1409246 Bijlage 1 Memo Commissievoorstel verplichte participatie
Tekst van het document
Notitie ‘verplichte participatie onder de Omgevingswet’ Datum: 25 maart 2025
Inleiding Wettelijke context Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Participatie is een belangrijk onderwerp in deze wet. De Omgevingswet verplicht de aanvrager bij de aanvraag aan te geven of de aanvrager aan participatie heeft gedaan en zo ja, hoe de aanvrager aan participatie heeft gedaan en wat daarvan de resultaten zijn (artikel 7.4 Omgevingsregeling). Dit aanvraagvereiste betekent niet dat de aanvrager verplicht is aan participatie te doen. Participatie door de initiatiefnemer bij de voorbereiding van een omgevingsvergunning is vrijwillig. Als de aanvrager niet aan participatie heeft gedaan kan het bestuursorgaan de aanvraag om die reden niet weigeren of buiten behandeling stellen. Het doel van de participatie is namelijk de initiatiefnemer te stimuleren om na te denken over participatie. Als de aanvrager niet aan participatie heeft gedaan kan het bestuursorgaan de aanvraag om die reden niet weigeren of buiten behandeling stellen. De gemeenteraad kan gevallen aanwijzen waarin participatie wel een verplicht aanvraagvereiste is. Dit kan overigens alleen bij een vergunningaanvraag voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa), waarvoor het college bevoegd gezag is (artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet). Dit is een uitzondering op de regel.
Als de aanvrager in zo’n geval niet of onvoldoende aan participatie heeft gedaan, kan het college de aanvraag dus wel buiten behandeling laten. Wel moet het college de aanvrager de gelegenheid geven om het gebrek te herstellen (gelet op 4:5 Awb). Participatie wordt daarmee -in geval van bepaalde bopa’s- een aanvraagvereiste. Motie Tijdens de begrotingsvergadering op 4 november 2024 heeft de gemeenteraad de motie ‘verplichte participatie Omgevingswet’ vastgesteld. Het dictum van deze motie luidt als volgt: We vragen het college van burgmeester en wethouders: 1. Scenario's te ontwikkelen voor de wijze waarop participatie bij aanvragen voor omgevingsvergunningen vormgegeven kan worden. 2. Een voorstel te doen voor welke buitenplanse omgevingsplanactiviteiten verplichte participatie zou moeten gaan gelden en die door de raad in een aanwijzingsbesluit zouden moeten worden vastgelegd 3. Dit voorstel, in bijvoorbeeld een commissievoorstel, uiterlijk in het 2°° kwartaal van 2025 aan de gemeenteraad voor te leggen. Adviesrecht De gemeenteraad heeft op 19 oktober 2023 een lijst met gevallen vastgesteld waarvoor advies van de gemeenteraad nodig is voor een bopa. Voor de volgende gevallen dient het college verplicht advies te vragen aan de gemeenteraad: • • • • •
Nieuwvestiging van verblijfsrecreatie; Uitbreiding van verblijfsrecreatie in oppervlakte en/of eenheden met meer dan 10%; Nieuwvesting van een horecabedrijf; Uitbreiding van een horecabedrijf in oppervlakte met meer dan 20%; Realiseren van woningbouwprojecten van meer dan 11 woningen.
De gemeenteraad heeft besloten de invulling van het adviesrecht in het derde kwartaal van 2025 te evalueren en, zo nodig, bij te stellen. Sinds de invoering van de Omgevingswet heeft het college één keer een initiatief voor advies aan de gemeenteraad voorgelegd, namelijk voor de bouw van 14 woningen aan de Haneweg in Ouwerkerk. Dit is een initiatief van de gemeente zelf in samenwerking met Zeeuwland. Tijdens de behandeling in de raadscommissie is heeft de dorpsraad van Ouwerkerk aangegeven dat het participatieproces goed is verlopen.
Overwegingen en uitgangspunten 1. Hoewel participatie een belangrijke plek heeft in de Omgevingswet stelt de wet participatie voor aanvragers in beginsel niet verplicht. 2. De Omgevingswet legt de verantwoordelijkheid voor participatie bij de initiatiefnemer. Ingeval een andere partij dan de gemeente initiatiefnemer is, is de rol van de gemeente kaderstellend en toetsend. De verantwoordelijkheid voor het participatieproces ligt bij de initiatiefnemer. 3. Is er in het geheel niet aan participatie gedaan, dan heeft de aanvrager niet voldaan aan het aanvraagvereiste. Het college kan dan de aanvraag buiten behandeling laten. 4. Is er wel enige mate van participatie? Dan beoordeelt het college of er sprake is van voldoende participatie. Bij de beoordeling hiervan zijn de specifieke kenmerken van het project of activiteit en de omgeving van belang. Dit betekent dat bij een klein initiatief met weinig impact op de omgeving een beperkte vorm van participatie kan volstaan. Bij een initiatief met grote impact op de omgeving zal uitgebreidere participatie nodig zijn. De participatie-inspanning van de aanvrager moet dus in verhouding zijn (proportioneel) ten opzichte van de aangevraagde activiteit. 5. Het is aan de initiatiefnemer hoe de participatie wordt vormgegeven. De gemeente heeft niet de mogelijkheid dit dwingend voor te schrijven. 6.
