CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

1503326 RVS Planning en control documenten gemeenschappelijke regelingen

Gemeenteraad 3 juli 2025, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: RVS Planning en control documenten gemeenschappelijke regelingen (1503326)4.690 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Urgentie Onderwerp Zaaknummer Datum Openbaarheid Afdeling Portefeuillehouder

Opdrachtgever

Hoog, In verband met de reactie termijn voor het indienen van zienswijzen Planning en control documenten gemeenschappelijke regelingen 1503326 27 mei 2025 Actief openbaar Bestuursstaf J.Chr. van der Hoek J.G. Smit C.H. Poortvliet A.A. ten Cate Gemeentesecretaris

Voorstel 1. Voor de stukken van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland (GGD): a. Kennis te nemen van de voorlopige jaarstukken 2024.en het daaruit volgende voorstel resultaatbestemming. b. Een positieve zienswijze te geven op de conceptprogramma-begroting 2026. c. Een positieve zienswijze te geven op de 1e begrotingswijziging 2026 (IJZ). d. Het eenmalige voordeel van € 68.783 vanuit de resultaatbestemming 2024 toe te voegen aan de algemene reserve. e. Het positieve resultaat 2024 van organisatieonderdeel IJZ van € 10.474 toe te voegen aan de algemene reserve. f. Het eenmalige voordeel van € 39.877 vanuit de vrijval van de reserve voor gemeentelijke projectgelden toe te voegen aan de algemene reserve. 2. Voor de stukken van het Openbaar Lichaam Afvalstoffenverwijdering Zeeland (OLAZ): a. Kennis te nemen van de voorlopige jaarstukken 2024. b. Een positieve zienswijze te geven op de 1e begrotingswijziging 2025. c. Een positieve zienswijze te geven op de ontwerpbegroting 2026. d. Het eenmalige voordeel van € 22.075 vanuit jaarrekening 2024 en het nadeel van € 83.870 vanuit de 1e begrotingswijziging 2025 – zijnde in totaal € 61.795 – ten laste te brengen van de egalisatievoorziening vuilverwerking. 3. Voor de stukken van de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Zeeland: a. Kennis te nemen van de voorlopige jaarstukken 2024. b.

Een positieve zienwijze uit te brengen op de verrekening van het negatieve resultaat 2024 met de deelnemers. c. Een positieve zienswijze te geven op de ontwerpbegroting 2026. d. Het eenmalig nadeel van € 55.463 vanuit de resultaatbestemming 2024 ten laste te brengen van de algemene reserve. 4. Voor de stukken van het Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio (SWVO): a. Kennis te nemen van de voorlopige jaarstukken 2024.en het daaruit volgende voorstel resultaatbestemming. b. Een positieve zienswijze te geven op de ontwerp 2e begrotingswijzing 2025. c. Een positieve zienswijze te geven op de ontwerpbegroting 2026. d. Het eenmalige voordeel van € 31.700 vanuit de resultaatbestemming 2024 toe te voegen aan de algemene reserve. e. Het eenmalige nadeel van € 5.365 vanuit de ontwerp 2e begrotingswijzing 2025 ten laste te brengen van de algemene reserve.

Pagina 1 van 9

5. Voor de stukken van de Veiligheidsregio Zeeland (VRZ): a. Kennis te nemen van de jaarstukken 2024 en de resultaatbestemming 2024; b. Een positieve zienswijze te geven op de ontwerp programmabegroting 2026 en de voorgestelde oplossingsrichting om het begrotingstekort op te lossen. c. Aandacht te vragen voor het actief betrekken van de Zeeuwse gemeenteraden bij de uitwerking van de ombuigingsvoorstellen voor de taakstelling. d. De voorgestelde oplossingsrichting als budgetaanpassing te verwerken in de begroting 2026. 6. De bedragen in de aangeboden ontwerpbegrotingen 2026 als basis te nemen bij het opstellen van de gemeentelijke programmabegroting 2026-2029. Inleiding Sinds enkele jaren bundelen we de voorstellen met betrekking tot de planning- en control documenten voor de Gemeenschappelijke regelingen waaraan we deelnemen in één voorstel. Effecten van de bundeling van de afzonderlijke voorstellen zijn dat er een integrale beoordeling plaatsvindt en dat u dit ook integraal in één raadsvergadering kunt beoordelen en bespreken.

