CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

Inspiratiegids Overtuinen def.

Raadsvergadering 19 november 2024, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Inspiratiegids overtuinen10.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Inspiratiegids

overtuinen

inhoud

Voorwoord

1.

Over deze gids

7

2.

Aanpak

15

3.

Verhaal, kernkwaliteiten en waarden

17

4.

Tips • Bebouwing • Verhardingen • Groen en biodiversiteit • Duurzaamheid

29 31 43 47 65

5.

Aanbevelingen

71

Bijlagen

- afbeeldingen regels Bestemmingsplan - afbeeldingen regels Welstandsnota - Begrippenlijst

kernkwaliteiten en waarden op een rij

4

voorwoord Voor u ligt de inspiratiegids voor de overtuinen op Schiermonnikoog. De overtuinen zijn heel bijzonder en belangrijk voor het aanzien van het dorp. Voor onze bewoners maar ook de bezoekers van ons prachtige eiland. Overtuinen zijn de tuinen die horen bij de huizen aan de streken. Tussen de woningen en overtuinen ligt vaak een pad. De tuinen worden van oudsher gebruikt voor het verbouwen van groente en fruit. Maar onze maatschappij verandert en ook het gebruik en de uitstraling van de overtuinen verandert mee. Dat is maar goed ook, want anders worden de overtuinen een museum. Tegelijk kunnen ondoordachte veranderingen leiden tot het onzichtbaar worden van de unieke geschiedenis en/of verlies van andere waarden. Dat willen we als gemeente voorkomen. Bij het proces om te komen tot deze inspiratiegids is gewerkt met een werkgroep van eilanders en professionals. Een mooi proces waarbij de inbreng van eilanders heel belangrijk is geweest. De waarden zijn geïnventariseerd en met respect voor deze waarden zijn in woord en vooral beeld tips opgesteld voor bouwen, verhardingen, groen en biodiversiteit en duurzaamheid. Door bij initiatieven deze tips te gebruiken, blijven de overtuinen aantrekkelijk en leefbaar.

Bij het opstellen van de inspiratiegids zijn waardevolle aanbevelingen naar voren gekomen om de huidige kaders (bestemmingsplan, welstandsnota) en het proces rondom de vergunningverlening te verbeteren. De gemeente staat open voor deze verbetervoorstellen en gaat de mogelijkheden voor implementatie van de aanbevelingen met betrokkenen bestuderen. Ik wens u allen, en in het bijzonder initiatiefnemers die in de overtuinen aan de slag gaan, veel inspiratie toe! Wethouder J.C. Hagen

5

Lange streek om de Noord met zicht op de watertoren

6

Voorstreek met zicht op de dijk

1

over deze gids

Aanleiding Op 18 januari 2023 heeft de gemeente Schiermonnikoog TWK Stedenbouw en Sandra Grabs architectuur opdracht gegeven voor het opstellen van een inspiratiegids voor de overtuinen in samenwerking met een groep eilanders met een overtuin. De inspiratiegids komt voor uit de eilander middagen (2018) en is een initiatief vanuit de eilanders. Daarnaast staat in het bestemmingsplan Schiermonnikoog-Dorp d.d. 15 februari 2022 dat er onder andere voor de overtuinen samen met de samenleving een inspiratiegids wordt opgesteld. Aanvulling op de welstandsnota In de inspiratiegids overtuinen worden de kernkwaliteiten en waarden geïllustreerd en goede voorbeelden gegeven van inrichting en bebouwing die met respect voor de kernkwaliteiten en waarden kunnen worden gerealiseerd. De inspiratiegids is aanvullend op de welstandnota en wordt als uitgangspunt gebruikt bij aanvragen. ‘Aanvullend’ betekent dat de welstandsnota en de inspiratiegids beiden worden betrokken bij de begeleiding en beoordeling van initiatieven. Voor onderwerpen waar de inspiratiegids geen tips bevat, wordt teruggevallen op de criteria in de welstandsnota. Hiertoe zal deze gids ook worden vastgesteld door de gemeenteraad. Het is belangrijk daarbij ook te kijken naar passende inrichting en materialisatie van in het zicht gelegen ruimtes en gevels en goede voorbeelden te geven van wat passend is.

Nadat vijf jaar is gewerkt met de inspiratiegids gaat de gemeente de gids tegen het licht houden en zo nodig aanpassen. Onderwerpen Bij de start van het project, hebben de eilanders in de werkgroep aangegeven zich met de gids te willen richten op inspirerende tips voor een viertal onderwerpen: bebouwing, verharding, groen en biodiversiteit en duurzaamheid. Met het laatste onderwerp wordt gedoeld op duurzaam bouwen, (na)isoleren maar ook de opwek van energie. Om doublures te voorkomen zijn tips voor duurzaam bouwen en (na)isoleren geïntegreerd met het onderwerp bebouwing. Het onderwerp duurzaamheid richt zich op de opwek van duurzame energie. Denk hierbij aan warmtepompen, zonnepanelen en -collectoren. Opbouw van de gids Deze inspiratiegids bestaat uit vijf hoofdstukken. In dit hoofdstuk wordt de inspiratiegids geïntroduceerd. Het tweede hoofdstuk gaat over de aanpak. Die was bijzonder omdat het hier om een nauwe samenwerking tussen overtuiners en professionals gaat. In het derde hoofdstuk worden de kernkwaliteiten en waarden van de overtuinen uitgediept. Hoofdstuk vier bestaat uit tips voor de in de vorige alinea genoemde onderwerpen en hoofdstuk vijf bevat een aantal aanbevelingen voor het aanpassen van het bestemmingsplan en de welstandsnota maar ook het vergunningentraject.

7

8

bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp (bron: omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart/)

bron: gemeente Schiermonnikoog

De bomen en het bos Uitleg over het bestemmingsplan en de welstandsnota

Heb ik voor mijn initiatief een omgevingsvergunning van de gemeente nodig? Hoe is dat geregeld? En waar vind ik daar informatie over? Veel bewoners zien door de bomen het bos niet meer. De werkgroep met eilanders is in een zoektocht naar antwoorden in de diverse gemeentelijke stukken en regels gedoken. Wat blijkt? In de overtuinen heb je voor normaal onderhoud geen vergunning nodig. Maar voor bijna alle andere initiatieven is een omgevingsvergunning nodig. Of het nu gaat om het bouwen van een schuurtje, het plaatsen van een vlaggenmast, het aanbrengen van bestrating of bijvoorbeeld het rooien of planten van een boom. De kans is dus groot dat u als overtuiner vroeg of laat een omgevingsvergunning nodig heeft. Om u wegwijs te maken, geven we globaal uitleg over het omgevingsplan en de welstandsnota. In sommige gevallen zijn er aanvullende regels waaraan een initiatief dient te voldoen. Informeer hiernaar bij de gemeente. Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet ingegaan en wordt het bestemmingsplan een ‘tijdelijk omgevingsplan’ genoemd. Omdat het begrip ‘bestemmingsplan’ nog op veel plekken wordt gehanteerd, maken wij nog gebruik van deze term. Waarom heb ik een omgevingsvergunning nodig? Laten we eerst nog even een stapje terugzetten. Waarom vraagt de gemeente overal een omgevingsvergunning voor? Dit heeft te maken met het bijzondere karakter van de overtuinen.

Misschien ervaar je dat als eilander anders, maar de overtuinen zijn écht uniek. Dat dit zo blijft, is natuurlijk niet vanzelfsprekend. Alleen als we netjes omgaan met de overtuinen kunnen toekomstige generaties ook van de overtuinen genieten. Daarom heeft de gemeente regels opgesteld. Deze regels zorgen ervoor dat initiatieven passen bij de kwaliteiten van de overtuinen. Daarnaast is het zo dat de regels ervoor zorgen dat onderling gedoe wordt voorkomen. De regels gelden voor iedereen, dus óók voor je buren. Welke gemeentelijke stukken zijn belangrijk? Bij het aanvragen van een omgevingsvergunning zijn twee door de gemeente gemaakte stukken belangrijk. Hier staan grofweg alle regels. Het gaat hierbij om het bestemmingsplan en de welstandsnota. In een

9

10

bestemmingsplan staat welke functies op een plek zijn toegestaan. Ook bevat een bestemmingsplan bijvoorbeeld regels over de omvang en de plek van bebouwing. Daarnaast staat hier dat er een inspiratiegids voor de overtuinen moet komen. De welstandsnota bevat met name regels voor de uitstraling van de bebouwing. De regels, die in de nota criteria worden genoemd, gaan onder andere over de hoofdvorm maar ook het materiaal- en kleurgebruik. Het bestemmingsplan en de welstandsnota zijn na tussentijdse raadplegingen van de bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden vastgesteld door de gemeenteraad. Waar vind ik het bestemmingsplan en de welstandsnota? Je kunt het bestemmingsplan en de welstandsnota vanuit huis digitaal bekijken. Het bestemmingsplan voor de Overtuinen staat op omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart. De welstandsnota is te vinden op de website van de gemeente Schiermonnikoog via Bouw en verbouwing, welstand | Gemeente Schiermonnikoog. Als je een aanvraag doet voor een omgevingsvergunning kijkt de gemeente of het initiatief voldoet aan de regels in deze stukken. Voldoet een initiatief hieraan, dan krijgt de indiener een omgevingsvergunning.