De gemeente kan initiatiefnemers wel een handreiking bieden hoe participatie kan worden ingevuld en hoe verslaglegging over de participatie, het participatieverslag, vorm kan krijgen. 7. De wijze waarop participatie wordt ingevuld is aan de aanvrager en is vormvrij. De aanvrager verantwoordt het participatieproces en de resultaten ervan in een participatieverslag. 8. Participatie is niet hetzelfde als draagvlak. Door participatie kan draagvlak worden vergroot. Dat neemt niet weg dan ondanks zorgvuldig uitgevoerde participatie verschillen van inzicht tussen de aanvrager en andere betrokkenen kunnen blijven bestaan. 9. Een verplichting tot participatie komt in beeld ingeval sprake is van initiatieven die een forse impact hebben op het woon- en leefklimaat van de omgeving. In die gevallen is het belang de omgeving te betrekken bij het initiatief groot. Scenario’s 1. Geen verplichting • De gemeenteraad gaat niet verder dan de wettelijke verplichting om bij de aanvraag aan te geven of aan participatie is gedaan. Dit betekent dat de gemeenteraad geen gevallen aanwijst waarin participatie een aanvraagvereiste is. • We intensiveren de informatievoorziening aan aanvragers waarin we het belang van participatie, voorafgaand aan de formele procedure, benadrukken. • We bieden initiatiefnemers een handreiking voor de invulling van participatie en het participatieverslag. 2.
Een participatieverplichting aansluitend op het adviesrecht • De gemeenteraad wijst de gevallen waarin verplicht advies aan de gemeenteraad moet worden gevraagd tevens aan voor verplichte participatie. De gevallen die de gemeenteraad hebben aangewezen voor het adviesrecht hebben impact op de woon- en leefomgeving. Daarom is het logisch in die gevallen ook participatie verplicht te stellen. • Naast de participatieverplichting bieden we initiatiefnemers een handreiking voor de invulling van participatie en het participatieverslag. 3. Een meer uitgebreide participatieverplichting • De gemeenteraad wijst aanvullend op optie 2 genoemde gevallen nog een aantal andere gevallen aan die van zodanige impact zijn dat een participatieverplichting geboden is. Daarbij hebben we in overweging genomen welke ruimtelijke procedures afgelopen periode hebben gespeeld en hoe de participatie met de omgeving al dan niet invulling heeft gekregen.
• Gevallen die voor verplichte participatie in aanmerking zouden kunnen komen: o projecten voor het opwekken of opslaan van energie, anders dan voor eigen huishoudelijk gebruik, zoals windturbines en zonnevelden; o hoogbouw: een gebouw van meer dan drie woonlagen of een gebouw vanaf 15 meter o de nieuwvestiging van een antenne-installatie hoger dan 40 meter; o de nieuwvestiging van een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen (meer dan vijf slaapplaatsen). • Naast de participatieverplichting bieden we initiatiefnemers een handreiking voor de invulling van participatie en het participatieverslag.
4. Een meer uitgebreide participatieverplichting aangevuld met uitbreiding van het adviesrecht. • Aanvullend op optie 3 breidt de gemeenteraad die gevallen waarvoor adviesrecht geldt ook uit. Het adviesrecht en verplichte participatie gelden dan voor dezelfde gevallen. Met deze optie neemt de gemeenteraad de bijstelling van het adviesrecht, gepland in het derde kwartaal van dit jaar, in één keer mee. • Naast de participatieverplichting bieden we initiatiefnemers een handreiking voor de invulling van participatie en het participatieverslag. Advies van het college Wij adviseren te kiezen voor optie vier. Dit betekent dat de participatieverplichting (artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet) en het adviesrecht van de gemeenteraad (artikel 16.15a onder b, sub 1 Omgevingswet) geldt in de volgende gevallen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Nieuwvestiging van verblijfsrecreatie; Uitbreiding van verblijfsrecreatie in oppervlakte en/of eenheden met meer dan 10%; Nieuwvesting van een horecabedrijf; Uitbreiding van een horecabedrijf in oppervlakte met meer dan 20%; Realiseren van woningbouwprojecten van meer dan 11 woningen Grondgebonden zonnevelden; Hoogbouw: een gebouw van meer dan drie woonlagen of een gebouw vanaf 15 meter; Een nieuwe antenne-installatie hoger dan 40 meter; De nieuwvestiging van een grootschalige logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen.
Wij baseren dit advies op de volgende argumenten: 1. We vinden participatie ingeval van initiatieven met grote impact voor de woon- en leefomgeving belangrijk. We vinden eveneens belangrijk dat de initiatiefnemer verantwoordelijkheid neemt voor het participatieproces. Hierbij past een verplichting tot participatie. 2. In de praktijk zien we een aantal gevallen die impact hebben op de woon- en leefomgeving en waarbij de omgeving zich betrokken toont bij het initiatief en de ruimtelijke afweging die moet worden gemaakt. Wij zien hierin aanleiding de gevallen waarvoor al het adviesrecht van de gemeenteraad geldt aan te vullen. 3. In het belang van heldere regels stellen we voor om voor het adviesrechtrecht en verplichte participatie dezelfde gevallen aan te wijzen.