In dit raadsvoorstel treft u de beoordeling van ingediende planning en control documenten aan van de volgende gemeenschappelijke regelingen (GR en): • Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland (GGD) • Openbaar Lichaam Afvalstoffenverwijdering Zeeland (OLAZ) • Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Zeeland • Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio (SWVO) • Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) De Zeeuwse Muziekschool (ZMS) ontbreekt in dit voorstel. In voorgaande jaren maakten ook de PenC documenten van de ZMS onderdeel uit van dit gezamenlijke voorstel. De ZMS heeft ook tijdig haar jaarstukken 2024 en ontwerpbegroting 2026 aangeboden aan de gemeente. Bij de beoordeling van die stukken door de begeleidings- en samenstellingscommissie hebben die kwalitatieve tekortkomingen geconstateerd. De samenstellingscommissie zag zich hierdoor genoodzaakt om het bestuur van de ZMS te vragen de stukken terug te trekken, hierin de gewenste technische aanpassingen te doen en ze vervolgens weer aan te bieden. Het bestuur van de ZMS heeft hieraan gehoor gegeven en heeft uitstel gevraagd bij de provincie Zeeland. Met een brief van 16 mei 2025 heeft het dagelijks bestuur van de ZMS gevraagd om de stukken op dit moment niet in behandeling te nemen. Het streven is om de stukken voor 1 juli opnieuw aan te bieden. Mogelijkheid indienen zienswijzen.

Op grond van het bepaalde in de Wet op de gemeenschappelijke regeling kan de gemeenteraad binnen 12 weken na ontvangst zijn zienswijze geven over begrotingswijzigingen en ontwerpbegrotingen. Voor de jaarrekeningen geldt een afwijkende procedure op grond van het rapport Samenwerking met gemeenschappelijke regelingen van de Vereniging Zeeuwse Gemeenten (VZG). Rollen begeleidingscommissies en Samenstellingscommissie Elke GR heeft een begeleidingscommissie (bc). Deze geeft een gezamenlijk advies aan de deelnemers over de PenC-stukken. Daarboven 'hangt' vanuit de VZG de Samenstellingscommissie (Sc). Deze beoordeelt de PenC-stukken nog eens integraal op een juiste toepassing van de VZG-richtlijnen. Bij dit voorstel voegden wij zowel de individuele adviezen van de bc's toe als het integrale advies van de Sc. VZG-richtlijnen 2026 De VZG stelt jaarlijks richtlijnen vast voor de opstelling van de begroting en de meerjarenramingen. Voor 2026 zijn deze richtlijnen op hoofdlijn als volgt: • Inflatiecorrectie 0% • Bezuinigingsrichtlijn -2,2% • Norm reserverichtlijn maximaal 5% van de jaaromzet. Beoogd resultaat 1. Een oordeel van de gemeenteraad over de aangeboden planning en control documenten van een 5tal gemeenschappelijke regelingen. Pagina 2 van 9

2. Een vertaling van de financiële uitkomsten daarvan naar onze eigen lopende begroting 2025 en de op te stellen programmabegroting 2026-2029. Argumenten Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) 1.1 De GGD voldoet hiermee aan de VZG-afspraken. De jaarrekening 2024 geeft voor organisatieonderdeel GGD Zeeland een positief resultaat van € 1.064.127 Het dagelijks bestuur (DB) stelt voor € 297.193 toe te voegen aan de algemene reserve die daarmee het maximum bereikt zoals volgt uit de VZG-reserverichtlijn. Het meerdere wordt terug betaald aan de deelnemende gemeenten. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 68.783. Bij organisatieonderdeel Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) is over 2024 sprake van een positief resultaat van € 138.002. Het DB stelt voor dit bedrag terug te betalen aan de deelnemende gemeenten. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 10.474. 2.1 De begroting 2026 van de GGD is sluitend. De gemeenten hebben via de VZG de GGD opgedragen om in het begrotingsjaar 2026 een bezuinigingsrichtlijn (-2,2 %) en een indexatie van nihil toe te passen op de gehele begroting. De begroting 2026 is sluitend omdat de GGD aan deze opdracht deels heeft voldaan. Invullen van de volledige taakstelling zou neerkomen op een begrotingstekort in 2026 van € 1,135 miljoen.

