1511564 Bijlage 2 Memo financiele scenario's voor het project kernenmanager 2026-2028
Tekst van het document
MEMO Betreft: Financiële scenario’s voor het project kernenmanager van 2026-2028. 1. Aanleiding De gemeente Schouwen-Duiveland overweegt de structurele inzet van kernenmanagers ter ondersteuning van de leefbaarheid en lokale samenwerking binnen de diverse kernen. Voor de succesvolle implementatie en voortzetting van deze functie is een passend financieel kader noodzakelijk. We schetsen hiervoor drie scenario’s. 2. Scenario’s We schetsen drie scenario’s met de bijbehorende voor- en nadelen. Scenario 1: Handhaven gemeentelijke bijdrage van €40.000 per jaar per kern Voordelen: • • •
Volledige financiële zekerheid voor de uitvoering van de functie kernenmanager. Minder administratieve lasten (geen afspraken over cofinanciering nodig). Gemeente behoudt regie over de inhoudelijke invulling en uitvoering.
Nadelen: • • •
Hoge structurele kosten voor de gemeente. Weinig financiële betrokkenheid en eigenaarschap van lokale ondernemersverenigingen. Beperkte stimulans tot samenwerking of innovatie vanuit de kernen zelf.
Scenario 2: Halveren gemeentelijke bijdrage naar €20.000 + 50% cofinanciering ondernemersverenigingen (niet verplicht) Voordelen: • • • •
Structurele lasten voor de gemeente worden gehalveerd. Versterkt lokaal eigenaarschap en betrokkenheid van ondernemers. Stimuleert samenwerking, draagvlak en verantwoordelijkheid binnen de kernen. Voorbeeldfunctie van succesvolle cofinancieringsmodellen zoals in Goeree-Overflakkee.
Nadelen: • •
Niet alle kernen beschikken mogelijk over voldoende draagkracht of organisatiegraad om cofinanciering te realiseren. Kan leiden tot ongelijkheid tussen kernen (wel/geen kernenmanager).
Scenario 3: Gemeente stopt bijdrage; volledige financiering door ondernemersverenigingen Voordelen:
• • •
Geen kosten voor de gemeente. Volledig eigenaarschap en autonomie bij lokale ondernemersverenigingen. Alleen kernen met aantoonbare behoefte en draagvlak gaan investeren.
Nadelen: • • • •
Zeer grote kans op wegvallen van de functie in kleinere of minder georganiseerde kernen. Risico op versnippering en ongelijkheid in lokale ondersteuning. Gemeente verliest invloed op uitvoering en strategische samenhang van het beleid. Aantasting continuïteit en effectiviteit van de functie.
Wij adviseren om te kiezen voor scenario 2: Halveren gemeentelijke bijdrage naar €20.000 + 50% cofinanciering ondernemersverenigingen. Cofinanciering is het meest wenselijk, maar stellen we niet verplicht. Ook zonder cofinanciering kan er aanspraak worden gemaakt op de gemeentelijke bijdrage. 3. Toelichting • Stabiliteit en continuïteit Een meerjarige financiering draagt bij aan de duurzame invulling van de functie. Dit geeft zowel de gemeente als lokale partijen zekerheid en ruimte om inhoudelijke doelen na te streven zonder jaarlijkse onzekerheid over budgetten. • Halvering gemeentelijke bijdrage In plaats van een volledige gemeentelijke bijdrage van €40.000 per kern per jaar, stellen wij voor deze te beperken tot €20.000 per kern, mits lokale cofinanciering wordt georganiseerd. Dit verlaagt de structurele financiële last voor de gemeente en stimuleert lokale verantwoordelijkheid. • Vergelijkbare modellen De gemeente Goeree-Overflakkee hanteert een vergelijkbaar financieringsmodel, waarbij per kern een gemeentelijke bijdrage van €25.000 beschikbaar wordt gesteld, eveneens onder de voorwaarde van 50% cofinanciering. Deze aanpak bevordert betrokkenheid van lokale ondernemers en maatschappelijke organisaties. • Versterking van lokaal eigenaarschap Door de invoering van cofinanciering ontstaat meer lokaal eigenaarschap, betrokkenheid en samenwerking.
Dit vergroot de effectiviteit van de kernenmanager en versterkt de sociale infrastructuur binnen de kernen. 4. Conclusie Met dit voorstel wordt een solide, kostenefficiënte en toekomstbestendige basis gelegd voor het functioneren van de kernenmanager. De combinatie van meerjarige financiering en cofinanciering stimuleert een gedeelde verantwoordelijkheid, betrokkenheid van lokale partijen en vermindert tegelijkertijd de structurele lasten voor de gemeente.