1462888 RVS standpuntbepaling gezamenlijke huisvesting GGD en VRZ, zienswijze gem
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Urgentie
Onderwerp Zaaknummer Datum Openbaarheid Afdeling Portefeuillehouder Opdrachtgever
Hoog, Het is noodzakelijk om in de raadsvergadering van 26 juni dit voorstel te behandelen in samenhang met het voorstel over de jaarstukken 2024 en de programmabegroting 2026-2028. Ingevolge de (gewijzigde) Wet op de Gemeenschappelijke regelingen is 26 juni de uiterste datum waarop een besluit kan worden genomen, en waarna vervolgens de finale besluitvorming over het proces nog in de huidige zittingstermijn van de gemeenteraad kan worden genomen. standpuntbepaling gezamenlijke huisvesting GGD en VRZ, zienswijze gemeenteraad 1462888 27 mei 2025 Actief openbaar Werken, Wonen en Leven (WWL) J.G. Smit J.Chr. van der Hoek Afdelingshoofd WWL
Voorstel 1) Kennis te nemen van het adviesrapport ‘Samen, Sterker en Beter. Samenwerking GGD en Veiligheidsregio Zeeland (VRZ)’. 2) Gelet op verdere besluitvorming in de algemeen besturen van GGD en VRZ, op zo kort mogelijke termijn bij GGD en VRZ een positieve zienswijze in te dienen inzake: a. Het samenvoegen van de bedrijfsvoeringstaken van GGD en VRZ; b. Het oprichten van een gemeenschappelijke regeling GGD en VRZ voor de gehele huidige organisaties van GGD en VRZ; c. Gezamenlijke huisvesting op een nieuw te bouwen locatie in Goes-West (bij brandweerkazerne Goese Poort); dit met medeneming van aandachtspunten zoals genoemd in de kanttekeningen bij dit voorstel. 3)
Een positieve zienswijze te geven op de 3e begrotingswijziging 2025 VRZ.
4)
Een positieve zienswijze te geven op de 5e begrotingswijziging 2025 GGD.
5) Het eenmalig nadeel van per saldo € 178.590 vanuit de derde begrotingswijziging 2025 VRZ en vijfde begrotingswijziging 2025 GGD te dekken uit de algemene reserve. Inleiding Op 11 april is aan de algemeen besturen van GGD en Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) het adviesrapport ‘Samen, Sterker en Beter. Samenwerking GGD en Veiligheidsregio Zeeland’ aangeboden. Op grond van de uitkomsten en aanbevelingen in dit rapport hebben beide besturen ingestemd met voorgenomen besluiten zoals in beslispunt 1 genoemd. Om over te gaan tot verdere voorbereiding en uitwerking zijn incidentele middelen nodig. GGD en VRZ vragen de gemeenten om deze beschikbaar te stellen via een eenmalige verhoging in 2025 van de gemeentelijke deelnemersbijdrage aan beide GR'en via wijzigingen in de begrotingen van het jaar 2025. Bij dit voornemen is een zienswijze van de gemeenteraad gewenst, die op zijn laatst op 26 juni aan beide besturen kan worden ingediend. Daarom is besluitvorming in het college op 27 mei noodzakelijk. Beoogd resultaat De directies van GGD en VRZ kunnen met de extra (incidentele) middelen de nodige stappen zetten voor voorbereiding en realisatie van de nu voorgenomen besluiten. Pagina 1 van 3
Met het indienen van een zienswijze kan de gemeenteraad invloed uitoefenen op de opstelling van het voorgenomen besluit. Vervolgens kan een definitief besluit over samenvoeging en gezamenlijke huisvesting worden genomen in februari 2026. Argumenten 2.1. Samenvoegen van de bedrijfsvoering is voor beide organisaties het meest wenselijke scenario. Al geruime tijd bestaat de wens om vanuit het oogpunt van efficiënte bedrijfsvoering de ondersteunende diensten en taken van de GGD en de VRZ in één organisatie samen te brengen. Beide organisaties zijn nu klein en daarmee kwetsbaar. Een goede dienstverlening aan de gemeenten wordt daardoor moeilijker: er kan minder doelmatig en snel worden gewerkt. Gelet op de cruciale taak van beide organisaties voor de veiligheid en gezondheid van de Zeeuwse bevolking is een slagvaardige bedrijfsvoering van groot belang. Verschillende onderzoeken hebben voor samenvoeging van de bedrijfsvoering inmiddels ook een goede basis gelegd. 2.2. Integratie tot één GR is de meest duurzame en toekomstbestendige oplossing. Bestuurlijke en juridische inbedding van de gewenste samenvoeging is cruciaal om belangen en invloed te waarborgen. Daarvoor is de vorming van een (nieuwe) GR aangewezen.
Er ontstaat één juridische entiteit en de mogelijkheid ontstaat om 1 CAO te hanteren en een functiehuis te ontwerpen dat is geënt op een ongedeelde organisatie en bedrijfsvoering. Dit draagt in belangrijke mate bij aan positieve financiële effecten. Wel is goede bestuurbaarheid hierbij een aandachtspunt. Zie hiervoor de kanttekeningen. 2.3. Nieuwbouw van een gezamenlijke huisvesting is te verkiezen boven andere opties. De bestaande vestigingen van GGD en VRZ voldoen niet meer aan de eisen. Een mogelijkheid om het gebouw in Middelburg geschikt te maken voor beide diensten is onderzocht en verworpen. Daarnaast is het samenvoegen onder één dak een belangrijke voorwaarde voor betere samenwerking, integratie en het ontstaan van een gezamenlijke bedrijfscultuur. In Goes is een kavel beschikbaar met voldoende ruimte voor nieuwbouw en met goede ontsluiting naar Noord-Zeeland en (via de A58) naar Walcheren en ZeeuwsVlaanderen. 2.4. Er is draagvlak binnen de organisatie, maar snelle en volledige besluitvorming is gewenst. Het personeel van beide organisaties ziet over het algemeen voordelen in het samengaan, maar dringt aan op heldere en volledige besluitvorming. Dit is immers al het derde reorganisatie-onderzoek in relatief korte tijd. Voorkomen moet worden dat mensen langere tijd niet weten waar zij aan toe zijn.