Wat regelt het bestemmingsplan? Voor het Schiermonnikoog is ook een bestemmingsplan gemaakt. Het bestemmingsplan voor Schiermonnikoog heet “Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog – Dorp en is door de gemeenteraad vastgesteld op 15 februari 2022. De overtuinen maken deel uit van dit bestemmingsplan. Als je op de plankaart van het bestemmingsplan kijkt, zie je dat de overtuinen een eigen bestemming hebben: Enkelbestemming Tuin – Overtuin. Daarnaast zijn er ook nog twee zogenaamde dubbelbestemmingen van toepassing. Het gaat hierbij om Waarde – Archeologie en Waarde – Beschermd dorpsgezicht. Wat betekent de Enkelbestemming Tuin – Overtuin? Kort gezegd regelt de enkelbestemming het gebruik van de overtuinen. Op basis hiervan is het bijvoorbeeld niet mogelijk om bedrijfsmatige activiteiten uit te gaan oefenen in de Overtuinen. En alleen op specifieke plekken zijn recreatiewoningen mogelijk. Daarnaast staan er in deze enkelbestemming regels voor bouwen. Denk hierbij onder andere aan het maximale oppervlak, de goothoogte en de bouwhoogte voor verschillende soorten bouwwerken. Om een omgevingsvergunning te krijgen, dient in ieder geval te worden voldaan aan deze regels. Daarnaast worden bouwplannen getoetst of zij voldoen aan ‘redelijke eisen van welstand’ die staan in de welstandsnota. De gemeente wint hiervoor advies in bij de gemeentelijke adviescommissie.

Wat wordt verstaan onder de Waarde – Archeologie? De Waarde – Archeologie beschermt eventueel aanwezige archeologische waarden. Deze waarden kunnen worden verstoord als er gegraven wordt. In het bestemmingsplan staat bij welke werkzaamheden een vergunning nodig is. Denk hierbij onder andere aan het aanbrengen van diep wortelende beplanting over een groter oppervlak dan 50 vierkanter of het trekken van een sleuf voor kabels en leidingen dieper dan 35 centimeter. Een omgevingsvergunning kan pas worden verleend als is aangetoond door de initiatiefnemer dat er geen archeologische waarden zijn. Ook kan een omgevingsvergunning worden verstrekt als is aangetoond dat met de werkzaamheden de archeologische waarden niet onevenredig worden geschaad of verstoord. Wat houdt de Waarde – Beschermd dorpsgezicht in? Met de Waarde – Beschermd dorpsgezicht worden cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het gebied en zijn bebouwing beschermd. In het bestemmingsplan staat bij welke werkzaamheden een vergunning nodig is. Denk hierbij aan onder andere aan het aanbrengen van een

11

3,110525205007

beschermd dorpsgezicht

12

terras, het vervangen van bijvoorbeeld klinkers door betontegels, het aanbrengen of rooien van beplanting en het ophogen of afgraven van de grond. Een omgevingsvergunning mag alleen worden verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermde gezicht. Deze waarden zijn beschreven in bijlage 3 (Aanwijzing Beschermd Dorpsgezicht) en 4 (Cultuurhistorische verkenning) van het bestemmingsplan. De gemeente wint hiervoor advies in bij de gemeentelijke adviescommissie. Op de website van de gemeente kunt u meer informatie vinden over het Beschermd dorpsgezicht Schiermonnikoog | Gemeente Schiermonnikoog. Wat staat er in de welstandsnota? In de welstandsnota staan regels die gaan over de uitstraling van onze leefomgeving. Het gaat hierbij vooral om regels voor de bebouwing, maar in de nota staan ook handvatten voor de onbebouwde ruimte. Schiermonnikoog is opgedeeld in een aantal welstandsgebieden. Per welstandsgebied gelden andere regels. Dat is logisch. De nieuwbouw in het dorp heeft bijvoorbeeld andere gebiedskenmerken dan het bedrijventerrein. De regels zijn afgestemd op de gebiedskenmerken van het desbetreffende gebied.

welstandskaart met in rood gemarkeerd de Streekbebouwing

De overtuinen vallen onder deelgebied 1: Streekbebouwing. In de welstandsnota worden de regels ‘criteria’ genoemd. Deze criteria gaan over onder andere de plaatsing van de bebouwing, de hoofdvorm en de uitstraling van de gevels. Per criterium is aangegeven wat de ruimte voor verandering is. Vanwege het unieke karakter van de overtuinen wordt ingezet op ‘handhaven’ en ‘respecteren’. Nieuwe ontwikkelingen zijn mogelijk, maar dienen wel aan te sluiten bij de gebiedskenmerken. De advisering over uiterlijk van bouwwerken wordt verzorgd de gemeentelijke adviescommissie. Slot Als je een initiatief hebt is het belangrijk om bovenstaande informatie van de gemeente te bestuderen. Maar er is meer nodig om een goed plan te maken waarvoor snel en soepel een vergunning wordt verleend. Het is belangrijk om goed na te denken over de opgave en hierbij de juiste (ontwerp)deskundigheid in te schakelen. Daarnaast is het ook belangrijk dat bij de aanvraag de juiste informatie wordt aangeleverd. Over aan te leveren informatie en procedures is viaOmgevingsvergunning | Gemeente Schiermonnikoog ook informatie in te winnen bij de gemeente.

13

14

Excursie langs de overtuinen onder leiding van Theo de Vries van ‘t Heer en Feer

Testen ruimtelijke tips in de maquette

2

aanpak Gebiedsgericht werken met bewoners vraagt om een op maat gesneden aanpak. Zo zijn we op 27 maart 2023 begonnen met een informatiemiddag over de inspiratiegids voor de overtuinen. Tijdens deze middag is een presentatie gegeven over het project en konden geïnteresseerden vragen stellen over de opgave en de beoogde aanpak en zich opgeven voor de werkgroep. Op basis van deze informatiemiddag is de werkgroep van eilanders (overtuiners) met een tiental leden (inclusief een medewerker van de gemeente) in het leven geroepen. De overtuiners hebben onder leiding van professionals zelf de kernkwaliteiten en waarden in beeld gebracht en tips aangereikt voor de inspiratiegids. In totaal zijn er vier werksessies met de overtuiners geweest. In de eerste werksessie op 24 mei 2023 (met excursie onder leiding van ‘t Heer en Feer) stonden de kernkwaliteiten en waarden centraal. In de tweede en derde werksessie zijn de door de eilanders in teams gemaakte tips en aanbevelingen doorgesproken. Deze werksessies vonden plaats op 6 juli en 12 oktober 2023. In de laatste werksessie op 18 januari 2024 is het voorlopige eindconcept van de inspiratiegids doorgenomen.

Vervolgens is het voorlopige eindconcept van de inspiratiegids voorgelegd aan de gemeente en Hûs & Hiem en zijn de opmerkingen van de overtuiners, ambtenaren en adviseurs ruimtelijke kwaliteit verwerkt in het voorliggende definitieve eindconcept. Tot slot zal het definitieve eindconcept van de inspiratiegids in de eerste helft van 2024 worden gepresenteerd aan de bewoners en worden vastgesteld door de gemeenteraad. Na vaststelling treedt de inspiratiegids overtuinen inwerking.