Dit zou niet kunnen worden behaald zonder ingrijpende gevolgen voor de eigen organisatie en voor de dienstverlening aan de gemeenten. Bovendien zou hierdoor de positieve ontwikkeling die is ingezet met het programma ‘Basis op Orde’, waarvoor extra bijdragen zijn verstrekt, te niet worden gedaan. Zie ook de kanttekeningen 1.1 – 1.3 onder GGD. 2.2 Een positieve zienswijze is passend. Zowel het jaarverslag 2024 als de voornemens in de begroting 2026 geven aan dat de GGD over de hele linie naar behoren presteert. Er zijn opnieuw belangrijke stappen gezet naar verbetering van de eigen organisatie, zoals de evaluatie van het programma ‘Basis op Orde’ uitwijst. In 2025 wordt werk gemaakt van een heroriëntatie binnen de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) die is gericht op een betere en meer moderne kijk op opgroeien en opvoeden, en op het verbeteren van het bereik onder ouders. Er blijven aandachtspunten, zoals de relatief kleine omvang van de dienst en de knelpunten in de opvolging van meldingen bij Veilig Thuis. GGD wil werk maken van de rol als kennispartner van de gemeenten bij vraagstukken rondom gezondheid en in het brede sociaal domein. Dit wordt mede ingezet met de extra middelen vanuit het Integraal Zorgakkoord (IZA).

Naar verwachting zal in 2025 tussen Rijk, zorgverzekeraars, zorgpartijen en gemeenten een nieuw “Algemeen Zorg en Welzijnsakkoord” (AZWA) tot stand komen, waardoor ook in 2026 deze rol voor de GGD behouden blijft. 3.1 Een eenmalig hogere bijdrage voor 2026 voor IJZ is noodzakelijk De 1e begrotingswijziging 2026 betreft een incidentele verhoging van de uitvoeringskosten van organisatieonderdeel IJZ. Dit is noodzakelijk is om de kwaliteit van de dienstverlening op voldoende niveau te houden. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 12.745. 6.1 Het aanhouden van een reserve voor gemeentelijke projectgelden is bezwaarlijk vanuit rechtmatig handelen. De GGD heeft vastgesteld dat het beschikkingsrecht over deze gelden berust bij de gemeenten, en dus niet valt onder het budgetrecht van het algemeen bestuur (AB). De uitgaven worden alleen als (onderdeel van de) gemeentelijke bijdragen aan de GR in de begroting en jaarrekening van de gemeenten verantwoord, en zodoende niet door de gemeenten op de juiste taakvelden in hun eigen jaarrekening begroot en verantwoord. Bovendien is het bijhouden van de budgetten en uitgaven van de gemeentelijke projectgelden een administratieve taak die niet tot de core business de GR hoort maar wel capaciteit vraagt.

Om genoemde redenen is in goed overleg met het PAO (provinciaal ambtelijk overleg) besloten om de huidige werkwijze per 31 december 2025 te beëindigen en het resterende saldo te retourneren aan de betreffende gemeenten. Voor onze gemeente bedraagt het saldo € 39.877 op 1-1-2025. Openbaar Lichaam Afvalstoffenverwijdering Zeeland (OLAZ) 1.1 De jaarrekening 2024 is voor kennisgeving aangeboden De jaarrekening 2024 sluit met een positief saldo van € 129.846. Vanuit de jaarrekening OLAZ 2024 vindt een afrekening plaats per gemeente. In totaal is er aan de 13 Zeeuwse gemeenten een bedrag terug te Pagina 3 van 9

betalen van € 192.134 (€ 22.075 voor onze gemeente). Dit voordeel komt voort uit restitutie van restafval en GFT- met daar tegenover een nabetaling voor de exploitatie milieustraten. 2.1 De 1e begrotingswijziging 2025 levert een structureel financieel nadeel op De begrotingswijziging OLAZ 2025 heeft betrekking op 2 componenten: 1. de milieustraten 2. het afvalbeleid en consultancy 2.1.1 De raming leidt tot een stijging van de exploitatiekosten van €1.019.000 op jaarbasis. Dit wordt veroorzaakt door: a. De personeelskosten van de milieustraten zijn in 2024 gestegen t.o.v. 2023 door afgesproken loonstijgingen volgens de CAO Grondstoffen Energie en Omgeving (GEO). b. Daarnaast is in het jaar 2024 er ruim 112.000 ton afval aangeboden op de milieustraten t.o.v. 102.000 ton afval in 2023. Dit heeft op alle te onderscheiden posten een stijging van de kosten tot gevolg, omdat er meer handelingen moeten worden verricht om het afval op een verantwoorde wijze verder te verwerken. 2.1.2 het vervallen van de gezamenlijke afval sorteeranalyse leidt tot een verlaging van € 70.000 op jaarbasis. De laatste jaren worden er in OLAZ-verband per gemeente afvalsorteeranalyses uitgevoerd met als doel inzicht te verkrijgen in de samenstelling van het restafval.