Er zijn zorgen geuit over een grotere taaklast, onzekere perspectieven en een grote druk om ‘te veel tegelijk’ te moeten veranderen. Specifieke zorgen zijn benoemd onder de kanttekeningen. Kanttekeningen 2.1. Structurele effecten in de begroting worden nu niet zichtbaar. Eerdergenoemde incidentele bedragen voor de ontwerpfase samenwerking (€ 1,875 mln.) en de ontwikkelfase nieuwbouw (€ 1,626 mln.) staan los van de structurele kosten die voortvloeien uit de samenvoeging GGD-VRZ en de gezamenlijke huisvesting. Deze structurele effecten zullen zich pas in een later stadium voordoen en kunnen in binnen dit voorgenomen besluit niet volledig worden beoordeeld. 2.2. Mogelijke aansluiting in later stadium van de RUD. Hoewel de RUD zich momenteel niet aansluit bij de nieuwbouw, is het mogelijk de optie open te houden voor toekomstige samenwerking. Dit zou dan ook bij voorkeur in de ontwikkelfase bekend moeten zijn. In hoeverre de ‘deur voor de RUD in de toekomst wordt opengehouden’ blijkt niet uit de besluitvorming van de AB’s VRZ-GGD. 2.3. Aandacht voor bestuurlijke balans. De wet schrijft voor dat het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio berust bij de burgemeesters van de deelnemende gemeenten. Voor de GGD betreft dit de wethouders Publieke Gezondheid. Tegelijkertijd moet de positie van de gemeenteraden helder zijn. Deze verdere uitwerking van de governance verdient aandacht.
2.4 Zorgen onder het personeel. De ondernemingsraden van beide organisaties hebben zich tot de besturen gewend met een positieve grondhouding maar zij geven daarbij tegelijkertijd diverse zorgen aan. Deze zijn samengevat in de zienswijze
Pagina 2 van 3
(bijlage 2 d.) Relevant daarbij is ook de zorg onder vrijwilligers van de regionale brandweer dat zij te weinig worden meegenomen en dat de fysieke en gevoelsmatige afstand tot de organisatie groter wordt. Financiën Begroting Begrotingswijziging Eenmalige lasten Structurele lasten Eenmalige baten Structurele baten Dekking
Niet binnen begroting Ja 178590,00
algemene reserve
Voor de ontwerpfase van de samenwerking VRZ-GGD worden de totale incidentele kosten voor 2025 geraamd op maximaal €1,875 miljoen. Deze kosten worden gelijk verdeeld tussen beide organisaties: €937.500 voor de VRZ en €937.500 voor de GGD. Beide gemeenschappelijke regelingen vragen via een begrotingswijziging een incidentele verhoging van de gemeentelijke bijdragen om deze kosten te dekken. Omdat de VRZ en GGD verschillende verdeelsleutels hanteren voor het berekenen van gemeentelijke bijdragen, resulteert dit voor onze gemeente in: * €82.782 extra bijdrage aan de VRZ (via de derde begrotingswijziging 2025) * €95.808 extra bijdrage aan de GGD (via de vijfde begrotingswijziging 2025) De totale extra lasten voor onze gemeente bedragen dus €178.590. We dekken deze uit de algemene reserve. Via de derde begrotingswijziging 2025 vraagt de VRZ ook in te stemmen met een voorbereidingskrediet van € 1.626.000 voor kosten van de ontwikkelfase van de nieuwbouw van het kantoor VRZ-GGD in Goes-West. Vooralsnog worden deze kosten geadministreerd bij VRZ. Dit onderdeel van de begrotingswijziging heeft geen verdere financiële consequenties voor de deelnemers voor 2025. Afhankelijk van verdere besluitvorming worden hierover nog afspraken gemaakt. Deze post is onderdeel van de stichtingskosten nieuwbouw. Deze leidt tot lasten vanaf het jaar na de ingebruikname van het pand.
Wij wijzen u erop dat deze lasten nog niet verwerkt zijn in de meerjarenraming. Communicatie wij stellen de GGD en de VRZ schriftelijk op de hoogte van onze zienswijze bij het voorgenomen besluit. Uitvoering intern Bijlagen Bijlage 1a. Vervolgopdracht samenwerking en gezamenlijke huisvesting GGD en VRZ Bijlage 1b. SAMEN STERKER EN BETER samenwerking GGD en VR Zeeland Bijlage 2a. Vijfde begrotingswijziging GGD 2025 Bijlage 2b. Derde begrotingswijziging 2025 VRZ Bijlage 2c. Advies BC GGD gezamenlijke huisvesting GGD en VRZ Bijlage 2d. Zienswijze OR 26 maart 2025 GGD-VRZ Bijlage 2e. Advies ACF - BAO samenwerking en huisvesting GGD en VRZ
Burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland hebben op 27 mei 2025 besloten, S.J.A. Bronsveld
J.Chr. van der Hoek MBA
Secretaris
Burgemeester
Pagina 3 van 3