden. Bovendien wordt de kern van het werk van de politieke ambtsdrager niet alleen gevormd door de stemming aan het eind, maar ook door de beraadslagingen die daaraan voorafgaan.
HUIDIG – Paragraaf 3 Informatie
NIEUW – Paragraaf 3 Informatie
Informatieplicht Burgemeester en wethouders en elk van zijn leden zijn verplicht alle inlichtingen te geven die de volksvertegenwoordiging nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Het betreft zowel een actieve als een passieve informatieplicht. Ook als individuele volksvertegenwoordigers informatie vragen zal die informatie aan de volksvertegenwoordiging moeten worden verstrekt. De informatie kan alleen worden geweigerd als die in strijd is met het openbaar belang (artikel 169 Gemeentewet). Het Reglement van Orde voor de gemeenteraad kan bepalingen bevatten die betrekking hebben op informatieverstrekking en de omgang met informatie. Geheimhouding Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit (artikel 2:5 Algemene wet bestuursrecht). Burgemeester en wethouders kunnen op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, geheimhouding opleggen.
Ook de burgemeester heeft die bevoegdheid. De geheimhoudingsplicht moet worden bevestigd door de volksvertegenwoordiging. Ook de gemeenteraad, onderscheidenlijk (de
Informatieplicht Burgemeester en wethouders en elk van zijn leden zijn verplicht alle inlichtingen te geven die de volksvertegenwoordiging nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Het betreft zowel een actieve als een passieve informatieplicht. Ook als individuele volksvertegenwoordigers informatie vragen zal die informatie aan de volksvertegenwoordiging moeten worden verstrekt. De informatie kan alleen worden geweigerd als die in strijd is met het openbaar belang (artikel 169 Gemeentewet).
Geheimhouding • Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit (artikel 2:5 Algemene wet bestuursrecht). • Burgemeester en wethouders kunnen op grond van een belang, genoemd in artikel 5.1 en 5.2 van de Wet open overheid, geheimhouding opleggen. Ook de burgemeester heeft die bevoegdheid. • De geheimhoudingsplicht moet worden bevestigd door de volksvertegenwoordiging, als 6
Op basis van de modelgedragscode wordt de laatste zin geschrapt.
Per 1 april 2023 is er in Gemeentewet een apart hoofdstuk opgenomen over geheimhouding. De toevoegingen vloeien hieruit voort en zijn in lijn met de modelgedragscode.
voorzitter van) een commissie kan geheimhouding opleggen (artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet). Het schenden van de geheimhoudingsplicht is een misdrijf (artikel 272 Wetboek van Strafrecht).
HUIDIG – Paragraaf 4 Omgang met geschenken en uitnodigingen Artikel 4.1 In de gedragscode is uitgangspunt dat geschenken, faciliteiten en diensten niet worden geaccepteerd als hiermee de onafhankelijke positie van het raadslid kan worden beïnvloed. Dat is in ieder geval aan de orde in onderhandelingssituaties. Is daarvan geen sprake dan kunnen om praktische redenen incidentele kleine geschenken (met een geschatte waarde van € 50 of minder) door het raadslid worden aanvaard, echter nooit op het huisadres. Duurdere geschenken worden niet aanvaard. Zij worden teruggestuurd of eigendom van de gemeente die zorgt voor een goede bestemming van het geschenk. In een openbaar register worden opgenomen welke geschenken van meer dan € 50 de gemeente heeft aanvaard en welke bestemming daaraan is gegeven.
het stukken betreft die met de volksvertegenwoordiging worden gedeeld. Ook de gemeenteraad, dan wel (de voorzitter van) een commissie kan/kunnen geheimhouding opleggen (artikelen 87 tot en met 89 van de Gemeentewet). • De geheimhouding duurt voort totdat deze wordt opgeheven door het orgaan dat de geheimhouding oplegde, of – indien het aan de volksvertegenwoordiging is overgelegd – de volksvertegenwoordiging de geheimhouding opheft. Zie het Protocol geheimhouding gemeente Schouwen-Duiveland 2024. • Het schenden van de geheimhoudingsplicht is een misdrijf (artikel 272 Wetboek van Strafrecht). NIEUW – Paragraaf 4 Geschenken, faciliteiten, diensten, excursies, evenementen en buitenlandse reizen op uitnodiging van derden Artikel 4.1 In de gedragscode is uitgangspunt dat geschenken, faciliteiten en diensten niet worden geaccepteerd als hiermee de onafhankelijke positie van het raadslid kan worden beïnvloed. Dat is in ieder geval aan de orde in onderhandelingssituaties. Is daarvan geen sprake dan kunnen om praktische redenen incidentele kleine geschenken (met een geschatte waarde van € 50 of minder) door het raadslid worden aanvaard, echter nooit op het huisadres. Dit is een in de praktijk ontstaan gebruikelijk richtbedrag maar is geen scherpe grens. Er zijn omstandigheden denkbaar waar elk geschenk, ongeacht de waarde, onacceptabel is.