15

kadastrale kaart 1811-1832 Sectie B, Blad 01 (bron: Erfgoedatlas RCE)

16

kadastrale kaart 1811-1832 Sectie B, Blad 02 (bron: Erfgoedatlas RCE)

3

verhaal, kernkwaliteiten en waarden

Planmatige opzet van Schiermonnikoog dorp Omdat de voorloper van het dorp Schiermonnikoog door de zee was verzwolgen, is in de 18e eeuw het dorp in oostelijke richting verplaatst en herbouwd nabij de Oosterduinen. Omdat de veilige plek voor het nieuwe dorp beperkt was, werd gekozen voor een planmatige aanleg. Deze planmatige opzet is door de Landheer Stachouwer beschreven in de Conditiën en Articulen (1757) met voorschriften voor aanleggen, bouwen, gebruik en belastingen. Over de woningen en de overtuinen wordt onder andere het volgende gemeld: “Ten tweden yder Huisplaats in de breedte bepaald op drie en dertigh voeten, beneffens een ordinaire lengte van vijftigh off uiterlijk vijf en vijftigh voeten, daar en boven wordt bij yder huisplaats een Hang- of Hiemstede regt aghterwaarts in ‘t Noorden sigh uitstrekkende van gelijke breedte als de Huisstede voors. en in de Lenghte bepaald op Ellef roeden, de roede gerekent op sestien voeten, des datt al sulke huis- en hangsteden door de gebruikers selvs off op hunnen kosten geplaneert en effen gemaakt zullen worden”.

“Ten Sesden zullen de ingesetenen mede verpligt zijn gaten offte kuilen te maken of te laten maken, off gedoogen datt sulks op hunne kosten zal worden gedaan, ter plaatse die hun daar toe sonder eenige belastinge zal worden aangewesen, ten einde om in de selve alle vuiligheden en stinkende onreinigheden, hoe ook genoemt, te werpen en de selve vol zijnde wederom toe te stoppen en nieuwe te maken”.

17

Panorama vanaf watertoren 1912 (bron: website ‘t Heer en Feer)

18

Voorstreek met op de voorgrond de overtuinen (bron: Schiermonnikoog, een wandeling door het oude dorp;‘t Heer en Feer)

Streken De eerste bebouwing bestond uit twee rechte, evenwijdig aan elkaar lopende oost-west gerichte stroken, de huidige Voor- en Middenstreek, op een onderlinge afstand van 12 à 13 meter. Na 1760 is aan de noordzijde op ± 80 meter een derde strook, de Langestreek, hieraan toegevoegd. De woningen staan op gelijke afstanden van elkaar met de nok haaks op de wegen. De kleine voor- en achtererfjes werden zijdelings door lage stenen muurtjes afgescheiden, aan de wegzijde kregen zij een houten omheining.

Overtuinen Aan de buitenzijde van de Voor-, Midden- en Langestreek werd een smal voetpad evenwijdig aan de wegen aangelegd. De paden scheidden de erven met woningen van de diepe overtuinen. Deze smalle voetpaden zijn met uitzondering van de Middenstreek nog aanwezig. De met heggen omzoomde, groen ingerichte overtuinen in het verlengde van de woningen en haaks op de voetpaden (zogenaamde opstrekkende verkaveling) zijn nog duidelijk herkenbaar en afleesbaar.

19

borders met bloemen 20

gras

overpad erfje met Lytjhús

rug-aan-rug woning

stoep met muurtjes en houten hek

paal met draad of lage hagen

schuurtje staat meestal achterin de overtuin bessenstruiken en/of fruiboom

groente en fruit (bv. aardbeien)

Gebruik overtuinen in de jaren ‘50 Een tuin is er natuurlijk om te gebruiken. In gesprekken kwam naar voren dat het gebruik over de jaren heen behoorlijk aan het veranderen is. Met ander gebruik verandert ook de inrichting van de tuinen. Zoals in de tekening te zien is waren de tuinen in het verleden langs het pad heel open. Hier bevond zich achter de lage heg van circa 1 meter hoog vaak een grasveld met daar aansluitend borders met bloemen. Daar achter lag vaak een moestuin waar groente en aardbeien werden verbouwd. Het deel van de tuin helemaal achter was de plek voor bessenstruiken, soms een fruitboom en een schuurtje. Het graspad in het midden was de scheiding tussen de twee eigenaren van de rug-aan-rug woningen: de woning aan de Middenstreek had de oostkant van de tuin, de woning aan de Voorstreek had de westkant in gebruik.

21

22

Kernkwaliteiten en waarden Met de werkgroep zijn de kernkwaliteiten en waarden van de overtuinen geïnventariseerd. Hiervoor zijn we met elkaar onder leiding van ‘t Heer en Feer op wandelexcursie gegaan en hebben de leden van de werkgroep foto’s verzameld. Ten eerste waarderen de overtuiners de grote verscheidenheid in de uitstraling van de overtuinen. De overtuinen ‘zeggen’ iets over de verschillende eigenaren van de tuinen. Ten tweede kenmerken de overtuinen zich door het vele groen en de beperkt aanwezige verharding. De overtuinen leveren hierdoor een positieve bijdrage aan het (verblijfs)klimaat maar ook de leefomgeving van de planten en dieren. Ten derde is de geschiedenis in de tuinen nog afleesbaar. De overtuinen worden omzoomd met heggen die zorgen voor beschutting. Ook is her en der het oorspronkelijk gebruik nog zichtbaar met borders met sierplanten bij het pad en verderop een moestuin met daar weer achter met fruitbomen en/ of bessenstruiken op een grasveldje.

‘Er is veel variatie in de bebouwing van schuurtjes, tuin- en vakantiehuisjes tot een enkele kleine woning of een werkplaats.’ Ten vierde wordt de openheid van de tuinen gewaardeerd. Hiermee wordt gedoeld op de noord-zuid zichtlijnen. Vanaf de Voorstreek is de dijk en vanaf de Langesstreek om de Noord zijn de duinen nog zichtbaar. Naast de zichtlijnen zijn er ook verrassende doorkijkjes diagonaal door de tuinen. Een ander kenmerk van de openheid betreft het zicht op de lucht (dus niet teveel grote bomen). Tot slot zijn de overtuinen vrijwel geheel autovrij. Doordat het gemotoriseerde verkeer op het eiland beperkt is en veel tuinen in de luwte liggen, heerst er rust. Ook de activiteiten in de tuinen sluiten hierop aan. Dit wordt door de leden van de werkgroep ook ervaren als een belangrijke kwaliteit.

Vertrekpunt voor alle ontwikkelingen Het bovenstaande verhaal en de met de werkgroep gesignaleerde kernkwaliteiten en waarden vormen het vertrekpunt voor de inspirerende tips in de gids. Door bij initiatieven de tips als vertrekpunt te nemen, kunnen de unieke kwaliteiten worden behouden en versterkt.

23

werkgroepfoto’s met kwaliteiten

diversiteit in gebouwtypen en materialen

24

heggen zijn een kwaliteit (tegen inkijk maar ook coulissen)

groen, biodiversiteit, sfeervol, romantisch en mysterieus, verrassend. geen uniformiteit

verscheidenheid tussen de tuinen (geen eenheidsworst), openheid (N-Z)

verzorgd en/of sfeervol, moestuinen en kassen, schuren/bouwsel met aflopende daken

superveel groen, heel biodivers door oa. veel verschillende haagplanten, ruimtebeleving, niet teveel bebouwing

25

gevarieerd bebouwingsbeeld, samenhang in bouwhoogte en oppervlak, versterkt door heggen

overheersend groen, heggenstructuur (ook dwarsheggen), variatie in bebouwing (soorten bebouwing, materialen)

Samenvatting verhaal •

•

• 26

•

•

De voorloper van dorp Schiermonnikoog is door de zee verzwolgen. In de 18e eeuw is het dorp in oostelijke richting verplaatst en is nabij de Oosterduinen het huidige dorp ontstaan. Omdat de veilige plek voor het nieuwe dorp beperkt was, werd gekozen voor een planmatige aanleg om de beschikbare ruimte zo efficiënt mogelijk te gebruiken. De planmatige opzet van het dorp is door de Landheer Stachouwer beschreven in de Conditiën en Articulen (1757) met voorschriften voor aanleggen, bouwen, gebruik en belastingen. De opzet van het dorp bestaat uit streken (Voorstreek, Middenstreek, Langestreek en Langestreek om de Noord) met bebouwing en haaks daarop staan de overtuinen. De overtuinen waren bedoeld voor het plaatsen van bedrijfsbebouwing, zogenaamde ‘Hang- of Hiemsteden’, om vis te drogen, te roken en netten uit te hangen. Daarnaast dienden bewoners in de tuin gaten te maken om ‘onreinigheden’ in te werpen. Het is onduidelijk of er ooit ‘Hang- of Hiemsteden’ zijn geweest. Wel hebben in de overtuinen her en der werkplaatsen en (hooi)schuren gestaan. De overtuinen zijn tot in de wederopbouwperiode gebruikt als nutstuin om te voorzien in de dagelijkse behoeften van de eilanders. Aan het pad lag een grasveldje om de was te bleken. Daarachter lagen borders met snijbloemen, een moestuin én bessenstruiken, fruitbomen en één schuurtje voor opslag van materieel.