Om binnen OLAZ een besparing te kunnen realiseren, wordt deze activiteit niet meer collectief uitgevoerd, maar dit als gemeentelijke keuze te laten binnen eigen beheer en op eigen kosten. Voor onze gemeente betekent bovenstaande een toename van de bijdrage door een stijging van de kosten van de milieustraat (€ 90.050) en een daling van de kosten voor afvalbeleid en consultancy van € 6.180. Per saldo een structureel nadeel van € 83.870. 3.1 De ontwerpbegroting 2026 geeft geen redenen tot opmerkingen 3.1.1 De begroting voldoet aan de VZG-indexatierichtlijn In de gemeentelijke bijdrage wordt onderscheid gemaakt tussen beïnvloedbare activiteiten en nietbeïnvloedbare activiteiten. Het verschil van de begroting 2026 ten opzichte van de vorige begroting dient voor wat betreft de toetsing aan de richtlijnen van de VZG te worden beoordeeld op de beïnvloedbare activiteiten. Ten opzichte van vorig jaar komt de daling voor beïnvloedbare kosten uit op 2,58%. 3.1.2 Ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 De ontwerpbegroting is gebaseerd op de door de individuele gemeente ingeschatte hoeveelheden (tonnage) van de afvalstromen. Verder is conform eerdere besluitvorming en naar aanleiding van het principebesluit tot het realiseren van 3 circulaire ambachtscentra (CA) in Zeeland, een bedrag van € 874.000 opgenomen ter reservering voor benodigde investeringen.

Met deze reservering kan een (gedeeltelijke) fluctuatie in lasten (afvalstoffenheffing) de komende jaren worden voorkomen. Op basis van gerichte besluitvorming voor CA Oosterschelderegio en gezien de voorbereiding voor regio Walcheren en Zeeuws- Vlaanderen, worden uit deze post vanaf 2025 en ook in 2026 de voorbereidingskosten bekostigd Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Zeeland 1.1 RUD Zeeland sluit 2024 af met een tekort Uit de jaarrekening blijkt een tekort van € 661.026. Voorgesteld wordt dat de deelnemers (provincie en gemeenten) dit bedrag extra bijdragen. Voor onze gemeente komt dit neer op een eenmalige bijdrage van € 55.463. 2.1 Reservepositie RUD Zeeland is conform VZG richtlijn. Met het doorrekenen van het negatieve resultaat aan de deelnemers blijft de reservepositie nagenoeg gelijk aan 5% van de totale baten, hetgeen door de VZG als richtlijn is vastgesteld voor de maximale hoogte van de algemene reserve. De reserve blijft daarmee op niveau zodat op basis van de geactualiseerde risicoinschatting bij het jaarverslag 2025 een weerstandsratio van 1,51 vanaf 2025 resteert. Daarmee ligt de ratio hoger dan de doelstelling die de RUD heeft gesteld, namelijk een ratio tussen 1,0 en 1,4. 3.1 Beleidsarme conceptbegroting De ontwerpbegroting van de RUD is beleidsarm, richtpunt voor de komende jaren is de doorontwikkeling naar een robuuste omgevingsdienst.

Het daaruit voortvloeiende implementatieplan is gebaseerd op het plan ‘Samen naar een robuuste RUD Zeeland” zoals dat door het algemeen bestuur is vastgesteld op 9 Pagina 4 van 9

september 2024. Hierdoor is in de ontwerpbegroting 2026 sprake van een financiële ‘inhaalslag’ met betrekking tot de middelen die nodig zijn voor de jaarschijf 2025. Immers is de eerste begrotingswijziging 2025 niet gebaseerd op het totaal benodigde bedrag voor de jaarschijf 2025, maar gemaximeerd op een bedrag van € 17.767.000 (dit is het gemaximeerde bedrag van € 16,5 miljoen op basis van het prijspeil 2023 geïndexeerd naar het prijspeil 2025, inclusief de aanpassing van de cao 2024 - 2025). Hierdoor is er in de eerste begrotingswijziging 2025 een bedrag van € 456.800 (prijspeil 2023) niet opgenomen. In de ontwerpbegroting 2026 zijn de extra middelen op basis van het niet toegekende deel van de jaarschijf 2025 (maximering in de eerste begrotingswijziging 2025) alsnog meegenomen. Hierdoor is er sprake van een verhoging ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2025 van circa € 1,9 miljoen (prijspeil 2025).. 3.2 Nieuwe huisvesting en PIOFACH ook onderdeel van de begroting De extra benodigde middelen voor de nieuwe dienstverlening en huisvesting vanaf 1 januari 2026 zijn opgenomen, gebaseerd op het AB-besluit van 24 maart 2025 inzake ‘dienstverlening en huisvesting RUD Zeeland per 1 januari 2026’. Deze extra benodigde middelen zijn opgenomen in de ontwerpbegroting 2026 aangezien er sprake is van een wijziging van bestaand “beleid”, namelijk hogere overheadkosten.

Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio (SWVO) 1.1 Met een deel van het positieve resultaat hielden we al rekening in onze eigen jaarrekening De jaarrekening SWVO 2024 sluit met een positief saldo van € 316.563. Dit saldo wordt veroorzaakt door een positief resultaat van · € 78.113 op de afrekening inhoudelijke programma’s c.q. afrekening van verstrekte voorzieningen door gemeenten; · € 238.450 op het programma Secretariaat. Daarnaast bedroeg het positieve resultaat van de Financiële verantwoording € 3.232.966. Ons aandeel hierin alsmede ons aandeel in de hierboven genoemde € 78.113 namen wij mee in onze Programmarekening 2024. Dit voor een totaalbedrag van € 627.867. 1.2 De exploitatiereserve wordt aangevuld tot de maximaal toegestane 5% van de baten. Van het positieve saldo ad € 238.450 uit de jaarrekening 2024 op het programma Secretariaat wordt een bedrag van € 84.178 toegevoegd aan de reserve exploitatieresultaten. Het saldo van deze reserve bedraagt na deze toevoeging € 483.068,-. Hiermee is de VGZ-norm van 5% van alle baten van de GR SWVO bereikt. 1.3 Het deel van het positieve resultaat dat niet kan worden toegevoegd aan de reserve, wordt uitgekeerd. Het deel van het positieve resultaat dat niet wordt toegevoegd aan de reserve bedraagt € 154.272. Ons aandeel hierin bedraagt € 31.700.

2.1 De tweede ontwerp begrotingswijziging 2025 laat voor ons een lichte stijging van de bijdrage zien Voor Schouwen-Duiveland is sprake van een lichte stijging van de bijdrage van in totaal € 5.365. Dit wordt veroorzaakt door enkele mutaties binnen het onderdeel leerlingenvervoer. De overige mutaties hebben geen invloed op onze bijdrage. 3.1 De ontwerpbegroting 2026 laat voor ons zelfs een daling van de bijdrage zien Onze bijdrage daalt voor 2026 ten opzichte van onze raming met € 55.582. Dit wordt met name veroorzaakt door het toepassen van de VZG-bezuinigingsrichtlijn van -2,2%. Bij het onderdeel leerlingenvervoer valt de indexatie lager uit dan waar in de raming rekening mee is gehouden. Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) 1.1 Het jaar 2024 is afgesloten met een positief resultaat van € 686.511. Het AB besloot op 11 april het positieve resultaat toe te voegen aan de algemene reserve. Het resultaat wordt veroorzaakt door verschillende incidentele voor- en nadelen volgend uit reguliere bedrijfsvoering en uitgestelde activiteiten die in 2025 worden uitgevoerd. 2.1 Programmabegroting 2026 bevat geen nieuwe beleidsontwikkelingen. Het meerjarenbeleidsplan loopt van 2022-2025. Het nieuwe meerjarenbeleidsplan is nog niet opgesteld. De begroting 2026 is opgesteld in lijn met het huidige meerjarenbeleidsplan en bevat ten opzichte van 2025 geen nieuw beleid.

Ook nieuwe ontwikkelingen zijn nog niet in de begroting verwerkt. 2.2 Zonder VZG-richtlijn was programmabegroting 2026 sluitend.

Pagina 5 van 9

De gecombineerde bezuinigings- en indexatierichtlijn bedraagt -2,2%. Vanwege deze richtlijnen is sprake van een niet-sluitende begroting 2026 met een begrotingstekort van € 1.539.540. Dit tekort wordt volledig veroorzaakt door genoemde VZG-richtlijnen. Het begrotingstekort, eerder gemeld in de begroting 2025 en begrotingswijzigingen 2024, is door het nemen van verschillende maatregelen door VRZ opgelost. VRZ beoordeelde de financiën en taken kritisch en onderzocht de mogelijkheden om het begrotingstekort op te lossen. Er zijn maatregelen genomen, die eraan bijdragen dat de organisatie minder extra uitgaven heeft op de langere termijn. In totaal gaat het om een bedrag van € 430.000 in 2026, oplopend tot € 840.000 in 2029. 2.3 De voorgestelde oplossingsrichting begrotingstekort is uitgebreid onderzocht. VRZ heeft op verzoek van het AB in kaart gebracht wat de gevolgen zijn als VRZ het bedrag van € 1.539.540 moet besparen. Uit het onderzoek blijkt dat VRZ weinig bezuinigingsmogelijkheden heeft. VRZ constateert dat de organisatie op zowel het primair proces, als in ondersteuning en materieel op het minimale niveau levert op de meeste onderdelen. In de voorbereiding zijn de begeleidingscommissies betrokken bij het onderzoek naar mogelijke besparingen.