Duurdere geschenken worden in elk geval niet aanvaard. Zij worden teruggestuurd of worden eigendom van de gemeente die zorgt voor een goede bestemming van het geschenk. In een openbaar register wordt opgenomen welke
7
Dit artikel wordt in lijn met de modelgedragscode uitgebreid, in zoverre dat niet meer hard wordt vastgehouden aan de maximaal € 50, maar wordt bepaald dat er omstandigheden denkbaar zijn waar elk geschenk, ongeacht de waarde, onacceptabel is.
geschenken van meer dan € 50 de gemeente heeft aanvaard en welke bestemming daaraan is gegeven. HUIDIG – Paragraaf 5 Gebruik van voorzieningen van de gemeente Artikelen 5.3 Stelregel is dat privégebruik van gemeentelijke voorzieningen niet is toegestaan. Wel hebben organisaties mogelijk een specifieke regeling die privégebruik van bedrijfsmiddelen reguleert, zoals privégebruik van een mobiele telefoon. HUIDIG – Paragraaf 6 Uitvoering gedragscode Artikel 6.2 De Gemeentewet verplicht de gemeenteraad om voor zichzelf en voor de bestuurders een gedragscode vast te stellen. Aanvullend op de wettelijke regels die gelden voor politieke ambtsdragers, bevat de gedragscode een aantal materiële normen waaraan de politieke ambtsdragers zich committeren. De burgemeester heeft de wettelijke taak om de bestuurlijke integriteit van zijn of haar gemeente te bevorderen. Hiermee is de verantwoordelijkheid voor de portefeuille ‘integriteit’ duidelijk belegd. De wettelijke bepalingen bieden de ruimte om naar gelang de situatie handelend op te treden, waarbij niet alleen gedacht moet worden aan het optreden bij incidenten.
Belangrijk onderdeel is ook de preventie: ervoor te zorgen dat integriteit en integriteitsbewustzijn in de bestuurlijke gremia een plek krijgen en daarbij afspraken te maken over een regelmatige bespreking van het thema integriteit, zowel in de volksvertegenwoordiging als met het bestuur. De burgemeester hoeft hier niet alleen voor te staan. Een daartoe aangewezen contactpersoon of vertrouwenspersoon (bijvoorbeeld de griffier) kan hier in relatie tot de gemeenteraad eveneens een belangrijke rol in spelen. Goed denkbaar is ook dat
NIEUW – Paragraaf 5 Gebruik van voorzieningen van de gemeente Deze bepaling komt te vervallen, aangezien binnen de gemeente specifieke regelingen zijn die het privégebruik van bedrijfsmiddelen reguleren.
NIEUW – Paragraaf 6 Uitvoering gedragscode Artikel 6.2 De Gemeentewet verplicht de gemeenteraad om voor zichzelf en voor de bestuurders een gedragscode vast te stellen. Aanvullend op de wettelijke regels die gelden voor politieke ambtsdragers, bevat de gedragscode een aantal materiële normen waaraan de politieke ambtsdragers zich committeren. De burgemeester heeft de wettelijke taak om de bestuurlijke integriteit van zijn of haar gemeente te bevorderen (art. 170 lid 2 Gemeentewet). Hiermee is de verantwoordelijkheid voor de portefeuille ‘integriteit’ duidelijk belegd. De wettelijke bepalingen bieden de ruimte om naar gelang de situatie handelend op te treden, waarbij niet alleen gedacht moet worden aan het optreden bij incidenten. Belangrijk onderdeel is ook de preventie: ervoor te zorgen dat integriteit en integriteitsbewustzijn in de bestuurlijke gremia besproken blijven en daarbij afspraken te maken over een regelmatige bespreking van het thema integriteit, bijvoorbeeld een of twee keer per jaar, zowel in de volksvertegenwoordiging als met het bestuur. De burgemeester hoeft hier niet alleen voor te staan. Een daartoe aangewezen contactpersoon of
8
Dit betreft tekstuele herschrijvingen respectievelijk toevoegingen/verduidelijkingen op basis van de modelgedragscode.
de gemeenteraad met de burgemeester nadere afspraken maakt over de werkwijze die wordt gevolgd ingeval zich een incident of een vermoeden van een integriteitsschending voordoet. Dat geeft houvast en rust op het moment dat er gehandeld dient te worden. Al deze processuele en procedurele afspraken kunnen onderdeel uitmaken van de gedragscode. De onderwerpen, genoemd in artikel 6.2, eerste lid, zijn niet uitputtend.
vertrouwenspersoon (bijvoorbeeld de griffier) kan hier in relatie tot de gemeenteraad eveneens een belangrijke rol in spelen. Goed denkbaar is ook dat de gemeenteraad met de burgemeester nadere afspraken maakt over de werkwijze die wordt gevolgd ingeval zich een incident of een vermoeden van een integriteitsschending voordoet. Dat geeft houvast en rust op het moment dat er gehandeld dient te worden. De gemeenteraad kan zelf onderling ook afspraken maken over hoe je elkaar aanspreekt. Al deze processuele en procedurele afspraken zijn terug te vinden in de bijlage die onderdeel uitmaakt van de gedragscode. De onderwerpen, genoemd in 6.2, zijn niet uitputtend.
9