Om de gewassen te beschermen tegen de koude wind werden heggen aangeplant. Door allerlei technologische en sociaaleconomische ontwikkelingen in de afgelopen driekwart eeuw hebben de overtuinen in toenemende mate een verblijfskarakter gekregen voor eigenaren maar ook voor toeristen die het eiland bezoeken. De toeristische sector is de belangrijkste bron van inkomsten voor de eilanders. De tuinen dragen ook bij aan de biodiversiteit en een aantrekkelijk klimaat in het dorp.

De zes kernkwaliteiten en waarden De grote verscheidenheid in uitstraling.

De tuinen ‘zeggen’ iets over de verschillende eigenaren van de tuinen.

Veel groen en beperkte verharding.

De overtuinen leveren een positieve bijdrage aan het (verblijfs-) klimaat maar ook de leefomgeving van de planten en dieren. Ook de hoeveelheid bebouwing is beperkt.

De geschiedenis is afleesbaar.

De vaak nog diepe overtuinen worden omzoomd met heggen. Sommige overtuinen hebben nog een nutskarakter met onder andere een moestuin en enkele fruitbomen.

De variatie in bebouwing.

De overtuinen kennen een scala aan gebouwtypen van schuurtjes, tuinhuisjes, vakantiehuisjes tot een enkele kleine woning of een werkplaats.

De zichtlijnen, doorkijkjes en luchtige opzet.

Vanuit de overtuinen in de dorpsrand zijn er zichtlijnen naar de dijk en de duinen. Ook zijn er tal van spannende doorkijkjes diagonaal door de tuinen en is de diepte van de tuinen afleesbaar. Door het beperkte aantal bomen is er zicht op de lucht.

De overtuinen zijn een oase van rust.

De tuinen zijn nagenoeg geheel autovrij. Doordat het gemotoriseerde verkeer op het eiland beperkt is en veel tuinen in de luwte liggen, heerst er rust. Ook de activiteiten in de tuinen sluiten hierop aan.

27

28

4

tips

Kernkwaliteiten en waarden als vertrekpunt In dit hoofdstuk wordt stil gestaan bij de thema’s bebouwing, verharding, groen en biodiversiteit & duurzaamheid. Per thema zijn de doelen voor de overtuinen benoemd. Deze doelen dragen bij aan het behouden en versterken van de gesignaleerde kernkwaliteiten en waarden van de overtuinen als geheel. De tips geven aan hoe met individuele initiatieven kan worden bijgedragen aan de doelen. Als met een initiatief wordt aangesloten bij de tips, kan worden gerekend op een soepel vergunningstraject en is er zicht is er zicht op het verkrijgen van een vergunning. Gebruik van voorbeeldfoto’s Om de tips met beelden te ondersteunen, is gebruik gemaakt van voorbeeldfoto’s. Het gebruik van voorbeeldfoto’s vraagt wel om wat uitleg. De voorbeeldfoto’s dienen te worden gelezen in samenhang met het onderschrift bij de desbetreffende foto. Het is namelijk niet ondenkbeeldig dat een foto alleen voorbeeldig is vanwege de zichtbare bebouwing en de eveneens zichtbare beplanting of de verharding in de overtuinen juist ongewenst is. Let hierop bij het gebruik van de voorbeeldfoto’s. Ruimte voor maatwerk De gemeente geeft ruimte voor initiatieven in de overtuinen. Het is echter onmogelijk om voor alle denkbare initiatieven tips op te stellen. Past een initiatief niet op basis van de opgestelde tips? Vraag dan een gesprek aan met de gemeente.

Misschien is het initiatief namelijk wel mogelijk. Onder voorwaarden is er ruimte voor maatwerk. Of een initiatief wel of geen doorgang kan vinden is onder andere afhankelijk van de vraag of het beoogde initiatief een positieve bijdrage levert aan de in dit hoofdstuk beschreven doelen.

29

30 wisselende afstand van de bebouwing tot het openbare pad

grotere bebouwing staat verder van het openbare pad

bebouwing achter elkaar in stroken

tips bebouwing situering De tips voor situering hebben als doel dat de bebouwing ondergeschikt blijft aan het groen, de kenmerkende diepte van de percelen zichtbaar blijft en er voldoende ruimte tussen de bebouwing onderling is zodat doorzichten behouden blijven en er nieuwe spannende doorkijkjes kunnen ontstaan. De bebouwing is te gast in de overtuin.

Plaats bebouwing in een overtuin achter elkaar in stroken zodat de noord-zuid doorzichten behouden blijven. Dit geldt ook in gevallen waarbij er meerdere overtuinen achter elkaar liggen (splitsing). De nokrichting is evenwijdig aan de zijdelingse perceelgrens.

Houd daar waar bebouwing grenst aan de openbare ruimte afstand van de perceelgrens (indicatie afstand = minimaal de bouwhoogte).

Zorg ervoor dat de voorkanten van bebouwing in naast elkaar gelegen overtuinen minimaal 3,0 meter ten opzichte van elkaar verspringt zodat het bebouwingsbeeld luchtig blijft. Wandvorming langs het openbare pad wordt zo voorkomen.

31

32

bebouwing op afstand van de perceelgrens zodat de heg door kan lopen

bebouwing achter en op afstand van elkaar voor doorkijkjes

tips bebouwing situering

Geef de bebouwing een afstand tot de perceelgrens van minimaal 0,4-2,0 meter. Zo blijven noord-zuid doorzichten en de heggenstructuur behouden. Ook kunnen verdwenen heggen worden hersteld.

Plaats bij meerdere gebouwen in een strook (ook bij een gesplitste overtuin) de gebouwen - met uitzondering van lage hokjes waar je overheen kunt kijken - achter elkaar op ruime afstand (10,0 meter of meer). Zo kunnen spannende doorkijkjes ontstaan.

33

typologie: tuinhuisje

typologie: recreatiewoning

34

typologie: tuinkas typologie: schuurtje

typologie: kippenhok met transparante ren

Kippenlessen 1.) houdt het kippenhok zo klein mogelijk.

typologie: houthok

tips bebouwing hoofdvorm en typologie De tips voor hoofvorm en typologie hebben als doel om de variatie in de bebouwing in de overtuinen te behouden en door te ontwikkelen met gebouwtypen die in de overtuinen voorkomen. Verder is het doel van de tips om het groene karakter niet te laten verstoren door bebouwing en het bebouwingsbeeld luchtig te houden.

Sluit met de bebouwing aan bij de typologische variatie in de overtuinen die bestaat uit lage hout- en/of kippenhokjes, kleine schuurtjes (tot 6 vierkante meter), schuurtjes, tuinhuisjes en recreatiewoningen. 35

Zorg ervoor dat de hoofdvorm enkelvoudig is en breek lange dakvlakken eventueel met dakramen. Bij een recreatiewoningen is een in maat en schaal bescheiden dakkapel, die het doorzicht niet verstoort, aanvaardbaar. Dakramen en dakkapellen houden afstand van de dakranden (indicatie 1,0 meter).

Dek gebouwen groter dan 6 vierkante meter af met een zadeldak. De dakhelling is matig steil (indicatie 45-50 graden). Daken van tuinhuisjes en recreatiewoningen kunnen worden aangekapt (eilanderdak).

een bescheiden dakoverstek

36

gesloten gevel verzacht met groen

gevelopeningen naar de openbare ruimte

hergebruik bouwmaterialen

donker geschilderd hout

tips bebouwing hoofdvorm en typologie Geef daken eventueel een bescheiden dakoverstek (maximaal 0,5 meter) zodat noord-zuid doorzichten blijven behouden. Het overstek wordt gemeten van de buitengevel tot aan de buitenkant van de goot.

gevels, materialen, kleuren en details De tips voor gevels, materialen, kleuren en details hebben als doel dat de bouwwerken allemaal een eigen gezicht krijgen. De overtuiners worden uitgenodigd om de verschillen te vieren door het maken van unieke ontwerpen.

Geef koppen van gebouwen die in het zicht zijn van de openbare ruimte een vriendelijke uitstraling met gevelopeningen of verzacht gesloten gevels met streekeigen beplanting.