Een bezuiniging op korte termijn leidt tot beperken van de uitvoering van cruciale taken op het gebied van brandweerzorg, risico- en crisisbeheersing. Deze keuzes zijn niet makkelijk te herstellen. Daarnaast speelt de door het Rijk afgekondigde bezuiniging van 10% op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR). Voor VRZ komt dit neer op een korting van circa € 1 miljoen. Deze is opgenomen in de risicoparagraaf van de programmabegroting 2026 en nog niet verwerkt in de cijfers van de meerjarenraming. Om deze reden stelt het AB voor: a. De VZG-indexatierichtlijn van 0% te heroverwegen. b. Voor dekking van de VZG-bezuinigingsrichtlijn 2026 van -2,2% in 2026 een incidentele gemeentelijke bijdrage beschikbaar te stellen van € 787.672. c. Vanaf 2027 wordt voor hetzelfde bedrag een taakstelling ingeboekt. Hiervoor wordt VRZ gevraagd ombuigingsvoorstellen uit te werken ter hoogte van € 787.672 met een verdeling van grofweg € 300.000 voor brandweer, € 300.000 voor risico- en crisisbeheersing en € 150.000 voor bedrijfsvoering. 2.4 We geven een positieve zienswijze op de voorgestelde oplossingsrichting. VRZ heeft in kaart gebracht welke mogelijkheden er zijn om te bezuinigen. Vanaf 2027 wordt een taakstelling ingeboekt. Hierdoor neemt de VRZ verantwoordelijkheid voor de helft van het begrotingstekort vanaf 2027.

4.1 We verwerken de voorgestelde oplossingsrichting als budgetaanpassing in de begroting 2026. De financiële consequenties hiervan worden uitgewerkt in VRZ bijlage 8 van dit voorstel. Kanttekeningen Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) 3.1 De begroting is sluitend doordat de GGD een indexatie vraagt. Bij het geheel doorvoeren van de VZG richtlijn (een bezuiniging van 2,2% op de gemeentelijke bijdragen en geen indexatie door te voeren) zou niet mogelijk zijn een sluitende begroting te presenteren. Van de totale taakstelling wordt een bedrag van ca € 690.000 in 2026 niet ingevuld. De bijdragen van de gemeenten worden in 2026 beperkt verhoogd. Ook wordt een deel van de bezuiniging opgevangen door (onder meer) rentebaten en een onttrekking aan de algemene reserve. 3.2 De GGD wijst in de begroting 2026 enkele aannemelijke financiële risico’s aan. Verschillende van deze risico’s zijn niet rechtstreeks door eigen beleid beïnvloedbaar, terwijl de kans aanwezig is dat deze zich in 2026 zullen voordoen: dit betreft vooral een stijging van CAO-lonen en een toenemende inflatie. Daarnaast zijn risico’s geïdentificeerd bij de forensische geneeskunde (een structureel gebrek aan schouwartsen en tekortkomingen in de arrestantenzorg) en vanwege oplopende gezondheidsproblemen bij groepen in de samenleving, door voorgenomen kortingen van het Rijk op specifieke uitkeringen.

In de toelichting op de begroting classificeert de GGD het weerstandsvermogen als “matig ”. Indien risico’s daadwerkelijk (cumulatief) optreden, kan dit mogelijk leiden tot een negatief resultaat en negatief eigen vermogen. 3.3 De dienstverlening van de GGD aan de gemeenten neemt af De begroting laat zien dat vooral wordt bezuinigd op de interne bedrijfsvoering. Bezuinigingen op bedrijfsvoering leiden indirect tot suboptimale (minder efficiënte) dienstverlening vanuit het primair proces en tot een hogere werkdruk bij de al beperkte bezetting. Op de wijze voorgesteld in de scenario’s blijft personeel Pagina 6 van 9