Pas (hergebruikte) materialen toe van roodbruine of gele middentoon baksteen tot donker geschilderd of natuurlijk vergrijzend hout voor de gevels. Daken bestaan uit oranjerode of antraciete keramische pannen (in matte of halfmatte uitvoering), sedum of gras.

37

fijnschalige detailering: makelaar

38

windveer in gebroken witte kleur

rijk gedetailleerde console dakgoot

donker gebeitst hout, expressieve kleur kozijn en raam

tips bebouwing gevels, materialen, kleuren en details

Geef windveren en boeidelen een gebroken witte kleur of de kleur van de gevels. De kleur van gevelopeningen is vrij: van gebroken wit tot expressieve kleuren die goed passen bij het groene karakter van de tuinen.

Besteed veel aandacht aan details en zorg ervoor dat de detaillering de gekozen bouwstijl (van traditioneel tot modern) versterkt en niet grof maar verfijnd is.

39

40

houtvezelisolatie

hout

grasvezelisolatie

kurk

Natuurlijk willen we de aarde zo goed mogelijk doorgeven aan onze kinderen. Om dit te bereiken is het belangrijk om onder andere onze CO2-uitstoot te beperken. Kan je een positieve bijdrage leveren? Ja, dat kan zeker door duurzaam te gaan bouwen en verbouwen! Op dit moment is onze CO2-uitstoot nog veel te hoog. Maar liefst 40% van deze uitstoot is gerelateerd aan ‘de bouw’. Dit vraagt om een andere kijk op - en manier van ontwerpen en bouwen. Een manier van bouwen waarbij de traditie op het eiland weer wordt opgepakt. Bouwmaterialen waren in het verleden op de eilanden namelijk schaars. Hierdoor is een rijke traditie van hergebruik van op de eilanden al aanwezig of aangespoelde materialen ontstaan. En nieuwe materialen kunnen net als vroeger uit de regio worden gehaald en ‘groeien’. Dit type bouwmaterialen worden ook wel biobased materialen genoemd. Gaan we met anders (ver)bouwen een stap terug in de tijd? Zeker niet! De tradities worden op een eigentijdse wijze vertaald. Projecten waarin materialen worden hergebruikt, beschikken over veel karakter en de voordelen van biobased materialen zijn talrijk. Naast de CO2 opslag hebben deze materialen een positief effect op geluidsisolatie, vochtregulering en het weren van hitte in de zomer. Interesse? Ga dan aan de slag met de tips!

tips duurzaam bouwen en verbouwen

1.

Denk goed na over de uitgangspunten. Wat is het doel van het bouwproject? Wie gebruikt wanneer hoe lang welke ruimte? Hoe ziet het gebruik er over 5 tot 10 jaar uit? Maak een lijstje met eisen en wensen waaraan het project zou moeten voldoen. Stel jezelf de vraag of het bouwproject nodig is. De meest duurzame vorm van bouwen is niet bouwen. Kan een bestaand gebouw een tweede leven worden gegeven? Dat is in de basis altijd beter dan nieuwbouw.

2.

Maak (minimaal) twee schetsen voor een bouwproject; een versie met de wensen en een tweede versie die voldoet aan de minimale eisen. De twee versies naast elkaar geven veel inzicht. Vaak biedt een mix uit beide schetsen een uitstekende basis voor het maken van een ontwerp.

3.

Vraag om hulp. Schakel bij het project iemand in met ontwerp- en denkkracht en ervaring op het vlak van duurzaam bouwen. Dit betaalt zich terug in een soepel proces, hoge kwaliteit, gebruiksgemak en een economische waarde van het bouwwerk. Zowel voor de ruimtelijke keuzes als ook voor de bouwkundige uitwerking met (bij voorkeur) biobased materialen zijn er tal van deskundigen. Websites zoals Holland Houtland kunnen daarbij helpen en bij de gemeente is een lijst te vinden met duurzame materialen waarvoor subsidie verkrijgbaar is.

4.

Werk het ontwerp zorgvuldig uit en probeer daarbij met zo min mogelijk materiaal zo veel mogelijk gebouw te maken. Voorkom afval. Kies voor materialen die vrijkomen op het eiland. Denk bijvoorbeeld aan bestratingsmaterialen die beschikbaar zijn gekomen. Ook is er een app-groep voor bouwmaterialen. Is het benodigde bouwmateriaal niet voorhanden? Kies dan voor materiaal dat ‘groeit’, bij voorkeur uit Noord-Nederland. Dit is altijd beter voor de planeet dan materiaal dat door complexe processen gefabriceerd moet worden. Maak het ontwerp zo dat de toegepaste materialen kunnen worden hergebruikt.

41

compact verhard terras

42

smalle paden

verharding ondergeschikt aan het groen

smalle paden

tips verharding De tips voor verharding hebben als doel dat het groene beeld van de overtuinen wordt behouden en de tuin niet wordt afgedekt zodat regenwater in de bodem van de overtuinen kan infiltreren.

Verhard het oppervlak van een overtuin met niet meer dan 15% van het perceel en een maximum van 75 vierkante meter (bij een ongesplitste overtuin). Vermijd verharding over de volle breedte van de overtuin.

Zorg ervoor dat bij de delen van de overtuin die zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte het (half)verhard oppervlak ondergeschikt is aan het oppervlak van het groen.

Houd paden smal (indicatie 0,6-0,9 meter) en de maat en schaal van terrassen bescheiden zodat de overtuin van de voor- tot achterkant een groen karakter heeft.

43

natuurlijk kleinschalig materiaal: schelpen of grind

verharding gaat op in het groen

44

natuurlijk kleinschalig materiaal: klinkers

natuurstenen tegels gecombineerd met gebakken klinkers

natuurlijk kleinschalig materiaal: keien

houten terrastegels

tegels in romaans verband

houten vlonderdelen

tegels met natuurlijke uitstraling

tips verharding

Kies natuurlijke, kleinschalige materialen zoals bijvoorbeeld grind, schelpen, houtsnippers, natuurstenen keien en gebakken klinkers (willekeurige volgorde). Tegels zijn maximaal 60x60 centimeter en worden bij voorkeur gecombineerd met gebakken klinkers.

Pas een beperkt aantal materialen toe (indicatie 2-3 soorten) en verwerk gebakken klinkers en natuurstenen keien bij voorkeur zo dat de verharding opgaat in het groen.

45

vingerhoedskruid

koninginnekruid

46

heggendoornzaad

slangenkruid

dagkoekoeksbloem

tips voor meer biodiversiteit

Insecten naar je tuin lokken? Plant inheemse bloemen Kleur! Bloei! Makkelijk te onderhouden! Dat waren de eisen die we jarenlang stelden aan onze tuinplanten. In onze tuinen wilden wij graag iets anders zien dan we al in het weiland of in de berm langs de sloot zagen staan. Kwekers kruisten en kruisten planten met elkaar en maakten de prachtigste plantensoorten die het fantastisch doen in onze tuinen: ze bloeien lang, hebben grote bloemen, ze weerstaan allerlei ziektes met gemak, ze blijven netjes op hun plek staan en gaan niet woekeren door je tuin. Maar de Nederlandse insecten kunnen er helaas weinig mee. Wil je insecten naar je tuin lokken en verwennen? Plant inheemse bloemen (planten die van nature in Nederland voorkomen)! Inheemse planten hebben vaak een subtielere schoonheid dan die doorgekweekte prachtexemplaren die we doorgaans in onze tuinen zetten. Ze bloeien korter. Ze hebben vaak wat subtielere bloemen. Ze stellen wat meer eisen aan de grond… Maar toch is het belangrijk om ze in je tuin te zetten. Inheemse planten en insecten hebben zich op elkaar aangepast, zodat ze beiden (soms via een omweg) voordeel van elkaar hebben. Maar dat betekent voor sommige soorten, zowel planten als insecten, ook dat ze afhankelijke van elkaar zijn geworden. Als een plantensoort verdwijnt, kan daardoor ook een insectensoort verdwijnen.

Om het toch leuk en makkelijk te houden, kun je kiezen om in je tuin een mix van ‘exotische soorten’ met inheemse planten te houden. Leuk voor jezelf én de insecten! Lijst inheemse soorten: slangenkruid, brunella, duizendblad, sint-janskruid, knoopkruid, vrouwenmantel, geel walstro, kattenstart, wilde akelei, zwarte toorts, muskuskasjeskruid, dagkoekoeksbloem, vingerhoedskruid, smeerwortel, koninginnekruid, veldsalie, watermunt…

47

specht op zonnebloem

48

koolmees op sleedorn

teunisbloem

nest achter hedera

koningskaars

wilde kamperfoelie

duizendblad

vlinder op pruimenboom

Vogelvriendelijke beplanting Solitaire bomen: veel vogels profiteren van een boom in de tuin, zoals merels, zanglijsters, huismussen, boomkruipers, boomklevers, mezen en grote bonte spechten. Bomen bieden uitzicht, voedsel, veiligheid en maken voortplanting mogelijk doordat er plek is voor nesten. Denk aan een appelboom, pruimenboom, perenboom, kersenboom, berk, meidoorn, hulst en/ of een lijsterbes. Heggen / hagen: plaats een heg of haag. Vogels vinden hier beschutting, ze maken er nesten in en bessen bieden voedsel, net als de insecten die erop afkomen. Huismussen houden van hagen en schuilen er graag in als er gevaar dreigt. Merels en roodborsten broeden graag in dichte hagen of klimplanten (klimop). Vogels die je veel ziet in en rond een heg: winterkoning, roodborst, koolmees, pimpelmees, huismus, merel, heggenmus, spreeuw of zanglijster. De beste planten voor een heggen/hagen: gebruik inheemse soorten die op verschillende tijdstippen bloeien en bessen dragen. Dit geeft ze het hele jaar door waarde voor de vogels en andere heg-gebruikers. Voorbeelden zijn: de iep, haagbeuk, liguster, meidoorn, sleedoorn, hulst, duindoorn of kardinaalsmuts. Als de ruimte te beperkt is voor een heg is een rasterscherm met klimop mogelijk. Zo creëer je extra ruimte voor vogels in je tuin.

De klimplanten bieden voedsel met bessen en de insecten die ze aantrekken én bieden beschutting om te nestelen en te schuilen tegen gevaar. Gebruik hiervoor: klimop, klimrozen, clematis, vuurdoorn, kamperfoelie. Planten: Planten trekken insecten aan en waar insecten zijn, komen ook vogels. Veel vogels doen zich tegoed aan insecten. Vogels met een spitse snavel zijn de insecteneters. Later in het seizoen komen de vogels met kegelvormige snavels zich tegoed doen aan de zaden. Inheemse plantensoort zoals: grote kaardenbol, koningskaars, teunisbloem, zonnebloem, boerenwormkruid, duizendblad, koninginnekruid, korenbloem, lavendel… Hoog gras: laat eens een deel van je overtuin ongemoeid of maai het minder vaak. Door niet of minder vaak te maaien krijg je veel meer bloemen in je tuin. Er komen steeds meer madeliefjes, paardenbloemen, hondsdraf, speenkruid, ereprijs en met een beetje geluk pinksterbloemen. Zo ontstaat er meer variatie met warme en koude plekjes. Daar profiteren insecten van. Met al die bloemen is er een overvloed aan nectar en stuifmeel en zijn er genoeg plekjes om te schuilen. Zo trek je ook weer vogels naar je tuin.

49

egel

50

Japanse duizendknoop PAS OP! Invasieve exoot.

reuzenberenklauw PAS OP! Invasieve exoot.

Amerikaanse vogelkers PAS OP! Invasieve exoot.

rimpelroos PAS OP! Invasieve exoot.

De overtuin egelvriendelijk maken Mocht je onderdak willen bieden aan een egelfamilie, zorg dan voor voldoende begroeiing. Egels nestelen graag in braamstruiken, heggen en omgevallen bomen, maar ook in composthopen, stapels brandhout of bakstenen. Zolang het maar droog en beschut is. Mocht je de ruimte hebben, laat dan ergens wat snoeiafval liggen voor egels of laat een stukje van je tuin ongemoeid. Daarnaast is het altijd goed om zoveel mogelijk inheemse planten (planten die van nature in Nederland voorkomen) in je tuin te plaatsen. Hier komen veel meer insecten, vogels en vlinders op af dan op exotische planten. Uiteindelijk zorgt dat voor een grotere biodiversiteit en dus een betere leefomgeving (met genoeg voedsel) voor egels. Zorg dat je tuin geen dichte afscheiding heeft. Mocht je een rasterscherm met klimop hebben maak er een paar openingen in zodat de egels makkelijk door de tuinen kunnen lopen. 51

Kijk uit voor invasieve exoten Een exoot is een plant, dier, of een ander organisme, dat van nature niet in Nederland voorkomt. Deze exoten komen door menselijk handelen in ons land terecht. Het gaat hierbij niet om soorten die elders in Europa inheems zijn en door klimaatsverandering oprukken naar Nederland. Een klein deel van de exoten voelt zich prima thuis in zijn nieuwe omgeving. Ze kunnen zich vestigen in onze natuur, zich snel vermeerderen en schadelijk zijn voor inheemse soorten. Invasieve exoten die met moeite bestreden worden in Nationaal Park Schiermonnikoog zijn: Amerikaanse vogelkers, Japanse duizendknoop, rimpelroos en reuzenberenklauw. U kunt de plek van een invasieve exoot melden bij de gemeente of natuurmonumenten.

kerkuil

52

struweel

ransuil

Uilen in de overtuinen In de tuinen op Schiermonnikoog komen twee soorten uilen voor: De kerkuil en de ransuil.

Hoe lok je een kerkuil naar je tuin? Richt je tuin zo diervriendelijk mogelijk in. Kerkuilen eten muizen, kikkers, grote insecten en zo. En die komen af op struweel, takkenhopen en vijvers. Heb je voldoende ruimte, laat dan ook een paar hoge en/of dode bomen staan. Kerkuilen broeden graag in schuren. Plaats géén ramen in het dak. Hou de schuur zo duister mogelijk. Plaats in de nok van het dak een kerkuilenkast. En maak een permanente opening in de schuur zodat de kerkuil in en uit kan vliegen. De kerkuil komt overal in Nederland voor. Heel algemeen is hij niet, er broeden er ongeveer 2.600 tot 2.800 in ons land.

Hoe lok je een ransuil naar je tuin? Voor de ransuil geldt dat hij van dichte bosschages houdt. Ransuilen broedden graag in een heel dicht en uitgestrekt stuk heg. In hoge bomen broedt de ransuil ook, zeker wanneer er een oud eksternest of kraaiennest in zit. Je kunt de ransuil echter ook helpen door een nestmand op te hangen in een boom. In de winter zoeken ransuilen een rustboom uit. Je vindt in zo’n boom vaak meerdere ransuilen die de boom elke dag opzoeken om er op de nacht te wachten. Zo’n boom kan best midden in het dorp staan. Ransuilen eten voornamelijk veldmuizen en spitsmuizen. Kortom: wil je ransuilen in de tuin dan plant je een enorm dichte haag aan, bestaande uit allerlei soorten struiken en bomen. Plant er zeker een berg- of (treur)wilg tussen zodat de ransuilen in de winter in je tuin kunnen rusten. Laat ook wat rommelige hoekjes over waar spitsmuizen en andere kleine zoogdieren hun gang kunnen gaan.

53

54

In het kort: Een overtuin mét biodiversiteit in 10 stappen 1.

Sta rommel toe in je tuin. Ruim niet alle afgevallen blaadjes, takken en dorre planten op. Dit trekt nieuwe dieren aan.

2.

Plaats bij voorkeur een heg/haag en als het niet anders kan een rasterscherm met klimop (laat dan wel onderaan een opening voor egels, fazanten, konijnen...).

3.

Plant bomen in je tuin.

4.

Maak een composthoop of gebruik een compostbak om compost te maken voor je eigen tuin. Verdiep je dan eerst goed in het onderwerp.

5.

Leg een vijvertje aan voor nog meer (water)beestjes.

6.

Geef de tuin rust. Zo krijg je een veilige plek voor de dieren.

7.

Zaai of plant inheemse planten. De Cruijdthoeck of De Bolderik bieden een uitgebreide keuze aan wilde planten en kunnen je helpen bij het maken van de juiste keuze voor jouw tuin. Tuincentra hebben ook een hoekje met het wilde assortiment (inheemse planten).

8.

Gebruik geen kunstmest of bestrijdingsmiddelen.

9.

Plant veel verschillende planten. Hoe meer soorten planten des te weerbaarder je tuin. Met al die bloemen is er een overvloed aan nectar en stuifmeel en zijn er genoeg plekjes om te schuilen. Zo trek je weer insecten en vogels naar je tuin.