behouden voor kerntaken. Over het geheel genomen blijft daarmee de dienstverlening naar verwachting op een acceptabel peil. De maatschappelijke impact van een geringere dienstverlening, vooral voor kwetsbare groepen, is niettemin aanwijsbaar. Daarnaast is de bedoeling dat meer diensten door de gemeenten met eigen middelen worden ingekocht. Per saldo kan ook dat gevolgen hebben voor de dienstverlening aan de gemeenten. We ontvingen hierbij van de GGD separaat nog een verdere toelichting, welke als bijlage 1.5 bij de stukken is gevoegd. Openbaar Lichaam Afvalstoffenverwijdering Zeeland (OLAZ) 2.1 De toename van de tarieven per inwoner voor de milieustraat zijn fors. We zien een toename van de bijdrage per inwoner van 12% ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2025. Mede omdat dit door het aanbod van afvalstromen wordt veroorzaakt, is het wel zaak deze stijging te blijven monitoren. Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Zeeland 3.3 RUD Zeeland kan niet voldoen aan de VZG richtlijn De VZG heeft met het oog op de financiële uitdagingen bij gemeenten voor 2026 en daarna de financiële richtlijn voor het de indexatie voor de begrotingen van GR-en op -2,2% gezet. Effectief een oproep om te bezuinigen. De RUD gaat in de voorliggende ontwerpbegroting uit van een indexatie van 3,1%.

RUD Zeeland staat samen met de deelnemers voor de grote uitdaging het plan van aanpak robuuste RUD uit te voeren, de verhuizing in goede banen te leiden en de organisatie gereed te maken opdat de RUD de taken op adequaat niveau kan uitvoeren. Een aantal gemeenten heeft in 2026 aanzienlijke financiële uitdagingen. De bezuinigingsnorm van de VZG is in dat licht te begrijpen. Daar staat echter tegenover dat de deelnemende gemeenten en de provincie ook de plicht hebben de RUD Zeeland te laten voldoen aan de landelijk opgelegde eisen voor omgevingsdiensten. En dat daarmee bezuinigen op dit moment niet opportuun is. Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio (SWVO) Niet van toepassing. Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) 2.1 Onvoldoende tijd voor advisering van adviescommissies na AB-besluit. Tussen 11 april en de uiterlijke datum voor het verzenden van de stukken (30 april) was er onvoldoende ruimte voor beide adviescommissies (BAO en ACF) om samen te komen. Gezien de consequenties van het AB-besluit, zowel financieel als in inhoudelijk, was het wenselijk geweest om nog een gezamenlijk advies uit te brengen. Dit kan leiden tot verschillende zienswijzen van gemeenten. De Samenstellingscommissie bracht wel advies uit en stelt voor een negatieve zienswijze af te geven. 2.2 Weerstandvermogen van de VRZ is onvoldoende.

Het weerstandsvermogen van de VRZ is in de begroting 2026 als "ruim onvoldoende" geclassificeerd. Indien risico's daadwerkelijk (cumulatief) optreden, leidt dit mogelijk tot een negatief resultaat en negatief vermogen. Dit kan tot gevolg hebben dat er om een extra gemeentelijke bijdrage zal worden gevraagd. 2.3 We volgen de ombuigingsvoorstellen kritisch. De voorgestelde taakstellingen worden uitgewerkt in ombuigingsvoorstellen die impact hebben op de uitvoering van zowel primaire taken als bedrijfsvoering van de VRZ. Hiervoor zijn lastige keuzes noodzakelijk. Als gemeente staan wij zelf echter ook voor een grote uitdaging om onze begroting sluitend te maken. Wij volgen kritisch de voorstellen en geven aan de VRZ mee dat we actief betrokken willen worden bij de uitwerking hiervan.

Pagina 7 van 9

Financiën Begroting Begrotingswijziging Eenmalige lasten Structurele lasten Eenmalige baten Structurele baten Dekking

Niet binnen begroting Ja 356290,00 7955,00 Algemene reserve 2025 / budgettaire ruimte 2026 e.v. via begroting 2026 - 2029

Voor de samenvatting van de financiële consequenties voor de gemeentelijke begroting verwijzen we u naar het bij de stukken gevoegde 'ALG bijlage 2 Financieel overzicht consequenties 2025 en 2026 en verder' 2025 Voor wat betreft het OLAZ verwerken we het totale eenmalige nadeel in 2025 van € 61.795 budgettair neutraal via de egalisatievoorziening vuilverwerking. Voor wat betreft de GGD, RUD en SWVO voegen we het per saldo eenmalige voordeel van € 7.955 toe aan de algemene reserve. 2026 en verder Meerjarig is sprake van een negatief saldo (2026: € 306.490, 2027: € 209.461, 2028: € 291.945 en 2029: € 356.290). Deze bedragen betrekken we bij de opstelling van de Programmabegroting 2026 - 2029. Daarin komen deze ten laste van de budgettaire ruimte.

Communicatie Na besluitvorming door de raad informeren we de besturen van de betrokken gemeenschappelijke regelingen daarover. Uitvoering Niet van toepassing. Bijlagen ALG bijlage 1 Eindadvies VZG-Samenstellingscommissie mei 2025 - Schouwen-Duiveland ALG bijlage 2 Financieel overzicht consequenties 2025 en 2026 en verder GGD bijlage 1 Aanbiedingsbrief Jaarstukken 2024 GGD bijlage 2 Jaarverslag en jaarrekening 2024 GGD bijlage 3 Accountantsverslag 2024 GGD bijlage 4 Audit Report GGD bijlage 5 Resultaatbestemmingsvoorstel 2024 GGD bijlage 6 Advies Begeleidingscommissies - jaarrekening 2024 GGD bijlage 7 Aanbiedingsbrief Programmabegroting 2026 GGD bijlage 8 Alg Bestuur Notitie Ontwerpbegroting 2026-2029 GGD bijlage 9 Programmabegroting 2026-2029 GGD bijlage 10 Alg Bestuur Notitie 1e begrotingswijziging 2026 (IJZ) GGD bijlage 11 Advies Begeleidingscommissies - GGD begroting 2026 GGD bijlage 12 Advies Begeleidingscommissies - IJZ BW2026 GGD bijlage 13 Gespreksnotitie bezuinigingsscenarios Alg Bestuur OLAZ bijlage 1 Aanbiedingsbrief jaarrapport 2024 OLAZ bijlage 2 Jaarrapport 2024 DB OLAZ bijlage 3 Aanbiedingsbrief tussentijdse rapportage - 1e begrotingswijziging 2025 OLAZ bijlage 4 Tussentijdse rapportage - 1e begrotingswijziging 2025 OLAZ bijlage 5 Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2026 OLAZ bijlage 6 ontwerp begroting 2026 OLAZ bijlage 7 Advies Begeleidingscommissie financiele

stukken OLAZ 2025 OLAZ bijlage 8 Financiele uiteenzetting Jaarrekening2024 en begroting 2025 2026 RUD bijlage 1 Begeleidende brief concept resultaatverdeling 2024 RUD bijlage 2 Concept jaarverslag 2024 RUD bijlage 3 Concept voorstel concept resultaatbestemming 2024 RUD bijlage 4 Advies Begeleidingscommissie concept jaarrekening 2024 - incl. reactie RUD RUD bijlage 5 Advies Begeleidingscommissie resultaatbestemming 2024 - incl. reactie RUD Pagina 8 van 9

RUD bijlage 6 Begeleidende brief voorstel ontwerpbegroting 2026 RUD bijlage 7 Concept Alg Bestuur voorstel ontwerp begroting 2026 RUD bijlage 8 Ontwerp begroting 2026 RUD bijlage 9 Advies Begeleidingscommissie ontwerpbegroting 2026 - incl. reactie RUD RUD bijlage 10 Tabel financiële gevolgen gemeentelijke begroting SWVO bijlage 1 Aanbiedingsbrief voorlopige jaarstukken 2024 SWVO bijlage 2 Advies aan Alg Bestuur Jaarrekening en bestemming saldo 2024 SWVO bijlage 3 Jaarrekening 2024 SWVO bijlage 4 Aanbiedingsbrief Begroting 2026 en 2e Begrotingswijz 2025 SWVO bijlage 5 Begroting 2026 en 2e Begrotingswijz 2025 SWVO bijlage 6 Advies begeleidingscommissie jaarrekening 2024 - 2e bw 2025 - begroting 2026 VRZ bijlage 1 Jaarstukken 2024 VRZ bijlage 2 Publieksversie jaarverslag Veiligheidsregio Zeeland 2024 VRZ bijlage 3 Accountantsverslag 2024 VRZ bijlage 4 Controleverklaring accountant jaarrekening 2024 VRZ bijlage 5 Aanbiedingsbrief Programmabegroting 2026 VRZ bijlage 6 Tabellen doorrekening voorgestelde oplossingsrichting VRZ bijlage 7 Ontwerp Programmabegroting 2026 VRZ bijlage 8 Uitwerking financiële consequenties begroting 2026 Schouwen-Duiveland Burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland, S.J.A. Bronsveld

J.Chr. van der Hoek MBA

Secretaris

Burgemeester

Pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15625321/1