55

10. Vermijd invasieve exoten.

lage heg langs het openbaar pad

56 lage heg zijdelingse perceelgrens

de diepte van de tuin is afleesbaar

doorkijkjes vanaf het openbaar pad

ruimtelijke tips groen heggen - plek, hoogte en inheemse soorten De tips voor de plek, hoogte en inheemse soorten van heggen hebben als doel de kenmerkende, planmatige structuur en de diepte van de overtuinen afleesbaar te houden. Daarnaast is het doel om doorkijkjes in tuinen te behouden met respect voor de privacy van de overtuiners en de biodiversiteit te versterken.

Laat de heg van de overtuin langs het pad laag (indicatie 1-1,5 meter) zodat er zicht is op de tuin. Een hogere heg (indicatie 2 meter) aan het pad is ook mogelijk, mits voorzien van een open toegang, zodat er doorkijkjes ontstaan. 57

Houd de heg aan de zijdelingse perceel-grens laag (indicatie 1-1,5 meter) als de buren gezellig zijn. Hanteer in andere gevallen een eindhoogte van circa 2 meter zodat de heg nog kan worden geschoren.

Zorg ervoor dat de overtuin zo is ingericht dat de diepte van de percelen ervaarbaar is.

58

iep

liguster

meidoorn

hulst

ruimtelijke tips groen heggen - plek, hoogte en inheemse soorten

Kies voor bevordering van de biodiversiteit zo veel mogelijk inheemse soorten. Denk bijvoorbeeld aan iep, haagbeuk, liguster, meidoorn, sleedoorn, hulst, duindoorn of kardinaalsmuts. Een mix van soorten in de heg is ook mogelijk.

59

60 zichtlijn is niet onderbroken door bomen

een beperkt aantal bomen zorgt voor behoud openheid tuinen

ruimtelijke tips groen bomen - plek en hoogte De tips voor de plek en hoogte van bomen hebben als doel om de diepte van de overtuinen afleesbaar en herkenbaar te houden. Daarnaast is het doel om het zicht op de lucht en waardevolle doorzichten naar de dijk en de duinen te behouden. Tot slot zorgen de tips ervoor dat overlast van bomen door uitgebreide wortelstelsel, overhangende takken en schaduw wordt vermeden.

Plaats bomen niet in doorzichten en houd 2 meter afstand van de zijdelingse perceelgrenzen.

61

Wees terughoudend in het aanplanten van nieuwe bomen zodat je de lucht kunt blijven zien. Vermijd veel grote bomen.

62 voorbeeld tuin met bomen met lage hoogte

voorbeeld meidoorn boom (wordt 6m hoog)

voorbeeld perenboom (wordt 5m hoog)

ruimtelijke tips groen bomen - plek en hoogte

Houd bij de boomkeuze rekening met de grootte van de boom als deze volgroeid is. Bij voorkeur wordt gekozen voor (fruit)bomen met een eindhoogte van 7,5 meter.

63

64 suskast (omkisting) in kleur en materiaal gevel

gecombineerd met konijnenhok

achter opengewerkte gevel / lamellen

tips duurzaamheid De tips voor duurzaamheid maken het mogelijk om duurzame energie voor eigen gebruik op te wekken met respect voor bestaande (boom)beplanting, rust en natuurwaarden. De benodigde technische installaties zijn ondergeschikt in het beeld. Voor zonnepanelen en -collectoren hanteert de gemeente voor de plaatsing hiervan een voorkeursvolgorde. In beginsel worden panelen en collectoren collectief geplaatst op grote daken in het dorp. Als deze mogelijkheden zijn uitgeput, staat de gemeente plaatsing van zonnepanelen en -collectoren toe op de daken van de gebouwen in de overtuinen. Nadat bovenstaande oplossingen aantoonbaar zijn benut, kan onder voorwaarden een grondopstelling worden gemaakt.

buitenunits warmtepompen

Zet de warmtepomp op een plek die vanuit de openbare ruimte niet zichtbaar is. Als er bebouwing is, combineer dan de warmtepomp met de bebouwing.

Kies een zo stil mogelijk apparaat en plaats daaromheen een suskast. Sluit met de materialen en kleuren voor de kast aan bij de bebouwing of kies voor donkere kleuren of houtkleur.

65

66

nieuwbouw: zonnepanelen zijn meeontworpen

bestaand gebouw: een rustig aaneengesloten vlak met panelen

tips duurzaamheid zonnepanelen en - collectoren op daken

Concentreer zonnepanelen en -collectoren zoveel mogelijk op één plek. In geval van nieuwbouw is het dak de logische plek. De zonnepanelen of -collectoren worden mee ontworpen met het gebouw.

Bij bestaande bebouwing is het dak de voorkeursplek voor zonnepanelen en -collectoren. De kleur van de panelen sluit aan bij de kleur van het dak en het legplan bestaat uit een rustig, aaneengesloten vlak óf passend óf gecentreerd en rondom 50cm (2 dakpannen) uit de rand.

67

68

grondopstelling van bescheiden omvang en hoogte

grondopstelling in de luwte

tips duurzaamheid zonnepanelen en - collectoren in de tuin

Kies voor een in maat en schaal bescheiden grondopstelling (5% van het perceel met een maximum van 20m2 bij een ongesplitste overtuin) als het dak geen oplossing biedt. Een grondopstelling over meer dan 40% van de breedte van de tuin is ongewenst.

Plaats de grondopstelling in de luwte, achter de bebouwing en onttrek deze met beplanting aan het zicht. Zorg dat de opstelling niet hoger is dan 50 centimeter vanaf maaiveld.

69

70

5

aanbevelingen

Het traject dat overtuiners en professionals hebben doorlopen heeft veel opgeleverd. Naast de geconstateerde kwaliteiten, waarden en inspirerende tips zijn er tot slot een negental aanbevelingen die de werkgroep wil meegeven aan de gemeente Schiermonnikoog. Deze aanbevelingen zijn: 1.

Denk met de eilanders mee. De gemeente heeft lang een traditie gehad om met initiatiefnemers in een vroeg stadium van planvorming mee te denken. De werkgroep beveelt de gemeente aan om deze traditie nieuw leven in te blazen voor in ieder geval het beschermde dorpsgezicht. De gedachten gaan uit naar een laagdrempelig ‘spreekuur’, op verschillende tijdstippen in de week die handig zijn voor de eilanders, met gemeentelijk medewerkers die al naar gelang de complexiteit van de vraag extra (ontwerp) deskundigheid in kunnen schakelen.

2.

Onderzoek op welke wijze de plek van de bebouwing het beste kan worden geborgd. De noord-zuid zichtlijnen, het ervaren van de diepte van de percelen, spannende doorkijkjes en zichtlijnen naar de dijk en de duinen vragen om het ordenen van de bebouwing. Kan dit het beste worden geborgd met het huidige bestemmingsplan in combinatie met de inspiratiegids of door in het bestemmingsplan bouwstroken te herintroduceren?

3.

Stem het bestemmingsplan zorgvuldig af met de inspiratiegids. Een voorbeeld waarbij deze afstemming gewenst is, heeft betrekking op de afstand van de bebouwing tot de zijdelingse perceelgrens. Het huidige bestemmingsplan vraagt om plaatsing van bebouwing op de zijdelingse perceelgrens of 2 meter uit deze grens. De werkgroep signaleert dat met de plaatsing van bebouwing in de zijdelingse perceelgrens afbreuk wordt gedaan aan de kenmerkende heggenstructuur.

4.

Onderzoek of extra bebouwingsruimte kan worden geboden voor hobbymatige activiteiten. De werkgroep mist in het huidige bestemmingsplan enige ruimte voor kleinschalige bebouwing voor hobbymatige activiteiten zoals bijvoorbeeld een houthok, kippenhok, volière en/of groentekas. Is extra bebouwingsruimte mogelijk met behoud van de gesignaleerde kwaliteiten en waarden en zo ja, onder welke voorwaarden?

71

72

5.

Ga aan de slag met de inspiratiegids. Met de inspiratiegids wordt ingezet op een gemakkelijker vergunningentraject en kwaliteitsvolle plannen voor de overtuinen. Evalueer de werking van de gids regelmatig en verfijn op basis van de opgedane ervaringen zo nodig het proces en/of vul de gids inhoudelijk aan.

6.

Verbreed en vernieuw het welstandsbeleid. Het huidige welstandsbeleid is verouderd. In de nota ontbreekt aandacht voor relevante onderwerpen zoals biobased bouwen, circulariteit, energietransitie, klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen. Dat geldt niet alleen voor de overtuinen maar voor het gehele eiland. De werkgroep beveelt de gemeente aan om de welstandsnota van de gemeente Schiermonnikoog te verbreden, vernieuwen en af te stemmen op de inspiratiegids.

7.

Verklein de afstand tussen de adviseurs van de gemeente en de burger. De overtuiners hebben de behoefte om bij de beoordeling over hun plannen in gesprek te kunnen gaan met de adviseurs van de gemeente. Ook zien de overtuiners graag een eilandlid toegevoegd aan de lokale, gemeentelijke Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit. Dit vraagt een actieve rol om dit overleg te faciliteren.

8.

Betrek eilanders vroegtijdig bij het opstellen van beleid en plannen. De samenwerking tussen eilanders en professionals heeft een grote meerwaarde. Dat toont het doorlopen traject voor de inspiratiegids. De werkgroep zou graag zien dat deze werkwijze ‘de nieuwe normaal’ wordt en doet de aanbeveling om eilanders vanaf een zo vroeg mogelijk stadium te betrekken bij het opstellen van nieuw beleid en plannen.

9.

Samen houden wij de overtuinen mooi en aantrekkelijk. De overtuinen zijn uniek en dragen bij aan de charme van het dorp. Hiervan genieten natuurlijk de eigenaren, maar ook de andere eilanders en niet op de laatste plaats de toeristen. Vanwege deze betekenis van de overtuinen vraagt de werkgroep de gemeente om praktische ondersteuning bij het behouden en versterken van de overtuinen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan advies en/of handen bij het onderhoud en beheer.

73

bijlagen

bestemmingsplan *

bouwregels gebouwen in de overtuin

Het oppervlak van gebouwen en overkappingen is maximaal 20% van de overtuin met een maximum van 50m2.

De breedte van een gebouw of overkapping is maximaal 40% van de breedte van de overtuin.

Een gebouw of overkapping staat in de zijdelingse perceelgrens of op minimaal 2 meter uit deze grens.

De goothoogte van een gebouw of overkapping is maximaal 2,75 meter.

De bouwhoogte van een gebouw of overkapping is maximaal 3,5 meter (onder voorwaarden 4,0 meter).

* geldende regels bij opstellen van dit document

bestemmingsplan * recreatiewoningen

De goothoogte van een gebouw of overkapping is maximaal 2,75 meter.

Een gebouw dient te worden afgedekt met een kap met uitzondering van gebouwen kleiner dan 6m2. De dakhelling is tussen de 25-65 graden.

bestemmingsplan *

bouwwerken geen gebouwen en overkappingen zijnde

Overige bouwwerken geen gebouwen en overkappingen zijnde hebben een maximale hoogte van 2,0 meter.

* geldende regels bij opstellen van dit document

welstandsnota *

plaatsing Vrijstaande bijgebouwen staan in de lengterichting van de overtuin. De breedte van het bijgebouw is maximaal 40% van de breedte van de overtuin. maximaal 40% breedte overtuin

hoofdvorm Vrijstaande bijgebouwen afgedekt met zadeldak. De hoofdvorm is kantig. Dat wil zeggen dat de dakhelling steil is.

aanzichten De gevelindeling kent een traditionele compositie door verticale gevelopeningen.

opmaak Voor het karakter en de uitstraling van vervangende nieuwbouw geldt in beginsel dat in de bestaande bouwtraditie te worden gebouwd (historiserend bouwen). Gevels zijn van hout (donkergroen met witte daklijsten) of baksteen in een gedekte kleur, daken gedekt met gebakken, rode pannen (hooguit mat geglazuurd, niet glimmend).

inrichting Behouden van de bestaande groene ruimte op privé-gronden in de vorm van overtuinen; Groene ruimten dienen groen te blijven en niet gaandeweg verhard te worden ten behoeve van terrassen, opritten, paden en parkeerplaatsen. Schaalindelende elementen als bomen en heggen dienen te worden gehandhaafd. Bij wijzigingen dient vervallen groen te worden vervangen. Bij herbestratingen (ook op eigen terrein) dient geen grootschalig bestratingsmateriaal te worden toegepast.

* geldende regels bij opstellen van dit document

begrippenlijst

Aangekapt Hellend dak dat is bevestigd aan het dakvlak. Aardtinten Zachte – niet felle – warme kleuren van de aarde zoals geel, bruin en roodbruin. Afdak Hellend dak, hangend of op stijlen aangebracht tegen een gebouw of een muur, om als gedeeltelijke beschutting te dienen. Archeologie De wetenschap die de geschiedenis probeert te ontdekken en te begrijpen aan de hand van overblijfselen uit het verleden in de bodem. Bebouwingsbeeld Het totaalbeeld van een reeks of cluster bouwwerken dat wordt bepaald door de positie van de bebouwing ten opzichte van elkaar, afmetingen, typologie, kapvorm, nokrichting en gebouwonderdelen die de bebouwing verlevendigen zoals schoorstenen, erkers enzovoorts. Belendende Naast gelegen, direct grenzend aan. Bestemming De functie die op een locatie op basis van het bestemmingsplan op een bepaalde locatie in het desbetreffende bestemmingsplan is toegestaan. Na inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 worden bestemmingen ‘activiteiten’ genoemd die in een bepaald gebied plaats mogen vinden. Bestemmingsplan Het bestemmingsplan (op basis van de Wet ruimtelijke ordening) is een juridisch bindend plan dat beschrijft wat er mag gebeuren met de grond en ruimte.

Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 vervalt de term bestemmingsplan en heeft de gemeente voor haar grondgebied een (tijdelijk) omgevingsplan met daarin alle gemeentelijke regels voor de fysieke leefomgeving.

Bijgebouw Een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; functionele ondergeschiktheid is niet vereist, tenzij in de regels anders is bepaald. Biobased Biobased bouwmaterialen zijn bouwmaterialen gemaakt van dierlijk materiaal of van schimmels, planten, bacteriën die ecologisch verantwoord geteeld, geoogst, gebruikt en hergebruikt worden. Biobased materialen zijn afkomstig van een regeneratieve teelt die de ecologisch gezonde condities van de oogstlocatie waarborgt, gemaakt van grondstoffen uit de levende natuur die na een oogst terug groeien binnen 100 jaar, geen abiotische grondstoffen uit geologische formaties (zoals zand en klei) en later herbruikbaar als grondstof in een nieuw bouwmateriaal of in de natuur, wanneer ze vrijkomen bij een sloop of renovatie. Biodiversiteit Biodiversiteit, ofwel soortenrijkdom, is waaruit onze natuurlijke wereld bestaat. Het omvat alle soorten planten, dieren en micro-organismen, en zelfs genetische variaties daarin. Al deze soorten werken samen in een ecosysteem en zorgen zo voor evenwicht in de natuur. Blinde gevel Gevel zonder raam, deur of andere openingen. Boeiboord of boeideel Een boeiboord of boeideel is de afwerking van de dakrand of dakgoot.

Het is een opstaande kant van een dakgoot en wordt vaak gebruikt om de buitenste plank of plaat van de houten lijst van de dakgoot te bedekken. Bouwhoogte De afstand vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. Bouwwerk geen gebouw zijnde Bouwwerken die geen voor mensen toegankelijk geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimten vormen zoals antennes, masten.

Bovengeschikt of dominant Landschappelijke, stedenbouwkundige en/of architectonische onderdelen van de fysieke leefomgeving die ruimtelijk belangrijker zijn dan andere onderdelen van de fysieke leefomgeving. Bijvoorbeeld: De Middenstreek is stedenbouwkundig bovengeschikt aan het Melle Grietjespad. Circulair bouwen Circulair bouwen is bouwen volgens de principes van een circulaire economie. In een circulaire economie bestaat geen afval en blijven producten en materialen in gebruik. Circulair bouwen betekent ontwikkelen, gebruiken en hergebruiken van gebouwen, gebieden en infrastructuur, zonder natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Criteria Regels in de welstandsnota om de kwaliteit van het uiterlijk van bouwwerken te behouden en te versterken. Cultuurhistorie Combinatie van historisch-ruimtelijke wetenschappen zoals archeologie, historische geografie, historische bouwkundige en historische ecologie. Dakkapel Een ondergeschikte toevoeging in het dakvlak, bedoeld om de lichttoevoer te verbeteren en het bruikbaar oppervlak te vergroten. Duurzaamheid Voorzien in behoeften van de huidige generaties zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun behoeften te voorzien in het gedrang te brengen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=8f4d86fb-194a-47df-96b6-037746b74d4c